...

Nieuwsbrief20151001 symp65-1

.. Oktober 2015 Zaterdag 10 oktober is het zover ! You don’t need to be a rocket scientist…. CoSA’s voorbeeldportefeuille  Wanneer verkoop je een beleggingsfonds? Genmab + 30 sept + Hillary Extern vermogen van Nederland gedaald Monetaire en financiële statistieken Nederland Lancering maandblad Analist-Journaal Aktief zijn binnen onze vereniging! ..  "Je bent nooit te oud om te leren" Zaterdag 10 oktober is het zover! Voor de 65e keer wordt er een symposium georganiseerd. Ikzelf kan me de eerste keer niet herinneren maar in de loop van de jaren heb ik heel wat inspiratie opgedaan op het symposium. Dit komt door de grote diversiteit aan sprekers en uiteraard door goede presentaties. Om die reden hebben we er dit keer voor gekozen om een aantal oude bekenden terug te vragen. Daarnaast zijn er ook weer een nieuwe sprekers die elk vanuit een verschillende invalshoek met het beleggen bezig zijn. Een paar van de oude bekenden zijn Royce Tostrams (Tostrams) en Willem Middelkoop (Commodity Discovery Fund). Zoals altijd zullen ze heldere uitspraken, over hoe zij de toekomst zien, doen. Mooi om hun uitspraken te vergelijken en als elementen voor je eigen beleggingsplan te gebruiken. Daarnaast zijn er ook nieuwe sprekers zoals Arthur Hopstaken (HJCO) over de mogelijkheden van alternatieve beleggingen, Barbara Kos (Pictet) over thematisch beleggen en Selwyn Duijvestijn (marktgevoel.nl) over contrair beleggen. 65ste HCC Beleggen symposium Je bent nooit te oud om te leren Keynote-sprekers:   Willem Middelkoop Nederlands publicist, fotograaf, ondernemer en voormalig beurscommentator op RTL Z.  Auteur van diverse spraakmakende boeken w.o. "Als de dollar valt", "Overleef de kredietcrisis" en "The big Reset". In 2008 richtte hij het Commodity discovery Fonds op en startte hij de webshop Amsterdamgold.com welke hij later verkocht aan Value8. Royce Tostrams Sinds zijn afstuderen in 1976 in Amsterdam houdt Tostrams zich als technisch analist bezig met het beoordelen van beurskoersen aan de hand van de grafieken. Hij werkte onder meer voor Robeco, IRIS en de ING Bank. In 1999 richtte hij zijn eigen bedrijf op, de Tostrams Groep, om beleggingsadviezen uit te brengen. Kortom, zorg dat je er op 10 oktober bij bent; het belooft een leuke dag te worden! Klik hier om direkt naar de inschrijfpagina te gaan. Kijk op beleggersonline.nl en beleggerssymposium.nl voor meer informatie over ons 65ste HCC beleggen symposium. 10:00 - 10:45 Barbara Kos (Pictet Asset Management) Profiteren van megatrends Marco Vocking Succesvol daytraden met de trend mee 11:05 - 11:50 Arthur Hopstaken (HJCO Capital Partners) Alternatieven verbeteren risico-rendementsverhouding van een beleggingsportefeuille Selwyn Duijvestijn (Marktgevoel) Contrair beleggen 12:10 - 12:55 Royce Tostrams (TOSTRAMS Groep) Super Cycles en Mega Markets Anne Grevinga Voor beleggen is Fundamentele Analyse(FA) een must! 13:30 - 14:15 Niels Faassen  (Morningstar, Inc.) Actief vs. Passief Douwe Westervaarder en Martin Hendriks (Profit Butler) Het Beleggersdilemma: Zelf doen of laten doen? 14:35 - 15:20 Willem Middenkoop (Commodity Discovery Fund) The big reset -- Voor meer informatie over onderstaande standhouders kijk op beleggersonline.nl In de komende week krijgt u nog een mailtje met de download links voor het programmaboekje met meer informatie over zowel de sprekers als de standhouders Klik hier om direkt naar de inschrijfpagina te gaan ^  Inhoud You don’t need to be a rocket scientist…. Bron:  Ben van den Anker Veel verschijnselen in de financiële markten zijn moeilijk te verklaren door het efficiënte markt model. Inmiddels levert behavioral finance een stevige bijdrage aan een sterker begrip van ontwikkelingen op de beurs. Steeds meer denkt men dat koersen de weerslag zijn van zowel fundamentele, technische als ‘emotionele’ factoren. In deze column zal ik een aantal minder gangbare ‘anomalieën’ in willekeurige volgorde nader toelichten. Deze  verschijnselen die niet voldoen aan een rationale zienswijze blijken impact op het koersverloop te hebben. Verliesaversie verwijst naar het gegeven dat beleggers soms neigen verliezende aandelen te lang vast te houden en de winnaars te snel te verkopen. Iedereen zal het gevoel wel kennen ’’had ik deze aandelen maar een paar maanden langer aangehouden!’ Overeenkomsten met de status quo bias zijn zeker aanwezig, de voorkeur voor de huidige stand van zaken.  Het bankieren bij een vaste bank, terwijl er inmiddels veel betere alternatieven aanwezig zijn, is hiervan een mooi voorbeeld.  Anchoring bias verwijst naar de menselijke neiging te zwaar te leunen op het eerste stuk informatie dat binnenkomt bij het nemen van beslissingen. Nieuwe informatie wordt dan beoordeeld in relatie tot ‘het anker’.  Als aandelen van een hoogtepunt vallen dan zien veel beleggers dit als een goed instapmoment, Het ‘anker’ is dan de hogere vroegere waarde. Als de koersval veroorzaakt is door het algehele marktsentiment  en niet door een verslechtering in de bedrijfsomstandigheden, dan is hier nog wel iets voor te zeggen. In het andere geval kan het wel eens een kostbare inschattingsfout zijn geweest. Een favoriete van mij is de confirmation bias, de neiging voorkeur te geven aan informatie die overeenkomst met je eigen gedachten en hypotheses. Hierdoor kan de belegger informatie wel eens selectief verzamelen, wat het rendement niet ten goede hoeft te komen. Een net zo leuke is het onjuist inschatten van je eigen capaciteiten. In een Amerikaans onderzoek bleek dat 82% van de deelnemers scheen te denken dat zij bij de top 30% van veilige chauffeurs behoren.  Er zijn talloze voorbeelden van deze inschattingsfouten waarbij wij de ‘voordelige positie’ toch wel bij ons zelf leggen. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negenjarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. De availability bias refereert aan de neiging zaken die dichter bij in het geheugen liggen meer gewicht te geven. Een automobilist die een ongeluk ziet gebeuren rijdt misschien voorzichtiger in de tijd na het ongeluk, terwijl zijn kansen op een ongeluk niet veranderd zijn t.o.v. de tijd voor het zien van het ongeluk. De belegger die overspoelt wordt met informatie over de IPO van een innovatief bedrijf, kan de informatie daardoor wel eens meer gewicht meegeven, dan het op basis van rationale analyse waard zou zijn. Het kuddegedrag verwijst naar de neiging gedrag van anderen als correct te beschouwen en dit te volgen. Hier is interessant onderzoek naar gedaan waarbij deelnemers het zeer moeilijk vonden tegen bewust onjuiste uitspraken van mede deelnemers in te gaan1). Hoe moeilijk is het vast te houden aan je portfolio als iedereen aangeeft dat er een recessie aan zit te komen? De gokkersdwaling refereert aan een reeks gebeurtenissen en de verwachting dat de volgende gebeurtenis wel eens af kan wijken van de voorgaande. Een dobbelsteen die een paar keer op de 1 eindigt heeft precies dezelfde kans om met de volgende worp weer op een 1 te eindigen. Het self serving bias verwijst naar de neiging successen met het eigen talent te verbinden maar minder succesvolle zaken aan externe factoren te wijten. Kortom, de werkelijkheid die wij als onze werkelijkheid beschouwen blijkt toch voor meerdere interpretaties vatbaar. Inzicht in wat ons drijft in de beslissingen die wij en anderen nemen kan ons zowel helpen anomalieën te ontdekken, als betere beslissingen te nemen. Het met een open houding actief zoeken naar contraire opvattingen kan hierbij verhelderend werken. Ik sluit af met een citaat van Warren Buffet die het belang van behavioral finance in een paar zinnen mooi samenvat: “Investing is not a game where the guy with the 160 IQ beats the guy with the 130 IQ…Once you have ordinary intelligence, what you need is the temperament to control the urges that get other people into trouble in investing.2)” 1) Solomon E. Asch, “Effects of group pressure upon the modification and Distortion of judgment,” in h. Guertzkow, ed., Groups, leadership, and men (Pittsburgh, PA: Carnegie press, 1951). 2) Warren Buffett Speaks: Wit and Wisdom from the World's Greatest Investor, Hardcover – August 31, 2007 ^  Inhoud CoSA’s voorbeeldportefeuille  Bron:  HCC Beleggen, werkgroep CoSA In voorgaande artikelen zijn resp. in augustus en september besproken fundamentele analyse o.b.v de CoSA/NAIC-methode en de wekelijkse CoSA-rangtabel. In de CoSA-nieuwsbrief wordt een voorbeeldportfeuille vanaf maart 2009 wekelijks bijgehouden. De samenstelling van de portefeuille op 18sep2015 ziet u hier. De selectie van de aandelen wordt bepaald door in de rangtabel best presterende aandelen. Het aanhouden of verkopen van een aandeel wordt ook aangegeven in de rangtabel. M.a.w. de portefeuille wordt geheel “beheerd” door de rangtabel. Als een aandeel/bedrijf  aanhoudend verlies lijdt, wordt slechts verkocht als er fundamenteel iets fout is met het bedrijf. Is dat niet het geval dan houden we het aandeel, hetgeen o.a. blijkt uit het aantal dagen dat het aandeel in bezit is. Het resultaat van de portefeuille wordt in deze grafiek getoond Vanaf de jaarwisseling 2012/13 waren naast Europese aandelen ook Amerikaanse aandelen in de CoSA-verzamelingen van SSG-bestanden aanwezig. De CoSA-rangtabel gaf al meteen aan, dat Amerikaanse aandelen de voorkeur verdienden, maar plaatsing in de portefeuille was slechts mogelijk als een aanwezig aandeel door de rangtabel verkoopwaardig werd geacht. Geleidelijk werd langzaam maar zeker de portefeuille met uiteindelijk slechts Amerikaanse aandelen gevuld. De portefeuille werd sinds okt2014 steeds meer begunstigd door valutawinst, want de portefeuille wordt geheel in €’s bijgehouden. Alvorens u bij het zien van het portefeuilleverloop concludeert, dat u in de loop van de sep2015 de portefeuille wellicht zou hebben moeten beëindigen, is het beter eerst even naar een volgend onderdeel van de portefeuille te kijken. We zien, dat ondanks het verlies in sep2015 de netto opbrengst YtD in 2015 met 13,5% toenam. De portefeuille bevat verder wat toelichtende informatie en een wekelijks commentaar over óf in de portefeuille aan te brengen veranderingen óf bijv. over toekomstplannen m.b.t. dividendgroeibeleggen in combinatie met koersgroeibeleggen, zodat langs deze weg hopelijk ook Europese aandelen weer portefeuillewaardig worden. _________ Indien u meer wilt weten over de CoSA/NAIC methode en over CoSA, kunt u de voorlopige CoSA-webpagina, CoSAStartpagina, raadplegen of contact opnemen met de voorzitter: Jan van der Meulen via CoSA-L@beleggersonline.nl U kunt zich met hetzelfde mailadres aanmelden voor het ontvangen van informatie, zoals de wekelijks verschijnende CoSA-nieuwsbrief en voor het verkrijgen van toegang tot de voor CoSA-leden beschikbare Europese CoSA/SSG-verzameling. ^  Inhoud Wanneer verkoop je een beleggingsfonds? Bron:  Jeffrey Schumacher, Morningstar Als fondsanalisten bij Morningstar besteden we veel tijd aan het onderzoeken en beoordelen van beleggingsfondsen die voor beleggers het overwegen waard zijn, maar weten wanneer je als belegger een beleggingsfonds moet verkopen is minstens zo belangrijk. Goede beleggers kijken altijd met een frisse blik naar hun portefeuille. Ze worden niet verliefd op hun posities, maar ervaren ook geen negatieve emoties wanneer het tegen zit. Ze beoordelen hun fondsen en het rendementspotentieel zo rationeel mogelijk en besluiten dan of de fondsen nog geschikt zijn om aan te houden. De uitkomst van de analyse kan zijn dat een fonds verkocht moet worden. Wat dat betreft kunnen er twee redenen zijn waarom een belegger tot verkoop van een beleggingsfonds overgaat. Of het fonds is veranderd, of de belegger zelf is veranderd. Waarschuwingssignalen Er kunnen zich diverse veranderingen bij een beleggingsfonds voordoen die extra aandacht van beleggers vereisen en mogelijk een valide reden vormen om een positie te verkopen. Beheerderwissel De beheerder(s) en analisten vormen de kern van een beleggingsportefeuille. Uiteindelijk zijn zij degenen die de beslissingen nemen. Wanneer hier verandering in plaatsvindt, dan is strikte monitoring vereist, maar of dit tot een verkoop leidt is afhankelijk van meerdere zaken. Zo is een beheerderswissel voor een fonds waarbij er een  stermanager aan het roer staat een groter issue dan een fonds dat door een team van gelijkwaardige beheerders gemanaged wordt. Verder dient de opvolger beoordeeld te worden, waarbij ervaring, relevantie van die ervaring, beleggingsfilosofie en track record vertrouwen kunnen geven of niet. Strategieverandering Een verandering in beleggingsproces kan er voor zorgen dat het fonds niet meer aansluit bij de behoeften van een belegger. Een voorbeeld is wanneer een fonds dat zich richt op AEX aandelen zijn strategie aanpast en ook aandelen opneemt uit de AMX of AScX. De toegevoegde small- en mid-caps veranderen het profiel van het fonds, waardoor het mogelijk niet meer in de portefeuille van een belegger past. Het onderzoeken van de reden achter een strategiewijziging is hierbij eveneens belangrijk. Jeffrey Schumacher CFA, Senior Fondsanalist bij Morningstar Benelux na zijn opleiding aan de VU Amsterdam en het behalen van het certificaat Chartered Financial Analyst (CFA) aan het CFA Institute is hij vanaf juni 2011 als Senior Fund Analyst werkzaam bij Morningstar. Daavoor  was hij van 2006 tot 2009 werkzaam bij Theodoor Gilissen Bankiers als Equity/Commodity Analyst en aansluitend tot juni 2011 werkzaam als Vermogensbeheerder Services / Fund Trading bij SNS Securities. Capaciteit Succes kent een prijs. Een fonds dat sterke rendementen noteert trekt nieuwe beleggers aan. Maar wanneer een sterke groei in beheerd vermogen leidt tot verstoring van het succesvolle beleggingsbeleid, dan kan dit een signaal zijn om een fonds te verkopen. Underperformance Wanneer het rendement van een fonds achterblijft, dan kan dat behoorlijk frustrerend zijn. Voordat een fonds om deze reden wordt verkocht, is het echter belangrijk om de prestaties in het juiste perspectief te plaatsen. Absolute rendementen zeggen niet heel veel, maar wanneer prestaties worden afgezet ten opzichte van vergelijkbare concurrenten en een goed passende benchmark, kan dit veel inzicht geven in de kwaliteit van het track record van een beleggingsfonds. Een verklarende factor voor achterblijvende prestaties kan zijn dat de beleggingsstrategie tijdelijk impopulair is. Dit vormt een minder serieus probleem zolang de manager vasthoudt aan zijn filosofie. Ook de opbouw van de underperformance is belangrijk. Is dit consistent of het resultaat van een enkel slecht jaar of een slechte maand? Veranderingen in het team of beleggingsstrategie zoals hiervoor besproken kunnen ook de oorzaak vormen van de underperformance. Als laatste kan een sterke outperformance ook een waarschuwingssignaal zijn. Het kan impliceren dat het fonds een flink hoger risicoprofiel heeft, waardoor het sterk wisselende prestaties neer kan zetten. Een diepgaande performance analyse is dan ook cruciaal. Organisatorische veranderingen Veranderingen binnen een fondshuis kunnen grote invloed hebben op de werksfeer en daarmee indirect op de resultaten van een beleggingsfonds. Wanneer een fondshuis wordt overgenomen, dan bestaat er een kans dat een beheerder zijn baan verliest. Dat zal hem bezighouden, zodat hij niet volledig gefocust zal zijn op het beheer van zijn portefeuille. Hetzelfde geldt voor reorganisaties. Ook het uitbreiden van het productaanbod waardoor de focus binnen het fondshuis vervaagt of veranderingen in het kostenbeleid van een fondshuis kunnen invloed hebben op de fondsprestaties en daarmee een waarschuwingssignaal vormen. Persoonlijke verandering Veranderingen bij beleggingsfondsen kunnen een gegronde reden zijn voor het verkopen van een beleggingsfonds, maar veranderingen bij de belegger zelf zijn net zo belangrijk. Een aanpassing in tijdshorizon is een legitieme reden om de portefeuillesamenstelling aan te passen. Een belegger kan bijvoorbeeld zijn doelstelling hebben behaald, waardoor hij het zich kan permitteren om zijn risicovollere beleggingen wat af te bouwen. Dit kan betekenen dat bijvoorbeeld fondsen gericht op opkomende landen of small-caps worden verkocht. Aan de andere kant kunnen de beleggingsdoelstellingen ook wijzigen als gevolg van veranderende persoonlijke omstandigheden. Dit kan er voor zorgen dat er meer of minder risico genomen hoeft te worden in de beleggingsportefeuille, wat kan leiden tot verkopen van bestaande posities. De risicoaversie van beleggers kan daarnaast ook af- of toenemen, wat eveneens gevolgen heeft voor de portefeuillesamenstelling. Monitoring zonder ADHD gedrag Beleggers doen er verstandig aan hun fondsen en beleggingsportefeuille met enige regelmaat te controleren om te zien of deze nog aan de gewenste portefeuilleallocatie voldoet, en of de fondsen waarmee de portefeuilleallocatie is ingevuld nog dezelfde karaktereigenschappen hebben en dus nog dezelfde rol in de portefeuille kunnen vervullen als bij aankoop van de fondsen. Een update op kwartaalbasis is meer dan voldoende. Een hogere frequentie vergroot de kans op onnodige handelsactiviteit, terwijl beleggen juist is bedoeld voor de langere termijn. Van ADHD beleggersgedrag worden alleen brokers beter. Naast het checken van de portefeuille kan het ook geen kwaad om op gezette tijden de eigen beleggingsdoelstellingen te evalueren en eventueel aan te passen als gevolg van veranderingen in de markt of veranderingen in persoonlijke doelstellingen. ^  Inhoud Wat heeft Genmab met 30 september en met Hillary Clinton te maken ? Bron:  Jan Kolkman, Stockpicker-signaal Genmap Genmab is de laatste paar weken fors in koers gedaald. Nu kwam er dinsdag 29 september het bericht van Genmab dat een grote aandeelhouder: Fidelity Management and Research, afgekort FMR, zijn belang in Genmab heeft verkleind tot 5,9 miljoen stukken, wat 9,95 procent uitmaakt van het totaal aantal uitstaande aandelen. Jan Kolkman,  oprichter van Stockpicker-signaal heeft tientallen jaren ervaring opgedaan met de belegging in aandelen bij een grote beleggingsmaatschappij en hij heeft zich daarna, via cursussen, symposia en heel veel lezen, gespecialiseerd in technische analyse. Hij hanteert diverse algemeen gebruikte indicatoren en daarnaast ook signalen uit eigen koker. Ik kan me voorstellen dat een aandeelhouder zegt: Jongens we zitten nu op een mooie winst, laten we maar wat verkopen. Daarbij ben ik van mening dat dit wordt ingegeven door de wens van puur winstnemen. Zonder daarbij na te denken wat voor een  winstpotentieel er verder nog in zit. Dit doet me denken aan een gebeurtenis, jaren geleden, dat een analist / fondsbeheerder het verwijt kreeg van een meerdere dat hij een veel te groot belang had in Charles Schwab, een Amerikaanse broker. Die meerdere nam daarover contact op met een hoger geplaatste en die gaf de fondsbeheerder de opdracht onmiddellijk dat belang af te bouwen tot normale proporties. Het bleek dat de fondsbeheerder heel bewust het belang zo groot had gemaakt, want de koers boekte meer dan een verdrievoudiging in heel korte tijd. En die  30 september ? Wel dat is het einde van een kwartaal en een institutionele belegger als FMR moet dan een kwartaalrapportage uitbrengen en wil dan wel even laten zien dat het wat gedaan heeft met een holding die heftig in beweging is. Window dressing noemen ze dat. Hillary Clinton En die heftige beweging in de biotech-sector in het algemeen is, na de fraaie performance gedurende de afgelopen kwartalen, in gang gezet door  Hillary Clinton, de Amerikaanse presidentskandidaat. Zij port de politiek op om er voor te zorgen dat de farmaceuten de prijzen van hun geneesmiddelen gaan verlagen. Zij heeft in een bepaalde geval wel gelijk als je kijkt naar de prijsverhoging die een paar weken geleden in de kranten stond. De prijs van een medicijn werd van de ene op de andere dag verhoogd van 13,50 dollar naar 750 dollar. Dat is vanzelfsprekend een kwestie van vragen om maatregelen. De conclusie van de Wall Street Journal is dat er op den duur minder therapieën en minder groei zal zijn. Het komt er op neer dat de politieke vijandigheid tegen de research en ontwikkeling van geneesmiddelen in Washington stijgende is. Wat dinsdag 29 september  ook nog meespeelde bij de neerwaartse doorbraak van het 600 niveau van de Genmab-koers, was dat dit een stoploss was voor een pas uitgebrachte turbo long. Ik was van mening dat Genmab een goede pijplijn heeft en dat de koers nog steeds kan stijgen. Daarom had ik in augustus een turbo long 500, die echter op 24 augustus is uitgestopt, waarna er geen hefboomproducten meer waren voor dit aandeel. Toen heb in Binck en Goldman Sachs gevraagd weer enkele turbo’s te creëren met diverse stoploss-niveaus. En inderdaad die kwamen er: 450, 500, 550 en 600. Nu is dinsdag 29 september  dus die van 600 weer gesneuveld. Er is vaker sprake van een koersmanipulatie om even een stoploss aan te tikken en dan weer de andere kant op te gaan met de koers. Ik zag weer een hogere koers van dit aandeel. ^  Inhoud Extern vermogen van Nederland gedaald Bron:  DNB Het netto extern vermogen van Nederland is in het tweede kwartaal met EUR 75 miljard gedaald naar een eindstand van EUR 440 miljard (directe investeringen tegen boekwaarde). Dit kwam enerzijds door een negatief saldo van financiële transacties met het buitenland, mede als indirect gevolg van de verplaatsing van intellectueel eigendom naar Nederland. Anderzijds droegen omvangrijke waardeontwikkelingen bij aan de daling. Op de lopende rekening realiseerde Nederland een overschot van bijna EUR 17 miljard (10% van het bbp in 2015K2). Lopende rekening en kapitaalverkeer Het overschot op de lopende rekening lag in 2015K2 ruim een miljard euro lager dan in het tweede kwartaal van 2014. Deze daling is geheel het gevolg van een lager saldo van ontvangen en betaalde primaire inkomens. Het handelssaldo lag bij zowel het goederenverkeer als het dienstenverkeer op een vergelijkbaar niveau als een jaar geleden. Onderliggend zijn de invoer en uitvoer van goederen (rond 4% in volumetermen) en diensten (rond 10%) wel toegenomen. Het lagere saldo bij de primaire inkomens is vooral het gevolg van de uitgekeerde winsten. Nederlandse bedrijven keerden dit kwartaal meer winst en dividend uit aan het buitenland dan een jaar geleden. Nederlandse investeerders ontvingen daarentegen juist minder op hun buitenlandse belangen. Het saldo op de kapitaalrekening was in het tweede kwartaal met EUR -33 miljard incidenteel zeer fors. Dit hangt samen met de verplaatsing van intellectuele eigendomsrechten (EUR 32 miljard) vanuit het buitenland naar Nederland, wat wordt geregistreerd als aankoop van niet-geproduceerde niet-financiële activa. De verplaatsing ging gepaard met inkomende kapitaalstortingen voor de financiering van de rechten. Deze kapitaalstortingen komen tot uiting in de directe investeringen van het buitenland in Nederland. In de toekomst zal dit geheel aan transacties zich vertalen in uitvoer van R&D-diensten en winstuitkeringen aan het buitenland. Financieel verkeer en netto extern vermogen Het netto extern vermogen van Nederland daalde met EUR 75 miljard (directe investeringen tegen boekwaarde), na een reeks van kwartalen waarin het netto vermogen juist flink toenam. Zowel de netto posities bij de directe investeringen (mutatie van EUR -35 miljard), de effecten (EUR -33 miljard) als de financiële derivaten (EUR -41 miljard) namen af. Negatieve prijsmutaties als gevolg van het omgeslagen renteklimaat en de daling van aandelenprijzen, en in mindere mate ook wisselkoersmutaties door de beperkte appreciatie van de euro, verklaren een groot deel van de afname bij effecten en vrijwel de gehele daling bij derivaten. Grafiek 1: Netto extern vermogen van Nederland De bijzondere financiële instellingen (BFI´s) domineerden het beeld bij de directe investeringen, vooral vanwege de eerdergenoemde verplaatsing van intellectuele eigendomsrechten. Bij de niet-financiële bedrijven lagen de uitgaande directe investeringen in het tweede kwartaal met EUR 18 miljard juist hoger dan de inkomende investeringen (EUR 5 miljard). Dit betrof, zeker voor de uitgaande investeringen, vooral leningen tussen groepsmaatschappijen; op het vlak van de kapitaaldeelnemingen was de activiteit in het tweede kwartaal gering. Grafiek 2: Betalingsbalans, een totaaloverzicht van alle transacties tussen ingezetenen en niet-ingezetenen per kwartaal en per jaar In het effectenverkeer droegen de financiële transacties met het buitenland voor EUR 19 miljard bij aan de daling van het netto externe effectenbezit, na twee jaren van positieve saldi. Buitenlandse beleggers kochten voor EUR 6 miljard Nederlandse effecten, terwijl Nederlandse beleggers voor EUR 13 miljard aan buitenlandse effecten van de hand deden. De netto aankoop van Nederlandse effecten betrof volledig effecten die zijn uitgegeven door Nederlandse BFI´s (EUR 9 miljard). Overige Nederlandse effecten werden per saldo verkocht. De buitenlandse positie in Nederlands geldmarktpapier, die de afgelopen kwartalen al was afgenomen, daalde in 2015K2 door verdere netto verkopen van EUR 12 miljard. EUR 9 miljard daarvan betrof bancair geldmarktpapier, waarin tot uitdrukking komt dat het Nederlandse bankwezen gaandeweg minder afhankelijk wordt van kortlopende buitenlandse financiering. De Nederlandse verkopen van buitenlandse effecten gingen gepaard met een herschikking van de beleggingsportefeuille: aandelen en participaties in beleggingsfondsen alsmede geldmarktpapier werden verkocht, en vooral Duits en Amerikaans kapitaalmarktpapier werd gekocht. ^  Inhoud Monetaire en financiële statistieken Nederland Bron:  DNB Op de statestiekpagina's van De Nederlandse Bank vind u behalve onderstaand (dagelijks geupdated)  overzicht  een aantal  downloadable interactieve grafieken  klik hier Rente jongste 10-jarige staatslening In procenten Balans huishoudens In miljarden euro's Nieuwe woninghy-potheken mfi's In miljarden euro's Beleidsdekkingsgr. pensioenfondsen In procenten Uitstaande leningen banken In procenten Euro-dollar wisselkoers Beleggings-instellingen Saldo lopende rekening 4kw.som, in mrd € Goudprijs per kg In duizenden euro's Extern vermogen In miljarden euro's Solvabiliteit verz. onder toezicht In procenten Spaardeposito's met opzegtermijn In procenten Bruto emissies lang schuldpapier In miljarden euro's ^  Inhoud Lancering maandblad Analist-Journaal Bron: Redactie Eindelijk is het dan weer eens zover. Er komt weer een papieren beleggingsblad op de markt met voornamelijk aandelennieuws, beleggingsstrategieën, artikelen over ETF's, smart bèta, interviews en andere interessante beleggingszaken. Ronald Kok van Analist.nl is er absoluut van overtuigd dat de particuliere belegger net zo professioneel kan beleggen als een beursprofessional. Het enige dat de particuliere belegger nu nog vaak ontbeert is educatie, begeleiding en professionele research over het hele Amerikaanse en Europese beleggingsspectrum. De particuliere belegger die goed beslagen ten ijs komt en zelf gaat beleggen kan zo jaarlijks enorm veel geld besparen door de exorbitante beheersvergoedingen (soms tot meer dan 2 procent per jaar) te ontlopen. De uitgever van dit blad, Analist.nl,  verspreid de eerste  exemplaren gratis op inschrijving via zijn website en  mailing. Inschrijvers kunnen de eerste uitgave  van Analist-Journaal midden oktober in hun bus verwachten. Primeur Op de stand van Analist.nl tijdens het 65ste HCC Beleggen symposium, op 10 oktober 2015 in de Bilt, zullen de eerste exemplaren van de dit nieuwe blad "Analist-Journaal" reeds te krijgen zijn voordat ze naar vroeginschrijvers verzonden worden . De lancering van het blad maakt verder deel uit van de uitrol van het nieuwe beleggingsplatform van Analist.nl met de bedoeling de belegger een totaalpakket aan te bieden waarbij ook een nieuwe researchdienst, exclusieve webinars, assistentie bij personal finance, optie-analyses en een educatieplatform horen en waarmee binnenkort ook gestart zal worden. Inkomsten zullen via advertenties, op de website en in de nieuwsbrieven gegenereerd moeten worden. ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan per email contact op met het HCC Beleggen bestuur  of met de redactie  ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. ^  Inhoud

4 oktober 2015

...

Nieuwsbrief20150901

.. september 2015 Inschrijving 65-ste HCC Beleggen symposium geopend  Margin of safety naar Pat Dorsey Rangtabel in CoSA-Nieuwsbrief  Centrale bank en geldschepping Aktief zijn binnen onze vereniging! Beheerd vermogen beleggingsinstellingen daalt na twee jaar groei 3 Randvoorwaarden voor een goed beleggingsfonds Waarom  historische waardering mediabedrijven totaal irrelevant is .. Inschrijving is geopend zie beleggerssymposium.nl Voor de 65e keer wordt er een symposium georganiseerd. Ikzelf kan me de eerste keer niet herinneren maar in de loop van de jaren heb ik heel wat inspiratie opgedaan op het symposium. Dit komt door de grote diversiteit aan sprekers en uiteraard door goede presentaties (misschien is er trouwens iemand die er de eerste keer wel bij was en daar een klein stukje over zou willen schrijven?). Om die reden hebben we er dit keer voor gekozen om een aantal oude bekenden terug te vragen. Daarnaast zijn er ook weer een nieuwe sprekers die elk vanuit een verschillende invalshoek met het beleggen bezig zijn. Een paar van de oude bekenden zijn Royce Tostrams (Tostrams) en Willem Middelkoop (Commodity Discovery Fund). Zoals altijd zullen ze heldere uitspraken, over hoe zij de toekomst zien, doen. Mooi om hun uitspraken te vergelijken en als elementen voor je eigen beleggingsplan te gebruiken. Daarnaast zijn er ook nieuwe sprekers zoals Arthur Hopstaken (HJCO) over de mogelijkheden van alternatieve beleggingen, Barbara Kos (Pictet) over thematisch beleggen en Selwyn Duijvestijn (marktgevoel.nl) over contrair beleggen. 65ste HCC Beleggen symposium Je bent nooit te oud om te leren Keynote-sprekers:   Willem Middelkoop Nederlands publicist, fotograaf, ondernemer en voormalig beurscommentator op RTL Z.  Auteur van diverse spraakmakende boeken w.o. "Als de dollar valt", "Overleef de kredietcrisis" en "The big Reset". In 2008 richtte hij het Commodity discovery Fonds op en starte hij de webshop Amsterdamgold.com welke hij later verkocht aan Value8. Royce Tostrams Sinds zijn afstuderen in 1976 in Amsterdam houdt Tostrams zich als technisch analist bezig met het beoordelen van beurskoersen aan de hand van de grafieken. Hij werkte onder meer voor Robeco, IRIS en de ING Bank. In 1999 richtte hij zijn eigen bedrijf op, de Tostrams Groep, om beleggingsadviezen uit te brengen. Kortom, zorg dat je er op 10 oktober bij bent het belooft een leuke dag te worden! Op  beleggerssymposium.nl worden in de komende tijd alle details over dit symposium gepubliceerd. Klik hier om rechtstreeks naar de inschrijfpagina te gaan. ^  Inhoud Margin of safety naar Pat Dorsey.   Bron:  Ben van den Anker In deze column licht ik de benadering van voormalig directeur van Morningstar Pat Dorsey (tijdens de jaren 1989 – 2011) met betrekking tot het waarderen van aandelen toe. Pat Dorsey beschrijft dit uitvoerig in zijn boek ‘The five rules for succesfull stock investing 1). ’ Alhoewel ik hier niet op deze vijf regels inga is dit boek een absolute aanrader. Op zeer veel plaatsen zijn er op het internet gegevens over de waardering van aandelen te vinden. Een nadeel van de tegenwoordig veel gebruikte ratio’s is echter dat weliswaar aandelen met elkaar vergeleken kunnen worden op prijs, maar de waarde van het aandeel veelal buiten beschouwing gelaten wordt. Zonder de waarde te kennen is het moeilijk een prijs te bepalen voor het aandeel. De benadering van Morningstar gaat net zoals bij Warren Buffet uit van een ‘margin of safety’, aandelen worden dus enkel tegen een prijs lager dan de intrinsieke waarde aangeschaft. De intrinsieke waarde is hierbij niet zo gemakkelijk te relateren aan de veel gebruikte prijs boekwaarde, maar richt zich meer op de cash flow en groei waarden die het bedrijf nu en in de toekomst kan genereren. Met kennis over de intrinsieke waarde kan ook bijvoorbeeld een P/E-ratio in een ander licht gezien worden. De vrije cashflow is belangrijk, omdat dit uit het bedrijf genomen kan worden zonder het bedrijf operationeel te schaden. Bedrijven keren dit uit als dividend, kopen aandelen in waardoor het percentage eigenaarschap van aandeelhouders toeneemt of het bedrijf kan het herinvesteren in het bedrijf. Een present value berekening past de toekomstige cashflow aan het gegeven aan dat deze toekomstige cash flow vandaag minder waard is.Geld dat we vandaag ontvangen kunnen wij investeren tegen een bepaalde opbrengst. Een toekomstige cashflow kunnen we pas investeren als we het ontvangen. Daarbij speelt geldontwaarding tevens een rol. Er is dus sprake van een discount rate bij het afwaarderen van een toekomstige cash flow en het is dan logisch dat aandelen met een relatief stabiele voorspelbare cashflow relatief een lagere discount rate hebben dan aandelen met een minder voorspelbare cashflow. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negenjarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. De discount rate is afhankelijk van de grootte van het bedrag, timing en het risico verbonden aan de toekomstige cash flow. Om de huidige waarde te bepalen kun je de cashflow delen door 1.0 plus de discount rate. Een cashflow van 100 € met een 10 procent discount rate voor de periode van één jaar is dan 100/1.1 ofwel 90.91 € waard. Anders gezegd, 90.91 € tegen 10% rendement is over een jaar 100 € waard. Hoe bepalen we dan de discount rate? De twee factoren time value en risico spelen hier een groet rol. Gaan rente tarieven omhoog, dan gaat ook de discount rate omhoog. Dit geldt ook voor het risico van het bedrijf. Kleinere bedrijven lopen meer risico dan grotere. Bedrijven met hogere schulden nemen eveneens meer risico. Cyclische bedrijven vinden het vaak problematischer cashflow correct in te schatten, dus ook hierbij zal de discount rate hoger zijn. De beroemde ‘economic moat’ oftewel competitief voordeel van het bedrijf is van belang, net zoals de complexiteit van het zaken doen. Kortom, een eenduidig antwoord op de vaststelling van de discountrate is niet te geven. Morningstar houdt een discountrate van 10.5% aan voor het gemiddelde bedrijf. Stabiele bedrijven als Johnson & Johnson en Colgate worden met 9% discountrate bediend en innovatieve bedrijven als Micron Technology en E*Trade zitten met hun discount rate tussen de 13 en 15%. Als volgende stap wordt de perpetuity value berekend. Hiervoor wordt de meest recente cashflow genomen, opgehoogd met de waarde waarmee je voorspelt dat de cashflow zal groeien over een periode van bijv. 10 jaar. De uitkomst wordt dan gedeeld door de discountrate minus de verwachte groei rate. Het volgende model geeft de gehele procedure aan. Simpel 10-jaar waarderingsmodel Stap 1: voorspel de vrije kasstroom (FCF) voor de volgende 10 jaar Stap 2: Discount deze FCF om de present value te benaderen. Discounted FCF = FCF / (1 + R)n R is hierbij de discount rate en N het aantal jaren dat wordt gebruikt. Stap 3: Bereken de perpetuity waarde en discount dit naar het heden. Perpetuity value = FCF10 x (1 + g) / (R-g) Discounted Perpetuity Value = perpetuity Value / (1 = R)10 Stap 4: bereken de totale equity waarde door de discounted perpetuity waarde en de 10 discounted cahsflows (in stap 2 berekend) toe te voegen. Stap 5:  Bereken per aandeel waarde door de totale equity te delen door het aantal uitstaande aandelen. Waarde per aandeel = totale equity / uitstaande aandelen Om het allemaal wat inzichtelijker te maken is onderstaand een voorbeeld van de berekening uit het boek toegevoegd 2). Het belangrijkste bij deze oefening is dat we onszelf dwingen anders te kijken naar de waardering van bedrijven. Een P/E ratio van 16 keer de earnings als redelijk te beschouwen krijgt meer ‘body’ door de toekomstige en huidige waarde te bepalen. Hiermee wordt het ook mogelijk een margin of safefy te ontdekken. Dat het in de praktijk niet allemaal zo voorspoedig verloopt blijkt wel uit de aankoop van Nokia door Microsoft en de aankoop van Gen Re door Berskshire Hathaway. Warren Buffet zei na deze problematische aankoop “Gen re’s culture and practises had substantially changed and unbeknownst to management – and to me- the company was grossly mispricing its current business’ 3). Iedere benadering voor het investeren in equity heeft zijn eigen merites, maar het werken aan de ontwikkeling van intrinsieke waarde houdt de belegger gefocust op de waarde van het bedrijf in plaats van de prijs van het aandeel. Het is hierbij zaak verder te kijken dan de ratio’s die op het verleden gebaseerd zijn. Het aandeel is de huidige waarde van de toekomstige cashflow waard en die waarde wordt bepaald door de grootte van de cash flows, timing en het risico verbonden aan de cash flow. Pat Dorsey is in januari 2014 overigens gestart met Dorsey Asset Management, waar hij een zeer beperkt aantal aandelen in portefeuille houdt. 1)Pat Dorsey, The five rules for succesfull stock investing; Morningstar’s guide to building wealth and winning in the market, 2004. 2)Afbeelding: Berekening uit boek van Pat Dorsey, 'The five rules for succesfull stock investing'; Morningstar’s guide to building wealth and winning in the market, 2004, p. 150. 3) http://www.berkshirehathaway.com/2002ar/2002ar.pdf ^  Inhoud Rangtabel in wekelijkse CoSA-Nieuwsbrief  Bron:  HCC Beleggen CoSA-werkgroep In dit artikel bespreken we de Rangtabel die wekelijks met onze Nieuwsbrief wordt verzonden. Deze tabel geeft een overzicht van alle aandelen die we volgen. Op dit moment zijn dat 366 aandelen verdeeld over diverse beurzen: 38 Amsterdam, 16 Brussel, 26 XETRA, 8 Parijs en 278 New York. We streven naar een verdere uitbreiding van deze verzameling, waarbij we vooral meer EU-aandelen hopen toe te voegen. Sinds kort volgen we niet alleen Koersgroeiaandelen, maar ook voegen we aandelen toe die interessant zijn voor een Dividend(groei)belegger. Dat we op dit moment in meerderheid US-aandelen in ons bestand hebben komt enerzijds door het grote aantal aandelen dat in de US een beursnotering heeft en anderzijds doordat voor de US-markten eenvoudig selecties gemaakt kunnen worden met behulp van zeer betaalbare software. Voor de EU-aandelen bestaat dergelijke software niet voor zover wij weten. Voor de EU-aandelen moeten we de ssg’s handmatig aanmaken en aanpassen na het verschijnen van een nieuw jaarverslag. Daarbij worden ook data van Morningstar gebruikt. Hieronder ziet u een deel van een recente Rangtabel. Klik hier om zelf de hele Tabel te downloaden. fig 1: Kolom A-M CoSA Rangtabel De tabel geeft een overzicht van alle aandelen in ons bestand. Voor elk aandeel wordt de actuele waarde getoond van de verschillende kengetallen die we gebruiken. Uitleg bij de verschillende afkortingen die in de kolomkoppen worden gebruikt, vindt u in de gele kolommen AA t/m AG. Bovenaan ziet u vier knoppen waarmee u de sortering kunt wijzigen door op een knop te klikken. Sorteringen zijn mogelijk op Ticker, Bedrijfsnaam, Beurs en NAIC met filters. fig 2: Kolom N-Y CoSA Rangtabel Deze laatste sortering zorgt ervoor dat de aandelen die volgens onze criteria het meest aantrekkelijk zijn bovenaan komen te staan. Bovenaan staan dan de aandelen met een Koop-oordeel zowel op grond van de NAIC-criteria als de extra filters die wij hebben ontwikkeld. Binnen deze groep worden deze aandelen van hoog naar laag gerangschikt op basis van de berekende TRg-waarde. TRg = groei van het totaalrendement (Total Return), omgerekend naar het jaarlijkse groeipercentage In kolom AD (Extra Filters) ziet u grenswaarden die onze voorkeur hebben en die gebruikt worden bij de beoordeling of een aandeel aan Koop-, Houden- of Verkoop-voorwaarden voldoet. U kunt deze grenswaarden echter wijzigen en daarna de rangorde opnieuw laten bepalen. Zo kunt u een selectie maken gebaseerd op uw eigen voorkeuren. Indien u meer wilt weten over de NAIC methode en over CoSA, kunt u de voorlopige CoSA-webpagina (Klik hier), raadplegen. fig 3: Kolom Y-AG CoSA Rangtabel Ook kunt u contact opnemen met de voorzitter: Jan van der Meulen via CoSA-L@beleggersonline.nl   U kunt zich op hetzelfde mailadres aanmelden voor zowel het ontvangen van informatie,  de wekelijks verschijnende CoSA-nieuwsbrief en voor het verkrijgen van toegang tot de voor CoSA-leden beschikbare Europese CoSA/SSG-verzameling. ^  Inhoud Centrale bank houdt vinger aan de pols bij geldschepping  Bron:  DNB.nl   Weinig mensen zullen bij het afrekenen van de dagelijkse boodschappen stilstaan bij de vraag wat de definitie is van geld en hoe geld ontstaat. Toch gaat het hier om een economisch verschijnsel dat van grote invloed is op het functioneren van de economie en onze samenleving. Dat is ook de reden waarom de hoeveelheid geld in het economisch systeem scherp in de gaten wordt gehouden door centrale banken. Wat is geld? Geld is het medium dat in een economie als betaalmiddel algemeen geaccepteerd wordt, en gebruikt wordt als rekeneenheid en oppotmiddel. Klik op link om videopresentatie  "Geldschepping" in uw browser af te spelen https://youtu.be/h1aY0fCSb00 Centrale banken hanteren een heel concrete definitie om de geldhoeveelheid in een economie te meten. Daarbij gaat het om financiële activa in handen van huishoudens en bedrijven die gemakkelijk als betaalmiddel ingezet kunnen worden. Uit  Figuur 1 blijkt dat volgens deze definitie de geldhoeveelheid slechts voor een klein deel bestaat uit munten en bankbiljetten. Voor het overgrote deel bestaat de geldhoeveelheid uit banktegoeden, vooral betaal- en spaarrekeningen. De hoeveelheid geld in het economisch systeem verandert continu. Het toenemen van de geldhoeveelheid heet geldschepping. Banken spelen een centrale rol bij het ontstaan van geld. Daarom worden banken ook wel geldscheppende instellingen genoemd. Figuur 1 (Samenstelling van de geldhoeveelheid) Geldschepping door wederzijdse schuldaanvaarding tussen bank en klant Geldschepping is een gevolg van het aangaan van een lening bij een bank. Wanneer een bank en een klant een kredietovereenkomst afsluiten, gebeuren tegelijkertijd twee dingen op de balans van de betreffende bank. Aan de bezittingenkant schrijft de bank bij dat een vordering op de klant is ontstaan, bijvoorbeeld een hypotheek of een bedrijfslening. Aan de verplichtingenkant schrijft de bank bij dat de betreffende klant de beschikking heeft over een tegoed ter grootte van de lening. Dit nieuwe tegoed valt onder de definitie van de geldhoeveelheid, en dus is nieuw geld gecreëerd. Tabellen 1 en 2 laten aan de hand van een versimpelde bankbalans zien hoe dat werkt. De voorbeeldbank heeft in de uitgangssituatie EUR 500 miljoen aan leningen aan huishoudens en bedrijven uitstaan. Daar tegenover staat EUR 500 miljoen aan deposito’s van huishoudens en bedrijven. Tabel 2 maakt inzichtelijk dat ten gevolge van een kredietovereenkomst ter grootte van EUR 10 miljoen zowel aan de bezittingen- als aan de verplichtingenkant van de bankbalans veranderingen optreden. Er ontstaan derhalve boekhoudkundig wederzijds verplichtingen tussen bank en klant.   Enerzijds  krijgt de klant een schuldverplichting aan de bank.   Anderzijds heeft de bank een schuldverplichting aan de klant in de vorm van een tegoed. Economen noemen dit dan ook geldschepping door wederzijdse schuldaanvaarding. Op het moment dat het krediet wordt afgelost, vindt een omgekeerde mutatie plaats op de bankbalans en wordt gesproken over geldvernietiging. Geldschepping vindt niet ongebreideld plaats Uit het bovenstaande zou kunnen worden afgeleid dat de hoeveelheid geld in de economie vrijelijk door banken kan worden bepaald. Dat is niet het geval en zou bovendien onwenselijk zijn. Ongebreidelde geldschepping kan bijvoorbeeld leiden tot hoge inflatie, dat wil zeggen een sterke toename van het algemene prijspeil. De centrale bank heeft het mandaat om te zorgen voor prijsstabiliteit. Daartoe voert zij monetair beleid, waarmee het geldscheppend vermogen van banken wordt beheerst. Dit gebeurt door het sturen van de prijs van geld en krediet: de rente. Wanneer de prijsstabiliteit in het geding dreigt te komen zal de centrale bank de rente aanpassen, wat vervolgens de vraag naar geld en krediet zal stimuleren of juist afremmen. Als de rente hoog is, zullen immers minder mensen willen lenen. Bij een lage rente neemt de vraag naar leningen juist toe. Het huidige aankoopprogramma voor staatsobligaties, ook wel aangeduid als kwantitatieve verruiming, is een alternatieve manier om de geld- en kredietgroei te stimuleren. Het Eurosysteem injecteert hierbij geld direct in de economie door de staatsobligaties aan te kopen met nieuw gecreëerd elektronisch geld. Tegelijkertijd wordt ook het toezicht instrumentarium ingezet om te bevorderen dat banken voldoende solide zijn om hun belangrijke functie op een goede wijze te kunnen vervullen. Sinds de crisis zijn veel toezichteisen aangescherpt om de stabiliteit van het bankwezen te waarborgen en te verstevigen. Tenslotte hebben banken ook een eigen belang om de geld- en kredietgroei te beheersen. Een bank zal immers uitsluitend willen overgaan tot wederzijdse schuldaanvaarding met een klant die voldoende kredietwaardig is. ^  Inhoud Beheerd vermogen van beleggingsinstellingen daalt na twee jaar groei  Bron:  DNB.nl, 17 augustus 2015 Het totale vermogen van de Nederlandse beleggingsfondsen is in het tweede kwartaal van 2015 voor het eerst in twee jaar gedaald, met 4,5% (EUR 36,4 miljard). Dit kwam voornamelijk doordat de beleggingen van de fondsen in waarde daalden (-3,6% rendement). Daarnaast werd er voor EUR 7,0 miljard aan inlegde gelden aan de beleggingsinstellingen onttrokken. Het totale vermogen van Nederlandse beleggingsfondsen daalde in het tweede kwartaal van 2015 met EUR 36,4 miljard (-4,5% kwartaal-op-kwartaal), van EUR 808 miljard naar EUR 772 miljard (zie figuur 1). De grootste daling was bij de aandelen- en de obligatiefondsen te zien, met EUR 22,1 miljard (- 7,4% kwartaal-op-kwartaal) en 13,5 miljard (-4,8% kwartaal-op-kwartaal) respectievelijk. Deze ontwikkeling is tegengesteld aan die van het vorige kwartaal, toen het vermogen van aandelen- en obligatiefondsen toenam met EUR 24,7 en EUR 20,8 miljard. Figuur 1 - Beleggingen van Nederlandse beleggingsfondsen De daling van het belegde vermogen werd voornamelijk veroorzaakt door een waardedaling van de beleggingen ter grootte van EUR 24,4 miljard (-3,1% van het vermogen). Deze daling werd veroorzaakt door een combinatie van prijs- en wisselkoerseffecten, en was het sterkst bij obligatiefondsen (EUR 12,9 miljard, -4,8%) en aandelenfondsen (EUR 11,7 miljard -4,2%) (zie figuur 2). Dit is in lijn met de algemene ontwikkeling op de financiële markten. Alleen de fondsencategorie overige fondsen behaalde een beleggingswinst van in totaal EUR 5,7 miljard (+ 6,5%), vooral door een waardestijging van grondstoffen. De waardedaling van de beleggingen werd deels gecompenseerd door een positieve opbrengst ten waarde van EUR 5,5 miljard uit rente en dividenden. De grootte van deze opbrengsten is vooral veroorzaakt door dividend, dat vaak in het tweede kwartaal van het jaar wordt uitbetaald. Het totale rendement van de sector (waardeverandering plus rente en dividenden) bedroeg in het tweede kwartaal van 2015 -3,6%, tegenover +10,1% in het vorige kwartaal. Figuur 2 - Rendement Nederlandse beleggingsfondsen De groei van de beleggingsfondsen werd ook beperkt door een totale netto-onttrekkingen aan de uitgegeven participaties ten hoogte van EUR 7,0 miljard (zie figuur 3). Vooral institutionele beleggers hebben geld aan de fondsen onttrokken. Pensioenfondsen trokken per saldo EUR 4,7 miljard terug en verzekeraars EUR 1,5 miljard. Bij de verschillende beleggingscategorieën was sprake van een gemengd beeld. Hoewel de onttrekkingen aan aandelenfondsen EUR 14,0 miljard (-5,1%) bedroegen, stroomde er per saldo geld naar de obligatiefondsen (EUR 2,8 miljard, +1,0%) en overige fondsen (EUR 4,9 miljard, +5,6%). Figuur 3 - Netto-inleg naar beleggingscategorie Statistics: Beleggingsinstellingen ^  Inhoud 3 Randvoorwaarden voor een goed beleggingsfonds  Bron:  Jeffrey Schumacher, Morningstar In Europa zijn er meer dan 30.000 beleggingsfondsen te koop. Het merendeel van dit gigantische fondsaanbod heeft echter geen bestaansrecht. Veel fondsen presteren namelijk minder goed dan een passief alternatief in de vorm van een ETF of indexfonds. Het is voor beleggers dan ook zaak om het kaf van het koren te scheiden. Dit zijn drie kenmerken van fondsen die het volgens Morningstar in zich hebben om zich positief te onderscheiden. 1.    Lage kosten Het kostenniveau van een beleggingsfonds is van doorslaggevend belang voor het behalen van een goed rendement. De kosten van een fonds gaan immers direct ten laste van het rendement en vormen daarmee een horde voor een fondsbeheerder. Het spreekt voor zich dat lage kosten het gemakkelijker maken om die horde te nemen dan wanneer het fonds tot de duurdere opties behoort. De kosten die ten laste gaan van het rendement bestaan voor een belangrijk gedeelte uit de beheervergoeding. De hoogte van deze vergoeding kan binnen dezelfde type fondsen flink verschillen. Zo bedraagt de beheervergoeding van het wereldwijde aandelenfonds Aberdeen Global World Equity 1,00 procent, terwijl Robeco N.V. de helft hiervan rekent. Die 0,5 procent per jaar lijkt verwaarloosbaar, maar het rente-op-rente effect zorgt ervoor dat dit verschil aanzienlijk wordt op de langere termijn. Andere kosten die ten laste gaan van het fondsvermogen zijn bijvoorbeeld accountantskosten en marketingkosten. Jeffrey Schumacher CFA, Senior Fondsanalist bij Morningstar Benelux na zijn opleiding aan de VU Amsterdam en het behalen van het certificaat Chartered Financial Analyst (CFA) aan het CFA Institute is hij vanaf juni 2011 als Senior Fund Analyst werkzaam bij Morningstar. Daavoor  was hij van 2006 tot 2009 werkzaam bij Theodoor Gilissen Bankiers als Equity/Commodity Analyst en aansluitend tot juni 2011 werkzaam als Vermogensbeheerder Services / Fund Trading bij SNS Securities. Gezamenlijk vormen deze kosten de ‘lopende kosten’, het prijskaartje van een beleggingsfonds. Dit is een percentage kosten dat vermeld staat in een document genaamd ‘Essentiële Beleggersinformatie’, dat op de website van fondsaanbieders terug te vinden is. Hoewel het percentage lopende kosten opgebouwd is uit veel kostencomponenten, zijn er ook kosten die hier niet onder vallen. Een mogelijke additionele kostenfactor ontstaat wanneer het fonds ervoor kiest om een prestatievergoeding te hanteren. De structuren van deze vergoeding kunnen sterk uiteenlopen. Wanneer fondsen een prestatievergoeding hanteren, heeft Morningstar een voorkeur voor een kostenstructuur waarbij er sprake is van een lage beheervergoeding, een acceptabel (10-15%) percentage prestatievergoeding, een prestatiemeting ten opzichte van een relevante benchmark en er moet sprake zijn van een high watermark. Een laatste kostenpost die niet onderschat mag worden, maar geen onderdeel vormt van de lopende kosten, zijn de transactiekosten die een fonds maakt als gevolg van het aan- en verkopen van posities in het fonds. Des te hoger de omloopsnelheid in een portefeuille, des te hoger de transactiekosten die ten laste gaan van het fondsresultaat. Het is maar de vraag of dat vele handelen per saldo wat oplevert. Wat je zeker weet is dat de broker die de orders uitvoert er goed aan zal verdienen. Een hoge omloopsnelheid kan daarom het potentieel van een fonds beperken. 2.    Actief beheer Om de benchmark te verslaan moet een beleggingsfonds afwijken van de benchmark. Dit wordt actief beheer genoemd. Een beheerder kan een fonds op verschillende manieren actief beheren. Hij kan effecten buiten de benchmark selecteren, maar ook posities in de benchmark een ander gewicht geven dan deze in de benchmark hebben. Daarnaast kan een fonds afwijken op bijvoorbeeld regio-, sector-, valuta-, beleggingsstijl- en marktkapitalisatie-allocatie. Het zijn allemaal verschillende dimensies van actief beheer. De mate van afwijking is belangrijk. Wanneer een fonds te dicht bij de benchmark blijft, dan zijn er minder mogelijkheden om deze te verslaan. Een fonds dat de kosten van een actief beheerd fonds rekent maar feitelijk dicht bij de benchmark blijft, zal op langere termijn veel moeite hebben om toegevoegde waarde te realiseren. 3.    Solide beheerder Uiteindelijk is het de beheerder die bepaalt hoe de portefeuille wordt ingericht. Deze beheerder (of het beheerteam) speelt dan ook een sleutelrol in het uiteindelijke succes van een fonds. Niet alleen de omvang van een team in relatie tot het belegbare universum en de kwaliteit van de ondersteuning spelen hier een rol, maar ook de ervaring van een beheerder en de relevantie van die ervaring zijn belangrijke elementen. Morningstar heeft een voorkeur voor beheerders die een lange staat van dienst op een strategie hebben. Beleggers die zich hebben bewezen in verschillende marktcycli. Stabiliteit in het beheerteam en de ondersteuning is eveneens een cruciale factor. Als laatste factor is het belangrijk dat een beheerder ook doet waarvoor hij is aangesteld, namelijk het zo goed mogelijk beleggen van het vermogen van de aandeelhouders in het fonds. Een beheerder moet zich dan ook kunnen concentreren op het onderzoeken en selecteren van effecten in zijn portefeuille en zijn tijd spenderen aan het construeren van een solide portefeuille. Randzaken als marketingpraatjes en het verschijnen op events moeten tot een minimum worden beperkt. Wanneer de beheerder van uw fonds zich continu in de spotlights manoeuvreert, dan moet u zich afvragen hoeveel tijd hij zich nu daadwerkelijk met het beheer van het fonds bezighoudt. Een goed fonds met een sterk track record verkoopt zichzelf wel, daar is geen marketing voor nodig en zeker niet van degene die al zijn tijd en energie zou moeten steken in het beheren van die portefeuille. ^  Inhoud Waarom de historische waardering van mediabedrijven totaal irrelevant is Bron:  23 aug 2015, Ronald Kok, analist.nl Amerikaanse mediabedrijven hebben onlangs rake klappen van analisten gekregen. Zo daalde de koersen van Walt Disney en Time Warner beide met 4%, nadat Bernstein Research de volgende was die zijn taxaties voor beide aandelen verlaagde. Maar ook andere mediabedrijven moesten bloeden op de beurs. Volgens Bernstein Research moeten beleggers de mediasector totaal anders gaan waarderen. De twee belangrijkste inkomstenbronnen, betaalabonnementen en adverteerders, zijn namelijk in gevaar. Bernstein Research stelt dat het niveau waar de mediaaandelen in het verleden op verhandeld werden totaal irrelevant is. De wereld is daarvoor teveel veranderd. Of de daling van het aantal betaalde tvabonnementen gaat versnellen staat buiten kijf, de enige vraag is in welk tijdsbestek. Ronald Kok (RBA)  Financieel analist, entrepeneur en uitgever van o.a. Analist.nl Na zijn economie opleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, VBA aan de VU  Universiteit van Amsterdam bleef hij zich verder specialiseren w.o. EFFAS , en  focust hij zich nu vooral op financiële analyse en de praktische toepasbaarheid van beleggingsstrategieën. Zijn aandachtsgebieden zijn vooral de Amerikaanse en Europese aandelen. Daarnaast focust Ronald zich ook op derivatenstrategieën, asset-allocatie en risicomanagement. Migratie van kijkers De analisten vervolgen hun tirade door te stellen dat de Amerikaanse televisieindustrie een periode van structurele daling in gaat, wat veroorzaakt wordt door een migratie van kijkers van advertentie gesponsorde platformen naar platformen waar geen advertenties worden getoond. Bernstein Research geeft de voorkeur aan mediabedrijven die zo min mogelijk worden blootgesteld aan de Amerikaanse advertentieindustrie, maar juist een sterke positie in sport content hebben en internationaal georiënteerd zijn. Disney en Time Warner naar ‘houden’ In deze nieuwe waardering van Bernstein Research zijn Walt Disney en Time Warner de grootste verliezers. Walt Disney  was lange tijd juist een van de best presterende bedrijven binnen de Dow Jones Inudstrial Average. Bernstein Research stelt dat het bedrijf ondanks positieve projecten in de pijplijn, zoals het college football championship en de uitbreiding van de Star Wars franchise, teveel risico’s herbergt. Voor Time Warner  spande het erom of het advies zou worden verlaagd, maar Bernstein Research stelt dat de verwachtingen van het bedrijf voor 2018 onder druk staan. Tot slot wijst Bernstein Research op Viacom, dat volgens de analisten een ‘clear structural short’ is. Zij verlaagden al eerder hun taxaties voor het aandeel. Fox is een van de weinige bedrijven die volgens Bernstein Research nog potentieel biedt. De analisten twijfelen of het aandeel de prestaties van de afgelopen periode in de komende kwartalen kan doorzetten, maar zien geen redenen om hun waarderingen voor het bedrijf bij te stellen ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan per email contact op met het HCC Beleggen bestuur  of met de redactie  ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. ^  Inhoud

6 september 2015

...

Nieuwsbrief20150801

.. Augustus 2015 Je bent nooit te oud om te leren China blijft koersen drukken Conjunctuurbeeld verbetert opnieuw Hypotheekrente daalt sneller dan spaarrente Monetaire en financiële statistieken Nederland Afname kredietvraag MKB gestopt en kredietvraag woninghypotheken stijgt verder Fundamentele analyse m.b.v de NAIC methode Aktief zijn binnen onze vereniging! .. Je bent nooit te oud om te leren Bron: bestuur HCC Beleggen  "Je bent nooit te oud om te leren" Voor de 65e keer wordt er een symposium georganiseerd. Ikzelf kan me de eerste keer niet herinneren maar in de loop van de jaren heb ik heel wat inspiratie opgedaan op het symposium. Dit komt door de grote diversiteit aan sprekers en uiteraard door goede presentaties (misschien is er trouwens iemand die er de eerste keer wel bij was en daar een klein stukje over zou willen schrijven?). Om die reden hebben we er dit keer voor gekozen om een aantal oude bekenden terug te vragen. Daarnaast zijn er ook weer een nieuwe sprekers die elk vanuit een verschillende invalshoek met het beleggen bezig zijn. Een paar van de oude bekenden zijn Royce Tostrams (Tostrams) en Willem Middelkoop (Commodity Discovery Fund). Zoals altijd zullen ze heldere uitspraken, over hoe zij de toekomst zien, doen. Mooi om hun uitspraken te vergelijken en als elementen voor je eigen beleggingsplan te gebruiken. Daarnaast zijn er ook nieuwe sprekers zoals Arthur Hopstaken (HJCO) over de mogelijkheden van alternatieve beleggingen, Barbara Kos (Pictet) over thematisch beleggen en Selwyn Duijvestijn (marktgevoel.nl) over contrair beleggen. Keynote-sprekers:   Willem Middelkoop Nederlands publicist, fotograaf, ondernemer en voormalig beurscommentator op RTL Z.  Auteur van diverse spraakmakende boeken w.o. "Als de dollar valt", "Overleef de kredietcrisis" en "The big Reset". In 2008 richtte hij het Commodity discovery Fonds op en starte hij de webshop Amsterdamgold.com welke hij later verkocht aan Value8. Royce Tostrams Sinds zijn afstuderen in 1976 in Amsterdam houdt Tostrams zich als technisch analist bezig met het beoordelen van beurskoersen aan de hand van de grafieken. Hij werkte onder meer voor Robeco, IRIS en de ING Bank. In 1999 richtte hij zijn eigen bedrijf op, de Tostrams Groep, om beleggingsadviezen uit te brengen. Kortom, zorg dat je er op 10 oktober bij bent het belooft een leuke dag te worden! Op  beleggerssymposium.nl worden in de komende tijd alle details over dit symposium gepubliceerd. Kijk hier dan ook regelmatig want vanaf half augustus begint hier de inschrijving. ^  Inhoud China blijft koersen drukken Bron:  Jeffrey Stafford, Morningstar De prijzen van steenkool, koper en ijzererts blijven laag nu de Chinese economie transformeert van investeringsgedreven naar vraaggedreven. Voor één grondstof is er een uitzondering: uranium. In het kort De sector basismaterialen wordt dicht verhandeld tegen de Morningstar’s waardering met een gemiddelde koers/fair value van 0,97 en een koers/fair value van 0,99. De prijzen van delfstoffen die flink hebben geprofiteerd van China’s investeringen in infrastructuur en de hausse op de Chinese vastgoedmarkt zullen niet herstellen. Morningstar ziet echter één uitzondering en dat is voor uranium nu China bouwt aan nieuwe kernenergiecentrales. De opleving van de Chinese huizenmarkt in het tweede kwartaal is tijdelijk. Jeffrey Stafford, CFA Aandelen analist bij Morningstar Jeffrey heeft zijn opleiding gehad aan: University of Notre Dame BBA, Finance 2001 – 2005 en vervolgens The University of Chicago - Booth School of Business (MBA) 2013 – 2016 Nu is hij werkzaam als aandelen analist bij Morningstar met als specialisatie landbouw en chemische bedrijven Als de Chinese economie weer in balans is denkt Morningstar dat een vertraging in de investeringen onvermijdelijk is. Deze vooruitblik schildert dan ook geen mooi plaatje voor veel industriële grondstoffen voor welke China het afgelopen decennium de motor achter de vraag was. Recente gegevens laten een verzwakking van de vraag uit China zien. De wereldwijde staalproductie daalde op jaarbasis zowel in april als in mei als gevolg van een lagere Chinese productie. De Chinese staalconsumptie daalde in 2014 voor het eerst in tien jaar en Morningstar verwacht dat de Chinese vraag naar staal ook in 2015 en 2016 zal afnemen. De verandering in de samenstelling van het Chinese bbp (minder investeringen, meer binnenlandse consumptie) zal op de metaalprijzen drukken. Morningstars langetermijnverwachting voor ijzererts is een prijs van USD 60/ton tegenover een gemiddelde prijs in de afgelopen vijf jaar van USD 128/ton. We voorzien een prijs voor steenkool van USD 110/ton tegenover een gemiddelde van USD191/ton in de afgelopen vijf jaar. Koper wordt later in het bouwproces gebruikt dan bijvoorbeeld staal en daarom is de koersdaling van koper iets vertraagd, maar de prijs van koper is met die van andere metalen omlaag gegaan en we voorzien een koers van USD 2,46/pond tegenover gemiddeld USD 3,44/ton in de afgelopen vijf jaar. De afnemende vraag in China naar elektriciteit en de afkeer van vervuilende elektriciteitscentrales op steenkool t zorgt voor een verwachte prijs van thermische steenkool van USD 67/ton waar dat de afgelopen vijf jaar gemiddeld USD 91/ton was. Uranium is echter een opmerkelijke uitzondering onder de industriële grondstoffen. Waar China goed is voor ongeveer de helft van de wereldwijde vraag naar steenkool , koper en ijzererts neemt het minder dan 10 procent van de wereldwijde vraag naar uranium voor zijn rekening. Morningstar verwacht dat de Chinese vraag naar uranium zal verviervoudigen in het komende decennium. Want China breidt zijn arsenaal kernreactoren uit om elektriciteitscentrales op steenkool te vervangen. Het uraniumaanbod zal moeite hebben om de extra vraag bij te benen en we verwachten dat de uraniumprijs toeneemt van USD 50/pond op dit moment naar USD 75/ pond in de komende jaren. Tijdelijke maatregelen Ofschoon de Chinese huizenmarkt in het afgelopen kwartaal enige levenstekens liet zien en de laatste gegevens een toename in de vraag naar huizen laten zien, is Morningstar voor de lange termijn negatief over de Chinese huizenbouw. Renteverlagingen en het wegvallen van restricties op de koop van een tweede huis helpen om de prijzen op korte termijn overeind te houden, maar deze tijdelijke maatregelen lossen de problemen niet op waarmee de Chinese huizenmarkt op de lange termijn kampt. Topaandelen in de sector basismaterialen Peabody Energy (BTU) Peabody Energy delft thermische steenkool in de Verenigde Staten en thermische en metallurgische steenkool in Australië. Peabody’s steenkoolactiviteiten in de Verenigde Staten worstelden omdat de lage aardgasprijs heeft gezorgd voor een aanzienlijk overstap van steenkool naar aardgas. Tegen een aardgasprijs van - in de Verenigde Staten – tussen USD 2 en 3 per duizend kubieke voet kan steenkool moeilijk concurreren. Als de prijs van aardgas klimt naar USD 4 per duizend kubieke voet, wat de energie-analisten van Morningstar verwachten, dan is de steenkool die Peabody uit het Amerikaanse Powder River Basin en Illinois Basin haalt weer concurrerend. Voor zijn Australische activiteiten is Peabody afhankelijk van de prijzen van overzeese steenkool, omdat zijn steenkool wordt geëxporteerd. Deze prijzen zijn voortdurend gedaald omdat het aanbod zich maar langzaam aanpast aan de afgenomen vraag. Als het overaanbod wordt gerationaliseerd dan zal Peabody’s Australische steenkool profiteren van de hogere prijzen voor overzeese steenkool. Cloud Peak Energy (CLD) Cloud Peak Energy haalt thermische steenkool uit de grond in het Powder River Basin in de Verenigde Staten tegen lage productiekosten. De problemen in het afgelopen jaar met de afvoer van de steenkool per spoor zijn grotendeels verdwenen. Maar net als Peabody kampt ook Cloud Peak met de lage aardgasprijs en de switch van steenkool naar gas. Door de milde winter hebben energiecentrales op organische wijze een voorraad steenkool opgebouwd, omdat ze minder kolen stookten terwijl de aanvoer van steenkool doorging. Tegen een aardgasprijs van - in de Verenigde Staten – tussen USD 2 en 3 per duizend kubieke voet kan steenkool moeilijk concurreren. Als de prijs van aardgas klimt naar USD 4 per duizend kubieke voet, zoals de energie-analisten van Morningstar verwachten, dan is de steenkool die Cloud Peak uit het Powder River Basin haalt weer concurrerend waardoor de resultaten van de mijnbouwer verbeteren. Arrium (ARI) Arrium is betrokken bij het delven van ijzererts, staalproductie en de levering van consumptiematerialen voor de mijnbouw zoals maalkogels die worden gebruikt bij de productie van koper en goud. Arrium is ondergewaardeerd wat het negatieve sentiment van de markt reflecteert wat betreft de relatief dure ijzerertsproductie. Morningstar vindt ook dat die beperkt waarde heeft. De lage Australische dollar zal de marges op staal en de winst op mining consumeables verbeteren. De consumptiematerialen voor de mijnbouw bieden een broodnodige basis voor een stabiele winst. Morningstar denkt dat de winst en de koers van Arrium zullen verbeteren ten opzichte van de huidige lage niveaus, maar erkent dat Arrium een belegging is voor beleggers met een hoge risicotolerantie. Denkt u alles te weten over beleggen? ^  Inhoud CBS: Conjunctuurbeeld verbetert opnieuw Bron:  CBS Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok is in juli 2015 weer beter dan in juni, maakt CBS bekend. Vanaf de zomer van 2013 tot het voorjaar van 2014 verbeterde de conjunctuur continu, daarna ging de verbetering stapsgewijs. Vanaf mei versnelt de opgaande lijn. In juli zet de positieve trend verder door. De Conjunctuurklok van CBS is een hulpmiddel voor het bepalen van de stand en het verloop van de Nederlandse conjunctuur. In de conjunctuurklok komt vrijwel alle belangrijke economische informatie samen die CBS tijdens de afgelopen maand c.q. het afgelopen kwartaal heeft gepubliceerd. In juli presteerden bijna alle indicatoren in de Conjunctuurklok beter dan hun langjarige trend. Producenten en consumenten blijvend positief Het vertrouwen van de ondernemers in de industrie valt iets terug in juli, maar hun stemming blijft positief. Sinds oktober 2014 hebben positief gestemde ondernemers de overhand. Producenten in de industrie waren minder positief over de toekomstige productie. Ze waren ook een fractie minder positief over hun orderportefeuille. Verder is de bezettingsgraad van de machines en installaties bij aanvang van het derde kwartaal van 2015 uitgekomen op ruim 82 procent. Dat is het hoogste percentage sinds het uitbreken van de crisis eind 2008. Het vertrouwen van consumenten is ook iets minder positief. Dit komt doordat consumenten aanzienlijk minder positief oordelen over het economisch klimaat. Zowel het producenten- als het consumentenvertrouwen ligt ruim boven het langjarig gemiddelde. Export, investeringen en consumptie huishoudens groeien De export van goederen groeide in mei aanzienlijk. Het volume van de export van goederen was 7,5 procent groter dan in mei 2014. De stijging is groter dan in de voorgaande maand. In mei groeide vooral de export van machines, apparaten, aardolie- en chemische producten. Ook de investeringen zijn weer gegroeid. Het volume van de investeringen in materiële vaste activa was bijna 7 procent groter dan in mei 2014. Deze stijging is vooral te danken aan hogere investeringen in woningen. Verder is ook weer meer geïnvesteerd in wegvervoer zoals vracht- en bestelauto’s en in telecommunicatie. Consumenten hebben in mei 1,1 procent meer besteed aan goederen en diensten dan in mei 2014. Consumenten gaven meer uit aan voedings- en genotmiddelen. Ook aan duurzame goederen besteedden ze meer. Ze gaven ook deze maand vooral meer uit aan woninginrichting en huishoudelijke apparaten. Consumenten hebben in mei ook weer wat meer gas verbruikt dan een jaar eerder. De stijging is echter veel kleiner dan in de voorgaande 4 maanden. Ten slotte gaven ze meer uit aan diensten, zoals woninghuur, reizen met bus of trein, bezoek aan restaurant of kapper, en verzekeringen. Uitgaven aan diensten maken ruim de helft van de totale binnenlandse consumptieve bestedingen uit. Industrie produceert meer dan vorig jaar De gemiddelde dagproductie van de Nederlandse industrie was in mei hoger dan in mei 2014. De productie van de industrie wordt nog steeds negatief beïnvloed door de het wegvallen van productiecapaciteit in de tabaksindustrie. Zonder die weggevallen capaciteit zou de productiegroei van de industrie nog groter geweest zijn. Dalende trend faillissementen Het aantal uitgesproken faillissementen van bedrijven lag in juni op het laagste niveau sinds januari 2009. Sinds de zomer van 2013 is er sprake van een dalende trend. Minder werklozen, arbeidsmarkt herstelt in laag tempo In juni waren er opnieuw minder mensen werkloos. Het aantal werklozen daalde de afgelopen 3 maanden met gemiddeld 5 duizend per maand. Het werkloosheidspercentage kwam uit op 6,9. Het aantal banen is in het eerste kwartaal niet gestegen ten opzichte een kwartaal ervoor. In de 3 kwartalen ervoor groeide het aantal banen nog. Daardoor lag het aantal banen in vergelijking met het eerste kwartaal van 2014 wel 72 duizend hoger. Eind maart waren er 125 duizend openstaande vacatures in Nederland. Dit zijn er 6 duizend meer dan een kwartaal eerder. Het aantal neemt al 7 kwartalen op rij toe, maar het totale aantal vacatures is nog steeds maar de helft van de recordaantallen tijdens de hoogtijdagen in 2007 en 2008. Het totale aantal uitzenduren neemt al sinds begin 2013 toe. In het eerste kwartaal van 2015 is zowel het langlopende uitzendcontracten in de vorm van detachering of payrolling als het aantal kortdurende contracten weer toegenomen. De toename is wat minder sterk dan in het vierde kwartaal van 2014. In het eerste kwartaal van 2015 werkten er 225 duizend uitzendkrachten in Nederland. Economische groei steeds breder gedragen Uit de tweede berekening op 24 juni bleek dat de Nederlandse economie in het eerste kwartaal van 2015 voor de vierde keer achtereen is gegroeid. De groei kwam uit op 0,6 procent ten opzichte van een kwartaal eerder. Deze groei wordt steeds breder gedragen: investeringen, consumptie en de export leveren een positieve bijdrage. Ten opzichte van de hoogconjunctuur in de eerste helft van 2008 is de Nederlandse economie nog 0,2 procent kleiner. In vergelijking met het eerste kwartaal van 2014 is de omvang van de Nederlandse economie 2,5 procent groter. Vrijdag 14 augustus 2015 komt het CBS met de eerste uitkomsten over de economische groei en het aantal banen in het tweede kwartaal van 2015. Meer cijfers staan in het dossier Conjunctuur. Voor meer conjunctuurinformatie zie: conjunctuurbericht. ^  Inhoud Monetaire en financiële statistieken Nederland Bron:  DNB Op de statestiekpagina's van De Nederlandse Bank vind u behalve onderstaand (dagelijks geupdated)  overzicht  een aantal  downloadable interactieve grafieken  klik hier ^  Inhoud Hypotheekrente daalt sneller dan spaarrente Bron:  DNB,  27 juli 2015 Al geruime tijd nemen de spaar- en hypotheekrentes van banken af. In de afgelopen twaalf maanden zijn beide rentes gedaald, de spaarrente met 30 basispunten en de hypotheekrente met 60 basispunten. In mei van dit jaar kregen Nederlandse huishoudens een rente van gemiddeld 1,04% op hun eenvoudig opneembaar spaargeld. Op nieuw afgesloten hypotheken moest gemiddeld 2,83% worden betaald. Ten opzichte van april is de spaarrente in mei met 2 basispunten gedaald en de hypotheekrente met 11 basispunten. Nederlandse huishoudens hadden in mei bijna EUR 300 miljard aan eenvoudig opneembaar spaargeld tegen een gemiddelde spaarrente van 1,04 procent. De afgelopen periode is de spaarrente afgenomen (zie grafiek 1). Hierbij hebben onder meer de afgenomen vraag van banken naar financiering, het nog steeds grote aanbod van spaargeld en de relatief lage kosten van andere vormen van financiering op de geldmarkt een rol gespeeld. Grafiek 1: Verschil hypotheekrente en spaarrente Ook de spaarrente op het vaststaand spaargeld is afgenomen. Huishoudens hebben ruim EUR 50 miljard aan vaststaand spaargeld. Op het spaargeld dat in mei werd vastgezet, werd een rente van gemiddeld 1,88% vergoed. Ongeveer zestig procent van het in mei op een spaardeposito geplaatste spaargeld kende een vaste looptijd van maximaal één jaar. De omvang van de hypotheken van Nederlandse huishoudens bij banken bedroeg in mei bijna EUR 520 miljard. Op deze uitstaande hypotheken betalen huishoudens een gemiddelde rente van 4,16%. Ook deze rente op uitstaande hypotheken is afgenomen (de afgelopen twaalf maanden met 23 basispunten), maar veel minder dan de rente op eenvoudig opneembaar spaargeld. Dit komt doordat huishoudens hun rente vaak voor langere tijd vast zetten. Op de nieuwe hypotheken die banken in mei hebben verstrekt bedroeg de rente gemiddeld 2,83 procent. Ook deze rente op nieuwe hypotheken is door de banken verlaagd. Deze verlaging was gedurende de afgelopen twaalf maanden sterker dan de verlaging van de spaarrente (zie grafiek 2). Hierdoor neemt het verschil tussen de spaarrente en de rente op nieuw afgesloten hypotheken langzaam af. Het verschil tussen de rente op eenvoudig opneembaar spaargeld en de rente op nieuwe hypotheken bedroeg in mei zo’n 180 basispunten (zie grafiek 1). Grafiek 2: Cumulatieve maand-op-maand mutaties (in basispunten) ^  Inhoud Afname kredietvraag MKB gestopt en kredietvraag woninghypotheken stijgt verder Bron:  DNB Volgens de Nederlandse banken is de vraag naar woninghypotheken in het tweede kwartaal van 2015 verder gestegen. Deze ontwikkeling, die in het eerste kwartaal van 2014 is ingezet, zet zich daarmee versterkt voort. Wat bedrijfskredieten betreft is het de eerste keer in ruim zes jaar tijd dat er geen vraagafname vanuit het midden- en kleinbedrijf (MKB) wordt gemeld door de banken. De banken geven verder aan dat de kredietvraag vanuit het grootbedrijf is gestegen. Dit blijkt uit de driemaandelijkse Bank Lending Survey (BLS) van de ECB. Deze enquête verschaft kwalitatieve informatie over de kredietverlening door in Nederland gevestigde banken aan huishoudens en bedrijven in het eurogebied en de acceptatiecriteria die zij hanteren. Vraag naar woninghypotheken stijgt verder In het tweede kwartaal van 2015 melden alle deelnemende banken in de enquête een stijgende kredietvraag naar woninghypotheken (grafiek 1). Als relevante factoren voor de toename van de hypotheekvraag worden het betere vooruitzicht op de woningmarkt, het gegroeide consumentenvertrouwen en de lage rentetarieven genoemd. Voor het derde kwartaal van 2015 voorzien banken met een gezamenlijk marktaandeel van 77 procent een verdere opleving. De deelnemende banken hebben in de enquête aangegeven dat hun acceptatiecriteria voor woninghypotheken onveranderd zijn gebleven. De laatste keer dat banken per saldo een versoepeling rapporteerden van hun acceptatie­criteria was in het eerste kwartaal van 2008. Afname van kredietvraag MKB gestopt Bij kleine en middelgrote ondernemingen zien de Nederlandse banken in het tweede kwartaal van 2015 geen verandering in de vraag naar krediet (grafiek 2). Het is de eerste keer sinds begin 2009 dat de bankensector een gelijkblijvende vraag vanuit het MKB rapporteert, in plaats van een afname van de vraag. Voor het derde kwartaal van 2015 verwacht, gewogen naar marktaandeel, 57 procent van de Nederlandse banken een stijging van de vraag naar deze vorm van krediet. Verder melden de banken dat hun acceptatiecriteria voor krediet aan het MKB onveranderd zijn gebleven. Bij grote ondernemingen melden banken met een gezamenlijk marktaandeel van 59 procent een aantrekkende vraag. Deze ontwikkeling is sinds het eerste kwartaal van 2014 gaande. Tot slot hebben banken aangegeven dat acceptatiecriteria voor krediet aan grote ondernemingen ongewijzigd zijn gebleven. Toelichtende noot: Deze analyse is gebaseerd op een gewogen berekening van de antwoorden van de banken in de enquête, waarbij uitkomsten zijn uitgedrukt in netto gewogen percentages (gewogen som van het aantal banken dat een stijging rapporteert minus het aantal banken dat een daling aangeeft). De antwoorden van banken worden gewogen met hun aandeel in betreffend marktsegment. Vanaf juni 2015 wordt Tabel 5.5 over de Bank Lending Survey gepubliceerd volgens de nieuwe gewogen berekening. Dit heeft geleid tot beperkte bijstellingen in de historische data. ^  Inhoud Fundamentele analyse m.b.v de NAIC methode Bron:  HCC Beleggen Cosa werkgroep De NAIC-methode berekent van een beursgenoteerd bedrijf de gemiddelde groeipercentages per jaar voor zowel de WpA (winst per aandeel)  als de omzet. Als men de historische waarden van de WpA en de omzet logaritmisch uitzet tegen de jaren, zullen zij min of meer op een rechte lijn komen te liggen. De trendlijnen zijn gemiddelden die de beste aanpassing van rechte lijnen langs of door de punten geven. Deze lijnen worden vervolgens gebruikt voor de prognose van de WpA en de omzet. De NAIC-methode neemt (onder voorwaarden) aan, dat zowel de hoogste als de laagste koersen even hard zullen groeien als de WpA, wat een constante koers/winst-verhouding in de prognoseperiode impliceert. We zien dat weergegeven als een oplopend  koerskanaal in de jaren 2013 t/m 2017. De NAIC-methode gaat m.b.v. de tot nu toe verkregen resultaten nog een stap verder om tot een koop-, houden- of verkoopadvies te komen. Daartoe wordt de laagst voorgekomen koers in de laatste vijf historische boekjaren afgetrokken van de geprognosticeerde hoogste koers in het vijfde jaar erna, dus 2017. Van het verschil neemt NAIC globaal het middelste derde deel als de breedte van wat we de NAIC-zone noemen. De onder- en de bovengrens ervan zijn in de grafiek met horizontaal lopende streepjeslijnen aangegeven. Tot slot wordt in de grafiek nog de koers op het moment van de te nemen beslissing afgebeeld, hier door middel van een dikke ronde blauwe stip in mrt. 2013. Het NAIC-advies is “kopen“ als die stip onder de ondergrens van de  NAIC-zone ligt, “verkopen“ als de stip boven de bovengrens van de zone ligt en “houden“ als de stip tussen de zone-grenzen ligt. Grafiek: In de hier getoonde grafiek zijn drie van de gegevens die bij de NAIC-methode worden gebruikt zichtbaar gemaakt. Geïsoleerde punten en lange strepen zijn historische gegevens, lijnen en streepjeslijnen zijn berekend. Computerprogramma’s nemen het handmatig rekenwerk over en geven consistent en snel de in dit voorbeeld globaal aangegeven waarden plus afgeleide uitkomsten weer. Zo worden ook prognoses berekend voor te verwachten hoogste en laagste jaaropbrengsten, o.a. rekening houdend met dividenden. De CoSA-werkgroep stelt zich tot taak om fundamenteel beleggen o.b.v. de NAIC-methode m.b.v. de daarbij behorende bestanden en programma’s beschikbaar te stellen en houden voor geïnteresseerden. Dat zijn VEB/NCVB- en HCC-leden, die aangegeven hebben onze informatie te willen (blijven) ontvangen. Vanwege een beleidswijziging van de VEB zullen vanaf 2016 alleen bestaande CoSA-abonnees de wekelijkse CoSA-nieuwsbrief ontvangen. Nieuwe CoSA-abonnees zullen vanaf 2016 HCC-lid moeten zijn of worden om zich op te kunnen geven als abonnee van de wekelijkse CoSA-nieuwsbrief. Momenteel wordt door de CoSA-werkgroep gewerkt aan het geschikt maken van het programma Computerondersteunde Selectie van Aandelen, CoFA, voor dividendbeleggen en het aanpassen van de rangtabel om de meest geschikte aandelen te identificeren. Wekelijks wordt daar over gerapporteerd in de CoSA-nieuwsbrief. Indien u meer wilt weten over de NAIC methode en over CoSA, kunt u contact opnemen met de voorzitter: Jan van der Meulen via CoSA-L@beleggersonline.nl U kunt zich bij hem ook aanmelden voor het ontvangen van informatie, zoals de wekelijks verschijnende CoSA-nieuwsbrief en voor het verkrijgen van toegang tot de voor CoSA-leden beschikbare Europese CoSA/SSG-verzameling. _____ *) NAIC :  National Association of Investors Corporation, de Amerikaanse zustervereniging van de NCVB.    CoSA:  Computerondersteunde Selectie van Aandelen. ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan per email contact op met het HCC Beleggen bestuur  of met de redactie  ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. ^  Inhoud

8 augustus 2015

...

Nieuwsbrief20150701

.. Juli 2015 Je bent nooit te oud om te leren Verspreid instappen verlaagt risico’s Alternatief voor bankkrediet komt van beleggers Prijsoorlog luxe goederen? Telefoonabonnement met ‘gratis’ toestel blijft lening Waarschuwing tegen risico’s van algoritmische handel Aktief zijn binnen onze vereniging! .. Je bent nooit te oud om te leren Bron: bestuur HCC Beleggen De komende keer is het voor de 65e keer dat er een symposium wordt georganiseerd. Een hele mijlpaal! Als motto hebben we daarom dit keer gekozen "Je bent nooit te oud om te leren". Eén van de rode draden bij beleggen is de noodzaak om steeds op zoek te zijn naar nieuwe wegen. Dit kunnen bijvoorbeeld nieuwe beleggingsideeën, nieuwe technieken, of nieuwe beleggingsstrategieën zijn. Je moet steeds je kennis ontwikkelen. Het komend symposium biedt weer volop de mogelijkheden daartoe. Naast een paar oude bekenden hebben we ook weer een paar nieuwe sprekers. Zoals altijd kan je over een groot aantal onderwerpen kennis opdoen: of je nu bijvoorbeeld een verhaal van een vermogensbeheerder, van een technisch analist of van een hedgefund aanbieder wilt horen. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die je graag wegwijs maken in de door hen geboden diensten. Het symposium biedt ook een goede mogelijkheid om de in de loop van de jaren opgedane contacten aan te halen en nieuwe contacten te leggen. Zet vast in uw agenda:  65ste HCC Beleggen symposium op 10 oktober 2015 ^  Inhoud Verspreid instappen verlaagt risico’s behoorlijk Bron: Ronald Kok, Analist.nl Beleggen in aandelen komt in principe neer op het zoeken van ondergewaardeerde aandelen en deze kopen. De zoektocht naar ondergewaardeerde aandelen doen we uiteraard heel zorgvuldig en dit kost normaliter heel veel tijd. Als we eenmaal besloten hebben om bijvoorbeeld het aandeel Philips te kopen dan kunnen we dit ‘a la minute’ doen: met 1 druk op de knop heeft u de aandelen in uw bezit. Random walk Maar waarom zouden we de aankoop van het aandeel niet uitspreiden door de tijd? Veel wetenschappers noemen de beurs immers, sowieso op de korte termijn, 1 groot casino. Dit betekent dat beurskoersen eigenlijk totaal willekeurig bewegen op de korte termijn en dat er pas op de langere termijn enige voorspelbaarheid aanwezig zou kunnen zijn. Dus ook al zijn we nog o zo zeker dat het aandeel Philips nu ondergewaardeerd is, dan moeten we toch erkennen dat het aandeel, vooral op de kortere termijn, alle kanten opgezwieberd wordt (de ‘random walk’). Het risico is dus enorm groot dat stel dat we vandaag inderdaad het aandeel Philips zouden kopen het op 23 euro zouden kopen, dat het morgen meer dan 20 procent lager of hoger zou staan. Het opwaartse ‘risico’ willen we uiteraard maar niet het neerwaartse risico. Het kan u dus als het aandeel in 1x op 1 moment koopt dus enorm meezitten of enorm tegen zitten. Ronald Kok (RBA)  Financieel analist, entrepeneur en uitgever van o.a. Analist.nl Na zijn economie opleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, VBA aan de VU  Universiteit van Amsterdam bleef hij zich verder specialiseren w.o. EFFAS , en  focust hij zich nu vooral op financiële analyse en de praktische toepasbaarheid van beleggingsstrategieën. Zijn aandachtsgebieden zijn vooral de Amerikaanse en Europese aandelen. Daarnaast focust Ronald zich ook op derivatenstrategieën, asset-allocatie en risicomanagement. Timing alleen achter mogelijk Dit is natuurlijk vrij logisch en moet natuurlijk door de beleggers erkend worden. Desalniettemin zien we in de praktijk dat beleggers vaak direct volledig in een aandeel stappen. Hierdoor worden er in onze ogen teveel risico’s genomen want er wordt zo tevens een groot timingsrisico genomen. Wanneer u eerdere publicaties van ons heeft gezien dan heeft u kunnen lezen dat wij van mening zijn dat het timen van individuele aandelen onmogelijk is. Uiteraard kennen wij de onderzoeken naar het momentum-effect maar de meesten daarvan hebben geen consistentie: hiermee bedoelen we dat we inderdaad in het verleden het momentum-effect achteraf hebben kunnen vaststellen maar dat het een speld in een hooiberg/lot uit een casino is om hier vooraf van te kunnen profiteren. Spreiden voorkomt lijden Hoe verlagen we dan het timingsrisico? Hier is helaas geen sluitend antwoord op. Het enige wat wij hiervoor adviseren is om de aankoop van het aandeel Philips in delen te verspreiden door de tijd . Hiermee bedoelen we dat wij de totale aankoop in delen verdelen. Bijvoorbeeld iedere maand 1/12e of zelfs iedere week 1/52e. Dit klinkt natuurlijk erg omslachtig en levert natuurlijk ook extra transactiekosten op. Het feit dat de laatste jaren de transactiekosten hard omlaag zijn gegaan biedt de belegger echter wel meer mogelijkheden om zijn transacties te verspreiden door de tijd. Hoe langer de termijn hoe grotere rendementsuitslagen In de praktijk zien we dat de rendementen op de korte termijn relatief beperkt zijn. Wanneer we bijvoorbeeld kijken naar de rendementen op weekbasis dan zien we dat de gemiddelde uitslagen vrij beperkt zijn. Als we het tijdsframe uitbreiden naar bijvoorbeeld een maand dan zien we dat de rendementsuitslagen verder uit elkaar gaan lopen: meer hogere en meer negatieve uitslagen. Als we kijken naar de rendementen op jaarbasis dan zien we die nog veel verder uiteen lopen. De onderstaande figuur toont de gemiddelde rendementen per week, maand en jaar. Gemiddelde gelijkgewogen rendementen per week, maand en jaar van alle Nederlandse en Belgische aandelen over de periode juni 2005 tot en met juni 2015. We zien dus dat de rendementen op weekbasis met 0,47 procent vrij beperkt zijn. De rendementen op maandbasis worden licht hoger en de rendementen op maandbasis zijn enorm hoger. Laat u in ieder geval niet in de war brengen: toevallig zijn de rendementen over deze periode vrij positief (voor verklaard na het enorme herstel na de grote daling in 2008). Wat we hier duidelijk willen benadrukken is dat de rendementen op de langere termijn fors hoger zijn dan op kortere termijn. Het cirkeldiagram hier toont de gemiddelden; hier vallen de extreme uitslagen (positieve en negatieve) dus min of meer tegen elkaar weg. De verschillen voor individuele aandelen zijn daarom fors hoger. Zie hiervoor de individuele rendementen per aandeel per periode hier onder. Gemiddelde rendementsuitslagen Individuele rendementsuitslagen per week, maand en jaar van alle Nederlandse en Belgische aandelen over de periode juni 2005 tot en met juni 2015. De bovenstaande grafieken laten zien dat op de langere termijn de rendementsuitslagen steeds extremer worden. Wat betekent dit nu voor u als belegger? De grotere rendementsuitslagen op de langere termijn betekenen simpelweg meer volatiliteit voor u. Stel dat u de aandelen Philips koopt en ze gemiddeld een jaar aanhoudt, dan ziet u dat u de rendementen zeer uiteenlopend zijn. We gaan dit middels een simulatie uitzoeken. We gaan bekijken wat de rendementen zijn als we het aandeel Philips in 1x kopen, of iedere maand een 12e of wekelijks een 52e deel. Bij het geheel in het aandeel Philips stappen lopen we dus een groot timingsrisico: het kan enorm mee of tegenzitten. Bij het spreiden van de aankoop door de tijd zou het timingsrisico in principe verlaagd kunnen worden. Bij deze simulatie laten we de transactiekosten en eventuele dividenduitkeringen buiten beschouwing. Simulatie 1x , 12x of 52x aankopen Voor de simulatie doen we 100 simulaties bij de 3 aankoopvarianten: 1x per jaar, iedere maand of iedere week. Er wordt dan respectievelijk 100%, 1/12e van 100% en 1/52e van 100% belegd in het aandeel Philips. Wanneer we kijken naar de simulatie van het direct aankopen van het aandeel Philips dan blijkt er een behoorlijk verschil qua volatiliteit te zijn:                                                 We zien inderdaad dat wanneer we het aandeel direct kopen er bij de simulatie een zeer grote spreiding is van de rendementen: het kan zeer meezitten of zeer tegen. Dit hogere risico uit zich in de hoogste standaarddeviatie. Wanneer we de investering in het aandeel Philips per maand uitspreiden dan zien we dat de standaarddeviatie en het verschil tussen de uitslagen beiden lager worden. Als we wekelijks het aandeel voor 1/52e kopen dan dalen de standaarddeviaties en rendementsverschillen nog fors verder. De bovenstaande staafgrafiek vat het hele effect van het uitspreiden van de aankoop in een notendop samen. We zien dat als u het aandeel in 1x koopt u zeker meer perspectief heeft op een hoger rendement maar ook op een fors lager rendement: de hoogste rode balk en de laagste blauwe balk. Bij het uitspreiden van uw aankoop door de tijd heen verlaagt u uw timingsrisico behoorlijk. Dit omdat u toevalligerwijs koopt in opgaande en in neergaande markten. De positieve en neerwaartse bewegingen middelen elkaar doorgaans redelijk uit. Uiteraard gaat het spreiden door de tijd heen dus gepaard met ook een doorgaans lager rendement. Het voorbeeld van het uitspreiden van uw aankoop van 1x per jaar naar per week een deeltje is natuurlijk een extreem voorbeeld en in de praktijk niet erg handig. We hebben het erbij getoond om sec te onderstrepen wat de impact van timing kan zijn. We raden u dus niet alleen aan uw beleggingen over veel aandelen te spreiden maar ook nog de aan- en verkopen ervan door de tijd te spreiden. ^  Inhoud Alternatief voor bankkrediet komt van beleggers Bron: DNB Middelgrote Nederlandse ondernemingen krijgen in toenemende mate toegang tot alternatieve financieringsbronnen voor bancair krediet. In navolging van de VS komt de markt voor onderhandse leningen (private placements) langzaam van de grond. Dit vermindert de afhankelijkheid van bancaire financiering. Voor banken betekent dit een andere, nieuwe rol waarbij ze kredietvragers en –verschaffers bij elkaar brengen. Voor Nederlandse middelgrote bedrijven die investeringsprojecten hebben van 7 tot 10 jaar is het aantrekken van financiering dikwijls lastig. De weg naar de obligatiemarkt is voor deze 'midkappers' niet open en is relatief kostbaar. Banken verstrekken vaak niet langer dan 5 jaar financiering, en zijn sinds de crisis terughoudender geworden. De groei van langjarige kredieten loopt al kwartalen achtereen terug (zie grafiek 1). Grafiek 1: Banken zijn terughoudender geworden met bedrijfskredieten % verandering in bancaire bedrijfskredieten met looptijd langer dan 5 jaar Banken zijn terughoudender geworden met bedrijfskredieten Tot nog toe waren middelgrote bedrijven aangewezen op financiers in de Verenigde Staten of op de banken voor meerdere kortere leningen die doorgerold moeten worden, met alle onzekerheid van dien. Maar er gloort voor dergelijke ondernemingen licht aan de Europese horizon van de onderhandse leningenmarkt, ook wel de private placement markt genoemd. Deze markt is een springplank voor bedrijven die weliswaar te klein zijn voor de kapitaalmarkt, maar die met hun groei- en investeringsambities van belang zijn voor de economie. Europa kan bij de ontwikkeling van deze markt leren van de VS, waar de marktfinanciering dominant is. In de VS verloopt zo’n 80% van de totale ondernemingsfinanciering van bedrijven via de markt (beleggers), en 20% via banken. In Europa is die verhouding bijna spiegelbeeldig, met circa 70% via banken. In de Verenigde Staten leveren lokale verzekeraars een belangrijke financieringsbron voor onderhandse leningen. Veel Nederlandse bedrijven lenen ook in deze Amerikaanse markt en zijn tevreden over het snelle en voorspelbare resultaat – binnen zes weken na de aanvraag is er duidelijkheid over de leningen en de voorwaarden. In de VS hebben beleggers, veelal de levensverzekeraars, een uniform systeem om de kredietwaardigheid te beoordelen van bedrijven. Om in navolging van de VS ook een goed draaiende pan Europese private placement markt te ontwikkelen is een voldoende stevige beleggersbasis noodzakelijk. Deze beleggersbasis in het eurogebied groeit. De seinen staan op groen. Terwijl de randvoorwaarden om onderhandse leningen te sluiten verbeteren, zit ook het markttij mee om beleggers en bedrijven uit de startblokken te laten komen. Essentieel zijn allereerst de structurele verbeteringen die de markt toegankelijker maken voor zowel de kredietvragers als de aanbieders. In Europa was sprake van een lappendeken aan regelgeving en documentatie voor het afsluiten van onderhandse leningen. Hierdoor is de onderhandseleningenmarkt in de eurozone beperkt gebleven; in 2013 ging er naar schatting slechts EUR 15 mrd in om. Op initiatief van marktpartijen is onder toezicht van de koepelorganisaties ICMA (International Capital Market Association) en de LMA (Loan Market Association) verbetering zichtbaar, bijvoorbeeld dankzij vaste formats en standaarddocumentatie voor de private placements. Ook de Europese Commissie steunt de komst van een Europese onderhandse leningenmarkt in het voorstel voor de kapitaalmarktunie. De randvoorwaarden voor de onderhandse leningenmarkt verbeteren ook voor beleggers dankzij het nieuwe toezichtskader. De kapitaaleisen van Solvency II voor verzekeraars maken de weg vrij voor verdere verdieping van de markt. Het kapitaalbeslag van beleggingen in bedrijven op de private placement markt pakt relatief gunstig uit ten opzichte van beleggingen met een lagere kredietwaardigheid. Hierdoor is het voor verzekeraars relatief aantrekkelijk te beleggen in dergelijke middelgrote bedrijven, waarbij het voor toezichthouders tegelijkertijd belangrijker wordt om de kwaliteit van de kredietanalyses te toetsen. Verder heeft de markt het tij mee. De rentes op gewone bedrijfsobligaties zijn sterk gedaald. Hierdoor raken institutionele beleggers meer geïnteresseerd in private placements . Het verschil met gewone obligatieleningen is dat deze niet op de secundaire markt worden verhandeld, en daardoor ook een liquiditeitspremie (hogere rente) bieden. Dergelijke activa passen daarom niet bij investeerders die hun belegging snel te gelde willen kunnen maken, maar vooral bij beleggers met een langetermijnhorizon die een 'buy and hold'- strategie hanteren, zoals verzekeraars en pensioenfondsen. Het valt te verwachten dat ook Nederlandse pensioenfondsen een groter deel van hun beleggingsmix zullen willen alloceren naar bedrijfskredieten. Europa kent geen uniform systeem kredietbeoordeling door verzekeraars. Europese verzekeraars richten via hun vermogensbeheerders fondsen op waar ook derden in kunnen beleggen. Op die manier ontstaan schaalvoordelen omdat de vaak tijdrovende kredietbeoordeling van bedrijven beter wordt benut en toegankelijk gemaakt voor een grotere groep beleggers. Zo groeit een bredere pool van kredietaanbod. Dat betekent dat bedrijven minder afhankelijk worden van het bancaire kanaal, omdat naast het bankkanaal ook een 'marktkanaal' open komt te staan. Deze markt voor onderhandse leningen vergt wel een andere rol voor banken. Zij zullen optreden als bemiddelaar tussen het bedrijf dat een krediet vraagt, en de belegger die zorgt voor de financiering. Ook ontstaan mogelijkheden voor gezamenlijke financiering , zogeheten harmonicaconstructies waarbij de banken het kortetermijngedeelte van de lening verstrekken en beleggers juist de latere jaren van de financiering voor hun rekening nemen. Dit zijn innovaties, en vergen andere rollen en patronen binnen het bancair bedrijf. De ontwikkeling van de Europese onderhandseleningenmarkt is daarom niet van vandaag op morgen afgerond, maar een langjarig project waarvan het grote voordeel onmiskenbaar een bredere en gevarieerde financieringsmogelijkheid van bedrijfsleningen is. ^  Inhoud Prijsoorlog luxe goederen? - Evaluatie a.d.h.v. Pictet-Premium Brands Fund Bron: Morningstar Een prijsoorlog in de wereld van luxe handtassen, horloges en juwelen. Niet dat de fabrikanten van exclusieve spullen bewust onder elkaars prijzen duiken, het overkomt ze. Oorzaak is de zwakke euro en de sterkere Amerikaanse dollar en Zwitserse franc. Volgens marktonderzoeksbureau Sanford C. Bernstein is de kloof tussen prijzen voor luxegoederen in Europa en China het breedst in drie jaar. Het loont voor Chinezen om in Europa te gaan shoppen.  Maar fabrikanten van luxegoederen willen graag controle houden over waar consumenten hun geld aan hun spullen besteden en staan voor de lastige keus om hun prijzen in Europa te verhogen en in dollar-landen (waaronder veel Aziatische landen) te verlagen. Maar prijsstabiliteit is juist een belangrijke eigenschap van luxegoederen en schommelingen in de prijs tast de merkwaarde en exclusiviteit aan. Elke nadeel heeft overigens zijn voordeel en voor Europese fabrikanten is de buitenlandse (dollar)omzet hoger als deze wordt omgerekend in euro. De valutagolf is één van de problemen waarmee fabrikanten van luxegoederen kampen. Het andere probleem is de teruglopende vraag in met name China. Dat is het resultaat van het anti-corruptiebeleid van president Xi Jinping waardoor er minder exclusieve cadeaus aan hoogwaardigheidsbekleders worden gegeven. Ook de tragere groei van de Chinese economie zet de vraag naar luxegoederen onder druk. Aantrekkelijke belegging Maarten van der Pas Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux Maarten heeft Nederlandse taal en letterkunde gestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmengen. Heeft daarna op diverse redacties gewerkt en momenteel is hij werkzaam als Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux. Ook is Maarten auteur van het boek:  'Saab over de kop. De nederlaag van Victor Muller' Ondanks de genoemde tegenwind kunnen fabrikanten van luxegoederen een aantrekkelijke belegging zijn. Ze maken gewilde producten waarvoor consumenten bereid zijn om - meer - te betalen. Hun prijsmacht is groot en dat leidt tot hoge en stabiele winstmarges. Hun sterke merken zijn wereldwijd bekend en staan voor exclusiviteit en status. De klantloyaliteit is hoog. Ondernemingen als Burberry, Cie Financière Richemont, Hermès, L Brands, LVMH, Prada, Swatch en Tiffany hebben daarom volgens de aandelenanalisten van Morningstar een ‘wide moat’, wat betekent dat ze beschikken over een groot concurrentievoordeel. De genoemde problemen zijn voor de analisten van Morningstar, langetermijnbeleggers als ze zijn, vooralsnog geen reden om hun waardering van het concurrentievoordeel van deze ondernemingen te verlagen. Zo boekte Hèrmes goede eerstekwartaalcijfers, is de merken- en productportefeuille van LVMH groot genoeg om tegenvallende verkopen in China elders in de wereld te compenseren en sorteert Burberry zich met zijn huidige investeringen goed voor voor de toekomst, zelfs als de groei nu vertraagt. En veel luxemerken bestaan al decennia en sommige zelfs al een eeuw en hebben al het nodige meegemaakt. Overigens zijn sterke merken niet alleen onder luxegoederen te vinden. Bijvoorbeeld een bedrijf als Unilever maakt producten voor alledag (defensieve consumptiegoederen) en beschikt met onder meer Knorr, Dove, Hellmans, Tresemmé, Lipton en Cif ook over sterke merken. Onderlinge verschillen Voor beleggers die willen inspelen op de kracht van en vraag naar luxemerken en sterke merken zijn er behoorlijk wat beleggingsfondsen beschikbaar (zie tabel onderaan dit artikel). Zoals hun naam al aangeeft richten ze zich op ‘luxury brands’, ‘premium brands’ of ‘solid brands’. Andere fondsen benadrukken met ‘Asia consumer’ en ‘emerging consumer’ in hun naam de werelddelen waar de welvaart stijgt en de vraag naar luxe goederen toeneemt. Een belegger moet zich echter niet laten verblinden door de schitterende namen, want een analyse van de top posities van vier beleggingsfondsen in deze categorie leert dat ze het thema heel anders invullen. Er is gekozen voor 4 beleggingsfondsen met een Morningstar een Analyst Rating: Pictet-Premium Brands, NN Luxury Consumer Goods Fund, Robeco Global Consumer Trends Equities en Julius Bär - Luxury Brands Fund (zie tabel). Beheerder Jeff Meys van NN Luxury Consumer Goods Fund hanteert een wel heel vrije interpretatie van het begrip ‘luxe consumentengoederen’. De naam van zijn fonds suggereert dat het belegt in fabrikanten van luxegoederen, maar een blik op de top 10 van zijn portefeuille laat zien dat dat niet het geval is. McDonald’s en Yum! Brands (uitbater van onder meer KFC en Pizza Hut) zijn toch allesbehalve luxe te noemen en Renault legt het wat betreft ‘premium status’ af tegen BMW. Ook bevat het fonds enkele media- en entertainment bedrijven zoals Time Warner en Viacom. Meys lijkt een voorkeur te hebben voor bedrijven boven maar ook onder in de markt. NN Luxury Consumer Goods Fund is door de analisten van Morningstar ‘Under Review’ gezet vanwege een reorganisatie bij NN Investment partners. De vermogensbeheerder voert bij 15 sector- en regiofondsen, waaronder NN Luxury Consumer Goods Fund – veranderingen in het beheerteam en beleggingsproces door. Het fonds had een Analyst Rating Neutral. Robeco Consumer Trends Equities richt zich juist op trends onder consumenten en niet specifiek op luxemerken. Sterke merken is wel de belangrijkste pijler onder het beleggingsproces van het fonds naast de digitale consument en de opkomende consument. In mindere mate is voeding en gezondheid een thema. Dit verklaart de sterke aanwezigheid van de technologiesector in de portefeuille van het beleggingsfonds in vergelijking met de andere fondsen. Robeco Consumer Trends Equities onderscheidt zich van vergelijkbare fondsen met een minder scherp omlijnt mandaat en is het breedst georiënteerd. Pictet-Premium Brands en Julius Bär – Luxury Brands Fund sluiten op basis van de top 10 grootste posities in hun portefeuille nog het beste aan bij het thema luxe goederen. Toch zijn er verderop in de portefeuille wel degelijk verschillen tussen de fondsen te vinden. De beheerders van Pictet – Caroline Reyl, Laurent Belloni en Alice de Lamaze – hanteren ook subthema’s die verdergaan dan luxegoederen zoals toerisme. De portefeuille van het fonds telt ook enkele hotelketens en casino’s. Het verschil in beleggingsstijl tussen deze 4 fondsen uit zich ook in de kapitalisatie van de aandelen waarin wordt belegd. De fondsen van Pictet en Julius Bär schrikken er niet voor terug om ook in mid- en small-cap aandelen te beleggen met respectievelijk 37 en 30,5 procent middelgrote en kleine aandelen. Veel meer dan de fondsen van NN (voornamelijk large-caps) en Robeco (minder small- en mid-caps). Waardevolle optie Pictet-Premium Brands handhaafde recent zijn Morningstar Analyst Rating Bronze (overigens Robeco Consumer Trends Equities ook, maar dat fonds figureerde al eens in deze rubriek) . De analisten van Morningstar vinden Pictet-Premium Brands een waardevolle optie voor beleggers die blootstelling zoeken aan de niche van luxemerken en sterke merken. Het fonds heeft een ervaren beheerteam met Caroline Reyl (foto) aan het hoofd. Zij leidt Pictet-Premium Brands al sinds oprichting in 2005 en heeft meer dan 20 jaar ervaring in de sector. Reyl en haar team hanteren een duidelijke en gedisciplineerd beleggingsproces die beleggers door de tijd heen solide rendementen heeft opgeleverd. Externe specialisten worden geraadpleegd om langetermijntrends op de markt voor luxegoederen te identificeren. De fondsmanagers passen een fundamentele analyse toe om ondernemingen te vinden met aantrekkelijke kerncijfers, lage koersvolatiliteit en grote raakvlakken met het thema. Vanaf zijn oprichting 10 jaar geleden tot en met maart 2015 heeft Pictet-Premium Brands wezenlijk beter gepresteerd dan de Morningstar-categorie ‘Aandelen sector consumentengoederen en diensten’ waarin het met vergelijkbare beleggingsfondsen is opgenomen. Ook ten opzichte van vergelijkbare fondsen met een focus op premium merken heeft het fonds sterke resultaten neergezet en het blijft ook aanzienlijk voor op de bredere aandelenmarkt. Maar beleggers moeten zich er wel van bewust zijn dat de aanpak van de beheerders kan leiden tot periodes met benedengemiddeld rendement zoals in de neergaande markten van 2011 en 2014.   Uitgebreide toelichting Beheerteam Pictet-Premium Brands staat onder leiding van een portefeuillebeheerteam van 3 managers. Die zijn ook lid van de sectie sector- en themafondsen bij Pictet Asset Management (PAM). Caroline Reyl is hoofdbeheerder en Laurent Belloni en Alice de Lamaze zijn co-beheerders. Reyl begon in 2002 bij PAM en kwam van GLG Partners waar ze verantwoordelijk was voor twee long-only beleggingsfondsen in Europese aandelen. Ze heeft meer dan 20 jaar beleggingservaring en krijgt ruggensteun van Belloni en De Lamaze die allebei voormalige buy-side analisten zijn en meer dan 10 jaar beleggingservaring meebrengen. Elke manager is gespecialiseerd in een aantal subsectoren en dat biedt volgens Morningstar diepgaande kennis en verantwoordelijkheid. De beheerders maken gebruik van de kennis van een adviesraad die bestaat uit vier specialisten in consumentengoederen. Deze adviesraad stelt de fondsmanagers in staat om belangrijke toekomstontwikkelingen bij luxemerken en belangrijke thema’s op dit terrein beter te identificeren. Het beheerteam kan ook een beroep doen op de inzichten van PAM als geheel, analistenrapporten en een externe database. Morningstar waardeert het hoge niveau van de informatie en expertise waar de beheerders van Pictet-Premium Brands gebruik van maken. En waardeert ook het gegeven dat de beheerders in hun eigen fonds beleggen, wat blijk geeft van overtuiging van hun beleggingsstrategie en hun belangen gelijk stelt aan die van beleggers in het fonds. Fondshuis Pictet Asset Management (PAM) is de vermogensbeheertak van de Zwitserse private bank Pictet & Cie. PAM heeft een breed aanbod aan beleggingsfondsen die alle belangrijke beleggingscategorieën bestrijken en worden beheerd vanuit Genève, Zürich, Singapore en Tokyo. Aandelenmandaten zijn goed voor iets minder dan de helft van de beheerde fondsen. Per eind maart 2014 hadden de meer dan honderd beleggingsfondsen EUR 109 miljard onder beheer. PAM maakt soms gebruik van externe beleggingsadviseurs. Morningstar vindt PAM vooral sterk in obligaties uit opkomende markten en aan de aandelenkant in diverse sectorfondsen en fondsen in Zwitserse aandelen. De vergoedingen van de aandelenklassen van de fondsen voor particuliere beleggers zijn over het algemeen gemiddeld tot bovengemiddeld. De variabele beloning van de beheerteams komt voor 60 procent van behaald rendement (alfa, rendement ten opzichte van vergelijkbare fondsen en de benchmark) en voor 40 procent van kwalitatieve factoren. Bonussen worden soms uitgesteld en gebaseerd op periodes van 1 en 3 jaar. Dat versterkt de langetermijnhorizon van de fondsmanagers. Het beleid van PAM rond het informeren van beleggers is goed. Gedetailleerde maandelijkse rapportages verklaren de posities in de fondsportefeuilles en de belangrijke drijvende krachten van het rendement. Beleggingsproces Het beleggingsproces van Pictet-Premium Brands is voornamelijk gestoeld op bottom-up aandelenselectie met een thematische laag. Trends zoals de groeiende vraag naar luxe producten in opkomende landen en meer toerisme van en naar opkomende landen worden onderkend en lijken een langetermijntrend. Deze benadering leidt tot beleggingen in premium merken die in elk segment van de consumentenmarkt zijn te vinden. Ondernemingen die geen betekenisvolle blootstelling hebben aan dit thema worden met behulp van een kwantitatieve toets uit het belegbaar universum verwijderd. In dit stadium worden aandelen op basis van vijf criteria getoetst: prijsmacht, merkpositionering, klantloyaliteit, onderscheidende producten en marktkennis en distributiekanalen bij de producent. Als interessante aandelen zijn gevonden dan volgt een diepgaande fundamentele analyse op basis van waarderingscriteria als Holt CFROI (Cash Flow Return on Investment), koers/winst en ondernemingswaarde/EBITDA (bedrijfsresultaat). Andere factoren die de beheerders meenemen zijn de ervaring en kwaliteit van het management van de onderneming, landenrisico en margedruk door de sector en productlevenscyclus. De focus is gericht op het identificeren van de meest aantrekkelijk gewaardeerde ondernemingen van de hoogste kwaliteit. De portefeuille van Pictet-Premium Brands bevat gewoonlijk tussen de 30 en 50 aandelen. Pictet-Premium Brands bevindt zich in de Morningstar Style Box in de positie ‘large-cap aandelen met een neiging naar groeiaandelen' vanwege de bottom-up aandelenselectie. Het beheerteam doet geen beroep op macro-economische cijfers en richt zich volledig op bedrijven met hoge groeivooruitzichten in het segment luxemerken. De themabenadering vertaalt zich in beleggingen die verder gaan dan de markt voor luxegoederen en voorziet het fonds van een grotere diversificatie. De beheerders zijn niet dogmatisch in het aanpak en kijken ook naar mid-cap aandelen als zich daar mogelijkheden voordoen. De blootstelling aan mid-cap aandelen van Pictet-Premium Brands is historisch dan ook groot vergeleken met andere fondsen in de Morningstar-categorie ‘Aandelen sector consumentengoederen en diensten’. Maar de gemiddelde marktkapitalisatii in de portefeuille van het fonds is gestaag toegenomen sinds 2012. Hoewel de beheerders positief blijven over de groeivooruitzichten van de sector op lange termijn, zijn ze recent voorzichtiger geworden. 2014 Was een uitdagend jaar door de economische groeivertraging in opkomende markten en door valuta-ontwikkelingen. Tegen deze achergrond positioneerden de fondsmanagers de portefeuille van Pictet-Premium Brands richting meer defensieve segmenten van de markt. Dat blijkt uit een aanzienlijke toename van beleggingen in de subsector drank en voedinsgmiddelen terwijl de allocatie naar het luxesegment, waar de groei ingetogen was, aanzienlijk is verkleind. Tegelijkertijd blijft de blootstelling aan Aziatische aandelen klein in verhouding tot het verleden. Rendement Sinds zijn start in mei 2005 tot en met maart 2015 heeft Pictet-Premium Brands beter gepresteerd dan de MSCI World Consumer Discretionary Index en het gemiddelde van de Morningstar-categorie ‘Aandelen sector consumentengoederen en diensten’ waarin het met vergelijkbare fondsen is opgenomen. Het fonds boekte geannualiseerd respectievelijk 3,1 en 4,0 procent meer winst. Maar hierbij dient wel te worden opgemerkt, dat de index en de categorie geen goede vergelijkingsmaatstaven zijn voor de nauwere, op merken gerichte focus van Pictet-Premium Brands. In het verleden – met name in 2008 en 2011 - leidden de relatief grote blootstelling aan Aziatische aandelen en de bereidheid van fondsmanager Caroline Reyl om op de marktkapitalisatieladder af te dalen naar mid- en small-caps tot benedengemiddeld rendement. De blootstelling van Pictet-Premium Brands aan bepaalde subsectoren was in zowel absolute als relatieve zin gerechtvaardigd in 2012 en 2013 maar onderpresteerde in de dalende markt van 2014. 2014 Was een lastig jaar voor luxemerkenaandelen door de economische groeivertraging in vooral China en ongunstige wisselkoersontwikkelingen. Pictet-Premium Brands leed onder zijn beleggingen in de luxesector en vooral zijn positie in Swatch. De blootstelling aan deze subsector is verkleind ten gunste van beleggingen in meer defensieve consumentengoederen als drank en voedingsmiddelen waar de fondsbeheerders meer opwaartse ontwikkelingen zien. Dit jaar tot en met maart blijft Pictet-Premium Brands achter bij het gemiddelde rendement van zijn categorie. De beleggingen in luxe- en cosmeticabedrijven als Vince en Elizabeth Arden pakten deels nadelig uit. Kosten De lopende kosten van Pictet-Premium Brands is bovengemiddeld ten opzichte van andere beleggingsfondsen in de Morningstar-categorie ‘Aandelen sector consumentengoederen en diensten’. Bekijk ook deze beleggingsfondsen die beleggen in luxemerken en/of zich focussen op de groeiende vraag naar luxegoederen in opkomende landen. Bron: http://www.morningstar.nl/ Lees verder: fondsanalyse over Pictet-Premium Brands. ^  Inhoud Telefoonabonnement met ‘gratis’ toestel blijft lening Bron: Afm Een telefoonabonnement met een ‘gratis’ toestel blijft een lening en de verstrekking ervan moet daarom aan de regels voor kredietverschaffing voldoen. Dit heeft minister Dijsselbloem besloten naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad die oordeelde dat deze regels ook gelden bij het afsluiten van een telefoonabonnement. Een ‘gratis’ mobiele telefoon bij een telefoonabonnement wordt feitelijk afbetaald gedurende de looptijd van het abonnement. De Hoge Raad heeft op 13 juni 2014 al geoordeeld dat zo’n abonnement een (goederen)krediet is en dat de Wet op het financieel toezicht (Wft) hierop van toepassing is. Deze wet geldt bijvoorbeeld ook voor banken, (web)winkels en autodealers die uitgestelde betaling aanbieden bij de verkoop van goederen. Telecomproviders, VNO-NCW en MKB-Nederland verzochten na het arrest om een uitzondering voor de telecomsector. Minister Dijsselbloem heeft de Tweede Kamer op 1 juli 2015 laten weten dat hij een aanpassing van de wet niet wenselijk en niet te rechtvaardigen vindt. Veel mensen kampen met problematische schulden, omdat zij te veel geld lenen. Kredietregels toepassen op telefoonabonnementen levert volgens de minister een waardevolle bijdrage aan de aanpak van de schuldenproblematiek. Bovendien dwingt het de sector tot meer transparantie over wat zij aanbiedt. Volgens de minister zijn er voldoende mogelijkheden voor de telecomsector om op proportionele wijze de eisen van de kredietregels uit te voeren. Door het besluit van de minister zullen telefoonaanbieders consumenten moeten informeren over de kredietvoorwaarden. Zo moet een overzicht worden verstrekt van het rentepercentage en zal een kredietwaarschuwing moeten worden opgenomen (‘Let op, geld lenen kost geld.’). De kredietaanbieder moet daarnaast toetsen of de consument de bijkomende maandelijkse lasten wel kan dragen. Ook wordt het verleende krediet, als het hoger is dan €250,-, geregistreerd bij het Bureau Kredietregistratie (BKR), zodat de lening bekend is bij andere kredietverschaffers.  Consumenten moeten de mogelijkheid krijgen om geschillen over het voor het toestel verleende krediet voor te leggen aan het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD). Uitspraken over geschillen over kredietovereenkomsten zijn bindend voor aangesloten partijen. Lees verder: Lees de de kamerbrief op de website van Rijksoverheid.                  : over Kabinetsplannen en maatregelen Hervorming financiele sector ^  Inhoud Waarschuwing tegen risico’s van algoritmische handel Bron: DNB Een groep van tien Europese prudentiële toezichthouders en de ECB waarschuwt voor mogelijk onvoldoende beheerste risico’s rond Algorithmic Trading. Cijfers De Senior Supervisors Group (SSG) heeft een Note uitgebracht over Algorithmic Trading: handel op basis van computeralgoritmes. Denk daarbij bijvoorbeeld aan High Frequency Trading. Met deze handel kunnen financiële instellingen zeer grote (intraday) posities opbouwen. En dat zonder enige menselijke interventie. In deze handel proberen de instellingen minieme prijsverschillen tussen soortgelijke producten en markten te benutten. De laatste jaren is Algorithmic Trading sterk in opmars. Op sommige markten is deze handel inmiddels goed voor het merendeel van het totaal verhandelde volume. Waarschuwing De SSG waarschuwt dat de risico’s van Algorithmic Trading mogelijk onvoldoende beheerst worden, mede gezien de snelle ontwikkelingen. De Briefing Note geeft een overzicht van de grootste risico’s en de belangrijkste beheersingsprincipes. Ook biedt het een set concrete vragen, aan de hand waarvan instellingen en toezichthouders kunnen beoordelen of de risicobeheersing voldoende op orde is. Met deze notitie wil de SSG een bijdrage leveren aan de discussies en de beheersing van de risico’s rond Algorithmic Trading. SSG De Senior Supervisors Group is een samenwerkingsverband tussen de prudentiële bankentoezichthouders van tien landen en de Europese Centrale Bank. Deze landen zijn: de Verenigde Staten, Canada, Japan, Verenigd Koninkrijk, Zwitserland, Duitsland, Frankrijk, Spanje, Italië en Nederland. DNB vertegenwoordigt Nederland in de SSG. Ref:  De Algorithmic Trading Briefing Note vindt u hier (pdf Engelstalig 940kB). ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. ^  Inhoud

5 juli 2015

...

Nieuwsbrief20150601

.. Juni 2015 Value investing versus innovatie... De werkelijke kosten van een ETF Effecten van een lagere LTV-limiet Monetaire en financiële statistieken Nederland Koersgevoelige informatie Private lease: waar moet je op letten? Overheid mag eigen problemen niet afschuiven op filantropen Aktief zijn binnen onze vereniging! .. Zet alvast in uw agenda: 10 oktober 2015 65 ste HCC Beleggen Symposium   Value investing versus innovatie... Bron: Ben van den Anker Value investing is bekend geworden door Warren Buffet en zijn leermeester Benjamin Graham. Graham’s werken ‘Security analysis’’ en ‘The intelligent investor” zijn weliswaar gedateerd (1934, 1949) maar behoren nog steeds tot de klassiekers die iedere value investor wel gelezen moet hebben. Het ‘margin of safety’ principe is de basis van value investing. Hiermee wordt bedoeld dat de onderliggende waarde met een korting op de intrinsieke waarde aangeschaft wordt. De koers / boekwaarde, of soms als eigen vermogen / aandeel omschreven, bepaalt de veiligheidsmarge. De koers / boekwaarde ligt bij value - of waarde aandelen onder de 1. Wie wil er nu geen euro kopen voor bijvoorbeeld 60 cent? Puristen geloven dat de koers uiteindelijk naar de intrinsieke waarde zal toegroeien, waarmee de investeerder zijn rendement behaalt. Een copycat van Warren Buffet als bijvoorbeeld Mohnisch Pabrai hanteert hierbij de 0.8 als bovengrens om gestegen aandelen weer van de hand te doen en goedkopere aandelen aan te schaffen1. Essentieel hierbij is dat deze ‘buy & hold’ strategy ervan uitgaat dat het bedrijf competitief voordeel bezit om earnings over de lange termijn  te doen groeien. De K / B is als momentopname dus niet voldoende om rendement te behalen, het vermogen toekomstige earnings te realiseren is daarentegen wel bepalend voor de waardeontwikkeling van het bedrijf. Er is dan iets voor te zeggen dat het investeren in lage boekwaarde, laag groeipercentage en laag rendement op vermogen misschien niet verstandig is. Er bestaat tenslotte een reden voor het gegeven dat het aandeel lager dan de boekwaarde noteert. Buy & hold strategieën voor value aandelen lonen dus enkel als er zicht op groei van onderliggende waarden bestaat. Het cyclische karakter van veel sectoren kan hierbij richtinggevend voor toekomstige ontwikkelingen zijn. Naast toekomstige cashflow zal het ratio vreemd / eigen vermogen ook bepalend zijn voor de levensvatbaarheid van het bedrijf. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negenjarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Value investors gaan hierbij regelmatig voorbij aan aandelen die ver boven de boekwaarde noteren, maar wel degelijk groeipotentieel bezitten. Een aantal sectoren bevinden zich traditioneel relatief laag in de K /B verhouding ( bijv. banksector), maar sectoren als Health care hebben een hoge K /B verhouding en de laatste jaren hoge rendementen behaald. Deze bedrijven hebben per definitie een lage kwaliteit earnings met weinig voorspellende waarde voor de toekomst. Een biotechnology bedrijf kan voor het succes afhankelijk zijn van de ontwikkeling van een bepaald medicijn. De huidige earnings zijn dan als het ware irrelevant voor toekomstige ontwikkelingen. Naast de focus op earnings volgt een andere school van value investors bedrijven waarmee het om de een of andere reden niet goed gaat. Zij kopen bijvoorbeeld de grootste verliezers op de beurs in de verwachting dat de beleggers overdrijven in hun reactie. Een vliegtuigongeluk zorgt ervoor dat de koers van Lufthansa onderuit gaat. Een afgewezen bod op een biotechnology bedrijf (omdat het management het geboden bedrag onvoldoende vindt) zorgt voor een lagere koers van dat bedrijf. Wacht even…, omdat management het bedrijf meer waard vindt straffen beleggers het bedrijf af… Hier zit iets onlogisch in waar ‘contrarians’ hun voordeel mee kunnen behalen. Centraal staat dus het verschil tussen prijs en waarde. Het loont hierbij niet enkel de ‘oude school’ te volgen, maar ook innovatieve bedrijven te onderzoeken die waarde creëren voor prijzen die weliswaar afwijken van conventionele K/B verhoudingen, maar sterke groei en waardeontwikkeling kunnen creëren in de toekomst. Dit herkennen van ‘fair value’ gaat nadrukkelijk voorbij aan de intrinsieke waarde van het moment. In die zin is de parallel met innovatie, dat zich ook verder ontwikkelt dan de praktijk van alledag, duidelijk aanwezig… 1) Het navolgen van bekende beleggers is inmiddels door gurufocus.com geïnstitutionaliseerd en beleggers kunnen voor een relatief laag bedrag meeliften op successen van ‘guru’s. .. ^  Inhoud De werkelijke kosten van een ETF Bron: Jeffrey Schumacher, Morningstar Door hun lage kosten zijn ETFs geliefd onder beleggers. Maar zijn ETFs wel zo goedkoop als veel beleggers denken? Morningstar analyseert alle kosten en opbrengsten van een ETF om zo tot het totale kostenplaatje te komen. “Lage kosten hoofdreden voor particulieren om in indexproducten te beleggen”. Dat was de kop van een gezamenlijk persbericht van ETF-aanbieders iShares en Think ETFs over de resultaten van een onderzoek onder bijna duizend beleggers. Van deze door TNS NIPO in ondervraagde beleggers gaf 42 procent aan dat zij de lage beheerkosten het meest positieve aspect van indexbeleggen vindt. De vraag is echter of de beheerkosten een goede afspiegeling vormen van de werkelijke kosten van een ETF en of ETFs wel zo goedkoop zijn als veel beleggers denken. Prijsverschillen Een ETF beschikt over een aantal aantrekkelijke eigenschappen. Eén daarvan is de lage lopende kosten. Omdat een ETF simpelweg tracht een onderliggende index zo goed als mogelijk te volgen, is er geen dure fondsbeheerder met analistenteam nodig om een actieve portefeuille samen te stellen waarmee de index mogelijk verslagen kan worden. In geval van volledige fysieke replicatie belegt het ETF in dezelfde namen als de index, waarbij de effecten ook dezelfde weging hebben als in die index. Een simpele kopie dus. Die eenvoud spaart kosten uit en dat zien beleggers terug in de lage lopende kosten van een ETF. Zo bedragen de lopende kosten van de iShares Core S&P 500 ETF, die belegt in grote Amerikaanse aandelen uit de S&P 500 Index, 0,07 procent. Daarentegen komt de kostenmediaan voor actief beheerde beleggingsfondsen in de Morningstar-categorie ‘Aandelen Amerika large-cap gemengd’ uit op 1,04 procent. De mediaan voor lopende kosten van actieve fondsen ligt dus bijna 15 keer zo hoog als die van de iShares-ETF. Aan het lage prijskaartje van 7 basispunten zit alleen wel de restrictie dat beleggers de ontvangen dividenden niet uitgekeerd krijgen. Deze worden geherinvesteerd in het belegingsfonds. Beleggers die wel het dividend uitgekeerd willen krijgen kunnen opteren voor de iShares S&P 500 Dist ETF. Maar daar betalen ze wel bijna zes keer zo veel voor, want iShares brengt voor deze dienst 40 basispunten in rekening. Dit is iets waar de op kosten gerichte passieve belegger zich wel bewust van dient te zijn. Een vergelijkbare casus kan zich voordoen bij het vestigingsland of domicilie van een ETF. Wanneer een belegger in Europese aandelen wil beleggen, dan kan hij daarvoor de iShares STOXX Europe 50 ETF aanschaffen. Dit fonds is gehuisvest in Ierland en in Duitsland. De Ierse variant wordt aan verschillende beurzen in Europa verhandeld, waaronder Amsterdam, en kost 0,35 procent. De Duitse variant die aan de Zwitserse beurs in Zurich wordt verhandeld kost daarentegen 0,51 procent. De oorzaak zit hem onder andere in verschillen tussen de belastingregimes in Ierland en Duitsland. Specialisatie is kostbaar Wanneer het ETF-landschap verder wordt onderzocht op kosten, dan wordt duidelijk dat niet alle ETFs voor een paar basispunten over de toonbank gaan. Grote aanbieders zoals iShares, db-x trackers en Lyxor kunnen hun ETFs die de bekende indices volgen tegen minimale kosten aanbieden. Maar des te complexer of specialistischer een ETF wordt, des te hoger het prijskaartje. Het assortiment van db-x trackers op de S&P 500 index geeft dit goed weer. De recht-toe-recht-aan ETF op de S&P 500 kost 0,20 procent. Een gelijkgewogen variant kost 10 basispunten meer. Short gaan kan tegen 50 basispunten, terwijl beleggen met een hefboom van factor 2 kan voor 0,60 procent voor een long-ETF en 0,70 procent voor een short-ETF (zie tabel). Hoe meer toeters en bellen, hoe duurder het ETF. Hetzelfde geldt voor ETFs op nichemarkten zoals opkomende markten of grondstoffen, die vanwege hun specifieke focus een beduidend hoger prijskaartje hebben waardoor het relatieve verschil in kosten met actief beheerde beleggingsfondsen kleiner is dan bij de kerncategorieën. Indexrendement minus kosten =/= ETF rendement Het rendement van een ETF is simpel te berekenen. In theorie staat dit gelijk aan het rendement van de index minus de lopende kosten. De praktijk wijst echter anders uit. Net als bij actieve fondsen zijn namelijk niet alle kosten verwerkt in de lopende kosten van een ETF. Er zijn meerdere factoren naast de lopende kosten die invloed hebben op het rendement van een ETF en die dus het uiteindelijke verschil in rendement bepalen tussen een ETF en de index die wordt gevolgd. Hierdoor kan een ETF minder rendement behalen dan het indexrendement minus de lopende kosten, maar er zijn ook ETFs die – wellicht verbazingwekkend – na kosten beter presteren dan hun onderliggende index. Het absolute verschil tussen het rendement van de ETF en het rendement van de benchmark wordt tracking difference genoemd. Deze tracking difference is dus in de meeste gevallen negatief, wat betekent dat de ETF een lager rendement dan de benchmark boekt. Er zijn echter diverse factoren die de hoogte van de tracking difference zowel positief als negatief beïnvloeden. Tracking Difference De belangrijkste negatieve factor zijn de lopende kosten. Deze gaan direct ten laste van het rendement. Wanneer er geen andere factoren zijn die het rendement van een ETF beïnvloeden, dan zou dat rendement gelijk staan aan het rendement van de index minus de lopende kosten. Voor een synthetische ETF komen daar nog de kosten voor de swap bij. Waar een ETF met fysieke replicatie belegt in alle effecten van de index (of in een deel daarvan) sluit een ETF met synthetische replicatie een swap overeenkomst met één of meerdere tegenpartijen om het rendement van de index te leveren. Tegenover de swap kosten staat dat een synthetische ETF vaak beter in staat is om de index te volgen dan een fysieke ETF. Onderoek van Morningstar definieert daarnaast nog andere factoren die de tracking difference beïnvloeden: Jeffrey Schumacher CFA, Senior Fondsanalist bij Morningstar Benelux na zijn opleiding aan de VU Amsterdam en het behalen van het certificaat Chartered Financial Analyst (CFA) aan het CFA Institute is hij vanaf juni 2011 als Senior Fund Analyst werkzaam bij Morningstar. Daavoor  was hij van 2006 tot 2009 werkzaam bij Theodoor Gilissen Bankiers als Equity/Commodity Analyst en aansluitend tot juni 2011 werkzaam als Vermogensbeheerder Services / Fund Trading bij SNS Securities. Transactie- en herbalanceringskosten Deze kostenpost komt voor bij ETFs die fysieke replicatie toepassen en zijn het gevolg van mutaties in de onderliggende index. Voor aankopen van effecten in het Verenigd Koninkrijk moet daarnaast belasting (stamp duty) worden betaald, wat ook impact heeft op de tracking difference. Kasgeld Een ETF kan in bepaalde perioden kasgeld aanhouden als gevolg van het herbalanceringsproces wanneer er verschil zit in de tijd waarin de ene positie wordt afgebouwd en de andere positie wordt opgebouwd. Ook het distributiebeleid met betrekking tot dividenden of coupons heeft invloed wanneer de ETF deze uitkeringen ontvangt, maar niet direct doorgeeft aan beleggers. Herinvesteringsaannames Verschillen in herinvesteringsaannames tussen de index en de ETF kunnen invloed hebben op de tracking difference. De index kan er bijvoorbeeld vanuit gaan dat dividenden direct geïnvesteerd worden op de ex-dividend datum, terwijl de ETF moet wachten totdat het dividend daadwerkelijk is uitbetaald voordat het kan herinvesteren. Dividendbelasting Verschillen in aannames met betrekking tot de hoogte en de mate van terugvorderbaarheid van dividendbelasting tussen de index en de ETF kan de tracking difference beïnvloeden. Securities lending Fysieke ETFs kunnen extra rendement behalen door (een deel) van hun effecten in de portefeuille uit te lenen tegen een vergoeding. Hier komt echter in de vorm van tegenpartijrisico wel een extra bron van risico bij kijken. Replicatie-methode ETFs die volledige fysieke replicatie toepassen kunnen het rendement van hun benchmark doorgaans beter benaderen dan de ETFs die via optimized sampling in een selecte groep indexnamen belegt en hierbij de kleinste, minst liquide indexnamen uitsluit. Optimized sampling kan kostenbesparend werken, maar het heeft ook invloed op de tracking difference. De tabel geeft een overzicht weer van de effecten van de genoemde factoren op de tracking difference van ETFs. Tracking difference in de praktijk Onderstaande tabel geeft een overzicht van de prestaties over 2014 van ETFs die de MSCI Emerging Markets Index volgen. De tracking difference is voor alle ETFs – zoals verwacht – negatief. De ETFs zijn dus achter gebleven bij hun benchmark. Voor alle ETFs geldt echter dat de gerealiseerde tracking difference groter is dan de lopende kosten van het product, wat dus laat zien dat de andere factoren die hierop van invloed zijn per saldo negatief hebben uitgepakt voor de belegger in deze ETFs. Het rendement van een ETF staat dus niet gelijk aan het rendement van de index minus de lopende kosten van de ETF. Dat tracking difference niet altijd negatief hoeft te zijn wordt bewezen door een aantal ETFs die de Euro Stoxx 50 Index volgen. Het is dus mogelijk: beter presteren dan de benchmark via een passieve belegging als gevolg van de genoemde positieve effecten van onder andere securities lending en dividendbelasting. De volgende tabel geeft een overzicht van de prestaties over 2014 van ETFs die de Euro Stoxx 50 Index als benchmark hanteren. (Klik op de tabel voor groter formaat) Uit de hiervoor beschreven situaties wordt duidelijk dat de lopende kosten niet het hele verhaal vertellen als het gaat om het verschil in prestaties tussen de ETF en de benchmark. In een zeldzaam geval pakt het positief uit, zoals bij de Euro Stoxx 50 ETFs, maar in veel gevallen is de tracking difference hoger dan alleen de lopende kosten. De tabel voor opkomende markten- ETFs laat zien, dat de werkelijke wijking van het rendement bij deze onderzochte ETFs kan oplopen tot een factor 3 van de gerapporteerde lopende kosten. Spread De tracking difference houdt rekening met veel factoren die het verschil in rendement tussen de ETF en de benchmark verklaren, maar er is nog een andere kostenfactor waar ETF-beleggers rekening mee moeten houden. Een voordeel van een ETF ten opzichte van een indexfonds en de meeste actieve fondsen is de liquiditeit. Doordat een ETF beursgenoteerd is, kan een belegger op ieder moment van de handelsdag het product kopen of verkopen. Dit voordeel komt echter ook met een additionele kostenfactor: de spread. Vanwege de beursnotering heeft het handelen in een ETF veel gelijkenis met het handelen in aandelen. Dat betekent ook dat er sprake is van een bied- en laat prijs. In tegenstelling tot indexfondsen en veel actieve fondsen kan een belegger dus niet aan- of verkopen tegen de werkelijke onderliggende waarde van de ETF, maar wordt er een opslag of afslag gehanteerd ten opzichte van de werkelijke onderliggende waarde (Net Asset Value of NAV). Een belegger koopt de ETF voor de laat-prijs (NAV plus opslag) en verkoopt tegen de bied-prijs (NAV minus afslag). Dit vormt dus een extra kostenpost voor ETF-beleggers. Voor veel ETFs die een index volgen die bestaat uit veel liquide effecten zal de spread slechts enkele basispunten bedragen. Zo is de spread voor de Vanguard S&P 500 ETF 0,01 procent. Voor ETFs die in minder liquide markten beleggen kan die spread echter duidelijk hoger uitvallen. Voor de iShares Stoxx Select Europe Dividend 30 ETF bedraagt de spread 0,12 procent, maar voor een small-cap ETF als de iShares STOXX Europe Small 200 bedraagt de spread al 0,23 procent en voor de iShares MSCI Emerging Markets ETF zelfs 0,44 procent. Er kan echter ook een duidelijk verschil in spread zitten tussen ETFs die dezelfde index volgen. De onderstaande tabel geeft dit weer voor de emerging market ETFs. Werkelijke kosten ETFs vormen onder andere vanuit kostenperspectief een aantrekkelijke optie voor beleggers. Dit betekent echter niet dat beleggers er vanuit kunnen gaan dat het rendement van een ETF gelijk staat aan het rendement van de gevolgde index minus de lopende kosten. Net als bij actief beheerde beleggingsfondsen zijn er meerdere kosten en opbrengsten die niet worden meegenomen in de lopende kosten, maar weldegelijk invloed hebben op het totale kostenplaatje. Beleggers die overwegen om een ETF aan te schaffen doen er daarom goed aan zich een beeld te vormen van de werkelijke kosten van de ETF. ^  Inhoud Effecten van een lagere LTV-limiet Bron: DNB Een lagere Loan-to-Value (LTV)-limiet voor woninghypotheken vergroot de financiële weerbaarheid van met name jonge huiseigenaren, zorgt voor een stabielere huizenmarkt en economie, en maakt de marktfinanciering van banken minder kwetsbaar. Hierdoor wordt definanciële stabiliteit versterkt. Bij een lagere LTV-limiet zullen starters meer moeten sparen voordat ze een eigen woning kunnen kopen. De macro-economische kosten hiervan zijn beperkt en manifesteren zich vooral in de transitiefase naar een structureel lagere LTV-limiet De LTV-limiet wordt als uitvloeisel van het kabinetsbeleid jaarlijks met 1%-punt verlaagd, van 103% nu tot 100% in 2018. Het kabinet, het IMF en de Commissie Wijffels hebben aangegeven dat een verdere verlaging na 2018 wenselijk is. Naar aanleiding hiervan en op verzoek van het Financieel Stabiliteitscomité heeft DNB in de studie “Effecten van een verdere verlaging van de LTV-limiet” de gevolgen van een stapsgewijze verlaging van de LTV-limiet naar 90% voor de financiële stabiliteit en de macro-economie in kaart gebracht. Starters minder kwetsbaar Een lagere LTV-limiet vergroot de financiële weerbaarheid van met name starters op de woningmarkt. In 2013 stond tweederde van de starters die sinds 2004 een woning hadden gekocht onder water. Indien annuïtaire aflossing en een LTV-limiet van 100% in 2004 al de norm waren geweest, zou in 2013 nog altijd bijna de helft van de starters onder water hebben gestaan. Bij een LTV-limiet van 90% zou dat 13% zijn geweest, terwijl bij een LTV-limiet van 80% geen van deze starters onder water zou hebben gestaan in 2013 (grafiek 1). Grafiek 1 - Aandeel starters onder water in 2013 bij verschillende LTV-limieten De grafiek heeft betrekking op hypotheken afgesloten die in de periode 2004-2012 zijn afgesloten door starters, en toont het aandeel van deze hypotheken dat in 2013 onderwater zou hebben gestaan bij hypothetische LTV-limieten van 100, 90 respectievelijk 80%. De huizenprijsontwikkeling is onveranderd verondersteld. Stabielere huizenmarkt en economie Een lagere LTV-limiet beperkt het risico van boom-bust cycli op de huizenmarkt. Uit internationaal onderzoek blijkt dat structureel lagere LTV-ratio’s gepaard gaan met minder volatiele huizenprijzen. Via een stabielere huizenmarkt draagt een lagere LTV-ratio bij aan beperking van het type conjuncturele schommelingen waar de Nederlandse economie in de afgelopen decennia door is getroffen. Waar sterke huizenprijsstijgingen de Nederlandse bestedingen in de jaren negentig fors hebben gestimuleerd, heeft de neergang van de woningmarkt in de periode 2008-2013 de recessie juist versterkt. Verbeterde beschikbaarheid marktfinanciering banken Lagere LTV-ratio’s beperken het kredietrisico van banken en verminderen de bancaire afhankelijkheid van marktfinanciering. Met zijn zeer hoge hypotheekschulden en LTV-ratio’s loopt Nederland internationaal gezien uit de pas. Dit vormt – vooral in tijden van stress – een risico voor de beschikbaarheid van marktfinanciering voor banken. Een LTV-limiet die meer in lijn is met omringende landen maakt marktfinanciering minder kwetsbaar. Macro-economische effecten De macro-economische kosten van een lagere LTV-limiet manifesteren zich vooral in de transitiefase. Een deel van de potentiële starters beschikt niet over het benodigde eigen vermogen en zal eerst moeten sparen voordat zij een woning kunnen kopen. Dit leidt tot minder vraag naar koopwoningen, wat ceteris paribus neerwaartse druk op de huizenprijzen en woninginvesteringen geeft. Bij een LTV-limiet van 90% is bijna 73% van de potentiële starters gerestricteerd. Naar verwachting kunnen zij, na gemiddeld bijna 3 jaar sparen, uiteindelijk vrijwel allemaal alsnog een woning kopen. Dit beperkt de gevolgen voor de woningmarkt en de macro-economie in belangrijke mate. De vraag naar koopwoningen daalt bij een LTV-limiet van 90% uiteindelijk met maximaal 190.000. Bij een stapsgewijze verlaging van de LTV-limiet komen huizenprijzen na 5 jaar 3½ à 4% en op langere termijn 4 à 5% lager uit dan bij ongewijzigd beleid. Als starters – na voldoende te hebben gespaard – met een groter budget de woningmarkt op gaan, zal de huizenprijsontwikkeling zich uiteindelijk herstellen. De extra vraag naar huurwoningen bedraagt tijdens het afbouwen van de LTV-limiet 11.000 tot 19.000 woningen per jaar. Het is op dit moment onzeker of de huurmarkt deze extra vraag kan accommoderen. Flankerend beleid kan dit vergemakkelijken. Ref:  DNB Occasional Studies: Effecten van een verdere verlaging van de LTV-limiet,    mei 2015, door Johan Verbruggen, Remco van der Molen, Steven Jonk, Jan Kakes en Willem Heeringa. Download Nederlands(pdf, 893,5kB) ^  Inhoud Monetaire en financiële statistieken Nederland Bron: http://www.statistics.dnb.nl/ Op de statestiekpagina's van De Nederlandse Bank vindt, u behalve onderstaand (dagelijks geupdated)  overzicht , een aantal  downloadable interactieve grafieken  klik hier ^  Inhoud Koersgevoelige informatie Bron: Redactie Koersgevoelige informatie is informatie die invloed kan hebben op de koers. Het is informatie die een belegger waarschijnlijk wil gebruiken om te beslissen over zijn beleggingen, maar het is verboden om koersgevoelige informatie te gebruiken die niet algemeen verkrijgbaar is. Wat wordt verstaan onder voorwetenschap? Voorwetenschap is ‘bekendheid met informatie die concreet is en die rechtstreeks of middellijk betrekking heeft op een uitgevende instelling waarop de financiële instrumenten betrekking hebben of omtrent de handel in deze financiële instrumenten, welke informatie niet openbaar is gemaakt en waarvan openbaarmaking significante invloed zou kunnen hebben op de koers van de financiële instrumenten of op de koers van daarvan afgeleide financiële instrumenten.’ In de Wet op het financieel toezicht staat op grond van artikel 1:107, lid 3, sub c, onder 2, Wft: Dat de AFM de verplichting heeft een openbaar register aan te houden voor deze persberichten. In dit register kunt u persberichten vinden van uitgevende instellingen die, zoals vermeld in artikel 5:25i lid 1 onder a Wft, met hun toestemming worden verhandeld in Nederland. Op grond van artikel 5:25 i lid 2 Wet financieel toezicht (Wft) zijn deze uitgevende instellingen verplicht koersgevoelige informatie algemeen verkrijgbaar te stellen door middel van (o.a.) een persbericht. Het verbod gebruik te maken van voorwetenschap door een transactie te verrichten of te bewerkstelligen is van toepassing op een ieder. Er bestaan echter uitzonderingen  waarbij grosso modo geldt dat de aard van de transacties geen bedreiging mag vormen voor de integriteit van de kapitaalmarkt of voor de belangen van de op die markt opererende partijen. Een uitvoerige uitleg hieromtrent is terug te vinden in de door de AFM uitgegeven publicatie "Handel met voorwetenschap" (pdf) Koersgevoelige informatie is echter geen voorwetenschap meer nadat deze algemeen beschikbaar is gemaakt. U mag er dan gerust op handelen. Wat is algemeen beschikbaar? Er is slechts één toegestane manier om informatie algemeen verkrijgbaar te stellen­: publicatie moet plaatsvinden door middel van een persbericht, dat gelijktijdig (voor zover mogelijk) wordt aangeboden via een in de markt gebruikelijke combinatie van algemene en specifieke financiële media( denk hierbij aan Bloomberg, Dow Jones of ANP/Reuters enz). Ook moet het persbericht tegelijkertijd op de eigen website worden geplaatst en naar de AFM worden gestuurd. En hier zit natuurlijk gelijk het angeltje.... hoewel dat in de praktijk reuze mee valt. Hoe snel  je die informatie vervolgens zelf krijgt is afhankelijk van jouw bron. Een abonnement bij een gerenommeerde nieuwsleverancier levert je de informatie het snelst. Diverse financiele nieuwssites (IEX, FD etc) zijn doorgaans een goede tweede. De AFM stelt deze informatie ook beschikbaar (zij hebben immers een verplichting als 'register') maar met enige (in de praktijk enkele minuten tot uren) vertraging. Wel is de Registerspagina 'Register koersgevoelige informatie' van de AFM een eenvoudig nazoekbare bron. Ref: AFM --> Alle huidige Registers --> koersgevoelige informatie Overheidsinformatie: https://www.overheid.nl/ Wet of het Financieel toezicht: http://wetten.overheid.nl/BWBR0020368/1/Hoofdstuk16/Afdeling162/Artikel1107 ^  Inhoud Private lease: waar moet je op letten? Bron: AFM Je ziet tegenwoordig steeds meer advertenties voor het privé leasen van een auto. Ook kun je bijvoorbeeld een computer of een wasmachine leasen. Maar wat is private lease eigenlijk en waar kun je als consument op letten als je overweegt een private lease aan te gaan? Wat is private lease? Private lease is te vergelijken met het huren van een product. Voor een 'vast' bedrag per maand rijd je in een gloednieuwe auto of kun je een nieuwe tv, laptop of wasmachine in gebruik nemen. Je wordt niet de eigenaar van het product en doorgaans geef je na afloop van het contract het product terug aan het leasebedrijf. Gebruik onderstaande vier tips van de AFM om onnodige risico’s te voorkomen. 1 Ga na of je de lasten van private lease kunt dragen Bij private lease ga je een contract aan voor soms wel enkele honderden euro’s per maand. Je moet dus iedere maand een deel van je inkomen afdragen om de private lease te betalen. Dat geld kun je niet meer gebruiken voor andere uitgaven zoals de hypotheek, huur, ziektekosten, alimentatie of levensbehoeften. Private lease verhoogt dus je maandelijkse vaste lasten en je houdt minder geld over voor andere (noodzakelijke) uitgaven. Als je moeilijk rond komt, kan een nieuwe maandelijkse vaste last ervoor zorgen dat je in de schulden terecht komt. 2 Kijk of tussentijds beëindigen van het contract mogelijk is en welke kosten hieraan verbonden zijn Een private lease contract ga je aan voor langere tijd. Het is bij private lease vaak niet mogelijk om tussentijds het contract te beëindigen of alleen tegen hoge kosten. Raadpleeg de aanbieder en de voorwaarden van private lease als je wilt weten of tussentijdse opzegging van het private leasecontract mogelijk is en welke kosten hieraan zijn verbonden. 3 Bereken wat je voor de private lease van het product betaalt Als je bijvoorbeeld een tv in gebruik neemt via private lease, kan het totale bedrag dat je over de hele periode voor het gebruik van deze tv uitgeeft veel hoger zijn dan de prijs van de tv in de winkel. Omdat je maandelijks betaalt, lijkt de tv ‘goedkoop’ maar de optelsom van deze maandelijkse betalingen kan aanzienlijk hoger zijn dan de aanschafprijs van de tv. 4 Onderzoek welke service is inbegrepen Private lease contracten kunnen van elkaar verschillen. Sommige contracten bieden extra service als er iets kapot gaat aan bijvoorbeeld de auto of tv die je least. Andere contracten bieden deze extra service niet. ^  Inhoud Overheid mag eigen problemen niet afschuiven op filantropen Bron: Bastiaan Zoeteman, Ted van den Bergh, Me Judice, 22 mei 2015. Buiten de aandacht van de media groeit een economie die wordt aangestuurd door filantropen. Hoe groot is dit verschijnsel? Wie trekken daarbij aan de touwtjes? Wat zijn hun intenties? Sommigen zien filantropie als een stap op weg naar een economie van het schenken. Maar is de realiteit wel zo hoogdravend? Volgens Zoeteman en Van den Bergh zijn er onterechte verwachtingen over de bijdrage van filantropie aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken en moet de overheid niet haar problemen over de heg gooien naar de filantropen De herontdekking van de filantropie Op 24 april 2015 vond de jaarlijks door de VU Amsterdam georganiseerde ‘Dag van de filantropie’ plaats (Bekkers, 2015). Uit de hier gepresenteerde cijfers blijkt dat in 2013 in ons land €4,4 miljard werd geschonken tegen €4,2 miljard in 2011. Hoewel veel burgers in Nederland schenken, gaat de meeste aandacht uit naar vermogende particulieren en organisaties die grote bedragen geven voor goede doelen. Nederland kent (CBS, 2015) sinds 2008 een tamelijk stabiel aantal van circa 150.000 miljonairs, die een belangrijke rol spelen bij de filantropie met hun totale vermogen van ruim €300 miljard. In Nederland is de filantropie minder ontwikkeld dan in de VS. Het jaarlijkse schenkgeld omvat 0,5% van het Nederlandse nationaal inkomen, tegen 2,1% in de VS. Bastiaan  Zoeteman Hoogleraar Duurzaamheids beleid aan de Universiteit Tilburg sinds 2000 hoogleraar Duurzaamheidsbeleid in internationaal perspectief aan de Universiteit van Tilburg, lid van Tilburg Sustainabilty Center (TSC) en voormalig voorzitter van het Instituut voor Globalisering en Sustainable Development (Globus) aan deze universiteit. Hij was van 2001-2013 voorzitter van de Commissie Genetische Modificatie, die de Nederlandse regering adviseert over vergunningen om genetisch gemodificeerde organismen in het milieu te brengen. Van 2000-2004 fungeerde hij als voorzitter van het Bestuur van het Europees Milieu Agentschap te Kopenhagen en was van 1989-2001 plaatsvervangend directeur-generaal Milieubeheer bij het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Het aantal miljardairs in de wereld neemt jaarlijks toe met minstens 10%. In 2015 zijn het er in totaal 1,828 (Forbes, 2015). De uitdaging voor zeer vermogende particulieren is niet het vergaren van meer bezit, maar het benutten van hun vermogen om gewenste ontwikkelingen in de samenleving tot stand te brengen. De meeste filantropen besluiten een stichting met een fonds op te richten met een door hen gewenste missie en een staf om het maatschappelijke doel te helpen bereiken. Het resultaat is dat in toenemende mate professionalisering van de uitvoering van filantropische projecten optreedt. Naast de opbrengst van particuliere vermogens kunnen ook landelijk geldinzamelingsacties worden ingezet. Als gevolg hiervan treden goede-doelen-organisaties vaak in de voetsporen van de overheid. Hoe beter de filantropen hun werk doen, hoe minder het bijspringen van de overheid nog nodig is. Met het bezuinigen door overheden wordt het extra aantrekkelijk om meer expliciet een beroep te doen op filantropische organisaties en taken bewust aan hen over te laten. Hoe reëel dit perspectief is hangt af van de omvang die de filantropie aanneemt. Is filantropie werkelijk een alternatief voor genoemde publieke taken van overheden en zo ja, is er daarbij voldoende aandacht voor de democratische legitimering van de met filantropie tot stand gebrachte ontwikkelingen? Ook speelt de vraag of de voor filantropie in te zetten middelen zijn vergaard op een manier die maatschappelijk wenselijk is. Kortom, vertegenwoordigt de opbloei van filantropie een belangrijke vernieuwing van het economische systeem of is het niet meer dan window dressing van het klassieke kapitalisme? In beide gevallen liggen er uitdagingen voor de overheid om negatieve bijwerkingen te helpen voorkomen en wenselijke ontwikkelingen te faciliteren. De opkomst van The Giving Pledge De problematiek komt het meest uitgesproken naar voren bij de door Warren Buffet en Bill & Melinda Gates in 2010 gestarte The Giving Pledge campagne. Het doel hiervan is om miljardairs uit te nodigen een belofte te doen om tenminste de helft van hun vermogen te schenken aan goede doelen. In 2014 was deze ‘pledge’ door ruim 120 miljardairs aangegaan (Lewis, 2014). In beginsel is hiermee een bedrag van honderden biljoenen euro’s aan schenkvermogen gemoeid. Ted van den Bergh  Directeur van de Stichting Triodos Foundation, Zeist Ted van den Bergh is sinds 2006 directeur van de Stichting Triodos Foundation te Zeist en fungeerde van 2006-2010 tevens als managing director van de Stichting Prof. Dr. Bernard Lievegoed Fonds. Hij was van 1997-2005 private banker bij de Triodos Bank en daarvoor van 1979-1987 team manager sales bij Centraal Beheer Achmea. Critici betwijfelen of er als gevolg van The Giving Pledge veel meer geld richting filantropie gaat dan daarvoor, omdat het eerder ook al in liefdadigheidsfondsen was ondergebracht (Goldberg, 2014). Ook zou het schenken meer worden nagestreefd om minder belasting te betalen dan om goede doelen te steunen. Verder wordt niet bijgehouden wat er met de investeringen wordt bereikt. Het belangrijkste nut van deze campagne is dat aandacht voor het fenomeen van filantropie is gegenereerd en dat de miljardairs van elkaar leren hoe ze maximaal maatschappelijk effect kunnen bereiken. Want het lenigen van maatschappelijk nood met schenkgeld klinkt makkelijker dan het is. Bill Gates heeft zich bijvoorbeeld ontpopt als een geweldige organisator van het grootschalig aanpakken van problemen zoals Aids in Afrika. Warren Buffet heeft daarop besloten zijn gelden bij de Bill & Melinda Gates Foundation te plaatsen om er een maximaal effect mee te bereiken. De slagkracht die hiermee is ontstaan stelt het werk van veel overheden in de schaduw. De indruk mag echter niet ontstaan dat filantropie alleen maar effectief is als het via megafondsen verloopt (Husock, 2014). Grootschaligheid mag als voordeel gelden voor massaproductie van bijvoorbeeld vaccins, dat geldt niet voor het beheren van bijvoorbeeld natuurparken of theaters. In de Verenigde Staten is de discussie over de rol van filantropie bij het voorzien in zaken van algemeen belang heftiger dan in Nederland (Husock, 2015). De discussie spitst zich toe op de mate waarin voor filantropie belasting voordelen gelden. Kan de overheid effectiever voorzien in het organiseren van publieke taken dan de particuliere filantropie? Het antwoord op deze vraag wordt bepaald door de cultuur en bestuurspraktijk van een land. De filantropie functioneert in een eigen marktomgeving die deels door de overheid wordt mogelijk gemaakt en begrenst. Verschuivingen in belastingen kunnen deze markt sterk beïnvloeden. Ook kan een overheid niet toestaan dat zaken van algemeen belang alleen aan filantropie worden overgelaten. Daarom zal bij veranderingen in de rol van de filantropie steeds ook een passende respons van de kant van de overheid moeten komen. Nieuwe filantropie De primaire associatie bij het begrip schenken is het geven van geld, arbeid of aandacht uit compassie met een ander. In de praktijk blijken er echter gradaties te bestaan (Zoeteman en Slabbekoorn, 2014). Het geven aan de ander kan gepaard gaan met anticiperen op een toekomstige wederdienst. Extremer wordt het als die vorm van schenken tot omkoping of chantage vervalt. Meestal is het schenken op een of andere manier verbonden met een ruiltransactie: voor-wat- hoort-wat. Voorbeelden zijn sponsoring, relatiegeschenken, en deels ook loterijen zoals de Nationale Postcode Loterij. Het werkelijk altruïstische schenken is uitsluitend gericht op het dienen van een maatschappelijk doel zoals vertegenwoordigd door Rode Kruis, Friends of the Earth, etc. Dit schenkgeld wordt als het ware uit de markteconomie gehaald en maakt daarmee niet langer onderdeel uit van het op vergaren van bezit gerichte streven. In het verlengde hiervan kan schenken ook gezien worden als een voorloper van een toekomstige samenlevingsvorm die is gebaseerd op de ‘nieuwe filantropie’, waarin het geven tot de dominante morele waarde is geworden (Eisenstein, 2011). In landen waar een dergelijke samenleving als wenselijk wordt gezien kan de overheid met regels en fiscale instrumenten initiatieven in die laatste richting stimuleren. De overheid en filantropie in Nederland Hoe ontwikkelt de filantropie zich nu in Nederland? En welke opstelling heeft de overheid daarbij? Nederland kent ruim 700 goede-doelen-fondsen. Deze fondsen kenmerken zich deels als fondsen met een ruilkarakter (bijvoorbeeld Stichting DOEN gefinancierd door de Nationale Postcode Loterij) maar doorgaans als fondsen die uitsluitend een maatschappelijk doel dienen, bijvoorbeeld kankerbestrijding (Fonds1818) of cultuurbevordering (Prins Bernard Cultuurfonds). In Figuur 1 zijn enkele van de grotere fondsen in ons land vermeld. Het is overigens vaak lastig om gegevens over de omvang van deze fondsen te vinden, vooral als particulieren deze hebben opgericht. Figuur 1: Enkele grote filantropische fondsen in Nederland, Bron: Zoeteman en Slabbekoorn (2014) Vermogensfondsen kennen een verschuiving van doneren naar investeren, volgens voorzitter Van Gendt van de Vereniging van Fondsen. Buiten de grote fondsen van buitenlandse miljardairs, waarbij ‘impact monitoring’ steeds meer een rol speelt, zijn in Nederland vooral de middelgrote goede-doelen-organisaties van belang. Ook hier speelt professionalisering en doelmatigheid een rol onder druk van donateurs en sociale media. Een andere trend is de commercialisering van de fondsenwerving. Bij de kleinere organisaties in Nederland met een vermogen beneden circa €25 miljoen liggen er andere accenten. Fondsenwerving hangt daar meer af van particuliere donaties en professionalisering uit zich in het starten van innovatieve initiatieven in lijn met de wensen van de filantroop. Over de heg Door de forse bezuinigingen van de Nederlandse overheid van de laatste jaren op bijvoorbeeld zorg en cultuur heeft de rol van filantropie extra aandacht gekregen. Na het bekendmaken van de bezuiniging in 2013 op cultuur van €200 miljoen door de rijksoverheid en van € 125 miljoen door provincies en gemeenten is bijvoorbeeld op initiatief van Joop van den Ende door vier cultuurfondsen een nieuw fonds opgericht om grootschalige culturele evenementen mogelijk te blijven maken. Nieuw is dat hierbij met de overheid afspraken zijn gemaakt om dit (fiscaal) zo aantrekkelijk mogelijk te maken (zie Blockbusterfonds). Vaak is er geen vangnet voor de gevolgen van overheidsbezuinigingen. Van de in 2012 gesubsidieerde 589 culturele instellingen waren er in 2014 al 173 verdwenen (NRC, 2014). Minister Bussemaker geeft aan dat de regering van culturele instellingen verwacht dat zij zich nog meer op ondernemerschap richten. Zij moeten zorgen voor meer eigen inkomsten en de band met het publiek versterken. Nu de overheid de invulling van zijn taak beperkter invult worden filantropische fondsen door culturele en zorginstellingen extra aangesproken, echter niet altijd met succes. Filantropie en overheidstaken zijn twee aparte werelden die elkaar wel kunnen versterken maar ook tegenover elkaar kunnen staan. Filantropen, en dat geldt zeker voor de miljonairs, onderscheiden zich van overheden door een eigen kijk op de te lenigen noden in de samenleving die sterk kan afwijken van de politieke voorkeur van een zittend bestuur. Het laatste wat filantropen willen is de gaten in de rijksbegroting helpen dichten (Schuyt, 2014). Dat wil echter niet zeggen dat overheden filantropische instellingen niet zouden kunnen betrekken bij het gezamenlijk vinden van oplossingen voor urgente maatschappelijke vraagstukken. Naarmate de rol van de filantropie in de samenleving groeit, bijvoorbeeld doordat er meer ondernemende zeer vermogende particulieren komen, zal daarvoor meer gelegenheid zijn. Voorwaarde is dat de overheid deze sector op voet van gelijkwaardigheid wil   behandelen en er niet op anticipeert dat filantropen overheidstaken gaan financieren. Ref:  Zie onderaan artikel op Me Judice: http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/overheid-mag-eigen-problemen-niet-afschuiven-op-filantropen ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Wilt u reageren, heeft u een lezerstip of wilt u zelf ook een artikel aanleveren: Neem dan even contact op met de redactie door deze mail te retourneren met in het onderwerp: Reactie tav redactie ... . Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. ^  Inhoud

2 juni 2015

...

Nieuwsbrief20150501

.. Mei 2015 Grootse sprekers ! Risico’s en rendementen…. Beleggingskansen in oliesector Conjunctuurbeeld opnieuw iets beter Deutsche Bank geschrapt van kooplijsten Opkoopprogramma ECB is overbodig en gevaarlijk Aktief zijn binnen onze vereniging! .. Grootse sprekers ! Bron: Bestuur HCC Beleggen Op 28 maart organiseerde de groep HCC groep Beleggen wéér een geweldig symposium met héél veel informatie over investeren. Beleggen is nu hard nodig nu de overheid zich steeds verder terugtrekt uit het verzorgen van ons pensioen en de rente langzamerhand de nul procent nadert. Er was een grote opkomst, wat niet verwonderlijk was gezien de geweldige sprekers die de symposium-cie had uitgenodigd. Als u bent geweest, dan hebt u kunnen genieten van Pim van de Velde, die van de hoed en de rand vertelde over crowdfunding. Hij wist er alles van, want heeft zelf drie jaar geleden een platform opgericht. Daarnaast vertelde Menno Dreishor hoe nu een hedgefonds echt werkt. De beleggers onder onze club kregen veel ideeën hoe ze bepaalde technieken voor hun eigen investeringen konden gebruiken! Tenslotte deed Bob Hendriks voor u in de zaal uit de doeken hoe u of uw kinderen een systematische vermogensopbouw kunnen organiseren, zodat niemand zich meer druk hoeft te maken hoe straks de studie van uw prins of prinsesje te bekostigen ! Daarnaast waren er veel standhouders, die het publiek op de hoogte brachten van de nieuwste software op het gebied van beleggen. Kortom, het was weer een zeer leerzame en geweldige dag. Tot op het 65ste HCC Beleggen symposium op 10 oktober 2015! Met vriendelijke groet, Frans Schreiber, Voorzitter Hcc groep Beleggen ^  Inhoud Risico’s en rendementen…. Bron:  Ben van den Anker Geen enkele investering zal in de praktijk zonder risico zijn, maar wat zijn nu precies deze risico’s? In deze column probeer ik een aantal gangbare risico’s op het vlak van investeren toe te lichten. Allereerst is het van belang hierbij het ‘risico’ te definiëren. Waar dit voor de een het verlies van de hoofdsom betekent, ziet een ander het risico in het behalen van een lager dan beoogd rendement. Risico definieer ik hierbij dan als de mate van onzekerheid waarmee doelstellingen behaald worden. Voor het aangaan van risico of anders gezegd onzekerheid verwacht de belegger een rendement op het ingelegde vermogen te behalen. Het risico kun je dan kwantificeren als de mate van afwijking tussen verwacht en gerealiseerd rendement. Een gangbaar model in de literatuur om dit risico te berekenen is het Capital Asset Pricing Model. In dit model worden drie parameters (riskfree rate, bèta en het verwachte risk premium boven de risk free rate) gebruikt om het verwachte rendement te berekenen. Een investering is risicoloos als het actuele rendement overeenkomt met het verwachte rendement. De gangbare ‘riskfree rate’ refereert naar het rendement op investeringen waarbij de hoofdsom niet verloren kan gaan en het actuele rendement overeenkomt met het verwachte rendement. Over het algemeen wordt hieronder staatspapier van overheden verstaan. Belangrijk is hierbij mee te nemen dat inflatie- en renteverwachtingen wel degelijk van invloed zijn op de koers van de onderliggende waarde en het te behalen rendement. Daarnaast zien we steeds meer dat ook overheden wel eens niet aan betalingsverplichtingen kunnen voldoen en dat brengt de vraag met zich mee hoe ‘risk free’ risk free staatspapier eigenlijk is. Ik wil naar aanleiding van het bovenstaande dieper ingaan op twee relevante risico’s; het bedrijfs- en marktrisico. Het marktrisico is gerelateerd aan macro economische ontwikkelingen.  Investeringen in de tegenwoordig zeer populaire index fondsen zijn afhankelijk van de marktontwikkelingen in de sector (bijvoorbeeld de energiesector). Staan de olieprijzen regionaal en/of mondiaal onder druk, dan zal het rendement op de belegging van een individuele onderliggende olie gerelateerde waarde wel eens lager kunnen zijn dan geanticipeerd. In een economie met voorspelbare inflatie en rente en economische groei zal het risico lager gewaardeerd worden dan in een economie met meer volatiliteit in deze parameters. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negenjarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Het risico dat een bedrijf niet aan verplichtingen kan voldoen en uiteindelijk zelfs failliet gaat, kan eenvoudig beperkt worden door het aantal investeringen in portefeuille te vergroten. Diversificatie vermindert het risico, maar beïnvloedt het marktrisico niet.  Het risico van een individueel aandeel kan berekend worden aan de hand van het vermogen waarmee dit aandeel al dan niet met de markt meebeweegt (ook wel covariantie, bèta,  genoemd). In de praktijk is de relatie tussen bèta en return on investment zwak en verklaren andere data als marktkapitalisatie en prijs / boekwaarde ratio het rendement beter dan het CAPM1. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat CAPM nogal wat kritiek te verduren heeft gekregen in het laatste decennium2. Daarnaast is er nog een aantal risico’s dat zeer relevant blijkt te zijn. Het valuta risico is diegenen met Amerikaanse aandelen in portefeuille in 2014 gunstig gezind geweest. De stijgende dollarkoers ten opzicht van de euro zorgde, bij gelijkblijvende koersen, al voor sterke resultaten van Amerikaanse aandelen. De zwakker wordende euro heeft echter ook zijn neerslag op andere valutaparen. De sterke volatiliteit kan jaarlijkse rendementen tot 20% of meer wegvagen of versterken. Investeren is bovenal mensenwerk. Het risico dat investeerders zich irrationeel gedragen en hiermee een gedeelte van het risico bepalen is reëel. Het met verlies verkopen doet pijn en beïnvloedt vraag-aanbod verhoudingen als investeerders te lang vasthouden aan investeringen. Daarnaast kan het liquiditeitsrisico eveneens rendement bepalen. Als een investeerder behoefte aan liquiditeit heeft op bepaalde momenten zal het rendement op dat moment voor lief genomen worden. Door te beleggen met middelen die je kunt missen, ontwijk je voor een groot deel het liquiditeitsrisico. Het Inflatierisico lijkt de laatste jaren minder actueel, maar de aanstaande renteverhoging later dit jaar in de V.S. houdt de gemoederen danig bezig. Een verhoging van de rente betekent een kostenverhoging voor bedrijven die veel met geleend geld opereren. De onroerendgoed sector zal bij een renteverhoging bijvoorbeeld minder rendement behalen en met koersdalingen geconfronteerd worden. Tegelijkertijd zullen obligaties lager gewaardeerd worden, eenvoudigweg doordat alternatieven hoger gewaardeerd worden. Een bekende beleggerswijsheid is de koppeling tussen hoger risico en hoger rendement, als dit zo zou zijn dan is er geen sprake van een hoger risico. Wat deze koppeling dus aangeeft is dat er een gerede kans bestaat dat er een lager, of zelfs geen, rendement behaalt wordt met een hoger risico. Met lage volatiliteit aandelen blijken echter wel hogere rendementen te behalen. Lager risico en een hoger rendement….3 Het is goed zo nu en dan stil te staan bij de risico’s in een portefeuille. Welke risico’s zijn verbonden met mijn portefeuille? Hoeveel risico vind ik aanvaardbaar? Hoe verandert mijn risicoprofiel gedurende het jaar? Zijn aandelen in verhouding tot de onderliggende waarde duur of goedkoop? Relevante vragen om naast een goed rendement ook nog goed te kunnen slapen! Risico bestaat alleen in de toekomst en eens in de zoveel jaren zijn al onze voorbereidingen om het risico beheersbaar te maken, ondanks alle goede analyses, meestal onvoldoende. De beurzen zijn tenslotte, net als het leven, cyclisch van aard. En ook hier geldt het spreekwoordelijke “na regen komt zonneschijn’! The investment principle: Risk and return models. Aswath Damodaran. http://people.stern.nyu.edu/adamodar/pdfiles/acf3E/presentations/risk&ret.pdf CAPM: An absurd model. http://papers.ssrn.com/sol3/papers.cfm?abstract_id=2505597 ^  Inhoud Beleggingskansen in oliesector Bron: Maarten van der Pas, Morningstar Morningstar selecteert beleggingskansen in oliesector De blijvend lage olieprijs heeft ertoe geleid dat de analisten van Morningstar alle bedrijven die zij volgen in de oliesector opnieuw hebben bekeken. Welke ondernemingen zijn nog een aantrekkelijke belegging? ExxonMobil en Halliburton zijn top picks. "Shell blijft achter." De Amerikaanse productie van schalie-olie heeft de oliemarkt blijvend verstoord. Met het productievolume en de relatief lagere productiekosten zijn de Verenigde Staten een factor geworden om rekening mee te houden. Sterker nog, Amerika heeft de rol van zogenaamde swing producer overgenomen van de Opec-landen. Het is nu het land dat zijn productie van ruwe olie gemakkelijk wil en kan aanpassen aan fluctuaties in de wereldvraag. Dat stelde Morningstar-analist Allen Good donderdag 19 maart 2015 op de Morningstar Institutional Investment Conference in Amsterdam. Lange tijd zorgde de toenemende Amerikaanse olieproductie niet voor een onbalans tussen aanbod en vraag wereldwijd. Het extra aanbod ving verstoringen in het aanbod van Irak, Libië en Nigeria op. En de afnemende vraag in de westerse wereld werd gecompenseerd door de groeiende vraag in opkomende markten. Maarten van der Pas Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux Maarten heeft Nederlandse taal en letterkunde gestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmengen. Heeft daarna op diverse redacties gewerkt en momenteel is hij werkzaam als Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux. Ook is Maarten auteur van het boek:  'Saab over de kop. De nederlaag van Victor Muller' Maar in 2014 was er een kentering: de combinatie van een zwakke vraag naar olie door teruggelopen economische groei wereldwijd en het besluit van de Opec om zijn productie niet te verkleinen leidde tot een grote onbalans die momenteel nog niet is verdwenen. “De overproductie aan olie is momenteel 1 miljoen vaten per dag”, aldus Good. USD 75 per vat De robuuste groei van de Amerikaanse onconventionele olieproductie is de enige reden van het huidige overaanbod op de oliemarkt. Morningstar zie de Amerikaanse schalie-olie dan ook als een kritische factor voor een eventuele nieuwe balans tussen aanbod en vraag. Als reactie op de lage olieprijs hebben exploratie en productiemaatschappijen de laatste maanden hun investeringen in productie drastisch teruggeschroefd. Het gevolg is dat de Amerikaanse olieproductie op korte termijn niet alleen stopt met groeien, maar de komende maanden ook zal afnemen. Sinds juli 2014 is de olieprijs met 40 procent gedaald en staat op moment van schrijven ongeveer USD 54 voor een vat Brent. Niveaus van meer dan USD 120 per vat zoals in 2012 zullen volgens Good voorlopig niet meer worden gehaald. Dat is volgens hem ook niet meer nodig. Enkele jaren geleden was een prijs van USD 100 per vat nog nodig om aan de wereldwijde vraag te voldoen, waarbij olie uit relatief dure bronnen zoals de Noordzee en teerzanden kwam. Ter vergelijking: de productie van Amerikaans schalie-olie is al break-even bij een olieprijs van USD 60 per vat. Hiermee drukt schalie-olie de duurdere oliebronnen uit de markt. Good: “Een olieprijs van USD 75 per vat is nodig om investeringen door oliemaatschappijen te stimuleren en te voldoen aan de wereldwijde vraag in 2020.” Amerikaanse schalie-olie kan naar verwachting voor 35 tot 40 procent voldoen aan de extra vraag. Maar naast Amerikaanse schalie-olie is er dus meer nieuw aanbod nodig om aan de toekomstige vraag te voldoen. Dat aanbod zal van hoger op de kostencurve komen. Dat zullen diepzeebronnen van hoge kwaliteit zijn, bijvoorbeeld in de Golf van Mexico voor de kust voor West-Afrika. Concurrentiefactoren in de olie-industrie De lage olieprijs heeft ertoe geleid dat de aandelenanalisten van Morningstar alle bedrijven in de oliesector die zij volgen opnieuw hebben bekeken. En zijn nagegaan welke ondernemingen een aantrekkelijke belegging zijn bij een olieprijs van USD 75 per vat. Analist Good zoekt naar de ondernemingen die zich in het gebied bevinden waar kwaliteit en waardering elkaar overlappen: ondernemingen met concurrentievoordelen zoals lage productiekosten die bovengemiddeld rendement kunnen genereren door een hele economische cyclus heen waarbij de koers onder de fair value ligt (de waardering van een onderneming op basis van de geschatte toekomstige kasstroom). In de olie-industrie is kostenvoordeel de belangrijkste concurrentiefactor. Simpelweg olie tegen lage kosten uit de grond kunnen halen en verwerken dan concurrenten. Dat geldt voor ondernemingen die upstream (exploratie en productie van olie) en downstream (raffinage en verkoop van olieproducten) actief zijn. Bedrijven in het midstream segment zoals exploitanten van pijpleidingen die de olie van de olievelden naar raffinaderijen en havens brengen zijn spelen naast kosten ook nog overstapkosten en efficiënte schaal een rol in de concurrentiepositie. Hoe gemakkelijk of niet kunnen oliemaatschappijen overstappen naar een concurrent of zijn ze afhankelijk van die ene pijpleiding die er ligt. Midstream-ondernemingen hebben vaak een monopoliepositie. Ligt er eenmaal een pijpleiding met voldoende capaciteit tussen een olieveld en een raffinaderij dan is het voor concurrenten weinig zinvol om met een alternatieve leiding te komen. Voldoende aanbod ontbreekt om twee leidingen te vullen en de extra transportcapaciteit verlaagt de prijs zodanig dat deze te laag wordt om rendabel te kunnen zijn. Bij bedrijven die diensten verlenen aan de olie-industrie zoals bodemonderzoek of verhuur van boorinstallaties vormen vlottende activa nog een vierde concurrentiefactor. Deze ondernemingen zijn ook afhankelijk van de speciale techniek, kennis of voertuigen die ze in huis hebben. Al deze concurrentiefactoren bepalen of beschermen de winstgevendheid op lange termijn van een onderneming in de olie-industrie. Morningstar gebruikt voor zijn beoordeling van het concurrentievoordeel van een onderneming (of 'moat') de kwalificaties ‘wide moat’, ‘narrow moat’ en ‘none moat’. Concurrentievoordelen zijn moeilijk te verkrijgen in de oliesector en zijn ongelijk verdeeld over de verschillende subsectoren, zoals het diagram laat zien. Upstream zijn er geen ondernemingen met een wide moat of groot concurrentievoordeel. Midstream zijn er daarentegen veel meer bedrijven met een sterke concurrentiepositie. Downstream is het vooral narrow moat. 'Integrated' zijn zogenaamde geïntegreerde oliemaatschappijen die upstream en downstream activiteiten combineren. In de tabel staat per subsector welke ondernemingen Morningstar een aantrekkelijke belegging vindt. Upstream Bij de grote oliemaatschappijen biedt ExxonMobil volgens Morningstar de beste combinatie van waardering, kwaliteit en defensiviteit. Onder de geïntegreerde Europese oliemaatschappijen met een hoog dividendrendement maar van lagere kwaliteit blijft BP het meest aantrekkelijk. ExxonMobil is de enige olieproducent in het upstream/integrated segment met een wide moat. Volgens analist Good onderscheidt Exxon zich historisch gezien van de andere grote oliemaatschappijen door zijn superieure allocatie van kapitaal waardoor het een hoger rendement op geïnvesteerd kapitaal boekt dan concurrenten. Midstream De uitbaters van pijpleidingen zijn de duidelijke winnaar van Morningstars positieve visie op de Amerkaanse oliesector. Hun kasstroom is op tarieven gebaseerd en beschermt ze daardoor van fluctuerende olieprijzen. De groei van de productie van Amerikaanse schalie-olie vraagt om meer infrastructuur aan het einde van het decennium. Dit verlengt het midstream groeiverhaal. Spectra Energy, Spectra Energy Partners en Magellan zijn de meest aantrekkelijke aandelen in dit veld. Downstream Van de raffinaderijen die de analisten van Morningstar volgen zijn Tesoro en Philiiips 66 de ondergewaardeerde ondernemingen die de beste uitganspositie hebben om van de aanvoer van Amerikaanse schalie-olie te profiteren. Dienstverlening Morningstar blijft van mening dat de beste dienstverleners met veel innovatie en technologie zullen blijven komen bieden en daardoor economische tarieven kunnen rekenen. Dienstverleners die sterk op diepzee-oliewinning leunen kunnen het beste vermeden worden door beleggers. De hogere kosten ontberen voldoende opbrengst. In deze subsctor is Halliburton Morningstars top pick. De onderneming heeft een leidende positie in de Noord-Amerikaanse schalieolie-industrie. Morningstar verwacht dat Halliburton zijn internationale aanwezigheid bij diepzee-oliewinning en bij volwassen olievelden zal blijven uitbouwen. De lopende fusie met Baker Hughes maakt Halliburton tot een powerhouse in de dienstverlening aan de olie- en gasindustrie met een breed en diep aanbod. Achterblijver Shell Shell is geen aantrekkelijke belegging. Morningstar-analist Stephen Simko is zeer kritisch over de Nederlands-Britse oliemaatschappij. “Shell zit bijna in een existentiële crisis”, stelt hij. “Zelfs als de olieprijs USD 100 per vat zou zijn, dan is Shells portefeuille bezaaid met problemen. Shell heeft tevergeefs sterk ingezet op schalie-olie en –gas en daarmee veel kapitaal verbrandt. Daarnaast zijn er kostenoverschrijdingen bij belangrijke projecten zoals de Motiva-raffinaderij en presteert Shell met zijn downstream activiteiten chronisch slecht. De combinatie hiervan maakt dat Shell een zeer slecht rendement op geïnvesteerd kapitaal boekt.” Simko erkent, dat er met de nieuwe  topman Ben van Beurden significante herstructureringsacties zijn gestart. Maar de recente prijsval van olie zorgt voor een aanzienlijke druk en de analist denkt dat Shell flink moet worstelen om die te overwinnen. “De kwesties bij Shell van slecht management en de slechte inzet van kapitaal stammen nog van voor voormalig topman Peter Voser, de voorganger van Van Beurden is verantwoordelijk voor veel van de recente verkeerde strategische keuzes.” Van Beurden heeft tot zover alles gedaan wat in zijn vermogen ligt, vindt Simko. Oliemaatschappijen kunnen volgens hem in het algemeen aanzienlijk in de kosten snijden om zich daarmee beter af te stemmen op de nieuwe situatie van lage olieprijzen. “Maar beleggers moeten van Van Beurden geen wonderen verwachten. Shell is geen ExxonMobil of Chevron en zal dat ook nooit worden. Verbeteringen zijn bij Shell te verwachten, maar het is waarschijnlijker dat de olie- en gasproducent dit decennium een achterblijver blijft dan dat het een leidende positie onder de grote oliemaatschappijen inneemt.”      Lees ook:  BP 5 jaar later ^  Inhoud Conjunctuurbeeld opnieuw iets beter Bron: CBS, 30 april 2015 Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok is in april 2015 iets beter dan in maart, maakt het CBS vandaag bekend. Conjunctuurklok Ook in de twee voorgaande maanden was een kleine verbetering zichtbaar. Vanaf de zomer van 2013 tot het voorjaar van 2014 verbeterde de conjunctuur continu, sindsdien gaat de verbetering stapsgewijs. Het economisch herstel gaat traag, maar gestaag. De Conjunctuurklok van het CBS is een hulpmiddel voor het bepalen van de stand en het verloop van de Nederlandse conjunctuur. In de conjunctuurklok komt vrijwel alle belangrijke economische informatie samen die het CBS tijdens de afgelopen maand c.q. het afgelopen kwartaal heeft gepubliceerd. Conjunctuurklokindicator (ongewogen gemiddelde van de 15 indicatoren van de Conjunctuurklok) afwijking van de langetermijntrend (=0) Producenten duidelijk positiever, consumenten iets minder positief Het vertrouwen van de ondernemers in de industrie is in april aanzienlijk toegenomen. Dat komt doordat producenten veel positiever waren over hun toekomstige productie. Ze waren ook iets positiever over hun voorraden gereed product. Hun oordeel over de orderportefeuille bleef onveranderd positief. Verder is de bezettingsgraad van de machines en installaties in het tweede kwartaal van 2015 uitgekomen op bijna 82 procent. Dat is het hoogste percentage sinds het uitbreken van de crisis eind 2008. Het vertrouwen van consumenten is iets afgenomen. Het kwam in april uit op 0. In maart was dat 2. De lichte afname van het vertrouwen komt vooral doordat consumenten minder positief oordeelden over de economie. De koopbereidheid nam ook iets af. Zowel het producenten- als het consumentenvertrouwen ligt boven het langjarig gemiddelde Consumenten- en producentenvertrouwen (seizoengecorrigeerd) saldo % positieve en % negatieve antwoorden Rechteras Export, investeringen en consumptie huishoudens groeien De export van goederen groeit door. Het volume van de export van goederen was in februari 2015 bijna 7 procent groter dan in februari 2014. Vooral de export van transportmiddelen, aardgas en aardolieproducten was hoger. Zowel de uitvoer van Nederlands product als de wederuitvoer groeide. De investeringen in vaste activa groeien al zes maanden op rij. Het volume van de investeringen in materiële vaste activa was ruim 2 procent groter dan in februari 2014. Deze stijging is vooral te danken aan de hogere investeringen in woningen en vrachtauto’s. Consumenten hebben in februari ruim 2 procent meer besteed aan goederen en diensten dan in februari 2014. Dat is de grootste stijging in vier jaar tijd. Consumenten besteedden vooral meer aan gas, kleding en woninginrichting. Industrie produceert een fractie minder dan vorig jaar De gemiddelde dagproductie van de Nederlandse industrie was in februari een fractie lager dan in januari 2014. Het groeicijfer wordt echter al een paar maanden negatief beïnvloed doordat in de tabaksindustrie een aanzienlijk deel van de productie is weggevallen. Zonder die weggevallen capaciteit zou de productie van de industrie iets hoger zijn dan een jaar eerder. Situatie op de arbeidsmarkt verbetert verder In maart waren er opnieuw minder mensen werkloos. Het aantal werklozen liep daardoor in de afgelopen 3 maanden met gemiddeld 6 duizend per maand terug. Vooral jongeren hadden vaker werk. Het werkloosheidspercentage daalde van 7,1 procent in februari naar 7,0 procent in maart. Het aantal vacatures groeide in het vierde kwartaal van 2014 verder. Ook de toename van het aantal banen zette in het vierde kwartaal van 2014 door. Vooral het aantal banen voor uitzendkrachten en zelfstandigen nam toe. Daarentegen daalt het aantal banen in de zorg nog steeds aanzienlijk. Het totale aantal uitzenduren neemt al sinds begin 2013 toe. In het vierde kwartaal is zowel het langlopende uitzendcontracten in de vorm van detachering of payrolling als het aantal kortdurende contracten toegenomen. Het aantal uitgesproken faillissementen van bedrijven en instellingen nam in maart toe. De stijging is grotendeels toe te schrijven aan het feit dat maart een zittingsdag meer telde dan februari. Na een piek medio 2013 is het aantal faillissementen fors afgenomen, maar ten opzichte van de jaren voor de financiële crisis is het aantal faillissementen van bedrijven nog steeds hoog. Bruto binnelands product (volume, seizoengecorrigeerd) Economische groei breed gedragen Uit de tweede berekening van de economische groei bleek dat de Nederlandse economie in het vierde kwartaal van 2014 met 0,8 procent is gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. De groei wordt breed gedragen. Gezinsconsumptie, export en investeringen leverden een positieve bijdrage. In 2014 zijn er nu drie kwartalen achter elkaar van groei gemeten. Ten opzichte van de hoogconjunctuur in de eerste helft van 2008 is de Nederlandse economie eind 2014 nog 1,4 procent kleiner. Bij de kwartaal-op-kwartaalgroei is rekening gehouden met werkdag- en seizoeneffecten. Ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder was er in het vierde kwartaal een groei van de Nederlandse economie van 1,4 procent. Deze groei is te danken aan meer export, hogere investeringen en meer consumptie door huishoudens. De consumptie van de overheid kromp licht. Woensdag 13 mei 2015 komt het CBS met de eerste uitkomsten over de economische groei en het aantal banen in het eerste kwartaal van 2015. Meer cijfers staan in het dossier Conjunctuur. Voor meer conjunctuurinformatie zie: conjunctuurbericht. ^  Inhoud Deutsche Bank geschrapt van veel kooplijsten Bron: Analist.nl, April 28, 2015 Het nieuws dat Deutsche Bank flink gaat snijden in de kosten door het sluiten van een groot aantal filialen heeft er bij sommige analisten hard ingehakt. De kostenbesparing maakt deel uit van de nieuwe koers die de bank gaat varen, maar is ook een voorbereiding op mogelijke boetes rondom de nog altijd lopende Liborzaak. Mede daarom kan Deutsche Bank niet langer rekenen op een zeer positieve consensus, terwijl het opwaarts potentieel van de koers gelimiteerd lijkt te zijn. Deutsche Bank maakte recent zijn resultaten over het eerste kwartaal van 2015 bekend. Daarin werd duidelijk dat de winst is gehalveerd door kosten rondom de Liborzaak. In het eerste kwartaal werd er 1,5 miljard euro opzij gezet, waarmee eind maart de reservering op 4,8 miljard euro stond. Zodoende stond er aan het einde van de maand een nettowinst van 559 miljoen euro, terwijl de omzet in dezelfde periode met bijna een kwart toenam tot 10,4 miljard euro. Nieuwe koers Deutsche Bank wil zich de komende jaren meer gaan richten op de digitalisering van geldzaken en ziet zich daarom genoodzaakt om 200 filialen in Duitsland te sluiten. Deze ingreep moet de bank een jaarlijkse besparing van 3,5 miljard euro opleveren, maar de eenmalige herstructureringskosten vallen uit op 3,7 miljard euro. Daarnaast wordt Postbank in de etalage gezet, de huisbank van miljoenen Duitsers. Deze strategische ingrepen vallen onder de nieuwe koers die Deutsche Bank wil gaan varen, maar is ook een uitvloeisel van de Liborzaak. De afgelopen jaren heeft de bank al ruim 7 miljard euro aan boetes moeten betalen en dit kan nog verder oplopen. Niet langer een koopadvies S&P heeft zijn advies voor Deutsche Bank verlaagd van ‘buy’ naar ‘hold’ en het koersdoel met 2 euro verlaagd tot 33 euro. Het effectenhuis wijst vooral op de teleurstellende nieuwe doelstellingen voor het rendement op eigen kapitaal. Nord Landesbank heeft eveneens zijn advies voor Deutsche Bank verlaagd van ‘kaufen’ naar ‘halten’. De bank heeft wederom volgens analist Michael Seufert sterke resultaten voorgelegd, die echter door de hoge kosten voor de rechtszaak gedrukt zijn. Het Strategieplan 2020 voorziet in een afbouw van de massa-activiteiten rondom kredieten en bezuinigingen voor de investmentdivisie. Mede daarom ziet de analist momenteel weinig mogelijkheden voor het aandeel en heeft hij zijn koersdoel verlaagd van 35 euro naar 31 euro. Consensus Deutsche Bank Door de diverse adviesverlagingen staan er nu 12 koop-, 16 houd- en 3 verkoopadviezen uit, waardoor de consensus wel nog positief is maar laat zien dat analisten veel terughoudender zijn geworden over het aandeel. Het recente nieuws leidde tot een koersdaling voor Deutsche bank tot het huidige niveau van 30,28 euro. De recente koersdoelverlagingen hebben geresulteerd in een gemiddeld koersdoel van 32,64 euro, waarmee analisten een rendement voorzien van 7,8%. Toch moeten beleggers kijkende naar de recente analisten rapporten rekening houden met weinig opwaarts potentieel voor de koers in de komende periode en afgewacht worden of niet meer analisten zullen volgen met een taxatieverlaging voor Deutsche Bank. ^  Inhoud Opkoopprogramma ECB is overbodig en gevaarlijk Bron: Sylvester Eijffinger, Dick van Wensveen, Me Judice De ECB is dit jaar begonnen met het opkopen obligaties om zo de Europese economie aan te jagen. Volgens Sylvester Eijffinger en Dick van Wensveen is deze actie niet alleen overbodig. Zij vermoeden dat de ECB welhaast bewust de aard van de huidige balansrecessie miskent. Het opkoopprogramma is niet alleen overbodig maar ook gevaarlijk door de creatie van nieuwe zeepbellen op kapitaalmarkten. Het opkoopprogramma van de ECB moet daarom zo spoedig mogelijk worden stopgezet. Overvloed liquiditeit Ondanks ernstige bezwaren en waarschuwingen over effectiviteit en schadelijke bijwerkingen van het monetair beleid, heeft de ECB de rente extreem verlaagd. Zij creëert bovendien een overvloed aan liquiditeit door het opkopen van obligaties en wil dat beleid voortzetten tot minstens medio 2016. De effectiviteit van dit onconventionele monetair beleid is gering. De groei in Europa blijft ondanks de extreem lage rente laag. De economie leeft nu enigszins op door een verbetering van het economisch sentiment, waardoor de bereidheid tot investeren en consumeren toeneemt. Maar de lage rente en de overvloedige liquiditeit zijn daarbij hooguit faciliterend geweest, niet bepalend. Het monetair beleid weerspiegelt zich nauwelijks in groei van bancaire kredietverlening, in het bijzonder aan het midden- en kleinbedrijf (MKB). De risicopremies die de banken het midden- en kleinbedrijf in rekening brengen zijn nog schrikbarend hoog, mede als gevolg van de verzwakte vermogenspositie van van het MKB. Door de extreem lage rente is er wel een wat groter volume emissies van bedrijven die toegang tot de kapitaalmarkt hebben. Ook leidde de lage rente tot een daling van de euro waardoor de export naar landen buiten het eurogebied werd gestimuleerd. Maar het effect daarvan op de reële economie was beperkt. Balansrecessie Sylvester Eijffinger Universiteit van Tilburg en CEPR Prof. Dr. Sylvester C.W. Eijffinger is Hoogleraar Financiële Economie en Jean Monnet Hoogleraar Europese Financiële en Monetaire Integratie, CentER for Economic Research en Departement Economie, Universiteit van Tilburg en Research Fellow, Centre for Economic Policy Research, Londen, VK en CESifo Research Network, München, Duitsland. Weblog Sylvester Eijffinger De verklaring voor de ineffectiviteit van het monetair beleid schuilt in de aard van de crisis die wij doormaken. We hebben te maken met een financiële crisis die de balansen van banken, bedrijven, consumenten en overheden dramatisch heeft aangetast. Een dergelijke balansrecessie is nauwelijks te bestrijden met vraagstimulering en monetaire verruiming. De schulden moeten tot een aanvaardbaar niveau worden teruggebracht voordat bedrijven en overheden weer voluit kunnen en willen investeren en dat is nu nog onvoldoende het geval. In het jaarverslag 2014 van de Bank for International Settlements (BIS) staat een doorwrochte analyse van 65 economische cycli,waarvan 28 met een financiële crisis voor de top, sinds het midden jaren zestig van de vorige eeuw. De uitkomst van deze analyse luidt: 'monetary policy is ineffective and deleveraging is key in recovery from balance sheet recessions'. ECB laat zich onder druk zetten Het is, voorzichtig uitgedrukt, opmerkelijk dat de ECB zich zo weinig gelegen laat liggen aan onderzoek van de BIS, de centrale bank der centrale banken. Dit versterkt de indruk dat de ECB zich vooral heeft laten leiden door de immense druk die uitgaat van de financiële markten. Die hebben al hun vertrouwen gericht op ECB-president Mario Draghi sinds hij in de zomer van 2012 de toverwoorden uitsprak dat hij al het noodzakelijke zou doen om de euro te redden en daarmee de lont uit het kruitvat trok. Draghi heeft overigens nooit gezegd dat monetair beleid de eurocrisis kan oplossen, maar hij heeft dat evenmin consequent tegengesproken. Hij versmalde de doelstelling van het monetair beleid tot een anti-deflatie beleid dat gericht is op het bereiken van de inflatiedoelstelling van 2% per jaar. Dit inflatiepercentage is in de reële economie nog niet bereikt, maar op de financiële markten wordt het al ruimschoots overschreden. Het koersverloop op de aandelen- en obligatiemarkten sinds medio 2014 rechtvaardigt de kwalificatie ‘asset price inflation’ met koersstijgingen in alle bedrijfstakken variërend van 5 tot 30% in 2015. Zeepbellen op kapitaalmarkt Deze koersstijgingen worden bij lange na niet gerechtvaardigd door stijging van de bedrijfswinsten. Het gevolg is een sterke stijging van de koers/winstverhoudingen. Deze bewegen zich nu voor de meeste bedrijfstakken in de FD 300 tussen 15 en 22. Velen vragen zich af of dit een zeepbel (‘bubble’) genoemd kan worden. Zeepbel of niet, de extreem lage rente heeft de beurs tot de rand van een flinke koerscorrectie opgejaagd. Op de obligatiemarkt is de zeepbel wel heel erg duidelijk. Een notering van 180 of hoger voor een Nederlandse staatsobligatie met een coupon van 3,75% en looptijd 2010/42 bijvoorbeeld, is excessief. Pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen hebben veel te lijden van de extreem lage rente. Hun toekomstige verplichtingen worden zwaar opgewaardeerd, terwijl die maar in beperkte mate gecompenseerd worden door de koersstijgingen in hun beleggingsportefeuille. Beide zijden van hun balans zijn in de greep van het extreme monetair beleid. Dit zal zowel de premiebetaler als de gepensioneerde geld kosten. Dick van Wensveen Deeltijdhoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam Dick van Wensveen (1933) was van 1975 tot 1996 directievoorzitter van Bank Mees en Hope, later van Mees Pierson. Sinds 1989 was hij tevens bijzonder hoogleraar Financiële Instellingen vanwege het NIBE-SVV aan de Universiteit van Amsterdam en sinds 1997 eveneens deeltijdhoogleraar in hetzelfde vak aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Opkoopbeleid is overbodig Nu de Europese economie aantrekt kan de weg naar normale renteverhoudingen worden ingeslagen. De Duitse en Nederlandse monetaire autoriteiten moeten zich hiervoor inzetten. Stimuleringsbeleid, voor zover nog nodig, is een zaak voor landen met begrotingsruimte, zoals Duitsland en Nederland. Deze ruimte blijkt inmiddels flink op te lopen. De ECB zou daarom het huidige opkoopprogramma van obligaties zo spoedig mogelijk moeten stoppen. Nu het deflatiegevaar is geweken, heeft het geen zin om strak vast te houden aan de inflatiedoelstelling van 2%. De korte rente kan geleidelijk omhoog naar een meer neutraal niveau van zeg 2% à 3%. Na het stopzetten van het opkoopprogramma moet de markt enige tijd gegund worden marktconforme lange rentes te ontwikkelen. Mocht de ECB sturing aan de lange rente willen blijven geven, mede met het oog op verkoop van haar eigen hoge obligatiebezit, dan zou als termijndoelstelling een rente van 2% inflatie plus de voorspelde groeivoet van het reële bruto binnenlands product (bbp) genomen kunnen worden. Terugdraaien is gewenst Het stoppen en terugdraaien van het opkoopprogramma en het verhogen van de korte rente zijn precaire processen. Zij zullen pijn doen, want de aankondiging van elke stap zal koersdalingen tot gevolg hebben. Ook de ECB zal verlies lijden. Het is de pijn die hoort bij de ontwenningskuur van een verslaafde. De financiële markten zijn verslaafd geraakt aan te goedkoop geld. Het is van groot belang dat de ontwenningskuur met openheid en transparantie over fasering en einddoel wordt uitgevoerd. Financiële markten die steeds moeten raden naar timing en omvang van de volgende stap kunnen in paniek raken. Hoe langer de ECB wacht met het stoppen en terugdraaien van het opkoopprogramma, hoe groter de schade van het knappen van de zeepbel uiteindelijk zal zijn. ^  Inhoud Aktief zijn binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia, die we tweemaal per jaar houden in De Bilt, de regiogroepen en deze nieuwsbrief. Een toenemend aantal mensen wil ook aktief meedoen. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, het schrijven van een column of artikel,  met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben jij enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

3 mei 2015

...

Nieuwsbrief20150315 symp64-1

64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Programmaboekje Inleiding Sprekers Standhouders Aanmelden en Routebeschrijving Webinars Inleiding Waarom altijd alleen maar alleen beleggen in aandelen? Er is nog zoveel meer mogelijk. David Swensen - bekend van het Yale beleggingsfonds -  die jaren gemiddeld een rendement van ruim 10% per jaar maakte, heeft dit bijvoorbeeld laten zien. In plaats van de traditionele 60-40 verdeling heeft hij in de 70-er jaren een weg ingeslagen waarbij hij ook is gaan beleggen in allerlei andere zaken.  Naast aandelen en obligaties is hij gaan beleggen in o.a. private equity, hedge funds, e.d.  In 2008 werd duidelijk dat ook aan zo'n aanpak uiteraard de nodige risico's kunnen zitten. Tijdens dit 64-ste HCC beleggen Symposium zullen naast de traditionele beleggingsmethode u een aantal alternatieve worden aangereikt . Zo zal bijvoorbeeld crowdfunding en een hedge fund worden besproken. Ook het handelen en het bouwen van een tradingsysteem zal aan de orde komen.  Kortom er staan weer een groot aantal interessante onderwerpen op het programma. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Het symposium biedt een ideale moment om contact te leggen met leveranciers, medebeleggers of oude contacten aan te halen. Dit keer is er ook de mogelijkheid om het symposium thuis te volgen of terug te kijken (zie verderop). Je mist dan natuurlijk wel de gezellige contacten en de beleggersmarkt! Lezingen   Collenbergh zaal StatenKamer 10:00 - 10:45 Aat Schornagel Handelsalgoritmen voor (dag)opties: ontwikkeling, backtesten en de keuze tussen future, turbo en optie ALV Algemene ledenvergadering HCC Beleggen PAUZE 10:45 - 11:05 11:05 - 11:50 Chris Boon en Jaap Groeneveld Hoog rendement op basis van Relatieve Sterkte Emiel van Maris  Trendfollowing PAUZE 11:50 - 12:10 12:10 - 12:55 Bob Hendriks Systematische vermogensopbouw door een combinatie van sparen en beleggen Menno Dreischor Kwantitatief beleggen van de theorie naar de praktijk PAUZE 12:55 - 13:30 13:30 - 14:15 Pim van de Velde  "Waarom we niet meer om crowdfunding heen kunnen" Marco Vocking Vereenvoudig uw trading met de nieuwe Algo Bands PAUZE 14:15 - 14:35 14:35 - 15:20 Karel Mercx    The four most dangerous words in investing are:   'this time it's different' *Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. ^  Inhoud 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Sprekers Aat Schornagel Chris Boon en Jaap Groeneveld Bob Hendriks Pim van de Velde  Karel Mercx HCC Beleggen ALV Emiel van Maris Menno Dreischor Marco Vocking ^  Inhoud Aat Schornagel 10:00 tot 10:45 - Colenbergzaal 2 Handelsalgoritmen voor (dag)opties: ontwikkeling, backtesten en de keuze tussen future, turbo en optie Tradingsystemen die gebruik maken van algoritmen op basis van koerspatronen zijn gemeen goed geworden . Meestal worden bij Long- en Shortsignalen futures, aandelen of trackers gebruikt. Maar hoe zou het uitpakken als systematisch (dag)opties of turbo’s gebruikt worden? Backtest software is niet zo maar voorhanden. In de voordracht  komen de volgende onderwerpen aan bod: Backtesten van handelsalgoritmen met opties en turbo’s Koopsignaal, wat nu: future, turbo of optie? Voor-en nadelen van futures, opties en ETF’s bij algoritmische handelssystemen Gevoeligheidsanalyse m.b.t. tot looptijd en uitoefenkoers Het belangrijkste voordeel van (dag)opties: stop-loss is niet nodig Samenstellen van de “beste” combinatie van handelssystemen. Tijdens de voordracht worden diverse handelsalgoritmen gedemonstreerd. Aat Schornagel is wiskundige en heeft 23 jaar lang voor Shell over de wereld gezworven.  In Londen was hij o.a. verantwoordelijk voor de ontwikkeling van een geautomatiseerd beleggingssysteem voor het Shell Pensioenfonds.  Aat heeft ruim 20 jaar ervaring als ontwikkelaar van tradingsystemen met een focus op (dag)opties. ^  Inhoud - Sprekers Chris Boon en Jaap Groeneveld 11:05 - 11:50 - Colenbergzaal 2 Hoog rendement op basis van Relatieve Sterkte Hoe kunt u vandaag inzicht krijgen in het beleggersnieuws van morgen en met redelijke zekerheid voorspellen welke titels vele malen meer dan de mark zullen bewegen op een eenvoudig te handelen manier? Chris en Jaap laten zien dat relatieve sterkte een groot verschil maakt in je rendement. Relatieve sterkte geeft je veel inzicht in wat er gaat bewegen. Handel in wat kansrijk is, daar komt het in het kort op neer. Of je nou een groot of klein kapitaal beheerd of je nou vaak of weinig wil handelen. Het is een universeel concept. Naast relatieve sterkte wordt ook de toepassing ervan in de praktijk toegelicht. Na afloop heeft u een duidelijk inzicht hoe u relatieve sterkte kunt gebruiken om hogere rendementen te behalen.  De Ontwaakte Trader richt zich op de coaching en educatie van traders en actieve beleggers in Nederland. Dit doen we onder andere via een trading chatroom die 24/7 open staat voor onze actieve community, via verschillende cursussen en workshops, via ons blog en via gratis webinars die we eens per maand organiseren. Ons motto is "door traders, voor traders" wat inhoudt dat alles wat onze cursisten leren afkomstig is van echte traders. Chris Boon is de oprichter van de Online Trading Universiteit. Deze online en offline leerschool voor traders en actieve beleggers telt inmiddels meer dan 150 actieve leden. In minder dan 2 jaar heeft Chris al verschillende cursisten opgeleid tot winstgevende traders (waaronder ook Jaap). Chris bezit de gave dat hij je precies kan vertellen wat werkt in trading (kennis), maar ook hoe het werkt (praktijk) en waarom het werkt (psychologie). Jaap Groeneveld heeft het eerste coachingsprogramma van Chris gevolgd en is naast een succesvolle belegger (al 20 jaar) nu ook een zeer succesvolle trader. Jaap is iemand die de diepte ingaat en ieder systeem dat hij handelt van haver tot gort begrijpt. In combinatie met zijn zelfkennis en realistische verwachtingen maakt dit hem erg succesvol. Leuk detail: Jaap heeft een uitgekiende manier om zijn aandelen te selecteren en een eigen trading set-up bedacht, de Jaap-trade of J-trade in het kort, die inmiddels ook door een aantal pro-traders vanuit andere delen van de wereld wordt toegepast. ^  Inhoud - Sprekers Bob Hendriks 12:10 - 12:55 - Colenbergzaal 2 Systematische vermogensopbouw door een combinatie van sparen en beleggen Nederlanders houden vergeleken met andere Europeanen het grootste deel van hun vermogen aan in spaargeld. -Wat betekent dit in termen van het behalen van doelstellingen? -Is de conclusie gerechtvaardigd dat beleggen dan de enige andere optie is? -Of is de werkelijkheid genuanceerder? -De rendementen op aandelen maar ook op obligaties zijn de afgelopen jaren positief geweest. Het mag duidelijk zijn dat dit niet de reden moet zijn om te beleggen maar wellicht een duidelijk plan wel. In een interactieve sessie legt Bob Hendriks, Hoofd Retail Nederland van vermogensbeheerder BlackRock, uit waarom en hoe je met een combinatie van sparen en beleggen kan toewerken naar systematische vermogensopbouw en welke rol beleggen daar in kan spelen. Specifieke aandacht wordt besteed aan de rol van inflatie en waar er op dit moment rendement te vinden is en hoe de verhouding tot risico momenteel is. Hoe zit het nu met de gemiddelde nederlander in termen van vermogensopbouw en beleggen Klik hier voor het rapport: Wat houd Nederlanders bezig, als het om hun financiele toekomst gaat (pdf) ^  Inhoud - Sprekers Pim van de Velde   13:30 - 14:15 - Colenbergzaal 2 Waarom we niet meer om crowdfunding heen kunnen. De crowdfunding sector is volop in ontwikkeling en een welkome aanvulling op de meer traditionelere vormen van financiering. Pim van de Velde geeft een overzicht over de ontwikkelingen in de crowdfunding sector en gaat in op vragen als: Hoe zit het speelveld in elkaar? Wat is de situatie in Nederland? En wat is zijn toekomstvisie? Pim van de Velde is een Marketing & Communicatie man pur sang. Na ruim 23 jaar te hebben gewerkt voor een groot Internationaal handelsconcern werd het tijd om het roer om te gooien. Samen met 6 andere ondernemers heeft hij het Crowdfinancing platform Kapitaal Op Maat opgericht. Hij is er, in de rol van directeur, verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken, de functionaliteit van het platform en de Marketing en Communicatie. Kapitaal Op Maat is opgericht in september 2013 door zeven enthousiaste ondernemers. Die elk hun kennis en ervaring inzetten om van Kapitaal Op Maat het beste en meest rendabele crowdfinancing platform van Nederland te maken. Zij zijn professionals op het gebied van financiën, webdesign & software, marketing, communicatie & social media. Sinds de lancering van Kapitaal Op Maat zijn er 30 crowdfunding projecten succesvol gefinancierd voor een totaalbedrag van ruim 2 miljoen euro. Een slagingspercentage van ruim 85%. Meer en meer ondernemers ontdekken de mogelijkheden van een financiering via crowdfunding. Terwijl investeerders profiteren van aantrekkelijke rendementen. ^  Inhoud - Sprekers Karel Mercx    14:35 - 15:20 - Colenbergzaal 2 The four most dangerous words in investing are: 'this time it's different' Soms lijken de  gebaande paden niet meer te werken. Beleggers willen van het pad af, omdat zij denken dat het pad doodlopend is. Karel Mercx, beleggingsspecialist bij Lynx Wereldwijd Beleggen, zal in zijn presentatie: The four most dangerous words in investing are: 'this time it's different' laten zien dat op het pad blijven op lange termijn veel meer oplevert, dan het zoeken naar nieuwe wegen. Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. ^  Inhoud - Sprekers HCC Beleggen ALV 10:00 tot 10:45 - StatenKamer De Algemene Ledenvergadering van i.g. HCC Beleggen d.d. 28 maart 2015 Agenda: Opening en vaststellen agenda Mededelingen en ingekomen stukken Notulen Algemene Ledenvergadering  april 2014 Jaarverslag over 2014 Verslag kascommissie over 2014 Plannen voor 2015 Rondvraag Sluiting *Stukken vind u terug in de download sectie van de HCC Beleggen website ^  Inhoud - Sprekers Emiel van Maris 11:05 - 11:50 - StatenKamer Trendfollowing Emiel van Maris vindt dat "Actief beleggen met een strak risicomanagementbeleid het nieuwe sparen" is en het  frustreert hem dat de particuliere belegger te vaak het onderspit delft in het beurswereldje. Dat is in zijn optiek onnodig; met de juiste benaderingswijze en een beetje coaching kan ook de particulier 'de Beurs' verslaan. Niet slechts een beetje meeprofiteren als de beurzen fors omhoog gaan maar een mooi rendement behalen onder alle marktomstandigheden." Trendfollowing is een bekende beleggingsstrategie op basis van de technische analyse van de marktprijzen. Emiel  van Maris  gaat in zijn  presentatie "Trendfollowing" dieper op deze strategie in en behandeld in zijn presentatie de volgende onderwerpen: De mind-set van een trendfollower Bottom line Hoe bepaal je de trend Wanneer verandert de trend De neutrale zone De methodiek Het risicomanagement Toepassing van deze beleggingsmethodiek in samenhang met doordacht risicomanagement leidt tot positieve rendementen in zowel stijgende als in dalende markten. Emiel van Maris heeft zijn jarenlange en brede ervaring in de financiële wereld (bij banken, verzekeraars, handelshuizen en als zelfstandig treasury consultant & interim-manager) omgezet in de analyse modellen die de motor zijn van de unieke signaalservice van het door hem opgerichte bedrijf "TrendCorp" . ^  Inhoud - Sprekers Menno Dreischor 12:10 - 12:55 - StatenKamer Kwantitatief beleggen van de theorie naar de praktijk In 2009 begonnen drie chemici een hedgefonds: het QTR Fund. In de jaren hiervoor hadden zij hun eerste kwantitatieve handelssysteem ontwikkeld. De backtest van de strategie schepte hoge verwachtingen. Het gemiddeld rendement kwam uit op 25% per jaar. Echter, de eerste vier maanden van het fonds resulteerden in een verlies van bijna 10%; een harde les uit de praktijk. In de jaren die volgde zouden meerdere wijzigingen worden doorgevoerd in het handelssysteem. Daarnaast werd een nieuwe strategie geïmplementeerd. In de tussentijd begon de strijd om de gunst van de "high-net-worth individual". Inmiddels bestaat het QTR Fund ruim 5 jaar. In de presentatie zal Menno Dreischor, een van de fondsmanagers, toelichten hoe de beheerders van het QTR Fund de praktijk van het beleggen hebben ervaren. Tien jaar geleden richtten twee wetenschappelijk ingenieurs - Henk-Jan Ramaker, Eric van Sprang - hun bedrijf op, TIPb. Zij richtten zich op het gebruik  van complexe procesdata om chemische- en farmaceutische processen te verbeteren. Later sloot Menno Dreischor zich bij het tweetal aan. Hun expertise in het analyseren van procesdata bleek ook goed toepasbaar in de financiële wereld. Omdat tegelijkertijd de beschikbaarheid van historische koersdata snel toenam, leidde dit negen jaar geleden tot de eerste serieuze stap in de financiële wereld. Een intensief wetenschappelijk onderzoeksprogramma werd opgestart met een helder doel: handelssystemen ontwikkelen met goede risico-rendement statistieken. Natuurlijk is de mathematische kennis van de wetenschappers hierbij een pluspunt, maar belangrijker is misschien nog wel het vermogen om wetenschappelijk te denken over handelssystemen. Dit voorkomt acceptatie van een winnende strategie die slechts het resultaat is van stom geluk. De resultaten van dit onderzoeksprogramma waren zo bemoedigend, dat zij besloten een nieuw bedrijf, QTR Invest, op te richten om zo de ontwikkelde handelssystemen in de vorm van een hedgefonds, het QTR Fund aan beleggers aan te bieden. Menno studeerde technische scheikunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 2005 binnen de vakgroep Computational Physics aan de Universiteit van Amsterdam op gebied van fundamentele polymeerfysica. Sinds 2006 is Menno werkzaam als consultant in het bedrijf TIPb en sinds 2009 als een van de partners binnen QTR Invest, samen met zijn collega's Eric van Sprang en Henk-Jan Ramake. QTR Invest is de beheerder van het QTR Fund. ^  Inhoud - Sprekers Marco Vocking 13:30 - 14:15 - StatenKamer Vereenvoudig uw trading met de nieuwe "Algo Bands" Marco Vocking zal in zijn presentatie zijn zeer overzichtelijke Amerikaanse trading software tonen. Hij doet dit onder meer aan de hand van de Algobands indicator. De Algobands Indicator herkent het volume van de algoritmes van de institutionele beleggers en verschijnt op het tijdstip en niveau waar deze in de markt komen. Deze indicator werkt op iedere markt en is ook perfect te combineren met onze andere indicatoren. In zijn  presentatie, die alle facetten bevat die u nodig heeft om op de beurs succesvol te zijn, leert Marco U de basis van het traden met Algobands en alle belangrijke punten waar u op moet letten tijdens het traden. Vocking professional trading, opgericht in 1992, is als leverancier van hardware en software gespecialiseerd in trading met alle daaraan gekoppelde diensten. Als officieel Education Partner van NinjaTrader  bieden wij complete cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. ^  Inhoud - Sprekers 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Standhouders Analist Advance beleggen De ontwaakte trader De optiestrateeg Foxware Indexanalist Lynx Vocking HCC ^  Inhoud Analist.nl   Standhouder    Nieuws & Analyse Analist.nl is een gratis toegangkelijke Nederlandse beleggingswebsite die zich zowel op de professionele als de particuliere beleggers richt. Dagelijks worden op Analist.nl alle aandelenadviezen van  de professionele effectenhuizen verwerkt. Tevens biedt de website praktisch alle fundamentele data van het gros van de Amerikaanse en West-Europese beurzen. Van alle aandelen biedt Analist.nl u ook alle historische jaarverslagen in pdf vorm aan. Via filtermethodieken kunt u eenvoudig de aandelen filteren op variabelen zoals de Shiller PE, het dividendrendement, historische rendementen, de schuldgraad, de kaspositie etc. Tevens komen de zeer succesvolle screeners zoals die Piotroski, Greenblatt en Buffett aan bod.  Ratings · Aandelen Amsterdam       Alle Nederlandse ratings ^  Inhoud - Standhouders Advance  Standhouder AdvanceBeleggen.nl Haal extra rendement uit het beursjaar 2015 en kies voor alternatieve obligatievormen met een aantrekkelijk rendement. Voorts vermogensbeheer op basis van de aanpak van Advance via Onafhankelijk Vermogensbeheer ‘s-Gravenhage BV. OVG Advance is opgericht in 2003 door Gerard Jager, tevens goeroe van De Telegraaf (DFT.nl) en vermogensbeheerder bij OVGBeheer.nl. Geïnteresseerd in een gratis proefabonnement? Meld u aan via www.advancebeleggen.nl  Wist u dat Advance en OVG maandelijks gratis advies verstrekken in uw omgeving in Nederland, België, Zwitserland, Z. Frankrijk en Z. Spanje? Aanmelden via www.gratisadvies.org Voorts biedt OVG “Garantiebeleggen” aan beleggers met een behoedzaam risicoprofiel. Onder garantiebeleggen wordt verstaan het samenstellen van een beleggingsportefeuille, grotendeels bestaande uit beleggingsvormen met 100% hoofdsomgarantie door banken. Voor meer info bel 065 232 6782 ^  Inhoud - Standhouders De Ontwaakte Trader  Standhouder De Ontwaakte Trader richt zich op coaching en educatie van traders en actieve beleggers. Via een ledensite en een 1-jarig cursusprogramma leiden wij onze cursisten op tot succesvolle traders. Via ons blog geven wij onze bezoekers zoveel mogelijk waardevolle informatie in de vorm van artikelen, video's, e-books, cursussen, webinars en seminars. Door je aan te melden op onze nieuwsbrief weet je zeker dat je niks van dit alles zult gaan missen. Wij werken 100% onafhankelijk. We hebben geen enkel belang om onze bezoekers of cursisten bij een bepaalde broker of andere financiële partij onder te brengen. Het verdienmodel van héél veel sites op het internet is erop gericht hun bezoekers onder te brengen bij bepaalde partijen door het aanbieden van bijvoorbeeld (geld) bonussen. Voor ons maakt het niet uit waar je handelt, wat je handelt of hoeveel je handelt, zolang je maar succesvol handelt! Het is ons doel je daarbij te helpen en je alles aan te reiken wat je nodig hebt om een succesvolle trader of belegger te worden. ^  Inhoud - Standhouders De Optiestrateeg  Standhouder Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Wij handelen hoofdzakelijk in opties op de AEX. Met onze abonneeservice volgt u onze inleg en kunt u zelf ook profiteren van de rendementen die wij behalen. Wat kunt u van onze abonneeservice verwachten: Een gemiddeld jaarrendement van meer dan 20%. Mogelijk vanaf €10.000 Werken met een vast concept: de Vertical limit strategie Track record vanaf 2008 Risico is vooraf bepaald en inzichtelijk Wekelijkse update Gekoppeld account via Lynx Voor meer informatie: kijk op onze website www.deoptiestrateeg.nl ^  Inhoud - Standhouders Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit pakket ondersteunt al bijna 25 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 7+ jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 30 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis ^  Inhoud - Standhouders IndexAnalist  Standhouder De IndexAnalist is een onafhankelijk beleggingsadviesbureau die erop gericht is om continue en regelmatig maandelijkse rendementen te genereren o.b.v. technische analyse en de Elliott Wave Theorie.  Het team IndexAnalist bestaat uit Sander Stienstra en Lionell Emanuelson die hun jarenlange ervaring eind 2013 hebben gebundeld. Sander Stienstra heeft in 2004 de AEXAdviseur opgericht welke een aantal jaren daarna werd omgedoopt tot de huidige IndexAnalist. Succesvol zijn in beleggen heeft volgens Stienstra te maken met kennis, ervaring, passie en heel veel discipline. Lionell Emanuelson heeft na zijn studie technische bedrijfswetenschappen en naast diverse managementfuncties in het bedrijfsleven altijd part time belegd. Gedurende deze periode heeft hij zijn Analytica methode ontwikkeld en continue verbeterd. ^  Inhoud - Standhouders Lynx   Standhouder Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke en professionele handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. Lynx is sinds 2007 actief op de Nederlandse markt en vanaf 2008 ook in België en Duitsland. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland In 2013 is Lynx uitgeroepen tot beste broker bij de Gouden Stier Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 100 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading ^  Inhoud - Standhouders Vocking  Standhouder Ons bedrijf is opgericht in 1992 met de levering van hardware en software. Sinds 1999 zijn we volledig gespecialiseerd in trading software met alle daaraan gekoppelde diensten. Zo leveren wij complete systemen en verzorgen wij volledige cursussen voor daytraders. NinjaTrader Education Partner: Als officieel Education Partner van NinjaTrader hebben wij de exclusiviteit van twee Amerikaanse handelssystemen. Door de intensieve samenwerking met onze partners bieden wij onze klanten een complete oplossing die een grote bijdrage levert aan hun succes. Ter ondersteuning aan onze klanten bieden wij complete cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. www.vocking.nl Op onze stand bent u van harte welkom om kennis te maken met een van onze handelssystemen. Wij staan u graag te woord. ^  Inhoud - Standhouders HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers!  HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing!   Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Via PC-Active PC-Active is het nieuwe HCC verenigingsblad. PC-Active is exclusief voor leden van HCC, er kan geen los abonnement op PC-Active worden afgesloten. Wel is PC-Active verkrijgbaar in de losse verkoop. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 8 maart 2015 voor meest recente informatie kijk op: http://www.hcc.nl  ^  Inhoud Aanmelden - Routebeschrijving Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 28 maart 2015 Wat 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Wanneer 28 maart 2015 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en  innovaties bij flink een aantal leveranciers Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Programma: Programma en andere informatie op de HCC Beleggen website:  Klik Hier Kosten: Toegang gratis voor HCC Beleggen Leden Voor leden van onze vereniging HCC (HCC lid worden kan ter plaatse tegen een gereduceerd tarief ) is de toegang vanzelfsprekend ook gratis. Van niet leden vragen wij van u een kleine bijdrage in de kosten van €15,= Een entreebewijs voor het 64-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier ^  Inhoud 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Webinars De acht lezingen van het 64e HCC!beleggen symposium in De Bilt of thuis zeven lezingen als webinar volgen? Eén ding staat vast: allemaal ‘live’ volgen krijg je niet voor elkaar. Niet op 28 maart in De Bilt en evenmin thuis als webinar. Want de lezingen worden in twee zalen parallel gegeven. Je zult dus een keuze moeten maken, de krenten uit de pap prikken. Alhoewel, met wat geduld kun je ze toch allemaal volgen. Er worden namelijk ook video-opnames gemaakt, die binnen een week op de website van HCC!beleggen worden gepubliceerd. HCC!beleggen biedt onder het motto ‘Weg van de gebaande paden’ een unieke gelegenheid om meer van het ‘vak’ of liever de ‘uitdaging’ genoemd ‘beleggen’ te leren. Want laten we wel zijn: iemand die echt weet hoe je snel hiermee rijk kunt worden, bestaat niet. En zou het ook zeker niet aan iedereen gaan vertellen. Maar toch, met extra kennis gewapend kun je vast betere resultaten bereiken. En onthoud: resultaten uit het verleden geven geen garanties voor de toekomst. Lezingen   Collenbergh zaal StatenKamer 10:00 - 10:45 Aat Schornagel Handelsalgoritmen voor (dag)opties: ontwikkeling, backtesten en de keuze tussen future, turbo en optie PAUZE 10:45 - 11:05 11:05 - 11:50 Chris Boon en Jaap Groeneveld Hoog rendement op basis van Relatieve Sterkte Emiel van Maris  Trendfollowing PAUZE 11:50 - 12:10 12:10 - 12:55 Bob Hendriks Systematische vermogensopbouw door een combinatie van sparen en beleggen Menno Dreischor Kwantitatief beleggen van de theorie naar de praktijk PAUZE 12:55 - 13:30 13:30 - 14:15 Pim van de Velde  "Waarom we niet meer om crowdfunding heen kunnen" PAUZE 14:15 - 14:35 14:35 - 15:20 Karel Mercx    The four most dangerous words in investing are:   'this time it's different' Via een webinar kun je een lezing als het ware ‘live’ bijwonen. Je ziet en hoort de spreker, maar ook wat er in de zaal op het scherm verschijnt. Vragen stellen kan alleen in de zaal. HCC-leden kunnen de webinars gratis volgen.   Wil je meer weten? Klik dan op de titels van bovenstaande lezingen. Van de lezingen worden ook video’s gemaakt, die (meestal) binnen een week op de websites van de betreffende groepering staan. Voor meer algemene informatie over aanmelden voor HCC Webinars Klik Hier Tot Zaterdag 28 maart 2015. ^  Inhoud

16 maart 2015

...

Nieuwsbrief20150301

.. Maart 2015 64ste HCC Beleggen Symposium overzicht CFD's :  89%  van de beleggers verliest ! Betere bescherming voor belegger in beleggingsobligaties nodig Kosten van cybercriminaliteit.. Algobands indicator Delta Lloyd Deelnemingen Fonds fors afgewaardeerd Meedoen kan Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 28 maart 2015 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Waarom altijd alleen maar alleen beleggen in aandelen? Er is nog zoveel meer mogelijk. David Swensen - bekend van het Yale beleggingsfonds -  die jaren gemiddeld een rendement van ruim 10% per jaar maakte, heeft dit bijvoorbeeld laten zien. In plaats van de traditionele 60-40 verdeling is hij in de 70-er jaren een weg ingeslagen waarbij hij ook is gaan beleggen in allerlei andere zaken.  Naast aandelen en obligaties is hij gaan beleggen in o.a. private equity, hedge funds, e.d.  In 2008 werd duidelijk dat ook aan zo'n aanpak uiteraard de nodige risico's kunnen zitten. Tijdens dit 64-ste HCC beleggen Symposium zullen naast de traditionele beleggingsmethode u een aantal alternatieve worden aangereikt . Zo zal bijvoorbeeld crowdfunding en een hedge fund worden besproken. Ook het handelen en het bouwen van een tradingsysteem zal aan de orde komen.  Kortom er staan weer een groot aantal interessante onderwerpen op het programma. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Rooster     "Weg van de gebaande paden"      Collenbergh zaal StatenKamer 10:00 - 10:45 Aat Schornagel Handelsalgoritmen voor (dag)opties: ontwikkeling, backtesten en de keuze tussen future, turbo en optie ALV Algemene ledenvergadering HCC Beleggen PAUZE 10:45 - 11:05 11:05 - 11:50 Chris Boon en Jaap Groeneveld Hoog rendement op basis van Relatieve Sterkte Emiel van Maris  Trendfollowing PAUZE 11:50 - 12:10 12:10 - 12:55 Bob Hendriks Systematische vermogensopbouw door een combinatie van sparen en beleggen Menno Dreischor Kwantitatief beleggen van de theorie naar de praktijk PAUZE 12:55 - 13:30 13:30 - 14:15 Pim van de Velde   "Waarom we niet meer om crowdfunding heen kunnen" Marco Vocking Vereenvoudig uw trading met de nieuwe Algo Bands PAUZE 14:15 - 14:35 14:35 - 15:20 Karel Mercx    The four most dangerous words in investing are: 'this time it's different' *Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Het 64ste HCC Beleggen symposium op 28 maart 2015 in: Inschrijven  (verplicht )   Klik Hier   Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte, Henri Dunantplein 4, 3731 CL  De Bilt Routebeschrijving Toegang gratis voor HCC Beleggen Leden Indien u lid bent van onze vereniging HCC (HCC Beleggen lid worden kan ter plaatse tegen een gereduceerd tarief ) is voor u de toegang vanzelfsprekend ook gratis anders vragen wij van u een kleine bijdrage in de kosten van €15,= ^  Inhoud CFD's:  89%  van de beleggers verliest ! Bron: AFM AFM: 'Aanbieders van Contracts for Difference stellen beleggers onnodig bloot aan risico’s'. De AFM (Autoriteit Financiële Markten) heeft vanaf het najaar 2013 gefaseerd onderzoek gedaan naar Contracts for Difference (CfD’s). Uit het onderzoek (1) blijkt dat aanbieders klanten te gemakkelijk in de gelegenheid stellen om in deze zeer risicovolle producten te beleggen. De marketing van aanbieders van CfD’s richt zich op een te brede groep beleggers en de informatieverstrekking over de werking en risico’s van het product is in vaak onvoldoende. CfD's Een CfD is een financieel instrument waarbij twee partijen met elkaar afspreken om de waarde van een onderliggende belegging op twee verschillende momenten met elkaar te verrekenen. Hierbij wordt ingespeeld op een koersverandering. Die onderliggende belegging kan van alles zijn zoals een vreemde valuta, beursindex of een aandeel. Een beperkte koersschommeling kan door de hefboomwerking bij CfD’s leiden tot grote verliezen. In december 2011 heeft de AFM al een waarschuwing over de risico’s van CfD’s overgenomen van de Europese toezichthouders European Banking Authority (EBA) en European Securities and Markets Authority (ESMA). Naar aanleiding van aanhoudende signalen over de risico’s van deze producten is de AFM in het najaar van 2013 een onderzoek gestart onder 20 aanbieders van CfD’s in Nederland. De Franse toezichthouder, de Autorité des Marchés Financiers (AMF) heeft recent nog gewaarschuwd (artikel engelstalig) dat meer dan 89% van de beleggers in CfD’s aanzienlijke geldbedragen verliest. Omdat de producten in Frankrijk niet verschillen van de producten die in Nederland worden aangeboden, is er geen reden om aan te nemen dat in Nederland de situatie anders is. Acceptatieprocedure, informatieverstrekking en marketing Uit het onderzoek(1) van de AFM blijkt dat aanbieders van CfD’s wel een acceptatieprocedure hebben. Hierbij wordt geïnventariseerd welke kennis en ervaring klanten hebben en of ze voldoen aan een minimale vermogenseis. Aan deze inventarisatie worden door veel aanbieders vervolgens onvoldoende consequenties verbonden. Klanten met weinig ervaring, risicobereidheid en vermogen kunnen zo alsnog te gemakkelijk beleggen in CfD’s. Hoewel het acceptatiebeleid in lijn is met de wettelijke vereisten, dringt de AFM er bij aanbieders nadrukkelijk op aan dat zij meer doen om dit te voorkomen. De informatieverstrekking over CfD’s door aanbieders vindt de AFM over het algemeen onder de maat. In veel van de onderzochte gevallen is geconstateerd dat er onvoldoende uitleg wordt gegeven over de werking en risico’s van CfD’s. De AFM heeft haar bevindingen met de aanbieders gedeeld waarna deze hebben aangegeven verbeteringen te zullen doorvoeren. Veel van de aanbieders hebben dit inmiddels ook gedaan. De marketinguitingen over CfD’s voldoen in de meeste gevallen aan de geldende wettelijk normen, maar richten zich op een te brede groep van beleggers. Enkele aanbieders bieden daarbij vergoedingen aan voor het aanbrengen van nieuwe klanten. Deze vorm van werving bij CfD’s vindt de AFM niet acceptabel. De AFM heeft de aanbieders hierop gewezen. Aangezien de kans op verlies voor beleggers groot is, heeft de AFM er verder op aangedrongen klanten meer mogelijkheden te geven om verliezen bij CfD’s te beperken. Dit kan bijvoorbeeld doordat aanbieders bepaalde ordertypes, zoals een gegarandeerde stop-loss order, aanbieden of contractueel een restschuld uitsluiten. Buitenlandse aanbieders leven Europese regels onvoldoende na Een aspect dat het toezicht op CfD’s door de AFM compliceert is dat veel aanbieders niet onder toezicht staan van de AFM. Deze aanbieders zijn vanuit Europa actief in Nederland op basis van een Europees paspoort en vallen onder het toezicht van de Europese toezichthouder die de vergunning heeft verstrekt. De AFM constateert dat een aantal van deze aanbieders de geldende Europese regels onvoldoende naleeft. De AFM vindt deze situatie zorgwekkend en is voornemens dit in de daartoe bestemde (internationale) gremia te adresseren. (1) Download Rapport (pdf): Productonderzoek Contracs for Difference ^  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Mail bij interesse het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. ^  Inhoud Betere bescherming voor belegger in beleggingsobligaties nodig Bron: redactie, afm, wikipedia De Autoriteit Financiële Markten (AFM) pleit voor extra bescherming voor beleggers in zogenoemde beleggingsobligaties. Uit eerder onderzoek  blijkt dat deze producten veel tekortkomingen kennen, erg risicovol zijn en de opbrengst vaak tegen valt. Nu heeft de AFM, naar eigen zeggen, te weinig grip op aanbieders van beleggingsobligaties, omdat veel aanbieders gebruikmaken van vrijstellingen en uitzonderingen op de prospectusplicht en niet onder  doorlopend toezicht staan. Obligaties Een obligatielening is een geldlening op lange termijn, afgesloten met een meestal groot aantal vermogensverschaffers. Deze krijgen, als bewijs voor de door hen verstrekte geldbedragen, schuldbekentenissen (obligaties). De geldnemer, een onderneming of andere instelling bijvoorbeeld de overheid, is verplicht om een vaste interestbedrag (meestal jaarlijks) te betalen. Beleggingsobligaties Obligatielening waarvan de opbrengst wordt gebruikt om te beleggen in bijvoorbeeld landbouwgrond, zonnepanelen, wijn of mkb-ondernemingen. Rente en aflossing worden betaald uit de opbrengst van de beleggingen. Een beleggingsobligatie is een risicovolle investering. Daarom pleit de AFM voor aanpassing van de wet om aanbieders van beleggingsobligaties onder doorlopend toezicht te brengen. Het ministerie van Financiën bereidt inmiddels een wijziging van de wet voor. De AFM heeft in 2014 extra aandacht besteed aan vrijgestelde aanbieders van beleggingsobligaties. Uit onderzoeken bij zeven partijen kwamen ernstige tekortkomingen in de informatieverstrekking naar voren. Het merendeel van de onderzochte partijen verstrekte niet alle essentiële informatie en in sommige gevallen werd zelfs onjuiste informatie aan beleggers verstrekt. De AFM heeft diverse handhavingsmaatregelen opgelegd. De AFM heeft zich in de zeven onderzoeken uitsluitend kunnen richten op de informatieverstrekking aan beleggers, omdat deze aanbieders niet onder haar doorlopend toezicht staan. Extra bescherming van consumenten is nodig, onder meer op het gebied van de informatieverstrekking. Uit de Consumentenmonitor van de AFM van najaar 2014 blijkt dat beleggers de hoogte van de rente de belangrijkste reden vinden om in een beleggingsobligatie te investeren. Ze kijken daarbij onvoldoende naar de risico’s van beleggingsobligaties, of begrijpen deze risico’s verkeerd. Veelbelovende advertenties spiegelen hoge rendementen voor zonder aandacht voor alle risico’s. Appelleren aan duurzaamheid en groene beleggingen verhoogt de kans dat beleggers overwegen te investeren, zonder dat zij daar de risico’s volledig bij in beeld hebben. Risicoverhogende factoren, zoals het (ontbreken van) eigen vermogen van de aanbieder van de obligatie of het feit de aanbieder de obligatiegelden doorleent, zijn slechts voor een kleine meerderheid reden om terughoudender te zijn met hun investering. Hoe herken je een risicovolle belegging in obligaties? -      Een complexe (juridische) structuur: hierdoor is het voor beleggers vaak onduidelijk welke zekerheden en rechten zij nu eigenlijk hebben. -      Hoge kosten en fees: Veel risicovolle obligaties kenmerken zich door hoge initiële kosten die in veel gevallen ten gunste van de initiatiefnemer komen. Daarnaast ontvangt de initiatiefnemer een doorlopende vergoeding die veelal vast is en die niet in relatie staat tot de beleggingsresultaten. In een aantal gevallen zijn deze doorlopende kosten relatief hoog. Door de kosten op deze wijze te structureren is het risico van de initiatiefnemer zelf beperkt. -       Risicoprofiel: uitgevende ondernemingen van risicovolle obligaties hebben vaak weinig tot geen eigen vermogen. Dit verhoogt de risico’s voor beleggers bij een faillissement. -       Schijnzekerheden: vaak bieden aanbieders van obligaties hoge gegarandeerde rendementen. Het is echter onzeker of ze de garanties die ze verstrekken ook kunnen blijven betalen. Ook wordt de onderliggende waarde zoals vastgoed, het MKB of zonne-energie, vaak ten onrechte gepresenteerd als zekerheid. Uit een eerder een verkennend onderzoek gedaan, door de AFM, naar de veiligheid van deze producten, de transparantie over risico’s en het gebruik van uitzonderingen en vrijstellingen werd duidelijk dat het grootste deel van de onderzochte beleggingsobligaties ‘onwenselijk’ is wegens het hoge risico en de vaak tegenvallende opbrengst. Uit het verkennend onderzoek kwamen duidelijke tekortkomingen naar voren: Een ondoorzichtige en ingewikkelde juridische en economische structuur, met intransparante intragroepsrelaties en onduidelijke zeggenschapsverhoudingen. Hierdoor is niet duidelijk welke zekerheden en verhaalsmogelijkheden beleggers hebben. Een ‘scheef’ risicoprofiel. Uitgevende ondernemingen van beleggingsobligaties hebben vaak weinig tot geen eigen vermogen. Hierdoor ondervindt de uitgevende instelling geen nadeel wanneer de belegging niet slaagt. De risico’s van faillissement liggen volledig bij de belegger. Schijnzekerheden. Vaak bieden aanbieders van beleggingsobligaties hoge gegarandeerde rendementen, waarbij de onderliggende waarde zoals vastgoed of zonne-energie onterecht wordt gepresenteerd als zekerheid. In de praktijk blijken deze zekerheden in veel gevallen inhoudsloos en zijn beleggingsobligaties achtergesteld aan andere schulden. Een goedgekeurd prospectus is geen keurmerk Voor sommige van deze obligaties is een prospectus opgesteld dat is goedgekeurd door de AFM. Als je dit ziet staan in advertenties kan de indruk bestaan dat een goedgekeurd prospectus volledige zekerheid biedt. Een goedgekeurd prospectus zegt echter niets over de betrouwbaarheid van een aanbieder. Ook is het geen garantie dat de beloofde rendementen daadwerkelijk worden behaald. Ten slotte over een hoog (gegarandeerd) rendement: Een hoog rendement betekent over het algemeen ook een hoog risico. Zo kunnen rentebetalingen stoppen als het slecht gaat met de onderneming die obligaties uitgeeft. Ook kan de rente afhankelijk zijn van de opbrengst van de belegging. Dit soort risico’s staan vaak alleen in de voorwaarden beschreven. Lees de voorwaarden daarom altijd goed door is het advies van de AFM. ^  Inhoud Kosten van cybercriminaliteit: een introductie Bron: Ad van de Gevel en Charles Noussair - Me Judice, 24 februari 2015 De sterk toenemende kosten van cybercriminaliteit vereisen een verschuiving van detectie naar preventie. Om de gelegenheid te beperken is vooral risicovol gedrag van de eigen medewerkers van groot belang. Dit stellen Ad van de Gevel en Charles Noussair in een overzicht van de verschijningsvormen en de kosten van cybercriminaliteit. Groeiende industrie Een brede definitie van internetcriminaliteit geeft vormen van criminaliteit die betrekking hebben op, of gepleegd zijn met, computersystemen, inclusief telecommunicatienetwerken. Internet criminaliteit omvat het stelen van intellectuele eigendom, het online plunderen van bank rekeningen, het creëren en verspreiden van virussen op andere computers, het plaatsen van vertrouwelijke zakelijke informatie op het Internet en het verstoren van kritieke nationale infrastructuur van een land. Zakelijke verstoringen en verlies van informatie of diefstal ervan behoren tot de meest significante consequenties van een cyber aanval. Cybercrime is een groeiende industrie en criminele organisaties worden steeds professioneler, zij ontwikkelen hun eigen technieken en hulpmiddelen of breiden die van anderen uit. Er bestaat een markt voor criminele cyberdienstverlening met een ruime beschikbaarheid van kennis en tools voor cybervandalen. De fundamentele bouwstenen van het internet zijn protocollen die ruim 30 jaar geleden zijn ontwikkeld, zonder enige notie van hoe groot het Internet in de daaropvolgende decennia zou worden. Protocollen als het Border Gateway Protocol (BGP), het Domain Name System (DNS) en het Simple Mail Transfer Protocol (SMTP) gebruiken nauwelijks enige vorm van verificatie, authenticatie of encryptie en werken op basis van vertrouwen in de integriteit van hun communicatiepartners. Verouderde software bevat vaak al langer bekende kwetsbaarheden en daar die niet meer worden opgelost, kunnen cybercriminelen deze blijvend misbruiken. Hierdoor ontstaat een ICT-duurzaamheidsprobleem. Kwaadwilligen proberen de gebreken in deze protocollen te misbruiken. DNS en BGP, beide noodzakelijk voor het dirigeren van internetverkeer, zijn een gewild doelwit om internetverkeer naar ongewenste bestemmingen om te leiden en zo slachtoffers bijv. massaal met malware te besmetten of vervalste webpagina’s te tonen waarmee wachtwoorden kunnen worden gestolen. Criminelen nemen hun beslissingen op basis van een evaluatie van de waarde van de gestelde doelen, het risico van ontdekking en het gemak van toegang om in te breken in een netwerk. Ad van de Gevel universitair docent verbonden aan de Universiteit van Tilburg.. Recente publicaties: Gevel, A.J.W. van de, & Noussair, C.N. (2014). De biologie van financiele markten. Het Beste Idee van 2014 (pp. 218-222).: Uitgeverij De Wereld. Gevel, A.J.W. van de, & Noussair, C.N. (2013). The Nexus Between Artificial Intellgence and Economics. Heidelberg Berlin: Springer Verlag. (SpringerBriefs in Economics). Gevel, A.J.W. van de, & Noussair, C.N. (2012). The Nexus between Artificial Intelligence and Economics. (CentER Discussion Paper, 2012-087). Tilburg: Economics. De intentie van Internetberoepscriminelen is vaak het verdienen van geld, ofwel door het zelf uitvoeren van aanvallen op informatie of op ICT netwerken of door afpersing door te dreigen met cyberaanvallen, ofwel door het aanbieden van diensten waarmee anderen aanvallen kunnen uitvoeren, ofwel door de handel in of dienstverlening voor gestolen informatie. Cybervandalen (hacktivisten, hackers) willen met hun aanvallen ook ideologische doelen realiseren of dichterbij brengen. Terroristen hebben de intentie maatschappelijke veranderingen te bewerkstelligen, de bevolking ernstige vrees aan te jagen of politieke besluitvorming te beïnvloeden. Cybercriminelen zijn zich in de afgelopen periode meer gaan richten op de infrastructuur van het Internet in plaats van op individuele computers of sites. De schaalvoordelen van het misbruiken van een dienstverlener zoals een hostingpartij, een domeinnaamserver of een populaire website, bieden bijvoorbeeld veel meer mogelijkheden dan het compromitteren van een individuele website. Verschijningsvormen Cybercriminaliteit komt in veel vormen voor. Hieronder bespreken we de belangrijkste. Malware is een verzamelnaam voor vormen van software met kwaadaardige bedoeling zoals phishing, computer virussen, wormen, Trojaanse paarden, spyware of keyloggers. De eerste sporen van malware dateren al van 2003. Regin is gekarakteriseerd als de meest geavanceerde malware waarvan het Belgische telecom bedrijf Belgacom in 2013 het slachtoffer is geworden bij een grootschalige aanval die waarschijnlijk is uitgevoerd door de Britse inlichtingendienst Government Communications Head Quarters (GCHQ) en de Amerikaanse inlichtingendienst National Security Agency (NSA). De hacking operaties tegen Belgacom en ook tegen de Europese Unie zijn wereldkundig gemaakt via de uitgelekte documenten over de spionageactiviteiten van de NSA door de onthullingen van klokkenluider Edward Snowden in juni 2013 (voetnoot 1). Regin is vergeleken met Stuxnet dat werd ingezet om de uraniumverrijkingscentrale in het Iraanse Natanz te saboteren. De worm die ontwikkeld is door de Verenigde Staten en Israël legde een vijfde van de Iraanse computers, die gebruikt worden voor het kernprogramma plat. Hierdoor zou het Iraanse atoomprogramma voor meerdere jaren vertraagd zijn. Phishing is een vorm van internetfraude, waarmee fraudeurs proberen om via e-mail achter bankgegevens te komen. Potentiële slachtoffers worden naar een valse (bank)website gelokt. Die is echter een kopie van de echte website van de bank. Na verzochte invoering van inlognaam en wachtwoord krijgt de fraudeur de beschikking over bankgegevens waarna plundering van de rekening volgt. Symantec, een onderneming gespecialiseerd in computer beveiliging, schat dat per dag wereldwijd 8 miljoen phishing pogingen worden ondernomen. Met de term Trojaans paard wordt een kwaadaardig programma bedoeld dat ongemerkt met een ander programma meekomt en die, van binnenuit, onopgemerkt op een computer actief zijn en die een kwaadwillende ongemerkt toegang geeft of (ongewenste) acties uitvoert. Een Trojaans paard kan worden gebruikt om virussen en wormen te verspreiden. Het belangrijkste verschil is, dat virussen en wormen zichzelf verspreiden naar slachtoffers (push) en Trojaanse paarden meestal door het slachtoffer worden binnengehaald (pull). Een computerworm (of kortweg worm) is een zichzelf vermenigvuldigend computerprogramma dat zichzelf verspreidt over het Internet en dat via het netwerk kopieën van zichzelf doorstuurt zonder tussenkomst van een tussengebruiker. Een worm is geen computervirus want het heeft geen computerprogramma nodig om zich aan vast te hechten. Een worm brengt schade toe aan een netwerk, en een virus doet een gerichte aanval op een computer. Een computervirus heeft een gastheer nodig zoals een bestand of e-mail. Charles Noussair  Hoogleraar economie aan Tilburg University. Hij is sinds 2006 hoogleraar aan de universiteit van Tilburg. Daarvoor beklede hij diverse functies w.o.: Hoogleraar Economie, Emory University, Atlanta, GA, Verenigde Staten, 2004-2006, Associate Professor 2002-2004. Associate Professor of Economics, Krannert School of Management, Purdue University, West Lafayette, IN, USA, 1998 - 2002, Universitair docent, 1994-1998.Universitair docent Wiskundige Economie, Econometrisch Instituut, Erasmus Universiteit Rotterdam, Nederland, 1992-1994. Zijn opleiding: Ph.D. Sociale wetenschappen, California Institute of Technology, juni 1993. MS Sociale Wetenschappen, California Institute of Technology, juni 1990.  BA Economie en Psychologie, Universiteit van Pennsylvania, mei 1987. Veel Trojaanse malware paarden bevatten tegenwoordig een backdoor component, die een kwaadwillende op een later tijdstip toegang kan verschaffen tot de geïnfecteerde computer. Een rootkit is een stukje gereedschap dat een hacker volledige controle geeft over een computer die de standaard Windows autorisatie en authenticatie mechanismen omzeilt en daardoor praktisch onzichtbaar wordt. Een keylogger is een specifiek soort software die maar één ding doet: het vastleggen (loggen) van toetsaanslagen, muisklikken en wachtwoorden,. De gelogde gegevens worden vaak automatisch verstuurd naar een derde partij. Een keylogger kan op zichzelf staan maar komt ook voor als onderdeel van een backdoor of een rootkit. Spyware is software die specifieke gegevens van een computer verzamelt, zoals bijv. surfgedrag. Spyware wordt soms door de softwarefabrikant en soms door anderen aan bestaande software toegevoegd. Spyware ‘verstopt’ zich vaak niet echt en is redelijk gemakkelijk op te sporen. Zakenlieden zijn in luxe Aziatische hotels al minsten vier jaar lang ongemerkt doelwit van hackers. Het gaat hier om de zogenoemde Darkhotel spionage campagnes waarbij hackers al eerder gegevens hebben buitgemaakt van topbestuurders uit Azië en de Verenigde Staten. De hackers wachten tot de slachtoffers verbinding maken met het draadloze WiFi-netwerk van het hotel en krijgen dan inzage in het kamernummer en de achternaam van het slachtoffer. De hotelgast wordt verleid tot het downloaden en installeren van een backdoor, die oogt als legitieme software van Adobe of Google. Als het pakket is gedownload hebben de hackers toegang tot de systeem van de hotelgast. Het overgrote deel van de computer-vredebreuken vindt plaats in Japan, Taiwan, China en Rusland. Ransomware, ‘gijzelingssoftware’, is een hardnekkige vorm van malware, die toegang tot de computer blokkeert. Het slachtoffer is niet meer in staat om gebruik te maken van het systeem: er is alleen maar een dreigende boodschap te zien. Hierin wordt het slachtoffer aangezet om een betaling te doen. Vaak doen de digitale afpersers zich voor als de politie, maar ook de namen van andere autoriteiten worden misbruikt. Ransomware is een vorm van afpersing en is strafbaar in Nederland. De nieuwste en meest opvallende ontwikkeling in ransomware is de opkomst van cryptoware dat sterk gericht is op bedrijven. Medio 2013 werd de eerste variant gesignaleerd in Amerika, genaamd CryptoLocker. Eind 2013 werd cryptoware voor het eerst in Nederland waargenomen. CryptoLocker werd onder andere verspreid via de GameOver Zeus Trojan, dat in eerste instantie voor fraude met internetbankieren werd gebruikt. In totaal zouden 545.000 computers met GameOver Zeus ook met CryptoLocker besmet zijn geraakt. Dit was slechts een klein deel van het GameOver Zeus trojaans paard, aangezien bankfraude het hoofddoel was. CryptoLocker is ransomware die bestanden op besmette computers versleutelt en vervolgens een bedrag eist dat slachtoffers moeten betalen om weer toegang te krijgen. De gebruikte encryptie is zo sterk dat het terugkrijgen van versleutelde bestanden, tenzij er betaald werd of slachtoffers over een back-up beschikten, zo goed als onmogelijk was. In het geval van CryptoLocker vervijfvoudigde de vraagprijs na 72 uur. Betaling leidde echter niet zonder meer tot het vrijgeven van de bestanden. Voor het versleutelen werd voor elke besmette computer een aparte privésleutel gebruikt, die zich op de goed verborgen servers van CryptoLocker bevond. Alleen met deze privésleutel konden de bestanden worden ontsleuteld. Onderzoekers van het Nederlandse beveiligingsbedrijf Fox-IT en het Amerikaanse FireEye zijn erin geslaagd om de privésleutels van de CryptoLocker-ransomware te achterhalen, waardoor alle slachtoffers van deze ransomware sinds augustus 2014 hun versleutelde bestanden kosteloos konden terugkrijgen. Op het moment dat de FBI GameOver Zeus uit de lucht haalde waren nog steeds 155.000 computers met CryptoLocker besmet. Geschat is dat CryptoLocker de criminelen zo'n 2,2 miljoen euro opleverde, wat veel minder is dan de 24 miljoen dollar die door de FBI werden genoemd. Gebleken is dat uiteindelijk 1,3% van de besmette internetgebruikers het gevraagde losgeld ook betaalde. Een opvallende trend in 2014 is de voortdurende groei van ransomware vooral op mobiele platvormen, zoals de Koler dreiging die sinds mei 2014 via pornowebsites vaste voet tracht te krijgen op het Android besturingssysteem voor mobiele telefoons. Het vertoont een vals bericht van lokale autoriteiten voor wetshandhaving en beschuldigt de gebruikers van het kijken en opslaan van pornografie met kinderen op straffe van het betalen van een boete via MoneyPak vooruitbetaal kaarten. Hoewel geen bestanden worden versleuteld doet de Slocker ransomware dat wel. Een bot is een geïnfecteerde computer die op afstand met kwade bedoelingen bestuurd kan worden. Een botnet is een verzameling van dergelijke geïnfecteerde computers. Botnets of softwarerobots opereren automatisch en zelfstandig op ongewenste wijze bij aan elkaar gekoppelde computers via een worm, Trojaans paard of een achterdeur. Op de achtergrond staat altijd een beheerder (bot herder) die op afstand bestuurt vaak met behulp van het open groepscommunicatie (multicasting) Internet Relay Chat (IRC) protocol voor groepsgewijze Internet communicatie dat zich toelegt op een soort kamers (channels of kanalen) voor specifieke onderwerpen. Een botnet kan gebruikt worden voor het maken en sturen van spam, waarbij een spammer toegang tot het botnet koopt van de beheerder. (Distributed) Denial of service, (D)DoS, is de situatie waarin een computersysteem niet in staat is te functioneren, waarbij bijv. een website onbereikbaar wordt voor de gebruikelijke afnemers van de dienst door de website te bestoken en te overbelasten met veel netwerkverkeer of te overspoelen met netwerkaanvragen. Het verschil tussen een 'gewone' DoS-aanval en een DDoS aanval is dat in het laatste geval meerdere computers tegelijk de aanval uitvoeren. Deze situatie kan veroorzaakt worden door een computerkraker, maar ook door een onbedoelde fout (bijv. een bug in een programma). Bij DDoS-aanvallen maakt men vaak gebruik van botnetwerken die allemaal extern aangestuurd kunnen worden. De externe bestuurder kan de computer van zijn slachtoffer laten crashen door alle computers in zijn botnetwerk tegelijkertijd bestanden te laten verzenden naar het slachtoffer. In april en mei 2013 lagen zowel de grootste Nederlandse banken als de overheid langere tijd onder vuur van deze aanvallen. Volgens de Cyberedge Group behoren malware en phishing tot de belangrijkste categoriën van cybercriminaliteit. Op een schaal van 1 tot 5 scoren beide 3.26. Kwaadwillende insiders scoren 3.06. Minder verontrustend is (D)DoS met een score van 2.91. Opvallend is dat organisaties over het algemeen minder bezorgd zijn omtrent de oorsprong van een dreiging dan omtrent het type dreiging dat teweeggebracht wordt. Kwaadwillende insiders scoren hoog op een tabel van 1 tot 5 met 2.96 en cybercriminelen hebben een score van 2.94. Hackers die politiek gemotiveerd zijn scoren 2.75 en hackers die door een staat gesponsord zijn realiseren een score van 2.74. Een en ander impliceert dat de bezorgdheid voor externe bedreigingen groter is dan die van interne aard in een verhouding van 2.5 ten opzichte van 1. Kosten van cybercriminaliteit De kosten van cybercriminaliteit worden in sterke mate bepaald door de wijze waarop cybercriminaliteit wordt gedefinieerd. Een enge definitie laat belangrijke niet-monetaire effecten op innovatie, nationale defensie en lange termijn concurrentievermogen buiten beschouwing. Tot de kosten behoren ook de kosten van het detecteren, herstellen, onderzoeken en beheren van de reacties op de incidenten. Cybercriminaliteit treft honderden miljoenen mensen wier persoonlijke informatie is gestolen. In de VS gaat het om 40 miljoen mensen, in Turkije 54 miljoen, in Korea 20 miljoen, in Duitsland 16 miljoen en meer dan 20 miljoen in China. Voor 2013 wordt het totaal aantal getroffenen geschat op 800 miljoen. Er zijn duizenden rapporten van bedrijven die gehackt zijn. Bijv. in de VS waren er in 2013 3.000 bedrijven die gehackt zijn. In India zijn tussen 2011 en juni 2013 308.371 websites gekraakt. Twee banken in de Perzische Golf verloren $45 miljoen in een paar uur. Een Britse onderneming rapporteerde een verlies van $1,3 miljard in een enkele aanval. Braziliaanse banken zeggen dat hun klanten jaarlijks miljoenen verliezen ten gevolge van cyber fraude. Een punt is dat banken die zware verliezen lijden ten gevolge van cyberincidenten dit vaak publiekelijk ontkennen. In Australië rapporteerden slechts 44% van de slachtoffers de internet aanvallen. Wanneer ondernemingen getroffen worden door cyberaanvallen ervaren zij vaak een geringere waardering van hun aandelen tussen 1% en 5%, maar de daling is niet permanent en de koersen herstellen zich gewoonlijk binnen een kwartaal of twee. Er is een positieve correlatie tussen de omvang van de getroffen organisatie en de kosten. Maar kleine organisaties ervaren hogere kosten per capita dan grotere organisaties ($1.601 versus $437). Alle industrieën zijn slachtoffer van cybercriminaliteit maar organisaties in sectoren zoals energie en nutsbedrijven en financiële dienstverlening ervaren hogere kosten dan organisaties in de media, wetenschappen en gezondheid. De ondernemingen uit het 2014 onderzoek van het Ponemon Institute rapporteerden 429 succesrijke aanvallen per week in 257 organisaties en 1,7 succesrijke aanvallen per onderneming per week. Dit is een toename van 25 procent ten opzichte van 2013, toen dit voor 234 organisaties 1,4 aanvallen per week was en in 2012 voor 199 organisaties 1,3 aanvallen per week. De meest kostbare cybermisdaden worden bedreven door kwaadwillige insiders (employees), bij weigering van dienstverlening en web-gebaseerde aanvallen. Dit geldt voor 55 procent van alle cyber criminaliteitskosten. Voor aanvallen van kwaadwillige insiders kost het de meeste tijd om deze te pareren, namelijk 58,5 dag, terwijl virussen slechts 2,6 dagen eisen. Verstoring van de bedrijfsvoering bijv. in termen van productiviteitsdaling vormt de grootste kostencomponent (38 procent) ten opzichte van verlies aan informatie (35 procent ) en schade aan machinerieën (4 procent). De gemiddelde duur van een cyberaanval was in 2014 31 dagen, wat na weging met de gemiddeld kosten een toename is van 23 procent ten opzichte van de 27 dagen in 2013. Het belangrijkste verlies ten gevolge van cybercriminaliteit is diefstal van intellectuele eigendom. Het Ministerie van Handel in de VS rapporteert dat diefstal van intellectuele eigendom (niet alleen ten gevolge van cybercriminaliteit) jaarlijks Amerikaanse ondernemingen $200 tot $250 miljard kost. Financiële misdaden, het stelen van financiële activa door het illegaal binnendringen in computers, zijn de tweede grootste bron van directe verliezen van cybercriminaliteit. Het zijn misdaden met een hoog publiciteitsprofiel. Als van miljoenen mensen hun creditkaart wordt gestolen krijgt dat onmiddellijk de aandacht. Deze aanvallen kosten de slachtoffer ondernemingen meer dan $100 miljoen voor herstel, hoewel de winst voor de krakers veel kleiner is. Door online fraude verliezen bijv. Mexicaanse banken jaarlijks zo’n $93 miljoen. Geschat wordt dat Japanse banken $110 miljoen en Amerikaanse banken $200 miljoen verliezen. Vooral het kleinbedrijf is een favoriet doelwit voor cybercriminelen. Zo rapporteerde de kleinhandel in het Verenigd Koninkrijk een verlies van meer dan $850 miljoen in 2013. De financiële dienstverlening in Australië had per onderneming meer dan $100 miljoen verlies. De diefstal van financiële activa is voor criminelen gemakkelijk te monetiseren als de fondsen rechtstreeks getransfereerd worden naar een rekening die zij kunnen controleren. In de voormalige Sovjet Unie zijn 20 tot 30 cyber-criminaliteitsgroepen actief en zij zijn in staat om bijna elke defensieve cybermaatregel te ontwijken. Het stelen van vertrouwelijke bedrijfsinformatie is de derde grootste kostenbron van cybercriminaliteit, die door criminelen snel kan worden omgezet in winst. Australische autoriteiten rapporteerden dat er meer dan 200 pogingen zijn gedaan om binnen te dringen in het netwerk van mijnbouw ondernemingen. Manipulatie van aandelenkoersen is ook een groeiende tak van cybercriminaliteit. Door in te breken in het netwerk van een onderneming, van accountants en advocaten kan inside informatie verkregen worden omtrent aanstaande fusies en samenwerkingen waarmee de aandelenkoersen beïnvloed kunnen worden. Door gebruik te maken van “chat rooms” en sociale media voor “pump and dump” geven criminelen valse informatie omtrent de vooruitzichten van een onderneming en laten hun kasregisters rinkelen als de markt reageert (voetnoot 2). Het verstoren van de bedrijfsvoering omvatte 38 procent van de totale kosten, gevolgd door verlies van informatie. Het opsporen van cyberaanvallen en het herstel daarvan maken 53 procent van de totale interne kosten uit. De gemiddelde kosten per jaar van cybermisdaden voor 257 organisaties uit zeven landen (de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Australië, Japan, Frankrijk en Rusland) bedragen in 2014 $7,6 miljoen, met een aanzienlijke variatiebreedte van $ 0,5 miljoen tot $61 miljoen per onderneming voor elk jaar. Ten opzichte van 2013 was er een kostenstijging van 10,4 procent. De gemiddelde kosten zijn het hoogste in de Verenigde Staten ($12.7 miljoen) en het laagste in Rusland ($3.3 miljoen). Met uitzondering van Rusland, hebben alle zes landen een kostenstijging ervaren die varieerde van 2.7% voor Japan tot 22.7% voor het Verenigd Koninkrijk. Hoge inkomenslanden verliezen meer als percentage van hun GDP (0,9%) dan ontwikkelingslanden (0,2%). Voor ontwikkelde landen heeft cybercriminaliteit ernstige implicaties voor de werkgelegenheid waarbij veelal die banen verdwijnen die de meeste waarde creëren. In de VS kost cybercriminaliteit 200.000 banen, wat neerkomt op een daling van de werkgelegenheid met ? procent. Voor de EU kan het werkgelegenheidsverlies vanwege cybercriminaliteit oplopen tot 150.000 banen, wat neerkomt op 0,6% van de totale werkloosheid. Het gaat hierbij niet altijd om netto banenverlies want werklozen kunnen andere banen vinden of hoog betaalde banen kunnen vervangen worden door lager betaalde banen. Misgelopen inkomsten ('opportunity costs') Er zijn drie soorten alternatieve kosten die de verliezen van internet criminaliteit bepalen: verminderde investeringen in R&D, risico mijdend gedrag door bedrijven en consumenten waardoor het internet gebruik beperkt wordt en toenemende bestedingen aan netwerk beveiliging. Productiemiddelen zouden hebben kunnen worden aangewend in deze mogelijkheden, maar kennelijk is dat niet gedaan. Bij een economische beoordeling moet hiernaar echter wel gekeken worden. De alternatieve kosten van internet criminaliteit worden wel gezien als het waarde aandeel daarvan in de Internet economie, die jaarlijks tussen $2 biljoen (een miljoen maal een miljoen) en $3 biljoen genereert. Cybercriminaliteit wordt geschat hieraan tussen 15% en 20% te onttrekken, wat een zware belasting is op potentiële economische groei en banen creatie. De International Data Corporation (IDC) schat dat de totale markt voor beveiligingsproducten en diensten voor het Internet sinds 2011 is gestegen met 8,7% van $53 miljard naar $58 miljard in 2013. Dit is voornamelijk het resultaat van het toegenomen bewustzijn voor cyberveiligheidsrisico’s bij bedrijven. Feit is dat de kosten van reparatie van cyberaanvallen, inclusief reputatieschade voor de gekraakte ondernemingen vaak groter zijn dan die van de misdaad zelf. Voor bijv. Italië waren de feitelijke verliezen slechts $857 miljoen, maar de kosten van herstel en de alternatieve kosten bedroegen $8,5 miljard. Het beperken van cyberaanvallen eist de beschikking over geavanceerde technologieën zoals Security Information & Event Management (SIEM), systemen die aanvallen voorkomen, toepassing van digitale veiligheidsoplossingen. Door gebruik te maken van beveiligingstechnieken worden ondernemingen efficient in het opsporen van cyberaanvallen en dit levert volgens het Ponemon Institute een gemiddelde kostenbesparing op van $2,6 miljoen ten opzichte van bedrijven die dat niet doen. Conclusies en de toekomst Gesteld kan worden dat cyberaanvallen als een normaal verschijnsel te beschouwen zijn. Financiële criminaliteit vindt plaats op industriële schaal. Malware en phishing bezorgen IT beveiligingsprofessionals het meeste hoofdpijn. Zij zijn meer bezorgd omtrent kwaadwillende insiders dan cybercriminelen. Volgens de Cyberedge Group zullen binnen twee jaar ongeveer 75 procent van de ondernemingen "bring your own device" (BYOD) beleid geïnstalleerd hebben, waarbij employees hun eigen apparaten naar hun werk meebrengen. Smartphones en tablets worden dan ook gezien als de zwakste link voor IT beveiliging, gevolgd door laptops en sociale media applicaties. Deze “brave new BYOD world” stelt specifieke beveiligingsuitdagingen voor organisaties. In Europa is er sprake van een minder agressieve installatie van BYOD beleid dan in de Verenigde Staten: 21 procent van de ondernemingen versus 35 procent. Net Access Control (NAC) en Next-Generation Firewall (NGFW) oplossingen worden opgevat als het meest effectief ter bestrijding van cyberdreigingen. Een laag beveiligingsbewustzijn bij employees is de grootste beperkende factor voor een adequate verdediging tegen cyberaanvallen. De huidige generatie van oplossingen voor geavanceerde cybercriminaliteit is primair gericht op detectie terwijl preventie van voortdurende bedreigde activiteiten wordt beschouwd als een secundaire zaak. Een dergelijke benadering is echter onhoudbaar bij de toenemende frequentie van cyberaanvallen. Een “closed-loop” defensie circuit is noodzakelijk waarbij er integratie tussen detectie en preventie plaats vindt op basis van een automatische reactie op uit-de-hand-gelopen detectie gebeurtenissen. Een kwart van de reagerende en geïnterviewde organisaties voert dagelijks of wekelijks kwetsbaarheidsscans uit op hun volledig netwerk. Slechts een op de twee organisaties scannen hun netwerk per kwartaal of jaarlijks. Het voorspellen van de toekomst komt neer op een vergelijking van waarschijnlijkheden – de kans op verbeterde protectie en betere internationale samenwerking versus de kans op toegenomen economische ontwikkeling in de wereld. Zelfs als de verliezen van financiële misdaden constant blijven zal het verlies van intellectuele eigendom alleen maar stijgen. Twee mogelijkheden doen zich voor. Voor de ontwikkelde landen zullen de kosten vlak blijven als percentage van het GDP, maar de globale kosten nemen toe als nieuwe toetreders en ontwikkelingslanden hun gebruik van het Internet accelereren. De kosten voor ontwikkelde landen nemen toe als meer activiteiten online worden afgewikkeld en krakers hun vermogen om te monetiseren wat zij stelen kunnen verbeteren. Een scenario waarin de cybercriminaliteitsverliezen afnemen is niet geloofwaardig te achten. De toekomst voor de wereld ligt in toenemende criminaliteitsverliezen en lagere groei. Referenties en voetnoten zie orginele artikel op MeJudice.nl ^  Inhoud ^  Inhoud Algobands indicator Bron: Vocking.nl In september 2014 heeft Vocking.nl de Algobands indicator aan hun pakket toegevoegd. De Algobands Indicator herkent het volume van de algoritmes van de institutionele beleggers en verschijnt op het tijdstip en niveau waar deze in de markt komen. De roze verticale lijn geeft het tijdstip aan en de lichte blauwe band het prijsniveau waarop dit plaats vindt. Deze unieke indicator stelt u in staat om op dezelfde tijden en niveau's te handelen. Bovengenoemde indicator werkt op iedere markt en is ook perfect te combineren met onze bestaande indicatoren. Hieronder treft u een aantal trade set-ups met behulp van de Algobands: Algobands 1 Algobands 2 Kleur van de achtergrond: Hiermee kunnen we heel snel herkennen of we long of short gericht zijn. Bij een groene achtergrond doen we uitsluitend long posities en bij een roze achtergrond doen we uitsluitend short posities. Kleur van de candles: De candles kleuren blauw in een stijgende markt en rood in een dalende markt. Indien de candles geel zijn beweegt de markt zich zijwaarts. Stop-dots: Tijdens een longsignaal bevinden de blauwe stop-dots zich onder de koers en tijdens een shortsignaal bevinden de rode stop-dots zich boven de koers. Zo weet u direct waar u de stop moet plaatsen. Stealth: Wanneer er een groene Stealth onder de koers verschijnt hebben we te maken met een stijgende markt. Wanneer er een rode Stealth boven de koers verschijnt hebben we te maken met een dalende markt. Tradingroom: Naast het gebruik van de speciale indicatoren bent u dagelijks welkom in de tradingroom. Dat betekent dat u vanaf uw eigen werkplek inlogt in de tradingroom om de trades van ervaren traders te kunnen volgen die met dezelfde indicatoren werken. High Energy Times: Deze service filtert financiële instrumenten waar een breakout of een potentiële grote beweging wordt verwacht in de handelssessie door middel van een zeer geavanceerde analyse. Het geeft aan wanneer de trader een hogere dan normale beweging kan verwachten in een bepaalde index. Deze tijden worden door middel van een smalle band weergegeven in uw grafiek, zodat u heel eenvoudig kunt zien of de koers zich boven of onder de band bevindt en u op die manier heel eenvoudig uw positie kunt bepalen. Training: Vier keer per week worden er webinars gehouden om u de fijne kneepjes van het traden te leren en hoe u op de juiste wijze de indicatoren tijdens het traden kunt gebruiken. Alle webinars worden opgenomen, zodat u ze op ieder gewenst moment nog eens terug kan kijken. Aanwezig op 64ste HCC Beleggen Symposium 28 maart te De Bilt. Indien u vragen heeft over onze trading systemen of als u geïnteresseerd bent en hier dagelijks mee aan de slag wilt, bent u van harte welkom op onze stand. Wij staan u graag te woord! ^  Inhoud ^  Inhoud Delta Lloyd Deelnemingen Fonds fors afgewaardeerd Bron: Morningstar, Ronald van Genderen, 20 feb 2015 Het vertrek van ‘Mr 5 procent’ bij Delta Lloyd Asset Management was groot nieuws in beleggingsfondsenland. Alex Otto, die deze bijnaam had omdat een aandelenbelang van vijf procent de kern van zijn beleggingsfilosofie vormde, maakte februari 2014 bekend dat hij zou vertrekken bij de vermogensbeheerder. Hij combineerde op dat moment de functies van chief executive officer (CEO) en chief investment officer (CIO). Otto (foto) werd algemeen gezien als drijvende kracht achter de Deelnemingen-strategieën van Delta Lloyd, waarvan Delta Lloyd Deelnemingen Fonds het vlaggenschip is. Kenmerk van deze strategie is een aanzienlijk belang van minimaal 5 procent in mid- en small-cap ondernemingen. Met Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds en Delta Lloyd Azië Deelnemingen Fonds zijn er ook internationale varianten. De voordelen van deze strategie zijn evident. Het levert een vrijstelling van vennootschapsbelasting op. En wellicht nog belangrijker: de beheerders van de deelnemingenfondsen worden door de grote aandelenbelangen serieuze gesprekspartners voor het management van de betreffende ondernemingen. Zo zitten zij dicht bij het vuur en kunnen zij invloed uitoefenen op bijvoorbeeld de strategie van het bedrijf. Otto was jarenlang beheerder van het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds. Zijn kennis en netwerk in met name het Nederlandse bedrijfsleven behoorde tot de meest uitgebreide in de sector. Het carrièrepad van Otto bracht hem van de rol van beheerder naar de gecombineerde functie van CEO en CIO van Delta Lloyd AM. Dat betekende een steeds grotere afstand tot het daadwerkelijke beleggen. Desondanks bleef zijn rol naar de mening van de analisten van Morningstar zeer belangrijk bij het beheer van de Deelnemingen-fondsen en met name bij het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds. De positieve mening van Morningstar was niet volledig, maar toch zeker in belangrijke mate gestoeld op zijn aanwezigheid in het team. Toch bracht juist de afstand tot de portefeuilles van de fondsen en het beheer daarvan Otto tot de beslissing om een andere weg in te slaan. Eentje die hem weer meer de rol van belegger zou geven. Die vond hij bij HB Capital, de investeringsmaatschappij van de familie Blokker. Aderlating Otto’s vertrek wordt door de analisten van Morningstar als een aderlating voor de Deelnemingen-fondsen gezien. Ze werden in februari 2014 ‘Under Review’ geplaatst in afwachting van een opvolger. Die kwam er in de persoon van Jacco Maters (foto). Per oktober 2014 staat hij als CEO en CIO aan het roer van Delta Lloyd AM. Hoewel Morningstar in hem een prima vervanging ziet, vallen toch vooral de verschillen met Otto op. Het belangrijkste verschil: Maters zal in tegenstelling tot Otto geen zitting nemen in het Investment Committee, het comité dat besluit over alle belangrijke wijzigingen in de fondsportefeuilles zoals het aankopen van nieuwe of het volledig verkopen van bestaande posities. Maters staat daardoor in nog belangrijker mate op afstand van het beheer van de portefeuilles. Wel gaf Maters aan, dat verbeteringen in de beheerprocessen mogelijk zijn. Zo vertelde hij in een gesprek met Morningstar-analisten dat de concentratie in de Deelnemingen-fondsen wellicht omlaag kan. Daarbij liet hij in het midden of dat gebeurt door meer namen in de portefeuille op te nemen of de portefeuillegewichten gelijkmatiger te verdelen over het bestaande aantal posities. Daarnaast uitte hij het voornemen een ‘Liquidity Board’ in te willen stellen, die zich zal richten op de beheersing van liquiditeitsrisico’s in de portefeuilles. Benedengemiddeld De periode dat de Deelnemingen-fondsen ‘Under Review’ stonden gaf de analisten van Morningstar ruimschoots de mogelijkheid om ze opnieuw te analyseren, onder andere op basis van gesprekken met de leden van het beheer. Daarbij kwamen zij tot de conclusie dat voor zowel het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds als het Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds en het Delta Lloyd L European Participation Fund de teams van benedengemiddelde kwaliteit zijn in vergelijking met andere fondsen in de relevante Morningstar-categorieën. Voor het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds ligt het dagelijkse beheer in handen van Geert-Jan Hoppers en Sandra van der Meer–de Brouwer. Delta Lloyd kondigde echter begin februari van dit jaar het vertrek van Van der Meer-de Brouwer aan per 1 april 2015. Zij zal worden vervangen door iemand met een vergelijkbaar profiel. Hoppers heeft 13 jaar relevante ervaring, eerst als analist en sinds 2007 als beheerder. In 2009 maakte hij de overstap naar Delta Lloyd. Ellen Eijking en Jeroen de Bruijn vormen het duo dat dagelijks het beheer voert over het Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds en het Delta Lloyd L European Participation Fund. Eijking maakt sinds 2010 onderdeel uit van het team. Zij werkt sinds 1997 in vermogensbeheer en heeft onder andere bij Fortis Investments en VPV AM hoofdzakelijk Europese small-cap portefeuilles beheerd. Zij wordt bijgestaan door De Bruijn die in 2014 bij het team kwam. Hij is zeer junior aangezien zijn werkervaring slechts drie jaar op de mid office van Delta Lloyd beslaat. Ronald van Genderen Fondsanalist CFA bij Morningstar Benelux Als Hoofd Asset Management was hij werkzaam bij Simon A Cohen totdat hij in 2007 overstapte naar Petercam waar hij als Senior Account Manager onder andere verantwoordelijk was voor de ontwikkeling en uitvoering van het beleggingsbeleid. Vanaf 2008 was Ronald als Senior Analist verantwoordelijk voor alle activiteiten binnen de VEB mbt tot beleggingsfondsen. Sinds 2013 is hij werkzaam bij Morningstar  als Fondsanalist. Morningstar vindt het dan ook jammer, dat Jack Jonk (Hoofd Aandelen bij Delta Lloyd AM) en Agnus Steel (Hoofd Deelnemingen) op afstand staan van het dagelijkse beheer van de portefeuilles. Beide zijn zeer ervaren beheerders. Hoewel zij wel zitting hebben in het Investment Committee, zou een nauwere betrokkenheid bij het dagelijkse beheer naar de mening van de Morningstar-analisten een kwaliteitsimpuls betekenen voor het team. In beginsel goed Het beleggingsproces van de Deelnemingen-fondsen is in beginsel nog altijd goed. Het leunt zwaar op diepgravend bottom-up aandelenonderzoek. Maar gegeven het negatieve oordeel over het beheerteam zit er een zwakte in de uitvoering van het beleggingsproces. Dat zorgt voor twijfel. Morningstars verlies van vertrouwen in Delta Lloyd Deelnemingen Fonds is daarnaast mede ingegeven door bijvoorbeeld het grote aantal flink tegenvallende aandelenkeuzes in de afgelopen jaren. Zo namen de beheerders aanmerkelijke posities in Nederlandse bouwers als BAM, Heijmans en Ballast Nedam. Deze lijken niet volledig te voldoen aan de focus van het fonds op stabiele, financieel gezonde ondernemingen met een lage waardering en goede producten en bedrijfsmodellen. Daarnaast zal voor het Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds en het Delta Lloyd L European Participation Fund het streven naar belangen van vijf procent vrijwel altijd bij micro-caps eindigen, terwijl daar niet noodzakelijkerwijs de beste investeringen te vinden zijn. Niet in de laatste plaats is daarom het gebrek aan geformaliseerd beleid ten aanzien van liquiditeitsrisico’s een zorgpunt. En dat geldt niet alleen voor de Europese Deelnemingen-fondsen, maar evengoed voor het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds. Niet voor niets lijkt Maters juist daarom een Liquidity Board in te willen stellen. Populair beleggingsfonds Het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds behoorde jarenlang tot de populaire beleggingsfondsen onder Nederlandse beleggers. Het was een vaste waarde in de top 15 van meest geraadpleegde beleggingsfondsen op morningstar.nl maar is het laatste jaar gestaag uit dit lijstje gezakt. De rendementen vallen dan ook tegen. In 2014 boekte het Deelnemingen Fonds een fors verlies van 6,8 procent en bleef daarmee 12,4 procent en 16,5 procent achter bij respectievelijk de categorie ‘Aandelen Nederland’ en de benchmark Euronext AEX All Share Index. 2013 Was een relatief redelijk jaar (zie rendementsgrafiek en -tabel). In 2012 en 2011 wist het Deelnemingen Fonds de index en de categorie niet te verslaan. De fondsen binnen de Deelnemingen-strategie stonden sinds de aankondiging van het vertrek van Alex Otto 'Under Review'. Het Delta Lloyd Deelnemingen Fonds had daarvoor een Morningstar Analyst Rating ‘Silver’, maar die is nu door Morningstar verlaagd naar ‘Neutral’. Het Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds en het Delta Lloyd L European Participation Fund hadden beide een waardering ‘Bronze’ en die is nu verlaagd naar eveneens ‘Neutral’. Het gebrek aan vertrouwen in het beheerteam van de Deelnemingen-fondsen is de voornaamste reden voor de afwaardering. Bekijk ook de fondsrapporten: Delta Lloyd Deelnemingen Fonds (Analyst Rating: Neutral - Morningstar Rating: ***) Delta Lloyd Europees Deelnemingen Fonds (Analyst Rating: Neutral - Morningstar Rating: **) Delta Lloyd Azië Deelnemingen Fonds (Morningstar Rating: ***) Delta Lloyd L European Participation Fund (Analyst Rating: Neutral - Morningstar Rating: *) ^  Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl ^  Inhoud Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 28 maart 2015 Wat 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Waneer 28 maart 2015 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en  innovaties bij flink een aantal leveranciers Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Programma: Programma en andere informatie op de HCC Beleggen website:  Klik Hier Kosten: Toegang gratis voor HCC Beleggen Leden Indien u lid bent van onze vereniging HCC (HCC Beleggen lid worden kan ter plaatse tegen een gereduceerd tarief ) is voor u de toegang vanzelfsprekend ook gratis anders vragen wij van u een kleine bijdrage in de kosten van €15,= Een entreebewijs voor het 64-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 maart 2015

...

Nieuwsbrief20150201

.. februari 2015 Inschrijving is geopend Bedankt voor de bloemen….. Morningstar negatief over SNS Nederlands Aandelenfonds Gerechtshof in de fout bij processen over aandelenlease Crowdfunding Lezerstip - Greenbladt: Strategie Change Meedoen kan Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 28 maart 2015 Inschrijving is geopend Wat 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden." Waarom altijd alleen maar alleen beleggen in aandelen? Er is nog zoveel meer mogelijk. David Swensen - bekend van het Yale beleggingsfonds -  die jaren gemiddeld een rendement van ruim 10% per jaar maakte, heeft dit bijvoorbeeld laten zien. In plaats van de traditionele 60-40 verdeling is hij in de 70-er jaren een weg ingeslagen waarbij hij ook is gaan beleggen in allerlei andere zaken.  Naast aandelen en obligaties is hij gaan beleggen in o.a. private equity, hedge funds, e.d.  In 2008 werd duidelijk dat ook aan zo'n aanpak uiteraard de nodige risico's kunnen zitten. Tijdens dit 64-ste HCC beleggen Symposium zullen naast de traditionele beleggingsmethode u een aantal alternatieve worden aangereikt . Zo zal bijvoorbeeld crowdfunding en een hedge fund worden besproken. Ook het handelen en het bouwen van een tradingsysteem zal aan de orde komen.  Kortom er staan weer een groot aantal interessante onderwerpen op het programma. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Waneer 28 maart 2015 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en  innovaties bij flink een aantal leveranciers Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Programma: Programma en andere informatie op de HCC Beleggen website:  Klik Hier Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. ^  Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Bedankt voor de bloemen….. Bron: Ben van den Anker Om het rendement op een investering te evalueren moet het risico zeker meegenomen worden. Iedere security heeft een verwachte rate of return, te berekenen met bijvoorbeeld het capital asset pricing model (CAPM). Om het risico te berekenen ga ik in op twee van de over het algemeen vijf technische ratio’s die in gebruk zijn; alfa en bèta. De bèta wordt berekend met een regressie analyse en geeft het ‘rendement’ van de onderliggende waarde aan ten opzichte van de bewegingen van de markt. Een bèta van 1 betekent dat de onderliggende waarde met de markt mee beweegt, een hogere bèta van bijvoorbeeld 1.4 geeft aan dat de onderliggende waarde 40% volatieler is dan de markt. Een groter risico, dus een hogere bèta, kan mogelijk een hoger rendement opleveren. De basis voor bèta is 1; terwijl dit voor alfa 0 is.  Alfa vergelijkt het rendement van een portfolio met het rendement dat verdiend had kunnen worden in relatie tot de bèta. Simpel gezegd; de alfa geeft het rendement aan in verhouding tot de benchmark uit de markt. Nu blijkt de alfa al jaren niet meer significant meerwaarde te bieden. Een onderzoek van het Center for Applied Research en de Fletcher School of Law and Diplomacy (Tufts University) stelde vast dat minder dan 1% van 2076 Amerikaanse mutual funds tussen 1976 en 2006 na kosten superieure rendementen behaalde 1). Een onderzoek van de Universiteit van Maryland geeft aan dat voor 1990 14.4% van de mutual funds alfa leverden terwijl dit in 2006 maar voor 0.6% van de fondsbeheerders gezegd kon worden 2). Het is dan wellicht een logisch vervolg dat de indexfondsen zich in steeds grotere populariteit mogen verheugen. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negenjarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Is het verslaan van de markt nu echt problematisch of zijn er onderliggende redenen voor de kleiner wordende rol van de fondsbeheerder aan te wijzen? De strategy ‘benchmark hugging’, zo dicht mogelijk tegen de benchmark aanzitten, zal resultaten opleveren die vergelijkbaar zijn met de benchmark en waarschijnlijk niet veel beter. Fondsbeheerders die daarnaast actief risico zoeken en afwijken van de benchmark kunnen wel eens beter presteren. Het carrière risico van een fondsbeheerder zou er wel eens voor kunnen zorgen dat een beheerder de veilige weg zoekt, in plaats van een risicovollere benadering met een mogelijk hoger rendement. Deze weg zou natuurlijk ook een slechter resultaat op kunnen leveren wat, zie daar, een carrière risico oplevert. Het contraire ‘tegen de kudde’ in beleggen is daarentegen een kenmerk van de value investor, die ‘forever,’ naar Warren Buffet, als favoriete tijdsperiode beschouwt. Het kiezen van winnaars over verliezers waarbij resultaten in het verleden behaald geen garantie voor de toekomst bieden, speelt hier ook mee. Dit naast de adviezen van banken en beleggingsinstellingen die door de Economist in januari 2014 als ‘consistently wrong’ beschreven worden 3). Waar in de vorige eeuw nog sprake kon zijn van een informatievoorsprong, zorgt het internet en e-mail ervoor dat investeerders en intermediairs vaak even snel voorzien worden van nieuws. Sinds 2000 worden beleggers en institutionele vermogensbeheerders in de US onder de regeling ‘fair disclosure’ gelijktijdig voorzien van informatie. Selectieve informatie is hierdoor niet voorbehouden aan een selecte groep vermogensbeheerders. Hedge fondsen sluiten hun deuren inmiddels in steeds grotere getale 4); het gemiddeld behaalde rendement van 2% in 2014 als mogelijke aanleiding geeft geen reden tot feeststemming. Met de risicovrije rente zeer laag betekent het echter dat de belegger/spaarder meer risico moet nemen om toch een hoger rendement te behalen.  De belegger heeft met alfa naast de bèta eveneens een handleiding om het rendement van een fonds beter te beoordelen. Hiermee wordt duidelijk of de fondsbeheerder waarde toevoegt onder medeneming van het toebedeelde risico. Dit is des te meer relevant daar de fondsbeheerder voor zijn werkzaamheden ook kosten in rekening brengt.  Om niet helemaal als dr. Doom over te komen, zolang mensen dezelfde informatie verschillend percipiëren en zolang mensen van mening verschillen blijven er kansen voor alfa! 1) statestreet.com/content/dam/statestreet/documents/Articles/CAR/BytheNumbersQuestforPerformance_report.pdf 2) papers.ssrn.com/sol3/papers.cfm?abstract_id=869748 3) economist.com/news/finance-and-economics/21594358-bear-market-or-bull-analysts-give-bad-advice-consistently-wrong 4) bloomberg.com/news/2014-12-01/hedge-funds-see-worst-year-for-closures-since-2009.html ^  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. ^  Inhoud Morningstar negatief over SNS Nederlands Aandelenfonds Bron: Morningstar, Ronald van Genderen,  januari, 2015  Morningstar verlaagt zijn Analyst Rating van SNS Nederlands Aandelenfonds naar ‘Negative’. Door een aanhoudend gebrek aan actief beheer van de portefeuille en een niet optimale ondersteuning van beheerder Corné van Zeijl neemt Morningstars vertrouwen in SNS Nederlands Aandelenfonds af. SNS Nederlands Aandelenfonds stond na het vertrek van medebeheerder Mariëtte Maassen in april 2014 ‘Under Review’. Nu verlagen de beleggingsfondsanalisten van Morningstar hun Analyst rating van ‘Neutral’ naar ‘Negative’. Ronald van Genderen Fondsanalist CFA bij Morningstar Benelux Als Hoofd Asset Management was hij werkzaam bij Simon A Cohen totdat hij in 2007 overstapte naar Petercam waar hij als Senior Account Manager onder andere verantwoordelijk was voor de ontwikkeling en uitvoering van het beleggingsbeleid. Vanaf 2008 was Ronald als Senior Analist verantwoordelijk voor alle activiteiten binnen de VEB mbt tot beleggingsfondsen. Sinds 2013 is hij werkzaam bij Morningstar  als Fondsanalist. De belangrijkste reden voor de lagere waardering is het aanhoudende gebrek aan actief beheer van de portefeuille van het fonds. Ondanks het in 2010 verhoogde risicobudget blijft de portefeuille de samenstelling van de benchmark (Euronext AEX Index) zeer nauw volgen. Hoewel een hogere mate van actief beheer niet per se tot bovengemiddeld rendement leidt, is het wel een voorwaarde. SNS Nederlands Aandelenfonds verhoogde zijn limiet voor de tracking error in 2010 van 2 naar 4 procent en had het voornemen om te sturen op een hogere active share (respectievelijk de mate waarin het rendement van een beleggingsfonds mag afwijken van het rendement van de benchmark en het percentage van de portefeuille dat afwijkt van de benchmark). In de praktijk zien onze analisten fondsbeheerder Corné van Zeijl echter nog geen structureel gebruik maken van de toegenomen bewegingsruimte. De samenstelling van de portefeuille is vrijwel in lijn met de benchmark van het fonds. De active share bedroeg per eind november 2014 circa 6 procent wat zelfs voor dit fonds zeer laag is. Per eind november 2014 bevatte de portefeuille vijf posities die niet in de benchmark zijn opgenomen, waaronder Arcadis, Nutreco en PostNL. Gezamenlijk bedroegen deze posities echter slechts 1,35 procent van de portefeuille. Omgekeerd werd maar één onderneming buiten de portefeuille gelaten die wel onderdeel is van de benchmark. Dat was Delta Lloyd dat in de index een gewicht heeft van 0,99 procent. Zolang de mate van actief beheer niet structureel omhoog gaat blijft Morningstar dit beleggingsproces negatief beoordelen. Alleen Het SNS Nederlands Aandelenfonds wordt al vele jaren beheerd door Van Zeijl (foto), die door zijn vele media-optredens een bekende verschijning is voor beleggers en bedrijven. Hij startte in oktober 2003 bij het fonds en was lange tijd alleen verantwoordelijk. Pas in januari 2012 kreeg hij ondersteuning van een co-beheerder in de persoon van Mariëtte Maassen. Zij was al sinds 2001 werkzaam voor Actiam, maar vertrok in april 2014. Haar positie is niet opnieuw ingevuld, waardoor Van Zeijl het fonds wederom alleen beheert. Er is daarnaast geen ondersteuning door analisten, maar er vindt wel overleg plaats met de overige 7 beheerders. Hoewel zij kunnen dienen als sparringpartner, is Morningstar van mening dat dit geen optimale ondersteuning is aangezien zij niet het volledige universum van Van Zeijl volgen. Duur Op het eerste gezicht en voor lange tijd zijn de kosten een positief punt geweest voor SNS Nederlands Aandelenfonds. De jaarlijks doorlopende kosten bedragen 0,53 procent. Vergeleken met een gemiddelde van 0,87 procent in de Morningstar-categorie ‘Aandelen Nederland’ is het fonds goedkoop. Gezien het feit dat dit fonds dermate dicht tegen de benchmark aan belegt, is Morningstar van mening dat een vergelijking met passieve producten op zijn plaats is. Zo bedragen de kosten voor twee belangrijke ETFs op Nederlandse aandelen - van iShares AEX ETF en Think AEX ETF - gemiddeld 0,31 procent. SNS Nederlands Aandelenfonds is goedkoop vergeleken met actief beheerde producten, maar duurder vergeleken met passief beheerde ETFs. Dit weerhoudt ons er van om uitgesproken positief te blijven over de kosten. Morningstar vindt het jammer dat Maassen na haar vertrek niet is vervangen. Van Zeijl vindt weliswaar sparringpartners binnen het aandelenteam van Actiam, maar dit vinden wij niet optimaal. Daarnaast denken wij dat door het gebrek aan actief beheer de kans dat dit fonds op lange termijn waarde toevoegt zeer gering is. Zeker gezien het feit dat de kosten hoger liggen dan die van alternatieve passief beheerde producten als ETFs. Om deze redenen verlagen wij de rating voor dit fonds van ‘Neutral’ naar ‘Negative’. Zie ook (redactie): Website van SNS Nederlands Aandelenfonds Het Morningstar analistenrapport over SNS Nederlands Aandelenfonds. Reply Corné van Zeijl op Zwitserleven: Morningstar, Bedankt voor de bloemen ^  Inhoud Gerechtshof in de fout bij processen over aandelenlease Bron: Eduard Bomhoff, Me Judice , 29 januari 2015. De gerechtelijke uitspraken over het zogenaamde aandelenleaseproces beginnen binnen te komen maar stellen danig teleur volgens Eduard Bomhoff. Rechters in Amsterdam en Den Bosch kijken wellicht naar de kleine letters in contracten van Dexia en aanverwante aanbieders maar zien misleidende banners over het hoofd waarmee klanten werden binnengehaald. Daarnaast ontbreekt het rechters duidelijk aan economische scholing en bedienen zij zich van een simplistische kijk op risico en de beurs. Aandelenlease In de vijftienduizend nog lopende processen over aandelenlease van Dexia en Bank Labouchere komen intussen uitspraken in hoger beroep. “Leaseproces” nodigde me uit om daarover te spreken op een massabijeenkomst voor gedupeerden in de Jaarbeurs. Er staan nog een groot aantal schrijnende zaken open, bijvoorbeeld van een gepensioneerde alleenstaande verpleegkundige die was misleid door de term “sparen” , iedere maand haar 250 gulden “inleg” overmaakte en eindigde met een “restschuld” van 8.000 euro. Mijn introductie bij de duizend aanwezigen was een column in NRCHandelsblad uit 1998, getiteld, '21.033 gulden van Aegon' waarin ik waarschuwde tegen de agressieve propaganda voor de roekeloze “winstverdriedubbelaar” en soortgelijke gokproducten. Ik schreef daarover toen ook naar President Wellink van De Nederlandsche Bank maar die stuurde een kluitje in het riet terug: de winstverdriedubbelaar was geen beleggingsfonds. Maar Labouchere was een bank en in het verleden heeft DNB hard ingegrepen bij banken (denk aan de verwijdering van Ton Jongbloed bij Staal Bankiers) wanneer daar iets gebeurde wat hen niet beviel. Een hartig woord met topman Chris Bierman bij Labouchere was natuurlijk mogelijk geweest. Niet alleen de kleine letters tellen Eduard Bomhoff Hoogleraar economie aan Monash University in Kuala Lumpur. Hij promoveerde Cum Laude aan de Erasmus Universiteit in 1979 bij Pieter Korteweg. Na 21 jaar aan de Erasmus Universiteit als medewerker en later hoogleraar (1981 - 1994), doceerde hij aan Nyenrode (1994 - juli 2002). Artikelen over wisselkoersen en inflatie verschenen in internationale toptijdschriften. Ook schreef hij zeven boeken. In 1995 richtte hij het onderzoekinstituut NYFER op om de concurrentie in economisch advies aan te wakkeren. Tot zijn ministerschap in 2002 was hij vaste columnist in NRC Handelsblad. Op 22 juli 2002 werd hij vice-premier en minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van Kabinet-Balkenende I voor de Lijst Pim Fortuyn. Zijn bestseller Blinde Ambitie beschrijft die periode. Daarna emigreerde hij, samen met zijn vrouw, naar Maleisië waar zij sinds 2004 wonen. Hij is principal investigator voor Maleisië bij het World Value Survey (WVS). Gerechtshoven in Den Bosch en Amsterdam lezen de kleine letters van Dexia-brieven en advertenties en merken op dat die toch attendeerden op de risico’s. De rechters missen dan de koeieletters bovenaan de brief of advertentie, en die beloofden niet “Maak kans op een mooie prijs” – zoals bij de Staatsloterij – maar botweg “Ontvang xxxxx gulden”. Bij de drogist zijn er regels voor de kleine letters in de bijsluiter maar ook voor de grote letters op de verpakking. Nog niet zo bij beleggingen. Een urgente taak voor de wetgever en de toezichthouders en onbegrijpelijk dat die twee Hoven niets opmerken over het contrast tussen de kleine waarschuwingen en de grote valse beloftes. Gerechtshoven in de fout Fout zijn de gerechtshoven ook in hun stelling dat alle aandelenproducten riskant zijn – de beurs gaat omhoog en de beurs gaat omlaag - en dat Dexia daarom niet kwam met een lease die essentieel riskanter was dan andere producten op de beurs. Er waren drie grote punten van verschil die de Hoven misten. Eén: bij bevoorschotting van een portefeuille is het krediet gelimiteerd tot 50 of 70 procent van de waarde. Bij Dexia werden de aandelen gehuurd, niet gekocht, en was de 'leverage' dus zo’n 700 procent van de jaarlijkse storting. Dat is een tien keer grotere leverage. Twéé: contracten konden niet tussentijds worden opgeheven. Ten slotte: er was bij Dexia geen “stop-loss” mechanisme. Een effectenhuis gaat automatisch verkopen wanneer de portefeuille gevaarlijk in waarde daalt en met geleend geld is gefinancierd; Dexia hield de klanten aan de ketting tot aan het einde van de rit en presenteerde dan de “restschuld”. Mij lijkt dat de Hoven in Den Bosch en Amsterdam die essentiële punten niet kunnen wegpoetsen met de doodoener dat alle beleggingen op de beurs nu eenmaal risico dragen. Simplistische visie op beurs Misschien de grootste fout van de twee Hoven is hun simplistische kijk op de koersen van de beurs. De rechters merken op dat toch niemand kon voorzien dat de beurs zo zou dalen in 2001 en dat de gemiddelde stijging vanaf 1998 of 1999 (ingangsjaar van drie- of vijfjarige producten van veel gedupeerden) toch heel goed de 8 of 9 procent had kunnen zijn die de beurs de afgelopen eeuw had laten zien. Kijken we naar de beurs vanuit het perspectief en met de kennis van 1998, dan waren er vier redenen om heel huiverig te zijn. Bloomberg, bij voorbeeld, publiceerde ook toen een dagelijks overzicht van de hoofdthema’s onder de beursgangers. Vanaf einde 1996 was “overwaardering” zo’n hoofdthema in de samenvatting van het beursklimaat. Niet eerder, maar ongeveer om de dag in 1997, 1998 en 1999. Dat was al een waarschuwing. Al tien jaar eerder schreef Nobelprijswinnaar Eurgene Fama dat een dividend-rendement van minder dan 3 procent een betrouwbare voorspeller was van een vlakke of zelfs negatieve beurs in de drie tot vijf jaar daarna. Nobelprijswinnaar Shiller schreef ook in 1988 en herhaaldelijk daarna dat zijn tienjaars gemiddelde van de koerswinstverhouding bij een waarde van meer dan 30 ook een voorbode was van een beurs die zou gaan dalen. Die twee wetenschappelijke rode signalen waren uitvoerig aan de orde gekomen in meer populaire tijdschriften zoals het “Journal of Portfolio Management”. Ten slotte was er topbelegger Warren Buffett die waarschuwde voor een slechte beurs wanneer de verhouding tussen beurskapitalisatie en bruto binnenlands product extreme waarden ging aannemen. De rechters hadden moeten nagaan of de propaganda van Dexia – een paar scenarios met extrapolaties van eerdere resultaten en dan één “slecht” scenario waarbij de koersen in de brochure die ik zag nog steeds ieder jaar met zes procent stijgen - representatief was voor de stemming onder professionals ten beurze. Goed geïnformeerde beleggers - en zeker hun professionele adviseurs - hadden moeten waarschuwen dat de beurs zeer was overgewaardeerd in de laatste drie jaar van de vorige eeuw. Alle tekenen waren daar, en de Nobelprijswinnaars hadden hun waarschuwingen al lang afgegeven. Een economische bril voor rechters De Hoven in Den Bosch en Amsterdam hebben dus op drie punten niet goed gekeken: aandelenlease was een orde van grootte gevaarlijker dan gewoon beleggen met geleend geld; de Dexia-producten hadden geen stop-loss regeling en waren daarom ook nog eens bijzonder riskant; de propaganda waarin het slechtste scenario nog steeds voorziet in 6 procent jaarlijkse koersstijging is niet representatief voor goed geïnformeerde visies op de beurs wanneer het dividendrendement lager is dan 3 procent, de koers-winstverhouding hoger dan 30 is en de beurs overloopt van geruchten over overwaardering. Veel zaken zijn intussen op behoorlijke wijze geschikt door lagere rechters, maar het viel me niet mee hoe weinig precies de rechters in Den Bosch en Amsterdam in hoger beroep keken naar Dexia. Wat meer eigen of ingehuurde deskundigheid was op z’n plaats geweest, nu zo veel Nederlanders echt pijnlijk zijn gedupeerd. ^  Inhoud CrowdFunding Bron: Redactie Crowdfunding is een manier om voldoende geld te verzamelen om een project te kunnen starten en financieren. Crowdfunding (ook wel crowdfinancing genoemd) is een alternatieve wijze om een project te financieren. Om een project te financieren gaan ondernemers in de meeste gevallen naar de bank om een kredietaanvraag te doen en zo startkapitaal te verkrijgen. Crowdfunding verloopt echter zonder financiële intermediairs, maar zorgt voor direct contact tussen investeerders en ondernemers. Crowdfunding gaat in principe als volgt: een groep of persoon, dat kan zowel een ondernemer als particulier zijn, wil een project starten, maar heeft onvoldoende startkapitaal. Om dit kapitaal te verwerven biedt hij of zij het project aan (bijvoorbeeld op een platform op het internet) en vermeldt het benodigde bedrag erbij. Op deze manier kan iedereen investeren in het project. Het idee erachter is dat veel particulieren een klein bedrag investeren en dat deze kleine investeringen bij elkaar het project volledig financieren. Dit in tegenstelling tot bankkredieten en grootinvesteerders, waarbij er sprake is van slechts één of enkele investeerders die een groot bedrag inbrengen. Deze kleine investeerders noemt men "the crowd" het Engelse woord voor de mensenmassa. Op sommige crowdfunding-websites gaat het geïnvesteerde geld niet direct naar het project, de ondernemer ontvangt het geld pas als (ten minste) 100% van het bedrag binnen is. Indien deze 100% niet wordt behaald krijgen de investeerders hun geld terug of worden toegezegde investeringen niet geïncasseerd. Crowdsourcing Crowdfunding is gebaseerd op de marketingterm crowdsourcing. Crowdsourcing betekent dat de consumenten bepalen hoe een product dat nog in de ontwikkelingsfase is er uiteindelijk uit komt te zien of dat consumenten bepalen welke marketingconcepten de moeite waard zijn. Dit laatste is ook waar crowdfunding op is gebaseerd. Een crowdfundingplatform biedt verschillende projecten aan waaruit investeerders kunnen kiezen. Zo bepaalt de mensenmassa welke projecten geloofwaardig genoeg zijn om erin te investeren, zodat deze projecten zich verder kunnen ontwikkelen. Het begrip crowdfunding is rond het begin van de 21e eeuw ontstaan. In de Verenigde Staten wordt crowdfunding vooral (en in de beginjaren zelfs uitsluitend) gebruikt voor artiesten in de kunst, film, literatuur of muziekindustrie. Een bekend voorbeeld is SellaBand. Dit is een platform waarop muzikanten een korte demo geven. Mensen die fan zijn van de muzikanten kunnen deze dan geld doneren en ze worden dan zogenaamde supporters. SellaBand stelt voor elke artiest de mogelijkheid in om 50.000 dollar bij elkaar te krijgen. Indien het lukt om dit bedrag volledig bij elkaar te krijgen, kan de muzikant zichzelf verder ontwikkelen en zo een eerste album opnemen. Als dank voor de donatie ontvangen supporters niet-financiële beloningen zoals een cd of een ticket voor een concert van de artiest. Succesverhaal Het succesverhaal in de Verenigde Staten bij uitstek is Kickstarter. Kickstarter is soortgelijk aan SellaBand met het verschil dat Kickstarter zich richt op creatieve projecten in het algemeen, en niet alleen op de muziekindustrie. Kickstarter heeft er aan bijgedragen dat veel artiesten zichzelf hebben kunnen ontwikkelen. In 2013 ging er al 355 miljoen euro om aan projecten in Kickstarter. In de gehele Amerikaanse markt ging in 2010 meer dan 1 miljard dollar om in crowdfunding. In een periode van ongeveer vijf jaar is het totale bedrag dat in crowdfunding omgaat enorm hard gestegen en de verwachting is dat dit bedrag explosief zal blijven stijgen in de komende jaren. Het duurde tot 2009 tot crowdfundingplatformen buiten de Verenigde Staten ontstonden. Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Ierland waren de eerste landen in Europa die crowdfunding overnamen. In Nederland begonnen halverwege 2010 de eerste crowdfundingplatformen te ontstaan (zie paragraaf over Crowdfunding in Nederland). Varianten Investering via crowdfunding kan op verschillende manieren plaatsvinden. De vier meest voorkomende manieren zijn: Donaties: De investeerder doneert geld voor een bepaald doel. Doneren impliceert dat de investeerder er niets voor terug krijgt. Crowdfunding door middel van donaties komt voornamelijk voor bij filantropische doeleinden. Sponsoring: Het verschil tussen donaties en sponsoring is dat de investeerder een niet-financiële beloning krijgt van de ondernemer. Enkele voorbeelden zijn een ticket voor een concert, een exemplaar van een cd of boek of naamvermelding in een blad. Sponsoring is de vorm die veelal wordt toegepast bij creatieve projecten. Vreemd vermogen: De investeerder leent een (kleine) som geld uit aan de ondernemer. De ondernemer betaalt de investeerder na verloop van tijd het ingelegde bedrag met rente terug. Eigen vermogen: De investeerder neemt een participatie in het project van de ondernemer. Zo krijgt de ondernemer zijn startkapitaal en in ruil daarvoor delen de investeerders in de waardeontwikkeling van de onderneming. Het verschil tussen de Verenigde Staten en Europa komt ook terug in de investeringswijze. In Europa komen alle vormen voor, in de Verenigde Staten bijna alleen maar donaties en sponsoring. Crowdfunding biedt in Europa dus veel meer mogelijkheden, in de Verenigde Staten is het bijna onmogelijk om winst te maken op een investering via crowdfunding. Dit komt door de juridische bepalingen. Crowdfunding in Nederland De Autoriteit Financiële Markten verwachtte dat er over 2014 voor 37 miljoen euro via de geregistreerde platforms aan bedrijven en particulieren verstrekt zou worden. Dat is een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder.  In 2014 zijn er negentien nieuwe crowdfundingplatforms geregistreerd in Nederland. Ook is Kickstarter, het grootste crowdfundingsplatform wereldwijd, sinds april 2014 in Nederland actief. Via Kickstarter kunnen uitvinders, schrijvers en andere creatievelingen geld vragen om nieuwe projecten uit te voeren. Ref en lees meer:  http://nl.wikipedia.org/wiki/Crowdfunding  AFM artikel: Register crowdfunding-platformen  bijbehorend AFM register als pdf  DNB en AFM: interpretatie over crowdfunding (pdf)  AFM: Crowdfunding - Naar een duurzame sector Onderzoek naar (toezicht op) de crowdfundingsector (pdf)  HCC:  Nieuwe wetgeving voor crowdfunding https://www.hcc.nl/webzine/nieuws/nieuwe-wetgeving-voor-crowdfunding TIP: Pim van Velde van (AFM geregistreerd) crowdfunding bedrijf:  "Kapitaal op maat"  geeft tijdens het 64-ste HCC Beleggen symposium op 28 maart te De Bilt een lezing over Crowdfunding ^  Inhoud Lezerstip -video- Greenbladt: Strategie Change Bron: W.E. Interessant interview met Joel Greenblad (Gepubliceerd op 14 nov. 2014 op Youtube start 0:40 / 27:25)  - W.E. Intro: Het gebeurt niet vaak dat een zeer succesvolle hedge fund manager met een winnende strategie er mee ophoud, maar dat is precies wat Great Investor gast van deze week deed in 1995. Het is al even ongebruikelijk om meer dan een decennium later terug te komen met een drastisch veranderde strategie. Joel Greenblatt van de Gotham fondsen legt het waarom uit van zo'n grote verandering in de portefeuille strategie, van een zeer geconcentreerde aanpak tot een brede diversificatie. YouTube uit de serie WEALTHTRACK # 1121 https://www.youtube.com/watch?v=RberiI92oYw Heeft u ook interessante informatie in de vorm van een boek, artikel of video en u wilt dat delen? Laat het ons dan even weten. mail naar redactie@beleggersonline.nl ^  Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 28 maart 2015 Bron: HCC Beleggen redactie wat 64 ste HCC Beleggen Symposium "Weg van de gebaande paden" waneer 28 maart 2015 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 64-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst. .

8 februari 2015

...

Nieuwsbrief20150101

.. Januari 2015 Het wordt weer een interessant jaar ! Monetaire en financiële statistieken Nederland Weg met de gemakzuchtige lijstjes van leiders Hypotheeknormen 2015 lager dan 2014 Market timing met de ‘angst index’ Een nieuwjaarscontrole van uw beleggingsportefeuille en van uzelf Word ook aktief binnen onze vereniging! Zet 28 maart 2015 - alvast in uw Agenda 28 maart 2015 -64 ste HCC Beleggen Symposium Het wordt weer een interessant jaar ! Bron: Frans Schreiber, Voorzitter HCC-groep beleggen Het afgelopen jaar was al een interessant jaar.  Zowel voor ons, HCC-groep beleggen als op de beurs, waar wij als beleggers natuurlijk sterk geïnteresseerd in zijn. Onze vereniging groeit niet meer, maar door de inzet van vrijwilligers is de sfeer fenomenaal. En ook dit jaar bleek weer dat onze symposia een grote publiekstrekker zijn. We zijn de enige vereniging in Nederland die dit soort dagen nog organiseert, waarbij een (beperkt) aantal mensen handen vol werk verzet en daar mogen we best trots op zijn ! Elke keer is het weer een groot succes en vallen ons enthousiaste reacties van de bezoekers ten deel. Helaas trad in het afgelopen jaar Michel Hupkens terug, nadat hij zes volle jaren penningmeester was geweest en gedurende acht jaar de belegger symposia heeft georganiseerd. En daarnaast trok hij nog de ene na de andere interessegroep uit de grond. Hij leidde deze groepen een tijdje en bracht dan het stokje over naar één van de leden. Soms lukte dat, soms niet. Maar zijn betrokkenheid bij onze vereniging was een voorbeeld voor mij en inspiratie bron voor velen. Michel hartelijk dank voor je inzet de afgelopen jaren ! We zullen je missen en hopen dat je nog regelmatig langskomt. De vacature van penningmeest is waarschijnlijk vervuld, maar we zoeken nog wel hulp,  onder andere mensen die willen helpen onze symposia mede te organiseren. Jos van den Berkmortel is bereid gevonden Michel als leiding gevend organisator van symposia op te volgen.  Daarnaast hebben we onze onvolprezen nieuwsbrief. Leo Rasch heeft jarenlang deze taak op zich genomen, maar wil graag een team van mensen om zich heen die interessante kopij aanleveren, zelf geschreven of zelf gevonden. Iedereen komt wel eens een artikel tegen, waarvan hij denkt: dat zou iedereen moeten lezen! Als u dat zo nu en dan ook overkomt, geef u dan op bij Leo of ondergetekende. U weet! zonder vrijwilligers kunnen we niet. We hebben uw hulp hard nodig ! Daarnaast is het ook een leuke ervaring, want u ontmoet allerlei (professionele) mensen, die ook bezig zijn met beleggen. Zo werd dit jaar door enthousiaste leden een compleet camera team aangetrokken ! Dit heeft het laatste symposium opnamen gemaakt, zodat u op uw dooie gemak nog eens een presentatie terug kunt kijken. Daarnaast is het voor leden die die dag niet konden komen,  toch nog een mogelijkheid de voordrachten eens na te slaan en te kijken wat ze allemaal gemist hebben. En dat is niet niks, want er waren de afgelopen jaren gerennomeerde sprekers bereidgevonden hun kennis met ons te delen.  Niet alleen voor onze vereniging wordt het weer spannend, ook voor de beurs. We gaan in Europa een nieuw experiment tegemoet, waarbij de ECB niet alleen pandbrieven, bedrijfsleningen, maar nu ook overheidsobligaties van banken gaat opkopen. Banken kopen dus eerst de obligaties van de overheid en verkopen vervolgens deze obligaties weer aan de ECB. Ze krijgen hier cashgeld voor terug. En u weet, dat banken tot ongeveer tienmaal hun vermogen mogen uitlenen, dus dit geld komt allemaal weer naar de markt toe. U weet ongetwijfeld wat er gebeurde in Japan de afgelopen jaren, dus de kans op stijgende koersen zijn reëel aanwezig. De kans dat de Euro gaat zakken is natuurlijk niet minder groot en beleggers kunnen hier op inspelen door (een deel van) hun Euro’s af te dekken. Het wordt inderdaad wéér een interessant jaar! Ik wens u en uw geliefden een voorspoedig, maar vooral gezond 2015 toe. Frans Schreiber Voorzitter HCC-groep beleggen ^  Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . ^  Inhoud Monetaire en financiële statistieken Nederland Bron: http://www.statistics.dnb.nl/ Op de statestiekpagina's van De Nederlandse Bank vindt, u behalve onderstaand (dagelijks geupdated)  overzicht , een aantal  downloadable interactieve grafieken  klik hier ^  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. ^  Inhoud Weg met de gemakzuchtige lijstjes van leiders Bron: MeJudice Bestuurders lijken soms bezeten van ranglijstjes. Iedereen weet dat ze niets verklaren en ook niet veel toevoegen aan kennis over excellentie, maar toch worden ze voor zoete koek geslikt. De Groningse economen Garretsen en Stoker vinden dat daar maar eens mee afgerekend moet worden. Management- en leiderschapskwaliteiten zijn sleutelfactoren in succes van bedrijven en economieën. Het is echter beter om verdieping op dit terrein te zoeken dan te zoeken naar de zogenaamde beste leider of manager. Lijstjes, lijstjes Harry Hummels Hoogleraar International Economics and Busines aan de Rijksuniversiteit Groningen Garretsen doceert en doet onderzoek op het gebied van de internationale economie, de macro-economie, de economische geografie en de institutionele economie en is ook co-auteur van diverse leerboeken. Hij is als fellow verbonden aan de Universiteit van Cambridge en het CESifo van de Universiteit München. Garretsen was van 2004-2014 plv kroonlid bij de SER en is thans lid van de Bankraad van De Nederlandsche Bank. Vanaf 1 januari 2015 geeft hij, samen met collega-hoogleraar Janka Stoker, leiding aan het RUG expertisecenter In The LEAD. Er is in de laatste dagen van afgelopen jaar bijna geen ontkomen geweest aan de onvermijdelijke ranglijsten met de invloedrijkste bestuurders, de productiefste bedrijven, de snelst groeiende sectoren of de meest welvarende economieën. Op de verschillende niveaus van micro naar macro, dus van de scores voor individuele managers via (top)sectoren tot die voor landen als geheel, suggereren al die lijstjes dat een hogere plek gelijk staat aan betere prestaties. Dit leidt er toe dat deze hitparades soms wel erg letterlijk worden genomen. Zo benadrukte premier Rutte twee jaar geleden in de verkiezingscampagne tot vervelens toe dat de Nederlandse economie er toch echt goed voor stond omdat ‘we’ wereldwijd op nummer 5 stonden qua concurrentievermogen. Het probleem met een dergelijk statement en met veel van dit soort rankings is dat er niets wordt verklaard. Is Nederland bijvoorbeeld concurrerend omdat het overheidsbeleid en onze instituties de productiviteit van bedrijven aanwakkeren of zijn de leidinggevenden van de in Nederland gevestigde bedrijven gewoon bovengemiddeld productief los van het beleid en onze wet- en regelgeving? Bovendien blijken al die lijstjes vaak momentopnames te zijn, de sterren van vandaag zijn niet zelden een paar jaar later bijkans geheel uit beeld of zelfs ontspoord – wie herinnert zich niet de ‘managers van het jaar’ Scheringa en Rijkman Groenink? Dit geldt zeker als het om individuele managers of bedrijven gaat, maar ook landen die als lichtend voorbeeld worden gezien kunnen opeens weer volledig uit de gratie zijn, denk maar aan het Finse Nokia “succes”. Janka Stoker Hoogleraar ‘Leiderschap & Organisatie- verandering’  aan de Rijksuniversiteit Groningen Janka Stoker was de afgelopen vijf jaar als vice-decaan werkzaam in het bestuur van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde. Vanaf 1 januari 2015 is zij aan dezelfde faculteit, samen met collega-hoogleraar Harry Garretsen, directeur van het expertisecenter In The LEAD; dit center houdt zich in samenwerking met bedrijven bezig met onderzoek, onderwijs en advies op het gebied van leiderschap. Een derde gebrek van de lijstjesmode is dat vaak niet duidelijk is hoe en wat er precies wordt gemeten en, daaraan gekoppeld, waarom een hogere plek op de lijst per se beter zou zijn. Als de Nederlandse economie licht maar nauwelijks groeit en de “concurrerende” economieën groeien in het geheel niet, zijn we dan beter af dan als onze economische groei 2 à 3 procent zou zijn maar de buitenwereld nog harder groeit? Op de rangorde van de groeilijstjes wel, maar in economische zin uiteraard niet. Zoeken naar samenhang Het fundamentele manco van de bestuurlijke en economische lijstjeswaanzin is echter dat een samenhangende analyse van de verschillende micro- en macro-elementen geheel en al ontbreekt. In de wetenschap beginnen we er achter te komen dat het verbinden van deze niveaus cruciaal is en de eerste veelbelovende studies zijn inmiddels uitgevoerd. Door zowel het macro- (landen), meso- (sectoren) én het micro-niveau (managementkwaliteit) tegelijk in beschouwing tenemen, laten economen zien dat onafhankelijk van land of sector het overgrote deel van het productiviteitsverschil tussen bedrijven wereldwijd systematisch door verschillen in de kwaliteit van het bedrijfsmanagement wordt verklaard. Belang managementkwaliteiten Beter presteren op alle niveaus wordt daarmee vooral dus een zoektocht naar beter management of leiderschap. En dat roept meteen de hamvraag naar de determinanten van effectief leiderschap op. Hier biedt nieuw onderzoek uit de hoek van psychologen uitkomst, dat nauwkeurig aangeeft welke mix van individuele leiderschapsstijlen en bedrijfsspecifieke (vak)kennis effectief leiderschap verklaart. Gecombineerd informeert dit economische en organisatiepsychologische onderzoek direct de beleids- en managementpraktijk en biedt het voorzichtig - anders dan die talloze populaire hitlijstjes - een daadwerkelijk antwoord op de vraag wie waarom leidend is en beter presteert. Meer van dit soort onderzoek en minder gemakzuchtige lijstjes zou derhalve een goed voornemen voor 2015 zijn. Referenties: Antonakis, J., en R. House, (2014), "Instrumental Leadership: Measurement and Extension of Transformational-Transactional Leadership Theory", The Leadership Quarterly, 25(4), 746-771. Bloom, N., R. Lamos, R. Sadun, D, Scur en J. Van Reenen (2014). "The New Empirical Economics of Management", CEP Occasional Paper, 41, Centre for Economic Performance, London. ^  Inhoud ^  Inhoud Hypotheeknormen 2015 lager dan 2014 Bron: Redactie In de nieuwe normen is een buffer opgenomen voor consumenten met een inkomen tot €30.000. Het Nibud heeft naar aanleiding van de nieuwe normen consumenten opgeroepen bij een maximale hypotheek goed te blijven kijken naar de betaalbaarheid van de hypotheek, omdat de normen uitgaan van gemiddelde situaties. Ook is de leenruimte voor de aanschaf van energiebesparende maatregelen bij een maximale hypotheek verder vergroot. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) raadt consumenten aan onzekerheden rondom de te realiseren energiebesparing en de levensduur van de maatregelen zorgvuldig af te wegen. Effecten Het Nibud heeft de effecten doorgerekend voor verschillende Bruto jaarinkomens en rentestanden. De tabellen hieronder geven weer wat er vanaf januari 2015 kan worden geleend in vergelijking met 2014. Voor hypotheken met een rentevasttermijn van 10 jaar of langer is de gemiddelde rente op het ogenblik ongeveer 3,25%. Voor hypotheken met een kortere rentevaste termijn, moet getoetst worden bij een rentestand van 5%. Tabel: verschil leencapaciteit 2014-2015 bij een gelijke rentestand van 3,25% Bruto Jaarinkomen € 30.000 € 50.000 € 70.000 Rentestand 3,25% (2014) € 146.482 € 244.137 € 388.705 3,25% (2015)* € 137.018 € 228.364 € 360.523 Verschil - € 9.464 - € 15.773 - € 28.181 Tabel: verschil leencapaciteit 2014-2015 bij een gelijke rentestand van 5% Bruto Jaarinkomen € 30.000 € 50.000 € 70.000 Rentestand 5% (2014) € 128.069 € 213.448 € 336.859 5% (2015)* € 127.626 € 212.710 € 330.883 Verschil - € 442 - € 737 € - 5.977 Tabel: verschil leencapaciteit 2014-2015 bij een rentestand van 4,25% en 3,25% Bruto Jaarinkomen € 30.000 € 50.000 € 70.000 Rentestand 4,25% (2014) € 134.671 € 224.452 € 355.735 3,25% (2015)* € 137.018 € 228.364 € 360.523 Verschil + € 2.347 + € 3.912 + € 4.789 Note: *gemiddelde loonsverhoging van 1,5%Zie totaaloverzicht financieringslastpercentages 2015 (pdf)Zie totaaloverzicht financieringslastpercentages 2015 AOW-gerechtigden (pdf) Nibud : Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting is een onafhankelijke stichting die informeert en adviseert over financiën van huishoudens. ^  Inhoud ^  Inhoud Market timing met de ‘angst index’ Bron: Ben van den Anker Zoals recent onderzoek van Javier Estrada (IESE Business School, Barcelona) bevestigde (1*)  is het timen van de markt een bijzonder slechte strategie. Uit 160.000 dagen beurshandel bleek dat de helft van het rendement van beleggers te herleiden is tot de beste tien beursdagen in het desbetreffende jaar. Nu is niets menselijks de belegger vreemd en zal er desalniettemin gepoogd worden in- en uitstapmomenten zo zorgvuldig mogelijk te kiezen. Een mogelijk hulpmiddel hierbij is de VIX-index. De VIX- of Volatiliteitindex registreert de Standard & Poor 500 call- en putopties naar de mate waarop zij ‘ín’ of ‘out of the money’ zijn.  Volatiliteit staat hierbij voor de beweeglijkheid van de onderliggende waarde. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negen jarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Een product dat de éne dag 10% daalt, om de volgende dag 15 % te stijgen is volatieler als bijvoorbeeld een product met een beweeglijkheid van 4%. (2*) In de VIX wordt een hypothetische at-the-money- optie gecreëerd met een expiratietijd van 30 dagen. Als een optie ‘at the money’ is zal de prijs theoretisch hetzelfde zijn als de prijs waarmee het aandeel op dat moment verhandeld wordt. In eenvoudige termen komt het erop neer dat de VIX in de weergave van handel in opties op de S&P 500 de verwachtingen van de markt op korte termijn uitdrukt. Het is dus als het ware een barometer van het sentiment en de beweeglijkheid in de markt. Hoe groter investeerders het risico op koersdaling achten, des te meer zullen zij put-opties aanschaffen om een verzekering tegen de mogelijke daling te creëren. De VIX zal daarop hoger noteren. Een stijgende VIX betekent dan dat de markt waarschijnlijk lager zal gaan noteren omdat zij tegengesteld gerelateerd zijn. In december zien wij de VIX net als in oktober weer een flinke reis naar boven maken. De VIX voorspelt dan dat de S&P met een numerieke waarde in een x +/- % range over de periode van één jaar zal blijven, met statistische nauwkeurigheid van 68% (of één standaarddeviatie). Een lage VIX is een goed instapmoment; markten zullen altijd weer naar beneden gaan met de grote vraag wanneer dat zal zijn. De huidige VIX-waarden geven aan dat er met behoorlijke volatiliteit te rekenen valt in de komende maanden. In 2008 en 2009 de bereikte de VIX waarden van boven de 50; in 2014 is de vierde piek sinds 2008 reeds bereikt. Alhoewel de VIX dus een perceptie van de stemming in de markt geeft is het niet meer dan een indicatie van de prijzen waarop de markt wil handelen. Bij uiterste waarden zijn grote mogelijkheden aanwezig. De angst van de één kan de koop voor een ander zijn. Kopers kunnen snel verkopers worden en verkopers kunnen even snel in kopers veranderen. Duidelijk is nu dat de VIX aan de start van het nieuwe jaar nog niet veel goeds voorspelt voor de korte termijn. Het handelen naar VIX-standen is bij veel beleggers al in gebruik, waardoor een reflexieve relatie kan ontstaan. De belegger stapt in of uit aan de hand van de VIX en niet aan de hand van inzichten verkregen uit een fundamentele of technische analyse. Dit reflexieve gegeven maakt dat gebruikmaking van de VIX de stemming op de aandelen/optiemarkten kan versterken. Voor iedere beurs is er wel een volatiliteitsindex aanwezig en een handelswijze, of deze nu gerelateerd is aan het over- of onderschrijden van bijvoorbeeld een vijfdaags (of langere termijn) gemiddelde, kan de belegger wellicht enige houvast bieden. Dit in de hoop dat de waargenomen volatiliteit in 2015 in het portefeuillebelang van de belegger plaatsvindt! Voetnoot 1*  Javier Estrada: Black Swans and Market Timing: How Not To Generate Alpha.    2* Interessant is dat hierbij wel naar in het verleden gerealiseerde resultaten gekeken wordt…. ^  Inhoud ^  Inhoud Een nieuwjaarscontrole van uw beleggingsportefeuille en van uzelf Bron: Maarten van der Pas, Morningstar,  02 januari, 2015  Een mooi moment om uw beleggingsportefeuille en uzelf als belegger -weer- op scherp te zetten. Voldoet de portefeuille nog aan uw beleggingsdoelstellingen? Weerstaat u de verleiding om te veel te handelen? En waarom zou u de markt wel kunnen verslaan? Veel basisregels voor beleggen lijken in eerste instantie onlogisch. Zo oogsten luie beleggers vaak meer succes dan hardwerkende beleggers. Hoe dat komt? Voor een belegger die zijn portefeuille elke dag controleert – of nog erger: meerdere keren per dag – is de verleiding groot om meer transacties te verrichten dan nodig. Hij voelt zich genoodzaakt om direct op verlies en winst in te spelen en voert verkoop- en kooporders in. Hierdoor kunnen de transactiekosten behoorlijk oplopen en een flinke hap uit het rendement nemen. Overigens worden beleggers ook door handelsplatformen in de verleiding gebracht om transacties te doen. De grote hoeveelheid informatie die wordt geboden met het laatste financieel-economische nieuws dat onophoudelijk voorbijrolt en aandelenkoersen die voortdurend rood en groen oplichten bij elke koersbeweging geven een gevoel van urgentie en dwingen beleggers welhaast om te reageren met kopen en verkopen. Elke transactie levert het platform immers inkomsten op. Maar een belegger moet de kosten die aan een transactie zijn verbonden wel eerst terugverdienen. Zeker voor een particuliere belegger is beleggen toch vooral een langetermijnbezigheid waarbij het volstaat om de beleggingsportefeuille enkele keren per jaar na te lopen, bijvoorbeeld elk kwartaal of eens in het half jaar. Het doel van deze portefeuillecheck is om probleemgebieden systematisch op te lossen en te bepalen welke wijzigingen moeten worden doorgevoerd. Het begin van een nieuw jaar is zo’n moment. Maar vergeet niet, dat het even gekunsteld als willekeurig is om de beleggingsresultaten van 1 januari tot en met 31 december te bekijken. Ontwikkelingen op de wereldwijde financiële markten trekken zich niets aan van ons kalenderjaar. De prestaties van een portefeuille kunnen ook van 1 april tot en met 31 maart worden bekeken. Evalueer uw beleggingsportefeuille aan de hand van de volgende 3 stappen. 1. Stel vast of de samenstelling van uw portefeuille (nog) voldoet      aan uw beleggingsdoelstellingen Eén van de belangrijkste factoren die bepaalt of uw portefeuille is gepositioneerd om aan uw beleggingsdoelstellingen te voldoen is uw activaspreiding: welk gedeelte van uw portefeuille is belegd in aandelen, obligaties en contanten? Als het goed is heeft u eerder het doel bepaald waarvoor uw belegt (aanvulling op pensioen, eerder stoppen met werken, studie van de kinderen, een wereldreis) en daar een passende spreiding in aandelen en obligaties bij gemaakt. Om de huidige positionering van uw portefeuille precies te bepalen, kunt u de Instant X-Ray gebruiken, een gratis toepassing op morningstar.nl om uw portefeuille door te lichten en de samenstelling ervan te analyseren. Voer van elke belegging in uw portefeuille de naam of ticker in (vergeet uw positie in contanten niet) en de waarde van die belegging in euro. Klik vervolgens op ‘Toon X-Ray’. U krijgt op de overzichtspagina een beeld van uw portefeuille dat vertelt welk hoeveel in aandelen, obligaties of overig is belegd en hoe groot de kaspositie is. U kunt een benchmark kiezen waarmee u uw beleggingen wilt vergelijken. Een wereldkaart toont hoe uw beleggingen wereldwijd zijn gespreid. Van uw aandelenbeleggingen volgt een overzicht in welke sectoren u bent belegd en of deze cyclisch, licht-cyclisch of defensief van aard zijn. Van het vastrentende deel van uw portefeuille wordt getoond of het om staats- of bedrijfsobligaties gaat of dat het overig gesecuriseerd waardepapier betreft. Met ETFs of indexfondsen zult u niet veel afwijken van een benchmark. Bij een actief beheerd beleggingsfonds is afwijken van de benchmark een voorwaarde. U betaalt een fondsmanager immers om een hoger rendement dan de index te halen De Morningstar Style Box voor aandelen geeft in één oogopslag aan wat voor type aandelen u in uw portefeuille heeft. In dit rooster van negen vakjes wordt een onderscheid gemaakt tussen de marktkapitalisatie van de onderneming (small-, mid- of large-cap op de horizontale as) en of het een waarde- of groeiaandeel betreft (verticale as). Bij de Style Box voor obligaties gaat het om rentegevoeligheid of duration (kort, medium of lang op de horizontale as) en de kredietkwaliteit (hoog, medium of laag op de verticale as). Hoewel u geen gelijkmatige verdeling van uw beleggingen over elk van de negen vakken hoeft te hebben, moet u er wel voor waken dat het grootste deel van uw participaties niet in één of twee vakken van de Style Box is geconcentreerd. Onder de Style Box volgen enkele kengetallen van de aandelen (koers/winst, koers/kasstroom en koers/boekwaarde) en obligaties (looptijd, kredietkwaliteit) in de portefeuille. Verder volgt nog een top 10 van de grootste posities in uw portefeuille en een top 10 van de grootste onderliggende waarden. Hierbij wordt geanalyseerd in welke specifieke aandelen of obligaties u via een beleggingsfonds heeft belegd. Maarten van der Pas Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux Maarten heeft Nederlandse taal en letterkunde gestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmengen. Heeft daarna op diverse redacties gewerkt en momenteel is hij werkzaam als Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux. Ook is Maarten auteur van het boek:  'Saab over de kop. De nederlaag van Victor Muller' De verschillende onderwerpen op de overzichtspagina (assetverdeling, regioverdeling, sectorverdeling aandelen en vastrentend, stijl aandelen en vastrentend, statistieken aandelen en vastrentend, kosten, top 10 fondsen en top 10 onderliggende waarden) kunnen nog verder worden bekeken. Daarvoor kunt u links boven op de pagina een overzicht selecteren. Klik op ‘Overzicht’ en er ontrolt zich een menu waaruit u verder kunt kiezen. Zo laat bijvoorbeeld ‘Positie-overlap’ zien welke aandelen u direct (via uw eigen belegging) of indirect (via uw belegging in een fonds) in portefeuille heeft. Zo krijgt u in de gaten of u niet onbewust een (te) grote positie in een bepaald aandeel heeft. 2. Onderzoek de prestaties van uw beleggingen Het is een grote fout om al te veel aandacht te besteden aan resultaten op korte termijn. U mag best een blik werpen op het rendement van een beleggingsfonds over het afgelopen jaar, maar richt uw aandacht vooral op de cijfers op langere termijn: het rendement van elk fonds over de afgelopen drie en vijf jaar. Analyseer welke beleggingen de grootste bijdrage leverden aan het totale rendement van uw portefeuille en welke posities de grootste negatieve invloed hadden op uw portefeuillerendement. Kijk behalve naar de absolute rendementen ook naar de relatieve rendementen: hoe heeft uw aandeel, beleggingsfonds of ETF gepresteerd ten opzichte van soortgelijke aandelen, fondsen en ETFs en een relevante Index? Zet uw Nederlandse, Europese en Amerikaanse aandelen of fondsen in deze effecten af tegen respectievelijk de AEX Index, STOXX Europe 600 Index en S&P 500 Index. Hebben ze de benchmark verslagen, of niet? Probeer bij zowel negatieve als positieve afwijkingen het verschil te begrijpen. Wat is de reden dat een beleggingsfonds of aandeel in uw portefeuille achterbleef? Rendeerden soortgelijke fondsen of aandelen ook minder of is uw belegging een negatieve uitzondering? In het geval van dat laatste: hoe komt dat? Is er een logische verklaring voor de prestaties? Probeer winst en verlies grondig te analyseren en te begrijpen. Als een effect blijvend ondermaats presteert, kan dit erop wijzen dat er iets heel erg fout loopt. U moet er dan afscheid van nemen. Maar als uw beweegredenen voor het kopen van een aandeel of een fonds nog geldig zijn, kan een periode van zwakke rendementen u ook de gelegenheid bieden om die positie goedkoop uit te breiden. Met bovengenoemde stap kijkt u vooral terug, naar historisch rendement. Probeert u echter ook een goede fundering voor toekomstig rendement te leggen. De X-Ray geeft een beeld van de spreiding van uw beleggingen over diverse soorten activa, landen en werelddelen, sectoren en type aandelen en obligaties. Diversificatie is noodzakelijk om het risico in uw portefeuille te verlagen. Maar er bestaat ook zoiets als ‘overdiversificatie’. Bij te veel spreiding bestaat het risico dat uw portefeuille te veel effecten bevat (pakweg meer dan 30). Als u veel effecten moet volgen, is het onwaarschijnlijk dat u ze allemaal grondig kent. Beleggen in iets dat u niet volledig begrijpt, kan zelfs gevaarlijker zijn dan een onvoldoende gediversifieerde portefeuille. En u weet: hogere rendementen houden per definitie hogere risico’s in. Dat was altijd zo en zal voorlopig nog wel even zo blijven. Risico verlagen betekent de kans op een daling van een belegging beperken. Daarmee voorkomt u kapitaalverlies. Kapitaalverlies is wat portefeuillerendementen echt omlaag haalt. Waardebeleggers beperken hun risico's tot een minimum om hogere rendementen te realiseren. 3. Plan uw volgende zet Nadat u de huidige staat van uw beleggingsportefeuille heeft beoordeeld, is het tijd om uw volgende zet te plannen. Misschien hoeft u niets te doen en volstaat de samenstelling van uw portefeuille nog om uw beleggingsdoelstellingen te realiseren. Maar het kan ook zijn dat u uw portefeuille dient aan te passen. De komende dagen publiceert Morningstar op deze website de nodige artikelen die u daarbij kunnen helpen. U leest meer over het samenstellen, onderhouden en samenstellen van een beleggingsportefeuille. Uiteraard wordt u ook op aantrekkelijke beleggingsfondsen en aandelen gewezen. Nog een basisregel die onlogisch lijkt: denk niet dat u de markt kunt verslaan. De mens heeft van nature de neiging om zich eerder te overschatten dan te onderschatten. Maar per definitie kunnen de meeste - particuliere - beleggers de markt niet verslaan. Denkt u ook niet, dat u een complexe beleggingsstrategie nodig heeft om de markt te overtreffen. Het is gebleken dat de eenvoudigste strategie van kopen tegen een lage koers en verkopen tegen een hogere koers betere resultaten oplevert dan elke andere strategie. Te complexe strategieën kunt u het best links laten liggen en aan beleggingsstrategieën en producten die u niet begrijpt begint u al helemaal niet. Lees ook: Hoe realiseer ik mijn financiële doelen? Waarom u een beleggingsfilosofie moet hebben Bepaal uw financiële prioriteiten ^  Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl ^  Inhoud Word ook aktief binnen onze vereniging! Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier ^  Inhoud Zet 28 maart 2015 - alvast in uw agenda ! HCC Beleggen symposium "Weg van de gebaande paden." Waarom altijd alleen maar alleen beleggen in aandelen? Er is nog zoveel meer mogelijk. David Swensen - bekend van het Yale fonds -  die jaren gemiddeld een rendement van ruim 10% per jaar maakte, heeft dit bijvoorbeeld laten zien. In 2008 werd duidelijk dat aan zo'n aanpak uiteraard de nodige risico's kunnen zitten. Tijdens dit symposium zullen u een aantal alternatieve worden aangereikt . Er staan weer een groot aantal interessante onderwerpen op het programma. wat 64 ste HCC Beleggen Symposium waneer 28 maart 2015 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt activiteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van contact met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig, gratis parkeren, in het midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen, bereikbaar per openbaar vervoer ^  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

6 januari 2015

...

Nieuwsbrief20141206

december 2014 Sukkellijst Dividend Aristocrats voor een onbegrensde dividendhistorie Verlaging LTV-limiet hypotheken na 2018? Lage rente geen reden voor laten oplopen overheidsschuld Word aktief binnen onze vereniging! Oproep: Van: Redactie In verband met privé-omstandigheden zijn wij dringend op zoek naar versterking van de redactie. Onze voorkeur gaat uit naar mensen die zelfstandig artikelen zoeken en/of kunnen schrijven; ook mensen die op ad-hoc basis artikelen aanleveren of over hun eigen methode van beleggen willen vertellen zijn meer dan welkom. Wilt u meehelpen, (éénmalig) een artikel aanleveren, of op andere wijze de redactie ondersteunen,  stuur dan een mailtje aan de redactie of naar het bestuur van HCC Beleggen. Hier kunt u ook terecht voor het geval u vragen hebt. Terug naar Inhoud Sukkellijst Bron: AFM De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft bijna zevenhonderd Nederlanders gewaarschuwd dat zij op een bellijst staan van oplichters. Deze personen lopen het risico dat zij worden benaderd door gehaaide verkopers van waardeloze of nepaandelen. Als zij ingaan op het aanbod, raken zij hoogst waarschijnlijk hun geld kwijt. Deze oplichters staan ook bekend onder de naam boiler rooms. De oplichters noemen een dergelijke bellijst ook wel een sukkellijst of ‘sucker list’ (mensen die gemakkelijk te beduvelen zijn). In totaal zijn er 750 namen naar voren gekomen in een justitieel onderzoek naar een boiler room. De AFM heeft het adres van 680 mensen weten te achterhalen. Zij ontvangen een waarschuwingsbrief, zo maakte hoofd Markintegriteit en Handhaving Marcus Wagemakers dinsdag 18 november in het televisieprogramma Tros Oplicht bekend. Boiler rooms werken meestal met bellijsten, waar personen opstaan die interesse hebben voor beleggen of die al eerder zijn opgelicht door dergelijke fraudeurs. Een bellijst kan door verschillende boiler rooms maar ook door  malafide 'vermogens beheerders' worden gebruikt, omdat deze te koop zijn. De AFM vermoedt dat er verschillende lijsten circuleren. Het is voor het eerst dat de AFM een bellijst van deze omvang heeft ontvangen. Hoe gaan boilerrooms te werk? De oplichter belt zijn slachtoffer met overtuigende verkooppraatjes, dat er grote winsten te behalen zijn. Door vaak te bellen bouwt de oplichter een relatie op met de gedupeerden. In het begin tonen de oplichters goede resultaten (op papier), die in realiteit niet worden gehaald. Nadat het slachtoffer geld heeft overgemaakt is de organisatie opeens niet meer bereikbaar. Zo blijft de belegger zitten met aandelen die niet meer te verkopen zijn. Wat moet u doen als u wordt gebeld door een boiler room? Wat is een Boilerroom Een boiler room-organisatie is een verzamelnaam voor frauduleuze personen en organisaties, die met behulp van gehaaide verkopers bellen naar potentiële beleggers om ze te interesseren te investeren in waardeloze en/of nepaandelen of producten op de termijnmarkten. Boiler rooms zijn een hardnekkig probleem. In 2014 zijn tot nu toe ruim vijftig meldingen van consumenten binnengekomen over deze oplichtingspraktijk. De AFM heeft 21 keer gewaarschuwd voor boiler rooms. Dit is ongeveer gelijk aan de jaren daarvoor. In de praktijk blijken boiler rooms echter bijzonder lastig aan te pakken. De oplichters werken vaak vanuit het buitenland en verdwijnen snel weer van de radar. De AFM krijgt ook signalen dat ze aandelen aanbieden van een ‘beursgenoteerd bedrijf’. Ga er niet op in! Ook komt het voor dat een boiler room zich voor doet als een financiële onderneming met een vergunning van de AFM of een buitenlandse toezichthouder. Je kunt dit zelf controleren door de registers van de AFM of de waarschuwingslijsten te raadplegen. Terug naar Inhoud Dividend Aristocrats voor een onbegrensde dividendhistorie Bron: Jeffrey Schumacher, CFA, Morningstar Er zijn een aantal Europese ondernemingen die een lange staat van dienst hebben als het gaat om het betalen van dividend. Maar wie wil beleggen in bedrijven die al decennia lang hun dividend laten groeien moet toch echt in Amerika zijn. Het land van de onbegrensde mogelijkheden en dus ook van de onbegrensde dividend track records. Jeffrey Schumacher Fondsanalist bij Morningstar Benelux In Europa is Nestlé een dividendparel. De Zwitserse voedingsmiddelenfabrikant betaalt al sinds 1959 onafgebroken dividend, waarbij het in de meeste jaren het dividend ook liet groeien. In 1959 kregen beleggers nog CHF 0,023 per aandeel, 54 jaar later werd CHF 2,15 per aandeel overgemaakt aan aandeelhouders: 92 keer meer! Dit vertaalt zich in een gemiddelde jaarlijkse dividendgroei van 8,8 procent. Toch is dit slechts één van de weinige Europese beursfondsen met zo’n rijke dividendhistorie. In Amerika daarentegen zijn er veel meer bedrijven te vinden die er een behoorlijke dividendtraditie op na houden. Met een dividend track record dat teruggaat tot 1877 is Stanley Black & Decker een echte dividenddinosaurus. Maar ook ExxonMobil (1882), Consolidated Edison (1885), Procter & Gamble (1891), Coca-Cola (1893), Colgate-Palmolive (1895) en PPG Industries (1899) kunnen bogen op een dividendgeschiedenis die meer dan 100 jaar bestrijkt. Hoewel een langjarig dividend track record iets zegt over de kwaliteit en de financiële soliditeit van de onderneming, betekent het niet dat het dividend nooit is verlaagd. Pfizer, General Electric en Anheuser-Busch konden om verschillende redenen het dividend niet alle jaren achtereen laten groeien. Zo was Pfizer in 2009 genoodzaakt om zijn dividend halveren om zo voldoende liquide middelen vrij te spelen voor de financiering van de overname van Wyatt. Dividend Aristocrats Een periode van tenminste 25 jaar met een onafgebroken verhoging van het dividend maakt de Dividend Aristocrats dan ook uniek. Het is een zeldzame groep van 54 bedrijven in de S&P 500 Index die jaar op jaar hun dividend weten te verhogen ongeacht de stand van de economie en het sentiment op de financiële markten. Nevenstaande figuur geeft de indrukwekkende track records van deze 54 dividendmachines weer. Recessie of crisis, het management liet het dividend ieder jaar een beetje groeien. Wanneer het universum breder wordt getrokken dan de S&P 500, dan zijn er 107 Amerikaanse aandelen die aan deze eis voldoen. Het zijn bedrijven met een rijke historie. De gemeenschappelijke deler is, dat ze vrijwel allemaal een sleutelpositie hebben in hun markt, uitblinken of dominant zijn. Ondernemingen als Coca Cola (52 jaar onafgebroken dividendverhogingen), Colgate Palmolive (51), Johnson & Johnson (52) en McDonalds (44) zijn onderdeel van onze levensstijl geworden. Het zijn onmiskenbaar kwaliteitsbedrijven die beschikken over duurzame concurrentievoordelen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat veel Dividend Aristocrats volgens de aandelenanalisten van Morningstar een ‘wide’ of ‘narrow economic moat’ (groot of klein concurrentievoordeel) hebben, zoals het bovenstaande diagram laat zien. Wanneer wordt gekeken naar het dividendrendement, dan bieden de Aristocrats gemiddeld 2,35 procent dividendrendement. Dat is hoger dan de S&P 500, waar het dividendrendement op 1,99 prcoent ligt. Desondanks zijn er maar drie bedrijven - AT&T, HCP en Consolidated Edison - die een dividendrendement hebben boven de grens van 4 procent. De grafiek hiernaast laat de verdeling zien naar dividendrendement van de Dividend Aristocrats. De gemiddelde dividendgroei over de afgelopen 5 jaar bedraagt 8,8 procent voor deze 54 dividendaandelen, maar er zijn er een paar die er echt bovenuit springen. Walgreen voert de lijst aan met een dividendgroei van ruim 23 procent gemiddeld per jaar over de afgelopen 5 jaar, terwijl het sinds de eerste dividendbetaling in 1972 een gemiddelde jaarlijkse groei realiseerde van 13 procent. De onderstaande grafieken tonen de aandelen met de grootste dividendgroei over 5 jaar en de dividendhistorie van Walgreen. Ondanks dat veel Aristocrats kunnen bogen op een lang dividend track record waarbij het dividend jaar in jaar uit verhoogd is, lijkt er nog voldoende ruimte om het dividend verder te laten groeien in de komende jaren. De gemiddelde pay-out ratio – het deel van de winst dat als dividend wordt uitgekeerd - is 48 procent en er zijn slechts 4 bedrijven waarbij de pay-out ratio hoger is dan 75 procent. Amerikaanse en Europese dividendaandelen Ofschoon de Dividend Aristocrats een indrukwekkend track record hebben, betekent dit nog niet dat hun dividendbeleid het eeuwige leven heeft. Een dividendhistorie van 100 jaar geeft vertrouwen, maar het is geen garantie voor nog eens 100 jaar aan dividend(groei). Zo kostte de bankencrisis gerenommeerde banken zoals Bank of America hun dividend track record. Beleggers die in de Dividend Aristocrats willen investeren kunnen dit eenvoudig doen door een indextracker aan te schaffen, bijvoorbeeld ProShares S&P 500 Dividend Aristocrats of de iets breder samengestelde SPDR S&P US Dividend Aristocrats. Liever Europese dividendaandelen? Dat kan ook via de Europese variant met minimaal 10 jaar dividendverhoging als criterium: SPDR S&P Euro Dividend Aristocrats. Voor beleggers die een wereldwijde portefeuille willen is de SPDR S&P Global Dividend Aristocrats een optie. Wie niet in een tracker wil beleggen en meer geïnteresseerd is in afzonderlijke aandelen kan in onderstaande tabellen de waardering van Morningstar's aandelenanalisten van de Amerikaanse en Europese Dividend Aristocrats zien. Wat opvalt is dat de meeste van deze dividendaandelen momenteel redelijk of overgewaardeerd zijn. Ze hebben een Morningstar Rating van 1, 2 of 3 sterren. Op een schaal van 1 tot en met 5 staat 1 ster voor maximaal overgewaardeerd en 5 sterren betekent maximaal ondergewaardeerd. Amerikaanse Dividend Aristocrats Lees ook aandelenrapporten van 3M, Anheuser-Busch, Coca-Cola, ExxonMobil, General Electric, Johnson & Johnson, McDonalds, Nestlé, Pfizer en Procter & Gamble.Europese Dividend Aristocrats Lees ook de aandelerapporten van DSM, GBL, Philips, Sanofi, UCB en Wolters Kluwer. NB: Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz. Dit artikel en verwante artikelen zijn ook na te lezen op de website van Morningstar. Klik hier Terug naar Inhoud Verlaging LTV-limiet hypotheken na 2018? Bron: Financieel Stabiliteitscomité Het Financieel Stabiliteitscomité heeft tot taak risico’s voor de financiële stabiliteit in Nederland te signaleren en daarover aanbevelingen te doen. Het comité is in november 2012 opgericht als uitvloeisel van de aanbevelingen van de Parlementaire Enquêtecommissie Financieel Stelsel (commissie De Wit). Het comité bestaat uit vertegenwoordigers van DNB, AFM en het ministerie van Financiën onder voorzitterschap van de president van DNB. Activiteiten: De uitwisseling van informatie en analyses met betrekking tot de stabiliteit van het financiële stelsel, om zo mogelijke risico’s voor de stabiliteit van het financiële stelsel te signaleren. Het bespreken van mogelijke handelswijzen voor het terugdringen van deze risico’s, inclusief de mogelijkheden om het wettelijke instrumentarium te versterken dat DNB, de AFM en de Minister hiertoe ter beschikking hebben. Het uitbrengen van waarschuwingen en aanbevelingen aangaande de gesignaleerde risico’s. Deze zijn openbaar, tenzij openbaarmaking achterwege dient te blijven vanwege mogelijke risico’s voor de financiële stabiliteit. Afstemming over de wijze waarop in Nederland opvolging wordt gegeven aan waarschuwingen en aanbevelingen van de European Systemic Risk Board. De samenstelling van het comité is als volgt: Klaas Knot – voorzitter (president DNB) Reinier Pollmann (hoofd Strategie, beleid en internationale zaken, AFM) Gita Salden (directeur Financiële Markten, Ministerie van Financiën) Jan Sijbrand (Directeur Toezicht, DNB) Job Swank (directielid Monetaire zaken en financiële stabiliteit, DNB) Hans Vijlbrief (Thesaurier-generaal, Ministerie van Financiën) Merel van Vroonhoven (Voorzitter AFM) Secretaris: Aerdt Houben (divisiedirecteur Financiële Stabiliteit, DNB) Het Financieel Stabiliteitscomité heeft in zijn vergadering van 4 november gesproken over de belangrijkste actuele risico’s voor de financiële stabiliteit. Ook heeft het comité gesproken over de voor- en nadelen van een verlaging van de Loan-to-Value (LTV)-limiet voor hypotheken. Actuele risico’s Het comité heeft van gedachten gewisseld over actuele risico’s voor de financiële stabiliteit in Nederland. De binnenlandse risico’s zijn afgenomen: de huizenmarkt laat een voorzichtig herstel zien en de positie van banken is verder versterkt. Dit laatste blijkt ook uit de resultaten van de Comprehensive Assessment, het grootschalige onderzoek van de ECB onder 130 systeembanken in het eurogebied. Tegelijkertijd ligt er een risico in het trage economische herstel en de lage inflatie in Europa. LTV-limiet voor hypotheken Ontwikkelingen op de Nederlandse woning- en hypotheekmarkt zijn van grote invloed op de financiële stabiliteit. Het comité heeft gesproken over de voor- en nadelen van een verdere verlaging van de LTV-limiet na 2018. De LTV-limiet is de maximaal toegestane verhouding tussen het hypotheekbedrag en de waarde van de woning. De limiet is nu 104% en deze wordt jaarlijks met één procentpunt verlaagd tot 100% in 2018. Recent adviseerden onder andere het IMF en de Commissie Wijffels de LTV-limiet na 2018 verder af te bouwen. Het FSC onderkent dat er voordelen verbonden zijn aan een lagere LTV-limiet. Deze gaat gepaard met minder sterke schommelingen op de huizenmarkt en maakt dat huishoudens minder snel onder water komen te staan, waardoor zij moeilijk kunnen verhuizen of met grote financiële problemen worden geconfronteerd bij werkloosheid of echtscheiding. Een lagere LTV-limiet kan de stabiliteit van de financiële sector en de economie daarom versterken. Hierbij dient echter ook rekening te worden gehouden met de effecten van recente hervormingen als de afbouw van de hypotheekrenteaftrek en de met de hypotheekrenteaftrek samenhangende eis om de hypotheek in de looptijd volledig en tenminste annuïtair af te lossen. Deze maatregelen stimuleren aflossing en mitigeren daarmee de risico’s voor huishoudens. Tevens is de wettelijk bepaalde maximale leencapaciteit in verhouding tot het inkomen (de loan-to-income norm, LTI-norm) van belang. Een verlaging van de LTV-limiet brengt ook kosten met zich mee. Het beperkt voor een deel van de starters de toegang tot een koopwoning, omdat zij over meer eigen vermogen moeten beschikken. Dit leidt met name in de transitiefase tot minder verkooptransacties, een grotere vraag naar huurwoningen en hogere huren, wat een negatief effect heeft op het spaarvermogen van potentiële starters. Een verlaging van de LTV-limiet zou daarom bij voorkeur geleidelijk moeten plaatsvinden. De omvang van deze effecten is met onzekerheid omgeven. Om tot een onderbouwd advies over het gewenste LTV-beleid na 2018 te komen is nader onderzoek nodig naar de spaarmogelijkheden van jonge huishoudens en de mogelijkheden om het middensegment op de huurmarkt verder te ontwikkelen. Het comité zal hierover verder spreken op de vergadering van mei 2015. Overige thema’s Daarnaast heeft het comité gesproken over de aanbevelingen van de Financial Stability Board met betrekking tot de positie en bevoegdheden van het FSC. Ook heeft het comité de onderwerpen geselecteerd voor de volgende vergadering van februari 2015. Dat zijn cyberdreigingen, de hervormingen van de OTC-derivatenmarkten en de relatie tussen fiscaliteit en financiële stabiliteit. Het Financieel Stabiliteitscomité De vergadering van het Financieel Stabiliteitscomité vond plaats op dinsdag 4 november. In dit comité spreken vertegenwoordigers van DNB, de AFM en het ministerie van Financiën ten minste twee keer per jaar onder leiding van de president van DNB over ontwikkelingen op het gebied van de stabiliteit van het Nederlandse financiële stelsel. Het CPB neemt als externe deskundige deel aan de vergaderingen. Lees hier het volledige verslag van de vergadering van 4 november. Voor vragen kunt u contact opnemen met woordvoerder Ben Feiertag 06 524 96 142  of Martijn Pols 06 524 96 432 Terug naar Inhoud Lage rente geen reden voor laten oplopen overheidsschuld Bron: MeJudice 27 nov 2014 | Ed Westerhout De extreem lage rente vormt geen reden de overheidsschuld te verhogen en zo beleggers een alternatief te bieden. Ed Westerhout gaat in op de achtergrond van deze nu regelmatig te horen redeneertrant. Hij stelt dat de rente op overheidsschuld niet verward mag worden met het rendement op de kapitaalmarkt. Historisch gezien is het een rariteit dat het kapitaalmarktrendement lager ligt dan het tempo van economische groei. Ook bij de huidige lage rente is het dus niet zo de economie ook later baat heeft bij het nu verhogen van de overheidsschuld. Stagnatie De wereld wordt overspoeld met besparingen en de rente is al jaren extreem laag. Desondanks komt economische groei maar moeizaam van de grond. Lawrence Summers houdt inmiddels rekening met langdurige stagnatie van de wereldeconomie (Summers 2014). Tegelijkertijd houden instituten als DNB en BIS er serieus rekening mee dat zich op financiële markten nieuwe zeepbellen aan het ontwikkelen zijn. Lage rente en zeepbellen leveren samen een duidelijke aanwijzing dat de economie van vandaag de dag kampt met een ultra laag kapitaalmarktrendement of, zoals het officieel heet, dynamische inefficiëntie. Zeepbellen Het verband tussen zeepbellen en een lage rente werd in 1985 uit de doeken gedaan door Nobelprijswinnaar Jean Tirole. Hij definieerde zeepbellen als activa met weinig tot geen intrinsieke waarde waarin vooral of uitsluitend wordt belegd op grond van de verwachte waardestijging. Tirole liet zien dat onder normale omstandigheden dergelijke zeepbellen niet goed kunnen worden verklaard. Ze groeien dusdanig hard dat ze ooit groter zullen worden dan de economie waarvan ze deel uitmaken. Aangezien dat niet mogelijk is, weet elke belegger vooraf dat de zeepbellen ooit uit elkaar zullen spatten, hij of zij verlies zal moeten nemen op de investering en het dus niet verstandig überhaupt in zeepbellen te investeren. Maar het geval van een ultra laag kapitaalmarktrendement is anders. In een dergelijke situatie is de rente dusdanig laag dat de zeepbellen minder hard groeien dan de economie en kunnen ze dus blijven bestaan. Het bestaan van zeepbellen is zo geredeneerd een indicatie voor een ultra laag kapitaalmarktrendement. Ultra laag kapitaalmarktrendement Ed Westerhout Universiteit van Amsterdam en Centraal Planbureau Ed Westerhout is econoom, gespecialiseerd in de economie van vergrijzing. Zijn blogs zijn te vinden op http://edwesterhout.nl. Hij is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, afdeling Algemene Economie, als onderzoeker op het terrein van pensioenen en macro-economie en als docent van de cursussen Macroeconomics en Public Finance and Fiscal Policy. Hij is ook verbonden aan het Centraal Planbureau als onderzoeker op het terrein van pensioenen en macro-economie. Verder is hij verbonden aan Netspar als fellow. Aandachtsgebieden: Vergrijzing, Pensioenen, Gezondheidszorg, Overheidsfinanciën, Macro-economie. Wat betekent een ultra laag kapitaalmarktrendement? Niets minder dan dat de wereld op zijn kop wordt gezet. In geval van een ultra laag kapitaalmarktrendement is het mogelijk vandaag meer te gaan consumeren zonder de consumptie van morgen en overmorgen te hoeven beperken. In geval van een ultra laag kapitaalmarktrendement is niet langer sprake van een afruil, die toch zo kenmerkend is voor de economische wetenschap. Waarom? Omdat een ultra laag kapitaalmarktrendement veronderstelt dat de rente zo laag is dat het fysieke kapitaal in de economie onvoldoende productief is. Verhoging van consumptie maakt het mogelijk dit kapitaal uit de economie te laten verdwijnen en zo de consumptiemogelijkheden in de toekomst te vergroten. En hoe moet dit worden bereikt? Nobelprijswinnaar Peter Diamond zei het al in 1965: met overheidsschuld. In geval van een ultra laag kapitaalmarktrendement is het welvaartsverhogend nu de belastingen iets te verlagen en later te verhogen ofwel extra overheidsschuld aan te gaan. Overheidsschuld Dat brengt ons bij Paul Krugman en Coen Teulings. Beide wijzen op het gunstige effect van meer overheidsschuld. Overheidsschuld, zo stelt Krugman, maakt het mogelijk via vergroting van de effectieve vraag de economie uit het dal te trekken. Overheidsschuld, zo stelt Teulings, verschaft beleggers een serieus beleggingsalternatief. Overheidsschuld voorkomt dat bellegers hun geld in nutteloze zaken steken als leegstaande appartementen in China (zeepbellen). Welke rente? Maar is wel sprake van een ultra laag kapitaalmarktrendement? Misschien niet. Laten we de situatie van een ultra laag kapitaalmarktrendement preciezer formuleren. Het komt neer op rg  (Abel, Mankiw, Summers en Zeckhauser en Geerolf) Andrew Abel, Gregory Mankiw, Lawrence Summers (ja, dezelfde) en Richard Zeckhauser hebben in 1982 afgeleid wat de meest wenselijke invulling van r zou moeten zijn. Hun conclusie: het gaat om de marginale productiviteit van kapitaal. Ze pasten hun ontdekking toe op cijfers van enkele grote geïndustrialiseerde economieën. Ze concludeerden dat voor geen van de jaren in het tijdvak 1929-1985 in de VS sprake was van een ultra laag kapitaalmarktrendement. Voor Engeland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Canada en Japan golden soortgelijke bevindingen. Recentelijk heeft François Geerolf het onderwerp bekeken voor een grote groep landen met betere data. Hij is genuanceerder maar concludeert dat de meeste landen in een beperkt aantal jaren een ultra laag kapitaalmarktrendement laten zien. r>g  (Piketty) In Thomas Piketty’s bestseller ‘Capital in the Twenty-First Century’ komt r>g uitgebreid aan de orde. Piketty poneert dat het kapitaalrendement hoger is dan het tempo van economische groei, niet vaak, maar altijd. Volgens Piketty is r>g de fundamentele ongelijkheid in de economie. Fundamenteel, want het is deze ongelijkheid die maakt dat inkomens en vermogens voortdurend denivelleren, tenzij daar actief overheidsbeleid tegenover wordt gezet. Piketty voert twee soorten data aan om r>g te onderbouwen. Gegevens over kapitaalrendement en economische groei voor Frankrijk in de periode 1820-1913 en schattingen van rendement en groei vanaf het jaar 0 tot 2100. In beide gevallen concludeert hij dat r>g opgeld deed voor de gehele analyseperiode. Tot slot:  r

10 december 2014

...

Nieuwsbrief20141101

november 2014 Wederom een geslaagd Symposium Oproep gebruikers Portfolio 123 Monetaire en financiële statistieken Nederland Hebben ETFs afgedaan voor beleggers? Dragen actieve aandeelhouders bij aan een betere wereld? Het verborgen inkomen van Nederlandse huishoudens Onzekerheid over huishoudportemonnee blijkt goede economische graadmeter Verbetert grotere diversificatie echt de prestaties in portefeuilleselectie? Meedoen kan Wederom een geslaagd symposium                                           (bekijk ook de video's) Bron: Jos van den Berkmortel, HCC Beleggen Symposiumorganisatie 4 oktober werd in de Bilt voor de 63e maal het symposium gehouden. Er was sprake van een goede opkomst en er vonden vele geanimeerde gesprekken plaats. Oude en nieuwe vrienden konden elkaar (weer) ontmoeten en daarnaast ook nog eens aan interessante lezingen deelnemen. Voor het eerst zijn er tijdens de lezingen - door HCC Digimedia - opnames gemaakt. De meeste presentaties zijn op de website en via onderstaande links te zien. Video's zijn mogelijk gemaakt door  Titel van de presentatie Spreker    Kwalitatieve tactische asset allocatie Wouter J. Keller Bekijk De tien belangrijkste dingen die ik in de afgelopen 15 jaar heb geleerd over beleggen Karel Mercx, Lynx Bekijk Short gaan Ruerd Heeg Bekijk Value-beleggen in theorie en praktijk Hendrik Oude Nijhuis, Kingfisher Capital Bekijk Beleggen in ETF's Niels Faassen, Morningstar Bekijk Goed gereedschap huur je in Jack van OosterboschCEO De Veste Bekijk Optimale correlatie, leverage en herbalancering bepalen voor een set handelssystemen Jan Roozenburg NA De bijbehorende powerpoint- en/of pdf presentaties zijn ook beschikbar in de sectie Downloads Al met al een heel geslaagd en druk bezocht 63ste HCC Beleggen Symposium en zoals één van de bezoekers tegen me zei: "een hele goede dag en ik kan niet wachten op de volgende". Voor deze en andere bezoekers noteer alvast dat het  64ste HCC Beleggen Symposium gepland staat op: 28 maart 2015! Terug naar Inhoud Oproep Portfolio 123 Ervaring met en/of actieve belangstelling voor Portfolio 123? Welke gebruikers van beleggingssoftware Portfolio 123 hebben belangstelling voor een gebruikersnetwerk,gericht op het gebruik van dit softwarepakket? (ref.http://www.portfolio123.com/doc/features.jsp) Als je  belangstelling hebt, stuur dan svp een email naar r.ebels@solcon.nl onder vermelding “Portfolio 123”. Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Monetaire en financiële statistieken Nederland Bron: http://www.statistics.dnb.nl/ Op de statestiekpagina's van De Nederlandse Bank vind u behalve onderstaand (dagelijks geupdated)  overzicht  een aantal  downloadable interactieve grafieken  klik hier Terug naar Inhoud Hebben ETFs afgedaan voor beleggers? Bron: Morningstar, Jose Garcia-Zarate 21 oktober, 2014 ETFs hebben de eerste negen maanden van dit jaar al meer geld naar zich toe zien stromen dan in 2013, 2012 en 2011. Maar in september was er een netto-uitstroom. Is dit de voorbode van een strenge winter voor ETFs? Er is in het derde kwartaal van dit jaar EUR 10,4 miljard naar Europese ETPs gevloeid (exchange-traded products zoals ETFs). Dat brengt het totaal voor de eerste negen maanden van 2014 op EUR 33,4 miljard. Door de combinatie van netto-instromen en kapitaalgroei is het beheerd vermogen in ETPs van net iets meer dan EUR 300 miljard eind 2013 gestegen tot EUR 360 miljard. Wat is een ETF Een exchange-traded fund (afgekort ETF) is een mandje beleggingen dat net als een aandeel wordt verhandeld aan de beurs. Een ETF wordt in het algemeen gebruikt om een specifieke marktindex te volgen. Vandaar dat ze ook wel indextrackers worden genoemd. Er zijn ook traditionele beleggingsfondsen die zich op een bepaalde index richten en deze dupliceren. Het verschil met een ETF is, dat deze indexfondsen actief worden beheerd met een manager aan het roer (die de index al dan niet probeert te verslaan) waar een ETF passief beheerd wordt. Wie bijvoorbeeld in de AEX-index wil beleggen kan een ETF kopen die de Amsterdamse beursgraadmeter repliceert. Wanneer de AEX stijgt, neemt de ETF in waarde toe en wanneer de AEX daalt daalt ook de waarde van de ETF. De belegger heeft keus uit tal van indices zoals de S&P 500 Index, de MSCI World Index en kleinere specifieke indices. Een ETF kan ook worden gebruikt om grondstoffen of andere activa zoals valuta te tracken. Wie in goud wil beleggen maar niet fysiek een staaf goud wil aanschaffen kan een ETF kopen dat de goudkoers volgt (technisch gezien wordt een grondstof ETF een exchange traded commodity (ETC) en een valuta-ETF een exchange traded currency). De eerste ETFs zagen het levenslicht in de Verenigde Staten in de jaren tachtig en begin jaren negentig en hun populariteit in beleggingsland is sindsdien geëxplodeerd. Institutionele en particuliere beleggers investeren inmiddels miljarden euro’s in ETFs. ETFS zijn hetzelfde als aandelen in die zin dat ze gemakkelijk ge- en verkocht kunnen worden op de beurs en hun koers fluctueert gedurende de handelsdag. Beleggers kunnen short gaan op ETFs, een stop-loss order gebruiken en ze verkopen. In het kort geldt dat alles wat met aandelen kan ook met ETFs kan. Net als bij aandelen betalen beleggers en commissie bij het kopen en verkopen van ETFs. Meer over ETF's op website van Morningstar:  Klik Hier Op het eerste oog zijn deze ontwikkelingen in de fund flows positief. Drie maanden vóór het einde van het jaar bedragen de netto-instromen al meer dan het totaal voor elk van de drie voorafgaande jaren. Ook het beheerde vermogen vertoont een mooie stijging. Maar toch was er in het derde kwartaal een waarschuwing. In september liet de Europese ETP-markt voor het eerst in 2014 een netto-uitstroom optekenen. Het cijfer voor september, een netto-uitstroom van net iets meer dan EUR 2,5 miljard euro, maakte abrupt een einde aan de tot dan toe pittige reeks van maandelijkse netto-instromen. Wat is er aan de hand? Duitse groeivertraging Uit een analyse van de gegevens blijkt dat de netto-uitstromen in september grotendeels waren geconcentreerd in twee aandelentcategorieën: Duitsland en large-caps uit de eurozone. Dit wijst erop, dat beleggers reageerden op de stroom negatieve economische gegevens in deze maand - vooral over de stagnerende Duitse economie - door hun longposities in aandelen af te wikkelen. Seizoensgebonden factoren lijken een rol te hebben gespeeld in de daling van het Duitse bbp in het tweede kwartaal. Maar zelfs als rekening wordt gehouden met een potentieel technisch herstel in het derde kwartaal,blijft het een feit dat de groeiverwachtingen op korte tot middellange termijn voor de grootste economie van de eurozone – en dus ook voor de eurozone als geheel – neerwaarts zijn herzien. En deze keer zit er veel meer achter de downgrade dan de nadelen van de zelfopgelegde bezuinigingen door de overheid. De groeivooruitzichten voor de hele wereld zijn immers teruggeschroefd, hetgeen een donkere schaduw werpt over Duitslands exportgerichte groeistrategie. Afwikkelen aandelenposities De vraag is of dit slecht nieuws is voor de ETP-markt met het oog op de kapitaalstromen in het vierde kwartaal? Er is geen eenduidig antwoord. Het is een feit dat de ETP-markt in Europa nog steeds een sterke voorkeur voor aandelen vertoont en daarbinnen zijn vooral de ‘ouderwetse’ large-caps populair. Daarom kan aanhoudend negatief macro-economisch nieuws in de rest van het jaar leiden tot een verdere afwikkeling van ETP-posities in large-caps, wat dus neerkomt op meer uitstromen. Maar geld dat uit aandelen-ETPs wegstroomt, verdwijnt niet zomaar. Beleggers moeten er een beleggingsalternatief voor vinden. Dit is het moment om te wijzen op de gevarieerde keuzes in activaklassen die op de ETP-markt beschikbaar zijn. Het is momenteel voor Europese beleggers met een voorkeur voor ETPs relatief eenvoudig om volledige portefeuilles samen te stellen waarin de meeste activaklassen vertegenwoordigd zijn. Binnen aandelen zelf is het aanbod opmerkelijk ruim en beleggers kunnen bovendien een onderscheid maken op basis van omvang, sector, land en regio of strategie (bijv. waarde, groei, of dividend). Hetzelfde geldt voor vastrentende beleggingen, grondstoffen en alternatieve activaklassen zoals bijvoorbeeld vastgoed. Het is perfect mogelijk om de beleggingsmix in een portefeuille te spreiden en toch volledig belegd te zijn in ETPs. Het is daarom ook niet vanzelfsprekend dat de uitstromen bij aandelen-ETPs per se wijzen op uitstromen voor de hele ETP-markt. Of het macro-economische klimaat beleggers ertoe aanzet om hun geld tijdelijk alleen in contanten te parkeren, is een hele andere vraag. Voor de globale nettokapitaalstromen in het vierde kwartaal zou dat inderdaad een probleem kunnen vormen. Overigens niet alleen voor ETPs, maar ook voor beleggingsfondsen als geheel. Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz. Terug naar Inhoud Dragen actieve aandeelhouders bij aan een betere wereld? Bron: MeJudice, 24 okt 2014 | Harry Hummels Stakeholders spreken ondernemingen aan op hun maatschappelijke prestaties. Dat geldt ook voor aandeelhouders. Waartoe leidt nu zo’n gesprek over maatschappelijke en milieuaspecten van het ondernemen? Harry Hummels stelt dat institutionele beleggers meer druk kunnen uitoefenen op ondernemingen dan particuliere investeerders. Het middel van aandeelhouders -resoluties geeft de aandeelhouders een instrument in handen om het gesprek aan te gaan met het management. Regelmatig is dat overleg zo succesvol dat aandeelhouders de resolutie intrekken. De vraag blijft dan wel of de uitkomsten van het overleg uiteindelijk ook worden omgezet in concrete daden. Het monitoren van beloftes is noodzakelijk. Opkomst van het governance vraagstuk De opkomst van de moderne onderneming in de 19e en 20e eeuw laat tevens een ontwikkeling zien op het terrein van governance. Clark (1981) onderscheidt vier stadia in de ontwikkeling van de onderneming. Het eerste stadium is dat van de eigenaar-entrepreneur die voor eigen rekening en risico een grote onderneming bouwt. Te denken valt aan Rockefellers Standard Oil Company, Carnegies Steel Company en J.P. Morgans conglomeraat van banken. De eigenaar-ondernemer had zeggenschap over de onderneming en stuurde deze tevens aan. Stadium twee voltrekt zich aan het begin van de 20 e eeuw en laat de opkomst zien van de manager. Hij neemt de uitvoerende taken over van de ondernemer. Hier dient zich het vraagstuk aan van de governance van de onderneming en de invloedsverdeling tussen ‘principal’ en ‘agent’ (Berle en Means, 1932). Hoe zorgen de eigenaren ervoor dat de manager handelt in hun belang en niet in zijn eigen belang? Omdat de laatsten geen invloed meer hebben op het beleid van de onderneming zijn zij van de manager afhankelijk om hun belangen te realiseren. De aandeelhouders zijn ‘residual claimants’ geworden, afhankelijk van de ‘loyaliteit’ en de ‘zorg’ van de manager. In het derde stadium, dat zich aandient rond 1960, doet de institutionele belegger zijn intrede. Waar in stadium drie nog sprake is van een geconcentreerde aandeelhoudersmacht, laat stadium vier een versnipperd aandeelhouderschap zien dat gerepresenteerd wordt door commerciële asset managers. Hawley en Williams (2000) laten evenwel zien dat er een vijfde stadium is waar institutionele beleggers – waaronder pensioenfondsen, verzekeraars en zogenaamde sovereign wealth funds – hun invloed herwinnen. De macht van een relatief beperkte groep beleggers neemt zienderogen toe. Harry Hummels Hoogleraar aan de universiteit van Maastricht Harry Hummels (1959) is hoogleraar Ethics, Organisations and Society binnen de School of Business and Economics van Maastricht University (Finance Department). Zijn onderzoek richt zich vooral op impact investing en verantwoord beleggen. Daarnaast is hij geïnteresseerd in ethiek in de financiële wereld en schrijft hij veel over microfinanciering. Hoe kunnen aandeelhouders invloed uitoefenen? Aandeelhouders hebben diverse rechten. Allereerst hebben ze het recht op informatie over het reilen en zeilen van de ondernemingen waarin zij investeren. Tevens hebben zij het recht om vragen te stellen tijdens de aandeelhoudersvergaderingen, te stemmen en resoluties in te dienen. Hoewel dit laatste vooral in Angelsaksische landen gebeurt, staat het ook aandeelhouders van Nederlandse ondernemingen vrij agendapunten en voorstellen tot besluit te agenderen. Naast deze bij wet vastgelegde rechten staat het aandeelhouders vrij om in gesprek te gaan met het management van de onderneming. Mocht het management daartoe niet geneigd zijn, respectievelijk niet bereid zijn op de wensen van de aandeelhouders in te gaan, dan kunnen de laatsten alsnog het onderwerp op de agenda plaatsen en een voorstel tot besluit indienen. De praktijk van invloedsuitoefening In zijn in 2013 aan Maastricht University verdedigde proefschrift heeft Michael Viehs de praktijk van shareholder engagement onderzocht. Onder 'shareholder engagement' wordt verstaan elke poging van de aandeelhouders om het beleid en handelen van de onderneming te beïnvloeden. Dan valt te denken aan het stemmen op aandeelhoudersvergaderingen, individuele gesprekken met het management, deelname aan collectieve acties, sectorale engagements, indienen van voorstellen voor besluiten, media-uitingen, enzovoorts. Onderzoek wijst uit dat institutionele beleggers deze strategieën gelijktijdig inzetten (McCahery, Sautner, and Starks, 2013), al verschillen aandeelhouders wel in hun voorkeuren voor de genoemde instrumenten. Waar in Europa het gesprek met het management een veel gebruikte strategie is, geven Angelsaksische aandeelhouders vaker de voorkeur aan het indienen van resoluties (Eurosif, 2013). Het voordeel van deze laatste strategie is dat zij beschikt over een ingebouwde maatstaf voor het meten van het succesvol toepassen ervan. Naar aanleiding van een ingediende resolutie vindt er in de regel overleg plaats tussen aandeelhouders en onderneming. Als dat overleg tot tevredenheid van de aandeelhouders verloopt, trekken zij voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering hun resolutie in. Onderzoek van Bauer, Moers en Viehs (2012) toont aan dat institutionele investeerders in zo’n 34 procent van de gevallen hun resolutie voortijdig intrekken. Blijkbaar hebben zij (in zekere mate) gekregen waarvoor zij kwamen. Interessanter is echter dat resoluties die betrekking hebben op maatschappelijke en milieuvraagstukken aanzienlijk vaker worden ingetrokken dan die welke betrekking hebben op corporate governance vraagstukken. Het gemiddelde over de periode 1997 – 2009 is 31,2 versus 16,8 procent. Kijken we naar de indieners van de voorstellen dan zien we dat institutionele beleggers (gemiddeld 33,9 procent) en vakbonden (34,6 procent) het meest frequent hun voorstellen intrekken. Effectieve engagement? Op het eerste gezicht lijkt het uitoefenen van druk op het management van een onderneming door het indienen van voorstellen tot besluiten relatief effectief op het terrein van maatschappelijke en milieuvraagstukken. Viehs verklaart dit succes door te wijzen op de mogelijke maatschappelijke reputatieschade als de resolutie brede steun ontvangt. Een tweede verklaring wijst op de relatieve vaagheid van de voorstellen – als onderscheiden van vaak nauwkeurig omschreven corporate governance voorstellen. Managers lijken eerder geneigd toezeggingen te doen, omdat zij voldoende discretionaire bevoegdheden behouden om maatregelen te nemen. Ook zijn de kosten die gepaard gaan met de maatschappelijke en milieuresoluties relatief bescheiden. De verklaringen zijn plausibel, maar laten een aantal aspecten buiten beschouwing. Een alternatieve verklaring is dat het toegeven aan de aandeelhouders op maatschappelijk en milieuterrein de managers niet wezenlijk raakt (in hun portemonnee). De onderwerpen zijn gewoon niet materieel – anders dan governance gerelateerde vraagstukken. Een alternatieve verklaring kan zijn dat de investeerders juist baat hebben bij het tonen van succes. Met een hoog percentage ingetrokken resoluties kan de belegger naar zijn achterban duidelijk maken dat hij effectief geweest is in zijn engagement. Een derde mogelijke verklaring zou onderhandelingstactisch van aard kunnen zijn. Door toe te geven op maatschappelijk of milieuterrein hoopt de manager op enige toegeeflijkheid van de aandeelhouders op governance vlak. Die resoluties lijken, blijkens de geringere intrekkingsratio, aanzienlijk materiëler voor de managers. Per slot van rekening weten managers dat zij morgen weer te maken met vaak dezelfde kritische aandeelhouders. Het opbouwen van constructieve relaties is dan wenselijk. Lessen uit de praktijk Institutionele beleggers kunnen, meer dan particuliere investeerders, druk uitoefenen op ondernemingen. Dat doen zij door individuele en collectieve druk en door het indienen van voorstellen tot besluiten. Maatschappelijke stakeholders kunnen aanhaken op deze trend door samenwerking te zoeken met pensioenfondsen, verzekeraars of andere institutionele beleggers. Natuurlijk bestaan er verschillen tussen de belangen van aandeelhouders en maatschappelijke stakeholders, maar het onderzoek van Viehs wijst juist uit dat aandeelhouders en vakbonden soms drukken op dezelfde, gedeelde belangen. Samenwerking tussen institutionele beleggers onderling en tussen de beleggers en maatschappelijke stakeholders lijkt derhalve zinvol. Op dat terrein is duidelijk winst te behalen. Wel is het raadzaam om de deal aan de onderhandelingstafel gepaard te laten gaan met het monitoren van de implementatie van de deal. Het intrekken van een resolutie vormt slechts een eerste stap op weg naar maatschappelijke verandering. Referenties: onderaan artikel op MeJudice Terug naar Inhoud Het verborgen inkomen van Nederlandse huishoudens Bron: DNB Het bruto binnenlands product in Nederland ligt per hoofd van de bevolking hoger dan in de EU. Maar het inkomen van Nederlandse huishoudens ligt slechts op een gemiddeld niveau. Door de collectieve financiering van het zorg- en pensioenstelsel blijft een deel van het huishoudinkomen in Nederland verborgen. Elders in de EU krijgen huishoudens een groter deel van het nationale inkomen in eigen handen, maar moeten zij ook meer zelf betalen voor hun zorg en pensioen. Al lange tijd staat ons land op de ranglijst voor het bruto binnenlands product (bbp) per capita bij de Europese top. De hoge productie leidt echter niet tot een beter gevulde huishoudportemonnee (grafiek 1). Het inkomen dat direct naar Nederlandse huishoudens gaat, het zogenoemde netto beschikbaar huishoudinkomen, verschilt per capita nauwelijks van het gemiddelde in de EU (grafiek 1). In de VS is het bbp per capita vergelijkbaar, maar ligt het huishoudinkomen aanzienlijk hoger. Grafiek 1 BBP, nationaal inkomen en beschikbaar inkomen per capita in 2013 (EUR) Bron: Eurostat, OECD en CBS. Toelichting: T.b.v. de vergelijkbaarheid zijn alle cijfers vóór revisie van de Nationale Rekeningen.   Wat Nederland verdient (het netto nationaal inkomen, nni) ligt iets lager dan wat Nederland produceert (het bbp). Voor andere landen geldt dat ook. De verklaring van het relatief lage Nederlandse huishoudinkomen ligt dan ook niet bij de omvang van het nni, maar bij de verdeling ervan. Het aandeel van het nni dat bij huishoudens neerslaat, is in Nederland veel lager. Grafiek 2 laat zien dat in vergelijking met de VS en de EU de overheid, financiële instellingen en niet-financiële vennootschappen een groter deel van de nationale koek opstrijken. Grafiek 2 Verdeling van het netto nationaal inkomen in 2013 Bron: Eurostat, OECD en CBS. Toelichting: T.b.v. de vergelijkbaarheid zijn alle cijfers vóór revisie van de Nationale Rekeningen. Meer inkomen naar andere sectoren Zo is het inkomensaandeel van de niet-financiële bedrijven in Nederland aanzienlijk hoger. Dit komt mede doordat Nederland relatief veel multinationals heeft. Zij behalen hoge inkomsten in het buitenland en houden die voor een belangrijk deel in om buitenlandse investeringen te financieren. Indien ons bedrijfsleven meer van haar inkomsten als dividend zou uitkeren, dan zou een deel daarvan naar buitenlandse aandeelhouders gaan - wat de nationale koek verkleint - en zouden binnenlandse aandeelhouders (huishoudens en pensioenfondsen) een hoger inkomen ontvangen. Daarnaast komt in Nederland een relatief groot deel van het netto nationale inkomen bij financiële instellingen terecht. Daarbij gaat het niet alleen om banken en verzekeraars, maar ook om pensioenfondsen. De hoge Nederlandse pensioenbesparingen worden in de nationale boekhouding als inkomen van de financiële sector geboekt. Deze besparingen worden aan de pensioenvermogens toegevoegd en komen op termijn bij huishoudens terecht, in de vorm van pensioenuitkeringen. In landen zonder ambitieuze pensioenvoorziening moeten huishoudens zelf een deel van hun beschikbaar inkomen opzij zetten voor hun oudedag.  Ten slotte gaat in Nederland een relatief groot deel van het inkomen naar de overheid. Het overheidsaandeel is ruim drie keer zo groot als in de VS en ook hoger dan gemiddeld in Europa. In Nederland worden relatief veel collectief gefinancierde goederen en diensten door de overheid geleverd aan individuele personen. Die hoge ‘individuele overheidsconsumptie’ hangt vooral samen met de hoge zorguitgaven van de Nederlandse overheid. In de EU heeft Nederland de hoogste zorguitgaven per capita. Vóór de herziening van het zorgstelsel in 2006 liepen alleen de zorguitgaven in het kader van de Ziekenfondswet via de overheid en betaalden huishoudens met een particuliere verzekering hun zorguitgaven uit hun eigen beschikbaar inkomen. In het nieuwe zorgstelsel worden alle wettelijke zorgpremies ten laste van het beschikbaar inkomen gebracht. Andere landen kennen vaak een veel kleiner collectief zorgstelsel, waardoor huishoudens minder zorgpremies betalen. Zij betalen echter een groter deel van hun zorguitgaven uit hun eigen portemonnee.  Een correctie voor het verborgen inkomen Bij een internationale vergelijking van het beschikbaar inkomen per capita dient te worden gecorrigeerd voor het collectieve pensioenstelsel en de hoge ‘individuele overheidsconsumptie’. Grafiek 1 laat zien dat het beschikbaar inkomen per capita in Nederland hoger ligt dan in de EU als dit verborgen inkomen wel wordt meegenomen. Ook het verschil met de VS wordt door rekening te houden met het verborgen inkomen aanzienlijk kleiner. Terug naar Inhoud Onzekerheid over huishoudportemonnee blijkt goede economische graadmeter Bron: DNB De mate van onzekerheid van gezinnen over de eigen financiële situatie bevat waardevolle informatie over de te verwachten economische groei in het eurogebied. Minder onzekerheid pakt gunstig uit voor de groei. De eigen financiële situatie blijkt een  betrouwbaarder indicator voor de toekomstige conjunctuur dan onzekerheid van gezinnen over het algemeen economisch klimaat. Dit blijkt uit een DNB-analyse van de relatie tussen onzekerheid en de groei van het bruto binnenlands product in het eurogebied. Hoe kan onzekerheid de economische groei beïnvloeden? Onzekerheid kan de economische groei op verschillende manieren beïnvloeden. Als gezinnen onzekerder worden over hun toekomstige inkomen, kunnen zij ervoor kiezen om meer te sparen en dus minder uit te geven. Als bedrijven onzekerder worden over de toekomst, kunnen zij ervoor kiezen investeringen uit te stellen in afwachting van meer informatie. Ook kan onzekerheid over de winstgevendheid van individuele bedrijven ertoe leiden dat banken een hogere risicopremie in rekening brengen voor leningen aan bedrijven, wat een weerslag kan hebben op de groei in investeringen.  Onzekerheid in Europa De analyse gebruikt drie vormen van onzekerheid. Het achtergronddocument beschrijft de constructie van de onzekerheidsmaatstaven in detail.  Klik hier om te downloaden Een eerste maatstaf meet hoe onzeker gezinnen zijn over de toekomst van de macro-economie. Als gezinnen het in sterke mate oneens zijn over de macro-economische vooruitzichten, geeft dit aan dat er grote onzekerheid heerst. Een tweede maatstaf meet de volatiliteit in de financiële situatie van individuele gezinnen. Een hogere volatiliteit betekent dat gezinnen onzekerder zijn over hun toekomstige financiële situatie. Een derde maatstaf meet de volatiliteit in de productie van individuele bedrijven. Een hogere volatiliteit impliceert dat bedrijven onzekerder zijn over hun toekomst.     De grafiek toont de drie vormen van onzekerheid. Onzekerheid van gezinnen over de eigen financiële situatie stijgt voorafgaand aan elk van de drie meest recente recessies in het eurogebied. Figuur 1: Onzekerheid in Europa Bron recessies: OESO. Onzekerheid: eigen berekeningen op basis van data Europese Commissie Onzekerheid houdt informatie in over toekomstige groei Uit econometrische analyse blijkt dat onzekerheid van gezinnen over de eigen financiële situatie waardevolle informatie bevat over de toekomstige groei in het Bruto Binnenlands Product (BBP). Als gezinnen minder onzeker worden over hun financiële situatie, geeft dit het signaal dat BBP groei in de komende één à twee jaar hoger gaat uitvallen. Daarentegen bevat onzekerheid bij gezinnen over de algemene economische situatie geen noemenswaardige informatie over de macro-economische groei in de nabije toekomst. Onzekerheid bij bedrijven over de eigen productie bevat informatie over de economische groei. Een daling in deze vorm van onzekerheid geeft het signaal dat de economische groei het volgende kwartaal hoger gaat uitvallen. Anders dan bij onzekerheid over individuele gezinnen, is de aangekondigde groeiversnelling in dit geval dus kortdurend. De hoofdconclusie is dat onzekerheid die gezinnen ervaren over hun eigen financiële situatie een signaal geeft over de toekomstige economische groei. Deze vorm van onzekerheid ligt in het eurogebied nog steeds hoger dan voor de crisis. Als die zou dalen, kan dit het macro-economische herstel een steun in de rug geven. Als bijvoorbeeld de werkloosheid vermindert, achten werknemers de kans kleiner dat ze hun baan verliezen. In dat geval hebben ze minder reden om te sparen uit voorzorg. Terug naar Inhoud Verbetert grotere diversificatie echt de prestaties in portefeuilleselectie? Bron: Analist.nl Francesco Cesarone, Universita degli Studi Roma Tre - Dipartimento di Studi Aziendali Jacopo Moretti, Universita degli Studi Roma Tre - Dipartimento di Studi Aziendali Fabio Tardella, Sapienza Universita di Roma De belangrijkste reden voor het creëren van modellen voor portefeuilleselectie is het verlagen van investeringsrisico door middel van diversificatie. Het Gemiddelde Variantie-model werd voor dit doel geïntroduceerd. Het bleek echter al snel dat fouten in de schattingen van gemiddelden en covarianties kunnen resulteren in verkeerde portefeuilleselectie en het investeringsrisico kunnen verhogen. Om het probleem aan te pakken van schattingsfouten die kunnen resulteren in verkeerde portefeuilleselectie zijn verschillende modellen ontwikkeld waarvan de geschiktheid besproken wordt in het onderzoeksverslag: "Does greater diversification really improve performance in portfolio selection?" Geselecteerde proefmonsters en geëvalueerde modellen De volgende zes datasets zijn gebruikt voor deze analyse:  De FF25, die 25 Fama en Franse portefeuilles bevat van firma's die op grootte en 'book to market ratio' gesorteerd zijn van juli 1963 tot december 2004  48Ind, die 48 industrieportefeuilles bevat die de aandelenmarkt van de V.S. vertegenwoordigen van juli 1963 tot december 2004  100Ind, die 100 industrieportefeuilles bevat die de aandelenmarkt van de V.S. vertegenwoordigen van juli 1963 tot december 2004  FTSE100, die 63 activa van de Ftse100 Market Index bevat van januari 2007 tot mei 2013  FtseMib, die 34 activa van de FtseMib Market Index bevat van januari 2007 tot mei 2013  Stoxx50, die 32 activa van de Eurostoxx50 Market Index bevat van januari 2007 tot mei 2013. De volgende vijf modellen maken onderdeel uit van onderzoek om het meest geschikte model voor portefeuillediversificatie vast te stellen:  Op Kardinaliteit Beperkte Minimale Variantie Gelijk Gewogen Portefeuilles (CCMVEW)  Op Kardinaliteit Beperkte Minimale Variantie Portefeuilles (CCMV)  Op Kardinaliteit Beperkte Minimale CVaR Portefeuilles (CCMCVaR)  Op Kardinaliteit Beperkte Minimale Semi-MAD Portefeuilles (CCMSMAD)  Gelijk Gewogen Portefeuille (EW) De gelijkgewogen Portefeuille, die normaal beschouwd wordt als de veiligste en meest geschikte manier om een portefeuille samen te stellen, wordt vergeleken met de prestaties van portefeuilles die ontwikkeld zijn met behulp van andere modellen. In-sample analyse Om de resultaten van de in-sample analyse samen te vatten: als we de mediaan van de standaardafwijking van alle modellen nemen zien we dat het Gelijk Gewogen model (EW) de hoogste mediaan van de standaardafwijking heeft van alle modellen. Daarentegen hebben de modellen met een kardinaliteitsbereik de laagste mediaan van hun standaardafwijking, wat betekent dat het Gelijk Gewogen model meer risico heeft dan de andere modellen. De volgende grafiek toont de resultaten van deze bevinding: Spreidingsonderzoek Out-of-sample resultaten We gaan nu in op de prestaties van de portefeuilles en we evalueren de out-of-sample resultaten van de portefeuilles die onder elk model geselecteerd zijn. Omdat het onpraktisch is om de resultaten voor alle datasets en kardinaliteiten te bespreken hebben we slechts twee kardinaliteiten beschreven, namelijk 5 en 10. De keuze is gebaseerd op de waarneming dat K = 5 en K = 10 over het algemeen behoren tot de optimale bereiken waarin de verschillende modellen het laagste in-sample risico voor elke dataset bereiken. Het is merkwaardig dat het Gelijk Gewogen Portfolio (EW) bijna altijd de slechtste prestatie heeft, met als enige uitzondering op de 100Ind markt, terwijl de Op Kardinaliteit Beperkte Minimale CVaR Portefeuilles (CCMCVaR) de hoogste standaardafwijking genereren. De resultaten worden getoond in de onderstaande tabel: Spreidenvanbeleggingen De laatste prestatiemaat die in onze analyse wordt meegenomen is Max. Verlies, wat het grootste out-of-sample verlies is dat door een model geleden is. Ook hierin heeft de Gelijk Gewogen portefeuille altijd de slechtste prestatie voor beide in beschouwing genomen kardinaliteiten (5 en 10), behalve op de 100Ind-markt waar de Op Kardinaliteit Beperkte Minimale CVaR Portefeuilles (CCMCVaR) het grootste verlies opleveren. Ccmv meest optimale portefeuillemodel wat betreft diversificatie Hoewel er geen enkel model duidelijk superieur is, kan het opgemerkt worden dat de Op Kardinaliteit Beperkte Minimale Variantie (CCMV) portefeuilles de beste waarden geven voor 3 van de 6 datasets voor K = 5 en voor 4 van de 6 voor K = 10, zoals weergegeven in de bovenstaande tabel. Een relatief nieuw concept over portefeuillediversificatie en een nieuw onderwerp voor vervolgonderzoek De resultaten uit de proefmonsters ontkennen het idee dat het Gelijk Gewogen (EW) model de beste methode is voor portefeuilleselectie, de Op Kardinaliteit Beperkte Minimale Variantie (CCMV) modellen geven de beste resultaten voor zo ver resultaten uit proefmonsters dit kunnen beoordelen. In het onderzoeksverslag wordt verder geconcludeerd dat in de meeste gevallen het beperken van het aantal toegestane assets in een portefeuille de prestaties van de portefeuilles die geselecteerd zijn door de modellen verbetert. De auteur noemt dit resultaat het 'kleine portefeuille-effect'. Het onderzoeksverslag wordt echter afgesloten met de kanttekening dat vervolgonderzoek nodig is om de validiteit van dit kleine portefeuille-effect vast te stellen. Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

4 november 2014

...

Nieuwsbrief20141001

Oktober 2014 Beleggingstips voor behoudende- en offensieve beleggers Marktmanipulatie en hoe het kan lopen Short gaan op bedrijven die de winst manipuleren Uitzettingen op buitenlandse private partijen verder toegenomen Wat rendeert beter: Goed of Goedkoop? Werken met Aex opties volgens het doorrolsysteem Wat is 'smart beta' nou eigenlijk? Europese aandelen met hoge Shillers en koers/boekwaarden Actieve leden gezocht "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Aanstaande zaterdag 4 oktober 2014 63 ste HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Wat Een van de -vele-  voorwaarden om tot goede beleggingsresultaten te komen is het kunnen beschikken over de juiste technieken, instrumenten en benaderwijze. Kortom hoe versla je de markt? Tijdens het 63ste symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings-) werk" zullen diverse spreker ingaan op vragen als welke ETF moet ik kiezen, hoe combineer ik beleggingsstrategieën, hoe selecteer ik het juiste aandeel, hoe bouw ik een handelssysteem, etc. Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers   Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Programma: HCC Beleggen website:  Klik Hier Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Beleggingstips voor behoudende- en offensieve beleggers Bron: Gerard Jager / AdvanceBeleggen.nl   Tips voor behoudende beleggers Bent u een behoudende belegger dan zult u hoogstwaarschijnlijk met name in obligaties beleggen. Voor obligatiebeleggers breken spannende tijden aan. Immers, de jaren dat uw obligaties in koers stegen dankzij de algemene rentedaling lijken voorbij. Bovenstaande koersgrafiek van de 14-jarige 5,5% NL staatslening laat zien dat in de zomer van 2013 even werd gedacht dat de lange rente zou gaan stijgen op grond van positieve economische verwachtingen. In dat jaar is de koers van deze lening in de periode mei-september gedaald met liefst 14 procentpunten. Hoezo…., veilige obligaties? In 2014 is de rente opnieuw gedaald dankzij het rentemechanisme van de FED en de ECB en zijn obligatiekoersen opnieuw gestegen. AdvanceBeleggen.nl Gerard Jager Advance Beleggen Gerard Jager is hoofdredacteur van AdvanceBeleggen.nl , vermogensbeheerder bij OVGBeheer.nl en goeroe bij De Telegraaf (dft.nl). Hiervoor was hij senior vermogensbeheerder bij de ING (1977-1982), resp. hoofd Beleggingsvoorlichting op het hoofdkantoor van Fortisbank (1982-2003) Ondanks het feit dat de korte rente nog steeds laag gehouden wordt door de centrale banken, is sinds begin deze maand de twijfel toegenomen bij obligatiebeleggers, getuige de recente koersdaling van onder meer bovengenoemnde lening met 4 %punt. Oorzaak is het vrij krachtige economische herstel in de VS. Beleggers vrezen dat de korte- en lange rente in de VS eerder zal stijgen dan tot nu toe toe voorspeld. Een rentestijging  op de Amerikaanse kapitaalmarkt kan een meezuigend effect hebben op Europese obligaties, hoewel de ECB er alles aan doet om in Europa de rente voorlopig laag te houden. Onduidelijk is nog welk krachtenspel het gaat winnen. Hoe dan ook, de onzekerheid voor obligatiebeleggers is toegenomen. Ten tijde van de algemene rentestijging in 2013 werd door ons uitsluitend belegd in obligaties en obligatieproducten met een meer dan gemiddeld rendement.  Toen is er geredeneerd dat obligaties met een extreem laag rendement (staatsleningen en eerste klas bedrijfsobligaties) als eerste de klappen zouden krijgen bij een algemene rentestijging. Is ook gebeurd. De door ons geselecteerde obligaties zijn tegen de algemene trend in zelfs in koers gestegen. De situatie van 2013 lijkt zich sinds begin september j.l. te herhalen. Koersen van staatsleningen en eerste klas bedrijfsobligaties circa 4%punt omlaag. De door ons geselecteerde obligaties laten tot nu toe per saldo nauwelijks een koersdaling zien. Enige zijn zelfs licht in koers gestegen. Wilt u weten welke obligaties wij op dit moment in portefeuille hebben?  Hierbij een greep uit onze selectie:  5,5% RBS 2004 / Perpetuals; couponrendement 5,7%  7,125% preferente aandelen Aareal Bank; “coupon”rendement 7%  6% Adler Real Estate 2014-2019; effectief rendement 5,75%  6,5% certificaten RABO; couponrendement 6%  Aberdeen Global Frontier Markets Bond (obligatiebeleggingsfonds); rendement 15%  Aandelen Eurocommercial Properties; dividendrendement 6% * *Vastgoedfondsen met grote moderne winkelcentra in portefeuille worden door ons beschouwd als een mix tussen aandelen en obligaties. Begin november noteert dit fund ex jaardividend. Tips voor offensieve beleggers Genereer een meer dan gemiddeld rendement met een belegging in volatiliteit Volatiliteit is niet alleen een goede graadmeter om  de beursstemming te bepalen.  Offensieve beleggers kunnen er ook hun voordeel mee doen. In tijden zonder spanningen op de beurzen is de koersbeweeglijkheid gering. Doorgaans de beste voedingsbodem voor rustig stijgende beurskoersen. Toenemende onzekerheid leidt tot nerveus gedrag van aandelenbeleggers. Dus grotere koersuitslagen, lees: hogere volatiliteit. Hoge en lage volatiliteit wisselen elkaar af in de loop van het jaar. Beleggers in volatiliteit trachten hier op in te spelen. Zij kopen futures in volatiliteit in tijden dat deze laatste laag is en pakken de winst op het moment dat de volatiliteit flink gestegen is. Dat is overigens eenvoudiger gezegd dan gedaan. De waarde van volatiliteit futures long blijkt in de praktijk snel te verdampen, waardoor deze aanpak uitsluitend winstgevend is, indien vrijwel direct  na aankoop markten onrustig worden. Om dit te illustreren onderstaande grafiek voor u er bij gepakt en wel van de iPath S&P 500 VIX Short Term Futures Stock . (Symbol: VXX). Een tracker die in kortlopende volatiliteit futures belegt. Valt het ook u op dat de volatiliteit in de afgelopen 12 maanden praktisch gelijk gebleven is, maar dat de koers van deze tracker in dezelfde periode fors is gedaald? En wel van ca. 60 dollar naar 33 dollar! En het wordt nog veel erger. Ook in de jaren daarvoor is de koers enorm omlaag gekomen. Dat de koers niet tot nul is gedaald komt omdat de aanbieder van deze tracker op gezette tijden een reverse split (omgekeerde aandelensplitsing) doorvoert, waardoor de koers optisch weer hoger staat. Bovendien zijn er nog steeds beleggers die dit product kopen, waardoor de beheerder van deze tracker rustig kan blijven doorgaan met het kopen van futures in volatiliteit. Wilt u op de langere termijn geld verdienen hiermee, dan zou u eigenlijk vrijwel permanent short moeten gaan in deze tracker. Dat kan. Bijvoorbeeld door midel van geschreven callopties of gekochte puts op deze tracker. Verhandeling op Wallstreet. Misschien minder sexy en minder speculatief,maar veel  eenvoudiger is het door te beleggen in een tracker die permanent short gaat in volatiliteit futures. Onderstaande grafiek toont  een voorbeeld hiervan. Naam: VelocityShares Daily Inverse VIX Short-Term ETN . Symbol: XIV. Huidige koers $ 37,60 . ISINcode: US22542D7957. Alleen al in de laatste 12 maanden is de koers van deze tracker met 45% gestegen in dollars. Bedenk daarbij dat de waardeschommelingen van deze tracker op dagbasis groter zijn dan van een doorsnee aandelenbelegging. Wat ook best interessant is om te weten, is dat gemiddeld de volatiliteit in de periode november t/m januari een daling laat zien. Zie grafiek hieronder. Niet onlogisch. Deze beursperiode is meestal de beste van het jaar. Of dat deze keer weer gaat gebeuren moeten wij natuurlijk afwachten. Wilt u meer weten? Bezoek onze stand tijdens het HCC Beleggerssymposium op 4 oktober a.s. Voor disclaimer zie AdvanceBeleggen.nl Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Marktmanipulatie en hoe het kan lopen Redactie De heer Ultee bezat een groot aantal participaties in het destijds aan Euronext genoteerde beleggingsfonds Sabon FunDing, zowel privé als via een vennootschap waarvan hij enig aandeelhouder was. Vanaf begin 2012 is de heer Ultee met verschillende hem bekende partijen gaan handelen in de participaties, waarbij de stukken feitelijk echter steeds onder de controle van de heer Ultee bleven. Door de transacties wekte de heer Ultee de indruk dat er handel was in het fonds, terwijl er economisch gezien niets wijzigde en bovendien leidden de transacties tot een kunstmatig hoog koersniveau. Dit levert marktmanipulatie op zie figuur 1. In de periode van 10 tot en met 29 februari 2012 is de koers van de participaties Sabon gestegen van nog geen €60.000 tot ruim €111.000 (stijging van ruim 85%). Deze koersstijging werd voornamelijk veroorzaakt door transacties waarbij de heer Ultee partij was. In april 2012, na de naamswijziging van het fonds in Brand FunDing, heeft de heer Ultee zich nogmaals schuldig gemaakt aan marktmanipulatie. Hij verspreidde via persberichten informatie dat hij participaties zou verkopen ter financiering van winkelketens die Brand FunDing zou overnemen, maar de daarop volgende dagen trad hij juist op als grote koper van participaties Brand FunDing. Gezien het historisch volume van transacties is het zeer onwaarschijnlijk dat Ultee omstreeks het moment dat hij weer over de participaties moest komen te beschikken (naar eigen zeggen rondom 16 februari 2012) zonder overleg met partijen die veel participaties Sabon bezaten, in enkele dagen het aantal stukken uit de markt kon halen dat uit de grafiek blijkt (de donker gekleurde delen). Hoogte van de boetes De heer B.C. Ultee te Alphen-Chaam, heeft op verschillende manieren de koers van participaties in een beleggingsfonds heeft gemanipuleerd. Daarmee heeft hij artikel 5:58, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht (Wft) overtreden. Voor deze overtredingen geldt een basisbedrag van €2 miljoen. Bij beide boetes heeft de AFM dit bedrag verhoogd met 25 procent op grond van de ernst van de overtreding en met 25 procent op grond van een hoge mate van verwijtbaarheid. Bij het vaststellen van de hoogte van de boete houdt de AFM ook rekening met de draagkracht van de overtreder. In dit verband kan de AFM niet voorbij gaan aan het feit dat de heer Ultee inmiddels in staat van faillissement verkeert en zeer omvangrijke schulden heeft. Dit is voor de AFM reden om de boetes bij gebrek aan draagkracht te verlagen tot €5.000 per boete. Ref: Bron: artikel AFM,  Het volledige besluit waarin een excerpt van de manipulatie als PDF  Terug naar Inhoud Short gaan op bedrijven die de winst manipuleren Bron: Ruerd Heeg Ruerd Heeg Auteur, natuurkundige en gepromoveerd wiskundig ingenieur. Ruerd Heeg is waardebelegger. Auteur "Aandelen selecteren als waardebelegger" (ISBN 978-90-9027417-1) over basisbeginselen van het waardebeleggen. Daarnaast komt er binnenkort een tweede boek uit: "Beleggen in bull- en bearmarkten". (ISBN 978-90-822460-0-1) In dit boek onderzoekt hij wat de allerbeste beleggingen zijn in de huidige hooggewaardeerde aandelenmarkt. In verband daarmee gaat hij in dit boek uitgebreid in op short gaan. Wat vaak een hoog rendement oplevert is short gaan op bedrijven die de omzet en winst manipuleren. In Nederland hebben we dit in 2012 en 2013 bij Imtech gezien. Ook elders komt dit voor, bijvoorbeeld in de VS. Het Amerikaanse bedrijf ITT Educational Services (ESI) bezit een aantal privé-universiteiten. Je moet daarbij niet denken aan dure universiteiten voor de elite maar meer aan slecht aangeschreven onderwijsinstellingen. Amerikanen die hier lessen volgen komen niet in aanmerking voor een plaats op een gesubsidieerde universiteit omdat ze niet aan de toelatingseisen kunnen voldoen. Nu lenen vrijwel alle Amerikaanse studenten om het collegegeld te kunnen betalen. Na hun opleiding krijgen ze meestal een goede baan en kunnen ze hun studieschulden terugbetalen. Zo ook de studenten van ITT, in theorie dan. In de praktijk staan studenten van dit soort universiteiten zo slecht bekend dat ze maar heel moeizaam aan de bak komen. Deze studenten kunnen hun studieschulden daarom vaak niet terugbetalen. Het was dan ook vreemd dat ITT de studieschulden van de studenten garandeerde. Nog vreemder was dat ITT deze leningen tegelijkertijd buiten de balans hield. Hiervoor waarschuwde ik in mijn vorige boek. Het is altijd een zeer slecht teken als een bedrijf zijn klanten van leningen voorziet om de diensten en producten van datzelfde bedrijf te kunnen afnemen. Ik had dus verwacht dat dit aandeel zou dalen. Toen ik begin 2013 voor het eerste de situatie rond ITT bekeek was de koers 13 dollar.  Vervolgens steeg de koers tot 45 dollar begin 2014. Vanwege deze enorme koersstijging begon ik te twijfelen. Misschien waren de verhalen over de kwaliteit van het onderwijs en de studenten sterk overdreven en hadden veel studenten toch goede banen gekregen. Onlangs is de Amerikaanse beurswaakhond, de SEC, een onderzoek begonnen. Daardoor is de koers gedaald tot onder de 5 dollar. Tenminste één hedgefondsmanager denkt dat het aandeel niets waard is: hij verwacht een koers van 0 dollar. Wat we hiervan kunnen leren is dat je als shortseller je het beste kunt beperken tot kleine posities. Een andere tip is je risico’s te beperken door bij winstmanipulatie of fraude pas in te stappen nadat de autoriteiten hebben ingegrepen. Hierdoor mis je soms een grote koersdaling maar de koersdaling daarna is gemiddeld wel veel zekerder. Zie inkijkexemplaren op www.aandelenselecteren.nl Ruerd Heeg bespreekt verder o.a. verschillende overgewaardeerde aandelen die mogelijk een shortpositie waard zijn op het 63ste HCC Beleggen Symposium op 4 oktober in De Bilt Terug naar Inhoud Uitzettingen op buitenlandse private partijen verder toegenomen Bron: DNB De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector namen in het tweede kwartaal van 2014 met ruim EUR 60 miljard toe, vooral als gevolg van positieve koersontwikkelingen. De toename deed zich voornamelijk voor bij Nederlandse banken en pensioenfondsen. In het tweede kwartaal van 2014 zijn de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector met ruim EUR 60 miljard, oftewel met 3,3 procent, toegenomen tot EUR 1.913 miljard, mede als gevolg van positieve ontwikkelingen van aandelenkoersen en dalende rentes op staatsobligaties binnen het eurogebied. De wereldwijde MSCI World aandelenkoersindex nam in 2014 K2 met 3,7 procent toe, de Amerikaanse S&P 500 steeg 4,7 procent en de EURO STOXX 50 2,1 procent. Daarentegen daalden de rendementen van 10-jaars staatsleningen op het eurogebied van gemiddeld 2,89 procent  in maart 2014 naar 2,28 procent in juni 2014. Dit betekent een stijging van de obligatieprijzen en dus een koerswinst voor instellingen die deze activa bezitten.   De buitenlandse uitzettingen van Nederlandse banken stegen met EUR 18 miljard, dit is gelijk aan 1,8 procent. Dit kwam vooral door een stijging van de posities van banken vis-à-vis landen in het eurogebied en de Verenigde Staten (respectievelijk EUR 11 miljard en EUR 6 miljard), terwijl een daling plaatsvond van de uitzettingen op het Verenigd Koninkrijk (-EUR 9 miljard). De pensioenfondsen zagen in nog sterkere mate hun buitenlandse uitzettingen toenemen (+EUR 39,5 miljard, +5,7 procent). Net als bij de banken, was deze toename geconcentreerd in landen in het eurogebied (+EUR 10,4 miljard) en de VS (+EUR 14 miljard). Bij verzekeraars bedroeg de stijging EUR 3 miljard (+1,7 procent), waarvan EUR 2 miljard bij internationale uitzettingen op het eurogebied. Voor de Nederlandse financiële sector als geheel geldt dat de buitenlandse uitzettingen op het eurogebied sterk toenamen (+EUR 24 miljard, +2,8 procent). Nederlandse banken en pensioenfondsen vergrootten in het tweede kwartaal van 2014 hun uitzettingen op Duitsland met respectievelijk EUR 3,5 miljard en EUR 5 miljard. Het beeld ten aanzien van uitzettingen op perifere landen van het eurogebied is voor de gehele Nederlandse financiële sector gemengd: exposures vis-á-vis Italië (+EUR 3,6 miljard, +6,9 procent) en Portugal (+EUR 600 miljoen, +13,3 procent) namen toe, terwijl die op Spanje afnamen (-EUR 1 miljard, -1,5 procent). Buiten het eurogebied stegen de uitzettingen op de Verenigde Staten (+EUR 20 miljard, +6,4 procent), wederom bij banken (+EUR 6 miljard) en pensioenfondsen (+EUR 14 miljard), mogelijk als gevolg van het positieve marktsentiment rond de Amerikaanse economie dat gepaard ging met een appreciatie van de US dollar ten opzichte van de euro. De uitzettingen op de VS betroffen vooral aankopen van Amerikaanse aandelen. Een ander beeld doet zich voor bij het Verenigd Koninkrijk, waarop de financiële sector eind juni 2014 EUR 7,4 miljard, oftewel 4,4 procent, minder uitzettingen had. Met name de Nederlandse banken verlaagden per saldo hun exposure vis-à-vis de Britse overheid (inclusief de Bank of England) (-EUR 5,2 miljard) en de private sector (-EUR 4,6 miljard). Gegroepeerd naar sector van de tegenpartij zijn de buitenlandse uitzettingen op de private sector gestegen met EUR 35 miljard. Deze toename vond voornamelijk plaats op de VS (+EUR 19 miljard), grotendeels in de vorm van aandelen. Ondanks het trager dan verwachte economische herstel van het eurogebied, was er veel belangstelling voor Europese aandelen op financiële markten. Hoewel Europese aandelenkoersen in het algemeen in het tweede kwartaal van 2014 zijn gestegen, had de Nederlandse financiële sector binnen het eurogebied vooral belangstelling voor staatsobligaties. Daardoor namen de uitzettingen op de sector overheid met bijna EUR 19 miljard toe, waarvan EUR 15 miljard op het eurogebied. De posities in staatsobligaties namen in het tweede kwartaal van 2014 toe op zowel kernlanden als perifere landen in het eurogebied: Duitsland (+ EUR 5,8 miljard, +3,9 procent), Oostenrijk (+EUR 1,5 miljard, +5,4 procent),  Italië (+EUR 1,9 miljard, +7,5 procent) en Spanje (+EUR 1 miljard, +7,8 procent). Tot slot stegen de uitzettingen op de sector buitenlandse banken met EUR 6,7 miljard. Deze stijging is grotendeels toe te schrijven aan hogere posities van pensioenfondsen op banken binnen het eurogebied (+ EUR 5 miljard). Downloads: Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op geselecteerde landen_2014K2 (XLS, 68.0 kB)  Terug naar Inhoud Wat rendeert beter: goed of goedkoop??  Bron: Hendrik Oude Nijhuis Gespreid beleggen in goede bedrijven waarvan de aandelen aantrekkelijk gewaardeerd zijn is een formule voor succes. Maar wat rendeert nu beter: beleggen in de beste bedrijven of juist in de goedkoopste? De Amerikaanse onderzoekers Mike Seckler en John Alberg zochten het uit... Wat is goed? En wat is goedkoop? Hendrik Oude Nijhuis Auteur, oud Duitenberger en oprichter van www.warrenbuffet.nl  Via deze website is het boek “Leer beleggen als Warren Buffett” gratis te downloaden. Hendrik heeft Management, Economics & Law aan de Universiteit Twente gestudeerd en is auteur van de Nederlandstalige bestseller over Warren Buffett:   "Leer beleggen als Warren Buffett - zijn beleggingsstrategie in theorie & praktijk". Van dit boek is inmiddels een derde druk (2014) uitgebracht en is tevens een audio-editie beschikbaar. ( ISBN 9789078217190 en 9078217197) Een bedrijf dat relatief veel winst maakt afgezet tegen het kapitaal dat in het bedrijf zelf geïnvesteerd is kan, vanuit aandeelhoudersperspectief, worden aangemerkt als 'goed'. Het gaat hierbij om de zogeten ROIC: Return on Invested Capital.   Het rendement op het geïnvesteerde vermogen (ROIC) laat zien hoeveel rendement een bedrijf realiseert op het kapitaal dat in het bedrijf zelf geïnvesteerd is. En uiteraard geldt: hoe hoger dat rendement, hoe beter.   Een bedrijf dat een relatief lage beurswaarde heeft afgezet tegen de winst die behaald wordt geldt als 'goedkoop'. Hierbij gaat het om de zogeheten Earnings Yield (EY).   De Earnings Yield kunt u wel vergelijken met de winst/koers-verhouding (het omgekeerde van de bekende koers/winst-verhouding). De Earnings Yield is echter een betere vergelijkingsmaatstaf omdat hierbij ook gecorrigeerd wordt voor eventuele schulden en cash. De voorkeur gaat uit naar aandelen met een hoge Earnings Yield: u betaalt dan weinig voor de winst die het bedrijf maakt.    Onderzoek Seckler en Alberg onderzochten welke combinatie van EY en ROIC het hoogste rendement oplevert. Hierbij werd gekeken naar de periode tussen 1973 en 2012 en werden de circa 1.500 bedrijven met de hoogste beurswaarden in ogenschouw genomen.   Joel Greenblatt, in zijn bestseller 'The Little Book That Beats The Market', toonde jaren geleden al aan dat het gespreid beleggen in goede bedrijven waarvan de aandelen aantrekkelijk gewaardeerd zijn opvallend goede rendementen oplevert. In Greenblatt's bestseller werd aan beide factoren (EY en ROIC) een gelijk gewicht gegeven: beide een weging van 50%.   Maar, zo vroegen Seckler en Alberg zich af, zou een andere weging misschien niet nog betere resultaten opleveren? Seckler en Alberg construeerden hiervoor elf portefeuillevarianten. Aan de ene kant van het spectrum een portefeuille waarbij enkel naar de factor ROIC gekeken werd (0% EY / 100% ROIC), vervolgens 10% / 90%, 20% / 80% om uiteindelijk uit te komen bij 100% EY / 0% ROIC.   Resultaten EY (gewicht) / ROIC (gewicht) en [gemiddeld jaarrendement] 0% / 100% [13,9%] 10% / 90% [14,3%] 20% / 80% [15,0%] 30% / 70% [16,7%] 40% / 60% [16,6%] 50% / 50% [16,8%] 60% / 40% [17,3%] 70% / 30% [17,5%] 80% / 20% [18,0%] 90% / 10% [18,3%] 100% / 0% [18,6%] De resultaten van het onderzoek treft u hiernaast aan. Ter vergelijking alvast: de S&P 500-index leverdetussen 1973 en 2012 een gemiddeld jaarrendement op van 9,8%.   Het gespreid beleggen in 'goede bedrijven' (aandelen uitsluitend op de hoogte van de ROIC geselecteerd [0% EY / 100% ROIC]) levert al een rendement op dat gemiddeld duidelijk boven dat van het beursgemiddelde uitkomt. Naarmate echter het belang van de factor 'waardering' (EY) toeneemt neemt ook het gemiddelde rendement verder toe.   Selecties waarbij geselecteerd is op een gelijk gewicht op beide factoren (50% EY / 50% ROIC; dit zijn de Greenblatt-selecties!) renderen met jaarlijks rendement van gemiddeld 16,8% al duidelijk beter dan wanneer enkel op de hoogte van ROIC geselecteerd wordt. Maar opvallend is vervolgens dat hoe meer gewicht de factor waardering (EY) krijgt, hoe hoger het rendement blijkt uit te vallen...    Terug naar Inhoud Werken met Aex opties volgens het doorrolsysteem Bron: Hans Bannink Doorrollen is een ingenomen positie sluiten en vervolgens een nieuwe positie openen. Hieronder een voorbeeld hoe het werken met AEX opties volgens het doorrolsysteem uitpakt: Op 3 september 2013 staat de AEX op 368 punten. We schrijven 5 call spreads en 5 put spreads: Oktober Cal spread 370-375  voor €2,40(schrijf call 370 en koop call 375) Oktober put spread 370-365 voor €2,--(schrijf put 370 en koop put 365) Totaal: €4,40 Dat doen we 5 keer. Totale opbrengst is €2200,-- Op 10  september staat de AEX op 376 punten. De koers staat boven de gekochte call van 375 punten. De call spread wordt terug gekocht voor €3,30 Totaal is dit €1650,-- Op de call spread is nu een verlies van €0,90. In totaal is dit €450,-- We schrijven een hogere call spread: Call spread oktober 375-380 voor €2,65 Dat doen we 7 keer. Totale opbrengst: €1855,-- Hans Bannink Belegt al vanaf 1994 in opties. In het verleden was het nog teveel uitproberen.  Nu werk ik met een duidelijke voor mezelf hanteerbare visie en strategie.  Ik zorg dat ik steeds van tevoren weet wanneer ik wat moet doen Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Op 19 september staat de AEX nog hoger: 384 punten De koers staat weer boven de gekochte call van 380. De call spread wordt terug gekocht voor €3,65 Totaal is dit: €2555,-- Op de call spread is dit een verlies van €1,-- In totaal is dit €700,-- We schrijven weer een nieuwe en hogere call spread: Call spread oktober 380-385 voor €2,95 Dat doen we 8 keer. Totale opbrengst €2360,-- Tevens sluiten we de put spread voor €0,60 cent. Deze heeft al veel winst binnen. Op 26 september staat de AEX op 378. De call spread doet dan €1,70 Totale waarde is nog €1360 euro Bij elkaar opgeteld komt het volgende op de rekening: We hebben via het doorrollen 2 keer in de min gestaan: 10 sept. €450,-- 19 sept. €700,-- Totaal: €1150, De laatste call spread is op winst gesloten: 26 september: €1000,-- Tevens is de put spread op 19 september met winst gesloten: €700,-- Eindresultaat: Totale winst:         €1700,-- Totale verlies:       €1150,-- Positief resultaat: €550,-- Voordelen van dit systeem: 1. Er blijven altijd mogelijkheden over om door te rollen. Dit kan zowel in tijd als in hogere koers. 2. Door te werken met hogere aantallen kunnen verliezen steeds worden opgevangen. Nadelen van dit systeem: 1. Het kan lang duren (2/3 maand) voordat de winst na meerdere doorrolmomenten, binnen gehaald kan worden. 2. Je moet er tegen kunnen dat posities een tijd op verlies staan. Terug naar Inhoud Wat is 'smart beta' nou eigenlijk? Bron: Morningstar, Maarten van der Pas    Beta Een maatstaf voor de volatiliteit, of systematisch risico, van een effect of een portefeuille in vergelijking met de totale markt. De beta van de markt is per definitie 1.00. Een beta boven de 1 is meer volatiel dan de totale markt, terwijl een beta lager dan 1 is minder volatiel dan de totale markt. Een beta van 1.10 betekent dat een portefeuille, aandeel of fonds het gemiddeld 10% beter doet dan de markt als de markt opwaarts beweegt, en gemiddeld 10% slechter scoort als de markt daalt. Veronderstelling hierbij is dat alle andere factoren gelijk blijven. Als de beta van een fonds 0.85 is, betekent dit dat een fonds tijdens een marktstijging het gemiddeld 15% minder goed doet dan het marktgemiddelde, en gemiddeld 15% beter scoort dan het marktgemiddelde bij een koersdaling Beta wordt gebruikt in het Capital Asset Pricing Model (CAPM), een model dat het verwachte rendement van een activum gebaseerd op de bèta-en verwachte rendementen . Een oude wijsheid bij een nieuw fenomeen: als een belegger niet begrijpt hoe een smart beta beleggingsfonds werkt dan is het slimmer om er vandaan te blijven. Het eerste artikel in een driedelige serie waarin de trend 'smart beta' wordt onderzocht. Beleggers ontkomen niet aan beleggingsfondsen die zich ‘smart beta’ noemen of het etiket ‘scientific beta’ of ‘alternative indexing’of ‘factor based indexing’of ‘advanced beta’ dragen. Allemaal indrukwekkende en catchy namen voor –kennelijk- het hetzelfde fenomeen. Maar wat houdt dit fenomeen nou precies in? De naam suggereert dat er slim wordt omgegaan met volatiliteit of risico en in het verlengde daarvan: een beter rendement te boeken. ‘Bèta’ is een maatstaf voor de volatiliteit of het systematisch risico van een effect of een beleggingsportefeuille in vergelijking met de totale markt. De bèta van de markt is per definitie 1. Met een bèta hoger dan 1 is een beleggingsfonds meer volatiel dan de totale markt, terwijl een bèta lager dan 1 staat voor minder volatiel dan de totale markt (zie hiernaast een  uitgebreidere uitleg van ‘bèta’). ‘Bèta’ bestaat al langer en nu is daar kennelijk een intelligente manier om mee om te gaan. Het is overigens geen schande als een particuliere belegger niet exact weet wat ‘smart beta’ betekent. Uit onderzoek begin dit jaar door Russel Investments bleek, dat zelfs professionele beleggers het niet eens zijn over wat ‘smart beta’ is. Gevraagd naar een definitie gaven ze verschillende antwoorden. Klik hier om verder te lezen Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl Europese aandelen met hoge Shillers en koers/boekwaarden Bron: Ronald Kok,  Analist.nl September 30, 2014 Kijkende naar de groep van in euro’s verhandelde aandelen met Shiller PE’s van meer dan 25 en relatief lage verhoudingen tot hun boekwaarden dan zien we in deze groep (logischerwijs) forse koersrendementen. De onderstaande tabel toont de rendementen over de afgelopen 12 maanden. Hier zien we diverse uitschieters met vooral Manz, Continental en Arseus die zeer fors aan koerswinst wonnen over de afgelopen 12 maanden. Van de in Europa verhandelde aandelen met de Shiller PE’s van meer dan 25 is de gelijkgewogen gemiddelde Shiller PE een forse 90,9. Dit wordt mede verklaard door de extreme uitbijters van o.a. Manz, Symrise en Morphosys. Europese aandelen met hoogste Shiller PE en hoge boek/koers Gemiddeld wordt de groep op gemiddeld 6 maal haar boekwaarde verhandeld (koers/boekw. in de tabel). Ook in deze kolom zien we wederom diverse uitbijters zoals de waarden van wederom Manz en United Internet. Net als in een eerdere publicatie van ons zien we de hogere rendementen juist ook bij de grotere aandelen. De groep zoals in de tabel hier boven (die een gedeelte van dit spectrum toont) heeft een gemiddelde marktkapitalisatie van 15,26 miljard euro. Het zijn dus vooral midcaps die in deze groep domineren. Historisch gezien zouden we hier vooral de micro- en smallcaps moeten zien omdat die zowel qua rendement als qua risico vaak er boven uit springen. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Actieve leden gezocht Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

1 oktober 2014

...

Nieuwsbrief20140915 Symp63-1

63ste HCC Beleggen Symposiumbrief 1 Inleiding Sprekers Standhouders Aanmelden en Routebeschrijving Programma "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" 63ste HCC Beleggen Symposium Programma 63ste HCC Beleggen Symposium op 4 oktober 2014 "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Een van de -vele-  voorwaarden om tot goede beleggingsresultaten te komen is het kunnen beschikken over de juiste technieken, instrumenten en benaderwijze. Kortom welke ingredienten heb je nodig om de markt te kunnen verslaan? Tijdens het 63ste symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings-) werk" zullen diverse spreker ingaan op vragen als welke ETF moet ik kiezen, hoe je verschillende type assets combineert, hoe combineer je beleggingsstrategieën, hoe selecteer je het juiste aandeel, etc. Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Het symposium biedt een ideale moment om contact te leggen met medebeleggers of oude contacten aan te halen.  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Jan Roozenburg Optimale correlatie, leverage en herbalancering bepalen voor een set handelssystemen. Jack van Oosterbosch (De Veste) Goed gereedschap huur je in. 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Niels Faassen  (Morningstar) Beleggen in ETF’s Hendrik Oude Nijhuis  (Kingfisher Capital) Value-beleggen in theorie & praktijk 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Julius de Kempenaer    (RRG) Relative Rotation Graphs(TM) a new way to visualize relative strength Ruerd Heeg  Short gaan 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Wouter J. Keller Kwantitatieve tactische asset allocatie. Karel Mercx   (Lynx) De tien belangrijkste dingen die ik in de afgelopen 15 jaar heb geleerd over beleggen 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Douwe Westervaarder & Martin Hendriks (U$ Option Trader) Winstgevend Optiebeleggen in 10 Eenvoudige Stappen Terug naar Inhoud Programma 63ste HCC Beleggen Symposium op 4 oktober 2014 "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Sprekers Jan Roozenburg: Optimale correlatie, leverage en herbalancering bepalen voor een set handelssystemen. Niels Faassen: Beleggen in ETF’s Julius de Kempenaer:  Relative Rotation Graphs(TM) a new way to visualize relative strength Wouter J. Keller: Kwantitatieve tactische asset allocatie. Douwe Westervaarder &  Martin Hendriks: Winstgevend Optiebeleggen in 10 Eenvoudige Stappen Jack van Oosterbosch: Goed gereedschap huur je in. Hendrik Oude Nijhuis: Value-beleggen in theorie &  praktijk Ruerd Heeg: Short gaan Karel Mercx: De tien belangrijkste dingen die ik in de afgelopen 15 jaar heb geleerd over beleggen Terug naar Inhoud Jan Roozenburg 10.00 tot 10.45 uur - Colenberghzaal 2 Optimale correlatie, leverage en herbalancering bepalen voor een set handelssystemen. Korte beschrijving voordracht: Als eenmaal een betrouwbare set handelssystemen ontwikkeld is komen de volgende vragen op:  Hoe wordt een optimale combinatie van de beschikbare systemen samengesteld? Met andere woorden:  welke systemen doen mee en zo ja met welke inzet? Hoe wordt het risico van de combinatie in de hand gehouden? Is herbalancering voordelig en zo ja hoe frequent? In zijn voordracht  presenteert Jan Roozenburg een praktische werkwijze die deze belangrijke  vragen beantwoorden. Voorts worden de praktijkresultaten van de laatste jaren besproken. Persoonlijke informatie: Jan Roozenburg, van huis uit chemisch ingenieur, handelt sinds 2006 met zelf ontwikkelde, geautomatiseerde handelssystemen. Het track record is uitstekend en zijn strategie wordt toegepast op privé accounts van derden bij Interactive Brokers. Terug naar Inhoud Niels Faassen 11.05 tot 11.50 uur - Colenberghzaal 2 Beleggen in ETF’s Niels Faassen, fondsanalist bij Morningstar, zal u tijdens deze presentatie wegwijs maken in het ETF-landschap. Niels is werkzaam bij Morningstar als fondsanalist en houdt zich bezig met kwalitatieve analyse van met name obligatie- en mixfondsen. Hiervoor heeft hij bij diverse banken en vermogensbeheerders gewerkt. Niels zal ingaan op de voor- en nadelen van indexbeleggen en de verschillen tussen ETF’s en beleggingsfondsen. Tenslotte bespreekt hij een aantal aspecten waar u als belegger op moet letten bij het selecteren van ETF’s. Morningstar, Inc. is een toonaangevende leverancier van onafhankelijk beleggingsonderzoek. Onze missie bestaat erin goede producten te creëren die beleggers helpen hun financiële doelstellingen te verwezenlijken. Wij bieden een uitgebreide waaier van internetproducten, software en producten in drukvorm voor particuliere beleggers, financieel adviseurs en institutionele cliënten over de hele wereld. De website www.morningstar.nl biedt toegang tot en objectieve informatie over fondsen die beschikbaar zijn voor verkoop aan particuliere beleggers in Nederland. Ook biedt de site onafhankelijke redactionele informatie van analisten en journalisten van Morningstar in Amsterdam en over de hele wereld. Terug naar Inhoud Juus de Kempenaer 12.10 tot 12.55 uur - Colenberghzaal 2 Relative Rotation Graphs(TM) a new way to visualize relative strength Juus de Kempenaer zal in zijn presentatie ingaan op de achtergronden en het traject wat hij heeft doorlopen bij het ontwikkelen van Relative Rotation Graphs (RRG). Uiteraard zal ook worden ingegaan op de werking van deze nieuwe grafiekvorm en hoe deze door beleggers gebruikt kan worden in de dagelijkse praktijk. Juus de Kempenaer voltooide zijn bedrijfseconomische opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie in Breda in 1986 en diende daarna in de Koninklijke Luchtmacht  tot en met de rang van kapitein, In 1990 verliet hij de KLu om in dienst te treden als portefeuillemanager aandelen bij Equiy & Law (inmiddels overgenomen door AXA verzekeringen). In 1992 maakte hij de stap naar IRIS/Robeco als technisch analist tot 1997 toen de RABObank Robeco overnam. Die overname bracht hem naar de dealingroom van RABO International in Utrecht waar hij hoofd werd van een team met vier technisch analisten. Van 2001 tot 2007 vervulde hij een vergelijkbare rol op de handelsvloer van zakenbank Kempen & Co. in Amsterdam. In 2007 keerde hij terug naar de "buy-side" (de beleggerskant) als fund manager en director quantitative strategies bij Taler Asset Management Ltd. Inmiddels vergen de exploitatie en de research actviteiten rond RRG zoveel tijd dat Juus zich, samen met zijn engelse zakenpartner Trevor Neil, full-time bezighoudt met RRG research.   Juus de Kempenaer is de oprichter/eigenaar van RRG Research. Deze onderneming bezit het intellectueel eigendom, de auteursrechten en de geregistreerde handelsmerken mbt Relative Rotation Graphs en exploiteert deze via licentieovereenkomsten met technolgie partners zoals Bloomberg, Thomson Reuters, Market Analyst en StockCharts.com. Daarnaast levert RRG Research gespecialiseerde research, op basis van relatieve sterkte analyses, aan institutionele beleggers wereldwijd. Terug naar Inhoud Wouter J. Keller 13.30 tot 14.15 uur - Colenberghzaal 2 Kwantitatieve tactische asset allocatie. Wouter Keller, ondernemer, emeritus hoogleraar en investeerder, bespreekt verschillende tactische beleggingsmodellen. Hij is na een lange carriere bij het CBS en de VU nog een eigen ICT bedrijf gestart. Hierbij is enig vermogen opgebouwd. Ontevreden over de beleggingsresulaten van de grootbanken heeft Wouter eigen beleggingsmodellen ontwikkeld, mn. op basis van momentum.  Momentum is het voorspellen van de returns op basis van trends uit het verleden. Het QTAA fund van QTR Invest is gebaseerd op het eerste model (FAA) van Wouter. Hierbij spelen naast returns ook de volatility en de correlatie een belangrijke rol. Zijn nieuwere "Smart Beta" modellen zijn een tactische variant op de Modern Portfolio Theory van Markowitz. In de presentatie zal Wouter de modellen kort toelichten en illustreren dmv. uitgebreide backtests met oa. index funds vanaf 1996 en eerder. Hij heeft over de modellen verschillende papers gepubliceerd  (zie papers.ssrn.com/sol3/cf_dev/AbsByAuth.cfm?per_id=1935527). Zijn FAA paper staat in de SSRN Top10 van de meest gedownloade papers op het gebied van portfolio analyse.   Terug naar Inhoud Martin Hendriks en Douwe Westervaarder 14.35 tot 15.20 uur - Colenberghzaal 2 Winstgevend Optiebeleggen in 10 Eenvoudige Stappen Optiebeleggen kan alleen consistent rendement opleveren als je gestructureerd te werk gaat. Je begint bij de eerste stap (het managen van jezelf) en je werkt stapsgewijs naar het vinden van kanshebbers, de juiste optiestrategie en het innemen en managen van jouw posities. Sla je een stap over, dan kan dat al snel leiden tot moeizame reparatiepogingen en verlies. Tijdens het HCC Symposium zullen Martin en Douwe hun 10 stappen prijsgeven die op een eenvoudige wijze leiden tot winstgevende optietrades. Deze stappen kunnen jou als optiebelegger de juiste houvast geven om vanaf nu consistent rendement te behalen. US Option Trader gelooft dan ook niet voor niets, dat gewone mensen ongewone dromen kunnen realiseren. Al ruim 2½ jaar verrijken Martin Hendriks en Douwe Westervaarder met hun unieke aanpak de markt voor optiebeleggers. Hun gezonde dosis winnende mindset, de techniek om kansrijke tickers te selecteren en de pragmatiek om complexe materie op een zeer begrijpelijke wijze uit te leggen, heeft reeds vele optiebeleggers geholpen om de stap te maken van hobby-belegger naar eigenaar van hun eigen winstgevende OptieBusiness. Hun Visie: Iedereen, die bereid is om in zichzelf te investeren, kan stap voor stap een OptieBusiness opbouwen met 20% consistent rendement per jaar. Hun Missie: Gewone mensen kunnen ongewone dromen realiseren, met behulp van Optietrading. Hun Motto: Keep it simple! Terug naar Inhoud Jack van Oosterbosch 10.00 tot 10.45 uur - Statenkamer Goed gereedschap huur je in. Niet zelf beleggen (met alle gevolgen van dien), maar het uitbesteden aan professionals die in alle marktomstandigheden een positief rendement kunnen behalen op uw vermogen. Over de achtergronden van deze filosofie wordt in de presentatie van Jack van Oosterbosch uitgebreid ingegaan. Jack van Oosterbosch  is  CEO  van  De Veste en heeft ruim vijfentwintig jaar ervaring in de financiële wereld. Het netwerk dat hij in de loop der jaren opgebouwd heeft is erg waardevol voor het bedrijf, met name op het gebied van fondsselectie en onderzoek. De Veste is gespecialiseerd in alternatieve vermogensoplossingen. Geen standaard aandelen of obligaties zoals legio van vermogensbeheerders dat doen, maar door middel van fondsen die wij atypische beleggingen noemen. Onze knowhow is voor u beschikbaar. Terug naar Inhoud Hendrik Oude Nijhuis 11.05 tot 11.50 uur - Statenkamer Value-beleggen in theorie & praktijk. Hendrik Oude Nijhuis: is een expert op het gebied van value investing en medeoprichter van Kingfisher Capital, een op value investing principes gebaseerde business model & investment research boutique. Hij heeft uitgebreid onderzoek verricht naar de investeringsstrategieën van value investors als Warren Buffett. Verder is hij als bestuurslid actief geweest voor onder andere de beleggingsstudieclubs HCC Beleggen en B.S.C. Duitenberg. Hendrik heeft Management, Economics & Law aan de Universiteit Twente gestudeerd en is auteur van de Nederlandstalige bestseller over Warren Buffett: "Leer beleggen als Warren Buffett - zijn beleggingsstrategie in theorie & praktijk". Van dit boek is inmiddels een derde druk (2014) uitgebracht en is tevens een audio-editie beschikbaar. Online vroegen al meer dan 100.000 beleggers een exemplaar van ‘Leer beleggen als Warren Buffett’ aan. Bestaat er een beleggingsstrategie die de aandelenmarkt verslaat? Jazeker… value-beleggen! Hendrik start met een korte presentatie over value-investing én hoe u deze strategie in de praktijk kunt toepassen. Vervolgens is er ruim gelegenheid voor vragen en discussie. In geval u een persoonlijke kennismaking op prijs stelt met de  auteur van de bestseller ‘Leer beleggen als Warren Buffett’, analist achter de populaire beleggingsservice ValueSelections en de veelgelezen 'Warren Buffett'-nieuwsbrief ,  gelijkgestemde beleggers wilt ontmoeten of indien u specifieke vragen graag eens wilt voorleggen zorg er dan voor dat u deze sessie over value-beleggen zeker niet misloopt! Kingfisher Capital houdt zich bezig met business model & investment research. Sinds 2007 informeert Kingfisher Capital op een toegankelijke maar inhoudelijk gedegen wijze zowel particuliere als professionele beleggers over value-investing. Hier is een periode van meer dan tien jaar aan voorafgegaan waarin de oprichters werkelijk alles wat zij aangaande value-investing maar in handen konden krijgen tot in detail bestudeerd hebben. Kingfisher Capital is met andere woorden voortgekomen uit een jarenlange passie rondom value-investing. De term ‘value-investing’ verwijst naar het beleggen in aandelen die op de beurs - ten onrechte - laag gewaardeerd zijn. Deze (te) laag gewaardeerde aandelen leveren gemiddeld een bovengemiddeld rendement op. Door gespreid in zulke aandelen te beleggen valt nog meer te profiteren van wat op termijn een extreem krachtig wiskundig verschijnsel blijkt: het ‘rente op rente’-effect oftewel exponentiële groei. Terug naar Inhoud Ruerd Heeg 12.10 tot 12.55 uur - Statenkamer Short gaan. De aandelenmarkten staan historisch hoog. Het lijkt dus logisch om te profiteren van overwaarderingen van aandelen door short te gaan. Dat is niet zo makkelijk als het lijkt. Van niet elk bedrijf in problemen gaat de beurskoers omlaag. Ook bij populaire maar toch sterk overgewaardeerde bedrijven is een koersdaling niet vanzelfsprekend. Aan de hand van voorbeelden bespreek ik daarom enkele valkuilen die bij conventionele shortposities vaak rendement kosten. Dit zijn dus shortposities in bedrijven met grote problemen of waarvan de aandelen door onrealistische verwachtingen sterk overgewaardeerd zijn. Ten slotte bespreek ik nog een aantal minder conventionele shortposities. Over de spreker: Ruerd Heeg is waardebelegger. Hij heeft het boek "Aandelen selecteren als waardebelegger geschreven" waarin hij de basisbeginselen van het waardebeleggen bespreekt. Daarnaast komt er binnenkort een tweede boek uit: "Beleggen in bull- en bearmarkten". In dit boek onderzoekt hij wat de allerbeste beleggingen zijn in de huidige hooggewaardeerde aandelenmarkt. In verband daarmee gaat hij in dit boek uitgebreid in op short gaan. Terug naar Inhoud Karel Mercx 13.30 tot 14.15 uur - Statenkamer De tien belangrijkste dingen die ik in de afgelopen 15 jaar heb geleerd over beleggen. Karel Mercx werkt als beleggingsspecialist / vermogensbeheerder bij Lynx Wereldwijd Beleggen. Hiervoor heeft hij 6 jaar als senior redacteur gewerkt bij het leidende beleggerstijdschrift Beleggers Belangen. In deze functie gaf hij beleggingstips via artikelen, video’s en presentaties. De specialisaties van Karel Mercx zijn het beheren van beleggingsportefeuilles en het uitrekenen van toekomstige rendementen van aandelen, grondstoffen en obligaties Hierdoor weet hij precies waarin de belegger goed kan beleggen. In zijn presentatie “De tien belangrijkste dingen die ik in de afgelopen 15 jaar heb geleerd over beleggen” gaat Karel  vertellen wat voor hem in deze de belangrijkste leermomenten zijn geweest. Het doel is aan u input geven opdat u als belegger beter uw beleggingsportefeuille kan overwegen. Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. Terug naar Inhoud Programma 63ste HCC Beleggen Symposium op 4 oktober 2014 "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Standhouders Forest Bergen Foxware. De Optiestrateeg WH Selfinvest. De Veste. Lynx. Advance Morningstar Apvest U$ Option Trader HCC de vereniging Terug naar Inhoud Forest Bergen Standhouder Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders. Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitrader en Metastock software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie: Terug naar boven Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit pakket ondersteunt al bijna 25 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 7+ jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 30 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Terug naar boven De Optiestrateeg Standhouder Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Wij handelen hoofdzakelijk in opties op de AEX. Met onze abonneeservice volgt u onze inleg en kunt u zelf ook profiteren van de rendementen die wij behalen. Wat kunt u van onze abonneeservice verwachten: Een gemiddeld jaarrendement van meer dan 20%. Mogelijk vanaf €10.000 Werken met een vast concept: de Vertical limit strategie Track record vanaf 2008 Risico is vooraf bepaald en inzichtelijk Wekelijkse update Gekoppeld account via Lynx Voor meer informatie: kijk op onze website www.deoptiestrateeg.nl Terug naar Inhoud WH Selfinvest Standhouder WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel in futures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 45 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com Terug naar boven De Veste Standhouder Wij zijn De Veste, uw partner in fondsbeleggen. Wij zorgen voor uw beleggingen en zijn de juiste partner voor goede rendementen en persoonlijke service. Wat hebben wij u te bieden? Hoogwaardig productaanbod Professionele medewerkers Deskundig onderzoek Mogelijkheid tot spreiding van uw vermogen Relatief laag instapbedrag (€ 5.000,-) Mogelijkheid om te beleggen met een vast rendement Elke succesvolle relatie begint met een kennismaking en een gesprek. Wanneer schikt het u? Princenhagelaan 1-B1  |  4813 DA  Breda  |  +31 (0)76 523 66 00  |  info@deveste.net  |   www.deveste.net Terug naar boven Lynx Standhouder Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke en professionele handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. Lynx is sinds 2007 actief op de Nederlandse markt en vanaf 2008 ook in België en Duitsland. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland In 2013 is Lynx uitgeroepen tot beste broker bij de Gouden Stier Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 100 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading Terug naar boven Advance Standhouder AdvanceBeleggen.nl Succesvol beleggen in aandelen, obligaties, grondstoffen en beursgenoteerd vastgoed door middel van de nieuwsbrieven van Advance. Voorts vermogensbeheer op basis van de aanpak van Advance via Onafhankelijk Vermogensbeheer ‘s-Gravenhage BV.(OVGBeheer.nl) Gerard Jager is oprichter / hoofdredacteur van Advance, goeroe van De Telegraaf (DFT.nl) en vermogensbeheerder bij OVGBeheer. Geïnteresseerd in een gratis proefabonnement? Meld u aan via www.advancebeleggen.nl Nieuw: Voor betalende abonnees bestaat er de mogelijkheid om gratis advies in te winnen over beleggen wereldwijd. Daarmee kunnen kosten van uw bank worden bespaard, die sinds 1 januari j.l. door hen aan u in rekening worden gebracht. Gaat het om een financieel breed advies dan wordt dit verzorgd door de heer GR Jager in de functie van vermogensbeheerder bij OVGBeheer. Vermogensbeheer is mogelijk vanaf € 2,5 ton. Wealth Management inclusief financiële planning vanaf € 1 mln.   Wist u dat Advance en OVG maandelijks (eenmalig) gratis advies verstrekken in uw woonplaats in Nederland, België, Zwitserland, Z. Frankrijk en Z. Spanje? Aanmelden via www.AdvanceBeleggen.nl  / menu: Gratis spreekuur   Voorts biedt OVG “Garantiebeleggen” aan beleggers met een behoedzaam risicoprofiel. Onder garantiebeleggen wordt verstaan het opbouwen van een beleggingsportefeuille, nagenoeg geheel bestaande uit beleggingsvormen met 100% hoofdsomgarantie. Voor meer info ga naar www.AdvanceBeleggen.nl of bel 065 232 6782 Terug naar boven Morningstar Standhouder Morningstar, Inc. is een toonaangevende leverancier van onafhankelijk beleggingsonderzoek in Noord-Amerika, Europa, Australië en Azië. Onze missie bestaat erin goede producten te creëren die beleggers helpen hun financiële doelstellingen te verwezenlijken. Wij bieden een uitgebreide waaier van internetproducten, software en producten in drukvorm voor particuliere beleggers, financieel adviseurs en institutionele cliënten over de hele wereld. Met activiteiten in 27 landen bieden wij momenteel gegevens over ongeveer 473.000 beleggingsproducten. De website www.morningstar.nl biedt toegang tot en objectieve informatie over fondsen die beschikbaar zijn voor verkoop aan particuliere beleggers in Nederland. Ook biedt de site onafhankelijke redactionele informatie van analisten en journalisten van Morningstar in Amsterdam en over de hele wereld. Terug naar boven Apvest Standhouder  Apvest.com is een platform dat zich op (particuliere) beleggers richt. Apvest wil de particuliere belegger een onafhankelijk en concreet inzicht geven in het risico en verwacht rendement van aandelenportefeuilles. Via de website www.Apvest.com hebben beleggers toegang tot twee professionele beleggingstools, namelijk: Apvest Risico Monitor: Met de gratis analyse van de Risico Monitor krijgt de belegger, real time, inzicht in het risico en de verwachte waardeontwikkeling van bestaande en nieuwe aandelenportefeuilles. Apvest Optimiser: De Optimiser biedt iedere belegger, ongeacht het kennisniveau van beleggen, de mogelijkheid om aandelenportefeuilles te optimaliseren en het risico hierop zelfstandig te managen. De Optimiser biedt de belegger ook de mogelijkheid om de eigen verwachtingen aan te geven. Deze verwachtingen worden vervolgens meegenomen in de berekeningen. Apvest is onafhankelijk, het berekent maar belegt niet! De software is gebaseerd op internationale gerenommeerde technieken. Het laat zien dat portefeuilles, gestuurd op risicomanagement, goede resultaten (https://www.apvest.com/nl/info/results) kunnen behalen. De software is zeer eenvoudig te gebruiken en ondersteunt zowel de beginnende als ervaren belegger. Apvest kan 30 dagen gratis worden uitgeprobeerd. Korte achtergrond Apvest: Apvest is ontwikkelt door mensen uit de bank (voorheen)- en ICT wereld. De ontwikkeling van de software heeft meerdere jaren in beslag genomen. Het doel van Apvest is om de aandelenmarkt transparanter te maken voor de belegger en concreet inzicht te geven in het risico dat er wordt gelopen en meest optimale portefeuilles. Meer achtergronden en gebruikte technieken zijn terug te vinden op https://www.apvest.com/nl/info/index  Terug naar boven U$ Option Trader Standhouder Al ruim 2½ jaar verrijken Martin Hendriks en Douwe Westervaarder met hun unieke aanpak de markt voor optiebeleggers. Hun gezonde dosis winnende mindset, de techniek om kansrijke tickers te selecteren en de pragmatiek om complexe materie op een zeer begrijpelijke wijze uit te leggen, heeft reeds vele optiebeleggers geholpen om de stap te maken van hobby-belegger naar eigenaar van hun eigen winstgevende OptieBusiness. Hun Visie: Iedereen, die bereid is om in zichzelf te investeren, kan stap voor stap een OptieBusiness opbouwen met 20% consistent rendement per jaar. Hun Missie: Gewone mensen kunnen ongewone dromen realiseren, met behulp van Optietrading. Hun Motto: Keep it simple! Website:  U$ Option Trader Terug naar boven HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers!  HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Via PC-Active PC-Active is het nieuwe HCC verenigingsblad. PC-Active is exclusief voor leden van HCC, er kan geen los abonnement op PC-Active worden afgesloten. Wel is PC-Active verkrijgbaar in de losse verkoop. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 14 september 2014 voor meest recente informatie kijk op: http://www.hcc.nl  Terug naar boven Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 4 oktober 2014 Bron: HCC Beleggen redactie wat 63 ste HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 63-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier Terug naar Inhoud

15 september 2014

...

Nieuwsbrief20140901

September 2014 Inschrijving is geopend Hoe de eurozone het Japanscenario achter zich kan laten Saldo lopende rekening gevoelig voor renteberekening Mobiel bankieren biedt balans tussen gebruiksgemak en veiligheid Meedoen kan Aanmelden en routebeschrijving 63 ste  HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Inschrijving is geopend Wat 63 ste HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" Een van de -vele-  voorwaarden om tot goede beleggingsresultaten te komen is het kunnen beschikken over de juiste technieken, instrumenten en benaderwijze. Kortom hoe versla je de markt? Tijdens het 63ste symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings-) werk" zullen diverse spreker ingaan op vragen als welke ETF moet ik kiezen, hoe combineer ik beleggingsstrategieën, hoe selecteer ik het juiste aandeel, hoe bouw ik een handelssysteem, etc. Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen. Daarnaast zijn er ook weer een groot aantal leveranciers aanwezig die u graag wegwijs maken in de door hun geboden diensten. Waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Programma: HCC Beleggen website:  Klik Hier Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Hoe de eurozone het Japanscenario achter zich kan laten Bron: Carlijn Prins, Hans Stegeman, Me Judice, 22 augustus 2014 Een vergelijking van de economische omstandigheden in Japan in de jaren negentig en de eurozone nu laat zien dat het zogenoemde Japanscenario geen risico is, maar al een realiteit. De eurozone kan een scenario van nog weer tien jaar lage groei en lage inflatie achter zich laten, maar daar zijn wel een aantal belangrijke stappen voor nodig. Rabo-economen Carlijn Prins en Hans Stegeman presenteren een aantal lessen uit de Japanse ervaringen. Een belangrijk element voor structureel herstel is het opschonen van de balansen van het bankwezen door herstructurering van een deel van de schulden. Economische prestaties vergeleken De groeicijfers van de eurozone liggen in de periode na 2008 tot en met het tweede kwartaal van 2014 ver onder de Japanse groeicijfers van het begin van hun ‘verloren’ decennium (figuur 1). Daar waar de Japanse economie in de eerste zes jaar na de crisis meer dan 8% in volume was gegroeid, is de eurozone-economie nog een procent kleiner dan begin 2008. Voor Nederland is dat verschil met het begin van de crisis nog net iets groter. Een mogelijke verklaring voor het verschil in groei is dat de groei van de wereldhandel in de jaren negentig veel gunstiger was dan tijdens de huidige crisis. De Japanse crisis vond dus plaats tegen de achtergrond van een relatief gunstige wereldconjunctuur. Figuur 1. BBP-groei in het verloren decennium Een verschil in economische groei komt onder andere ook door het verschil in bevolkingsgroei. Een maatstaf die daarvoor corrigeert is het BBP per capita. Het BBP per capita blijft in de eurozone zelfs nog verder achter bij dat van Japan in de eerste jaren van de crisis. De groeiramingen van instanties zoals de OESO voor de komende jaren verandert het beeld niet (figuur 1). Op basis van ramingen van de OESO zal de economie in de eurozone en in Nederland eind 2019 zo’n 7% groter zijn dan in 2008. Dat is een gemiddelde volumegroei van 0,6% per jaar, net iets minder dan de groei in Japan in de eerste 11 jaar na het begin van de crisis (0,8% per jaar). De groeiprestaties van de eurozone blijven in (het eerste) verloren decennium na de crisis dus ruimschoots achter bij die van Japan. Naast de lage groei is de lage Europese inflatie van de laatste maanden verontrustend. Sinds eind 2011 daalde de gemiddelde inflatie in de eurozone naar 0,4% in juli, beduidend onder de ECB-doelstelling van ‘onder maar dichtbij 2%’. Een deel van de inflatiedaling sinds eind 2011 kan worden verklaard door tijdelijke factoren zoals het wegvallen van de positieve bijdrage van energie- en voedselprijzen. Een deel van de algehele inflatiedaling in de eurozone kan echter worden toegeschreven aan een afname van de bestedingsdruk ( Boonstra & Verduijn, 2014). De vergelijking met Japan laat zien dat de inflatie in de eurozone en Nederland op dit moment naar de niveaus van Japan in de verloren decennia beweegt (figuur 2). Over de hele periode was de inflatie in de eurozone gemiddeld echter nog net iets hoger dan in Japan. Figuur 2. Consumentenprijzen in Japan en eurozone Een periode van aanhoudend lage groei en lage inflatie lijkt zorgwekkend veel op de periode in Japan die wordt aangeduid als de twee verloren decennia. Sterker nog, alleen hierop afgaand kunnen we vaststellen dat de eurozone en daarbij ook Nederland, al sinds het begin van de crisis in 2008 in een Japanscenario zit. Omdat de Japanse economie, ondanks verschillende pogingen van de overheid en de Bank of Japan (BOJ), weinig verbetering vertoonde en langdurig stagneerde, is de meest relevante vraag voor de eurozone: hoe komt de eurozone uit het Japanscenario? Parallellen en verschillen aanleiding crisis Carlijn Prins Rabobank, Utrecht Carlijn Prins MSc. (1989) is sinds 1 maart 2014 werkzaam bij het directoraat Kennis en Economisch Onderzoek (KEO) van Rabobank Nederland. Ze heeft algemene economie aan de Universiteit van Amsterdam gestudeerd en vervolgens een tweede master behaald in Communicatiewetenschap. Bij Rabobank Nederland houdt Carlijn zich voornamelijk bezig met de actuele ontwikkelingen van de internationale economie, op het gebied van economische groei, inflatie, werkloosheid, huizenmarkt en overheidsfinanciën. Ze voert diverse studies uit naar deze onderwerpen en schrijft bijdragen voor interne en externe publicaties. Ruim monetair beleid en een sterke groei in het tweede deel van de jaren tachtig voedden schuld-gefinancierde aandelen- en huizenprijzenbubbels in Japan. Omdat de dollar tussen 1980 en 1985 met ongeveer vijftig procent was geapprecieerd tegenover onder andere de yen, waardoor het Amerikaanse handelstekort sterk opliep, was er enorme internationale druk op Japan om tegelijkertijd het monetair beleid te verruimen en de yen te laten appreciëren. Na het Plaza akkoord van begin 1985 vond daarom een gecoördineerde actie plaats, waarna niet alleen de yen, maar ook de gulden en de Duitse mark, zeer sterk apprecieerde tegenover de dollar (Jinushi, Kuroki & Miyao, 2000). De overmaat aan liquiditeit veroorzaakte een stijging in vastgoed- en aandelenprijzen, inclusief grondprijzen (figuur 3). De monetaire verruiming en de stijging in grondprijzen versterkten ook de bancaire kredietverlening, waarbij land en ander vastgoed werden gebruikt als onderpand (Fujii & Kawai, 2010). Japanse banken waren op het eerste gezicht tamelijk licht gekapitaliseerd, maar hadden grote ‘stille’ reserves in de vorm van enorme aandelenportefeuilles die tegen aankoopkoers op de balans stonden, maar op dat moment een veel grotere marktwaarde hadden. Nadat de BOJ haar monetair beleid erg verkrapte in 1989, barstten de aandelen- en huizenprijsbubbels. Een deel van de aanloop van de problemen in de eurozone was verregaand hetzelfde. Oplopende kredietverlening aan de private sector en mede daardoor ook (sterk) stijgende huizenprijzen in een aantal landen kwamen abrupt tot een einde als gevolg van verkrapping van het monetaire beleid, de verwevenheid van financiële markten en het ontbreken van het goed inschatten van risico’s wat leidde tot problemen in de financiële sector. In het najaar van 2008 leidde de val van de Amerikaanse investment bank Lehman Brothers daarbij de Grote Recessie in, die onder meer werd gekenmerkt door een oplopende werkloosheid, scherp dalende aandelenkoersen en in sommige landen een scherpe daling van de huizenprijzen. De reacties van centrale banken waren in de huidige crisis nog iets agressiever dan die van de BOJ begin jaren negentig zowel afgemeten aan de daling van beleidsrentes, maar ook afgemeten aan de toename van de balans van de centrale bank. Ook in veel eurozonelanden zette een daling van de huizenprijzen in (figuur 3), hoewel de daling gemiddeld minder hard was dan in Japan. Bovendien kwamen, net als in Japan, in sommige landen Europese banken in de problemen door betalingsachterstanden, gedwongen verkopen en tekortschietend onderpand. Figuur 3. Reële huizenprijzen in Japan en eurozone-landen Parallellen nasleep crisis Ook in de nasleep van de crisis in Japan en de eurozone zijn parallellen aan te wijzen. De eerste parallel is de aard van de recessie in Japan en de eurozone na het barstten van de bubbels: een zogeheten balansrecessie (Koo, 2011). Dit houdt in dat door de afwaardering van bezit de private sector met een netto schuldenberg kampt die afbetaald moet worden. Na het barsten van schuld gefinancierde bubbels had een groot deel van de Japanse private sector, met name de niet-financiële bedrijven, een negatieve netto financiële vermogenspositie. De netto financiële vermogenspositie van huishoudens was juist positief door een groot en structureel spaaroverschot, maar hierin zitten de gevolgen van huizenprijsdaling na het barsten van de bubbels niet verwerkt. Een vergelijkbaar patroon zien we ook in Nederland en in mindere mate in de eurozone (figuur 4). Omdat een deel van de financiële activa niet direct bereikbaar is, zoals pensioen- en verzekeringsvermogen, geeft de hoogte van de kredietverlening van de verschillende sectoren een beter beeld van de omvang van de vereiste schuldafbetalingen (figuur 5). In Japan had voornamelijk de bedrijvensector hoge schulden, terwijl in de eurozone het beeld per land meer divers is. In Nederland zijn dit vooral private huishoudens. Figuur 4. Netto financiële vermogensposities Japan, Nederland en eurozone Figuur 5. Kredietverlening niet-financiële private sector aan het begin van de crisis Het verschil tussen een ‘balansrecessie’ en een ‘gewone’ recessie is dat het monetaire transmissiemechanisme minder goed of zelfs helemaal niet werkt (Koo, 2011). Een lage rente leidt niet tot meer investeringen en uitgaven. Ontsnappen uit deze liquiditeitsval is lastig. Hierdoor is monetair beleid als wapen tegen een balansrecessie niet effectief. De centrale bank kan de rente nog zo laag maken, als de private sector niet is geïnteresseerd in extra krediet maar in het afbetalen van schulden heeft dit geen enkel effect op de kredietverlening en de bestedingsontwikkeling. Een bijkomend probleem in een balansrecessie is dat kredietverstrekkers zelf vaak ook niet scheutig zijn met het verstrekken van krediet omdat de financiële sector soortgelijke problemen heeft. Afschrijvingen op uitstaande kredieten bij bedrijven en huishoudens met balansen die uit evenwicht zijn zorgt voor de noodzaak voor kapitaalversterking via groei van het eigen vermogen (door aandelenemissies of winstinhoudingen) en, als dat niet lukt, voor balansverkorting. Naast het minieme effect van de renteverlagingen van de BOJ en de ECB op de kredietverlening, is er bovendien een belangrijk monetair beleidsinstrument uitgeput waardoor er sprake is van een liquiditeitsval (zero lower bound). Dit zien wij als de tweede parallel tussen Japan en de eurozone. Hans Stegeman Rabobank, Utrecht Hans Stegeman werkt sinds 2007 bij Economisch Onderzoek als econoom en sinds 2009 als hoofd van het team Nationaal Onderzoek. Daarbij is hij verantwoordelijk voor al het onderzoek van KEO naar de Nederlandse en regionale economie en huizenmarkt. Ook is hij een van de auteurs en projectleider van het onlangs verschenen boek "IN2030: Vier vergezichten". Hans studeerde Algemene Economie aan de Universiteit Maastricht en werkte hiervoor onder andere als onderzoeker bij het Centraal Planbureau. Wat niet meewerkte in Japan was dat de financiële sector na de crisis van 1989 niet voldoende snel werd geherstructureerd (Fujii & Kawai, 2010). De kredietverliezen werden jarenlang niet genomen, waardoor ‘zombiebanken’ ontstonden: banken die nét niet omvielen, maar ook niet in staat waren hun normale functie te vervullen. Deze niet-functionerende banken drukten de economische groei, omdat nieuwe bedrijfsinvesteringen niet konden worden gefinancierd (Hoshi & Kashyap, 2013). In de eurozone bestaat in sommige landen een soortgelijke situatie waar de financiële sector de belemmering is voor een aantrekkende groei. Getracht wordt nu het zombiebankenprobleem krachtig tegen te gaan door de Asset Quality Review (AQR). Daarnaast speelt in de eurozone de komende jaren de aangescherpte toezichtregelgeving, vooral het ophogen van de kapitaalbuffers, als reden die het kredietaanbod kan beperken. Ten derde stelden Japanse en eurozone beleidsmakers bij het begin van de economische problemen de verkeerde diagnose met betrekking tot de aard van de recessie. In Japan dachten autoriteiten in eerste instantie dat de groei inzinking cyclisch en dus tijdelijk was, die door vraagstimulering genezen kon worden (Hoshi & Kashyap, 2013). Ook in de eurozone werd eerst uitgegaan van een cyclische recessie die vervolgens overging in de eurocrisis. In Japan was de beleidsreactie telkenmale die verwacht kan worden bij een ‘normale’ conjuncturele dip. Accomoderend monetair beleid, gecombineerd met een relatief kleine begrotingsimpuls om het economisch vliegwiel weer een zwier te geven (Kang, 2010). In de eurozone valt de beleidsreactie in twee fasen op te knippen. In de eerste fase wordt in 2009 het accomoderend monetaire beleid nog ondersteund door expansief begrotingsbeleid. In de tweede fase, vooral vanaf het begin van de eurocrisis in 2010, concentreert de diagnose zich op die van een staatsschuldencrisis. Logisch, gezien de onhoudbaarheid van de schulden in verschillende landen vanuit financiële marktenperspectief, maar voor veel landen desondanks toch een verkeerde diagnose (Gärtner, Griesbach & Mennillo, 2013). Verschillen nasleep crisis Het begrotingsbeleid in de eurozone en Japan is dan ook meteen een duidelijk verschil na de crisis. Omdat eurozone lidstaten via het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) al snel genoodzaakt waren te bezuinigen, was er geen ruimte voor stimulerend begrotingsbeleid. Dit is een groot verschil met het beleid van de Japanse overheid in de jaren na de crisis. Met als doel de economie weer op gang te krijgen implementeerde de overheid veel aanvullende stimuleringsprogramma’s in de jaren negentig (figuur 6) (Ito, 2011). Veel van de overheidsinvesteringen waren echter ineffectief. Toch verklaart het meer restrictieve begrotingsbeleid van eurozonelidstaten deels de slechtere groeiprestaties (Koo, 2011). Kijkend naar de schuldniveaus, hebben eurozone lidstaten op dit moment aanmerkelijk meer budgettaire ruimte dan Japan. De gemiddelde publieke schuld in de eurozone was 95% van het BBP in 2013, aanzienlijk lager dan 102% van het BBP in Japan vijf jaar na het begin van de Japancrisis. Nadien is de Japanse begrotingssituatie scherp verslechterd, mede als gevolg van de lage economische groei en de aanhoudend hogere tekorten op de overheidsbegroting. Dit is een scenario dat Europa moet zien te vermijden. Figuur 6. Overheidstekorten in Japan en eurozone In Japan belemmerden, naast bancaire problemen, ook een bovenmatige bescherming van werknemers economische groei. Het hervormen daarvan is pijnlijk en politiek moeilijk. De Japanse autoriteiten concentreerden zich daarom zoals gezegd op budgettaire en monetaire prikkels om de economie op korte termijn te stimuleren. Hierbij werden echter twee fouten gemaakt. Ten eerste waren de begrotingsprikkels niet groot genoeg om de economie compleet uit het slop te trekken en ten tweede werden er dus geen aanvullende hervormingen doorgevoerd. Omdat de groei na zulke stimuleringsprogramma’s licht aantrok, stelden Japanse autoriteiten de benodigde, maar op korte termijn ook pijnlijke hervormingen uit, waardoor Japan in een zogeheten CRIC-cyclus terecht kwam. Economieën die door een grote crisis zijn gegaan, lijken een erg voorspelbaar stappenpatroon te volgen: crisis, reaction, improvement en complacency, ofwel crisis, reactie, verbetering, zelfvoldoening en daarna natuurlijk herhaling, ofwel de CRIC-cyclus (Feldman, 2001). Deze cyclus heeft zich herhaaldelijk afgespeeld in Japan en ook in Europa zien we dat de urgentie van structurele hervormingen afneemt na aankondiging van acties van de ECB. Om aan een Japan-scenario te ontsnappen is het echter noodzakelijk structurele hervormingen, zoals het opschonen van bankbalansen, herstel van concurrentievermogen en vermindering van arbeidsmarktrigiditeit, daadwerkelijk te implementeren en niet na een paar positieve groeicijfers te denken dat het gevaar geweken is. Het tweede verschil is demografie, of meer specifiek, de mate van vergrijzing. In Japan sloeg de vergrijzing in volle hevigheid toe bij het uitbreken van de crisis. Hoewel de groei van de beroepsgeschikte bevolking in Nederland en de eurozone aan de vooravond van een krimp staat, laat de bevolkingsprognose van het CBS zien dat Nederland de komende jaren hier een minder heftige daling kan verwachten dan Japan. De Nederlandse beroepsgeschikte bevolking zal naar verwachting tot 2028 met ruim 3% afnemen, terwijl de afname in de twintig jaar na de crisis in Japan ruim 6% bedroeg. Dit geeft de Nederlandse potentiële groei daarom meer ruimte dan indertijd in Japan. Bovendien kennen Nederland en de eurozone, in tegenstelling tot Japan, een behoorlijke immigratie, wat mogelijk een positief effect heeft op de potentiële groei. Conclusie De economische problemen die Japan sinds de crisis in 1991 in zijn greep houden, vertonen parallellen met de huidige problemen in de eurozone. Het Japanscenario voor de eurozone lijkt daarom al in veel opzichten realiteit te zijn. Om te voorkomen dat de eurozone net zo’n lange laagconjunctuur als Japan voor de boeg heeft moeten we proberen lessen te trekken uit de Japanse ervaringen. De Japanse autoriteiten hebben in de afgelopen decennia namelijk een aantal beleidsfouten gemaakt die in sommige opzichten verdacht veel lijken op het huidige beleid in de eurozone. Wat kunnen we leren? Ten eerste moeten we niet blindelings vertrouwen op het monetaire beleid, want het monetaire transmissiemechanisme werkt momenteel slecht of zelfs helemaal niet. Een lage beleidsrente, of zelfs kwantitatieve verruiming, zal weinig impact hebben. Bovendien is het beleidsrente instrument niet meer inzetbaar om de economie verder te stimuleren door de zero lower bound. Ten tweede is, om kredietverlening weer op gang te krijgen, de opschoning van balansen in het bankwezen en de private sector cruciaal. Om dit te doen zonder de bestedingen te drukken, zou herstructurering van (een deel) van de schulden uitkomst kunnen bieden. Ten derde moeten beleidsmakers bij het inzetten van begrotingsbeleid niet de CRIC-fout maken: het is van belang dat overheden niet na een korte periode van groei al denken dat de problemen voorbij zijn. Ten slotte dienen overheidsinvesteringen enkel projecten te financieren die een blijvend effect op het groeipotentieel hebben. Een voordeel voor de eurozone zou kunnen zijn dat er budgettair meer ruimte is dan in Japan destijds. Bovendien kan er, ondanks de demografische vooruitzichten, door immigratie een positief effect op de potentiële groei uitgaan. Toch is het belangrijk dat Nederlandse en Europese autoriteiten de lessen van Japan in ogenschouw nemen, anders kunnen we ook op dat tweede Japanse decennium rekenen. Referenties: zie onderaan artikel op website Mejudice Terug naar Inhoud Saldo lopende rekening gevoelig voor renteberekening Bron: dnb Saldo lopende rekening gevoelig voor renteberekening De rentebaten uit het buitenland vormen een belangrijk onderdeel van het Nederlandse lopende rekeningoverschot. De gangbare methode die voor de berekening van de rentebaten wordt gehanteerd sluit slecht aan bij de beleggingspraktijk. Bij een alternatieve berekening die uitgaat van het perspectief van de belegger, valt het overschot in 2013 ongeveer 0,8% bbp lager uit. Het saldo op de lopende rekening van de betalingsbalans is daarmee gevoelig voor de renteberekening. Het overschot op de lopende rekening van ons land bedroeg in 2013 10,2% van het bruto binnenlands product (bbp). Op de lopende rekening zijn de rentebaten uit het buitenland met ruim 3,3% bbp een belangrijke post. Deze rentebaten kunnen op verschillende manieren worden berekend, met belangrijke gevolgen voor het saldo op de lopende rekening.   Verschillende methoden, verschillende uitkomsten Bij de opstelling van de betalingsbalans dienen alle landen zich, omwille van de internationale vergelijkbaarheid, aan de richtlijnen van het IMF te houden. Voor de vaststelling van de rentebaten en -lasten schrijven die richtlijnen de zogenoemde debtor approach voor. Hierbij worden zowel rentebaten als -lasten vastgesteld op basis van het effectieve rendement bij uitgifte. Deze is doorgaans gelijk aan de couponrente en wijzigt niet gedurende de looptijd. Als deze methode door alle landen wordt gehanteerd, salderen daardoor wereldwijd alle uitgaande en inkomende rentestromen tot nul. Dit is conform een van de grondbeginselen van de betalingsbalansstatistiek, en daarmee een belangrijke reden voor statistici om voor deze methode te kiezen. Een nadeel van deze methode is dat de aldus geregistreerde rentebaten slecht aansluiten bij de beleggingspraktijk. Een methode die beter aansluit bij de beleggingspraktijk is de zogeheten acquisition approach. Deze methode berekent de rentebaten op basis van het effectieve rendement op het moment van aanschaf. Voor de berekening van de rentelasten is het effectieve rendement bij uitgifte nog steeds leidend. Een belangrijk nadeel van deze methode is dan ook dat de rentestromen wereldwijd niet meer tot nul optellen: de rentelasten van de emittent wijzigen niet, terwijl de hier tegenoverstaande rentebaten dat wel doen. Maar omdat de acquisition approach eventuele koerswinsten in het effectieve rendement incorporeert, sluit deze methode wél beter aan bij het perspectief van de belegger. De rentebaten onder de acquisition approach kunnen sterk verschillen van de rentebaten onder de debtor approach. Dit blijkt uit grafiek 1 waarin de rentebaten volgens beide methoden worden weergegeven. Grafiek 1: Nederlandse rentebaten van Duitse staatsobligaties Nederlandse rentebaten van Duitse staatsobligaties In de afgelopen jaren nam het aandeel Duitse staatsobligaties in de totale portefeuille van Nederlandse beleggers sterk toe, van circa 12% begin 2009 tot 22% eind 2013. Hoewel het effectieve rendement op deze obligaties in de afgelopen jaren aanzienlijk is gedaald, neemt de debtor approach deze daling maar beperkt mee in de berekening. Dat komt doordat het lagere effectieve rendement in de markt onder deze methode niet doorwerkt op bestaande obligaties. Hier is immers het effectieve rendement bij uitgifte leidend. Zo ontvingen Nederlandse beleggers in 2013 volgens de debtor approach ruim EUR 4 miljard aan rente op hun Duitse staatsobligaties. Dit komt overeen met een effectief rendement van ongeveer 3%, terwijl het effectieve rendement onder de acquisition approach vanaf begin 2012 schommelt rond de 1,5%.   Effect van de andere berekening op het lopende rekeningoverschot Met een paar versimpelende aannames kan een indicatieve schatting worden gemaakt van de impact van de acquisition approach op het saldo van de Nederlandse lopende rekening. Tussen 2007 en 2010 valt het saldo op de lopende rekening onder de acquisition approach hoger uit (grafiek 2). Tegenover een dalend effectief rendement op staatsobligaties van kernlanden, stond in deze periode namelijk een aanzienlijke stijging in het effectieve rendement op obligaties van financiële instellingen en, in mindere mate, niet-financiële bedrijven. Na deze periode daalde het effectieve rendement op deze obligaties, en daalde ook het effectieve rendement op staatsobligaties in Nederlandse beleggingsportefeuilles verder, waardoor het lopende rekeningsaldo in 2013 onder de acquisition approach circa 0,8% bbp lager uitvalt dan onder de debtor approach. In sommige jaren levert de debtor approach aldus een hoger overschot op de lopende rekening op dan de acquisition approach, en in andere jaren is het tegenovergestelde waar. Het overschot op de lopende rekening is dus gevoelig voor de rekenmethode van de rentebaten. Grafiek 2: Saldo lopende rekening Naar verwachting wordt, nu diverse rentes op staatsobligaties een laagterecord bereiken, ook in 2014 het lopende rekeningoverschot onder de debtor approach opwaarts vertekend. De debtor approach doet niet altijd recht aan de werkelijkheid voor beleggers. Hier dient rekening mee te worden gehouden bij de interpretatie van het lopende rekeningoverschot. Terug naar Inhoud Mobiel bankieren biedt balans tussen gebruiksgemak en veiligheid Bron: dnb Mobiel bankieren heeft de afgelopen jaren een enorme vlucht genomen en zal naar verwachting verder in populariteit toenemen. Dit relatief nieuwe bancaire kanaal biedt evenwicht tussen gebruiksgemak en noodzakelijke veiligheid. Het is belangrijk dat zowel banken als consumenten dit evenwicht goed blijven bewaken. Dit geldt eens te meer wanneer de functionaliteit van mobiel bankieren verder wordt uitgebreid. Wat is mobiel bankieren? Eén voor één hebben de banken in de afgelopen jaren een mobiel bankieren app voor de mobiele telefoon en de tablet geïntroduceerd. Deze innovatie maakt bankieren eenvoudiger en brengt de meest gebruikte bancaire dienstverlening dichter bij de consument. Zo kan een klant na een eenmalige registratie eenvoudig met zijn toegangscode het saldo bekijken en overboekingen doen naar bekende rekeningnummers. Sinds de introductie is mobiel bankieren in korte tijd enorm populair geworden. Inmiddels bankiert ongeveer één op de vier consumenten via een mobiele telefoon en wordt de app minimaal één keer per week gebruikt. Dit blijkt uit onderzoek van de Nederlandsche Bank (DNB).   Veiligheid voorop bij mobiel bankieren Net als bij het internetbankieren via de personal computer (pc), moeten banken bij mobiel bankieren een afweging maken tussen gebruiksvriendelijkheid voor de klant en de veiligheid van de geboden dienst. Bij internetbankieren via de pc is er behalve de inloggegevens een extra verificatie met een bankpaslezer nodig. Dit als extra waarborg om misbruik door derden te beperken. Bij bankieren via de mobiele telefoon of tablet zou een extra verificatie met een bankpaslezer te weinig gebruiksvriendelijk zijn. De toegevoegde waarde van mobiel bankieren is immers dat het eenvoudig, overal en altijd gebruikt kan worden. Het is een aanvullende dienst die door banken wordt aangeboden en zich vooral richt op het controleren van het saldo en het overboeken van kleine bedragen. De functionaliteit van de mobiele app is dan ook beperkt, in tegenstelling tot van internetbankieren via een pc.   Beperkte functionaliteit mobiel bankieren verhoogt veiligheid Een extra beperking die uit veiligheidsoverwegingen aan mobiel bankieren wordt gesteld, is dat er lagere limieten gelden voor overboekingen. De meeste banken hebben bij de mobiele app een overboeklimiet van 750,- euro per dag of 1.000,- euro per week, terwijl bij internetbankieren via de pc veel ruimere limieten zijn toegestaan. Uit het onderzoek blijkt dat deze lagere limieten voor de mobiele apps ruim voldoende zijn: de bancaire app wordt namelijk vooral gebruikt voor overboekingen tot 100,- euro. Sommige banken bieden de mogelijkheid om het maximale bedrag voor overboekingen in de app zelf in te stellen tot maximaal het gestelde limiet van de bank. Dit kan de klant doen door middel van een extra te genereren beveiligingscode. Van de klanten wiens bank dit ondersteunt heeft 30% de limiet bijgesteld. Staat de limiet op nul euro, dan is het alleen mogelijk om het saldo in te zien en is aanvullende verificatie nodig voor het doen van overboekingen. Een andere risicobeperkende maatregel is de begrenzing van de tegenrekeningen waarnaar kan worden overgeboekt. Bij mobiel bankieren is het bij de meeste banken alleen mogelijk om een overboeking te doen naar een rekening waar in de afgelopen periode eerder al naar is overgeboekt. Hiervoor is geen extra verificatie nodig. Deze extra verificatie is wel nodig via de app voor overboekingen naar rekeningnummers die langere tijd of nog nooit zijn gebruikt. Bij misbruik beschikt een gebruiker zodoende alleen over de voor de klant bekende rekeningnummers en wordt niet het risico gelopen dat een overboeking wordt gedaan naar een onbekende derde. Bovendien worden alle transacties nauwgezet door de bank gemonitord om, net als bij het internetbankieren via de pc, frauduleuze transacties te onderscheppen.   Apps vergen waakzaamheid consument en banken Dankzij deze maatregelen vindt meer dan 65% van de respondenten bankieren via de mobiele app voldoende veilig tot zeer veilig. Criminelen zullen echter hun aandacht door de stijgende populariteit ook op deze vorm van bankieren gaan richten. Naast maatregelen die banken nemen, hebben consumenten een eigen verantwoordelijkheid om zorgvuldig om te blijven gaan met de bancaire app. Net als bij pinnen dat doorgaans ook op openbare plekken gebeurt, moet ook bij mobiel bankieren worden opgelet dat niemand meekijkt. Eveneens moet diefstal of verlies van een mobiele telefoon of tablet met een bancaire app zo snel mogelijk worden gemeld bij de bank. Banken zijn verantwoordelijk voor de veiligheid van de app, ook van hen wordt blijvende waakzaamheid verwacht. Dit geldt eens temeer omdat banken, mede naar aanleiding van positieve reacties van gebruikers, hebben aangekondigd de functionaliteit van mobiel bankieren verder uit te breiden. Hierbij is het zaak om het evenwicht tussen gebruiksvriendelijkheid en veiligheid goed te blijven bewaken. Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 4 oktober 2014 Bron: HCC Beleggen redactie wat 63 ste HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve (beleggings) werk" waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 63-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

1 september 2014

...

Nieuwsbrief20140801

Augustus 2014 Manipulatie met misleidende orders en/of transacties Lage inflatie hindert economisch herstel Eurozone Nederlandse spaartegoeden verder toegenomen Sparend Nederland Europees betaalsysteem SEPA ingevoerd Voorinschrijving op effecten valt onder prospectusplicht Meedoen kan Zet 4 oktober 2014 - alvast in uw agenda ! wat 63 ste HCC Beleggen Symposium "Goed gereedschap is het halve werk" waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt activiteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van contact met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig, gratis parkeren, in midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen, bereikbaar per openbaar vervoer advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Manipulatie met misleidende orders en/of transacties Bron: AFM In deze interpretatie legt de AFM uit waarom het inleggen (en annuleren) van orders en/of het doen van transacties, waarvan het primaire doel ‘het beïnvloeden van andere marktpartijen’ lijkt te zijn, kan duiden op manipulatie. Achtergrond De AFM ziet in de praktijk met enige regelmaat orders en/of transacties die slechts bedoeld lijken te zijn om het handelsgedrag van andere marktpartijen te beïnvloeden. Mogelijk zijn deze orders/transacties misleidend of is daarvan misleiding te duchten ten aanzien van de koers, de vraag of het aanbod van financiële instrumenten zoals aandelen. In sommige gevallen lukt het een partij met dergelijk beïnvloedend handelsgedrag een andere partij (structureel) te verleiden tot het meebewegen met ingelegde orders/transacties.* Deze andere partij beweegt mee door steeds orders rond hetzelfde prijsniveau in te leggen als de orders van de misleidende partij. Op dit prijsniveau kan de misleidende partij vervolgens gunstiger handelen waarbij de meebewegende partij wordt benadeeld. Volgens de Wet op het financieel toezicht (Wft) is sprake van overtreding van het verbod op marktmanipulatie  als van een order of een transactie een onjuist of misleidend signaal uitgaat of te duchten is met betrekking tot het aanbod van, de vraag naar of de koers van een financieel instrument, of als een order of transactie wordt verricht of bewerkstelligd om de koers op een kunstmatig niveau te houden. Onder op een kunstmatig niveau te “houden” wordt in dit verband ook verstaan naar een kunstmatig niveau te “brengen”. Gelet op deze wet is mogelijk sprake van marktmanipulatie bij orders en/of transacties die slechts bedoeld lijken te zijn om het gedrag van een andere partij te beïnvloeden. Hoe vaker een partij binnen een bepaalde tijdspanne orders en/of transacties verricht waarvan mogelijk een onjuist of misleidend signaal uitgaat of is te duchten, des te sterker is het vermoeden van mogelijke marktmanipulatie. Dit vermoeden wordt nog eens versterkt als uit nader onderzoek blijkt dat deze partij ook profiteert van dergelijk gedrag. Frequentie, tijdspanne van de handelingen en eventuele winstgevendheid worden meegenomen bij de beoordeling van het bewijs en de ernst van een eventuele overtreding van het verbod op marktmanipulatie. Uitleg aan de hand van een praktijkvoorbeeld** Stel de situatie voor dat voor een bepaald aandeel de beste verkooporder in de markt ligt op €11 en de beste kooporder op €10,85. Een partij P legt dan een verkooporder in op €10,99 en verbetert daarmee de beste verkooporder . Een andere partij X reageert direct daarop door op haar beurt de markt te verbeteren, namelijk naar €10,98. Partij P verbetert die prijs weer en ook partij X reageert daar weer op met een verbetering van die prijs. Dit tegen elkaar afgeven van steeds lagere (betere) verkoopprijzen verkrapt de spread en gaat zo door totdat uiteindelijk partij P een verkooporder inlegt op, bijvoorbeeld, €10,89. Partij X verbetert die prijs weer naar €10,88. Partij P stuurt dan een kooporder in om de verkooporder van partij X op €10,88 uit te nemen. Zodoende heeft partij P in plaats van €11 nu €10,88 per aandeel betaald. De verkooporders die eerder zijn gelegd op €10,89 en hoger, worden nu (of zijn al eerder) door partij P geannuleerd. Partij P gaat vervolgens orders inleggen om te kopen op steeds hogere niveaus waarmee partij X dan ook steeds weer meebeweegt. Partij P zal, als partij X tot haar hoogste niveau is meegegaan met de kooporders van partij P, dan verkopen aan partij X. Door deze repeterende manier van handelen zal partij P steeds winst maken ten koste van partij X. Afbeelding van gedrag partij P en reactie partij X In de afbeelding die je via de link hierboven kunt bekijken, is te zien dat partij X steeds de door partij P ingelegde verkooporders verbetert en daarmee de spread verkleint, waarbij partij P als partij X zijn verkoopprijs op een laag niveau heeft ingelegd, tegengesteld aan zijn eerder ingelegde verkooporders, juist koopt. Daarna gaat partij X weer mee als partij P steeds betere kooporders inlegt. Op het hoogste gaat P, tegengesteld aan zijn eerder ingelegde kooporders, verkopen aan partij X. Het transactieresultaat is een winst voor partij P en een verlies voor partij X. Dit voor partij P winstgevende en voor partij X verlieslatende gedragspatroon kan gedurende de handelsdag nog vele keren volgen.*** De AFM heeft ook gedrag gesignaleerd dat in de eindsituatie, vlak voorafgaande aan de transactie tussen partij P en partij X, partij X niet meer de order van partij P verbetert, maar op hetzelfde niveau dat partij P stelt komt bijliggen. In voorgesteld voorbeeld zou partij P bijvoorbeeld een verkooporder op €10,89 inleggen die partij X niet verbetert naar een lagere prijs, maar waar partij X dan komt bijliggen door ook een verkooporder in te leggen op datzelfde prijsniveau van €10,89. Dan merkt partij P dat partij X niet bereid is om tegen nog lagere prijzen te verkopen. Echter, partij P ligt op dat prijsniveau  vooraan in het orderboek door de toepassing van de zogeheten prijs-tijd prioriteit regel****. Partij P past haar verkooporder op €10,89 aan, bijvoorbeeld door het verhogen van de ordergrootte. Het gevolg is dat de order van partij P haar tijd prioriteit op de andere order (die van partij X) verliest en daarachter wordt geplaatst. Vervolgens legt partij P een kooporder in tegen €10,89 voor het deel wat partij X in verkoop heeft liggen op dat prijsniveau. In dit geval is het des te duidelijker dat partij P niet wilde verkopen tegen de door haar ingelegde steeds lagere prijsniveaus maar juist wilde kopen op dat lagere niveau. Van het hiervoor omschreven handelsgedrag gaat naar het oordeel van de AFM een onjuist of misleidend signaal uit of is dat daarvan te duchten met betrekking tot het aanbod van, de vraag naar of de koers van het financiële instrument. Op basis van de Wft is dan sprake van verboden marktmanipulatie. Samenvattend Partij P manifesteerde zich als verkoper die zich in het orderboek bereid toonde om tegen steeds lagere prijzen te verkopen maar kocht dan op die lagere prijzen als de andere partij X mee was gegaan met de prijzen die partij P inlegde. Dit deed partij P ook andersom. Dus kooporders inleggen tegen steeds hogere prijzen maar juist verkopen tegen die hogere prijzen als de andere partij X daarin mee was gegaan. Partij P gaf hiermee misleidende signalen af over het aanbod van, de vraag naar of de koers van een financieel instrument. Volgens de AFM heeft partij P orders ingelegd die louter tot doel hadden om (een handelsalgoritme van) partij X te beïnvloeden om mee te gaan met deze orders of deze orders te verbeteren. Het inleggen van orders en/of het doen van transacties met het doel om andere partijen te verleiden/te misleiden tot het afgeven van gunstigere prijzen om daarvan gebruik te maken gaat in tegen gebruikelijk en integer handelsgedrag. Tot slot De AFM beschouwt dit handelsgedrag als een overtreding van het verbod op marktmanipulatie zoals dat in de Wft is vastgelegd. Handelsgedragingen zijn zelden identiek. De genoemde voorbeelden zijn bedoeld om in algemene zin de generieke kenmerken te beschrijven van dit soort manipulatieve gedragingen bij transacties in financiële instrumenten. Voetnoten: Marktmisbruik – gebruik van voorwetenschap, manipulatie of misleiding – is verboden. Het verbod op marktmanipulatie is neergelegd in artikel 5:58, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht. Als de AFM marktmanipulatie constateert kan de AFM onder meer aangifte doen bij het Openbaar Ministerie of een bestuurlijke boete opleggen. Het basisbedrag van deze wettelijk vastgestelde, bestuurlijke boete is €2.000.000. * Zie artikel 5:58 van de Wft. ** In verband met haar geheimhoudingsplicht kan de AFM niet in detail ingaan op dit praktijkvoorbeeld. Vandaar dat in de voorbeelden desbetreffende partijen en het financieel instrument niet bij naam worden genoemd. De AFM heeft passende maatregelen genomen om dit gedrag te stoppen. *** De reden dat een tegenpartij steeds maar ‘mee’ blijft gaan en niet direct beseft dat zij misleid wordt, kan liggen in het feit dat veel partijen gebruik maken van geautomatiseerde handelsalgoritmen die vaak, tot op zekere hoogte, standaard en voorspelbaar reageren op acties van andere marktpartijen. **** Prijs-tijd prioriteit zorgt ervoor dat de beste prijzen vooraan staan voor uitvoering. Als op een bepaald prijsniveau meerdere orders zijn ingelegd, dan heeft de order die als eerste is ingestuurd prioriteit op de andere orders die op datzelfde prijsniveau maar later zijn ingestuurd. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Lage inflatie hindert economisch herstel Eurozone Bron: Me Judice, 30 juli 2014 Een hoger niveau van inflatie, met behoud van het verschil in inflatie tussen Noordelijke en Zuidelijke lidstaten, zou onevenwichtigheden in de prijsconcurrentiepositie binnen de Eurozone sneller rechttrekken. Dit zou het economisch herstel in de Eurozone ten goede komen. Maar voorlopig liggen hogere inflatiecijfers niet in het verschiet, stelt Rabo-econoom Michiel Verduijn. Inflatie fors omlaag Sinds eind 2011 is het gemiddelde inflatietempo in de eurozone geleidelijk gedaald tot 0,5% (jaar-op-jaar) in juni. Dit ligt beduidend onder de ECB-doelstelling van ‘onder maar dicht bij de 2%’ (figuur 1). In vergelijking met de afgelopen decennia is dit uitzonderlijk laag. Sinds begin jaren negentig was de gemiddelde inflatie in de huidige eurozone slechts één keer lager. Na de financiële crisis was er medio 2009 kortstondig sprake van lichte deflatie, een daling van het gemiddelde prijspeil. Een aanzienlijk deel van de inflatiedaling sinds eind 2011 kunnen we verklaren door tijdelijke factoren. Een goed voorbeeld is het wegvallen van de positieve bijdrage vanuit energie- en voedselprijzen. In vergelijking met de inflatiepiek van 3% in oktober 2011 is de bijdrage van energie- en voedselprijzen in mei 2014 1,4%-punt lager. Deze lagere bijdrage is overigens deels een gevolg van de appreciatie van de euro sinds medio 2012, zeker ten opzichte van de dollar. Het is dus niet zo dat de gehele afname van het inflatietempo een gevolg is van een zwakke conjunctuur. Figuur 1. Inflatie scherp omlaag Afname bestedingsdruk Toch kunnen we een deel van de algehele inflatiedaling in de eurozone wel degelijk toeschrijven aan de afname van de bestedingsdruk. De kerninflatie, waarbij de prijsontwikkeling van energie en onbewerkt voedsel buiten beschouwing wordt gelaten, is de afgelopen jaren immers ook gedaald en dit kunnen we slechts gedeeltelijk verklaren door de afname van het prijsverhogende effect van hogere indirecte belastingen. Als onderdeel van hun bezuinigingsinspanningen verhoogden diverse overheden de afgelopen jaren hun btw-tarief of accijnzen op bijvoorbeeld alcohol en tabak. Dergelijke maatregelen vertalen zich direct in hogere prijzen, maar het jaar-op-jaareffect op het inflatietempo loopt er na twaalf maanden weer uit. Aangezien overheden dergelijke indirecte belastingverhogingen momenteel minder inzetten dan een paar jaar geleden, is hun inflatiebijdrage afgenomen van een piek van 0,6%-punt in september 2012 naar momenteel 0,2%-punt. Grote verschillen tussen lidstaten De inflatieverschillen tussen de eurozonelidstaten zijn op dit moment groot, waarbij Spanje, Portugal en Griekenland de afgelopen maanden te maken hebben gehad met een gestage daling van de prijzen, ofwel deflatie (figuur 2). De verschillen binnen de eurozone komen niet uit de lucht vallen: de lidstaten met zeer lage inflatie of zelfs deflatie zijn precies die lidstaten die de afgelopen jaren een bezuinigings- en hervormingsprogramma hebben doorlopen als voorwaarde voor financiële steun vanuit Europa en het IMF. Deze programma’s zijn geënt op het op orde brengen van de overheidsfinanciën en op een zogeheten ‘interne devaluatie’: het herwinnen van de (prijs-)concurrentiekracht. Dit moet dan gebeuren zonder wisselkoersaanpassing omdat dit binnen een muntunie nu eenmaal per definitie niet mogelijk is. De grote bezuinigings- en hervormingsinspanningen in deze landen hebben geleid tot een enorme krimp van de binnenlandse vraag, wat een daling van de kerninflatie of zelfs deflatie in de hand werkt. Figuur 2. Grote inflatieverschillen Een belangrijke oorzaak van de eurocrisis is dat de concurrentiepositie van de lidstaten sterk uiteen is gelopen. Verschillende perifere landen zagen hun concurrentiepositie verslechteren doordat hun (loon-)inflatie duidelijk hoger lag dan die in de kernlanden. Om hun concurrentiepositie te herstellen, moeten zij hun loonkosten (per eenheid product) weer in lijn brengen met de sterkere landen. Dat kan door relatieve verlaging van de loonkosten of door opvoering van de arbeidsproductiviteit. De inflatieverschillen tussen de Noordelijke en Zuidelijke lidstaten zijn vanuit dat perspectief dus gewenst. Een hoger inflatietempo in de gehele eurozone, waarbij het onderlinge inflatieverschil tussen de sterkere en zwakkere landen intact blijft, zou daarbij zeer wenselijk zijn. Michiel Verduijn Rabobank Utrecht Michiel Verduijn MSc. (1986) is sinds 15 september 2010 werkzaam bij het directoraat Kennis en Economisch Onderzoek (KEO) van Rabobank Nederland. Daarvoor heeft hij stage gelopen bij het Economisch Bureau van de ING en bij de Nederlandsche Bank. Hij heeft algemene economie gestudeerd en vervolgens een tweede master behaald in Finance. Zolang de gemiddelde eurozone-inflatie vanaf het huidige lage niveau niet oploopt, blijven de Zuidelijke lidstaten kampen met zeer lage inflatie of zelfs deflatie, anders kunnen zij hun concurrentiepositie niet herstellen, en hieraan kleven (op termijn) diverse nadelen. Ten eerste kan deflatie in theorie leiden tot uitstel van consumptieve bestedingen en tot een rem op investeringen vanwege een te hoge reële rente. Ten tweede ondermijnt deflatie in de Zuidelijke lidstaten de houdbaarheid van hun hoge nominale publieke en private schulden. Die stijgen immers in reële waarde. Het proces van schuldafbouw zal op deze manier alleen maar langer duren. Ten derde kan nominale loonstarheid ervoor zorgen dat lonen zeker in eerste instantie onvoldoende dalen in lijn met de afnemende inflatie. Op de korte termijn levert dit weliswaar een positieve impuls op vanwege de stijgende koopkracht, maar op de iets langere termijn zal een hieruit volgende stijging van de reële loonkosten negatief doorwerken op de werkgelegenheid. Vooruitblik: inflatie langer laag Een langdurige periode van lage inflatie of zelfs deflatie is dus ongewenst voor het economische herstel in de eurozone omdat deze de convergentie van de relatieve concurrentieposities van de lidstaten bemoeilijkt en het proces van schuldafbouw remt. Naar onze verwachting moeten wij voor de komende jaren helaas wel van een lage gemiddelde inflatie uitgaan. Een zwakke vraagontwikkeling en een negatieve output gap -het verschil tussen de huidige productie en de potentiële productie- ondersteunen deze verwachting (IMF, 2010; ECB, 2011). Een negatieve output gap gaat immers gepaard met werkloosheid boven het evenwichtsniveau (gedefinieerd als werkloosheid bij gesloten output gap), wat resulteert in een lagere loongroei en daarmee een lagere inflatiedruk. Een inschatting van de omvang van de huidige output gap en van het tempo waarmee deze de komende jaren wordt gesloten is cruciaal voor de toekomstige inflatieontwikkeling. Er zijn diverse redenen om aan te nemen dat de huidige negatieve output gap in de eurozone relatief beperkt is (Wereldbank, 2014): 1. Ten eerste is het realistisch om te denken dat een deel van de sterke (investerings-)groei in de jaren voorafgaand aan de crisis onhoudbaar was en daarom niet zal terugkeren. Het structurele groeipad is lager dan eerder geraamd, de output gap is daardoor minder negatief. 2. Ten tweede is sprake van zogeheten hysterese-effecten. Onder hysterese verstaan wij de gevolgen van een negatieve output gap op de lange termijn, bijvoorbeeld in de vorm van het verlies van vaardigheden en motivatie van werklozen of door een afname van de investeringen. Het (endogeen) afnemen van de potentiële groei door bijvoorbeeld hysterese kan resulteren in een minder negatieve output gap en daardoor een hogere inflatiedruk. Ondanks de inschatting dat de omvang van de huidige output gap relatief beperkt is, kan het lang duren voordat deze volledig is gesloten. Dit komt met name door de aanhoudend zwakke binnenlandse vraag. Gedurende het sluiten van deze output gap zal de inflatie naar verwachting slechts zeer geleidelijk terugkeren naar de ECB-doelstelling van ongeveer 2%. Figuur 3. Overheidsfinanciën eurozone Er zijn diverse factoren die ervoor zorgen dat de binnenlandse vraag in de eurozone de komende jaren slechts zeer geleidelijk zal herstellen (voetnoot 1): 1. Ten eerste blijft in veel lidstaten de komende jaren een begrotingsinspanning noodzakelijk, conform de regels van het Stabiliteits- en Groeipact. In tal van landen moeten overheden hun begrotingstekort onder de grens van 3% van het BBP brengen. Vrijwel iedere lidstaat moet bovendien zijn overheidsschuld geleidelijk tot de 60%-BBP-grens laten afnemen (figuur 3). 2. Ten tweede blijft er de komende jaren vermoedelijk sprake van afbouw van schulden in de private sector. Figuur 4 laat zien dat de schuldafbouw door bedrijven en huishoudens in de Zuidelijke lidstaten weliswaar is begonnen, maar dat de schuld als percentage van het BBP, deels vanwege het zogeheten noemer-effect, slechts bescheiden is afgenomen. 3. Ten derde speelt balansherstel niet alleen bij bedrijven en huishoudens, maar ook in de bancaire sector. Mede door de Basel 3-richtlijnen streeft vrijwel het gehele Europese bankwezen naar hogere kapitaalratio’s, waardoor veel banken zich gedwongen voelen hun balans (verder) te laten krimpen. Figuur 5 toont dat de kredietverlening aan het niet-financiële bedrijfsleven de afgelopen jaren zwaar onder druk heeft gestaan. Voor een deel is dit het gevolg van vraaguitval door de zwakke conjunctuur. Maar het is waarschijnlijk dat ook het proces van balansversterking bij banken een grote impact heeft gehad op de kredietverlening aan het niet-financiële bedrijfsleven. 4. Ten vierde zorgt de aanhoudend hoge werkloosheid in de eurozone voor relatief lage loongroei, hoewel nominale starheden dit proces remmen, zoals hierboven beschreven. De hoge werkloosheidspercentages zullen de komende jaren waarschijnlijk afnemen vanwege het verwachte economische herstel, maar vanuit het arbeidsaanbod (terugkeer van ‘ontmoedigden’, pensioenhervormingen) zijn er diverse factoren die er voor zorgen dat deze afname slechts zeer geleidelijk zal verlopen. Figuur 4. Schuldafbouw periferie Figuur 5. Kredietverlening onder druk Tot slot constateren wij dat het voor beleidsmakers lastig is om de bestedingsontwikkeling te stimuleren omdat de gereedschapskist met budgettaire en monetaire beleidsinstrumenten zeer mager is gevuld. De conventionele budgettaire en monetaire instrumenten zijn beperkt vanwege respectievelijk de reeds hoge overheidsschulden en de zeer lage beleidsrente. Bij gebrek aan conventionele instrumenten hint de ECB daarom al langer op de mogelijkheid van kwantitatieve verruiming. De concrete invulling hiervan is echter nog onbekend, maar op voorhand al omstreden, omdat het opkopen van staatsschuld riekt naar monetaire financiering van overheidstekorten. Naast het controversiële karakter kan men vraagtekens plaatsen bij de effectiviteit van het opkopen van bijvoorbeeld bancair schuldpapier als Asset Backed Securities (ABS). Het doel hiervan is het creëren van ruimte aan de activazijde van banken voor nieuwe kredietverlening. Het transmissiemechanisme zal echter de komende jaren verstoord blijven door het proces van kapitaalversterking en balansverkorting. Het is dus twijfelachtig of dit de bestedingen van bedrijven en huishoudens zal stimuleren. De gebrekkige Europese toolkit, in combinatie met de beperkte bereidheid om controversiële beleidsopties te gebruiken, ondersteunt onze basisverwachting van een periode van lage inflatie. Conclusies In vergelijking met de afgelopen decennia is de gemiddelde inflatie in de eurozone momenteel uitzonderlijk laag. Hoewel we een aanzienlijk deel van de inflatiedaling sinds eind 2011 kunnen verklaren door tijdelijke factoren is een deel van de daling ook toe te schrijven aan de zwakke bestedingsdruk. De huidige inflatieverschillen tussen Noordelijke en Zuidelijke lidstaten zijn cruciaal om het opgebouwde verschil in prijsconcurrentiepositie te herstellen. Maar vanwege de nadelen van zeer lage inflatie en zeker deflatie zou een hogere inflatie in zowel de Zuidelijke als de Noordelijke lidstaten, waarbij het onderlinge inflatieverschil intact blijft, wenselijk zijn. Een moeizame afbouw van de nominale publieke en private schulden en een afname van de werkgelegenheid vanwege een stijging van de reële loonkosten vormen de belangrijkste risico’s van te lage inflatie, vooral voor Zuid-Europa. Vanwege de huidige negatieve output gap en de diverse factoren die de binnenlandse vraag de komende jaren blijven drukken, toont ons basisscenario een slechts geleidelijk economisch herstel met een inflatie die langer laag blijft. De zeer beperkte beleidsmogelijkheden om de vraagzijde stimuleren en het controversiële karakter van enkele resterende instrumenten ondersteunen dit beeld. Voetnoten (1) De focus ligt daarmee op de bestedingsinflatie, mede omdat een toekomstige inschatting van de kosteninflatie zeer lastig is vanwege het grillige verloop van bijvoorbeeld energie- en voedselprijzen, wisselkoersen en indirecte belastingen. Een belangrijke aanname onder ons basisscenario is dus dat de inflatiebijdrage van dergelijke exogene factoren de komende jaren beperkt is. Referenties -Europese Commissie (2014), European Economic Forecast: Spring 2014, Brussel. -IMF (2010), Still minding the gap: inflation dynamics during episodes of persistent large output gaps, IMF working paper 10/189, Washington. -Wereldbank (2014), Sluggish postcrisis growth: polices, secular stagnation and outlook, Economic Premise no. 139, April. Terug naar Inhoud Nederlandse spaartegoeden verder toegenomen Bron: DNB Statistisch Nieuwsbericht 25 juli 2014     Nederlandse huishoudens hebben in de eerste helft van 2014 bijna EUR 6,6 miljard meer spaargeld gestort dan opgenomen bij Nederlandse banken. Hierdoor hebben zij eind juni zo’n EUR 335 miljard op binnenlandse spaarrekeningen staan, een niveau dat niet eerder bereikt is. Per particulier huishouden komt dit gemiddeld neer op ruim EUR 44.000. De netto-inleg van spaargeld is in het eerste half jaar van 2014 positief geweest en kwam in zijn totaliteit uit op bijna EUR 6,6 miljard. Vooral bij de vrij opneembare deposito’s werd geld ingelegd. Ook bij de deposito’s met vaste looptijd was in het eerste half jaar van 2014 een lichte instroom van spaargeld te zien. Het grootste deel van de Nederlandse spaartegoeden, ruim 85 procent, staat op vrij opneembare spaarrekeningen, zoals internetspaarrekeningen. De totale hoeveelheid spaargeld die huishoudens bij banken hebben uitstaan is sinds eind 2013 gestaag gestegen naar EUR 335 miljard, een niveau dat niet eerder is bereikt (zie grafiek). Grafiek:   Spaargeld Nederlandse huishoudens aangehouden bij banken en netto-inleg spaargeld Het huidige niveau van de spaartegoeden betekent dat een particulier huishouden in Nederland gemiddeld ruim EUR 44.000 op spaarrekeningen heeft staan. Tien jaar geleden was dat EUR 30.000. Niet alleen in absolute termen is het huidige niveau van de spaartegoeden niet eerder gehaald, dit geldt ook wanneer de spaartegoeden gerelateerd worden aan het besteedbaar inkomen van huishoudens. Momenteel zijn de gemiddelde spaartegoeden van de particuliere huishoudens ruim 30 procent hoger dan het besteedbare inkomen, in 2004 lagen spaartegoeden en besteedbaar inkomen beide nog op het niveau van gemiddeld EUR 30.000 per huishouden. De achterliggende ontwikkeling in de hoeveelheid spaargeld van huishoudens kan verder inzichtelijk worden gemaakt aan de hand van de maandelijkse inleg en opname van spaargeld. Ook dit jaar is een duidelijk herkenbaar seizoenpatroon zichtbaar met hoge netto-inleggen in de maanden januari en mei. Dit komt vooral door de eindejaarsbonussen en het vakantiegeld die in de respectievelijke maanden worden uitgekeerd. De maandelijkse netto-inleg van spaargeld is in het eerste half jaar van 2014 met uitzondering van de maand februari positief geweest en kwam dus in totaal uit op bijna EUR 6,6 miljard. Ter vergelijking: in het eerste half jaar van 2013 legden de Nederlandse huishoudens per saldo voor EUR 3,6 miljard aan spaargeld in. Een analyse van de onderliggende stromen wijst uit dat zowel de inleg als de opname van spaargeld in de eerste helft van 2014 lager is dan dezelfde periode in voorgaande jaren. De opname van spaartegoeden daalde echter veel sterker dan de inleg waardoor het netto effect positief was. Er werd vooral weinig vrij opneembaar spaargeld opgenomen (in de eerste helft van 2014 ruim EUR 8 miljard tegenover bijna EUR 16 miljard in dezelfde periode van 2013) ondanks dat de rente die op deze spaar­gelden wordt vergoed in 2014 licht is gedaald. Link:   Binnenlands bankbedrijf (monetair) Terug naar Inhoud Sparend Nederland Bron: DNB In de afgelopen decennia is het saldo op de lopende rekening van Nederland sterk toegenomen. Dit ‘spaaroverschot’ ontstaat doordat ons land meer inkomsten heeft dan uitgaven. Huishoudens sparen minder dan vroeger, maar de bedrijven aanzienlijk meer. De grote multinationals, het omvangrijke pensioenvermogen en de lange huishoudbalansen hebben een grote statistische invloed op de Nederlandse besparingen. Vanwege deze uitzonderlijke financieel- economische structuur moet het saldo op de lopende rekening met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd.  Dit zijn enkele conclusies uit een Occasional Study van DNB over het spaaroverschot. Het saldo op de lopende rekening staat sinds de crisis meer in de belangstelling. De Europese Commissie gebruikt het als indicator voor mogelijke macro-economische onevenwichtigheden. Met een gemiddelde omvang in de afgelopen drie jaar van 9,2% ligt het Nederlandse overschot historisch en internationaal gezien op een hoog niveau, en boven de Brusselse grenswaarde van 6%. Een hoog saldo op de lopende rekening wordt gereflecteerd door een hoog spaaroverschot: het betekent immers dat niet alle inkomsten worden omgezet in consumptie en binnenlandse investeringen. Voor een verklaring van de toename van het saldo op de lopende rekening is het inzichtelijk om het spaaroverschot nader te ontleden, omdat zo de bijdragen van huishoudens en bedrijven kunnen worden onderscheiden. Huishoudens sparen minder Wie slechts kijkt naar de stijgende tegoeden op spaarrekeningen zou de conclusie kunnen trekken dat Nederlandse huishoudens nijvere spaarders zijn. Maar of huishoudens per saldo sparen is afhankelijk van de veranderingen in álle financiële vorderingen en verplichtingen, en niet slechts van de spaartegoeden. Door die bril verandert het beeld. In de jaren tachtig werd er daadwerkelijk veel gespaard door de Nederlandse huishoudens. Maar vanaf halverwege de jaren negentig kwam daar door de grote toename van de hypotheekschulden verandering in; na de eeuwwisseling was het spaarsaldo van huishoudens zelfs enkele jaren negatief. Hoewel het spaarsaldo van huishoudens sinds de crisis is opgelopen, ligt het nog altijd ruim onder het niveau uit de jaren tachtig. De belangrijkste reden voor het lagere spaarsaldo van huishoudens is dat de overwaarde op de eigen woning is verzilverd. Doordat de waarde van hun huis was gestegen, konden huishoudens extra krediet opnemen. Tegelijkertijd zijn ook hun collectieve besparingen voor het pensioen gedaald. De pensioenpremies zijn weliswaar toegenomen, maar door de vergrijzing zijn de pensioenuitkeringen ook gestegen. De beleggingsinkomsten van pensioenfondsen zijn bovendien als gevolg van lagere rente- en dividendinkomsten gedaald. Een kanttekening is dat die beleggingsinkomsten (en daarmee het saldo op de lopende rekening) neerwaarts worden vertekend door de winstinhouding van de bedrijven waarin de pensioenfondsen aandelen hebben. Koersstijgingen blijven in de systematiek van de betalingsbalans namelijk buiten beschouwing. Bedrijven sparen meer Sinds eind jaren negentig zijn Nederlandse bedrijven juist meer gaan sparen. Die oploop reflecteert lagere binnenlandse investeringen, alsook hogere ingehouden winsten. Bij het hoge spaarsaldo spelen multinationals een belangrijke rol. In landen waar het bedrijfsleven veel in het buitenland investeert, zoals Nederland, spaart het bedrijfsleven doorgaans meer. Dat komt voor een belangrijk deel door de statistische afspraak dat de winsten die buitenlandse dochtermaatschappijen van multinationals behalen volledig als inkomsten aan de moedermaatschappij toekomen,ook als ze lokaal worden ingehouden ter financiering van investeringen. De winsten uit buitenlandse belangen gaan in Nederland vooral naar beursgenoteerde bedrijven, die voor een belangrijk deel in buitenlandse handen zijn. Voor zover zij die winst als dividend uitkeren, stroomt die grotendeels naar buitenlandse beleggers. Maar voor zover zij deze winst inhouden, draagt dit bij aan een hoger Nederlands spaaroverschot. Economische structuur beïnvloedt het spaaroverschot Nederland heeft een uitzonderlijke financieel-economische structuur. Door de fiscale stimulering van zowel hypotheekschuld als pensioenvermogen hebben huishoudens lange balansen. Het pensioenvermogen is erg groot ten opzichte van de omvang van de economie, en mede om die reden voor een belangrijk deel in het buitenland belegd. Om historische redenen heeft Nederland bovendien een relatief groot aantal multinationals binnen haar grenzen. Gecombineerd met de toegenomen handels- en inkomensstromen als gevolg van de globalisering van de economie maken deze omstandigheden het saldo op de lopende rekening moeilijk eenduidig te interpreteren. Figuur 1 laat dit zien. In deze figuur wordt gecorrigeerd voor het niet-uitkeren van ingehouden winst aan het buitenland (door multinationals) en aan Nederland (voor de pensioenbeleggingen). In de jaren voor de crisis heeft het gecombineerd effect het saldo op de lopende rekening behoorlijk verhoogd. In recente jaren heffen deze effecten elkaar ongeveer op, maar hebben andere bijzonderheden, zoals de procylische werking van het pensioenstelsel en de woningmarkt, het saldo vertekend. Dit illustreert in de eerste plaats dat het saldo op de lopende rekening met voorzichtigheid moet worden geïnterpreteerd. Geeft het hoge saldo op de lopende rekening nu aanleiding tot zorg over macro-economische onevenwichtigheden? Het antwoord op die vraag is gemengd. Niemand zal betogen dat Nederland minder multinationals zou moeten hebben. En de uitsplitsing van het spaaroverschot laat zien dat niet eenvoudigweg kan worden gesproken van ‘onderbesteding’. Het hoge saldo op de lopende rekening is veeleer een uiting van een ander soort onevenwichtigheid: de uitzonderlijke financieel-economische structuur van Nederland. Het verdient aanbeveling – zoals het SER-rapport ‘Nederlandse economie in stabieler vaarwater’ vorig jaar ook al betoogde – om deze structuur geleidelijk te normaliseren. De eerste stappen daartoe zijn overigens al gezet. In dit licht is het verstandig dat de Europese Commissie het saldo op de lopende rekening slechts als een startpunt gebruikt voor nadere analyse, en de onderliggende ontwikkelingen analyseert in plaats van direct beleidsconclusies te verbinden aan de omvang van het saldo. Download: Het nationale spaaroverschot ontleed (PDF: 377.0 Kb) Terug naar Inhoud Europees betaalsysteem SEPA ingevoerd Bron: Redactie Op 1 augustus 2014 is Nederland, net als andere eurolanden, overgegaan op het Europese betalingssysteem SEPA (Single Euro Payments Area) . Het onderscheid tussen nationale en internationale betalingen binnen de eurozone is daardoor verdwenen. De overgang naar het betalingssysteem SEPA betekent dat iedereen een IBAN  (International Bank Account Number) van 18 tekens krijgt. Daarnaast zal er betaald worden met de Europese overschrijving (SCT = SEPA Credit Transfer) en de Europese incasso (SDD = SEPA Direct Debit) . Alle banken in Europa (behalve Rusland, Wit-Rusland, Oekraïne en Moldavië) gebruiken het IBAN-systeem. Ook in Israël, Tunesië, Mauritius, Turkije, Saoedi-Arabië en Libanon is dit Europese systeem overgenomen. De introductie van één geïntegreerde Europese betaalmarkt, de Single Euro Payments Area (SEPA), is in januari 2008 gestart. Dit was een initiatief van de eurozone (zie overzichtskaartje), die toen uit dertien landen bestond. Er zijn plannen om dit uniforme betaalgebied zelfs uit te breiden tot alle 28 lidstaten van de Europese Unie. Iedereen zou dan in alle EU-lidstaten zonder problemen met dezelfde pinpas kunnen betalen. Dat moet transactiekosten voor consumenten verlagen, maar sommige deskundigen betwijfelen of dit ook zal gebeuren. Het nieuwe pinnen, waar in 2011 al mee is kennisgemaakt, maakt ook onderdeel uit van het nieuwe betalingssysteem. De Nederlandse acceptgiro krijgt geen Europese opvolger, maar wordt aangepast aan de Europese standaarden. Naar verwachting zal de acceptgiro uiterlijk in 2019 zijn uitgefaseerd; voor die tijd worden er alternatieven ontwikkeld. De invoering was aanvankelijk gepland voor 1 februari 2014, maar omdat de invoering van SEPA in veel EU-landen langzaam verliep, werd de overgangstermijn naar het Europese betalingssysteem verlengd tot 1 augustus 2014. Nu kan er dus geen gebruik meer worden gemaakt van oude rekeningnummers, maar alleen nog van IBAN-rekeningnummers. Alleen goede doelen kunnen (voorlopig) blijven gebruikmaken van korte rekeningnummers, zoals giro 555. Bedrijven die nog niet over zijn naar IBAN kunnen geen automatische incasso's meer innen en vertraging oplopen bij betalingen. 200 tot 300 ondernemingen die elke maand duizenden transacties verwerken kunnen daardoor zelfs in financiële problemen komen, meldde De Nederlandsche Bank (DNB) onlangs. Volgens DNB is 94 procent van de Nederlandse consumenten bekend met de 18-cijferige code. Van de ouderen is slechts de helft klaar voor IBAN, blijkt uit onderzoek van seniorenorganisatie ANBO. Bijna 22 miljard euro wordt met de invoering van SEPA bespaard. Bedrijven hoeven nu niet meer per Europees land een aparte rekening aan te houden, waardoor 9 miljoen bankrekeningen kunnen worden geschrapt. Dat stellen analisten van accountantskantoor PwC, die in opdracht van de Europese Commissie keken naar de gevolgen. Lees meer: Over SEPA, de totstandkoming, voor en nadelen en toepassingsgebied van de Single Euro Payments Area (SEPA) . Klik hier voor uitgebreid artikel op wikipedia Over IBAN, de regelgeving, structuur w.o. samenstelling, validatie en landenspecifieke regels  van dit International Bank Account Number. Klik hier voor uitgebreid artikel op wikipedia Over op Iban: Campagne - website: Klik Hier Terug naar Inhoud Voorinschrijving op effecten valt onder prospectusplicht Bron: AFM 25-07-2014 In de aanloop van het aanbieden van effecten door middel van een goedgekeurd prospectus geven marktpartijen in sommige gevallen beleggers al de mogelijkheid om zich (voor) in te schrijven op deze effecten. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) merkt op dat een dergelijke (voor) inschrijving valt onder het verbod effecten aan te bieden zonder een goedgekeurd prospectus door de AFM of een andere toezichthouder van een lidstaat. Het verbod om in Nederland zonder een goedgekeurd prospectus door de AFM effecten aan te bieden staat in artikel 5:2 van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Wat onder aanbieden van effecten aan het publiek moet worden verstaan, is uitgewerkt in artikel 5:1 onder a van de Wft:         "het doen van een tot meer dan een persoon gericht voldoende bepaald aanbod als bedoeld in artikel 217, eerste lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, tot het aangaan van een overeenkomst tot het kopen of anderszins verkrijgen van effecten dan wel een uitnodiging tot het doen van een aanbod op dergelijke effecten." Een uitnodiging aan beleggers geldt als een aanbod Deze ruime definitie van ‘aanbieden’ gaat verder dan enkel het civielrechtelijk aanbod. Ook een uitnodiging tot het doen van een aanbod, zoals bij de veilingfusie en bookbuilding, valt onder het bereik van de effectenrechtelijke definitie van ‘aanbieden’. In beide voorbeelden is er sprake van het peilen van het aantal gegadigden en hun interesse met de bedoeling te komen tot een koopovereenkomst. Na het verstrekken van het goedgekeurd prospectus maken de beleggers kenbaar of en hoeveel effecten zij voor welke prijs willen kopen. Ook andere vormen van ‘uitnodiging tot het doen van een aanbod’ zijn mogelijk. Voor een uitnodiging tot het doen van een aanbod is niet vereist dat aanvaarding direct mogelijk is, zoals dat wel het geval is bij het aanbod in de zin van art. 6:217 lid 1 BW. Er hoeft dus ook nog geen overeenkomst tot stand te kunnen komen. Voorinschrijvingen zijn niet toegestaan De mogelijkheid om beleggers te laten voorinschrijven op effecten waarvan het prospectus nog moet worden goedgekeurd, valt dus onder het verbod van artikel 5:2 Wft. Ook als het gaat om bijvoorbeeld vrijblijvende reserveringen waarbij nog geen overeenkomst tot stand komt en beleggers na de goedkeuring van het prospectus wederom (schriftelijk) moeten aangeven dat men de effecten wil afnemen. Algemene bekendmakingen zijn wel toegestaan Het verstrekken van algemene informatie over de op handen zijnde aanbieding is wel toegestaan. Mededelingen of verzoeken die niet het karakter van een voorstel of het doen van een uitnodiging in zich dragen, gelden niet als ‘aanbieden’. Een mededeling en/of een verzoek op de website aan beleggers om hun gegevens achter te laten om op de hoogte te worden gehouden over de publicatie van het prospectus is toegestaan. Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: janroozenburg@kpnplanet.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier Terug naar Inhoud Nieuwsbrieven archief | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

3 augustus 2014

...

Nieuwsbrief20140701

Juli 2014 George Soros en de efficiënte markt hypothese Banken en verzekeraars handelen geleidelijk meer in het belang van de klant Vermogen in Nederland gelijker verdeeld sinds eind negentiende eeuw Geen retourprovisies meer bij depotbanken Hoe incidenten doorwerken in een raming Beloning vermogensbeheerders moet eerlijker Het Statistisch jaarboek 2014 is uit Zet 4 oktober 2014 alvast in uw agenda Doet u mee? 4 oktober 2014 -63 ste HCC Beleggen Symposium George Soros en de efficiënte markt hypothese Bron: Dr. Ben J.L. van den Anker  De door beleggers gebruikte twee klassieke benaderingen om aandelen te waarderen zijn vaak gerelateerd aan de technische en fundamentele analyse. Beide methoden hebben in al hun varianten en beperkingen als doel een verklaring te bieden voor de waardering van aandelen en een mogelijke richting naar de toekomst aan te geven. De voormalige hedgefundmanager George Soros zag sterke beperkingen in de traditionele theorie en ontwikkelde de theorie van reflexitiviy verder. Reflexitivity komt voor in een sociaal systeem waar de handelende nadenkt over zijn handelen en de consequenties daarvan, en op grond van deze bevindingen zijn handelen aanpast. Reflexief verwijst dan naar een relatie tussen een entiteit en de eigen persoon. Een investeerder die handelt waardoor prijzen veranderen bevindt zich in een reflexief proces. Hieruit volgt dat individuen in de aandelenmarkt zowel handelenden als observanten zijn. De wetenschapper als het ware als onderdeel en manipulator van hetgeen onderzocht wordt. Voor Soros is de vooringenomenheid van de diverse handelende individuen in het sociale systeem van belang. Deze vooringenomenheid is de drijvende kracht achter het historische proces van prijsvorming. Het denken van de handelende partijen beïnvloedt namelijk de gebeurtenissen die volgen. Cognitie houdt dan in dat perceptie een functie van de situatie is. De actie die volgt impliceert dat de situatie een functie is van de perceptie. De combinatie van perceptie en actie is de opbrengst van reflexitivity. Het volgende voorbeeld illustreert dit principe op een eenvoudige wijze. Als de cognitieve functie geïsoleerd en zonder beïnvloeding van de manipulatieve functie zou handelen kan er kennis ontstaan. Deze kennis is ware kennis, daar de kennis overeenkomt met de feiten. Als er echter beïnvloeding door een manipulatieve functie plaatsvindt zijn de feiten niet langer het onafhankelijke criterium waarop de waarheid van een observatie beoordeeld kan worden.  De manipulatieve beïnvloeding kan (en zal) de feiten namelijk veranderd hebben. Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negen jarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Wat betekent dit voor de theorie van de efficiënte markt hypothese? De economische wet van vraag en aanbod impliceert dat een toename van de vraag resulteert in een hogere prijs. Hierdoor neemt het aanbod normaal gesproken ook toe. De veronderstelling dat markten informatie bevatten die is gerelateerd aan de vooringenomenheid van handelende partijen biedt een ander beeld. Een momentum investeerder die de stijgende prijs ziet als een aanleiding om te kopen creëert een opwaartse druk op de prijs. Een dalende prijs is voor veel investeerders een reden om te verkopen; wat weer een neerwaartse druk op de prijs uitoefent. Dit scenario wijkt structureel af van de economische wet van vraag en aanbod en bevestigt het veranderen van de fundamenten door de combinatie van perceptie en actie. Interessant wordt het als Soros zoekt naar verschillen tussen perceptie en realiteit. Een groot verschil suggereert dat het systeem niet stabiel is. Berichten in de pers in 2014 over de opgelopen aandelenwaarderingen en de angst voor een nieuwe bullmarkt suggereren dat wij op een punt zouden kunnen belanden waar perceptie en realiteit weer te ver uit elkaar gegroeid zijn. Het herkennen van deze momenten van instabiliteit biedt echter voor investeerder ook mogelijkheden een buitengewoon rendement te behalen. De vooringenomenheid van investeerders is overigens niet een kwestie die weken, of maanden duurt, maar soms zelfs jaren kan persisteren.  De internet zeepbel van 2001 getuigt van de mogelijke langdurige discrepantie tussen perceptie en realiteit. Reflexivity bied een waardevolle benadering voor het verklaren van de  gepercipieerde werkelijkheid van investeerders. Een benadering waarin oorzaak en gevolg zich in een circulaire relatie bevinden en sociale gebeurtenissen invloed op het proces uitoefenen. Het praktische gebruik van dit inzicht in het monitoren van de markten kan de belegger wellicht de mogelijkheid bieden een succesvolle investeringscontext te creëren en zeepbellen met bijbehorende koers-winstverhoudingen te herkennen. Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Banken en verzekeraars handelen geleidelijk meer in het belang van de klant Bron: AFM Banken en verzekeraars boeken gestage vooruitgang om het belang van de klant centraal te stellen. Zij moeten dit gedachtengoed nog wel duurzaam verankeren in hun bedrijfscultuur. Dat blijkt uit metingen van de AFM. In 2013 scoorden de tien grootste banken en verzekeraars gemiddeld een 3,5 op de vijfpuntschaal van het Klantbelang Dashboard van de AFM. De stijgende trend van de afgelopen jaren wordt hiermee voortgezet. De sector heeft de juiste weg ingeslagen, maar de af te leggen weg is nog lang. Bekijk de uitleg over dit onderwerp van AFM-bestuurder Theodor Kockelkoren en de reacties van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) en het Verbond van Verzekeraars op Youtube. Video op Youtube Klik Hier   De volgende stappen naar het structureel centraal zetten van het klantbelang vereisen verdere veranderingen van het bedrijfsmodel, motivatie van hoog tot laag in de organisatie om de verandering door te zetten, meer regie vanuit de top op de gewenste gedragsverandering bij medewerkers en het daadwerkelijk opbouwen van een ondernemingscultuur die er voor zorgt dat klanten op een veilige manier en eerlijk worden behandeld. “Die cultuurverandering is niet iets wat je van buitenaf kunt afdwingen. De sector is aan zet.” aldus AFM-bestuurder Theodor Kockelkoren. Voor het realiseren van de plannen en het borgen van de verandering is niet alleen de meer harde, instrumentele kant van belang, zoals het aanpassen van het beleid en procedures. Ook de meer zachte, menselijke kant is juist van belang, zoals het beschrijven van nieuw gewenst gedrag. De AFM constateert daarbij een breed gedeeld besef onder de hoofdrolspelers bij grote banken en verzekeraars dat verder veranderen noodzakelijk en urgent is. Onze rol is om deze verandering te stimuleren. Hierin trekt de AFM samen op met DNB. Op onderwerpen waar de AFM al enige jaren naar kijkt, zoals informatieverstrekking, spaarbeleid, claimafhandeling en klachtenmanagement, presteren de grote banken en verzekeraars redelijk goed. Sommige verbeteringen gaan verder dan waar de AFM op heeft gemeten. In het licht van recente berichtgeving, verwacht de AFM dat de sector deze proactieve houding ook laat zien bij de verbetering van de dienstverlening aan zakelijke klanten. Op onderwerpen waar de AFM minder aandacht op heeft gevestigd, zoals beleggingsdienstverlening en pensioenen blijven de prestaties achter. Dit onderstreept het belang van het duurzaam verankeren van het klantbelang in de cultuur. De NVB en het Verbond van Verzekeraars hebben aangegeven de terugkoppeling te gebruiken om de dienstverlening van banken en verzekeraars verder te verbeteren. Een aantal banken en verzekeraars hebben al verbetermaatregelen geïmplementeerd. Onderstaand schema  "Overzicht van Klantbelang Dashboardscores over de afgelopen 4 jaar " geeft de ontwikkelingen weer op de punten die in de AFM in het Klantbelang Dashboard heeft beoordeeld. Het zal tijd vergen voordat banken en verzekeraars het belang van de klant centraal in hun cultuur hebben verankerd. Het is daarom belangrijk om bij klanten begrip te kweken dat een lange termijn proces is ingezet en dat niet alle veranderingen van vandaag op morgen gerealiseerd zijn. De AFM roept de sector dan ook op om actie te blijven ondernemen en te blijven investeren in een maatschappelijke dialoog. In "De belofte om het klantbelang centraal te stellen - de tussenstand" kunt u meer lezen over de ontwikkelingen bij banken en verzekeraars om het belang van de klant centraal te stellen. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Vermogen in Nederland gelijker verdeeld sinds eind negentiende eeuw Bron: Me Judice 27 jun 2014 | Koen Caminada, Kees Goudswaard, Marike Knoef De verdeling van vermogen in Nederland is scheef, maar een stuk minder scheef als rekening wordt gehouden met opgebouwde pensioenrechten. Tegelijk is de verdeling veel minder ongelijk geworden sinds het einde van de negentiende eeuw. Dit stellen de Leidse economen Koen Caminada, Kees Goudswaard en Marike Knoef. Weinig harde feiten Steeds vaker worden zorgen uitgesproken over de ontwikkeling van de inkomens- en vermogensongelijkheid. Met name het werk van Piketty heeft de laatste tijd veel aandacht getrokken. Kern van zijn boodschap is dat de verdeling van inkomen en vermogen in de tijd steeds meer ongelijk wordt. Koen Caminada, hoogleraar  aan de Universiteit Leiden Prof. dr. Koen Caminada (1966) studeerde economie aan de Erasmus Univesiteit Rotterdam en de Katholieke Universiteit Leuven. Hij is hoogleraar Empirische analyse van sociale en fiscale regelgeving aan de Universiteit Leiden. Zijn proefschrift ging over De progressie van het belastingstelsel (1997). Sindsdien heeft hij wetenschappelijk onderzoek verricht op het terrein van de (empirische) analyse van fiscaal en sociaal overheidsbeleid. Thans verricht hij onderzoek naar de effecten van veranderingen in de socialezekerheidsregelingen en pensioenen voor verschillende sociaal-economische groepen en naar de economische aspecten van belastinghervormingen (in internationaal vergelijkend perspectief). Doordat het rendement op vermogen structureel hoger is dan de groeivoet van de economie, eigenen de vermogenden in de samenleving zich een steeds groter deel van de nationale koek op. In Nederland is het maatschappelijk debat over dit thema ook volop losgebarsten, mede naar aanleiding van de recente studie van de WRR (2014). Van belang is om dit in belangrijke mate normatieve debat te voeren op basis van zo goed mogelijke feiten. Over de (ontwikkeling van de) inkomensverdeling is veel empirisch materiaal beschikbaar (zie ook Caminada et al, 2014). Maar over de vermogensverdeling is minder bekend. Op grond van de CBS-gegevens is duidelijk dat de vermogensverdeling schever is dan de inkomensverdeling. Maar in de gebruikelijke statistieken worden niet alle vormen van vermogen meegeteld. Zo wordt het pensioenvermogen niet meegerekend, terwijl dat in Nederland relatief groot is. Verder worden de vermogensverdeling en de inkomensverdeling veelal los van elkaar geanalyseerd, terwijl ook essentieel is of er ‘stapeling’ van ongelijkheid optreedt. Tamelijk weinig is bekend over de ontwikkeling van de vermogensongelijkheid in Nederland. In de empirische analyse van Piketty wordt Nederland niet meegenomen. In de WRR studie wordt gesteld dat partiële gegevens doen vermoeden dat de ongelijkheid in de vermogensverdeling in Nederland toeneemt (p. 86), zoals Piketty ook voor andere landen constateert. In dit artikel brengen wij de scheefheid van de vermogensverdeling in kaart, inclusief de hiervoor beschreven correctie voor pensioenvermogen. Verder laten we data zien die aangeven dat de vermogensconcentratie aan de top in Nederland in de loop der tijd juist niet groter is geworden. Kees Goudswaard, hoogleraar  aan de Universiteit Leiden Prof. Dr. Kees Goudswaard studeerde economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is thans hoogleraar Toegepaste Economie aan de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar Sociale Zekerheid vanwege de Stichting Instituut GAK. Daarnaast is hij onder meer 14 jaar Kroonlid geweest van de Sociaal-Economische Raad. Hij is voorzitter van de Commissie Toekomstbestendigheid aanvullende pensioenen die een advies heeft opgesteld voor minister Donner over de toekomst van de pensioenen. Private vermogensverdeling 2012 Welke mensen bevinden zich aan de onderkant en de bovenkant van de vermogensverdeling? Onderstaande figuur beschrijft de vermogensverdeling van Nederland voor het jaar 2012 op basis van CBS-data. Zowel de vermogensaandelen per deciel als de Lorenzcurve (cumulatieve aandelen) zijn in beeld gebracht. Het vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. De bezittingen bestaan vooral uit banktegoeden, effecten, onroerend goed en ondernemingsvermogen. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. Enkele zaken zijn bij de berekening van het vermogen niet meegeteld door gebrek aan gegevens. Zo is met de opgebouwde rechten op een toekomstige pensioen- of levensverzekeringsuitkering (waaronder lijfrente) nog geen rekening gehouden. Evenmin is het tegoed dat is opgebouwd bij spaar- en levenhypotheken tot de bezittingen gerekend. Ontbrekende vormen van bezit zijn verder contant geld, duurzame consumptiegoederen (met uitzondering van de eigen woning), juwelen en antiek. Aan de schuldenkant ontbreken schulden bij postorderbedrijven. Wanneer we allereerst naar de private vermogens exclusief pensioenvermogen kijken, bezat het rijkste percentiel Nederlandse huishoudens in 2012 ongeveer een kwart van het totale private vermogen; de top 5% procent bezat ongeveer 45% en de rijkste 10% huishoudens bezat 61 procent. Deze rijkste 10%-groep bestaat voor een belangrijk deel uit senioren (36%) en ondernemers (29%). Aan de onderkant heeft de eerste 60 procent van alle huishoudens tezamen een privaat vermogen van 0 euro. Dit betekent niet dat 60 procent van de huishoudens een negatief vermogen heeft, maar dat ze zo weinig vermogen hebben, dat ze het negatieve vermogen van de eerste 6 procent huishoudens niet goed maken. Dit betreffen vooral huishoudens met schulden; in het onderste vermogensdeciel bevinden zich vooral werknemers en ambtenaren (76%). Zij hebben consumptief krediet of hun huis staat onder water. Mogelijk heeft een deel van deze huishoudens een spaar- of beleggingshypotheek, maar deze nemen we helaas niet waar. De vermogens zijn dus scheef verdeeld. De mate van scheefheid kan worden uitgedrukt met behulp van één kengetal: de Gini-coëfficiënt van het private vermogen bedraagt 0,80. Figuur 1. Vermogensaandelen per deciel en de Lorenzcurve van vermogen, 2012 Bron: eigen berekeningen op basis CBS Statline Pensioenvermogens dempen ongelijkheid Marike Knoef universitair docent aan de Universiteit Leiden Dr. M.G. (Marike) Knoef werkt als universitair docent aan de Universiteit Leiden. Zij studeerde Econometrie aan de Universiteit van Tilburg en is in 2011 gepromoveerd op haar proefschrift "Essays on Labor Force Participation, Aging, Income and Health". Haar interesses omvatten onderzoek op het gebied van de arbeidsmarkt, inkomens, pensioenen en de sociale zekerheid. In de discussie is er regelmatig op gewezen dat het van belang is om ook de opgebouwde aanvullende pensioenrechten mee te rekenen, zeker bij een internationale vergelijking van de vermogensverdeling. Een opgebouwd pensioenrecht is natuurlijk niet helemaal vergelijkbaar met privaat opgebouwd vermogen (dat overdraagbaar, verkoopbaar en vererfbaar is). Anderzijds gaat het beide om uitgestelde consumptie. Hieronder presenteren we de vermogensverdeling zonder en met opgebouwde pensioenrechten. We gebruiken CBS microdata over pensioenaanspraken, -uitkeringen en vermogen voor het jaar 2010. Ook de inleg in de derde pijler vanaf 1989 is meegenomen (lijfrenten). De horizontale as geeft het vermogenspercentiel. Alle bedragen zijn bruto berekend. Zowel op privaat vermogen als op aanvullende pensioenrechten rust een belastingclaim, zij het in verschillende mate (mede afhankelijk van de precieze samenstelling van het private vermogen). Het is niet op voorhand duidelijk welk effect (uitgestelde) belastingheffing zou kunnen hebben op de mate van scheefheid van de vermogensverdeling. De rode lijn illustreert de private vermogensverdeling (zonder opgebouwde aanvullende pensioenrechten) en de blauwe lijn de vermogensverdeling inclusief pensioenvermogen. De blauwe lijn ligt boven de rode lijn dus de vermogens inclusief opgebouwd aanvullend pensioen zijn minder scheef verdeeld dan de vermogens exclusief pensioen (Lorenz Dominantie). Figuur 2. Lorenzcurve vermogensverdeling in Nederland, exclusief en inclusief pensioenen Bron: berekeningen op basis CBS IPO en CBS microdata over pensioenaanspraken, -uitkeringen en vermogen Door rekening te houden met aanvullende pensioenrechten valt op dat veel minder huishoudens een negatief vermogen hebben. Wanneer de huishoudens worden gerangschikt van laag naar hoog vermogen, heeft nu nog maar 35 procent van de huishoudens tezamen een vermogen van 0 euro, terwijl dit snijpunt met de x-as bij louter private vermogens bij het 60ste percentiel ligt. De afvlakking van de scheefheid is ook op een andere manier te illustreren. Zo weten we dat de top 1% in Nederland een kwart van het private vermogen bezit. Rekenen we vervolgens ook de opgebouwde rechten van het aanvullend pensioen mee, dan zakt dit percentage naar 17. De Ginicoëfficiënt van vermogen daalt van 0,80 naar 0,68 wanneer aanvullende pensioenopbouw wordt meegerekend. Pensioenvermogens hebben dus een dempend effect op de vermogensongelijkheid. De totale vermogensongelijkheid in Nederland is aldus berekend kleiner dan wanneer louter naar de verdeling van privaat vermogen wordt gekeken (zoals eerder gerapporteerd door het CBS en Van Bavel in de recente WRR-verkenning). Tabel 1. Vermogensverdeling in Nederland (met en zonder pensioenvermogen) Bron: berekeningen op basis CBS IPO en CBS microdata over pensioenaanspraken, -uitkeringen en vermogen Stapeling van ongelijkheid In hoeverre bevinden zich aan de linkerkant van de vermogensverdeling mensen met een laag inkomen en aan de rechterkant mensen met een hoog inkomen? Een stapeling van de inkomens- en vermogensongelijkheid is zorgwekkend, terwijl de ongelijkheid minder ernstig is wanneer blijkt dat sommige mensen veel inkomen en weinig vermogen hebben, terwijl anderen veel vermogen en weinig inkomen hebben. In figuur 3 zijn de vermogens toegerekend aan inkomenspercentielen, waarbij het besteedbaar huishoudinkomen op de horizontale as is gezet. Wanneer we nu naar de ‘rijksten’ kijken aan de rechterkant van de figuur (in termen van inkomen dus in plaats van in termen van vermogen), dan is de ongelijkheid minder groot. De lijnen in figuur 3 zijn immers vlakker dan in figuur 2. De rijkste 1% (in termen van inkomen) bezit 9% van het vermogen en de rijkste 10% bezit zo’n 31% van het vermogen. De curven met (blauw) en zonder pensioenvermogen (rood) snijden elkaar nu. Dit komt omdat aanvullend pensioen vooral voor de middeninkomens een belangrijke rol speelt. De rijkste 10%-groep huishoudens bestaat nu ineens voor een belangrijk deel uit werknemers en ambtenaren (53%) en ondernemers (36%), terwijl we veel minder senioren aantreffen (7%). Aan de onderkant treffen we in het laagste inkomensdeciel nu veel studenten aan (30%), en veel minder werknemers en ambtenaren (19%). Aldus benaderd lijkt de ongelijkheid minder scherp. Sommige groepen huishoudens blijken weliswaar schulden of weinig vermogen te hebben maar veel inkomen (werknemers en ambtenaren), terwijl andere groepen huishoudens juist relatief veel vermogen hebben maar weinig inkomen (senioren). Ondernemers zijn een bijzondere groep: zij zijn zowel oververtegenwoordigd in het laagste als het hoogste inkomensdeciel, maar als het gaat om de vermogensverdeling dan schuiven ze op, en bevolken ze steeds vaker de hogere decielen. Vooral in het topdeciel van vermogen bevinden zich relatief veel ondernemers – die 200 duizend ondernemers (= 2½ % van alle huishoudens) bezitten samen maar liefst 21% van het totale private vermogen. Figuur 3. Cumulatieve vermogensaandelen over de inkomensverdeling, exclusief en inclusief pensioenen Bron: berekeningen op basis CBS IPO en CBS microdata over pensioenaanspraken, -uitkeringen en vermogen Groeiende vermogensconcentratie in Nederland? Het is lastig om iets te zeggen over de al dan niet groeiende vermogensongelijkheid in Nederland vanwege gebrek aan data. Onderstaande figuur laat de meest recente cijfers zien die iets zouden kunnen zeggen over de trend van het aandeel van de top 1% in het totale private vermogen in de periode 1894-2011. Ondanks het klein aantal waarnemingen, is de trend sterk dalend. Van toegenomen vermogensconcentratie aan de top is dus geen sprake. Voor de meest recente periode 1993-2011 vinden we geen significante trend: het aandeel van de top 1% is min of meer stabiel op een kwart van het totale private vermogen. Dit is in lijn met de door het CBS gepubliceerde cijfers over de vermogensongelijkheid in Nederland; die tijdreeks is echter korter (2006-2012), maar geeft hetzelfde beeld. De Nederlandse vermogensverdeling is scheef, maar het aandeel van het toppercentiel in de periode 2006-2012 is stabiel. Er is in de periode 2006-2012 een zeer kleine toename waarneembaar aan de top-1% (niet-significant en ook niet-eenduidig), maar bezien vanuit de fors afgenomen vermogensconcentratie in de afgelopen eeuw is de recente ontwikkeling verwaarloosbaar. Figuur 4. Private vermogensverdeling; aandeel toppercentiel, 1894-2011 Bron: Roine & Waldenström (2014); eigen berekeningen Samenvattend kunnen we constateren dat de scheefheid van de vermogensverdeling weliswaar groot is, maar duidelijk afneemt wanneer rekening wordt gehouden met pensioenen en met de samenhang tussen inkomen en vermogen. Verder duiden de schaarse beschikbare gegevens juist niet op een toenemende concentratie van vermogens aan de top in Nederland. Referenties: -Caminada, K. J. Been, K. Goudswaard en M. de Graaf-Zijl (2014), 'De ontwikkeling van inkomensongelijkheid en inkomensherverdeling in Nederland 1990-2012', Department of Economics Research Memorandum 2014.02, Leiden University, 46 p. -Piketty, T. (2014), Capital in the Twenty-First Century, Cambridge: The Belknap Press of Harvard University Press. -Roine, J., and D. Waldenström (2014), 'Long-Run Trends in the Distribution of Income and Wealth', IZA discussion paper no. 8157, April 2014 -WRR (2014), Hoe ongelijk is Nederland? Een verkenning van de ontwikkeling en gevolgen van economische ongelijkheid, WRR-Verkenning nr. 28, M. Kremer, M. Bovens, E. Schrijvers en R. Went (red.), Amsterdam: Amsterdam University Press. Terug naar Inhoud Geen retourprovisies meer bij depotbanken Bron: AFM Het provisieverbod heeft ervoor gezorgd dat depotbanken geen retourprovisies meer betalen aan beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders. Dat blijkt uit een informatie-uitvraag van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) bij de vijf grootste depotbanken in Nederland. Depotbanken zijn banken die orders uitvoeren en effecten bewaren voor klanten van beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders. Voor de invoering van het provisieverbod betaalden depotbanken vergoedingen aan beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders wanneer zij de opdracht kregen om, namens beleggers, orders uit te voeren. Vanaf 1 januari 2014 zijn deze zogeheten retourprovisies verboden. Depotbanken bieden hun service aan beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders aan conform de verdienmodellen die in lijn zijn met het provisieverbod. De AFM juicht de inspanningen van de sector die de omslag heeft gemaakt naar rechtstreekse betalingen voor beleggingsdienstverlening toe. "Wij realiseren ons dat de impact van het afschaffen van retourprovisies groot is voor veel beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders. Wij zijn blij dat de sector de omslag heeft gemaakt naar verdienmodellen waarbij sprake is van directe betaling door klanten", aldus Tim Mortelmans, hoofd toezicht financiële ondernemingen bij de AFM. Voorafgaand aan het provisieverbod konden retourprovisies een prikkel zijn voor beleggingsadviseurs of vermogensbeheerders om meer of andere orders te laten uitvoeren dan in het belang is van de belegger. Ook konden prikkels bestaan om orders uit te laten voeren bij partijen die hogere transactiekosten in rekening brengen dan noodzakelijk. Terug naar Inhoud Hoe incidenten doorwerken in een raming Bron: DNB DNB voorziet voor 2014 een economische groei van 0,2%. Dit groeicijfer wordt behoorlijk vertekend door een aantal incidentele factoren. De invloed van deze incidentele factoren op de groeiraming kan inzichtelijk worden gemaakt door de raming op kwartaalbasis te bekijken. Incidentele factoren In het eerste kwartaal van 2014 kromp het reëel bruto binnenlands product (bbp) volgens de meest recente inzichten van het CBS met 1,4% ten opzichte van het laatste kwartaal van 2013. Dit tegenvallende cijfer was het gevolg van een aantal incidentele factoren. Door de uitzonderlijk zachte winter waren de consumptie en uitvoer van aardgas substantieel lager. Ook speelt een rol dat huishoudens en bedrijven eind 2013 veel personenauto’s hebben aangeschaft om nog te kunnen profiteren van gunstige fiscale regels. Als gevolg hiervan waren de consumptie en investeringen in het vierde kwartaal van 2013 hoger, en in het eerste kwartaal van 2014 lager. Van kwartalen naar jaren In de publieke discussie over ramingen spelen afzonderlijke kwartalen vaak geen rol van betekenis, de nadruk ligt op jaarcijfers. Toch spelen de kwartaalcijfers een cruciale rol bij het opstellen van ramingen, want het uiteindelijke jaarcijfer wordt bepaald uit een combinatie van de kwartaalcijfers van het lopende en het voorafgaande jaar. Het voorbeeld in Tabel 1 laat zien hoe dit werkt. De eerste rij geeft de realisaties (2013K1-2014K1) en de ramingen (2014K2-K4) voor de bbp-groei op kwartaalbasis. Om deze kwartaalcijfers tot een jaarcijfer te aggregeren kan een algemeen gehanteerde vuistregel worden gebruikt. Volgens deze vuistregel krijgt elk kwartaal een bepaald gewicht, variërend tussen 0 en 1; zie de tweede rij in de tabel. Het eerste kwartaal in 2014 telt volledig mee voor de groei in dat jaar, terwijl het laatste kwartaal nog maar voor een kwart meetelt. Door de groei op kwartaalbasis te vermenigvuldigen met de gewichten, en de bijdragen vervolgens op te tellen wordt (bij benadering) het jaargroeicijfer berekend, 0,2% in dit geval. Een deel van de groei in de laatste kwartalen van een jaar wordt aldus toegerekend aan het volgende jaar, de groei “loopt over”. In 2014 bedraagt deze overloop vanuit 2013 0,8 procentpunt. Anders gezegd: als in alle kwartalen in 2014 de bbp-groei op kwartaalbasis 0% zou bedragen, zou de groei in 2014 op jaarbasis 0,8% bedragen. Tabel 1 - Samenstelling Bbp-groei 2014 naar kwartalen Invloed van incidentele factoren DNB baseert zich bij het opstellen van haar raming op de meest recente kwartaalcijfers van het CBS, en vult deze aan met ramingen van de economische groei, eveneens op kwartaalbasis. Het gevolg is dat incidentele factoren in de eerste kwartalen van het jaar sterk doorwerken in de raming van het jaarcijfer. Zo drukt de uitzonderlijke krimp in het eerste kwartaal het jaarcijfer met 1,4 procentpunt. Als we deze negatieve incidentele factoren zouden wegdenken, dan was de raming van de economische groei in 2014 hoger uitgekomen. Een onzekere factor is in hoeverre de achtergebleven groei in het eerste kwartaal in het tweede kwartaal van 2014 zal worden ‘ingehaald’. DNB schat dit inhaaleffect beperkt in, mede gezien de rol van het gas, met een groei in het tweede kwartaal van 0,7 %. Terug naar Inhoud Beloning vermogensbeheerders moet eerlijker Bron: AFM De Autoriteit Financiële Markten (AFM) vindt dat de beloning die een vermogensbeheerder ontvangt voor het beheren van het vermogen van zijn klant in het belang van die klant moet zijn. Een vaste procentuele vergoeding van het belegd vermogen, onafhankelijk van de dienstverlening of het beheerde vermogen, is niet verboden, maar kan onwenselijk zijn. Het is immers de vraag of een klant met een vermogen van €300.000 daadwerkelijk drie keer meer inspanning van de vermogensbeheerder vergt dan een klant met een vermogen van €100.000. Ook is het de vraag of bij deze vorm van beloning de belangen van de beleggingsonderneming en de klant parallel lopen. Een beloning voor de vermogensbeheerder zou, analoog aan de beloning voor adviseurs en bemiddelaars, eerlijk en niet onredelijk moeten zijn. De klant zou alleen moeten betalen voor de dienstverlening die de vermogensbeheerder daadwerkelijk biedt. Sinds de invoering van het provisieverbod voor beleggingsondernemingen op 1 januari 2014 mogen vermogensbeheerders geen provisies meer ontvangen. De klant betaalt nu direct voor zijn dienstverlening. De vermogensbeheerder moet dus duidelijk maken waarvoor de klant betaalt. Vaste vergoedingen zijn het meest duidelijk voor de klant. Maar ook een beheervergoeding die gelimiteerd is en daarmee beperkt is in hoogte is mogelijk en kan in het belang van de klant zijn. De vergoeding die een vermogensbeheerder vraagt, moet aansluiten bij de doelgroep waaraan de dienst wordt verleend. Als de doelgroep zo divers is dat de ene klant duidelijk de andere klant subsidieert kun je je vragen stellen bij de instelling van een procentuele vergoeding, omdat deze er in een aantal gevallen voor zal zorgen dat de klant met het kleinere vermogen duidelijk gesubsidieerd wordt door de klant met het grotere vermogen. De AFM ziet verschillende vormen van beloning ontstaan en moedigt de sector aan die ontwikkeling door te zetten, gekoppeld aan overige innovatie in de sector. Ook door bijvoorbeeld online en/of geautomatiseerde tools kan de dienstverlening goedkoper worden. Het is van belang dat de vermogensbeheerder in de veranderende wereld nadenkt over de wijze waarop hij beloond/betaald wil worden door zijn klanten en daarover ook met klanten in gesprek gaat. Voor 1 januari van dit jaar betaalde je indirect voor beleggingsdienstverlening. Een beleggingsonderneming ontving provisie als hij een bepaald beleggingsproduct afsloot. Deze beloning ontving hij van de bank of het beleggingsfonds. Daardoor was zijn advies mogelijk niet altijd in het belang van zijn klant, omdat hij bijvoorbeeld koos voor een product dat hem een hoge provisie opleverde. Het provisieverbod heeft als doel daar een einde aan te maken. Dat moet leiden tot betere dienstverlening, waar de belegger van profiteert. Terug naar Inhoud Statistisch jaarboek 2014 is uit Bron: CBS Het Statistisch jaarboek 2014 geeft een kleurrijke indruk van de informatie die het CBS samenstelt. De cijfers zijn per thema geordend. Speciale aandacht is er in deze editie voor de arbeidsdeelname van ouderen, het gebruik van sociale media, en leefstijl. In zijn negentigjarige bestaan is het Statistisch jaarboek steeds met zijn tijd meegegaan. Het onmisbare naslagwerk veranderde in een zakboek met kerncijfers. Dit jaar is het in een fris nieuw jasje gestoken. Download het Statistisch jaarboek 2014 als pdf Klik Hier U kunt het Statischtisch jaarboek ook gedrukt bestellen via het CBS Klik Hier voor meer info Terug naar Inhoud Zet 4 oktober 2014 - alvast in uw agenda ! wat 63 ste HCC Beleggen Symposium waneer 4 oktober 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt activiteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van contact met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig, gratis parkeren, in midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen, bereikbaar per openbaar vervoer Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Doet u mee? Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggerssymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt en deze nieuwsbrief. Voor de organisatie van onze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming hiervan. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Ook voor deelname aan de redactie van de nieuwsbrief en de website zijn wij dringend op zoek naar mensen die mee willen doen. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan één van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het HCC Beleggen bestuur Klik Hier of met de redactie  Klik Hier Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 juli 2014

...

Nieuwsbrief20140601

Juni 2014 Welvaart in Nederland 2014 Nieuwe zeepbellen op de internationale huizenmarkt Eigenaar overschat waarde eigen woning Beleggingsfondsen beleggen meer in aandelen E-books een hoofdstuk apart Meedoen kan Welvaart in Nederland 2014 Bron: CBS In de tweede uitgave van Welvaart in Nederland presenteert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) de meest actuele gegevens over de welvaart van huishoudens en personen in Nederland. De welvaartspositie is in beeld gebracht aan de hand van het inkomen, de bestedingen en het vermogen. De cijfers tonen aan dat de economische crisis die sinds eind 2008 Nederland in zijn greep heeft, de welvaart van de bevolking niet onberoerd heeft gelaten. Vanaf 2010 daalde de koopkracht maar liefst drie jaar op rij en steeg het armoederisico. Toch heeft het doorsnee-huishouden ondanks het koopkrachtverlies van de afgelopen jaren, nog steeds 15 procent meer te besteden dan begin jaren negentig. Verder is het vermogen van huishoudens tussen 2008 en 2012 nagenoeg gehalveerd. Het aandeel huishoudens met een fiscale hypotheekschuld hoger dan de woningwaarde is in die periode verdrievoudigd. Gaandeweg de crisis zakten de bestedingen van huishoudens aan goederen en diensten steeds verder in en tot 2013 daalde ook het consumentenvertrouwen. Tegenover al deze economische tegenslag staan ook positieve ontwikkelingen. Vanaf begin 2013 heeft het consumentenvertrouwen weer de weg naar boven gevonden. Bovendien is het risico op armoede of sociale uitsluiting in Nederland het laagst van alle lidstaten van de Europese Unie. Voorbeelden van nieuwe thema’s in Welvaart in Nederland 2014 zijn het (pensioen) inkomen van ouderen en de inkomensontwikkeling van zelfstandigen met en zonder personeel. Zichtbaar is dat van de 65-plus huishoudens bijna een tiende deel nauwelijks boven de kale AOW uitkomt. Daar staat tegenover dat 55 procent bovenop de AOW aanvullende inkomsten heeft van maandelijks ten minste 1000 euro. Ook komt naar voren dat van de werkenden de zelfstandigen zonder personeel de meest kwetsbare groep zijn. Hun gemiddeld persoonlijk inkomen is lager dan dat van werknemers en aanzienlijk lager dan dat van zelfstandigen met personeel. Bovendien investeren zij het minst in de eigen sociale zekerheid. Download Rapport Welvaart in Nederland 2014 hier als pdf     hier als E-book Meer cijfermateriaal over de verschillende onderdelen van materiële welvaart is terug te vinden op StatLine, de elektronische databank van het CBS (www.cbs.nl). Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Nieuwe zeepbellen op de internationale huizenmarkt Bron: Hans Stegeman, Me Judice, 12 mei 2014 In Nederland zijn we blij dat de huizenprijzen inmiddels lijken te stabiliseren, maar dat beeld geldt niet voor veel andere Westerse landen. Noorwegen, Canada en Australië hebben de afgelopen jaren gemiddeld genomen een stijging van de huizenprijzen meegemaakt, in het Verenigd Koninkrijk is het herstel van de huizenprijzen ronduit spectaculair en in Duitsland zijn de prijzen sinds het begin van de crisis ook gemiddeld met meer dan 20% nominaal gestegen. Hoe is dit te verklaren? Is hier wat tegen te doen? Of is dit weer een nieuwe opmaat voor een zeepbelepisode? Huizenprijzen nog steeds betrekkelijk hoog De afgelopen jaren is er veel gezegd en geschreven over de daling van de huizenprijzen die inderdaad in sommige landen fors was. De gemiddelde daling van de reële huizenprijzen in ontwikkelde landen van het tweede kwartaal van 2007 tot het vierde kwartaal van 2012 was 14% (figuur 1). Uitschieters daarbij waren Ierland (-47%), Spanje (-35%) de VS (-24%) en Nederland (-23%). Sinds het afgelopen jaar stijgen de huizenprijzen in de Westerse landen gemiddeld genomen weer. Dit komt vooral doordat de prijsdaling in een aantal landen is omgeslagen in een relatief sterke prijsstijging, zoals in de VS en het VK.Daarbij zijn de huizenprijzen in de Westerse wereld op een historisch hoog niveau gebleven. Hoewel niemand kan zeggen wat het juiste niveau is, en de verschillen tussen landen groot zijn, is het wel opmerkelijk. Figuur 1: Gemiddeld weer stijging huizenprijzen, en nog altijd op hoog niveau Verschillen in fundamenten Zoals altijd is de prijsontwikkeling deels te verklaren op basis van ‘fundamenten’. Dit begint bijna een vies woord te worden, omdat iedereen graag alles met fundamenten, ofwel structurele economische factoren zoals inkomensgroei en renteontwikkeling, wil verklaren. Vaak komt men er te laat achter dat die fundamenten toch wat wankeler zijn dan van tevoren gedacht. En dan kom je in de buurt van ‘bubbles’ of zeepbellen op de huizenmarkt. Hans Stegeman Rabobank, Utrecht Hans Stegeman werkt sinds 2007 bij Economisch Onderzoek als econoom en sinds 2009 als hoofd van het team Nationaal Onderzoek. Daarbij is hij verantwoordelijk voor al het onderzoek van KEO naar de Nederlandse en regionale economie en huizenmarkt. Ook is hij een van de auteurs en projectleider van het onlangs verschenen boek "IN2030: Vier vergezichten". Hans studeerde Algemene Economie aan de Universiteit Maastricht en werkte hiervoor onder andere als onderzoeker bij het Centraal Planbureau. Fundamenteel beïnvloedt het verschil tussen vraag en aanbod de ontwikkeling van de huizenprijzen. Hoe inelastischer het aanbod, des te meer werken de vraageffecten in de prijs door. Maar ook een relatief elastisch aanbod, zoals in Spanje of Ierland, kan in perioden van overmoed samengaan met sterke prijsstijgingen. Naast structurele factoren zoals demografie zijn de belangrijkste cyclische componenten in de vraag de inkomens- en renteontwikkeling. Zo was een van de fundamenten in de aanloop naar de crisis in veel landen de stijging van de huishoudschuld als percentage van het BBP ( IMF, 2012). De oorzaak hiervan was een combinatie van een lage rente en verdergaande mondiale financiële integratie en innovatie. Daar zijn inmiddels boeken over vol geschreven. Maar de mate waarin deze ontwikkelingen zich in diverse landen tot 2008 hebben voorgedaan zijn vooral toe te schrijven aan institutionele verschillen tussen landen. Een subsidie op het aangaan van schulden (zoals de Nederlandse hypotheekrenteaftrek), en een woningmarkt waarbij huishoudens een zogenaamde ‘wooncarrière’ gewend zijn te maken (een dynamische woningmarkt, zoals in de VS of het VK) versterken prijseffecten, zowel in de opgaande als in de neergaande fase. Daarnaast zorgen uiteenlopende economische ontwikkelingen in de periode voor 2008 ook voor verschillen in woningprijzen. Het is niet verwonderlijk dat de huizenmarkten in de Westerse landen die het minst geraakt zijn door de mondiale crisis en ook de minste opbouw van huishoudschuld kenden de afgelopen vijf jaar de grootste prijsstijging laten zien (figuur 2). De inkomensontwikkeling en de werkloosheidsontwikkeling waren daar over het algemeen gunstiger en de huizenmarkt was er over het algemeen niet of minder overgewaardeerd voor het begin van de crisis, zoals vaak wel het geval was in de landen waar de prijsdalingen groot waren. Figuur 2 Huizenprijsontwikkeling 2008-2013 (linkeras) en werkloosheid 2013 (rechteras) De belangrijkste onderliggende factor is daarnaast de zeer lage rente die al jarenlang geldt en die lenen relatief goedkoop maakt. Dat is natuurlijk ook precies de bedoeling van die lage rente: de economie weer op gang helpen. Maar toch baart dat wel enige zorg. Als het aanbod op de woningmarkt niet snel kan worden uitgebreid (wat vaak het geval is), leidt die toegenomen betaalbaarheid immers alleen maar tot hogere woningprijzen. En hoewel dat ook voor groei zorgt door toegenomen vermogens, is het niet de groei op basis van reële economische fundamenten die je zou willen. En zo is een van die beroemde ‘fundamenten’ die de huizenprijzen kan aanjagen verworden tot een factor die een risico vormt voor de economie. Want huizenprijzen zijn in de Westerse wereld gemiddeld genomen nog steeds relatief hoog. Om te beoordelen of er sprake is van overwaardering op de huizenmarkt worden vaak relatief simpele ratio’s gebruikt. De ratio van de huizenprijzen ten opzichte van het inkomen (price to income ratio) ligt voor de Westerse landen gemiddeld genomen nog onder het langjarige gemiddelde (figuur 3). Maar de ratio van de huizenprijzen ten opzichte van de huren (price to rent ratio) is nu alweer boven het langjarige niveau. En hoewel er van alles valt aan te merken op deze ratio’s die geen rekening houden met landspecifieke institutionele kenmerken op de huizenmarkt, vormen deze ontwikkelingen toch een indicatie voor het ontstaan van zeepbellen. Voor een land als Duitsland is dat bijvoorbeeld aan het macro-gemiddelde niet te zien, maar in enkele grootstedelijke gebieden, zoals München, zijn de prijzen wel degelijk relatief hoog. Figuur 3: Loan-to-income en Price-to-rent ratio en huizenprijsontwikkeling De opties voor het beperken van zeepbellen Nu is er een aantal opties om de omvang van deze zeepbellen te beperken. De meest voor de hand liggende is een hogere rente. De andere factoren die de prijs beïnvloeden, zijn veel structureler van aard (zoals het aanbod). Dat wapen heeft op dit moment echter ongewenste bijwerkingen en kan de groei van de hele economie afremmen. Het IMF verwacht dan ook dat de rente mondiaal voor lange tijd relatief laag zal blijven ( IMF, 2014). Daarbij is het zeker in de eurozone zeer lastig om met het rentebeleid zeepbellen op de huizenmarkt tegen te gaan. Zo kan een rentestijging wel voor de Duitse huizenmarkt verstandig zijn, maar niet voor de fragiele toestand van een groot deel van de economie van de eurozone en de net opkrabbelende huizenmarkten in sommige andere landen. Er zijn andere opties. Deze vallen onder het zogenaamde macro-prudentiële beleid. Naar aanleiding van de financiële crisis wordt dit, zeker in de eurozone, een steeds belangrijkere taak van nationale centrale banken. De gedachte achter dit macro-prudentiële beleid is een goede: op tijd financiële risico’s inventariseren en die met beleidsmaatregelen proberen in te dammen. Vanaf 1 januari 2014 is dit raamwerk in werking ( ESRB, 2014). Zoals de ESRB aangeeft, zijn vooral sterke huizenprijsstijgingen en een toename van de kredietverlening als percentage van het BBP goede voorlopende indicatoren voor het ontstaan voor problemen op de woningmarkt. Een aantal instrumenten staat voor dit beleid ter beschikking. Te denken valt daarbij aan het verlagen van de maximale lening die banken mogen verstrekken ten opzichte van de waarde van de woning (loan-to-value; LTV), de hoogte van de maandlasten ten opzichte van het inkomen (DSTI), de regels waaronder hypotheken mogen worden verstrekt en het kapitaal dat moet worden aangehouden voor het verstrekken van hypotheken. Dit alles om het minder gemakkelijk te maken geld te lenen voor een hypotheek, zonder het algemene rentetarief te verhogen. Recente studies ( Kuttner en Shim, 2012; Goldman Sachs, 2014) laten zien dat dit beleid steeds vaker wordt ingezet en een klein negatief effect heeft op de prijstoename. Als je dit beleid anticyclisch inzet, zoals in Nederland, werkt het mee aan de prijscorrectie. Waarom het lastig blijft De gemiddelde woningprijzen in de ontwikkelde economieën zijn nog steeds hoog. En ze nemen ook weer toe. Bij een langjarig lage reële rente en een traag herstel van de economie zal macro-prudentieel beleid de komende tijd steeds meer moeten worden ingezet, vooral in de eurozone. Komende jaren worden daarbij een testcase. Nationaal beleid om zeepbellen te bestrijden zal daardoor nodig blijven, zeker omdat de huizenprijzen gemiddeld in de Westerse wereld nog steeds relatief hoog zijn. Maar het blijft lastig. Het instrumentarium om exact te herkennen wanneer oververhitting ontstaat is in een beginstadium. Zoals de ESRB ook aangeeft, ontbreken vaak de data om goed inzicht te hebben in de opbouw van mogelijke zeepbellen. Daarbij verschillen woningmarkten niet alleen tussen landen maar ook binnen landen. Daarom is meer maatwerk nodig en ook meer dan generieke indicatoren. Daarbij is het altijd nog mogelijk om uitwegen te vinden bij de genomen maatregelen. Een hogere risicoweging voor binnenlandse banken maakt het bijvoorbeeld voor buitenlandse toetreders aantrekkelijk om de markt te betreden. Een lagere LTV kan in sommige gevallen worden ontweken door extra leningen te verstrekken, zoals ook in Denemarken is gebeurd. Het effect van macro-prudentieel beleid blijft dus lastig in te schatten (Galati en Moessner, 2012). Maar zelfs al zou de informatie er wel zijn en al zouden de maatregelen werken, dan nog is het een hele opgave. Het tijdig inzetten van de benodigde maatregelen is een veel politieker proces dan het verhogen van de rente. En beleidsmakers hebben op dit moment alle belang bij een woningmarkt die niet verder wegzakt, of enigszins opveert. Want de enige route naar groei die we op dit moment hebben, is het opblazen van zeepbellen. En als we die nu ook moedwillig doorprikken, blijft er wel erg weinig groei over. Maar wél een stabiele woningmarkt. Of is dat niet wat we willen? Referenties ESRB (2014), The ESRB Handbook on Operationalising Macro-prudential Policy in the Banking Sector, ESRB. Galati G. en R. Moessner (2011), Macroprudential policy: a literature review, BIS working paper 337. Basel: BIS. Goldman Sachs (2014), Global Economics Weekly, 14/16. Goldman Sachs, 30 april 2014. IMF (2014), Perspectives on Global Real Interest Rates. In: World Economic Outlook 2014, April 2014, Washington: IMF IMF (2012): Dealing with Household Debt. In: World Economic Outlook 2012,April 2012, Washington: IMF Kuttner, K. en I. Shim (2012), Taming the Real Estate Beast, The Effects of Monetary and Macroprudential Policies on Housing, Reserve Bank of Australia. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Eigenaar overschat waarde eigen woning Bron: DNB Zelfs na een periode met prijsdalingen hebben Nederlandse woningbezitters een te rooskleurig beeld van de waarde van hun woning. Dit geldt ook voor eigenaren waarvan verwacht mag worden dat ze goed geïnformeerd zijn, zoals eigenaren met verhuisplannen. Realistisch beeld is belangrijk Voor eigenaren is het van belang een realistisch beeld te hebben van de waarde van de eigen woning. De woning vormt een belangrijk onderdeel van het huishoudvermogen en speelt een rol in consumptie-, spaar- en pensioenbeslissingen. Een verkeerde inschatting van de waarde leidt mogelijk tot minder passende financiële beslissingen. Te rooskleurig beeld woningwaarde Uit recent DNB-onderzoek blijkt echter dat Nederlanders vaak te optimistisch zijn over de waarde van hun woning. Zo is een groot deel van de woningeigenaren enkele jaren na het omslaan van de markt in 2008 nog van mening dat de waarde van de eigen woning niet is gedaald. Driekwart van de woningeigenaren schat de huidige woningwaarde te hoog in. De doorsnee woningeigenaar rapporteert een woningwaarde die over de periode 2003-2012 gemiddeld 13% hoger is dan de werkelijke waarde. De werkelijke waarde is berekend door de aanschafwaarde te combineren met de provinciale prijsontwikkeling. Bovendien is een substantieel deel van de woningeigenaren positiever over de toekomstige prijsontwikkeling van de eigen woning dan over de algemene woningprijsontwikkeling. Het optimisme komt ook naar voren als eigenaren hun eigen woning vergelijken met andere woningen. Eind 2013 dacht 29% van de woningeigenaren dat de waarde van hun woning hoger was dan de waarde van de gemiddelde koopwoning in de straat (vs. 13% lager). Tevens dacht 31% van de woningeigenaren dat de staat van onderhoud beter was (vs. 5% slechter) en 17% dat de verkooptijd in geval van een verkoop korter zou zijn (vs. 8% langzamer). Ook na omslag op de woningmarkt De overschatting van de woningwaarde is sterker als het goed gaat op de woningmarkt. Het optimisme neemt weliswaar af wanneer woningprijzen zich slechter ontwikkelen, maar het aanpassingsproces is langzaam. Zelfs jaren na het omslaan van de markt blijft een groot aandeel van de woningeigenaren te optimistisch. Dit terwijl de woningprijzen ten opzichte van de piek in de zomer van 2008 met circa 20 procent zijn gedaald. Deze prijsdaling volgde vertraagd en geleidelijk op een snelle en forse daling van het aantal woningtransacties. Het lagere aantal verkopen en de trage aanpassing naar een nieuw evenwicht wordt in verband gebracht met het lang vasthouden aan hoge vraagprijzen door verkopers. Het rooskleurige beeld van woningeigenaren is een van de mogelijke verklaringen voor de terughoudendheid om vraagprijzen te verlagen. Verliesaversie en eigendomseffect als verklaring De overschatting van de woningwaarde hangt significant samen met twee belangrijke psychologische processen die ook op andere terreinen zijn gevonden. Een eigendomseffect (duration-of-current-ownership effect) zorgt ervoor dat de overschatting van de woningwaarde toeneemt met de duur van het woningbezit. Naarmate een woning langer in bezit is, wordt het gevoel van eigendom sterker en is de woning volledig afgestemd op de voorkeuren en behoeften van de huidige bewoner. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat verliesaversie een belangrijke rol op de woningmarkt speelt. Met verliesaversie wordt bedoeld dat een verlies van een bepaalde omvang een groter effect heeft op het welbevinden van mensen dan een winst van dezelfde omvang. Het fenomeen verliesaversie is niet nieuw: van beleggers is bekend dat ze niet graag afstand doen van aandelen die in prijs zijn gedaald, omdat dit betekent dat zij het verlies onder ogen  moeten zien. Toegepast op de woningmarkt proberen eigenaren een verlies ten opzichte van een referentiepunt, bijvoorbeeld de aanschafprijs of de hoogte van de hypotheek, te vermijden. Het onderzoek laat zien dat met name woningeigenaren met een hoge hypotheekschuld ten opzichte van de waarde van de woning een te rooskleurig beeld van de woningwaarde hebben. Daarnaast blijkt uit een aanvullende enquête dat driekwart van de Nederlanders het belangrijk vindt om bij verkoop minimaal de originele aankoopprijs te krijgen. Een nog groter deel van het Nederlandse publiek vindt het belangrijk om geen restschuld over te houden Terug naar Inhoud Beleggingsfondsen beleggen meer in aandelen Bron: DNB 19 mei 2014 Statistisch Nieuwsbericht De omvang van Nederlandse beleggingsfondsen is in het eerste kwartaal van 2014 met 2,5% (EUR 16 miljard) toegenomen tot EUR 660 miljard, vooral als gevolg van koerswinsten. Bij de nieuwe inleg trad een verschuiving op van obligaties naar aandelen. Mede daardoor zijn de aandelenbeleggingen met 4% toegenomen. De toename van de beleggingen (‘assets under management’) werd veroorzaakt door netto-inleg, koerswinsten en uitbreiding van de beleggingsinstellingenstatistiek met een aantal bestaande private equity fondsen. Door deze groei bereikte het beheerd vermogen van beleggingsfondsen een nieuwe recordomvang van EUR 660 miljard (zie figuur 1). De netto-inleg was in het eerste kwartaal van 2014 met EUR 1 miljard relatief beperkt (0,2% van beheerd vermogen), tegenover EUR 6 miljard in het voorgaande kwartaal. De nieuwe inleg was vooral afkomstig van institutionele beleggers. Huishoudens onttrokken wederom geld aan beleggingsfondsen (- EUR 0,6 miljard, 3% van hun totale bezit).   Bij de verschillende beleggingsfondscategorieën was sprake van een gemengd beeld. Institutionele beleggers brachten veranderingen aan in hun beleggingsmix, waarbij een verschuiving optrad naar aandelen en vastgoed ten koste van met name obligaties. Dit weerspiegelt een toegenomen risicobereidheid en vertrouwen in een aantrekkende economie. Zo stroomde er per saldo geld naar de aandelen-  (EUR 4,9 miljard) en vastgoedfondsen (EUR 0,9 miljard), terwijl er kapitaal werd teruggetrokken uit de obligatiefondsen (- EUR 1,7 miljard), gemengde fondsen (- EUR 0,4 miljard), hedgefondsen (- EUR 0,7 miljard) en overige fondsen (- EUR 1,8 miljard). Deze ontwikkeling is tegengesteld aan die in het vorige kwartaal, toen kapitaal werd ingelegd bij obligatiefondsen (EUR 4,4 miljard) en onttrokken aan aandelenfondsen (- EUR 2,9 miljard), zie figuur 2. De grootste bijdrage aan de toename van de beleggingen werd geleverd door positieve herwaarderingen (EUR 9 miljard, 1,4% van beheerd vermogen). Op obligaties werd op kwartaalbasis een koerswinst behaald van 2,0% en op aandelen van 1,0%. Dit is in lijn met obligatie-indices en met de MSCI World Index (in euro’s) voor aandelen (0,7%). De koerswinsten op aandelen werden gedrukt door de gedaalde aandelenkoersen in de opkomende markten en Azië (met name Japan). De aandelenfondsen die in deze economieën beleggen, behaalden dan ook een negatief rendement (-0,9% voor de opkomende markten en  -3,2% voor Azië). Het totaalrendement van alle beleggingsinstellingen (inclusief beleggingsopbrengsten zoals rente en dividend) bedroeg in het eerste kwartaal van 2014 2,0% (tegenover 1,8% in het vorige kwartaal).   De overige stijging van de beleggingen (EUR 6 miljard, 0,6% van beheerd vermogen) was het gevolg van opname in de beleggingsinstellingenstatistiek van een aantal bestaande private equityfondsen. Dit hing samen met de uitbreiding van de definitie van beleggingsinstelling, zoals die voor statistieken over beleggingsinstellingen in het eurogebied wordt gehanteerd. Het beheerd vermogen van Nederlandse private equityfondsen in de beleggingsinstellingenstatistiek kwam daarmee uit op EUR 16 miljard. links: Statistics.dnb.nl - Beleggingsinstellingen Terug naar Inhoud E-books een hoofdstuk apart Bron: Redactie Ooit, in lang vervlogen tijden, bestond er geen geld. De mensen woonden toen in kleine nederzettingen en verbouwden zelf hun groenten en graan en hielden een paar dieren. Kleding, eten en drinken, alles maakten ze voor zichzelf, voor het gezin en de familie. Maar wat moest je doen als je koe of geit wegliep en je geen melk of vlees meer had? Dan ging je naar een dorpsgenoot en probeerde je te ruilen. Vier schapen van jou bijvoorbeeld voor een nieuwe koe, of acht kippen voor een geit. Als je mooie potten kon bakken, maar geen weefgetouw had, dan ruilde je het aardewerk voor een vloerkleed of een broek. Dat heet ruilhandel. Tegenwoordig wordt er nog steeds geruild. Veel kinderen, maar ook volwassenen, ruilen bijvoorbeeld computerspelletjes, spelkaarten, verzamelkaartjes of postzegels. Ook worden er knikkers, kaarten van voetbalspelers enzovoorts geruild. Ruilen doe je als je er beiden ‘rijker’, beter van wordt. Je krijgt iets wat je niet hebt, zonder geld uit te geven. Je moet natuurlijk wel een beetje slim zijn als je ruilt en goed opletten. Want je krijgt geen geld voor je spullen, maar andere dingen. Deze ruilhandel werd in meer ontwikkelde samenlevingen (een dorp of stad) steeds onhandiger en omslachtiger. Hoeveel kippen moest je ruilen voor een geit? Vijf, of vier of misschien wel zes? Misschien had je wel spullen om te ruilen, maar had je zelf op dat moment niks nodig. De bakker wilde wel drie broden geven voor die mooie aardewerken pot die je net had gemaakt, maar je had helemaal geen honger. Of jij had wel honger, maar de bakker geen behoefte aan een aardewerken pot. Tja, wat dan? Daarom kwam er steeds meer behoefte aan een voorwerp dat algemeen aanvaard werd in ruil voor goederen en dat makkelijk te hanteren was. Zo ontstond ‘geld’, maar heel ander ‘geld’ dan we tegenwoordig kennen. Door de eeuwen heen zijn heel veel verschillende voorwerpen als geld, als betaalmiddel gebruikt. Vee, zout, thee, maar ook kralen en schelpen zijn ooit gebruikt op een manier die lijkt op onze munten en bankbiljetten. We spreken van ‘oorspronkelijk’ geld. Een groot voordeel was dat je tegen de bakker kon zeggen dat hij 5 schelpen moest betalen voor jouw aardewerken pot. En later, op een moment dat jou goed uitkwam, kocht je dan brood voor die schelpen. Of misschien wel iets anders. Reuze handig dus! Als ruil- of betaalmiddel moet ‘geld’ aan een aantal voorwaarden voldoen. Iedereen moet dat ‘geld’ graag willen hebben; het moet niet kunnen bederven; een kleine hoeveelheid en laag gewicht moet al veel waard zijn. En je moet er niet makkelijk zelf veel van kunnen maken, want dan verliest het zijn waarde. Zo begint een alleraardigst e-boekje in e-pub formaat, uitgegeven door de Nederlandse bank. U kunt dit hier downloaden. Of via: http://www.dnb.nl/binaries/De_geschiedenis_van_ons_geld_v13d_tcm46-285352.epub Als u dat niet op uw computer kunt lezen dan kunt u een ebook reader als Calibre downloaden en installeren   via:  http://calibre-ebook.com/download Op uw mobiel of tablet is FBReader http://fbreader.org/ een goede keus mede omdat je via de ingebouwde downloadfunctie een enorme hoeveelheid, inclusief financiële-, boeken uit het publieke domain (veelal die waarvan de rechten inmiddels verlopen zijn) gratis kunt downloaden. Andere ebooks,  veelal in pdf formaat,  zijn verkrijgbaar via diverse websites als b.v.: Algemeen Project Gutenberg           Free literature                 http://www.gutenberg.org/catalog/  http://www.freeliterature.org/ Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse letteren  Wikisource De Vrije Bibliotheek                   Lijstje E-boeken van FBReader    http://www.dbnl.org/index.php  http://nl.wikisource.org/wiki/Hoofdpagina  http://fbreader.org/content/books Financiëel     http://vantagepointtrading.com/free-ebooks     http://www.daytradingcoach.com/daytrading-books.htm     http://www.freebookcentre.net/Business/Stock-Trading-Books.html     http://www.freebookcentre.net/Business/Finance-Books.html     http://bookboon.com/en/finance-ebooks     http://www.swing-trade-stocks.com/e-books.html Veel leesplezier. Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het bestuur Klik Hier Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

3 juni 2014

...

Nieuwsbrief20140501

Mei 2014 Beleggingsmix en rente-afdekking bepalend voor herstel pensioenfondsen Beleggen volgens de 4W Methode Scoor financieel adviseurs op onafhankelijkheid Risico beleggingsfondsen te laag voorgespiegeld Doe het zelf Due Diligence Info over publicaties van de ECB Meedoen kan Beleggingsmix en rente-afdekking bepalend voor herstel pensioenfondsen Bron: DNB De gemiddelde dekkingsgraad van pensioenfondsen is per saldo met 15% gestegen vanaf het begin van de periode van herstelplannen in 2009. Daardoor is een kwart van de daling van de dekkingsgraad ten tijde van de kredietcrisis inmiddels goedgemaakt. Fondsen die veel belegden in aandelen en zich indekten tegen het risico van rentedaling zagen de grootste stijging. Herstelplannen pensioenfondsen Na het uitbreken van de financiële crisis moesten veel pensioenfondsen (circa 75% van de pensioensector) begin 2009 een herstelplan opstellen om hun dekkingsgraad binnen vijf jaar weer op peil te krijgen. Eind  2013 liepen deze herstelplannen af en was het tijd de balans op te maken. Het herstel van de dekkingsgraad is vooral toe te schrijven aan de stijgende koersen van zakelijke waarden (aandelen). Maar omdat de rente verder daalde en de levensverwachting opliep bleef het herstel relatief beperkt. Al met al is circa een kwart van de oorspronkelijke daling van de dekkingsgraad sinds de kredietcrisis (2e helft 2007-eind 2008) weer goedgemaakt.   Ontwikkeling dekkingsgraad De ontwikkelingen sinds de beginperiode van de kredietcrisis (2e helft 2007-eind 2008), dus in de vijfjaars herstelperiode van 2009 tot en met 2013, geven een illustratie van de belangrijkste determinanten van de dekkingsgraad: de rente en de aandelenkoersen. In hun beleggingsgedrag spelen de fondsen hier op in. Een derde determinant, de stijging van de levensverwachting, kunnen de fondsen vrijwel niet beheersen. In figuur 1 is te zien is dat de aandelenkoersen in juni 2007 (begin van de grafiek) 80% hoger lagen dan eind 2008 en dat de rente ruim 20% hoger lag. De dekkingsgraadindex ligt hier tussenin, ruim 60% hoger dan de dekkingsgraad ultimo 2008. In de 5-jaarsperiode vanaf het moment van de herstelplannen is de aandelenindex weer teruggekeerd naar het niveau van voor de kredietcrisis, terwijl de rente nog verder is gedaald. De dekkingsgraadindex ligt hier weer tussenin. Figuur 1: Verandering dekkingsgraad juni 2007 - december 2013 Verandering dekkingsgraad jun2007-dec2013 Deze figuur toont de relatie tussen de gemiddelde dekkingsgraad van de fondsen in herstel en de rente- en aandelenindex. De aandelenindex is gebaseerd op MSCI (wereldwijde aandelen). De rente-index geeft de invloed van de rente op de waarde van de verplichtingen weer.Vertrekpunt is de uitgangspositie ten tijde van het opstellen van  de herstelpannen (ultimo 2008): alle indexcijfers zijn daar op 100% gezet. Uit de grafiek valt op te maken dat de aandelenkoersen en de rentestand belangrijke 'drivers' zijn van de dekkingsgraad. Verandering van aandelenkoersen werken gemiddeld voor 40% door in de dekkingsgraad omdat ongeveer 40% in aandelen wordt belegd. De verandering van de rente werkt globaal voor 50% door in de dekkingsgraad omdat fondsen gemiddeld de helft van het renterisico afdekken. Overigens zijn dit niet alle factoren die de dekkingsgraad bepalen. Zo speelt ook het rendement op andere beleggingen, zoals vastgoed en credits, een rol.     Verschillen in herstel van pensioenfondsen De getoonde ontwikkeling van de dekkingsgraad in figuur 1 is het gemiddelde van 150 fondsen. Tussen de fondsen bestaan echter grote verschillen (zie figuur 2). Figuur 2: Stijging dekkingsgraad tijdens herstelplan (2009-2013) Stijging dekkingsgraad tijdens herstelplan (2009-2013) De belangrijkste verklaringen voor de onderlinge verschillen in dekkingsgraadontwikkeling zijn: Het gekozen rente-afdekkingsbeleid: het renterisico afdekken was gunstig in de onderzochte periode omdat de rente is gedaald. De verdeling van de beleggingsportefeuille: een hoog percentage belegd in aandelen was gunstig in de onderzochte periode. Bijdragen aan het fonds: Premiebetalingen en bijstortingen van de sponsor kunnen bijdragen aan het herstel. Gevoeligheid voor de gestegen levensverwachting (groter voor fondsen met relatief veel jongere deelnemers). De combinatie van al deze factoren bepaalt uiteindelijk de ontwikkeling van de dekkingsgraad en daarbij mede of het fonds noodmaatregelen (korten van rechten) heeft moeten toepassen. Een tegenvallende dekkingsgraadontwikkeling hoeft overigens niet te betekenen dat sprake is van slecht beleid. Door het nemen van risico’s kunnen op langere termijn hogere verwachte rendementen worden behaald die bijvoorbeeld kunnen worden aangewend voor indexatie. De keerzijde dat genomen risico’s achteraf slecht kunnen uitpakken, is daaraan echter inherent. De Nederlandsche Bank ziet erop toe dat de risico’s door de fondsen voldoende beheerst worden en dat de risico’s worden genomen in het belang van de deelnemers c.q. met wat met de deelnemers is afgesproken. advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Beleggen volgens de 4W Methode Bron: Hans Bannink  Al 20 jaar beleg ik op de beurs. In het begin had ik wel eens winst wat mij aanspoorde om verder te gaan beleggen met….. u raad het al: VERLIES. Ik volgde de beurs volgens het kuddegedrag model. Ik liep mee met de tendens die de markt had. Ik had geen enkele notie van weerstandsniveaus, stop loss momenten. Sterker nog technische- en fundamentele analyse was mij ook volkomen vreemd. Ook had ik geen kennis van cycles en wist ook niets van een bollinger bands, fibonacci, en moving average, keltner channels, hurst cycles, kop-schouderpatronen, rsi, stijgende en dalende trend. En zo kan ik nog wel even doorgaan. In het land van beleggen barst het van toetsingscriteria die een indicatie zijn voor hoe in de markt te bewegen. In de loop der jaren werd ik door verschillende mensen geattendeerd op al deze instrumenten. Het hielp mij echter niet om echt winst te maken, laat staan gestructureerd winst te maken. Uiteindelijk ben ik zelf gaan kijken wat voor mij belangrijk is bij beleggen. Uitgangspunt is de beurswijsheid: laat je winst oplopen en beperk je verlies. Maar hoe doe je dat dan vroeg ik mij af. Ik kan wel gaan beleggen met allerlei instrumenten zoals ik hierboven beschreef, echter ik haal er niet de winst uit die ik wil. Weet Waneer Wat Welk Hans Bannink Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Dat proces heeft uiteindelijk geleid tot de ontwikkeling van mijn eigen filosofie: Weet Wanneer je Wat op Welk moment moet doen bij stijgende, gelijkblijvende en dalende koersen en houd je er ook aan. Deze criteria geconcretiseerd krijgen was een zeer lastig proces. Waar het om gaat is dat ik van te voren precies weet wanneer ik moet gaan ingrijpen en zelfs ook al weet wat ik na dit ingrijpen vervolgens weer moet doen. Stukken verkopen om verlies te beperken of winst binnen te halen is stap 1. Daarna moet ik ook weten wat ik dan weer moet doen. Middels het werken met de iron condor op de AEX weet ik nu precies wanneer ik moet ingrijpen in mijn posities en weet ik tevens ook welke posities ik daarna moet innemen. Concreet houd dit het volgende in: Wanneer op bijvoorbeeld een ironcondor de put positie op verlies staat dan moet ik altijd in staat zijn om terug te rollen zonder verlies (of tegen een vooraf bepaald minimum verlies). Wat ik dan vervolgens doe is de putspread naar een andere positie terugrollen. Welk moment bepaal ik aan de hand van een door mijzelf bepaald stoploss  die voldoet aan meerdere criteria. Kortom ik Weet dus van tevoren wanneer ik moet ingrijpen. Daarnaast geldt de 4 W methode ook voor wat te doen bij oplopende winst en bij zijwaarts bewegende koersen. Belangrijk uitgangspunt in het werken volgens de 4 W methode is dat ik rust in mijn portefeuille heb. Ik hoef niet meer steeds te wikken en te wegen of ik moet ingrijpen. Ook hoef ik niet meer lang na te denken wat ik moet doen als ik heb ingegrepen, dat staat namelijk ook al vast. Bijkomend voordeel is dat ik niet meer allerlei onderzoeken hoef te doen op mogelijke marktontwikkelingen en analyses hoef te volgen van allerlei beurskenners. Ze kunnen hun waarde hebben, maar ik hoef mij er niet meer door te laten bepalen. Het enige wat voor mij telt is: als de beurs een bepaalde beweging maakt (omhoog, gelijk of omlaag) dan weet ik van te voren al wat ik moet doen. Voor mijn nachtrust is dat bijzonder prettig. En bovenal, daar gaat het uiteindelijk om, elk jaar kan ik een mooie winst van gemiddeld meer dan 20% bijschrijven op mijn rekening. Het werken volgens de 4W methode zou voor iedere belegger een goed hulpmiddel zijn. Er is veel meer rust in de portefeuille en je komt niet meer zo snel voor verrassingen te staan. Bovendien zie je aankomen of je moet ingrijpen of niet. Waar het om gaat is dat je als belegger van te voren moet Weten Wanneer je Wat op Welk moment moet doen. Het maakt niet uit hoe je belegt. Als je volgens de 4 W methode toetst, heb je meer grip op je belegging! Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Scoor financieel adviseurs op onafhankelijkheid Bron: Fred de Jong, Me Judicexyz De consument is gebaat bij het publiceren van een score die de mate van onafhankelijkheid van financieel adviseurs weergeeft. Dit komt de kwaliteit van het advies ten goede. Daarnaast kunnen consumenten zo makkelijker onafhankelijke adviseurs herkennen. Een maatstaf voor onafhankelijkheid is eenvoudig te maken, stelt Fred de Jong. Provisieverbod niet afdoende De mate van onafhankelijkheid van een financieel adviseur hangt sterk af van het verdienmodel en zeggenschapsverbanden. Van oudsher werden tussenpersonen (onafhankelijke financieel adviseurs) via provisie betaald door de aanbieders van financiële producten, de banken en verzekeraars. Deze prikkel heeft er mede toe geleid dat financieel advies tot een productgedreven markt is verworden in plaats van adviesgerelateerd. Er moest een product worden geadviseerd om inkomsten te verdienen. Met de invoering van een provisieverbod per 2013 tracht de overheid de financiële banden tussen banken en verzekeraars enerzijds en tussenpersonen anderzijds door te knippen. Om daarmee ook de onafhankelijkheid van het advies door tussenpersonen beter te waarborgen. De overheid heeft er echter voor gekozen om provisie alleen te verbieden voor de advisering in complexe en impactvolle financiële producten. Onafhankelijke financieel adviseurs kunnen dus nog steeds provisie ontvangen voor hun bemiddeling in schadeverzekeringen en consumptief krediet. Fred de Jong (1971) Zelfstandig onderzoeker/adviseur op het gebied van financiële markten De specialiteit van Fred de Jong is de intermediaire bedrijfstak (markt voor tussenpersonen en financieel adviseurs). Over die markt heeft hij een economisch proefschrift geschreven waarop hij in 2010 is gepromoveerd bij de Universiteit van Amsterdam. Fred de Jong is ruim 12 jaar werkzaam in de markt voor financiële dienstverlening. Eerst als hoofd onderzoek bij Bureau D & O, later als beleidscoordinator en bestuurssecretaris van de intermediaire brancheorganisaties NVA, Federatie FIDIN en VvHN. Verder is hij als docent en onderzoeker verbonden aan het Amsterdam Centre for Insurance Studies van de Universiteit van Amsterdam. Maar ook zonder de aanwezigheid van een provisieprikkel bestaan er nog andere vormen van financiële banden tussen aanbieders en adviseurs. Bijvoorbeeld financieringen van de portefeuille of het bezit van aandelen. Het is dan ook de vraag in hoeverre tussenpersonen na invoering van het provisieverbod daadwerkelijk onafhankelijk zijn. Veel tussenpersonen zijn beperkt in het aantal aanbieders waarmee men kan samenwerken. Banken en verzekeraars willen niet met elke adviseur zaken doen en tussenpersonen maken soms gebruik van preferred suppliers. De echt onafhankelijke tussenpersonen hebben verder moeite om hun onderscheidende waarde ten opzichte van verkoopadviseurs bij banken en verzekeraars duidelijk te maken. Scoren op onafhankelijkheid Gezien de verschillende definities van de term onafhankelijkheid, is het verstandig om deze term niet willekeurig te gebruiken. Beter is het om een oplopende schaal van onafhankelijkheid te gebruiken. Bijvoorbeeld van nul (totaal afhankelijk) naar tien (totaal onafhankelijk). Daartoe zou een onafhankelijkheidslabel moeten worden ingesteld. Het aanbrengen van labels helpt consumenten beter geïnformeerde beslissingen te nemen. Zoals dat nu bijvoorbeeld ook gebeurt op het gebied van milieu en energie (auto’s, woningen, wasmachines etc.). De toezichthouder zou kunnen toezien op het juiste gebruik van de onafhankelijkheidsscore richting de consument in reclames, dienstenwijzers, website, en adviesgesprekken. Een model dat hiervoor kan worden gebruikt, is als volgt: voor elke vorm van onafhankelijkheid ontvangt een financieel adviseur een punt. Naarmate er meer punten worden gescoord, is de onafhankelijkheid groter, met een maximum van tien punten bij een kantoor dat als 100 procent onafhankelijk kwalificeert. Scoretabel voor bepalen onafhankelijkheid tussenpersoon (10 punten = maximaal onafhankelijk) Beloning geheel op basis van provisie cliënt (ook schadeverzekeringen) Eigen AFM-vergunning bemiddelen of adviseren Geen volledig eigendom van een bank of een verzekeraar Geen contractuele productieverplichting Geen hypotheek op kantoorpand door aanbieder waarmee een samenwerkingsovereenkomst is gesloten Geen lening bij aanbieder waarmee samenwerkingsovereenkomst is gesloten Geen voordelige financiering van de portefeuille Geen voorkeursmaatschappijen (evenredige spreiding van productie). Bij elk advies wordt een zo groot mogelijk aantal producten en aanbieders betrokken in de analyse. Niet meer dan 10 procent aandelenbezit door een aanbieder Niet meer dan 50 procent aandelenbezit door een aanbieder Overigens zegt deze scoretabel nog niet alles over de kwaliteit van een intermediair. Ook een kantoor dat op basis van deze objectieve criteria 100 procent onafhankelijk is, kan in haar gedragingen verkeerde adviezen geven of met een zeer beperkt aantal aanbieders samenwerken. Het model kan wel helpen om de consument de mate van onafhankelijkheid van een intermediair, voorafgaand aan het advies vast te laten stellen. Omdat de kans op een goed advies groter wordt naarmate de onafhankelijkheid toeneemt. En daarmee wordt in ieder geval een deel van de informatiekloof gedicht. In het beschreven model onafhankelijkheidslabel is de manier van beloning van de intermediair niet belangrijker dan de andere aspecten van onafhankelijkheid, omdat daarover voor de consument geen onduidelijkheid bestaat. Door de invoering van het provisieverbod, bij complexe en impactvolle producten, en de toegenomen (weliswaar passieve) transparantie bij schadeverzekeringen, is het voor de consument helder of een intermediair door de aanbieder wordt betaald of dat de klant zelf direct aan het intermediair de beloning betaalt via een vergoeding (urendeclaratie, abonnement of vast tarief). Het volledige artikel is hier te raadplegen. Terug naar Inhoud Risico beleggingsfondsen te laag voorgespiegeld Bron: AFM Volgens de AFM is de risicometer voor beleggingsfondsen die beleggen in illiquide activa minder geschikt om beleggers inzicht te geven in de risico’s die ze lopen. In de regel wordt het risico te laag voorgespiegeld. Om welke fondsen gaat het? De beleggingsinstellingen waarvoor de risicometer minder geschikt is, hebben gemeenschappelijk dat ze (indirect) investeren in beleggingen waarin niet of weinig wordt gehandeld. Deze beperkte of ontbrekende handel maakt dat de schommeling van het historisch rendement (ofwel volatiliteit) van de belegging laag is. De volatiliteit bepaalt juist de stand van de risicometer. Hoe lager de volatiliteit, hoe lager de stand van de risicometer. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld fondsen die beleggen in beursgenoteerde effecten. Een lage score op de risicometer - die geheel volgens de regels is berekend - geeft in een dergelijk geval slechts een beperkt beeld van de belangrijkste risico’s. Juist bij dit type fondsen is het dan ook belangrijk dat beleggers informatie als het prospectus en de Essentiële Beleggersinformatie raadplegen. Daarin staan de belangrijkste risico’s vermeld. Oproep Omdat het gebruik van de risicometer in deze specifieke gevallen beleggers een te beperkt beeld van de belangrijkste risico’s kan geven, verzoekt de AFM beheerders van beleggingsinstellingen die beleggen in illiquide activa, de risicometer niet langer op te nemen in reclame-uitingen. De AFM vraagt om de mededeling ‘loop geen onnodig risico, lees de Essentiële Belegginsinformatie’ wel op te nemen. Als partijen twijfelen of dit verzoek van toepassing is op de belegginginstellingen waarvoor zij reclame maken, kunnen zij contact opnemen met de AFM via vragen.informatieverstrekking@afm.nl. Raadpleeg ook onze Q&A. De toezichthouder zal ook zelf partijen benaderen voor wie de risicometer minder geschikt is met het verzoek deze niet langer in reclame-uitingen te gebruiken. Regelgeving aanpassen De AFM overlegt met het ministerie van Financiën over mogelijke aanpassingen van de regelgeving, met betrekking tot de weergave van beleggingsrisico’s. Ze zal, waar nodig, de markt daarover raadplegen. Terug naar Inhoud Doe het zelf Due Diligence  Bron: Esgher van Oosterbosch, De Veste Om in Nederland een beleggingsfonds aan te mogen bieden is een vergunning vereist. Een dergelijke vergunning wordt verleend door de Minister van Financiën. Belast met het toezicht op vergunninghoudende instanties zijn de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank. De focus bij het verstrekken van een vergunning is vooral gericht op operationele risico’s binnen een onderneming en op de deskundigheid en betrouwbaarheid van het management. Toezichthouders zijn er expliciet niet om beleggers te beschermen tegen beleggingsrisico’s. Dergelijke risico’s vormen immers de bron van het uiteindelijk te behalen rendement. Sinds enkele jaren is het echter mogelijk om een fonds aan te bieden zonder dat hiervoor een vergunning is vereist. Er is in dit geval sprake van ‘vrijstelling van vergunningplicht'. Een dergelijke vrijstelling wordt verleend indien ".. aangeboden beleggingsobjecten slechts kunnen worden verworven tegen een economische tegenwaarde van ten minste € 100.000 "  (bron: www.rijksoverheid.nl).      Ofwel, vrij vertaald : de minimum investering in een fonds moet € 100.000 bedragen. De achterliggende gedachte bij deze vrijstelling is dat dergelijke bedragen over het algemeen zullen worden geïnvesteerd door participanten waarvan mag worden verondersteld dat zij voldoende deskundig en professioneel zijn om het kaf van het koren te scheiden. Over de vraag of een dergelijk criterium afdoende is om professinele van niet professionele beleggers te scheiden kan uiteraard worden gediscussieerd. Feit is dat het aantal fondsen dat gebruik maakt van deze vrijstelling de afgelopen jaren is gegroeid. En zoals onlangs is gebleken heeft een aantal van deze 'beheerders' het niet al te best voor met haar investeerders getuige de vermeende wanpraktijken bij Golden Sun en Royal Dubai (waarmee mogelijk reeds een antwoord is gegeven op de hierbovengestelde vraag). Niet onder toezicht staande fondsen met een investeringsdrempel van € 100.000 komen hierdoor in een kwaad daglicht te staan en het vertrouwen van (potentiële) investeerders in deze fondsen neemt zienderogen af. Investeren in fondsen zonder vergunning is echter niet per definitie af te raden, er kunnen ook goede redenen zijn om geen vergunning aan te vragen. Wel is het raadzaam om vooraf eigen onderzoek te doen. 1. Onafhankelijke bewaarder Beschikt het fonds over een onafhankelijke bewaarder? De bewaarder houdt het geld onder zich, de fondsmanager kan hier niet rechtstreeks over beschikken. Zonder tussenkomst van de bewaarder gebeurt er niets, met de noorderzon vertrekken wordt dus een stuk lastiger. Let wel goed op dat de bewaarder en beheerder ook echt onafhankelijk zijn! 2. Vraag een prospectus aan Vraag altijd een prospectus aan! Een fonds dat is vrijgesteld van vergunningplicht hoeft geen prospectus op te stellen, maar investeren zonder prospectus is absoluut af te raden. Lees het prospectus en controleer op de aanwezigheid van namen van betrokken partijen. En controleer vervolgens of deze partijen bestaan en daadwerkelijk betrokken zijn bij de organisatie. Vermijd fondsen met een vaag en slordig prospectus. 3. Accountant en jaarrekening Indien een fonds al wat langer bestaat zal ongetwijfeld een jaarrekening beschikbaar zijn. Altijd opvragen en doornemen! Misschien nog wel belangrijker: neem contact op met de accountant die de jaarrekening heeft goedgekeurd om te controleren of deze inderdaad bekend is met de organisatie. 4. Check het handelsregister van de KvK In het handelsregister van de Kamer van Koophandel is interessante informatie te vinden over de beheerder van een fonds. Denk hierbij aan datum van oprichting, eigendomsverhoudingen en samenstelling directie. Ook kan informatie worden opgevraagd over het eigen vermogen en de resultaten over voorgaande jaren. Mogelijk moet voor deze en andere informatie een beperkte vergoeding worden betaald, maar deze ‘investering’ staat in schril contrast tot de € 100.000 waarvoor u mogelijk gaat deelnemen! 5. Breng een bezoek aan de manager Het lijkt een overbodige tip, maar in de praktijk blijkt dat slechts weinig investeerders de moeite nemen om een bezoek te brengen aan het kantoor van een fondsmanager. Het kost misschien een paar uur, maar het is altijd prettig om te weten aan wie u uw geld gaat toevertrouwen.  Terug naar Inhoud Info over publicaties van de ECB Bron: Redactie De ECB (Europese Centrale Bank) geeft diverse publicaties uit die informatie bevatten over haar kernactiviteiten: monetair beleid, statistiek, betalings- en effectenverkeer, financiële stabiliteit en toezicht, internationale en Europese samenwerking en juridische zaken. Hiertoe behoren ondermeer: Officiële publicaties Jaarverslag Convergentieverslag Maandbericht WetenschappelijKe publicaties Legal Working Papers Occasional Papers Research Bulletin Working Papers Overige / taaKgebonden publicaties Enhancing monetary analysis Financial integration in Europe Financial Stability Review Statistics Pocket Book (pdf: april 2014) The European Central Bank: geschiedenis, rol en functies The international role of the euro De uitvoering van het monetaire beleid in het eurogebied (‘Algemene Documentatie’) Het monetaire beleid van de ECB The payment system Hiernaast publiceert de ECB brochures en informatiematieraal over een breed scala van onderwerpen, waaronder de eurobankbiljetten en -munten, en verslagen van seminars en conferenties. Een compleet overzicht van documenten (in pdf-vorm) gepubliceerd door de ECB en het Europees Monetair Instituut, de voorganger van de ECB van 1994 tot 1998, is te vinden op de website van de ECB, www.ecb.europa.eu/pub/. Met taalcodes is aangegeven in welke talen elk van de publicaties beschikbaar is. Tenzij anders vermeld, zijn overdrukken gratis te verkrijgen, los dan wel per abonnement, en zolang de voorraad strekt, via e-mail aan info@ecb.europa.eu. Terug naar Inhoud Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met het bestuur Klik Hier  Terug naar Inhoud Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

5 mei 2014

...

Nieuwsbrief20140401

April 2014 HCC Beleggen symposium a.s. zaterdag Europese Commissie kijkt toe terwijl Europa uit balans blijft Toekomstige rente Gebreken bij stemmen op afstand Checklists & stappenplannen van AFM Commentaren op de financiële markten 62ste  HCC Beleggen Symposium - Aanmelden en routebeschrijving Actieve leden gezocht HCC Beleggen symposium a.s. zaterdag 5 april in De Bilt. Bron: Redactie Aanstaande zaterdag, op 5 april 2014, zullen kundige Sprekers tijdens het 62ste HCC Beleggen symposium u laten zien hoe ook u op een lucratieve manier kunt beleggen. Uit onderzoek is gebleken dat  de samenstelling van uw beleggingsportefeuille een zeer groot effect op het uiteindelijke rendement en risico heeft.  Als voorbeeld laat Mebane Faber bijvoorbeeld in het boekje "The Ivy portfolio"  zien hoe u op een relatief simpele manier, met een portefeuille met een beperkt aantal ETFs, de beleggingsresultaten van professionele partijen kunt benaderen.De vraag hoe u uw portefeuille moet samen stellen is uiterst relevant. Hierbij spelen vragen als: welke sectoren en fondsen,individuele fondsen of  beleggingsfondsen/ETFs, aandelen, obligaties of anderszins, uitbesteden of zelfdoen, keuze op basis van fundamentele analyse of technische analyse, hoe is het risicomanagement geregeld etc. Kortom, er zijn vele keuzes te maken. Het gebruikmaken van smallcaps, dividend, analyses en strategieen, maar ook handelen op een professionele wijze, kan uw rendament in belangrijke mate positief beinvloeden. Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring een bijdrage aan dit boeiendeonderwerp, "Overweeg uw portefeuille", leveren en vele vragen op het gebied van portefeuillebeheer behandelen. Tot zaterdag  P.S. Vergeet niet u even in te schrijven Klik hier Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Europese Commissie kijkt toe terwijl Europa uit balans blijft Bron: Maartje Wijffelaars, Hans Stegeman, Me Judice 17 maart 2014 In het kader van de Macroeconomic Imbalance Procedure (MIP)van de Europese Commissie kwamen onlangs landenevaluaties uit. Deze procedure zou er voor moeten zorgen dat lidstaten hun beleid zo inrichten dat ze de hierin door de Europese Commissie geconstateerde onevenwichtigheden reduceren. In de huidige status wordt dit in de MIP echter onvoldoende afgedwongen. Volgens Rabo-economen Wijffelaars en Stegeman zou de sanctieprocedure van de MIP meer in lijn moeten worden gebracht met die van het Stabiliteits- en Groeipact, zodat Europa de macro-economische onevenwichtigheden evenwichtiger aanpakt. Derde maal op zoek naar onevenwichtigheden De procedure voor macro-economische onevenwichtigheden (Macroeconomic Imbalance Procedure, MIP) van de Europese Commissie (EC) is in december 2011 opgezet en in 2012 voor het eerst in werking getreden. De procedure is gericht op het opsporen, voorkomen en corrigeren van macro-economische onevenwichtigheden die het functioneren van de Europese Unie in gevaar zouden kunnen brengen. Met een aantal stappen signaleert de MIP trends die tot ' booms en busts' zouden kunnen leiden. Vervolgens zou het moeten helpen de juiste beleidsreacties vorm te geven om deze risico’s in te perken en te beheersen. De eerste stap is het schrijven van het Waarschuwingsmechanismeverslag (Alert Mechanism Report, AMR) dat de Europese Commissie (EC) ieder jaar in november publiceert. [1] Deze indicatoren zijn momenteel: de lopende rekening van de betalingsbalans, de netto internationale investeringspositie, de reële effectieve wisselkoers, het exportmarktaandeel, de nominale arbeidskosten per eenheid product, de reële huizenprijzen, de kredietstromen naar de private sector, de schuld van de private sector, de overheidsschuld, het werkloosheidspercentage en de verplichtingen van de financiële sector. Het scorebord kan met de tijd qua samenstelling veranderen als dit nodig wordt geacht. Aan de basis van dit rapport ligt een scorebord met 11 indicatoren [1] . Aan deze indicatoren is een drempelwaarde voor het niveau of de groei gekoppeld die bij overschrijding een (op komst zijnde) onevenwichtigheid signaleert. In totaal rinkelden er in november 2013 voor het AMR 2014 (met cijfers over 2012) voor de gehele Europese Unie maar liefst 99 van de 306 alarmbellen. Dit betekent niet alleen dat er ten opzichte van een jaar eerder weinig vooruitgang is geboekt met het terugdringen van macro-economische onevenwichtigheden (voor het AMR 2013 gaf het scorebord twee waarschuwingen meer af, figuur 1), maar ook dat nog altijd bijna 1/3 van het totaal aantal alarmbellen is afgegaan. Daarbij geeft kijken naar meer of minder waarschuwingen op basis van de drempelwaarden niet het volledige beeld over het af- of toenemen van de omvang van de onevenwichtigheden. Om dat laatste beter te kwantificeren, hebben we gekeken naar de beweging die indicatoren tussen het AMR 2013 en AMR 2014 hebben gemaakt ten opzichte van de drempelwaarden. Hieruit blijkt dat de situatie in zijn totaliteit zelfs is verslechterd, en meer nog dan uit de eerstgenoemde methode dat de aard van de onevenwichtigheden is veranderd (figuur 1). Indicatoren gerelateerd aan private schuldopbouw en nominale arbeidskosten per eenheid product hebben zich in de juiste richting bewogen ten opzichte van het AMR 2013. Tegelijkertijd zijn de indicatoren gerelateerd aan concurrentiekracht, werkloosheid en overheidsschuld verslechterd. Figuur 1: De EU blijft uit balans  Bron: Europese Commissie, Rabobank Naast het scorebord zelf wordt ook de economische interpretatie ervan en andere relevante informatie meegenomen in het waarschuwingsmechanismeverslag, om een zo duidelijk mogelijk beeld te krijgen van de staat van onevenwichtigheden in een economie. In het rapport concludeert de Commissie tot slot of ze een grondige analyse nodig acht om vast te stellen of de betreffende lidstaten maatregelen moeten nemen. Op basis van het AMR 2014 is besloten dat voor zestien lidstaten nader onderzoek moest worden gedaan, een zogenaamde in-depth review (zie ook Kamalodin, 2013). Stabiele onevenwichtigheden [2] De landen waarin de EC macro-economische onevenwichtigheden heeft vastgesteld zijn: België, Bulgarije, Duitsland, Ierland, Spanje, Frankrijk, Hongarije, Nederland, Finland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk. De landen waarin de EC excessieve onevenwichtigheden heeft vastgesteld zijn: Italië, Kroatië en Slovenië. [3] Om die reden maken Griekenland, Cyprus, Portugal en Roemenië ook dit jaar nog geen deel uit van de MIP. Zij worden al gemonitord in het kader van de hervormingen en bezuinigingen die ze moeten doorvoeren in ruil voor de financiële steun die ze ontvangen. Het beeld dat opdoemt uit de diepgaande evaluaties die de EC begin maart van dit jaar heeft gepubliceerd is hetzelfde als dat opdoemt uit het AMR. Het lijstje van landen waarin de EC naar aanleiding van de diepgaande evaluaties onevenwichtigheden heeft geconstateerd die moeten worden gemonitord en aangepakt, is niet korter geworden maar wel veranderd. Enerzijds zijn er in Malta en Denemarken in termen van de MIP geen onevenwichtigheden meer en bestempelt de EC die van Spanje niet langer als excessief. Anderzijds zijn Duitsland, Kroatië en Ierland aan het rijtje van landen met onevenwichtigheden toegevoegd, en beschouwt de EC de onevenwichtigheden in Italië en Kroatië nu, naast die van Slovenië, als excessief [2]. Een onevenwichtigheid wordt als excessief beschouwd als deze het functioneren van de EMU in gevaar brengt of kan brengen. Let wel, de verbeteringen in de eerstgenoemde landen betekenen volgens de EC niet dat er geen risico’s meer zijn, alleen dat de risico’s iets minder groot zijn. Tegelijkertijd moeten we in verband met de toevoeging van Ierland en Kroatië opmerken dat beide landen voorheen geen deel uitmaakten van de MIP, maar dat er zeker wel onevenwichtigheden waren. Ierland werd vorig jaar nog beoordeeld in het licht van het steunpakket dat het ontving van de Trojka [3] en Kroatië behoort pas sinds juli 2013 tot de Europese Unie. Een tandje erbij voor Duitsland en Italië Bij de evaluaties springen twee landen er uit, vooral omdat ze cruciaal zijn voor het wel en wee van de eurozone de komende jaren, namelijk Duitsland en Italië. Figuur 2: Lopende rekening van de betalingsbalans Duitsland blijft hoog Bron: Eurostat Duitsland, de grootste economie van de eurozone, is dus nieuw in de lange lijst met Europese landen met onevenwichtigheden. De voornaamste reden waarom de EC nu in het kader van de MIP onevenwichtigheden heeft gesignaleerd is het aanhoudende overschot op de lopende rekening van de betalingsbalans (figuur 2). Naast een sterk concurrentievermogen van de Duitse economie impliceert het ook een lage binnenlandse vraag en mogelijk dat het land de grote hoeveelheid spaargeld niet optimaal benut doordat het te weinig investeert in rendabele projecten binnen de grenzen. Daarbij remt de lage investeringsgraad niet alleen de actuele maar ook de potentiële groei van het Duitse BBP-volume. Gezien de omvang van de Duitse economie kan de bovenstaande onevenwichtigheid ook de groei van de economie van de eurozone remmen, terwijl de lage binnenlandse vraag de herbalancering binnen de eurozone bemoeilijkt. Immers, minder vraag uit Duitsland maakt het voor andere Europese landen lastiger om zich uit de crisis te exporteren. Het is goed dat de EC nu aandacht heeft voor dit soort onevenwichtigheden. Tot voor kort werden lopende-rekeningoverschotten de facto namelijk niet of nauwelijks gezien als een macro-economische onevenwichtigheid die risico’s met zich meebrengt. Figuur 3: Overheidsschuld Italië meer dan twee keer de drempelwaarde Bron: Eurostat In Italië vragen vooral de enorme publieke schuldenlast (figuur 3) en het uiterst zwakke concurrentievermogen om aandacht. Beide belemmeren niet alleen het functioneren van de Italiaanse economie maar kunnen ook het functioneren van de eurozone in gevaar brengen. Italië is de derde economie van het eurogebied en is Maartje Wijffelaars Rabobank Nederland Maartje Wijffelaars MSc. (1987) is sinds januari 2013 werkzaam bij het Directoraat Kennis & Economisch Onderzoek van Rabobank Nederland, in het team Internationaal Macro-economisch Onderzoek. Hiervoor heeft ze gewerkt aan de Universiteit van Antwerpen. Daar heeft zij onderzoek verricht naar de relatie tussen financiële instellingen en overheidsschuld in het eurogebied ten tijde van de crisis. Ze heeft International Economics and Finance gestudeerd aan Tilburg University. daarmee van grote invloed op het groeipotentieel van de eurozone. Daarnaast zouden betalingsproblemen gezien de hoogte van de overheidsschuld de onrust op de markten in alle hevigheid doen terugkeren, zeker omdat het onduidelijk is of Europa over voldoende middelen bezit om Italië in een dergelijke situatie te redden. De huidige lage inflatie en groei van het BBP-volume bemoeilijken het afbouwen van de overheidsschuld. Het is voor de economie van Italië dan ook cruciaal om de uiterst zwakke (of zelfs negatieve) productiviteitsgroei en de lange lijst van inefficiënties in de gehele economie en samenleving aan te pakken. Gezien de zwakke instituties, deels ook de oorzaak van deze problemen, is het maar de vraag of dit ook gaat lukken. Verwacht niet te veel van de MIP Het idee achter de MIP is prima. De eenzijdige nadruk op begrotingsdiscipline moest natuurlijk een tegenhanger krijgen in een procedure waarin ook onevenwichtigheden in economisch beleid worden aangepakt. Immers, een groot deel van die problemen op de overheidsbegroting zijn rechtstreeks afkomstig uit die macro-economische onevenwichtigheden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de verslechtering van de overheidsfinanciën in Spanje en Ierland. In beide landen heeft onder andere het uiteenspatten van een huizenmarktzeepbel via een diepe recessie en benodigde herkapitalisatie van banken, geleid tot enorme begrotingstekorten en een toename van de overheidsschuld. Maar daar waar de sanctieprocedure bij een buitensporig tekort overzichtelijk en grotendeels automatisch verloopt, is dit bij de in de diepgaande evaluaties geconstateerde onevenwichtigheden niet het geval. De gesignaleerde onevenwichtigheden kunnen dientengevolge lastig worden aangepakt. Zo zijn de eerdergenoemde verbeteringen in Luxemburg, Malta en Spanje ook niet toe te schrijven aan de MIP. Nationaal beleid en veranderende economische omstandigheden zijn daarbij de belangrijkste factoren. Dezelfde factoren dus die de onevenwichtigheden hebben doen ontstaan. De MIP is (nog) geen procedure waarmee lidstaten om de oren kunnen worden gemept. [4] Italië, Slovenië en Kroatië vallen vooralsnog ook enkel onder de preventieve tak. Als ze uiteindelijk in een EIP terecht zouden komen, vallen ze onder de corrigerende tak. [5] De Europese Raad (de staatshoofden van de EU-lidstaten, de voorzitter van de EC en de voorzitter van de Raad) moet de conclusie van de Commissie te allen tijde ofwel accepteren ofwel afwijzen en aanpassen. [6] Het Europees Semester is een jaarlijkse cyclus waarin de EC beoordeelt of de budgettaire en economische beleidsplannen van lidstaten in lijn zijn met het Stabiliteits- en Groeipact en de Macro-economische Onbalans Procedure, of dat de landen maatregelen dienen te nemen. De EC doet op basis van de ingediende stabiliteits- en convergentieprogramma’s en nationale hervormingsprogramma’s aanbevelingen aan de landen. Beleidsstappen door overheden zijn pas afdwingbaar als de procedure bij buitensporige onevenwichtigheden(Excessive Imbalances Procedure: EIP) van start gaat. Onder de preventieve tak, waar de landen met vastgestelde (niet-excessieve) onevenwichtigheden [4] nu terecht komen, kan de Europese Commissie (EC) wel beleidsaanbevelingen doen om deze af te bouwen, maar niet - op straffe van een boete - afdwingen. Tegelijkertijd heeft de EC aangegeven dat ze pas begin juni zal besluiten of ze het nodig acht dat de Europese Raad [5] een EIP opent voor de landen waar ze excessieve onevenwichtigheden heeft vastgesteld (Italië, Kroatië en Slovenië). De Commissie wil namelijk eerst de stabiliteits- en convergentieprogramma’s en nationale hervormingsprogramma’s beoordelen die de landen eind april indienen. Deze programma’s moeten de lidstaten in het kader van het Europees Semester [6] ieder jaar rond eind april aanleveren. Als de Commissie de hierin voorgenomen maatregelen voldoende acht, zal ze in juni naar verwachting de Europese Raad adviseren geen EIP te openen. Op deze manier zijn in 2013 Spanje en Slovenië ontsnapt aan de procedure. Dat is jammer, want hierdoor wordt de kans dat er ook daadwerkelijk iets verbetert in de onevenwichtigheden verkleind. Omdat de in de programma’s opgenomen hervormingen niet door een boete afdwingbaar zijn, is er geen financiële prikkel om deze daadwerkelijk door te voeren. Het moge duidelijk zijn dat de MIP in de huidige vorm onvoldoende in staat is om excessieve onevenwichtigheden en de daarmee samenhangende negatieve spillover-effecten te voorkomen of adequaat aan te pakken, zoals dat bij de begrotingsafspraken wel het geval is. Hans Stegeman Rabobank, Utrecht Hans Stegeman werkt sinds 2007 bij Economisch Onderzoek als econoom en sinds 2009 als hoofd van het team Nationaal Onderzoek. Daarbij is hij verantwoordelijk voor al het onderzoek van KEO naar de Nederlandse en regionale economie en huizenmarkt. Ook is hij een van de auteurs en projectleider van het onlangs verschenen boek "IN2030: Vier vergezichten". Hans studeerde Algemene Economie aan de Universiteit Maastricht en werkte hiervoor onder andere als onderzoeker bij het Centraal Planbureau. Verbeter de sanctieprocedure Wil dit zeggen dat de MIP beter kan worden afgeschaft? Nee, integendeel. Het feit dat onevenwichtigheden een crisis kunnen veroorzaken en de stabiliteit van de eurozone in gevaar kunnen brengen vraagt juist om een verbeterde en strengere procedure. Als we kijken hoe we de MIP in de huidige situatie (met in elf landen onevenwichtigheden en in drie landen excessieve onevenwichtigheden) van meer materiaal zouden kunnen voorzien om mee te meppen, moeten we ons richten op de strafmaat [7]. Voor wat betreft de landen die zich nu onder de preventieve tak bevinden, zouden de aanbevelingen van de EC, evenals bij het Stabiliteits- en Groeipact (SGP), op straffe van bijvoorbeeld een rentedragend deposito moeten kunnen worden afgedwongen. Bij het SGP kan de EC een lidstaat een dergelijk deposito opleggen als een land geen gehoor geeft aan een waarschuwing onder de preventieve tak. Daarnaast zou de EC altijd een EIP moeten starten zodra zij onevenwichtigheden als excessief bestempelt, evenals dat zij altijd een buitensporig tekortprocedure opent nadat zij een excessief tekort heeft vastgesteld in het kader van het SGP. Voor de EIP zouden de stabiliteits- en convergentieprogramma’s en nationale hervormingsprogramma’s die landen ieder jaar moeten indienen wel mogen fungeren als concept voor het plan met corrigerende maatregelen (Corrective Action Plan, CAP), maar een positieve beoordeling van deze programma’s moet er niet toe leiden dat de EC geen procedure start. Het CAP is een document waarin landen, die in een EIP terechtkomen, aan moeten geven hoe ze de geconstateerde excessieve onevenwichtigheden gaan terugdringen. De EC zal dan vervolgens beoordelen of zij de hierin genoemde maatregelen voldoende acht, met als belangrijkste effect dat de lidstaten een boete krijgen als ze (zonder geaccepteerde reden) afwijken van het plan. [7] Voor de duidelijkheid, we kijken hier omwille van de eenvoud nu dus niet naar de ogenschijnlijke willekeurigheid in het concluderen van het bestaan van (excessieve) onevenwichtigheden, in welke mate onevenwichtigheden via beleid kunnen worden aangepakt, en de invloed van de politiek doordat het eindoordeel altijd bij de Europese Raad ligt. De door ons voorgestelde wijzigingen betekenen per saldo dat de Europese Commissie meer mogelijkheden krijgt om macro-economische onevenwichtigheden aan te laten pakken en minder mogelijkheden overhoudt om landen aan een buitensporige onevenwichtighedenprocedure te laten ontsnappen. En dat is zeker nodig, omdat het Brussels beleidsinstrumentarium onevenwichtig is, waardoor de focus te veel komt te liggen op restrictief begrotingsbeleid. En economisch beleid is meer dan dat. Referenties Europese Commissie, 2013, Waarschuwingsmechanismeverslag 2014, COM(2013) 790 final, Brussel Europese Commissie, 2014, Resultaten van diepgaande evaluaties op grond van Verordening (EU) nr. 1176/2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden , COM(2014) final, Brussel Kamalodin, S., 2013, Verbetert het waarschuwingsmechanismeverslag 2014 de economische herbalancering, Rabobank blog, Utrecht. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Centrale banken communiceren over toekomstige rente Bronnen: DNB, Redactie Steeds vaker spreken centrale banken zich uit over de verwachte ontwikkeling van de beleidsrente (Forward guidance). Ook de Europese Centrale Bank doet dit. Onderzoek van DNB naar dit fenomeen in Zweden laat zien dat forward guidance een effectieve manier kan zijn om de lange rente te beïnvloeden zelfs als de beleidsrente (bijna) nul is. Goudschaaltje Wie belegt, investeert of handelt in financiële producten is enorm gespitst op de rente. Gaat de rente omhoog, daalt ze of blijft ze ongewijzigd? Vooral de rente op lange termijn is economisch belangrijk, onder meer omdat de lange rente een rol speelt bij grote bestedingen. De korte rente heeft op haar beurt invloed op de lange rente. Iedere beweging van een centrale bank wordt dan ook nauwlettend gevolgd. Forward Guidance, wat is dat eigenlijk? Forward guidance is een "tool", gehanteerd door een centrale bank waarbij deze kan uitspreken dat een bepaalde beleidslijn (met name het handhaven van beleidsrentes op het huidge niveau) aangehouden zal worden zolang aan bepaalde voorwaarden voldaan is. Hiermee wordt beoogd dat financiële markten het vertrouwen hebben dat de korte rente geruime tijd "vaststaat", hetgeen een drukkend effect heeft op de rentestand over die totale periode. (De yieldcurve* wordt als het ware "omlaag getrokken".) Het verhoopte effect is dat banken die lagere rentes zullen "doorgeven" aan hun kredietnemers; tevens heeft dit een verlagend effect op de rentelasten van overheden. In de literatuur wordt een onderscheid gemaakt tussen Delphic forward guidance, waarbij die beleidslijn wordt voortgezet totdat een bepaalde situatie bereikt is (bijvoorbeeld een bepaald werkloosheidsniveau), en Odyssean forward guidance, waarbij toegezegd wordt dat die beleidslijn ook zal worden voortgezet nadat daartoe in feite geen directe noodzaak meer bestaat. In de praktijk zullen uitlatingen van centrale banken vaak zodanige nuances bevatten dat de vraag welk type forward guidance nu wordt gehanteerd niet geheel eenduidig te beantwoorden is. Een voorbeeld van forward guidance (uit de persconferentie van de ECB van 6 maart 2014: "We firmly reiterate our forward guidance. We continue to expect the key ECB interest rates to remain at present or lower levels for an extended period of time. This expectation is based on an overall subdued outlook for inflation extending into the medium term, given the broad-based weakness of the economy, the high degree of unutilised capacity and subdued money and credit creation." * Een yieldcurve is een grafiek die het verband weergeeft tussen het rendement op overigens gelijke of vergelijkbare leningen met diverse looptijden En bij de bekendmaking van de rentebesluiten worden de woorden van een centralebank-president op een goudschaaltje gewogen. Ieder woord kan immers een toespeling bevatten op de ontwikkeling van de rente. Daarmee is het afgeven van signalen over de toekomstige rente bij uitstek een instrument voor monetair beleid, juist nu verder verlagen van de beleidsrente bijna niet meer mogelijk is.  Beleidsrente laag Om de economische neergang als gevolg van de crisis tegen te gaan, hebben centrale banken in onder meer het VK, de VS en het eurogebied de beleidsrente verlaagd tot praktisch nul. Maar dat betekent niet dat centrale banken geen speelruimte meer hebben om via het monetaire beleid invloed uit te oefenen op de economie. Naast de beleidsrente, kunnen centrale banken namelijk gebruikmaken van verschillende onconventionele maatregelen zoals het opkopen van activa of het verstrekken van extra leningen aan banken. Maar er is nog een maatregel die de laatste jaren steeds meer aan terrein wint: het afgeven van indicaties over de toekomstige ontwikkeling van de beleidsrente, ook wel forward guidance genoemd.  Onderzoek Forward guidance In haar communicatie over rentebeleid refereert de ECB sinds de afgelopen zomer aan het lange-termijn perspectief.ECB President Draghi verwoordde het als volgt: ‘The Governing Council expects the key ECB interest rates to remain at present or lower levels for an extended period of time.’ Dat was een nieuwe stap voor de ECB. Doordat de stap van de ECB recent is, is het nog niet mogelijk om de effecten van de ECB’s forward guidance vast te stellen. Sommige centrale banken maakten al voor het uitbreken van de crisis gebruik van forward guidance.  Dat geldt ook voor de centrale bank van Zweden, die naast steun aan banken ook het instrument van forward guidance inzette.  Uit recent onderzoek van DNB blijkt dat de monetaire autoriteiten in Zweden in staat zijn geweest de lange rente te beïnvloeden, zelfs toen de beleidsrente in 2009 en 2010 was gedaald tot (bijna) nul. Onderzocht is in hoeverre marktrentes met verschillende looptijden in Zweden al dan niet reageerden op nieuwe informatie over economische ontwikkelingen, zoals bbp-groei of inflatie. De Zweedse korte rente kon in 2009 en 2010 niet of nauwelijks meer op nieuws reageren. Maar lange rentes konden nog wel reageren, mits markten verwachtten dat op enig moment in de komende jaren de centrale bank haar beleid zou aanpassen op basis van de economische ontwikkelingen.  Het onderzoek laat zien hoe dit in de Zweedse casus het geval is geweest. Korte rentes, met een looptijd tot twee jaar, reageerden inderdaad veel minder op economisch nieuws toen de beleidsrente tot nagenoeg nul was gedaald. Voor rentes met een langere looptijd was de reactie op economisch nieuws echter even groot als in de jaren vóórdat de beleidsrente vrijwel tot nul was gedaald. Markten verwachtten dus dat op enig moment de beleidsrente wel degelijk weer zou gaan bewegen.  Het onderzoek toont zo dat een centrale bank nog steeds succesvol de huidige lange rente kan beïnvloeden door middel van forward guidance over de toekomstige korte rente. Links: The effect of the zero lower bound, forward guidance and unconventional monetary policy on interest rate sensitivity to economic news in Sweden BBC: Q&A: What is forward guidance? Terug naar Inhoud Gebreken bij stemmen op afstand Bron: AFM Stemmen op afstand bij aandeelhoudersvergaderingen kent gebreken en is voor verbetering vatbaar. Dat blijkt uit onderzoek van de AFM naar transparantie en verifieerbaarheid van de stemketen. De AFM komt tot deze conclusie onder meer op basis van gesprekken met de belangrijkste Nederlandse marktpartijen, waaronder bewaarbedrijven (custodians), stemketen dienstverleners, uitgevende instellingen en (vertegenwoordigers van) beleggers. Deze verkenning is maandag 24 maart gepubliceerd: Rapport: AFM onderzoek naar de stemketen Eén van de rechten van aandeelhouders is het kunnen stemmen over agendavoorstellen van de vennootschap. Lang niet alle aandeelhouders van de (grote) beursondernemingen wonen de Algemene vergadering van Aandeelhouders (AvA) fysiek bij. Uit praktisch oogpunt kiezen zij er vaak voor te stemmen bij volmacht en/of op afstand. Dit speelt vooral bij grensoverschrijdend stemmen en bij institutionele beleggers met internationaal gediversifieerde portefeuilles. Betrouwbare stemketen Echter, aandeelhouders én vennootschappen hebben geen of onvoldoende zicht en garantie of de stemmen die zijn uitgebracht daadwerkelijk en juist zijn doorgekomen in de stemketen. Door de toenemende aandacht voor betrokken aandeelhouderschap willen niet alleen beleggers, maar ook uitgevende ondernemingen meer inzicht in de wijze waarop beleggers betrokken zijn en hebben gestemd. Een betrouwbare stemketen draagt daaraan bij. Het gebrek aan verifieerbaarheid en transparantie van de stemketen heeft een aantal technische en juridische oorzaken. Het gaat hier om een groot aantal partijen dat gebruik maakt van verschillende systemen die niet op elkaar aangesloten zijn en het gebruik van verschillende elektronische documenten. Verschillen De bestaande Europese richtlijn laat veel ruimte voor verschillende implementatie in jurisdicties. Dit leidt onder meer tot verschillen in record dates (de datum waarop bepaald wordt of iemand stemgerechtigd is), maar ook tot interpretatieverschillen over wie de stemgerechtigde is. Ook hebben custodians, bewaarbedrijven die naast het bewaren van aandelen ook diensten verlenen rond het stemrecht van deze stukken, de vrijheid zelf te bepalen wat de sluitingsdatum is voor het uitbrengen van de stemmen, de zogeheten cut-off date. Dit alles is verwarrend en vergt veel maatwerk en kosten. Daarnaast is sprake van uiteenlopende belangen van de betrokken partijen waardoor, door belang bij behoud van de huidige situatie, of door gebrek aan een gevoel van urgentie, oplossingen niet actief worden nagestreefd. Dit leidt ertoe dat terugkoppeling van de uitgebrachte stemmen moeizaam verloopt of geheel uitblijft. Aanbevelingen en reacties In het rapport doet de AFM ook enkele aanbevelingen ter verbetering van de stemketen. Enerzijds is aanpassing van internationale en Europese regulering wenselijk, zoals harmonisatie van de termijnen van record date en cut-off date en verplichte medewerking door custodians. Gezien de internationale context en verwevenheid, biedt het enkel aanpassen van de Nederlandse regelgeving geen soelaas. Daarnaast ligt er een belangrijke rol voor marktpartijen in de stemketen. Bijvoorbeeld door het gebruik van gestandaardiseerde gegevensuitwisseling. Ook is er een rol voor de aandeelhouders zelf om te verlangen dat zij een bevestiging krijgen dat hun stem overeenkomstig de gegeven instructie is verwerkt en uitgebracht. De AFM zal zich inzetten het onderwerp op de agenda te zetten in (internationale) fora, zoals ESMA en bij de Nederlandse Monitoring Commissie Corporate Governance Code. De AFM heeft daarom haar rapport aangeboden aan de voorzitter van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code, de heer prof. dr. Van Manen. De Monitoring Commissie Corporate Governance Code zegt verheugd te zijn met het onderzoek dat de AFM presenteert en zal de uitkomsten meenemen in haar werk en onderzoek naar de rol van de aandeelhouder. Reacties van Vereniging voor effectenbezitters (VEB) en Eumedion als vertegenwoordigers van beleggers zijn opgenomen in eerder genoemd rapport:  "AFM onderzoek naar de stemketen" Terug naar Inhoud Checklists & stappenplannen Bron: AFM Heb je geen zin of tijd om je uitvoerig te verdiepen in financiële producten? Deze checklists en stappenplannen bieden goede tips en helpen je de juiste vragen te stellen en afwegingen te maken. Zo word je, zonder al te veel inspanning, financieel wijzer. De stappen van de klachtenprocedure Tips om misleidende informatie te herkennen Tips bij beleggen Check het spaarbeleid van jouw bank Checklist hypotheek adviesgesprek Checklist beleggen in vastgoed Checklist beleggen in obligaties Check je adviesgesprek beleggen in 12 vragen Tips bij beleggingsverzekering of woekerpolis Wel of geen advies? Tips voor het schrijven van een klachtenbrief Meer handige tips & tools Consumentenfolders Terug naar Inhoud Commentaren op de financiële markten Bron: Belfius Europa - Europese Bankenunie, tweede pijler: het akkoord is rond. Na meer dan 16 uur onderhandelen tussen de Europese Commissie, de Raad en het Parlement werd een akkoord bereikt over de tweede pijler van de bankenunie. Ook al zou dit akkoord minimalistisch kunnen worden genoemd, toch legt het de basis voor de systemen en Europese fondsen voor de redding van de Europese banken. De Duitse ZEW-index is fors teruggevallen in maart, nl. van 55,8 naar 46 punten, vooral als gevolg van de crisis in de Krim. Verenigde Staten -  Yellen en de Fed: aankopen teruggeschroefd. Ook al staat het bezoek van president Obama aan België en Europa deze week centraal, toch mogen we Janet Yellen, de voorzitster van de Fed, en haar meest recente verklaringen niet vergeten. Voor haar eerste bijeenkomst gaf het FOMC immers te kennen dat het zijn maandelijkse aankopen vanaf volgende maand gaat terugschroeven met 10 miljard USD. Het bevestigde eveneens dat dit programma voor de opkoop van activa eind 2014 ten einde loopt. Janet Yellen liet zelfs verstaan dat er 6 maanden later mogelijk een renteverhoging op til is. Nog altijd in die context maakt Janet Yellen bekend dat de Fed zich niet langer zou baseren op de werkloosheid van 6,5 %. Daarvoor zal hij veeleer kijken naar de indicatoren op de arbeidsmarkt en naar de inflatie. Fitch maakte bekend de rating van de Verenigde Staten te handhaven op AAA met een stabiele in plaats van een negatieve outlook. Oorzaken daarvan zijn het verdwijnen van de onzekerheid over het optrekken van het schuldenplafond en de betere economische vooruitzichten. China In Taiwan vonden er anti-Chinese manifestaties plaats, onder meer voor het Taiwanese parlement, als reactie op de handelsakkoorden tussen Taiwan en China. De betogers vrezen voor een massale terugkeer van goedkopere Chinese werkkrachten en voor investeringsfaciliteiten in de dienstensector. Turkije Terwijl Europa veel energie stopt in een omvattende communicatie, neemt één van de landen die kandidaat zijn om toe te treden tot de Unie, censuurmaatregelen. De Turkse eerste minister Erdogan besloot het sociaal netwerk Twitter te blokkeren in Turkije. Dat irriteert niet alleen de bevolking, maar ook de Turkse president Gül, die zou willen dat die onderbreking van korte duur is. Op het einde van de maand zijn er gemeenteraadsverkiezingen gepland. Macro-economie België De consumentenvertrouwensindex is in maart tegen de verwachtingen in gedaald, nl. van -4 in februari 2014 tot -8, vooral als gevolg van de sombere economische vooruitzichten en de bedrijfsherstructureringen. Het volume aan kredieten dat werd toegekend aan de ondernemingen, is in 2013 toegenomen met 1,5 miljard euro. De toename is vooral het gevolg van de verbetering van het economisch klimaat dat werd waargenomen tijdens de tweede helft van 2013. Ook al is het volume gestegen in het laatste kwartaal van 2013, toch is het aantal toegekende kredieten op jaarbasis gedaald met 5 %. De RVA liet verstaan dat zijn uitgaven in 2013 uitkwamen op 11,4 miljard euro, dat is 1 % meer dan in 2012. Het aantal volledig uitkeringsgerechtigde werklozen is vorig jaar gestegen met bijna 4 %. Griekenland De experts van de ECB, de Europese Commissie en het IMF hebben een nieuwe hulpschijf goedgekeurd voor Griekenland, dat het geld in april op zijn rekening gestort krijgt. Het gaat om een bedrag van om en bij de 10 miljard euro. Het land moet verder blijven hervormen. Het primair overschot bedroeg 3 miljard euro in 2013. Japan De vastgoedprijzen in de voornaamste grootsteden zijn na jaren van dalingen gestegen met 1,6 %. Nationaal gaat het om een daling met 2 %. China De Chinese PMI van maart is gedaald van tot 48,1 tegen 48,5 in februari. Dat is minder goed dan verwacht. Rusland Fitch maakte bekend zijn vooruitzichten voor de rating van Rusland te herzien van "stabiel" naar "negatief". De recente dreigingen met economische sancties zouden kunnen wegen op de activiteit in het land Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 april 2014 Bron: HCC Beleggen redactie wat 62 ste HCC Beleggen Symposium "Overweeg uw portefeuille" waneer 5 april 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit HCC Beleggen ALV  (De conceptagenda en de vergaderstukken zijn hier te vinden.) en verder:                                  hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers Programma en verdere info Web-based programmaboekje Afdrukbaar sprekers rooster (pdf) Klik Hier Overzicht standhouders Klik Hier toegang Kostenloos maar inschrijven is verplicht  Inschrijven  Klik Hier locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 62-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier Terug naar Inhoud Actieve leden gezocht Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

30 maart 2014

...

Nieuwsbrief20140316 Symp62-2

    Inleiding Sprekers Standhouders Rooster Aanmelden en Routebeschrijving Webadressen Programma "Overweeg uw portefeuille" 62ste HCC Beleggen Symposium Terug naar hoofdmenu Inleiding 62ste HCC Beleggen Symposium "Overweeg uw portefeuille"  Uit onderzoek blijkt dat  de samenstelling van uw beleggingsportefeuille een zeer groot effect op het uiteindelijke rendement en risico heeft.  Zo laat Mebane Faber bijvoorbeeld in het boekje "The Ivy portfolio"  zien hoe je op een relatief simpele manier, met een portefeuille met een beperkt aantal ETFs, de beleggingsresultaten van professionele partijen kunt benaderen. De vraag hoe u uw portefeuille moet samen stellen is uiterst relevant. Hierbij spelen vragen als: welke sectoren en fondsen,individuele fondsen of  beleggingsfondsen/ETFs, aandelen, obligaties of anders zins, uitbesteden of zelfdoen, keuze op basis van fundamentele analyse of technische analyse, hoe is het risicomanagement geregeld, etc. Kortom er zijn vele keuzes te maken. Tijdens het 62ste symposium "overweeg uw portefeuille" zullen diverse sprekers antwoord geven op deze en andere vragen op het gebied van portefeuille beheer.  Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen.   tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Joost van Leenders    (BNP Paribas) Bouw uw eigen beleggingsportefeuille HCC Beleggen ALV jaarvergadering 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Menno van Hoven   (Beleggers Belangen) Dividend beleggen Marco Vocking   (www.vocking.nl) Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Willem Burgers        (Add value fonds) Think big, buy small Philippe Dassonville    (WH Selfinvest) De “Morning Buy” strategie op Europese en Amerikaanse beursindices. 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Elizabeth Goodwin    (Galapagos) Kansen in de biotechnologie sector, aan de hand van de Galapagos investment case Karel Merx    (Lynx) De acht feiten over het huidige beursklimaat 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Anne Grevenga Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van drie fundamenteel analyse modellen. Terug naar hoofdmenu 62-ste HCC Beleggen Symposium'Overweeg uw portefeuille' 5 april 2014 in De Bilt     Sprekers Joost van Leenders: Bouw uw eigen beleggingsportefeuille Menno van Hoven: Dividend beleggen Willem Burgers: Think big, buy small Elizabeth Goodwin: Kansen in de biotechnologie sector -Een Galapagos investment case- Anne Grevinga: Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van drie fundamenteel analyse modellen. Marco Vocking: Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem Philippe Dassonville: De "Morning Buy” strategie op Europese en Amerikaanse beursindices Karel Mercx: De acht feiten over het huidige beursklimaat Terug naar Inhoud Joost van Leenders: Bouw uw eigen beleggingsportefeuille 10.00 tot 10.45 uur - Spreker: Joost van Leenders / BNP Paribas - Colenberghzaal 2 Joost van Leenders, beleggingsspecialist asset allocatie & strategie bij BNP Paribas Investment Partners, geeft u een update over markttrends en macro-economische ontwikkelingen. Daarnaast biedt hij u de ingrediënten voor de bouw van uw eigen beleggingsportefeuille. Joost levert regelmatig commentaar op actuele ontwikkelingen op radio en televisie, onder andere bij BNR en RTL-Z. BNP Paribas  biedt wereldwijd een breed scala aan producten en diensten hoge toegevoegde waarde. Ze voldoen aan alle behoeften van de beleggers, particulieren, bedrijven en instellingen. Terug naar Sprekers Menno van Hoven: Dividend beleggen 11.05 tot 11.50 uur - Spreker: Menno van Hoven / RB-NL Beleggers Belangen -Colenberghzaal 2 Menno van Hoven laat aan de hand van de dividendportefeuille die hij voor Beleggers Belangen beheert zien hoe je met een portefeuille van sterke dividendaandelen een jaarlijks groeiend inkomen kunt realiseren, of op lange termijn een enorm kapitaal kunt vergaren. Er is uitgebreid aandacht voor de beste dividendbetalers, en met behulp van praktijkvoorbeelden wordt de kracht van belangrijke compounding effect op lange termijn aangetoond. Zie ook artikel: "Wel of niet starten met dividentportefeuille" Het grootste onafhankelijke weekblad voor de actieve belegger Lezersvragen Chat sessies Magazine Digitaal magazine Gouden tips e-magazine Dividend e-magazine Voorbeeldportefeuilles Online seminars Terug naar Sprekers Willem Burgers: Think big, buy small 12.10 tot 12.55 uur - Spreker: Willem Burgers / Add Value Fonds  -Colenberghzaal 2 Willem Burgers heeft al meer dan 25 jaar kennis en ervaring als belegger in Nederlandse small- en midcaps. Ze noemen hem daarom ook wel Mr. Smallcap. Sinds 2007 is hij fondsbeheerder van het succesvolle Add Value Fund en is daarnaast columnist voor Het Financieele Dagblad. Add Value Fund belegt bewust in beursgenoteerde Nederlandse kleine- en middelgrote ondernemingen, de zogenaamde small- en midcaps vanwege het bovengemiddelde en aantrekkelijke groeipotentieel. De historie heeft namelijk bewezen dat Nederlandse small- en midcap aandelen over een langere periode beter renderen dan largecaps. Als specialist beleggen wij in van oorsprong Nederlandse “mini-multinationals” die wereldwijd actief zijn in structurele groeimarkten. Wij, de fondsbeheerders, geloven sterk in ons Fonds, vandaar dat we er zelf ook in beleggen. U toch ook? Terug naar Sprekers Elizabeth Goodwin: Kansen in de biotechnologie sector - Een Galapagos investment case- 13.30 tot 14.15 uur - Spreker: Elizabeth Goodwin / Galapagos -Colenberghzaal 2 Hierin zal Elizabeth Goodwin, Hoofd Corporate Communications & Investor Relations bij Galapagos, een overzicht geven van typische overwegingen voor het investeren in biotechnologiefondsen, met het Galapagos investment case als een voorbeeld. Galapagos (Euronext Amsterdam en Brussel: GLPG) ontdekt en ontwikkelt geneesmiddelen met nieuwe werkingsmechanismen.  Een spin-off van Crucell, Galapagos heeft een grote pijplijn van kandidaat-medicijnen met zeven klinische onderzoeken in patiënten met ontstekingsziektes en nog eens vijf medicijnen die op de punt staan om de kliniek in te gaan.  Galapagos heeft meer dan 20 onderzoeksprogramma’s in eerdere stadia van onderzoek in taaislijmziekte, ontstekingsziekten, antibiotica, metabole ziekten, en andere indicaties.  Samenwerkingen met o.a. AbbVie, GlaxoSmithKline, Johnson & Johnson, en Servier hebben voor Galapagos tot dus ver meer geld voor onderzoek binnengebracht dan financieringen uit de markt. De Galapagos Groep, inclusief de fee-for-service bedrijven BioFocus, Argenta en Fidelta, heeft ongeveer 800 medewerkers in vijf landen, met een laboratorium in Leiden en hoofdkwartier in Mechelen, België.  Meer informatie over het bedrijf en de programma’s in klinische ontwikkeling kan u vinden op www.glpg.com Terug naar Sprekers Anne Grevinga: Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn -met behulp van drie fundamenteel analyse modellen- 14.35 tot 15.20 uur - Spreker: Anne Grevinga / Anne Grevinga's website -Colenberghzaal 2 Anne Grevinga was als product specialist werkzaam voor 2 Amerikaanse biotechnologie bedrijven. Zijn hobby's zijn programmeren en beleggen. Anne veronderstelt dat er door beleggers  veel te weinig wordt gedaan aan FA. Mede daardoor gaat zijn presentatie over 3 FA-modellen. Maandelijks wordt een updating gedaan van het FAB-model (Fundamenteel Analyse Beoordelings-model). Hierin worden bedrijven per sector beoordeeld op basis van het gemiddelde van de sector en  wordt vooral gekeken naar de opportuniteiten van de bedrijven in hun sector. http://en.wikipedia.org/wiki/PEG_ratio    http://www.nasdaq.com/symbol/gild/analyst-research In het tweede model wordt op basis van 18  fundamentele criteria een fondsranking per sector gedaan. Hierin wordt naast de gebruikelijke fundamentele waarden voor de korte- en lange termijn ook rekening gehouden met fundamentele criteria, die rekening houden met de bedreigingen, die zich bij de te beoordelen bedrijven kunnen voordoen en waarin particuliere beleggers moeilijk inzicht kunnen krijgen.Retrospectief wordt in het derde model van de belangrijkste FA-criteria beoordeeld hoe ze zich hebben ontwikkeld als consensus van de analisten. Dit geeft weer een ander inzicht in de prestaties van bedrijven. Op deze wijze wordt zowel voor de korte- als ook voor de lange termijn een Top20 samengesteld, die in een Timing-model worden opgenomen. Genoemde aanpak heeft mooie rendementen in 2012 en 2013 opgeleverd, die zullen worden gepresenteerd. Kortom een presentatie, die u niet mag missen omdat alle gegevens elke maand gratis beschikbaar komen en u wilt toch ook hoge rendementen behalen! Terug naar Sprekers Marco Vocking: Daytraden -op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem- 11.05 tot 11.50 uur - Spreker: Marco Vocking / www.vocking.nl -Statenkamer Graag nodigen wij u uit voor een presentatie tijdens ons symposia waar systeemhandelaar Marco Vocking twee overzichtelijke Amerikaanse handelssystemen zal tonen. Het betreft een presentatie die alle facetten bevat die u nodig heeft om op de beurs te slagen! U kunt met beide systemen op elke gewenste markt werken. Beide systemen komen  aan bod U leert de basis van het traden en alle belangrijke punten waar u op moet letten tijdens het traden. De unieke trading indicatoren omvatten een robuust trading systeem en zijn ontwikkeld voor de trader die graag wil handelen op alle valuta- en futuremarkten. De systemen geven onder andere duidelijke long- en shortsignalen, de trend (down of up), uitbraken en trailing stops aan. Dit alles wordt weergegeven in zeer overzichtelijke grafieken.  Na jaren van ontwikkeling worden deze indicatoren gebruikt door handelaren over de hele wereld om elke dag weloverwogen beslissingen te nemen in de beurshandel.  Lees meer klik hier Ons bedrijf is opgericht in 1992 met de levering van hardware en software. Sinds 1999 zijn we volledig gespecialiseerd in trading software met alle daaraan gekoppelde diensten. Zo leveren wij complete systemen en verzorgen wij volledige cursussen voor daytraders. Als enig bedrijf in Nederland is Vocking Education Partner van NinjaTrader en werken we nauw samen met andere Ninja partners. Wij verzorgen cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. Terug naar Sprekers Philippe Dassonville: De "Morning Buy” strategie -op Europese en Amerikaanse beursindices- 12.10 tot 12.55 uur - Spreker: Philippe Dassonville / WH Selfinvest -Statenkamer In zijn presentatie legt Philippe Dassonville uit hoe de trader de trend bepaalt, op welk moment hij instapt, wanneer hij de positie sluiten en hoe hij deze positie beschermt. De Morning Buy strategie is een eenvoudige, trendvolgende day trading strategie. De strategie concentreert zich op Europese en / of Amerikaanse beursindexen. De Morning Buy day trading strategie volgt de trend en beperkt zich tot een stijgende trend Enkel long posities worden intraday geopend. Het is een trendvolgende strategie in de ruimste zin van het woord daar zowel de stop als het koersdoel relatief ver van de instapkoers liggen en dus meestal niet relevant zijn. Inderdaad, open posities worden meestal door de tijdsfilter aan het einde van de dag gesloten. De trader koopt zijn posities ’s morgens en dit enkel wanneer hij een positieve trend verwacht. De rest van de dag volgt hij de trend. Dagen zonder signaal zijn niet zeldzaam. Het instapmoment is van groot belang. Deze strategie is toepasbaar op indices zoals de DAX, AEX, CAC40, S&P500, DJ30 en Nasdaq100. De winstcurves zijn opbouwend van aard. Belangrijk is spreiding over meerdere indices. Op die manier bekomt een handelaar meer evenwicht in zijn globale winstevolutie. Terug naar Sprekers Karel Mercx: De acht feiten over het huidige beursklimaat 13.30 tot 14.15 uur - Spreker: Karel Mercx / Lynx -Statenkamer Karel Mercx is sinds april 2013 beleggingsspecialist bij Lynx. Hiervoor heeft hij zes jaar gezeten op de redactie van Beleggers Belangen.  De specialisaties van Karel Mercx zijn het beheren van beleggingsportefeuilles en het uitrekenen van toekomstige rendementen van aandelen, grondstoffen en obligaties Hierdoor weet hij precies waarin de belegger goed kan beleggen. In zijn presentatie “De acht feiten over het huidige beursklimaat” gaat hij vertellen naar welke zaken hij kijkt. Het doel is input geven zodat de belegger beter zijn beleggingsportefeuille kan overwegen. Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. Terug naar Sprekers 62-ste HCC Beleggen Symposium'Overweeg uw portefeuille' 5 april 2014 in De Bilt     Standhouders Analist.nl Forest Bergen Foxware Excelco WH Selfinvest De Veste Trading Update Lynx De Optiestrateeg Vocking Loef Technische Analyse HCC de vereniging Terug naar Inhoud Analist.nl Standhouder    Nieuws & Analyse Analist.nl is een gratis toegangkelijke Nederlandse beleggingswebsite die zich zowel op de professionele als de particuliere beleggers richt. Dagelijks worden op Analist.nl alle aandelenadviezen van  de professionele effectenhuizen verwerkt. Tevens biedt de website praktisch alle fundamentele data van het gros van de Amerikaanse en West-Europese beurzen. Van alle aandelen biedt Analist.nl u ook alle historische jaarverslagen in pdf vorm aan. Via filtermethodieken kunt u eenvoudig de aandelen filteren op variabelen zoals de Shiller PE, het dividendrendement, historische rendementen, de schuldgraad, de kaspositie etc. Tevens komen de zeer succesvolle screeners zoals die Piotroski, Greenblatt en Buffett aan bod.  Ratings · Aandelen Amsterdam       Alle Nederlandse ratings Terug naar Standhouders Forest Bergen Standhouder Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders. Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitrader en Metastock software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie: Terug naar Standhouders Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit pakket ondersteunt al bijna 25 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 7+ jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 30 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Terug naar Standhouders Excelco Standhouder Excelco ondersteunt excellente beleggers    Excelco is een online beleggingstool voor fundamentele analyse en aandelenselectie, die uniek is in Europa. U krijgt een mooi beeld van een 600-tal excellent presterende bedrijven, zowel world wide leaders als small & mid caps. 1. Fundamentele analyse als basis: Gebaseerd op fundamentele analyse worden alle bedrijven grondig geanalyseerd en ontdekt u de bedrijven achter de koersen. Bovendien wordt van ieder aandeel de waarde berekent zodat u onmiddellijk een zicht heeft op de over- of onderwaardering. 2. Diepgaande bedrijfs- en sectorprofielen en transparant advies: Excelco biedt inhoud en content, brede bedrijfsprofielen en diepgaande analyses, die dagelijks worden geüpdatet. Naast de analyse en waardebepaling van het bedrijf zelf, krijgt u ook een profiel van de volledige sector op basis van een historiek van 8 jaar. U kan simulaties naar de toekomst maken en krijgt van ons een duidelijk en transparant advies. 3. Vergelijkingen, selecties en dagelijkse rapportage van uw portefeuille: U kan bedrijven én sectoren naast elkaar vergelijken en leren welke bedrijven het best presteren. Slimme selecties ondersteunen uw zoektocht naar goede aandelen. Elke dag kan u de evolutie van uw portefeuille raadplegen en krijgt u advies over eventuele te ondernemen acties ter verbetering van uw portefeuille. Excelco: Expert for Excellent Investors! Terug naar Standhouders WH Selfinvest Standhouder WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel in futures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 45 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com Terug naar Standhouders De Veste Standhouder Wij zijn De Veste, uw partner in fondsbeleggen. Wij zorgen voor uw beleggingen en zijn de juiste partner voor goede rendementen en persoonlijke service. Wat hebben wij u te bieden? Hoogwaardig productaanbod Professionele medewerkers Deskundig onderzoek Mogelijkheid tot spreiding van uw vermogen Relatief laag instapbedrag (€ 5.000,-) Mogelijkheid om te beleggen met een vast rendement Elke succesvolle relatie begint met een kennismaking en een gesprek. Wanneer schikt het u? Princenhagelaan 1-B1  |  4813 DA  Breda  |  +31 (0)76 523 66 00  |  info@deveste.net  |   www.deveste.net Terug naar Standhouders Trading Update Standhouder Selfmade belegger Jan Kastelijns was in het verleden werkzaam bij Keijser Capital, Saen Options en All Options International. Hij heeft professionele ervaring als adviseur en optiehandelaar. Hij raakte op jonge leeftijd geïnteresseerd in de financiële markten en is nu na een zelfstudie van jaren een selfmade beursdeskundige. Hij neemt veelal posities in op beleggingen die hij hier ook beschrijft, die kunnen overigens wel continu van aard veranderen. Hoe gaat Kastelijns te werk? "In het sentiment op de beurzen zie ik een trendmatig verloop met vast terugkerende patronen. Mijn fascinatie ligt in het herkennen van die patronen en het leggen van verbanden om zo belangrijke kantelpunten te voorspellen. Ik probeer zowel het tijdstip als het niveau waarop een omkeer plaatsvindt te voorspellen." Op Tradingupdate.nl kunt u zich aanmelden voor een dagelijkse e-mail met zijn signalen. Terug naar Standhouders Lynx Standhouder Lynx is dé specialist in online beleggen. Lynx geeft particuliere beleggers via haar gebruikersvriendelijke en professionele handelsplatform toegang tot meer dan 100 beurzen in 19 landen. En dit tegen buitengewoon scherpe tarieven. Lynx is sinds 2007 actief op de Nederlandse markt en vanaf 2008 ook in België en Duitsland. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland In 2013 is Lynx uitgeroepen tot beste broker bij de Gouden Stier Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 100 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading Terug naar Standhouders De Optiestrateeg Standhouder Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Wij handelen hoofdzakelijk in opties op de AEX. Met onze abonneeservice volgt u onze inleg en kunt u zelf ook profiteren van de rendementen die wij behalen. Wat kunt u van onze abonneeservice verwachten: Een gemiddeld jaarrendement van meer dan 30%. Mogelijk vanaf €15.000 Werken met een vast concept: de Vertical limit strategie Track record vanaf 2008 Risico is vooraf bepaald en inzichtelijk Wekelijkse update Voor meer informatie: kijk op onze website www.deoptiestrateeg.nl Terug naar Standhouders Vocking Standhouder Ons bedrijf is opgericht in 1992 met de levering van hardware en software. Sinds 1999 zijn we volledig gespecialiseerd in trading software met alle daaraan gekoppelde diensten. Zo leveren wij complete systemen en verzorgen wij volledige cursussen voor daytraders. NinjaTrader Education Partner: Als officieel Education Partner van NinjaTrader hebben wij de exclusiviteit van twee Amerikaanse handelssystemen. Door de intensieve samenwerking met onze partners bieden wij onze klanten een complete oplossing die een grote bijdrage levert aan hun succes. Ter ondersteuning aan onze klanten bieden wij complete cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. www.vocking.nl Op onze stand bent u van harte welkom om kennis te maken met een van onze handelssystemen. Wij staan u graag te woord. Terug naar Standhouders LOEF Technische Analyse Standhouder LOEF Technische Analyse levert onafhankelijke technische analyses aan professionele financiële instellingen, w.o. (private) banken en zelfstandig vermogensbeheerder en is fundmanager van het recent opgerichte LOEF Technische Analyse Fonds. Via zijn website www.edwardloef.com kunnen particuliere beleggers kennis nemen van zijn inzichten.   LOEF maakt gebruik van de klassieke technische analyse om trends en trendomslagen te signaleren en visualiseert het onderscheid tussen de verschillende fasen in de cyclus van beurskoersen aan de hand van zijn (LOEF)methode. LOEF Technische Analyse verzorgt presentaties, cursussen en consultancy-werkzaamheden en publiceert wekelijks een digitale nieuwsbrief over de belangrijkste trends en technische signalen.   In zijn stand geeft hij graag een demonstratie van zijn markt- en handelsvisie, zodat u kunt beoordelen wat hij voor u persoonlijk kan betekenen. Terug naar Standhouders HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers!  HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Via PC-Active PC-Active is het nieuwe HCC verenigingsblad. PC-Active is exclusief voor leden van HCC, er kan geen los abonnement op PC-Active worden afgesloten. Wel is PC-Active verkrijgbaar in de losse verkoop. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 12 maart 2014 voor meest recente informatie kijk op: http://www.hcc.nl  Terug naar Inhoud Rooster:  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Joost van Leenders (BNP Paribas) Bouw uw eigen beleggingsportefeuille HCC Beleggen ALV jaarvergadering 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Menno van Hoven (RB-NL Beleggers Belangen) Dividend beleggen Marco Vocking   (www.vocking.nl) Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Willem Burgers        (Add Value Fonds)   Think big, buy small Philippe Dassonville      (WH Selfinvest) De "Morning Buy” strategie op Europese en Amerikaanse beursindices 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Elizabeth Goodwin    (Galapagos) Kansen in de biotechnologie sector - Een Galapagos investment case Karel Mercx  (Lynx) De acht feiten over het huidige beursklimaat 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van drie fundamenteel analyse modellen.  . *  Webadressen staan onderaan deze pagina *Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Inschrijven  Klik Hier verplicht  (toegang gratis) Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 april 2014 Bron: HCC Beleggen redactie wat 62 ste HCC Beleggen Symposium "Overweeg uw portefeuille" waneer 5 april 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 62-ste HCC Beleggen Symposium kunt u bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Voor een uitgebreide routebeschrijving ga naar onze website of Klik hier Terug naar Inhoud Websites: website Sprekers website Standhouders Joost van Leenders Menno van Hoven Willem Burgers Elizabeth Goodwin Anne Grevinga HCC Beleggen Marco Vocking Philippe Dassonville Karel Mercx  BNP Paribas Beleggers Belangen Add Value Fonds Galapagos AmGrevinga www.beleggersonline.nl www.vocking.nl WH Selfinvest Lynx Foxware Analist.nl Forest Bergen Loef Vocking WH Selfinvest De optiestrateeg Lynx De Veste Trading Update Excelco HCC Beleggen HCC de vereniging Terug naar Inhoud

16 maart 2014

...

Nieuwsbrief20140301

Maart 2014 Inschrijving is geopend Beheerd vermogen neemt toe Het sprookje van de efficiënte markt hypothese en de zeven onregelmatigheden.. Kwaliteit beleggingsondernemingen onvoldoende Beleggen anno 2014: neem jij zelf de touwtjes in handen? Banken aan het stuur, politiek op de achterbank Inflatie slechts 0,7% in de EMU Meedoen kan Agenda Inschrijven: Klik Hier Inschrijving is geopend Wat 62 ste HCC Beleggen Symposium Uit onderzoek blijkt dat  de samenstelling van uw beleggingsportefeuille een zeer groot effect op het uiteindelijke rendement en risico heeft.  Zo laat Mebane Faber bijvoorbeeld in het boekje "The Ivy portfolio"  zien hoe je op een relatief simpele manier, met een portefeuille met een beperkt aantal ETFs, de beleggingsresultaten van professionele partijen kunt benaderen. De vraag hoe u uw portefeuille moet samen stellen is uiterst relevant. Hierbij spelen vragen als: welke sectoren en fondsen,individuele fondsen of  beleggingsfondsen/ETFs, aandelen, obligaties of anders zins, uitbesteden of zelfdoen, keuze op basis van fundamentele analyse of technische analyse, hoe is het risicomanagement geregeld, etc. Kortom er zijn vele keuzes te maken. Tijdens het 62ste symposium "overweeg uw portefeuille" zullen diverse sprekers antwoord geven op deze en andere vragen op het gebied van portefeuille beheer.  Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen. Waneer 5 april 2014 aanvang 10.00 uur Waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt Aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers Locatie-info: Gezellig lunch-restaurant aanwezig. Parkeren gratis. In midden van Nederland met goede aansluiting op snelwegen. Goed bereikbaar per openbaar vervoer Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar Inhoud Beheerd vermogen neemt toe Bron:  DNB Beheerd vermogen van Nederlandse beleggingsfondsen op recordhoogte Het aantal Nederlandse beleggingsfondsen is in het vierde kwartaal van 2013 met 37 toegenomen tot 1624 (een recordniveau). De beleggingen (‘assets under management’) van de Nederlandse beleggingsinstellingen stegen met 3,0% kwartaal-op-kwartaal (EUR 18,8 miljard) tot EUR 644,1 miljard in het vierde kwartaal van 2013. Deze toename werd vooral veroorzaakt door inleg in nieuwe beleggingsfondsen en koerswinsten op de aandelenbeleggingen. Het beheerd vermogen bevindt zich ultimo 2013 op het hoogste niveau sinds de start van de beleggingsinstellingenstatistiek in het vierde kwartaal van 2008 (zie figuur 1). Figuur 1: Beleggingen van Nederlandse beleggingsfondsen * = de overige beleggingen betreffen onder andere vastgoed, leningen, deposito’s en derivaten. De netto-inleg in Nederlandse beleggingsfondsen bedroeg EUR 6,2 miljard in het vierde kwartaal van 2013, waarvan EUR 6,8 miljard door inleg bij nieuwe beleggingsfondsen. Obligatiefondsen waren het populairst onder beleggers met een netto-inleg van EUR 4,2 miljard. Ook in de overige fondsen (EUR 3,0 miljard), vastgoedfondsen (EUR 0,8 miljard), gemengde fondsen (EUR 0,8 miljard) en hedgefondsen (EUR 0,3 miljard) werd geld ingelegd. Aan de aandelenfondsen werd echter voor EUR 2,9 miljard onttrokken door beleggers.   De beleggingsinstellingen behaalden een totaalrendement van 1,8% k-o-k op hun beleggingen in het vierde kwartaal van 2013. Op beleggingen in aandelen (EUR 252,3 miljard) werd een koerswinst (omgerekend in euro’s) behaald van 3,1% k-o-k. De MSCI World Index gemeten in euro’s – een veel gebruikte benchmark – steeg met 5,7%. De koersen van aandelen van de opkomende markten (MSCI Emerging Markets Index gemeten in euro’s) daalden echter in het laatste kwartaal van 2013 met 0,2% k-o-k. De Nederlandse aandelenfondsen die in opkomende markten beleggen behaalden daardoor een negatief totaalrendement (-0,2% k-o-k). Op de beleggingen in obligaties (EUR 205,5 miljard) werd een koersverlies geleden van 0,3% k-o-k (omgerekend in euro’s). Dit werd veroorzaakt door een koersverlies op staatsobligaties (-0,7% k-o-k), terwijl er op de beleggingen in bedrijfsobligaties een koerswinst werd behaald van 0,3% k-o-k. Geringe stijging beheerd vermogen Nederlandse geldmarktfondsen in 2013 Het beheerd vermogen van Nederlandse geldmarktfondsen is gestegen naar EUR 2,1 miljard in 2013 van EUR 2,0 miljard in 2012 (zie figuur 2). Deze geringe stijging werd volledig veroorzaakt doordat een verzekeringsfonds is opengesteld voor externe beleggers. Zonder deze openstelling zou het beheerd vermogen met EUR 0,2 miljard zijn gedaald. De Nederlandse geldmarkfondsen hebben EUR 1,1 miljard in het buitenland belegd. Het aantal Nederlandse geldmarktfondsen nam met 1 toe tot 17 in 2013 (noot 1). Figuur 2: Nederlandse geldmarktfondsen * het balanstotaal is exclusief feeder-fondsen (om dubbeltellingen te voorkomen) Vergeleken met andere landen zijn de Nederlandse geldmarktfondsen beperkt van omvang. Volgens statistieken van EFAMA – de Europese belangenverenging van vermogensbeheerders en beleggingsinstellingen – hebben geldmarktfondsen wereldwijd EUR 3475 miljard onder beheer in het derde kwartaal van 2013. In de VS zijn de geldmarktfondsen het grootst van omvang met een beheerd vermogen van EUR 1985 miljard, terwijl Europese geldmarktfondsen EUR 935 miljard onder beheer hebben in het derde kwartaal van 2013. Noot 1: Het betreft cijfers van in Nederland gevestigde geldmarktfondsen. Buitenlandse geldmarktfondsen die in Nederland worden aangeboden zijn niet opgenomen in deze cijfers. Nederlandse geldmarktfondsen hebben vanwege hun beperkte omvang geen rapportageverplichting inzake de monetaire en financiële statistiek aan DNB. De cijfers in dit Statistisch Nieuwsbericht zijn verzameld door middel van een jaarlijkse enquête onder beheerders van beleggingsinstellingen. advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Het sprookje van de efficiënte markt hypothese en de zeven onregelmatigheden.. Bron: Dr. Ben J.L. van den Anker  Het idee dat alle informatie accuraat in de aandelenmarkt verwerkt is wordt in de afgelopen decennia langzaam losgelaten.  Er zijn soms bijzondere omstandigheden , ook wel ‘anomalies’ of onregelmatigheden genoemd, die aanjager voor  het behalen van additioneel rendement kunnen zijn. Nadat bekend werd dat er abnormale rendementen behaald konden worden speelden beleggers hierop overigens handig in. Veel van deze ‘stock anomalies’ zijn dus, ofwel verdwenen na verloop van tijd, of van mindere betekenis geworden.  In deze inleiding bespreek ik beknopt een zevental onregelmatigheden die redelijk persistent blijken te zijn en wellicht van waarde voor beleggers kunnen zijn.  De bekendste voorbeelden van deze onregelmatigheden zijn gerelateerd aan de kalender. Het januari effect toont bijvoorbeeld hogere volumes en prijzen in de eerste maand van het jaar. De verklaring hiervoor is dat in verband met belasting aangifte het in de U.S. kan renderen om slecht renderende aandelen aan het einde van het jaar van de hand te doen om in januari teruggekocht te worden.  Na verloop van tijd zijn de effecten ook hier minder waarneembaar. Het maandag effect laat lagere omzetten en rendementen zien op de eerste dag van de week.  In de periode 1928-1978 behaalde de maandag in bijvoorbeeld de Amerikaanse stock market (op één uitzondering na) de slechtste rendementen van de week. 1 De laatste dag (of dagen) van de maand en de eerste paar dagen van de daaropvolgende maand  hebben in het verleden echter bovengemiddelde rendementen vertoond. Een wellicht logische verklaring hiervoor is dat de salarisbetaling aan het einde van de maand tot sterker koopgedrag en dus hogere volumes  kan leiden dan tijdens de periode midden in de maand.  Ben van den Anker (1976) is schrijver / columnist en lid centrale directie aan het Candea College Hij heeft zijn PhD in Business & Management tijdens een negen jarig verblijf in Zuidoost Azië aan de International Graduate School of Business (University of South Australia) behaald. Hij is auteur van het boek The perceived role of Host Country Nationals in Expatriate Adjustment (2010, Ben van den Anker). Zijn onderzoek richt zich met name op de rol van cross-culturele interactie in het functioneren van expatriates. Daarnaast is hij voor de International Business Review revisor voor wetenschappelijke artikelen op het snijvlak business en management. Ook de dag voor een vakantie lijkt hogere rendementen op te kunnen leveren, daar handelaren in een vakantie wellicht minder in de gelegenheid zijn te handelen.  Deze observatie van hogere rendementen en volumes voor een vakantie blijkt wereldwijd relevant te zijn. Een van de meest waardevolle observaties is dat small cap bedrijven consistent beter presteren dan de large cap bedrijven. Dit is eenvoudig te verklaren door het gegeven dat een bedrijf als Microsoft bijvoorbeeld 7 miljard extra moet omzetten voor een omzetstijging van 10% terwijl een small cap firma een 7 miljoen behoeft voor dezelfde omzetstijging.  De bedragen zijn willekeurig gekozen, maar het principe moge duidelijk zijn. Dan zijn er nog aandelen die minder in de belangstelling liggen. Deze aandelen krijgen niet de aandacht van analisten die ze wellicht verdienen en pas op het moment als rendementen opvallen, krijgt een breder publiek aandacht voor deze aandelen. Aandacht voor de kleinere bedrijven kan dus wellicht lonen! Daarnaast heeft ook de AEX in januari reeds laten zien dat de winnaars van het afgelopen jaar de verliezers van het nieuwe jaar kunnen worden.  Ik moet hierbij altijd denken aan het gezegde ‘what goes up must come down!’.  Naast deze  7 onregelmatigheden zijn er in de aandelenmarkt-literatuur nog vele voorbeelden te vinden van andere onregelmatigheden. De opkomst van de  gedragseconomie draagt bij aan het veranderende perspectief van de rationele markt. Mensen zijn en blijven wezens die zich soms door andere drijfveren laten leiden dan de koele en zakelijke fundamentals die onder de waardering van aandelen liggen. Prijzen en volatiliteit kunnen tot stand komen door andere factoren dan die factoren, die traditioneel de waardering van aandelen bepalen. Het ‘gedrag’ van aandelen blijkt dus ook in 2014 inconsistent met de overbekende waarderingssystemen.  Het loont dus om ook de menselijke factor mee te nemen in handelsbeslissingen opdat de lezer nog lang en gelukkig moge beleggen! Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Kwaliteit beleggingsondernemingen onvoldoende. Bron: AFM Uit onderzoek at de AFM in 2013 heeft uitgevoerd naar de kwaliteit van beleggingsdienstverlening blijkt dat de kwaliteit van beleggingsdienstverlening van slechts enkele banken en beleggingsondernemingen voldoende tot goed is. Bij het merendeel van de beleggingsondernemingen en banken dient de kwaliteit verbeterd te worden. Het onderzoek richtte zich op banken en beleggingsondernemingen die vermogensbeheer of beleggingsadvies aanbieden aan vermogende beleggers. De AFM heeft van dertien ondernemingen in 142 dossiers de cliëntinventarisatie, de passendheid van de beleggingsportefeuille en het beleggingsbeleid beoordeeld. Banken en beleggingsondernemingen hebben toegezegd dat zij de kwaliteit van beleggingsdienstverlening zullen verbeteren. Een aantal partijen heeft al verbetermaatregelen geïmplementeerd. De kwaliteit van de beleggingsdienstverlening is vanaf dit jaar nog belangrijker geworden, nu klanten rechtstreeks gaan betalen voor advies na invoering van het provisieverbod voor beleggingsondernemingen. Onderzoeksrapport Kwaliteit beleggingsdienstverlening Resultaten onderzoek Uit het onderzoek blijkt dat de kwaliteit van de beleggingsdienstverlening bij enkele ondernemingen voldoende tot goed is. Tegelijkertijd blijkt dat het merendeel van de ondernemingen de kwaliteit van de dienstverlening dient te verbeteren. Beleggingskaders ontbreken in veel gevallen Met een gedegen beleggingsbeleid kan worden voorkomen dat risicovoller wordt belegd dan met de cliënt is afgesproken en het vergroot de transparantie over verwachte risico’s en rendementen. Een goed beleggingsbeleid stelt ondernemingen beter in staat om passende instrumenten te selecteren en instrumenten met weinig of geen toegevoegde waarde te vermijden. De meerderheid van de onderzochte ondernemingen blijkt voor de selectie van financiële instrumenten geen risico-, rendement en/of kostenparameters te hebben vastgelegd en/of deze gegevens niet te meten. Als de parameters bij de selectie van financiële instrumenten niet worden gemeten, kan een onderneming geen gestructureerde afweging maken. Daarnaast controleert het merendeel van de ondernemingen beleggingsportefeuilles enkel op basis van rendement. Dit kan er in resulteren dat een portefeuille niet past bij de cliënt. Uit het onderzoek blijkt ook dat enkele ondernemingen wel voldoende aandacht besteden aan parameters voor de selectie van financiële instrumenten, en het controleren van de beleggingsportefeuille. Cliëntinventarisatie en -actualisatie verdienen meer aandacht Bij de inventarisatie is van belang dat de onderneming inzicht heeft in de actuele kenmerken en wensen van de cliënt. Alleen door voldoende inzicht in deze cliëntgegevens, kan de onderneming ervoor zorgen dat het beleggingsadvies of vermogensbeheer passend is. Uit het onderzoek blijkt dat de financiële positie in circa de helft van de onderzochte dossiers voldoende concreet en diepgaand is uitgevraagd. De doelstelling, de risicobereidheid en de kennis en ervaring wordt in minder dan de helft van de onderzochte dossiers voldoende concreet en diepgaand uitgevraagd. In een aantal dossiers is de informatie niet meer voldoende actueel. Daardoor is er een risico dat de onderneming zich niet baseert op de juiste cliëntgegevens. Een paar partijen hebben de inventarisatie wel voldoende concreet en diepgaand uitgevoerd. In deze gevallen waren de cliëntgegevens ook actueel. Passendheid beter vaststellen en waarborgen Kern van de beleggingsdienstverlening is het adviseren van de cliënt over zijn beleggingsportefeuille of het beheren daarvan, gegeven de kenmerken en wensen van die cliënt. Een aantal ondernemingen kan verbeteringen doorvoeren door te controleren of de beleggingsportefeuille past bij de cliënt. In circa één derde van de onderzochte dossiers passen de cliëntgegevens en de beleggingsportefeuille bij elkaar. Verder is in circa één derde van de onderzochte dossiers niet duidelijk of er voldoende rekening wordt gehouden met de kenmerken en wensen van de cliënt, omdat essentiële informatie over de cliënt ontbreekt. Ten slotte blijkt dat in circa één derde van de onderzochte dossiers sprake is van niet passend beheer of advies. Daarmee zal het verwachte risico of rendement in de portefeuille anders zijn dan wat met de cliënt is afgesproken. Opzet onderzoek Het onderzoek richtte zich op banken en beleggingsondernemingen die vermogensbeheer of beleggingsadvies aanbieden aan vermogende beleggers. De AFM heeft de cliëntinventarisatie, de passendheid van de beleggingsportefeuille en het beleggingsbeleid beoordeeld. Er zijn onderzoeken gedaan bij dertien banken en beleggingsondernemingen. Deze ondernemingen vertegenwoordigen naar schatting samen ruim de helft van de markt voor vermogensbeheer en beleggingsadvies in Nederland, uitgedrukt in vermogen onder beheer. Het onderzoek bestond uit gesprekken met het senior management, het beoordelen van antwoorden van ondernemingen op vragen inclusief onderbouwing met beleidsstukken en de beoordeling van advies- en beheerdossiers van individuele cliënten. De AFM heeft voor haar onderzoek 142 dossiers onderzocht. Het onderzoek heeft zich gericht op de dienstverlening aan vermogende cliënten. Vanzelfsprekend gelden voor de dienstverlening aan alle cliënten dezelfde wettelijke eisen, maar niet altijd is volledig maatwerk haalbaar. Om voor alle doelgroepen de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren en waar nodig rekening te houden met een kostenefficiënte dienstverlening heeft de AFM in 2013 het visiedocument ‘Dienstverlening op maat’ gepubliceerd. In dit document is een aantal principes benoemd waarmee de dienstverlening afgestemd kan worden op de behoefte, situatie en portemonnee van de cliënt. Deze principes kunnen mogelijk ondersteunen bij het optimaliseren van de dienstverlening aan niet vermogende cliënten. Vergelijkende Kosten Maatstaf Vanaf 1 januari 2014 betalen beleggers rechtstreeks voor beleggingsdienstverlening, waardoor de beleggingsdienstverlening onafhankelijker en transparanter wordt. De AFM maakt zich sterk voor een Vergelijkende Kosten Maatstaf (voorheen TCO). Deze maatstaf zal de belegger naar verwachting een beter inzicht in de totale kosten van de dienstverlening geven, zodat hij de dienstverlening en de kosten daarvan vooraf beter kan vergelijken. Terug naar Inhoud Beleggen anno 2014: neem jij zelf de touwtjes in handen? Bronnen: Redactie, AFM Op 1 januari 2014 is het provisieverbod voor beleggingsondernemingen van kracht geworden. Banken, beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders brengen kosten voor beleggingsadvies, vermogensbeheer of execution only voortaan direct in rekening bij jou als belegger. Doordat de kosten op een rij staan, kun je als belegger beter de verschillende dienstverleners beter met elkaar vergelijken. Ook kun je bewuster afwegen welke toegevoegde waarde je bank, beleggingsadviseur of vermogensbeheerder levert voor de kosten die hij in rekening brengt. De nieuwe wereld waarin provisies tot het verleden behoren en direct betalen voor beleggen de norm is, vraagt ook een kritische blik van de belegger zelf. Alleen dan kun je daadwerkelijk profiteren van de kansen die het beleggingslandschap anno 2014 je biedt. Kies het soort beleggingsdienstverlening dat bij jou past Beleggers die zelf beleggen via execution only zijn zonder provisies goedkoper af. Maar een keuze voor het type dienstverlening dat bij jou past, baseer je niet alleen op de kosten. Vraag je ook af wat je over beleggen weet, hoeveel je uit handen wilt geven en hoeveel tijd je aan het beleggen wilt c.q. kunt besteden. De antwoorden hierop spelen een rol bij het bepalen van de keuze om zelf te gaan beleggen via execution only, advies af te nemen of je vermogen te laten beheren.   Lees de vier tips hieronder. De markt voor beleggingsdienstverlening staat niet stil. De grens tussen de verschillende typen dienstverlening vervaagt en dienstverleners bieden steeds vaker op maat gesneden dienstverlening aan. Dit stelt je als belegger in staat om het beste van de wereld van zelf beleggen, beleggingsadvies of vermogensbeheer te combineren. Zo draagt het provisieverbod niet alleen bij aan het vergroten van de kostentransparantie, maar stimuleert het ook innovatie in de sector. Vier tips als je gaat beleggen Stel jezelf vooraf de vragen: Wat wil je behalen met je belegging? Wat gaat het beleggen je kosten? En welke risico’s brengt het beleggen met zich mee? Tip 1: Bedenk met welk doel je belegt Sommige beleggers beleggen omdat ze het leuk vinden, met geld dat zij niet direct nodig hebben. Maar ga je beleggen met een specifiek doel, bedenk dan welk bedrag je wilt opbouwen voor dat doel. Voorbeelden van een specifiek doel zijn het opbouwen van pensioen of een spaarpot voor de studie van je kinderen. Hoe duidelijker je doel, hoe groter de kans dat je je doel ook echt bereikt. Kom je er niet uit, neem dan een adviseur in de arm en vraag of hij je helpt bij het scherpstellen van je doel. Tip 2: Stel vast welke onzekerheden voor jou acceptabel zijn Een vuistregel is dat meer rendement samen gaat met meer risico.  Stel dit voor jezelf vast aan de hand van je doel. Hoe erg is het als het bedrag dat je opbouwt toch lager is dan vooraf de bedoeling was? Hoeveel tijd heb je nog om bij een tegenvallend rendement op een andere manier bij te sparen?  Check de risico’s van een beleggingsproduct in de EBi voor je je geld erin belegt. Lees meer over de EBi. Tip 3: Let op kosten. Ze verlagen je rendement bij beleggen Beleggen kost ook geld, zoals de kosten voor bijvoorbeeld beleggingsadvies of transactiekosten. Kosten kunnen je rendement verlagen. Niet alle kosten van beleggen zijn direct zichtbaar voor jou. Vraag daarom een totaaloverzicht aan je adviseur. Op zo’n overzicht staat vaak het bruto rendement (hier zijn de kosten nog niet vanaf gehaald). Vraag altijd na met welk soort rendement je te maken hebt. Lees meer over het verschil tussen bruto en netto rendement. Tip 4: Zorg dat je snapt wat er met je geld gebeurt Beleggingsproducten kunnen complex zijn. Zorg dat je begrijpt wat er met je geld gebeurt en wat dat voor jou betekent. Is je inleg gegarandeerd of kun je minder overhouden dan waar je mee begon? Kun je altijd bij je geld of staat het voor een bepaalde periode vast?  Wat doet de AFM in markt? De AFM probeert ook de kwaliteit van traditionele vormen van beheer en advies in de gaten te houden. Zo heeft de AFM in 2013 marktbreed onderzoek gedaan naar deze vormen van dienstverlening. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in een onlangs verschenen rapport. Slechts enkele banken leveren voldoende kwaliteit Uit het onderzoek blijkt dat de kwaliteit van beleggingsdienstverlening van slechts enkele banken en beleggingsondernemingen voldoende tot goed is. Bij het merendeel van de beleggingsondernemingen en banken dient de kwaliteit echter verbeterd te worden. Banken en beleggingsondernemingen hebben toegezegd verbeteringen door te voeren. Wat kun jij doen? Om jou een passend advies te geven moet een beleggingsadviseur of vermogensbeheerder zich een zo compleet mogelijk beeld vormen van onder meer jouw financiële huishouding, beleggingsdoel, kennis en ervaring en risicobereidheid. Daar hebben beleggingsdienstverleners wel jouw hulp bij nodig. Door een open gesprek te voeren met jouw beleggingsdienstverlener, hem concrete informatie over jouw persoonlijke situatie te verstrekken, en vragen te stellen als je iets niet duidelijk is, stel je hem in staat een passend advies te geven. De AFM heeft een checklist opgesteld waarmee je kunt controleren of je beleggingsadviesgesprek goed is verlopen en of er wellicht nog zaken zijn die je met je adviseur moet bespreken. Ook kan de checklist je helpen bij de voorbereiding op een (vervolg)adviesgesprek. Stel voor jezelf vast welke behoeftes je hebt, kijk welk type dienstverlening bij je past en ga in gesprek met je beleggingsdienstverlener: zo creëer en benut je de kansen die beleggen anno 2014 je biedt. Bij vragen of klachten kun je contact opnemen met het Meldpunt Financiële Markten van de AFM via het contactformulier of tijdens kantooruren telefonisch met: 0800-5400-540. Vanuit het buitenland is het teloonnummer: 0031-20-79- 3851. Terug naar Inhoud Banken aan het stuur, politiek op de achterbank Bron: Dik Degenkamp,  Me Judice, 5 februari 2014  Politici doen alsof zij de banken in handen hebben, maar dat is niet meer geloofwaardig. In plaats van banken te dwingen zich op te splitsen in nutsbanken en investeringsbanken, wordt het aan banken zelf overgelaten om de boel niet uit de hand te laten lopen. Steeds opnieuw blijkt dat politici na een hoop gepraat precies doen wat de banken hen voorstellen, stelt Dik Degenkamp. Banken in de lift Banken doen het goed de laatste tijd op de beurs. Dat is begrijpelijk, want de gewone belastingbetalers hebben hen uit de modder getrokken en ze kunnen nu zo goed als ongestoord op de oude weg voortgaan. Structureel wordt de sector niet aangepakt en wat er aan maatregelen wordt genomen is boterzacht en wordt pas over jaren ingevoerd of nu al versoepeld. Versoepeling kapitaaleisen Het Basel-comité heeft namelijk begin januari de kapitaaleisen voor de banken versoepeld; de zoveelste overwinning voor de bijna onoverwinnelijke bankensector. Economen hebben zelfs een mooie naam voor dit verschijnsel: ‘capture’, de overheid als gevangene van belangengroepen. Deze versoepeling zit onder andere in een andere soepele definitie van de zogenaamde leverage ratio. Dat is de befaamde hefboom. Een korte uitleg voor niet-economen. Ik koop met eigen geld een boek voor 10 Euro en verkoop dat voor 11 Euro, winst op eigen geld 10%. Nu leen ik 90 Euro en met 10 eigen geld koop ik 10 boeken voor 100 en verkoop ze voor 110. De winst is nu 10 in plaats van 1; op eigen geld maak ik nu geen 10 maar (haast) 100%! Ik moet natuurlijk wel rente betalen over het geleende geld, maar fiscaal wordt geleend geld (vreemd vermogen) vaak veel vriendelijker behandeld dan eigen geld (eigen vermogen); dus in plaats van 10% winst op het eigen geld kun je wel rekenen op 70 á 80%. Zo werkt de hefboom omhoog, maar als het tegen zit net zo hard omlaag. En hoe minder eigen geld in zaken wordt gestopt, hoe groter de toppen en de dalen. Zo werkt het ook bij banken en daar was de verhouding niet 1 op 9, eigen geld op vreemd geld, maar 1 op 33 of nog meer. Dat is geen leverage maar great leverage. En laat nu net voor de Bank for International Settlements de Amerikaan Alan M. Taylor een uitermate interessante studie onder deze titel te hebben gepubliceerd (Taylor 2012). Terecht schrijft Taylor dat deze tijd ‘different’is, maar in een andere betekenis dan die welke Greenspan c.s. aan deze term gaven. De zogenaamde ontwikkelde landen hebben in betrekkelijk korte tijd een financieel waterhoofd ontwikkeld. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw startte de deregulerings- en schuldenboom met – zoals wij nu weten – desastreuze gevolgen. Feitelijke gevolg van dit alles is dat na een krediet-uitbarsting in zowel de publieke als de private sector, zowel de ‘normale’ als de financiële recessie langer duren. In de praktijk was sprake van teugelloos topbankieren. In Europa was geen sprake van bovennationaal toezicht en in Nederland klungelde (DSB-bank) of sliep (SNS) de Nederlandsche Bank, om in een te laat stadium wakker te schrikken. Van het verleden is in Nederland niets geleerd; of moeten wij zeggen dat iedereen dondersgoed wist wat gebeurde, maar dat de banken de macht in handen hadden en nog steeds hebben? Al lang geleden heb ik gepleit dubbelrollen in het economisch leven te elimineren; het levert schizofrene situaties op. Om drie uur op de golfbaan De vorige grote crisis van de jaren dertig ligt wat dieper in het geheugen. Maar wie zich een beetje verdiept in de geschiedenis kan zien dat in de Verenigde Staten toen de bankzaken structureel zijn aangepakt. De Glass-Steagall Act haalde de zogenaamde commercial en de investment banks echt uit elkaar. De commercial banks, in Nederlands nutsbanken halen deposito’s op, kort en wat minder kort lopend geld en zetten dit op langere termijn uit. Een betrekkelijk ‘saaie’ tak van financiële ‘sport’; laag risico met bijbehorend ontbreken van superrendementen, maar ook geen diepe dalen. Voor die banken gold de 3-6-3-regel, op spaargeld 3% rente geven, hypothecair uitlenen tegen 6% en om 3 uur op de golfbaan. Hoe anders bij de investment banks; hier het snelle grote geld, financiële instrumenten, emissieovernames, financiering van gewone overnames van ondernemingen et cetera. Volgens Glass-Steagall mochten de twee soorten banken niet op elkaars terrein komen; zij mochten en konden elkaar niet besmetten. Een uitstekende regeling, die ook goed heeft gewerkt, maar onder invloed van de neoliberale dereguleringshausse in 1999 ten onder is gegaan. Dik Degenkamp oud-hoogleraar rechtswetenschap Rijksuniversiteit Groningen De heer Degenkamp heeft na zijn doctoraal economie zijn doctoraal rechten behaald. Hij was parttime econoom bij de Raad van State en wetenschappelijk medewerker Recht Universiteit van Amsterdam. Nadat hij hoogleraar rechtswetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen was, was hij de laatste vier jaar hoogleraar rechtswetenschap Nyenrode. Volgens de Belgische econoom De Grauwe is deze splitsings-aanpak, ook wel ‘narrow banking’ genoemd, de enige aanpak die zal kunnen werken. Het feit dat commercial en investment banks zich op elkaars terrein konden begeven vormde in De Grauwe’s woorden een "lethal combination" (De Grauwe 2010). Hij heeft dan ook – en mijns inziens terecht – geen goed woord over voor de aanpak in de Basel-akkoorden waarin uitsluitend minimale eigen vermogenseisen worden vastgesteld, maar waarin van echte splitsing geen sprake is. Die kapitaaleisen stellen verder bijzonder weinig voor. En, zoals hiervoor reeds is vermeld zijn die minimale eisen ook nog eens versoepeld. Die Basel-aanpak zal dus niet werken; er is sprake van fantoom-bestrijding. De financiële sector moet structureel veranderen dus geen verzekerbanken meer en verder een echte splitsing van nuts- en zakenbanken. Maar gaan wij naar het iets nabijere verleden, dan zullen wij zien dat hier niets van zal komen en dat het business as usual wordt, tot voordeel van weinigen en tot voorspelbare grote schade voor velen. Hoe spelen de banken het toch klaar? De meest eenvoudige verklaring voor het winner takes all-spel van de banken is de slogan ‘geld is macht’. Maar het proces kan wel een beetje concreter worden beschreven. Op nationaal niveau hebben wij eerst de parlementaire commissie De Wit gehad. Die adviseerde om de banken niet echt te splitsen, maar om een hek te zetten om de risicovolle activiteiten, het zogenaamde ringfencing. Op Europees niveau is vooral van belang het zogenaamde Liikanen-rapport; ook die club pleitte niet voor een volledige splitsing van nuts- en zakenbanken, voorgesteld werd een juridische constructie waarin een topholding zowel nuts- als zakenbanken onder zijn vleugels zou krijgen. Hier komen wij voor de eerste keer de heer Wijffels tegen, een haast alomtegenwoordige lobbyist voor het bankwezen. Met mooie praatjes over maatschappelijk verantwoord ondernemen en ‘sustainable finance’ slaagt hij erin wetgevingsonweer voor de banken te verijdelen. Niet dat er niet een tsunami van geschreven recht op de banken is neergedaald, maar het nuttig effect daarvan kan zeer worden betwijfeld als gevolg van het ontbreken van echt structurele wijzigingen van de sector. Wijffels komen wij ook weer tegen in de Commissie Structuur Nederlandse Banken. Die commissie publiceerde in juni 2013 het rapport “Naar een dienstbaar en stabiel bankwezen”, gefabriceerd onder voorzitterschap van dezelfde Wijffels. Ook die commissie kiest voor zogenaamde universele banken, dus geen bankensplitsing. Ter versterking van de kapitaalpositie van de banken wordt in het voorbijgaan geadviseerd de bankenbelasting te heroverwegen. Die maakt het volgens de commissie moeilijker het eigen vermogen van de banken te versterken. Een slap rapport en een nog slapper lid van die commissie die zich al snel gedeeltelijk van het rapport distantieerde (Arnoud Boot). Ook de Nederlandsche Bank is tegen splitsing. Gesteld wordt dat het een “onmogelijk systeem” is en zakenbanken geen financiers zullen vinden, een volstrekt onbewezen stelling. Ook een rare stelling, in aanmerking genomen het feit dat juist de zogenaamde ‘funding gap’ (het tekort aan deposito’s bij banken) door velen als een probleem wordt gezien. Het spaargeld van de mensen zit namelijk voor een belangrijk deel bij de pensioenfondsen en dat geld moet naar de veilige nutsbanken en niet naar de zakenbanken worden gesluisd. Maar ook het kabinet voelt niets voor splitsing; het streeft naar een “solide, transparante, integere en concurrerende bankensector, die de klant centraal stelt en dienstbaar is aan de reële economie”, maar men sluit zich aan bij Liikanen, dus geen echte splitsing (Ministerie van Financiën 2013). Zelfregulering is vrijbrief Eind januari is ook de Europese Commissie definitief door de knieën gegaan.Voor banken gaat geen ‘te groot’gelden en nationale toezichthouders mogen beslissen of interne ‘hekjes’ moeten worden aangebracht. En zo modderen we voort, met zelfregulering in de vorm van allerlei codes. ‘Zelfregulering’, terecht door Willem Buiter een oxymoron genoemd. Die codes hanteren het zogenaamde comply or explain principe. Dat principe houdt in dat als je je in strijd met de regels gedraagt, je je volgens dat principe toch aan de regels houdt als je maar uitlegt waarom je je niet aan de regels houdt. Een kwaadaardige nieuwvorming in het recht, waar de direct belanghebbenden uiteraard bijzonder enthousiast over zijn. Dit soort regels doet zeker geen pijn. Dat geldt ook voor de nieuwe liturgie die is ingevoerd voor bankiers: de bankierseed. Twee vingers in de lucht kost niet veel en doet zeker ook niet veel. De enigen die profiteren van deze ontwikkelingen zijn organisatoren van congressen, juridische specialisten, uitgevers en uiteraard de banken. Politici doen alsof zij de zaak in de hand hebben; steeds minder mensen geloven dat. Ref: Commissie Structuur Nederlandse Banken, Naar een dienstbaar en stabiel bankwezen, juni 2013. Grauwe, Paul de, The banking crisis: causes, consequences and remedies, in 'De kredietcrisis', red. N.E.D. Faber e.a., Kluwer 2010. Ministerie van Financiën, 2013, brief dd 23-8-2013 aan Tweede Kamer, Den Haag. Liikanen report , Banking structural reform (follow-up to the Liikanen report) Taylor, Alan M., 2012, The great leveraging, BIS working paper 398, BIS, Bazel. Terug naar Inhoud Inflatie slechts 0,7% in de EMU Bron: KBC bank In vergelijking met de Fed en de Bank of England bevindt de Europese Centrale Bank zich nog in een vroeger stadium van haar beleidscyclus. Ze bezint zich erover hoe ze met haar beleid de Europese conjunctuur een extra duwtje in de rug kan geven. EMU Inflatie brokkelt verder af Vooral het feit dat de inflatie in de EMU in januari slechts 0,7% bedroeg, zit haar dwars. Haar inflatiedoelstelling voor de middellange termijn bedraagt immers net geen 2%. Alhoewel de ECB geen reden voor deflatievrees ziet, zal ze allicht wel ingrijpen. Een laatste verlaging van haar beleidsrente tot bijvoorbeeld 10 basispunten is bijgevolg waarschijnlijk om een kruipende stijging van de geldmarktrente te verhinderen. ECB balans krimpt In tegenstelling tot de andere grote centrale banken ziet de ECB ook haar balans gestaag krimpen. Dat is het gevolg van de terugbetaling door de banksector van de grootschalige liquiditeitsverstrekking door de ECB. Het risico bestaat dat in zo’n internationale constellatie de euro te sterk zou worden en via dalende invoerprijzen de inflatie ongewenst verder zou doen dalen. Dat is precies wat er in Japan gebeurde tijdens de Grote Recessie van 2009. Twee Opties Om een herhaling in de EMU te voorkomen, heeft de ECB twee opties. Ten eerste kan ze stoppen met het geld te neutraliseren dat ze tijdens vroegere obligatieaankopen creëerde (de zogenoemde sterilisatie). Dat zou de geldhoeveelheid in de EMU eenmalig met zo’n 175 miljard EUR kunnen verruimen. Om een sterker effect te bereiken, zou ze echter een grootschalig aankoopprogramma moeten starten zoals de Fed. De enige markten die daarvoor in de EMU over een voldoende liquiditeit beschikken, zijn die van overheidsobligaties. De aankoop van obligatiemandjes volgens de verdeelsleutel van het kapitaal van de ECB lijkt dan ook een verdedigbare manier om de geldgroei in de EMU op peil te houden. Terug naar Inhoud Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Inschrijven: Klik Hier Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website endeze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contactop met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 maart 2014

...

Nieuwsbrief20140218 Symp62-1

Programma 62ste HCC Beleggen Symposium op 5 april 2014 "Overweeg uw portefeuille" Uit onderzoek blijkt dat  de samenstelling van uw beleggingsportefeuille een zeer groot effect op het uiteindelijke rendement en risico heeft.  Zo laat Mebane Faber bijvoorbeeld in het boekje "The Ivy portfolio"  zien hoe je op een relatief simpele manier, met een portefeuille met een beperkt aantal ETFs, de beleggingsresultaten van professionele partijen kunt benaderen. De vraag hoe u uw portefeuille moet samen stellen is uiterst relevant. Hierbij spelen vragen als: welke sectoren en fondsen,individuele fondsen of  beleggingsfondsen/ETFs, aandelen, obligaties of anders zins, uitbesteden of zelfdoen, keuze op basis van fundamentele analyse of technische analyse, hoe is het risicomanagement geregeld, etc. Kortom er zijn vele keuzes te maken. Tijdens het 62ste symposium "overweeg uw portefeuille" zullen diverse sprekers antwoord geven op deze en andere vragen op het gebied van portefeuille beheer.  Elke spreker zal vanuit zijn eigen invalshoek en ervaring het onderwerp benaderen.  Programma van het 62ste HCC Beleggen Symposium beknopt overzicht  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Joost van Leenders (BNP Paribas) Bouw uw eigen beleggingsportefeuille HCC Beleggen ALV jaarvergadering 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Menno van Hoven (RB-NL Beleggers Belangen) Dividend beleggen Marco Vocking   (www.vocking.nl) Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Willem Burgers        (Add Value Fonds)   Think big, buy small Philippe Dassonville      (WH Selfinvest) De "Morning Buy” strategie op Europese en Amerikaanse beursindices 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Elizabeth Goodwin    (Galapagos) Kansen in de biotechnologie sector - Een Galapagos investment case Karel Mercx  (Lynx) De acht feiten over het huidige beursklimaat 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van drie fundamenteel analyse modellen.  . *  Webadressen staan onderaan deze pagina *Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Inschrijven  Klik Hier verplicht  (toegang gratis) Let op. Het symposium wordt gehouden in :       Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte, Henri Dunantplein 4, 3731 CL  De Bilt Routebeschrijving Standhouders         website Sprekers website Standhouders Joost van Leenders Menno van Hoven Willem Burgers Elizabeth Goodwin Anne Grevinga HCC Beleggen Marco Vocking Philippe Dassonville Karel Mercx  BNP Paribas Beleggers Belangen Add Value Fonds Galapagos AmGrevinga www.beleggersonline.nl www.vocking.nl WH Selfinvest Lynx Foxware Analist.nl Forest Bergen Loef Vocking WH Selfinvest De optiestrateeg Lynx De Veste Trading Update Optie Academy HCC Beleggen  Inschrijven klik hier

19 februari 2014

...

Nieuwsbrief20140201

Februari 2014 Economie weer wat beter Pensioenfondsen uit het dal? Waarschuwing voor Boilerrooms Groeipauze op komst ? Streefcijfers moeten klanten activeren Koersen lager na verlies wedstrijd De Lerende Economie van de WRR komt er alleen met nieuwe instituties Meedoen kan Agenda Zet 5 april 2014 alvast in uw agenda ! wat 62 ste HCC Beleggen Symposium waneer 5 april 2014 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink een aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Het gaat langzaam aan weer wat beter met de economie Bron: Redactie Nadat eerder bekend werd dat de huishoudens weer een fractie meer besteden en dat de stemming van ondernemers in de industrie in januari weer wat verbeterd is, blijkt nu uit een analyse van het cbs dat ook het conjunctuurbeeld eind januari beter is dan eind december. Binnenlandse consumptie door huishoudens (koopdaggecorrigeerd volume) Huishoudens hebben in november 2013 0,2 procent meer besteed aan goederen en diensten dan in november 2012. Dit is de eerste toename van de consumptie in bijna tweeënhalf jaar. De bescheiden groei komt doordat consumenten meer duurzame goederen kochten. De consumptiecijfers zijn gecorrigeerd voor prijsveranderingen en veranderingen in de samenstelling van de koopdagen. De bestedingen aan duurzame goederen waren in november 4,6 procent hoger dan een jaar eerder. Vergeleken met november 2012 kochten consumenten veel meer nieuwe auto’s. Het niveau van de autoverkopen was in de laatste maanden van 2012 echter relatief laag. Ook kleding en schoenen waren in november 2013 meer in trek dan een jaar eerder. Verder was de krimp van de bestedingen aan woninginrichting minder groot dan in eerdere maanden. De jaar-op-jaarontwikkeling van de bestedingen aan duurzame goederen kan zijn beïnvloed door belastingmaatregelen. Op 1 oktober 2012 ging het hoge btw-tarief van 19 procent naar 21 procent. Dit remde de consumptie in de laatste maanden van het jaar. Aan voedings- en genotmiddelen is 1,2 procent minder besteed. Ook de uitgaven aan overige goederen, waaronder energie, waren lager (1,4 procent). De bestedingen aan diensten lagen 0,2 procent onder het niveau van november 2012. De Consumptieradar laat aan de hand van zes indicatoren zien of de omstandigheden voor de consumptie door huishoudens gunstiger of minder gunstig zijn geworden. In januari 2014 waren de omstandigheden voor de consumptie vrijwel net zo ongunstig als in december 2013. Producentenvertrouwen industrie Het producentenvertrouwen kwam uit op 0,7 tegen 0,1 in december. Na tweeënhalf jaar negatief geweest te zijn is de stemmingsindicator weer licht positief. Het producentenvertrouwen is samengesteld uit drie deelindicatoren: het oordeel over de orderpositie, het oordeel over de voorraden gereed product en de verwachte productie in de komende drie maanden. De ondernemers waren in januari positiever over de te verwachte bedrijvigheid dan in december. Ook waren ze minder somber over hun orderpositie.  Hun oordeel over de voorraden verslechterde daarentegen. Bezettingsgraad industrie De bezettingsgraad is voor het derde achtereenvolgende kwartaal opgelopen. In januari 2014 benutte de Nederlandse industrie 79,6 procent van de beschikbare productiecapaciteit. In april 2013 was dit 75,6 procent. Analyse januari Het conjunctuurbeeld is eind januari beter dan eind december 2013. Er waren meer verbeteringen dan verslechteringen in de conjunctuurklok. Het zwaartepunt van de indicatoren in de Conjunctuurklok ligt in de fase van herstel. Op vier na presteren alle indicatoren in de Conjunctuurklok echter nog onder hun langjarige trend. Nieuwe informatie Het producentenvertrouwen en de faillissementen schoven nipt door van het gele naar het groene kwadrant. Ze zitten in een opgaande fase en presteren nu ook iets beter dan hun langjarige trend. De consumptie door huishoudens wisselde het rode kwadrant in voor het gele. Deze indicator gaat van een neergaande over in een opgaande fase, maar presteert onder zijn langjarige trend. De rente gaat van het groene naar het oranje kwadrant. Deze indicator valt van een opgaande fase terug in een neergaande, maar presteert wel boven zijn langjarige trend. Het zwaartepunt van de puntenwolk in de Conjunctuurklok ligt eind januari in de fase van herstel. Van de vijftien indicatoren staan er zes in het gele, vijf in het rode, drie in het groene en één in het oranje kwadrant. Indicatoren in het rode kwadrant hebben een groei onder hun langjarige trend en de groei neemt af. Ook bij indicatoren in het gele kwadrant ligt de groei onder hun langjarige trend, maar daar neemt de groei toe. Van de indicatoren in het groene kwadrant ligt de groei boven hun langjarige trend en neemt de groei toe. Ook van indicatoren in het oranje kwadrant ligt de groei boven hun langjarige trend, daar neemt de groei echter af. Bronnen en meer informatie: CBS Conjunctuurinformatie , Het Conjunctuurdashboard laat de cyclus van de afzonderlijke indicatoren zien. De Conjunctuurklokindicator laat de cyclus van het zwaartepunt van de puntenwolk zien. YouTube:  ‘Hoe werkt de Conjunctuurklok?’ en ‘De economische crisis in beeld’ Branchegegevens producentenvertrouwen in de industrie zijn opgenomen in de Industriemonitor op de CBS-website. Meer cijfers Industrie en energie. toelichting conjunctuurklok Beschrijving afzonderlijke indicatoren Conjunctuurklok Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Pensioenfondsen uit het dal? Bron: DNB Minder pensioenfondsen moeten pensioen verlagen bij einde 5 jaar herstelplannen Een schatting van de Nederlandsche Bank (DNB) wijst uit dat circa 38 pensioenfondsen per 1 april 2014 een verlaging van het pensioen moeten doorvoeren bij het afronden van de vijfjarige herstelplannen. Dit is een daling met 28 fondsen ten opzichte van de 66 fondsen die in het voorgaande jaar het pensioen moesten verlagen. Ook is de gemiddelde verlaging van deze fondsen gedaald naar 1,1% (noot 1) waar vorig jaar nog een gemiddelde verlaging van 1,9% werd doorgevoerd. De inkomensgevolgen van deze verwachte daling, bezien over alle pensioenfondsen, zijn relatief beperkt. Dit alles blijkt uit voorlopige berekeningen van DNB. Aantal kortingsfondsen in lijn met verwachting; daling pensioen lager In het voorjaar van 2013 hebben pensioenfondsen die verwachtten in 2014 de pensioenen te moeten verlagen dit al aangekondigd. Het aantal fondsen dat nu waarschijnlijk het pensioen moet verlagen, is in lijn met deze verwachting. De verlaging van de pensioenen valt lager uit ten opzichte van de eerdere verwachting. Bij de evaluatie van de herstelplannen in april 2013 verwachtten fondsen namelijk nog een gemiddelde gewogen daling van het pensioen met 1,7 % in 2014 (zie persbericht 25 april 2013).   Het aantal gepensioneerden dat in april van dit jaar met een lager pensioen te maken krijgt, komt nu uit op circa 500.000, waar in april 2013 nog werd uitgegaan van 700.000 gepensioneerden. Het aantal actieve deelnemers dat een verlaging kan verwachten bedraagt 700.000 deelnemers, waar vorig jaar nog op 1,3 miljoen actieve deelnemers werd gerekend. In plaats van 1,1 miljoen slapers (noot 2), zullen nu naar verwachting circa 1,3 miljoen slapers worden geraakt, zo blijkt uit de voorlopige cijfers.   Positieve ontwikkeling door stijging dekkingsgraad De positieve ontwikkeling van het gemiddelde percentage waarmee pensioenen worden verlaagd, komt door een stijging van de dekkingsgraad per ultimo 2013 in vergelijking met 2012. De gemiddelde dekkingsgraad per jaarultimo is uitgekomen rond 110%, een stijging in vergelijking met de 102% van eind december 2012.    Effect korting op pensioeninkomen De gemiddelde daling van het pensioen met 1,1% die nu uit de voorlopige cijfers naar voren komt, betekent overigens niet dat geraakte gepensioneerden hun inkomen met hetzelfde percentage zien dalen. Dat komt doordat gepensioneerden pensioen ontvangen in aanvulling op de AOW. Ook is geen rekening gehouden met de effecten van overheidsbeleid op het netto inkomen van gepensioneerden.   Bezien over alle pensioenfondsen, is de daling van het pensioen 0,12% (% van de totale verplichtingen). Immers, de daling van de pensioenen heeft betrekking op een relatief kleine groep pensioenfondsen. Daar komt bij dat er, in vergelijking met vorig jaar, meer pensioenfondsen zijn die waarschijnlijk het pensioen weer kunnen indexeren of een eerder doorgevoerde pensioenverlaging ongedaan kunnen maken. De gepensioneerden die aangesloten zijn bij deze fondsen, zien hun pensioen juist stijgen. Met andere woorden, de impact van de pensioenverlagingen op de hoogte van het pensioen op macro-niveau is relatief beperkt.   Einduitkomst kan lager uitvallen Bij de bovenstaande cijfers is geen rekening gehouden met andere maatregelen die pensioenfondsen kunnen nemen, behalve een verlaging van het pensioen, om de dekkingsgraad weer op peil te brengen, bijvoorbeeld bijstortingen door de werkgever. In dat geval kan het aantal fondsen dat het pensioen verlaagt lager uitvallen, evenals de hoogte van de verlaging. Pensioenverlaging noodzakelijk voor herstel buffers pensioenfondsen De pensioenfondsen die in april het pensioen moeten verlagen, moeten hun deelnemers en gepensioneerden daarover op uiterlijk 1 maart 2014 hebben geïnformeerd. De verlaging is noodzakelijk geworden om de buffers van pensioenfondsen te herstellen. De meeste pensioenfondsen hebben een herstelplan dat eind van vorig jaar is afgelopen en erop gericht was om in maximaal vijf jaren de dekkingsgraad terug te brengen op een niveau van circa 105%, het wettelijk minimaal vereiste niveau. Definitieve cijfers pensioenverlagingen Half februari moeten pensioenfondsen de evaluatie van hun herstelplannen bij DNB indienen. Voor zover het minimaal vereiste eigen vermogen per ultimo 2013 nog niet was bereikt, moeten pensioenfondsen aangeven welke maatregelen ze nemen om een tekort aan te vullen, bijvoorbeeld via een lager pensioen. DNB zal spoedig na ontvangst van de evaluaties hierover voor de sector als geheel communiceren. Na ontvangst van de evaluatie van herstelplannen zal DNB zo snel mogelijk een oordeel vormen hierover. DNB streeft ernaar de pensioenfondsen die het pensioen moeten verlagen voor 1 maart 2014 te informeren, maar zal die fondsen in ieder geval uiterlijk voor 1 april 2014 geïnformeerd hebben. Voor vragen kunt u contact opnemen met Ben Feiertag (06-52496142, b.j.feiertag@dnb.nl). Noot 1: Berekend als gemiddelde van de fondsen die het pensioen verlagen. Noot 2: Pensioendeelnemers en gepensioneerden die van werkgever zijn gewisseld en niet aan waardeoverdracht hebben gedaan, kunnen meerdere keren zijn meegeteld. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Waarschuwing voor boilerrooms Bron: Redactie Er zijn in Nederland diverse organisaties actief die consumenten, zonder dat daarom is gevraagd, telefonisch benaderen met een geweldig investeringsaanbod. Vrijwel altijd blijkt er sprake te zijn van fraude en gaat het om een boiler room. Een boiler room is een verzamelnaam voor personen en organisaties die met behulp van gehaaide verkopers naar potentiële beleggers bellen (cold calling) om ze over te halen te investeren in waardeloze of nepaandelen. Beleggers worden onder grote druk gezet om geld naar het buitenland over te maken. Boiler rooms gebruiken vaak betrouwbaar ogende websites. Soms gebruiken ze namen die lijken op die van een bekende financiële organisatie. Boiler rooms brengen hun ‘slachtoffers’ het hoofd op hol met overtuigende verkooppraatjes dat er grote winsten zijn te behalen. Er wordt een relatie opgebouwd met de gedupeerden door regelmatig te bellen en in het begin goede resultaten (op papier) te laten zien. Ze wekken ook de indruk dat het om een echt eerlijk bedrijf gaat met een vergunning van de AFM en om belangrijke handel. Je moet snel  beslissen, want anders zijn de aandelen al verkocht. Voorkom dat je wordt opgelicht Geloven in de mooie beloftes en ingaan op de investeringsvoorstellen kan je veel geld kosten. Weet ook dat het in Nederland verboden is om consumenten zomaar te bellen met het aanbod aandelen te kopen of verkopen. Boiler rooms bieden vaak aandelen aan die waardeloos zijn of zelfs helemaal niet bestaan. Sommige boiler rooms misleiden beleggers doordat zij de naam gebruiken van een bekende financiële organisatie of een naam die lijkt op die van een gerenommeerde financiële organisatie. Kopers van deze aandelen worden later vaak opnieuw opgelicht, doordat ze worden benaderd om hun stukken tegen een aantrekkelijke vergoeding aan buitenlandse instellingen te verkopen. Zij moeten daarvoor een vergoeding van enkele duizenden euro's betalen, waarna zij niets meer van hun 'bemiddelaar' vernemen. Ga nooit in op aandelenverkoop per telefoon of e-mail. Vaak zijn ze erg volhoudend, ga dan ook niet in gesprek en hang elke keer direct op. Raadpleeg de registers van de AFM of de website van de buitenlandse toezichthouder in het land waar de instelling zegt te zijn gevestigd om te zien of zij over een vergunning beschikken. Bel de organisatie terug met de gegevens die je uit de registers haalt, om er achter te komen wie ze zijn. Check op internet via zoekmachines of er iets bekend is over de aanbieding. Worden er extreem hoge rendementen voorgespiegeld of is het aanbod te mooi om waar te zijn? Dan is het ook niet waar! Betaal geen restriction fee of andere onduidelijke kosten aan onbekende instellingen. Controleer op internet via zoekmachines de naam van het aandeel. Wees altijd extra alert als bedrijven of personen geld vragen over te maken naar een buitenlandse bankrekening of via zogenaamde Moneytransfer-systemen. Bekijk ook de waarschuwingslijsten van de AFM. Op de waarschuwingslijst boiler room staan ondernemingen die ongevraagd mensen hebben benaderd met een beleggingsvoorstel. De AFM heeft vastgesteld dat de ondernemingen die op deze waarschuwingslijst staan niet beschikken over een AFM-vergunning of een Europees Paspoort. De AFM adviseert  beleggers niet in te gaan op aanbiedingen van instellingen die op deze waarschuwingslijst staan. Raadpleeg ook de waarschuwingslijst van IOSCO. Daar staan waarschuwingen van aangesloten buitenlandse toezichthouders. Om consumenten te wijzen op specifieke boiler rooms gebruikt de AFM waarschuwingslijsten-boiler rooms. Een onderzoek van de toezichthouder zelf kan leiden tot zo’n waarschuwing. Ook neemt de AFM waarschuwingen over van buitenlandse toezichthouders. In het vierde kwartaal van 2013 is er door AFM gewaarschuwd voor de volgende partijen: Progression Mergers & Acquisitions. Deze partij biedt consumenten aan om aandelen China Mineral Company te kopen. Dat zou alleen kunnen tegen betaling van een vergoeding om deze aandelen vrij te geven, de zogenoemde restriction fee. Summit Private Equity LLP. Deze partij biedt aandelen US Investment Holdings, Inc. aan. Guozijian Capital. Deze boiler room geeft aan dat zij een koper heeft voor (waardeloze) aandelen die al in het bezit van de belegger zijn. Echter, voordat over kan worden gegaan tot verkoop van deze stukken moet deze een minimale omvang hebben. Beleggers moeten eerst dezelfde aandelen bijkopen, zodat ze de vereiste minimale hoeveelheid bezitten. Sovereign Wealth Capital. Werkt samen met Hudson Strategic Partners en World Capital Consultants, waar ook afgelopen kwartaal voor is gewaarschuwd. Kingsley Advice Group. De Britse toezichthouder FCA heeft eerder voor deze partij gewaarschuwd. De AFM roept beleggers op contact met het Meldpunt Financiële Markten op te nemen als ze door een boiler room zijn gebeld. Dit geldt vanzelfsprekend ook voor andere vormen van beleggingsfraude en financiele colportage. bronnen: AFM: diverse publicaties w.o. Boilerrooms,  Beleggingsfraude,  Colportage Wikipedia: Arrest Alpine Investments OM: "FIOD legt voor miljoenen beslag in onderzoek naar beleggingsfraude" Terug naar Inhoud Groeipauze op komst ? Bron: KBC Het producentenvertrouwen startte zijn opwaartse trend in de zomer van 2012 na de aankondiging door de ECB van haar OMTprogramma. Vanaf het vierde kwartaal van 2012 leidde dat ook tot een aantrekkende groeidynamiek en een terugkeer naar economische groei in het tweede kwartaal van 2013. Dat herstel zet zich onverminderd voort, met als opvallende achterblijver de Franse economie. Het Franse producentenvertrouwen blijft steken op een laag peil en zowel de werkloosheidsgraad als het tekort op de lopende rekening van de Franse betalingsbalans lopen verder op. Het nieuwe ‘verantwoordelijkheidspact’ van president Hollande heeft als doelstelling de werkgelegenheidsgroei aan te zwengelen, met als blikvanger de verlaging van de sociale bijdragen door de werkgevers ten belope van 30 miljard EUR tegen 2017. Maar ondanks het feit dat de recente conjunctuurdata wereldwijd verrassend goed waren, is het mogelijk dat de wereldconjunctuur de komende maanden tijdelijk een versnelling lager schakelt. In de VS zagen we in het derde kwartaal van 2013 een stevige voorraadopbouw, die allicht vanaf het vierde kwartaal tijdelijk op de groei zal wegen. In Japan zal de aangekondigde btw-verhoging, zoals vermeld, in het tweede kwartaal voor een matiging van de consumptieuitgaven zorgen. Om het scenario van 1997 te vermijden, waarbij een btwverhoging de prille conjunctuurherleving fnuikte, zal de Japanse regering die verhoging nu begeleiden met een budgettair stimuleringspakket. Ook in China zal de matigende conjunctuurdynamiek van het vierde kwartaal van 2013 zich allicht nog voortzetten. Vooral de pogingen van de Chinese centrale bank om de hoge kredietgroei aan banden te leggen zal nog een tijd op de economische groei wegen. De financiële markten trekken zich op dit ogenblik weinig aan van het feit dat de economische groei in de EMU achterblijft ten opzichte van de andere grote economieën. Dat komt vooral tot uiting in de forse daling van de renteverschillen die EMU-overheden moeten betalen ten opzichte van de Duitse overheid. Zo daalde bijvoorbeeld de risicopremie op Spaanse en Italiaanse overheidsobligaties tot circa 2 procentpunten. Die daling is vooreerst te danken aan de verbeterde groeivooruitzichten, die samen met een groeivriendelijker begrotingsbeleid de overheidsschuld beheersbaarder maakt. Op de achtergrond blijft echter ook het OMT-programma van de ECB een belangrijke neerwaartse druk op de renteverschillen uitoefenen. Aangezien de groeiverschillen tussen de EMU-lidstaten aanzienlijk blijven en de overheidsschulden zich nog altijd op een veel te hoog peil bevinden, heeft die ingreep van de ECB veel weg van een anesthesie die tijd koopt om de noodzakelijke saneringsoperatie door te voeren. Terug naar Inhoud Toelichting op streefcijfers activeren klanten met beleggingsverzekering Bron: AFM De AFM verwacht van verzekeraars en adviseurs dat zij tachtig procent van de klanten met een beleggingsverzekering bij hun hypotheek voor 1 januari 2015 hebben geactiveerd. Dat blijkt uit een toelichting voor verzekeraars en adviseurs op het gebruik van streefcijfers die de AFM vandaag heeft gepubliceerd. Eerder heeft de AFM de minister van Financiën op zijn verzoek geadviseerd over het gebruik van streefcijfers voor verzekeraars en adviseurs bij het activeren van klanten met een beleggingsverzekering. Tweede Kamer De Tweede Kamer heeft in september 2013 de minister van Financiën duidelijk gemaakt dat zij verwacht dat de inspanningen van verzekeraars en adviseurs om klanten te activeren niet beperkt blijven tot intenties. De Tweede Kamer verwacht concrete resultaten en heeft de minister gevraagd daarom streefcijfers voor het activeren vast te stellen. De AFM heeft daarop de minister van Financiën op zijn verzoek geadviseerd over de hoogte van streefcijfers voor het activeren van klanten met een beleggingsverzekering. In zijn brief van 13 december 2013 aan de Tweede Kamer licht de minister het advies op hoofdlijnen toe en roept hij alle verzekeraars en adviseurs op om dit toe te passen bij de nazorg voor klanten met een beleggingsverzekering. Eerste streefcijfer: 80% voor hypotheekpolissen De AFM heeft bij het bepalen van streefcijfers gekeken naar voorbeelden in de markt. De AFM heeft voorbeelden gezien waarbij verzekeraars en adviseurs dankzij een intensieve aanpak een hoog percentage klanten hebben bereikt en geholpen. Voorlopig heeft de AFM alleen een streefcijfer bepaald voor de groep beleggingsverzekeringen die bedoeld zijn voor de aflossing van een hypotheekschuld. In lijn met de succesvolle praktijkvoorbeelden heeft de AFM het streefcijfer vastgesteld op 80%. Dit betekent dat de AFM ervan uit gaat dat verzekeraars en adviseurs 80 % van de klanten met een hypotheekgebonden polis in hun portefeuille voor 1 januari 2015 hebben geactiveerd. Streefcijfers voor de overige klantgroepen verwacht de AFM in de loop van 2014 te geven als er meer zicht is op de eerste ervaringen met deze groep. Activeren Activeren betekent dat verzekeraars en adviseurs consumenten zo persoonlijk mogelijk benaderen, inzicht geven in de financiële situatie van hun polis (wat is het financiële gat tussen verwachte eindwaarde en doelkapitaal?) en ze een bewuste keuze laten maken over de toekomst van hun beleggingsverzekering, zodat zij later niet voor onaangename verrassingen komen te staan. Voor veel consumenten met een beleggingsverzekering geldt dat zij door hoge kosten en vooral ook door tegenvallende beleggingsrendementen niet genoeg met hun beleggingsverzekering opbouwen om straks de hypotheekschuld af te kunnen lossen. Om het vertrouwen van consumenten te herstellen, zullen verzekeraars en adviseurs naast de geboden compensatie consumenten ook moeten helpen bij het maken van een keuze wat zij nu met hun beleggingsverzekering gaan doen. Meer: Lees hier de volledige toelichting Terug naar Inhoud Koersen lager na verlies wedstrijd Bron: DNB Sportwedstrijden roepen vaak heftige emoties op. Eerder onderzoek toonde aan dat er beduidend minder aandelen werden verhandeld tijdens spannende sportevenementen (artikel "Voetbal op TV? Ook aandelenmarkten kijken mee" HCC Beleggen Nieuwsbrief 20120401). Nu blijkt na recent onderzoek dat deze emoties aandelenkoersen kunnen beïnvloeden, zelfs wanneer een hoge mate van rationele prijsvorming te verwachten valt. Dit inzicht is relevant voor zowel de praktijk als het academisch onderzoek. Een fundamenteel debat Economen debatteren voortdurend over de fundamentele vraag of aandelenprijzen puur op grond van rationele overwegingen tot stand komen. Tot de jaren '80 van de twintigste eeuw was het vrij gebruikelijk om aan te nemen dat aandelenprijzen puur rationeel worden bepaald. Steeds vaker werden echter vraagtekens bij dit uitgangspunt gezet, onder meer door de latere Nobelprijswinnaar Robert Shiller. Bij het tot stand komen van beurskoersen bleken steeds meer aspecten een rol te spelen, die vanuit een rationeel perspectief niet relevant geacht zouden zijn. Een nieuw onderzoeksveld, inmiddels bekend als behavioural finance, was geboren. De emotionele belegger Een belangrijke factor - die niet goed binnen het rationele raamwerk past, maar die toch een effect heeft op aandelenprijzen - is de schommeling in emoties van beleggers. Zo blijken beurskoersen gevoelig te zijn voor een scala aan factoren, zoals variaties in de hoeveelheid zonlicht, de veranderingen tussen zomertijd en wintertijd, en de uitslagen van sportwedstrijden. Zo zijn beleggers optimistischer wanneer hun voetbalteam goed heeft gepresteerd. Ook is het niet ongewoon dat beurskoersen dalen op de dag nadat het nationale elftal wordt uitgeschakeld op het wereldkampioenschap voetbal. Uitschakeling drukt beurskoersen Recent onderzoek laat nu zien dat emoties zelfs aandelenkoersen beïnvloeden, wanneer men juist een hoge mate van rationele prijsvorming zou mogen verwachten. Dit nieuwe onderzoek bestudeert de aandelenkoers van een bedrijf waarvan het aandeel in meerdere landen, waaronder Frankrijk en Italië, wordt verhandeld. Vervolgens wordt bekeken hoe de aandelenprijzen reageren op de uitschakeling van deze twee landen op het WK voetbal in Zuid-Afrika in de zomer van 2010. Te verwachten valt dat de beurskoersen in beide landen altijd zeer dicht bij elkaar liggen, omdat er anders mogelijkheden ontstaan voor beleggers om snel van koersverschillen te profiteren.   Het blijkt echter dat de beurskoers in het land dat dreigt te worden uitgeschakeld al tijdens de wedstrijd duidelijk lager ligt dan in het andere land. Zo speelde Frankrijk op 22 juni haar laatste groepswedstrijd tegen Zuid-Afrika. Bij rust keken de Fransen al tegen een 2-0 achterstand aan, waardoor uitschakeling dreigde. De stemming bij beleggers in Frankrijk sloeg om, waardoor de beurskoersen daalden. Figuur 1 toont hoe goed deze koersuitslag zichtbaar was voor het betreffende aandeel. Aan het einde van de handelsdag is er een sterke neerwaartse beweging in het prijsverschil tussen Parijs en Milaan, omdat de koers op de Franse beurs plotseling daalde. Koersafwijkingen tijdens voetbalwedstrijden Noot: Deze figuur toont de gemiddelde prijsafwijkingen per uur tussen de aandelenkoersen van hetzelfde bedrijf op de beurs in Parijs en Milaan tussen 21 en 25 juni 2010. De twee grote uitschieters op 22 juni en 24 juni vallen samen met de wedstrijden waarin Frankrijk (FR) en Italië (IT) werden uitgeschakeld op het WK voetbal in Zuid-Afrika. Ook wordt zichtbaar hoe een vergelijkbare koersafwijking optrad tijdens de wedstrijd waarin Italië twee dagen later werd uitgeschakeld. Op donderdag 24 juni speelde Italië tegen Slowakije, waarbij de Azzurri als snel tegen een 1-0 achterstand aankeken. Ook voor hen dreigde uitschakeling. In lijn hiermee daalde de koers op de beurs in Milaan, waardoor de prijs van het aandeel een fractie lager kwam te liggen dan de koers in Frankrijk. Deze afwijking is in de figuur zichtbaar door de uitschieter naar boven aan het einde van de handelsdag op 24 juni. Het onderzoek illustreert zo dat aandelenprijzen niet altijd louter op grond van rationele overwegingen tot stand komen. Emoties kunnen van tijd tot tijd een belangrijke invloed hebben op aandelenmarkten. Dit inzicht is relevant voor zowel de praktijk - waarin men er dus rekening mee moet houden als men zelf handelt - als voor het academisch onderzoek, wanneer men probeert een accurate beschrijving te geven van hoe financiële markten werken. De recente Nobelprijs voor Economie werd gedeeld door prijswinnaars die zeer uiteenlopende ideeën hebben geuit over hoe markten werken. Eugene Fama ontving de Nobelprijs voor zijn idee dat markten efficiënt zijn, terwijl Shiller de prijs kreeg voor het feit dat hij vrijwel het tegenovergestelde stelde. Het onderzoek laat zien dat markten weliswaar vaak efficiënt kunnen werken, hetgeen aansluit bij Fama’s gedachtengoed, maar laat vooral zien dat we daar niet zonder meer vanuit mogen gaan. Terug naar Inhoud De Lerende Economie van de WRR komt er alleen met nieuwe instituties Bron: MeJudice De WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) kwam vorig jaar met een gedegen advies over de Nederlandse economie waarin het topsectorenbeleid niet gespaard wordt en een pleodooi gehouden wordt voor brede investeringen in kennis. Dat is een mooie boodschap, vindt de Utrechtse econoom Frenken, maar de WRR-aanbevelingen missen een politieke analyse. Binnen de huidige instituties zal het WRR-advies geen navolging vinden. Nieuwe instituties zijn nodig wil de droom van de WRR uitkomen. Lerende Economie Met het rapport "Naar een Lerende Economie. Investeren in het verdienvermogen van Nederland" heeft de WRR (2013) een gedegen onderbouwd advies geschreven over het economisch beleid in Nederland. Het beschouwt de geschiedenis van economisch beleid in Nederland, maakt Europese vergelijkingen, en komt tot heldere aanbevelingen voor de korte en langere termijn. De omvang en diepgang van het rapport spreken een duidelijke ambitie uit. Met dit rapport hoopt de WRR het economisch beleid blijvend te veranderen. Het topsectorenbeleid moet op de schop, en kennisontwikkeling in brede zin moet centraal staan. WRR-evaluatie topsectorenbeleid Hoewel het WRR-rapport doorspekt is van academische nuance en politieke fijngevoeligheid, is de boodschap helder: het huidige topsectorenbeleid, reeds tien jaar geleden ingezet onder Balkenende II met het innovatieplatform, mist elke grond. De kritiek van de WRR laat zich in vijf zinnen samenvatten: het beleid richt zich op exportbevordering dat weer economische groei moet opleveren, terwijl de uitdagingen in de 21e eeuw juist maatschappelijk van aard zijn (vergrijzing, milieu, gezondheid, privacy, etc.) het sectorale beleid komt vooral ten goede aan grote bedrijven in volwassen sectoren (“backing winners”), terwijl juist kleine, veelbelovende ondernemingen en nieuwe sectoren steun behoeven om succesvol te worden. het beleid faciliteert incrementele innovatie binnen een sector, terwijl de markt juist faalt bij radicale innovatieprocessen op het raakvlak van verschillende sectoren het beleid is gericht op industrie, terwijl de dienstensector de grootste sector is in de Nederlandse economie met de grootste uitdagingen om de arbeidsproductiviteit te verhogen. het beleid kent geen helder kader waarbinnen innovatie-afspraken tot stand moeten komen, hetgeen tot enorme transactie- en coördinatiekosten leidt. In haar analyse laat de WRR ook zien dat het innovatiebeleid in de landen om ons heen (Denemarken, Duitsland, België en het Verenigd Koninkrijk) heel andere foci en instrumenten hanteren, die ook tot betere resultaten leiden. Het meest in het oog springend in de vergelijking is het Nederlandse falen in de ontwikkeling en het gebruik van duurzame technologie in vergelijking met de buurlanden. WRR-aanbevelingen voor een nieuw economisch beleid Het rapport komt tot een groot aantal aanbevelingen, die in concreto neerkomen op drie grote kwesties: Maatschappelijke uitdagingen als uitgangspunt Innovatiebeleid dient niet te worden gedefinieerd aan de hand van sectoren, maar aan de hand van maatschappelijke uitdagingen. Hiermee wordt de lobby van gevestigde partijen tegengegaan en krijgt het innovatiebeleid een steviger politiek en maatschappelijk mandaat. Ook zal het uitgangspunt van maatschappelijke uitdagingen als van nature leiden tot kruisbestuivingen tussen sectoren waar radicale innovaties vaker ontstaan, en sluit de regering hiermee veel nauwer aan bij het Duitse en Europese wetenschaps- en technologiebeleid. De regio centraal in het innovatiebeleid Koen Frenken (1972) is hoogleraar Innovatie- wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Hij is laureaat van de Marie Curie beurs van de Europese Commissie en de VIDI beurs van NWO. In zijn onderzoek bestudeert hij kennisproductie en technologische ontwikkeling vanuit een evolutionair perspectief. Hij is auteur van het boek Innovation, Evolution and Complexity Theory (2006, Edward Elgar) en redacteur van het boek Applied Evolutionary Economics and Economic Geography (2007, Edward Elgar). Frenken is actief als commissielid in de programmacommissie Complexity van NWO. Innovatiebeleid dient gedecentraliseerd te worden naar regionale niveaus waar partijen elkaar gemakkelijker kunnen vinden en sneller kunnen inspelen op kansen en problemen. Brainport Eindhoven staat hierbij model, terwijl de regio Wageningen ook tot de verbeelding spreekt. En, aangezien de dienstensector doorgaans regionaal is georganiseerd, kan het innovatiebeleid logisch worden verbreed naar de dienstensector, en de relatie tussen industrie- en dienstensectoren. Investeer in kennis in plaats van in sectoren Zet niet zozeer in op specifieke technologie of sector, maar investeer in menselijk kapitaal dat werknemers en ondernemers in staat stelt op in te kunnen spelen op steeds veranderende economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Hiervoor dient eindelijk werk gemaakt te worden van life-long learning als wellicht het meest centrale element in de verzorgingsstaat van de 21ste eeuw. WRR mist echter politieke analyse Zo gesteld zal het WRR-rapport veel economen als muziek in de oren klinken. Overigens had het Nederlandse economengilde zich al meermalen kritisch uitgelaten over het conservatieve topsectorenbeleid. In plaats van innovatie te bevorderen, zou het vooral bestaande belangen bedienen. Ook de WRR zelf, bij monde van Nooteboom en Stam (2008), repte in een eerdere studie al van het failliet van het defensieve uitgangspunt van “backing winners”. Echter, de gedegen economische onderbouwing van de WRR is tegelijkertijd ook de grote zwakte van de hele analyse. Het rapport vergeet hiermee de politieke hamvraag te stellen: waarom heeft Nederland nooit een kenniseconomie willen worden? Met andere woorden, de vraag is niet zozeer of economisch beleid conservatief zou moeten zijn – het antwoord is duidelijk nee – maar veeleer waarom het economische beleid conservatief is? Om een dergelijke vraag te beantwoorden dient met een historisch-institutionele analyse te maken van het politiek-economische bestel in Nederland. Dit ontbreekt helaas in het rapport. Institutionele analyse van Nederland Het begrip Varieties of Capitalism van Hall en Soskice (2001) biedt een goed handvat voor een eerste aanzet tot een institutionele analyse. Zij beschrijven de politiek-economische constellatie van een land als een samenstel van instituties die onderling complementair zijn. Zo kunnen landen als VS, VK en Australië met een Angelsaksisch bestel (lage belastingen, formele opleidingen, veel concurrentie, zwakke vakbonden, privaat onderwijs, hoge defensie-uitgaven) onderscheiden worden van landen met een Rijnlands model als Duitsland, Zweden, en Oostenrijk (hoge belastingen, veel samenwerking, sterke vakbonden, on-the-job training, publiek onderwijs, lage defensie-uitgaven). Beide systemen zijn coherent en werken over het algemeen goed, maar op verschillende wijzen. Het Angelsaksische model leidt tot meer radicale innovatie en concurrentiekracht in sectoren als ICT, de farmaceutische industrie en de dienstensector, terwijl het Rijnlandse model vooral tot incrementele innovatie leidt ten behoeve van een concurrerende maakindustrie. Institutioneel gezien kan Nederland beschreven worden als een Rijnlands model met enkele Angelsaksische trekken zoals lage winstbelastingen voor (buitenlandse) bedrijven en een nadruk op formele training (Touwen 2006). Dit hybride model gaat logisch samen met een sterke exportoriëntatie, de hub-functie voor Europese hoofdkantoren, het aloude mainportbeleid, en een trans-Atlantische politieke loyaliteiten (Hellema 2001). Hierbij is niet zozeer innovatie maar loonpolitiek het gedeelde uitgangspunt in het Polderoverleg, terwijl lonen juist een gevolg zouden moeten zijn van innovatie c.q. productiviteit. Daarnaast worden de aardgasbaten van oudsher gebruikt om tekorten om de rijksbegroting te dichten in plaats van kennisinvesteringen voor de lange termijn (Giebels 2014). Conservatieve structuur Het gevolg van deze ongelukkige combinatie van instituties is dat Nederland een weinig innovatieve economische structuur heeft, die gedomineerd wordt door (transport)diensten en enkele historisch gegroeide – en doorgaans weinig dynamische– bedrijfstakken (voedsel, chemie, energie). Het label 'topsector' dat aan deze sectoren gehangen wordt is geenszins logisch: recente cijfers die laten zien dat, per saldo, de topsectoren slechts een gemiddelde toegevoegde waarde per werknemer kennen (CBS 2013). De afgelopen 10 jaar heeft innovatiebeleid geen verandering kunnen aanbrengen in het innovatievermogen van Nederland. Integendeel, de private R&D uitgaven zijn de afgelopen tien jaar juist gedaald tot minder dan 1 procent van het BBP. Ook het totaal aan private en publieke R&D uitgaven beslaat nog steeds minder dan 2 procent van het BBP. De uitgaven zijn hiermee vergelijkbaar met het Verenigd Koninkrijk en China (!), en veel lager dan landen als België, Duitsland, Frankrijk, Denemarken, Zweden en Finland (HCSS/TNO 2012). Polder opnieuw uitvinden In dit licht is het topsectorenbeleid geen springplank naar een volwaardige kenniseconomie, maar een herhaling van zetten binnen de reeds bestaande instituties. Het richt zich op volwassen bedrijfstakken waarin enkele multinationals hun R&D uitgaven voor een steeds groter deel publiek gefinancierd krijgen. De dienstensector wordt gereduceerd tot logistiek als topsector, terwijl voor de creatieve industrie slechts een fooi beschikbaar is. Ook de late toevoeging van het “topteam hoofdkantoren” is exemplarisch voor de wijze waarop het adagium Nederland-Handelsland wordt uitgedragen. En, helaas, de aardgasbaten komen nog steeds niet ten goede aan de kennisinfrastructuur. Nederland dreigt zo de slag te missen in de sleutelgebieden van de toekomst, zoals de duurzame energie, nieuwe materialen, 3D-printing, en ICT. De aanbevelingen die de WRR doet zullen niet automatisch navolging vinden, juist omdat zij ingaan tegen de bestaande polderinstituties. Zo zullen bestaande bedrijfsbelangen niet gediend zijn met het voorop stellen van maatschappelijk uitdagingen, omdat deze uitdagingen transities uitlokken waarin huidige winnaars toekomstige verliezers kunnen zijn (“creatieve destructie”). En zo past het voorgestelde decentraliseren van beleid naar de regio’s wel in een dynamische kenniseconomie, maar niet in het bestaande handelsparadigma waarin een gemeenschappelijk buitenlands beleid en grootschalige transportinfrastructuren de nationale belangen het beste zouden dienen. Ondanks de platgetreden paden die het Polderlandschap doorkruisen, heeft ditzelfde Poldermodel eerder wel bewezen om strategische keuzen te kunnen maken (Van Bavel 2010; WRR 2013). De arbeidsmarkt en sociale zekerheid zijn de afgelopen dertig jaar grondig hervormd, en met succes. En hoewel de polderinstituties momenteel eerder problemen veroorzaken dan bijdragen aan oplossingen, is er geen reden om aan te nemen dat het Poldermodel zou verdwijnen (Touwen 2006). De vraag is veeleer hoe het Poldermodel zichzelf opnieuw kan uitvinden om daadwerkelijk de keuze te maken voor een breed gedragen kenniseconomie. Op nationaal niveau, bijvoorbeeld, zou de SER zou zich kunnen ontwikkelen tot hét platform voor kennis en duurzame ontwikkeling (Van Bavel 2010). En vakbonden zouden het voortouw moeten nemen in innovatie en scholing, waar deze agenda nu door het (groot)bedrijf wordt gedomineerd. Op lagere schaalniveaus is institutionele vernieuwing al wel zichtbaar (Lagendijk 2013; Uitermark 2014). Gemeenten, provincies, kennisinstellingen en lokale bedrijven trekken nadrukkelijk de innovatieagenda naar zich toe met een rijk palet aan overlegstructuren en financieringsprogramma’s. Daarnaast zijn er steeds meer burgerinitiatieven die maatschappelijke doelen koppelen aan innovatie en ondernemerschap. Deze bewegingen brengen de benodigde variëteit aan oplossingsrichtingen met zich mee, waarmee processen van radicale innovatie gediend zijn. Interessant is dat deze lokale innovatie-initiatieven steeds serieuze vormen aannemen ondanks – of wellicht dankzij – het ontbreken van een expliciet ruimtelijk economische rijksbeleid. WRR-advies kan niet zonder omwenteling De “lerende economie” die WRR voor ogen zal niet zonder horten of stoten kunnen ontstaan. Hiervoor zijn breed gedragen politieke en maatschappelijke omwentelingen nodig, en op meerdere terreinen tegelijk (onderzoek, onderwijs, milieu, gezondheidszorg, buitenlandse betrekkingen). De geschiedenis moge duidelijk maken dat de meer fundamentele institutionele verschuivingen niet door politici of rapporten in gang worden gezet. Het zullen decentrale initiatieven en nieuwe bewegingen zijn, die de Haagse politiek zullen dwingen ooit de bakens te verzetten. Referenties: zie hele artikel op website MeJudice Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

11 februari 2014

...

Nieuwsbrief20140101

  Januari 2014 Een nieuw jaar Leren van extreme verliezen op de beurs Binaire opties: wees gewaarschuwd In een hypotheek kun je niet wonen Online info over provisieverbod Achtergestelde schuld in trek bij banken Nederlandse economie groeit licht in het derde kwartaal Abenomics, instauratie, bibbergeld... Meedoen kan Agenda Een nieuw jaar. Bron: HCC Beleggen voorzitter Frans Schreiber Het nieuwe jaar is aangebroken en dat betekent én terugkijken én nieuwe kansen inschatten. Want zowel voor onze vereniging als voor onze gezamenlijke interesse “de beurs” is er heel wat gebeurd en staan er weer grote mogelijkheden te wachten. Onze vereniging Hcc-groep beleggen trekt nog altijd veel aandacht. De symposia worden druk bezocht en de bezoekers zijn in het algemeen enthousiast. Natuurlijk is de ene presentatie beter dan de andere, maar de gangbare mening is dat men overal wel wat opsteekt. En dat is de bedoeling! Daarom blijft het verwonderlijk, dat we weinig nieuwe aanwas van jongere mensen krijgen. Want juist zij moeten zich, met het oog op het gegeven dat de overheid de pensioenen steeds verder zal uithollen, toch op de hoogte stellen van het reilen en zeilen in de financiële wereld. Echter de jongeren pakken – wanneer ze informatie willen – het internet en hebben in enkel minuten de hele wereld te pakken. Niet alleen wij zijn daar het “slachtoffer” van. De winkelcentra en parkeergelegenheden in de steden voelen dezelfde trend. Albert Heijn, Zalando en vele anderen spelen hier op in. Gemak dient de mens en daar wil hij ook nog voor betalen. Onze vereniging zou zich op deze trend kunnen focussen, echter daar is een vereniging niet voor bedoeld (nog los gezien van de financiële slagkracht die we dan zouden moeten hebben). Onze troef is het menselijk contact op de dagen zelf. Onlangs is er initiatief genomen om interessegroepen binnen onze vereniging ruimte te geven om te vergaderen. Op deze manier ziet men elkaar lijfelijk en kan de “vergadering” worden gecombineerd met een bezoek aan presentaties en aan de standhouders. Een zeer goed initiatief ! Nog meer kansen liggen op de beurs. Na de meltdown van 2008 lijkt de AEX weer op te krabbelen. De horde van 400 punten is genomen en er ligt meer in het verschiet. De beurzen van de pigs schieten omhoog en dus lijkt het erop dat het ergste van de crisis over is. Daar kan ook de AEX van profiteren. Bovendien maken de beurzen in de USA de hoogste toppen in hun historie! Amerika loopt gemiddeld één jaar voorop ten opzichte van Europa, dus dat geeft nog meer steun aan de verwachting dat we ook dit jaar weer hoger kunnen. De reden waarom is voor een technisch analist niet belangrijk. Zolang alle belangrijke beurzen in de wereld (behalve dan Brazilië) de neus omhoog hebben, moeten we long op de beurs. De fundamentele beleggers onder ons kijken voorzichtig naar de koers/winst verhouding en zijn nog niet zo zeker. Echter zolang de centrale banken van Amerika, Japan en Europa geld bijdrukken (in de vorm van opkopen van obligaties) moet dat geld ergens heen. Een spaarrekening is in deze tijd van financiële repressie geen alternatief. Dus gaat het naar de beurs en straks ook weer naar de huizenmarkt. Dus 2014 belooft een goed jaar te worden, voor zowel voor onze vereniging als de beurs (zolang de inflatie maar niet de kop opsteekt). Een gezond en gelukkig nieuw jaar gewenst, Frans Schreiber, Voorzitter Hcc-groep beleggen. Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Leren van extreme verliezen op de beurs Bron: DNB Koersbewegingen van aandelen tijdens slechte beursdagen hebben enige voorspellende waarde voor de potentiële verliezen die tijdens een beurskrach in het verschiet liggen. Bedrijfsomvang, handelsvolume en volatiliteit van het aandeel bieden een zekere indicatie. Gevoeligheid voor een beurskrach Dat blijkt uit recent DNB-onderzoek naar de ontwikkeling van aandelenkoersen tijdens een beurskrach. Welke aandelen in een dergelijke situatie het zwaarst worden getroffen, willen vermogensbeheerders natuurlijk graag weten. Zij proberen immers een zo hoog mogelijk rendement te realiseren tegen een zo laag mogelijk risico. Vraag is echter of het mogelijk is te voorspellen welke aandelen een relatief stabiele koers hebben tijdens een beurskrach. Om deze vraag te kunnen beantwoorden, hebben onderzoekers van DNB een maandelijkse score gegeven aan meer dan 2.000 aandelen met een beursnotering in de Verenigde Staten over een periode van 40 jaar. Dit op basis van de koersbewegingen tijdens dagen waarop aandelenmarkten hard onderuit gingen. Naarmate de koers beter op peil blijft, scoort het aandeel beter. Daarbij was de hypothese: hoe beter de score, des te kleiner het koersverlies van dat aandeel tijdens een beurskrach in de toekomst. Verliezen Nadere analyse toont aan dat de toegekende scores enige voorspellende waarde hebben. Uit het onderzoek blijkt dat de aandelen die de maand daarvoor de 20% slechtste scores kregen tijdens een beurskrach gemiddeld twee tot drie keer harder in waarde dalen dan de aandelen die de 20% beste scores ontvingen. Een voorbeeld hiervan zijn de koersverliezen in oktober 2008. Op dit toppunt van onrust op de financiële markten, vlak na het omvallen van de investeringsbank Lehman Brothers, verdampte bijna 20% van de beurswaarde in de Verenigde Staten. In die maand verloren de aandelen met de slechtste scores per ultimo september gemiddeld meer dan 30% van hun waarde, terwijl de aandelen die de beste scores kregen gemiddeld 10 à 15% van hun waarde moesten inleveren. Uit deze scores blijkt ook dat bedrijven waarvan de aandelen slechter presteren bij een beurskrach gemiddeld genomen een kleinere omvang hebben. Tegelijkertijd hebben aandelen met een slechtere score over het algemeen ook een hoger handelsvolume en een relatief volatiele beurskoers. Onderzoeksmethodiek Om de scores te berekenen werd een techniek ontwikkeld met behulp van extreme waarde theorie. Deze techniek is toegespitst op het meten in extreem ongunstige marktomstandigheden. Extreem ongunstig in de zin van dat er maar een kleine kans is dat zulke grote verliezen op aandelenmarkten daadwerkelijk plaatsvinden. De berekende score moet duidelijk maken welke aandelen het meest meebewegen met de algemene aandelenkoers ten tijde van een beurskrach. Geen garanties Uit het onderzoek blijkt dat de scores inderdaad een indicatie geven welke aandelen zwaarder worden getroffen door een toekomstige beurskrach. Maar de scores zijn ook niet meer dan een indicatie: een hoog rapportcijfer biedt geen garantie voor een veilige belegging. Zo verliezen ook aandelen met de beste scores aanzienlijk in waarde tijdens een beurskrach. Daarnaast is de waarde van aandelen vaak volatiel door andere oorzaken, zoals bedrijfsspecifieke informatie. Voeg daarbij dat extreme gebeurtenissen altijd verrassingen met zich mee brengen. Zo kunnen verbanden die altijd leken op te gaan voor de financiële markten, plotsklaps in rook opgaan tijdens een dag dat de beurzen diep in de min duiken. Dit alles doet geen afbreuk aan de conclusie van het onderzoek dat het voor het inschatten van financiële risico’s altijd nuttig kan zijn om grote schokken uit het verleden te analyseren. De resultaten daarvan kunnen vermogensbeheerders een extra kompas bieden om de te varen koers bij een volgende crisis uit te zetten. Lees verder: We test for the presence of a systematic tail risk premium in the cross-section of expected returns by applying a measure on the sensitivity of assets to extreme market downturns, the tail beta. Empirically, historical tail betas help to predict the future performance of stocks under extreme market downturns. During a market crash, stocks with historically high tail betas suffer losses that are approximately 2 to 3 times larger than their low tail beta counterparts. However, we find no evidence of a premium associated with tail betas. The theoretically additive and empirically persistent tail betas can help to assess portfolio tail risks. Keywords: Tail beta, systematic risk, asset pricing, Extreme Value Theory, risk management. JEL Classification Numbers: G11, G12. DNB Working Papers: Systematic tail risk (PDF: 904.2 Kb)  Publicatiedatum    7 november 2013 Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Binaire opties: wees gewaarschuwd Bron: AFM De reclames lokken je met het vooruitzicht dat je snel veel geld kunt verdienen met binaire opties. Maar binaire opties zijn zeer risicovolle producten waarbij je vooral snel en gemakkelijk je hele inleg kunt kwijtraken. Het is bijna onmogelijk om op lange termijn winst te maken met deze producten. Binaire opties betalen een vast bedrag uit als je een goede voorspelling doet over een onderliggende waarde. De onderliggende waarde is een index zoals de AEX, een aandeel of een wisselkoers. Als je voorspelling niet uitkomt, verlies je de hele inleg. Een voorspelling is bijvoorbeeld of de onderliggende waarde op een van tevoren afgesproken moment gestegen of gedaald is. Binaire opties worden aangeboden met verschillende looptijden. Je kunt bijvoorbeeld opties kopen voor een dag, een paar uur of zelfs maar een minuut. Bij hele korte looptijden helpt een visie op de markt niet bij het voorspellen van de onderliggende waarde. De koersbewegingen omhoog of omlaag zijn dan veelal willekeurig. Binaire opties hebben daarmee kenmerken van kansspelen. De Kansspelautoriteit (de toezichthouder op het gebied van kansspelen) heeft aandacht voor deze kenmerken van binaire opties. Voorbeeld Een voorbeeld van een binaire optie is een optie die gekoppeld is aan de AEX. Stel dat de stand van de AEX 395 is. Je denkt dat de AEX gaat stijgen en koopt een binaire optie. De optie kost €50 en belooft je inleg plus €40 winst uit te betalen als de AEX een uur later hoger staat dan 395. Er kunnen zich nu twee situaties voordoen. 1. De AEX staat een uur later hoger dan 395. De optie betaalt uit en je maakt €40 winst. 2. De AEX staat een uur later lager dan 395. De optie betaalt niet uit en je verliest je hele inleg van €50. Je verlies bij een dalende AEX is groter dan je winst bij een stijgende AEX. Als je even vaak goed als fout voorspelt is je eindresultaat dus negatief. Stel je koopt 100 keer de bovenstaande binaire optie van €50 en in de helft van de gevallen voorspel je de uitkomst goed, dan verlies je in totaal €500. Je moet dus (veel) vaker goed dan fout voorspellen om op lange termijn geld te verdienen. En dat is bijna onmogelijk. Reclame en experts Aanbieders van binaire opties proberen klanten te lokken met verhalen over hoge winsten in korte tijd. Maar de kans op deze winsten is zeer klein, en dat staat er niet bij vermeld. De opties worden omschreven als zeer eenvoudige producten. De risico’s worden niet tot nauwelijks beschreven, terwijl die er wel degelijk zijn. Ook zijn er websites van zogenaamde 'experts' die je hun eigen methode laten zien om winst te maken. Deze expert verdient geld als je vanaf zijn website doorklikt naar een aanbieder van binaire opties en daar gaat handelen. Hij is dus partijdig en wil dat je zo veel mogelijk binaire opties gaat kopen. Ook als je daar veel geld mee verliest. Vertrouw dit soort websites dus niet. Terug naar Inhoud In een hypotheek kun je niet wonen Bron: Pieter van Dalen, Hans Stegeman, Me Judice, 18 december 2013. Een verlaging van de loan-to-value (LTV) ratio heeft verregaande gevolgen voor de woningmarkt. Huishoudens en vooral starters zullen meer moeten sparen voordat ze een woning kunnen kopen. Hierdoor zullen zij later starten of vaker een huurwoning betrekken. Aldus de Rabo-economen Van Dalen en Stegeman. De rigide sociale huurwoningmarkt en de krappe particuliere huurmarkt zijn echter op korte termijn niet in staat een goed alternatief te bieden voor de huidige koopwoningmarkt. Gezien de aard van de woningmarkt zal deze omslag nog jaren vergen. De afbouw van de LTV is op termijn weliswaar wenselijk, maar een te snelle verlaging zonder flankerende maatregelen van de overheid betekent dat huishoudens in de knel komen. En dat is slecht nieuws voor de woningmarkt. Pieter van Dalen Rabobank, Utrecht Pieter van Dalen werkt sinds juli 2013 als woningmarkteconoom bij het Directoraat Kennis & Economisch Onderzoek (KEO) in het team Nationaal Onderzoek. Hij doet onderzoek naar verschillende vraagstukken met betrekking tot de woningmarkt. Pieter studeerde algemene economie aan de Utrecht School of Economics. Tijdens zijn stage bij KEO schreef hij zijn Master Thesis over de interactie van nieuwbouw op de bestaande koopwoningen in Nederland, voor en na 2008. Consensus over een lagere LTV, invulling onduidelijk De commissie Wijffels (2013) presenteerde in haar rapport "Naar een dienstbaar en stabiel bankwezen" een aantal aanbevelingen voor de financiële sector. Eén van die adviezen had direct betrekking op de woningmarkt en dat betrof de voorgestelde verlaging van de LTV naar 80%. Dit zou in de toekomst onder andere de schuldkwetsbaarheid van consumenten verminderen doordat de kans op een restschuld kleiner wordt. Daarnaast zal het depositofinancieringsgat verminderen doordat banken minder geld elders moeten aantrekken. Bovendien zou dit op termijn de financieringskosten van banken kunnen verlagen en daarmee uiteindelijk de hypotheekrente. Inmiddels heeft de regering in haar "kabinetsvisie Nederlandse bankensector" (2013) de aanbeveling van Wijffels onderschreven. Er is in het kabinetsbeleid al een afbouw vastgesteld van 105% in 2013 naar 100% in 2018 (Rijksoverheid, 2012). De formulering over het toekomstig verloop van de LTV is echter vaag: “Bij robuust herstel van de woningmarkt zullen nadere voorstellen worden gedaan over de uiteindelijke LTV-ratio en het verdere afbouwpad daartoe na 2018.” Oftewel, het is nog onbekend wat het besluit zal zijn na deze periode. Eerder stelden Piljic en Stegeman (2013) al in hun paper Anders Wonen dat het logisch is om de LTV op termijn te verlagen. Niet zozeer omwille van de financiële stabiliteit, maar meer met het oog op de woonvoorkeuren van consumenten. De veranderingen op de woningmarkt die dit jaar zijn ingezet, zullen uiteindelijk leiden tot een minder verstoorde afweging tussen de huur- en de koopmarkt en maken schuldfinanciering minder aantrekkelijk door een lagere hypotheekrenteaftrek. Dit zal op termijn automatisch leiden tot een verlaging van de LTV, zonder dat de overheid dit oplegt. Waar zit het risico? LTV of LTI In Nederland wordt een maximale hypotheek vastgesteld op basis van inkomen, hypotheekrente en leeftijd volgens de NIBUD-richtlijnen (NVB, 2013). Deze financieringsnormen met de nieuwe hypotheekeisen zijn in 2013 opnieuw naar beneden bijgesteld vanwege de dalende koopkracht (NVB, 2013). De financieringsnorm heet ook wel de zogenaamde woonquote. Dit geeft de verhouding weer tussen de uitgaven voor de woning ten opzichte van het beschikbare inkomen. In de Gedragscode Hypothecaire Financieringen is nadrukkelijk gesteld dat de woonquote in principe bindend is en hypotheekbanken op geen enkele wijze meer hun eigen woonquota mogen hanteren. Uit de woonquote vloeit de verhouding tussen de lening en het inkomen voort die internationaal bekend staat als loan-to-income (LTI) ratio. Deze manier van omgaan met hypotheekverstrekking verschilt met de gewoonte in veel andere landen. Daar wordt meestal gekeken naar de LTV en veel minder naar de LTI. Doordat hypotheeknormen zeker de laatste jaren strikt worden toegepast, vallen betalingsachterstanden in Nederland in vergelijking met veel andere landen mee, ondanks een hoge LTV. Figuur 1: LTV naar leeftijdsgroepen, 2008-2011 Dat wil niet zeggen dat aan een hoge LTV geen risico’s zijn verbonden. Een LTV hoger dan 100% betekent dat verkoop leidt tot een restschuld. Dit geldt vooral voor huishoudens die de afgelopen jaren een huis hebben gekocht, het merendeel jongeren (zie figuur 1; van Wijk, 2013). Zolang het huis niet verkocht hoeft te worden, is er echter nog geen probleem. Maar het vormt wel een belemmering voor doorstroming en een probleem voor huishoudens die hun huis gedwongen moeten verkopen, bijvoorbeeld als gevolg van een scheiding of werkloosheid. Een op termijn lagere LTV is dus van belang vanwege de financiële kwetsbaarheid van gezinnen, maar ook voor het functioneren van de woningmarkt. Internationale vergelijking: vertel het hele verhaal Vaak wordt in de Nederlandse discussie over een lagere LTV verwezen naar de praktijk in Duitsland of Denemarken. Een vergelijking van schuldfinanciering op de woningmarkt staat echter niet los van de institutionele context. Figuur 2 geeft de mobiliteit weer in de huur- en koopsector in een aantal Europese landen. Meteen valt op dat de mobiliteit in de huursector in alle landen groter is dan in de koopsector. Dit is logisch: bij de aanschaf van een woning zijn er hogere transactiekosten dan bij een huurwoning. Denk daarbij aan de kosten voor verwerving en financiering. Daarnaast valt op dat de mobiliteit op de Nederlandse huurmarkt aanzienlijk lager is dan in landen waar een lagere LTV wordt gehandhaafd zoals Duitsland, Denemarken of Engeland. Dit is onder andere te wijten aan de lange wachtlijsten in de Nederlandse sociale huursector (Beetsma, 2012) en de in internationaal opzicht zeer kleine particuliere huursector. Figuur 2: Mobiliteit in de koop- en huursector (a) De mate van mobiliteit is gebaseerd op een enquete van de ECHMP van 1990-2000. Een hoger mobiliteitspercentage duidt aan dat men sneller vanuit een huur- of koopwoning kan verhuizen naar een andere woning. Onderontwikkelde huursector Hans Stegeman Rabobank, Utrecht Hans Stegeman werkt sinds 2007 bij Economisch Onderzoek als econoom en sinds 2009 als hoofd van het team Nationaal Onderzoek. Daarbij is hij verantwoordelijk voor al het onderzoek van KEO naar de Nederlandse en regionale economie en huizenmarkt. Ook is hij een van de auteurs en projectleider van het onlangs verschenen boek "IN2030: Vier vergezichten". Hans studeerde Algemene Economie aan de Universiteit Maastricht en werkte hiervoor onder andere als onderzoeker bij het Centraal Planbureau. De particuliere huursector in Nederland is dus een onderontwikkeld alternatief. Dit komt doordat het voor zowel vragers als aanbieders niet aantrekkelijk was (en nog steeds is) om in dit segment actief te zijn. Voor vragers was ofwel de sociale huursector een goed alternatief (met lagere huur, goede kwaliteit van woningen, maar wel lange wachtlijsten), ofwel de koopsector (met door de hypotheekrenteaftrek vaak lagere maandlasten dan voor een private huurwoning). Voor aanbieders en investeerders was de private huursector vaak niet rendabel, omdat niet te concurreren viel met de sociale huursector en de koopwoningsector. In deze situatie komt nu langzaam verandering door het tegengaan van scheefwonen, hogere huurstijgingen in de sociale huursector en verminderde hypotheekrenteaftrek. De verhuurdersheffing daarentegen beperkt op dit moment echter wel een verdere uitbreiding van deze sector. Andere landen, andere keuzes Het woningaanbod is één onderdeel van de totale context. Ook de financieringskant speelt een belangrijke rol bij de hoogte van de LTV. In Nederland is consumptief lenen boven de maximale LTV voor de aankoop van een woning niet mogelijk. In de Gedragscode Hypothecair Financieren is namelijk nadrukkelijk gesteld dat bij de hoogte van de hypotheek rekening moet worden gehouden met consumptief krediet en andere lasten die horen bij de gezinssituatie. Nederland heeft met een maximale LTV van 105% bij aankoop op dit moment[1] dan ook relatief weinig betalingsproblemen. In andere landen zoals de VS (Dröes, 2011), Denemarken en Canada (SER, 2013) ligt de nadruk op een maximale LTV, waar in Nederland de woonquote de primaire norm is. Een maximale LTV van boven de 100% is in veel landen ondenkbaar (zie figuur 3). In de Verenigde Staten wordt een hypotheek met een LTV van boven de 80% gezien als buitengewoon risicovol (Dröes, 2011). Op die manier zou men kunnen stellen dat verschillende landen verschillende keuzes hebben gemaakt in een juiste verhouding tussen de woonquote en de LTV. Een te scherpe norm op beide ratio’s kan ervoor zorgen dat het kopen van een huis te moeilijk wordt. Tegelijkertijd kan een te lage norm te veel risico stimuleren en leiden tot meer betalingsachterstanden. Figuur 3: Gemiddelde LTV bij aankoop in internationaal perspectief Verwante beleidsdiscussie, invulling nog onduidelijk Naast de binnenlandse discussie over de verlaging van de maximale hypotheek is er ook een bredere discussie ontstaan met betrekking tot de maximale hoogte van de LTV en de woningmarkt. Onder Bazel III wordt mogelijk de regel ingevoerd dat gesecuritiseerde hypotheken een gemiddelde maximale LTV bij uitgave moeten hebben van 80% (BIS, 2013). Momenteel hebben de meeste Nederlandse hypotheekpakketten nog een hogere gemiddelde LTV dan 80%.[2] Verdere invulling is nog onduidelijk; het is onbekend of hypotheken met NHG (doorgaans met een hogere LTV) hiervan worden vrijgesteld. Voor gedekte obligaties geldt al wel een maximale LTV van 80% (EC, 2008). De binnenlandse discussie over de hoogte van de maximale LTV kan hierdoor dus in een ander daglicht komen te staan. Geleidelijke verlaging is de enige optie Een hoge LTV is dus enerzijds meer risicovol, maar anderzijds de uitkomst van de structuur van en instituties op de Nederlandse woningmarkt. Een verlaging van de LTV moet dan ook in samenhang met de rest van de woningmarkt worden bezien. Een lagere LTV voor nieuwe hypotheken zal ingrijpende gevolgen hebben voor de woningmarkt als deze snel wordt ingevoerd. Bij een LTV van 80% moet voor een gemiddelde woning (€ 214.778; CBS, 2013) plus kosten koper (gemiddeld 6%; Kosten Koper, 2013) ruim € 55.000 worden gespaard. Voor doorstromers met een restschuld is dit een forse aanslag op de verhuismobiliteit. Daarnaast moeten vooral starters extra sparen. Met een gemiddelde prijs voor een starterswoning van € 175.125[3] en de kosten koper vereist dit een vermogen van ruim € 45.000. Van de recent verhuisde starters had 78% echter geen vermogen in box 3 (figuur 4) en zal hiervoor dan ook jaren moeten sparen. Figuur 4: Te weinig vermogen bij recent verhuisde starters Deze starters zouden dus tussentijds moeten gaan huren om vermogen te sparen, of langer bij ouders of bijvoorbeeld in studentenhuizen moeten blijven wonen. Het alternatief van huren zou verreweg het beste zijn: in het begin van de carrière is zowel de werk- als de privésituatie immers nog aan grote veranderingen onderhevig. Het is dan voor velen efficiënter om flexibeler te wonen. Dit loopt echter vast op een belangrijk knelpunt van onze woningmarkt: een statische[4] sociale huurmarkt en een zeer krappe particuliere huurmarkt. Een lagere LTV komt er wel De prijsdalingen sinds 2008 hebben aangetoond dat ook de Nederlandse woningmarkt, en daarmee samenhangend het financieringsmodel, niet onfeilbaar is. Ondanks de lage betalingsachterstanden door de primaire focus op de woonquote heeft een hoge LTV geleid tot een restschuld en een lagere verhuismobiliteit. Het is verstandig hieruit lessen te trekken. Dit heeft het kabinet al gedaan door de LTV af te bouwen naar 100% in 2018. Tegelijkertijd moet een verdere afbouw van de LTV naar bijvoorbeeld 80% - zoals voorgesteld door de commissie Wijffels - niet overhaast worden doorgevoerd en zeker niet dwingend worden opgelegd. Dat gebeurt ook niet in andere landen. Banken verstrekken al een goedkopere hypotheek als er eigen spaargeld wordt meegenomen. Dit komt onder andere door toezichtskader Bazel III. De markt begint dus al te werken aan de financieringskant. Een te snelle verlaging van de LTV legt direct het andere structurele probleem bloot op de woningmarkt: de statische sociale huurmarkt en een krappe particuliere huurmarkt. Gezien het voorraadkarakter van de woningmarkt zal het jaren duren voordat dit alternatief goed is ontwikkeld. Daarnaast zal een snelle afbouw van de LTV starters dwingen om scheef te gaan wonen, bij hun ouders te blijven of consumptie uit te stellen. Bovendien zullen doorstromers gezien hun restschuld nóg meer vast komen te zitten. Tevens is het de vraag of huishoudens ook zelf geen lessen zullen trekken uit de economische crisis. In een hypotheek kun je namelijk niet wonen. Het gaat om een huis dat voldoet aan de woonwensen van huishoudens. In Nederland wil men graag alles reguleren, maar een financiële prikkel om te gaan sparen is waarschijnlijk meer dan genoeg om fouten uit het verleden op de woningmarkt te voorkomen. Voetnoten Voor 2012 was dit 104% plus 6% overdrachtsbelasting. Nu is deze belasting permanent verlaagd naar 2%. Daarnaast wordt deze 104% met een procentpunt per jaar verlaagd, waarvan er al één is gerealiseerd. Deze hypotheekpakketten kunnen worden gemengd met (bestaande) hypotheken met een lagere LTV dan 80%. Hierdoor kan de gemiddelde LTV van het hypotheekpakket naar beneden worden gebracht. Eigen berekening op basis van WoON2012. Lees voor een uitgebreide onderbouwing: Piljic en Stegeman (2013). Referenties zie onderaan bronartikel op Me Judice Terug naar Inhoud Online info over provisieverbod Bron: Redactie Het provisieverbod voor complexe en impactvolle financiële producten is een jaar oud. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) grijpt dit moment aan om antwoorden op veelgestelde vragen uit de markt te bundelen en te delen. Ook publiceert de AFM een aantal uitgangspunten die zij zelf gebruikt bij het beoordelen van nieuwe verdienmodellen of bedieningsconcepten. Geen verborgen kosten meer De beloning van adviseurs en van directe aanbieders mag door het provisieverbod niet meer in de prijs van het product zitten. Ook mogen adviseurs voor deze producten geen vergoeding (provisie) meer ontvangen van de aanbieder. Dit betekent dat de adviseur niet langer afhankelijk is van de productaanbieder voor zijn beloning. Hierdoor kunnen adviseurs en directe aanbieders het belang van de klant nog beter centraal stellen. Het is nog te vroeg om de balans op te maken, maar de AFM ziet dat het provisieverbod de gewenste cultuurverandering aanwakkert. Onafhankelijke adviseurs en directe aanbieders hebben een grote inspanning geleverd om veranderingen in de bedrijfsvoering door te voeren en om de veranderende relatie met de klant vorm te geven. De AFM vindt het bijvoorbeeld positief dat partijen nieuwe (online) bedieningsconcepten ontwikkelen, waaronder concepten waarbij de klant de keuze heeft een aantal zaken zelf te doen. Geen belemmering om klanten te helpen  Steeds meer mensen krijgen het financieel zwaarder door de huidige slechte economische omstandigheden. Dit kan leiden tot betalingsproblemen bij b.v. een hypotheek. Bij deze klanten is het belangrijk om rond de tafel te gaan zitten om meer inzicht te krijgen in hun financiële positie en te kijken of er mogelijkheden zijn om iets aan de hypotheek, de inkomens- of bestedingenkant te veranderen zodat er weer lucht ontstaat. Aanbieders of intermediairs kunnen hierover gewoon het gesprek aangaan met klanten zonder een rekening te sturen. Deze werkzaamheden vinden in beginsel plaats in het kader van beheer. In het algemeen geldt voor aanbieders dat werkzaamheden in het kader van beheer niet onder het provisieverbod vallen. Als het toch nodig is om een nieuwe overeenkomst te sluiten dan stelt de AFM zich op het standpunt dat de werkzaamheden die hiervoor nodig zijn ook niet in rekening hoeven te worden gebracht. Het is evident niet in het belang van de klant, en ook niet reëel om in dit soort probleemsituaties een rekening te sturen. Duidelijkheid De regelgeving over het provisieverbod bestaat deels uit open normen. Financiële dienstverleners vinden het soms lastig om invulling te geven aan open normen, omdat ze onzeker zijn over wat nu precies wel en niet kan. De AFM deelt daarom een aantal uitgangspunten die zij zelf gebruikt bij het beantwoorden van vragen over open normen: Adviseurs zijn vrij om zich volledig op het belang van de klant te richten. De klant betaalt rechtstreeks voor advies en het afsluiten van een financieel product. De klant kan een bewuste keuze maken voor een financiële dienstverlener. Er is een eerlijke overgang naar provisieloos werken. Het doel van deze uitgangspunten is het bijdragen aan een consistente invulling van het provisieverbod door alle marktpartijen. Q&A Ook heeft de AFM de belangrijkste vragen over belangrijke deelonderwerpen van het provisieverbod en de antwoorden daarop gebundeld. Informatie over het provisieverbod en beloning voor financiële dienstverlening Veelgestelde vragen over het provisieverbod Publicaties over het provisieverbod Terug naar Inhoud Achtergestelde schuld in trek bij Nederlandse grootbanken Bron: DNB Nederlandse grootbanken hebben sinds halverwege vorig jaar bijna € 13 miljard aan achtergestelde schuld geplaatst. Banken spelen hiermee in op verbeterde marktomstandigheden en veranderende Europese regels De afgelopen jaren nam de uitgifte van achtergestelde schuld door de Nederlandse grootbanken sterk toe (Grafiek 1). Vooral sinds medio 2012 is er veel achtergestelde schuld geplaatst. Rabobank haalde € 6,0 miljard op, ING € 4,1 miljard en ABN AMRO € 2,8 miljard. Met dergelijke uitgiftes kunnen de banken hun verliesabsorberend vermogen vergroten. Achtergestelde schuldhouders vangen bij faillissement namelijk verliezen op vóór reguliere schuldhouders, maar na aandeelhouders. Grafiek 1. Uitgifte achtergestelde schuld door Nederlandse grootbanken In miljoenen euro's. Betreft alleen publieke transacties.   Het grote volume aan uitgiftes valt samen met een periode van verbeterde marktomstandigheden voor Europese bankschuld. Sinds de introductie van onconventionele maatregelen van de ECB namen de risicopremies op Europese bankobligaties sterk af. Ook in Nederland daalden de risicopremies op achtergestelde obligaties (Grafiek 2). Grafiek 2. Risicopremies achtergestelde schuld Nederlandse grootbanken  Bloomberg I-spread, basispunten boven de renteswap. Europese bankregulering stimuleert uitgifte achtergestelde schuld De verbeterde marktomstandigheden komen goed uit met het oog op nieuwe Europese bankregels. Deze vergroten de behoefte aan achtergestelde schuld. Ten eerste doordat vanaf 2019 nieuwe kapitaalregels gelden die strengere eisen stellen aan de kwaliteit van achtergestelde schuld. Omdat de schuld die nu uitstaat vaak niet aan deze nieuwe eisen voldoet, moeten banken nieuwe instrumenten uitgeven of huidige instrumenten omzetten.   Ten tweede geeft ook de onlangs overeengekomen richtlijn herstel en afwikkeling van banken (BRRD) een prikkel om achtergestelde schuld uit te geven. Een belangrijk doel van de BRRD is om te voorkomen dat de overheid altijd garant moet staan voor systeembanken. Verliezen van banken die failliet gaan, komen in het vervolg eerst voor rekening van beleggers, mede door de introductie van het zogenaamde bail-in instrument in 2016. Via dit instrument betalen aandeelhouders en obligatiehouders mee bij faillissement. Hierdoor worden risico’s op voorhand beter geprijsd en de inzet van belastinggeld beperkt.   Bail-in kan de behoefte aan achtergestelde titels vergroten. Tot dusver bleven beleggers in reguliere bankobligaties buiten schot bij het falen van een bank, maar door de introductie van bail-in delen zij voortaan mee in de verliezen. Hierdoor stijgt de risicoperceptie onder dit type beleggers. Door meer achtergestelde schuld aan te houden, kunnen systeembanken de relatief grote groep reguliere schuldhouders, de zogenoemde senior ongedekte schuldhouders, beschermen. Meerdere Nederlandse grootbanken geven aan hiermee bezig te zijn. Meer verliesabsorberend vermogen, lagere risicopremie op senior ongedekte schuld Dat senior ongedekte schuldhouders belang hechten aan een dikke laag verliesabsorberend vermogen (inclusief aandelenkapitaal en achtergestelde schuld) blijkt ook uit de cijfers. Zij vragen namelijk een lagere risicopremie op obligaties van Europese banken met meer verliesabsorberend vermogen (Grafiek 3). Grafiek 3. Correlatie tussen verliesabsorberend vermogen en risicopremie op senior ongedekte schuld. Sample bestaat uit 49 grote Europese banken. NB: Dit verband blijft negatief en significant wanneer in een regressieanalyse wordt gecorrigeerd voor omvang en land van herkomst (significantieniveau van 99%, adjusted R2 van 0,56). Bron: Bloomberg, jaarverslagen banken Terug naar Inhoud Nederlandse economie groeit licht in het derde kwartaal Bron: CBS De Nederlandse economie is in het derde kwartaal van 2013 met 0,2 procent gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. Bij de eerste raming, gepubliceerd op 14 november, kwam de groei uit op 0,1 procent. Bij de berekening van de kwartaal-op-kwartaalontwikkelingen is gecorrigeerd voor werkdag- en seizoeneffecten. Ten opzichte van een jaar eerder kromp de economie in het derde kwartaal met 0,4 procent. Volgens de eerste raming was dat 0,6 procent. De uitvoer van goederen en diensten en de consumptie door de overheid zijn opwaarts bijgesteld. De invoer van diensten, de consumptie door huishoudens en de investeringen zijn neerwaarts bijgesteld. Het derde kwartaal van dit jaar kende één werkdag meer dan het derde kwartaal van vorig jaar. In het derde kwartaal van 2013 waren er 160 duizend banen van werknemers minder dan in hetzelfde kwartaal van 2012. Dit is een daling van 2,0 procent. Bij de eerste raming was de krimp van het aantal banen eveneens 2,0 procent. Na correctie voor seizoeninvloeden is het aantal banen 47 duizend lager dan in het tweede kwartaal van 2013. Dit komt overeen met een daling van 0,6 procent. Bij de eerste raming was het banenverlies 46 duizend. In het derde kwartaal van 2013 waren de lonen per arbeidsjaar 1,9 procent hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Bruto binnenlands product Uitvoer groeit licht Het bruto binnenlands product (bbp) is opgebouwd uit vier bestedingscategorieën: investeringen, handelssaldo, consumptie door huishoudens en consumptie door de overheid. In het derde kwartaal van 2013 daalde de consumptie door huishoudens met 2,7 procent en de daalden de investeringen met 3,7 procent ten opzichte van een jaar eerder. De consumptie door de overheid kromp met 0,9 procent. De uitvoer van goederen en diensten groeide met 2,3 procent en de invoer kromp met 0,2 procent. Bestedingen Het bbp kan ook worden bepaald vanuit de productie van goederen en diensten. Vooral de delfstoffenwinning en de niet-commerciële dienstverlening  droegen in het derde kwartaal positief bij aan de bbp-ontwikkeling. Bijdragen bedrijfstakken aan de bbp-ontwikkeling, 2013-III Terug naar Inhoud Abenomics, instauratie, balansburger, bibbergeld, Dijsselbloemdoctrine, sequester..... Bron: DBF Ook dit jaar heeft weer een aantal nieuwe begrippen rondom economie en financiële markten opgeleverd. We hebben er een aantal nieuwe begrippen die in het nieuws waren in 2013 voor u op een rijtje gezet. | aanrechtsubsidie | Abenomics | allnighter | balansburger | beursafgang | beursgangbonus | | bibbergeld | Bitcoinautomaat | Blauwe Vrijdag | Blok-hypotheek | bonusbonanza | | cash mob | consularis | crexit | |Dijsselbloemdoctrine | draaideurindex | Draghi put | | duohypotheek | econocide | Economic Semester Officer | EUSSR | flash dump | flexicurity | |Frankrupt | G-woord | getrouwheidsrekening | Great Rotation | instauratie | kraamkamergedachte | kroningseuro | kroningsmunt | kroningstientje | | kruimelcontracten | kuddebeleggen |  | kwartaalkapitalisme | Kwik, Kwek en Kwak | loonzeepbel | magic | roundabout | oceaaninkomen | | offshore leaks | omgekeerde bad bank | ondergedompelde economie | | pensioenkrater | pinroof | prosociale bonus | renterovers |  |rommelrally | sequester | spaarpot op zee | tapering | |The Great Homecoming | verdrukte midden | volkslening | wafelhuisindex | wantrapreneur | |weggeefbonus | zorgnomade De betekenis van bovenstaande woorden kunt u terug vinden in de meest uitgebreide en diepgravende financieel-economische lexicon in het Nederlandse taalgebied De Financiele begrippenlijst. zo staat er voor bibbergeld het volgende: bibbergeld Vlaams: gevarentoeslag, risicopremie. Voorbeeld ‘CME, de grootste Amerikaanse derivatenbeurs, verhoogt de buffer die beleggers moeten betalen om hun posities in Amerikaanse renteswaps af te wikkelen met 12 procent. CME zet zich als clearingpartij tussen koper en verkoper van renteswaps en garandeert beide partijen de stipte uitvoering. De cashdeposito’s - een fractie van de hoofdsom - die de beurs bij elke transactie eist, is een soort bibbergeld dat beleggers betalen als verzekering voor het geval dat de onderliggende schuldenaar van de contracten - in dit geval dus de Amerikaanse overheid - in gebreke blijft.’ Bron: Tijd.be - 16-10-2013.        Zie ook: risicopremie, buffer, onderpand, margin. en voor sequester: sequester Sequester betekent letterlijk onder meer: gerechtelijk beslag. Term die gebruikt wordt voor de automatische uitgavenstop en verplichte bezuinigingen op het federale overheidsbudget in de Verenigde Staten, mochten democraten en republikeinen niet tot overeenstemming komen over het overheidsbudget (begrotingscompromis). Voorbeeld 'Obama zal sequester-deadline missen - In Washington nadert de zoveelste politieke deadline. Als het congres en het Witte Huis voor vrijdag geen akkoord bereiken over een verlaging van de staatsschuld. Dan komen er drastische bezuinigingen aan, die alles en iedereen raken, dus ook de marine. Correspondent Wessel de Jong bekijkt er de mogelijke gevolgen van de sequester' Bron: NOS Nieuws - 27-02-2013.      Zie ook: debt ceiling, begrotingsravijn, fiscal cliff. Ook: sequesterbesparingen De Financiele begrippenlijst is een financieel woordenboek met meer dan 12.500 begrippen op het gebied van economie, geld, financiële markten, beurs en beleggen, onderling verbonden door meer dan 125.000 verwijzingen. De Financiële Begrippenlijst is geen ‘wiki’; een deskundige redactie houdt de inhoud voortdurend actueel, hierbij actief geholpen door de bezoekers van de website. Nieuwe lemma’s worden bijna dagelijks toegevoegd, aan de inhoud wordt voortdurend geschaafd. Onafhankelijk, niet geliëerd aan enige financiële instelling. Na registratie heeft u verder een kosteloze toegang. Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

5 januari 2014

...

Nieuwsbrief20131201

December 2013 Bezuinigingen, het eind van een dogma? Wijdverspreide misverstanden over de crisis Pas op bij beleggen in grond Aanpassing arbeidsmarkten heeft effect Update Short selling verordening Cryptogeld na of naast de Bitcoin Meedoen kan Agenda Bezuinigingen, het eind van een dogma? Bron: Presseurope, Libération, 21 november 2013 Volgens een onderzoek  dat is opgesteld door Jan in ’t Veld, een econoom van de Europese Commissie, heeft het bezuinigingsbeleid dat Europa de laatste jaren gevoerd heeft negatieve effecten gehad op de groei en op de werkgelegenheid. Libération  Parijs Taal : Frans,  Oplage : 130.500 website: Libération Links en vrijpostig: sinds de oprichting in 1973 van de krant onder de bezielende leiding van Jean-Paul Sartre onderhoudt Libération dit imago. Het dagblad verkeerde in 2005 in financieel noodweer en is toen voor 40 procent overgenomen door Edouard de Rothschild, waarna diverse vooraanstaande medewerkers zijn opgestapt, onder wie Florence Aubenas (de correspondente die in 2005 een paar maanden in Irak werd gegijzeld), filmcriticus Antoine de Baecque en romanschrijver Jean Hatzfeld. De website van de krant wordt iedere dag meermalen bijgewerkt en aangevuld met foto's en geluids- en videofragmenten. Zo zou Frankrijk tussen 2011 en 2013 4,8% aan cumulatieve groei hebben verloren, schrijft Libération, en Griekenland " heeft het trieste record qua verlies aan rijkdom: over deze periode (van drie jaar) zou het bezuinigingsbeleid dat aan Athene is opgelegd zich hebben vertaald in een groeiverlies van 8,05 %. Italië, Spanje en Portugal zouden respectievelijk een verlies van 4,9 %, 5,4 % en 6,9 % van hun bbp hebben geïncasseerd. Zelfs het vlijtige Duitsland zou hebben ingeboet (2,61 %). " Het dagblad meent: " Ook al is dit document, dat het logo van de Europese Commissie draagt, slechts door één gerenommeerde econoom geschreven, de auteur is niet de enige die dit onderzoek onderschrijft. Hij zegt dat het bezuinigingsdogma langzamerhand afbrokkelt en dreigt in te storten [...] Aangezien er geen grote ontwikkelingsprojecten mee gepaard gaan, remmen de bezuinigingen de economie af en voeden ze verzet en populistische bewegingen. " Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Wijdverspreide misverstanden over de crisis Bron: Frank van den Berg, “Wijdverspreide misverstanden over de crisis”, Me Judice, 18 november 2013 In het debat over de zich voortslepende economische crisis zijn een aantal steeds herhaalde misverstanden terug te horen, waaronder het idee dat bedrijven niet meer bij banken voor leningen terecht kunnen. Ook zou de crisis de schuld zijn van het 'neoliberalisme'. Voormalig bankier en ondernemer Frank van den Berg zet deze en een aantal andere misverstanden recht. “Het is de schuld van het aandeelhouderskapitalisme en neoliberalisme” Nee, de crisis heeft juist haar oorzaak in het ongecontroleerde “managerssocialisme”, dat tot een perverse bonuscultuur geleid heeft. Daar hebben aandeelhouders weinig over te vertellen. Deze too big to fail houding leidt tot vernietiging van duizenden miljarden euro in aandeelhouderswaarde. Als er “neoliberalisme” zou hebben geheerst, dan zouden banken nooit gered zijn (maar voor €1 door de Staat zijn overgenomen, met een gedwongen hair cut voor obligatiehouders en vertrek van de (sub)top zonder compensatie). Sterker nog, dan zou het nooit zo ver zijn gekomen, want dan zouden bankmanagers zich niet op deze manier opportunistisch hebben gedragen. Zij zouden niet die onverantwoorde risico’s zijn aangegaan. Profits are privatized, losses socialized. Banken zijn echter belangrijk, als een ondersteunende functie. In de UK bedroeg de financiële sector in de 1970-er jaren 4% van het BNP, in 2007 8%; nu wat lager. Het is het gevolg geweest van oligopolistische machtsvorming, geen economische verdienste. “Er moet een Marshall-investeringsplan komen” Nee, er wordt minder meer uitgegeven, de stijging daalt. Op deelgebieden wordt bezuinigd, niet op totale staatsuitgaven. Er is al jarenlang een mega-Marshall-investeringsplan gaande. Tussen 2007 en nu is de staatsschuld met €180 miljard opgelopen naar €436 miljard. De staatsuitgaven zijn gestegen van €239 miljard in 2008 tot €261 miljard in 2013 en de staatsschuld van 45% in 2007 van het BNP naar 75% nu. Onder minister Bos is tussen 2007 en 2010 de staatsschuld geëxplodeerd van €258 miljard naar €371 miljard. Dat is “slechts” voor €50 miljard te verklaren uit de staatsinterventie in banken. Door de lastenverhogingen is de collectieve uitgavenquote gestegen van 45% van het BNP in 2007 tot 50% nu. “De staatsteun van €30 miljard in Fortis/ABN Amro is een bodemloze put” Nee, die komt deels terug, al is er wel te veel betaald. De totale staatssteun heeft €50 miljard bedragen. Als ABN Amro niet was overgenomen door RBS c.s., had de Staat voor €80 miljard moeten interveniëren (na de bank voor €1 overgenomen te hebben). De top was zonder enige ontslagvergoeding naar huis gestuurd. “De financiële problemen zijn de schuld van Amerika; Amerikaanse banken moeten meer afschrijven op slechte activa dan Europese” Frank W. van den Berg sinds 2001 docent Financiële Economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam Hij was daarvoor ingenieur, bankier en industrieel ondernemer. Hij is 14 jaar lid van een Gemeenteraad en daarvoor van Provinciale Staten. Hij heeft 13 jaar in Azië en Amerika gewoond en gewerkt. Hij is te bereiken onder e-mail adres f.w.vanden.berg@vu.nl Nee, het is wel daar begonnen met agressieve securitisation van sub-prime hypotheken en Alt-A leningen, die vervolgens massaal ook door Europese banken gekocht werden. In Amerika is $1.200 miljard afgeschreven en in Europa $1.600 miljard, vooral in Noordwest-Europa, niet in Zuid-Europa. Daar zitten de verliezen in de ingestorte onroerend goed markt. Amerikaanse banken hebben al schoon schip gemaakt. Europese bankiers hebben blindelings de credit ratings van Standard & Poors en Moody’s aangenomen: duidelijk een belangenconflict, maar bankiers moeten zelf oordelen over kredietwaardigheid. “Het is de schuld van ex-president Bush en de Federal Reserve” Nee, onder ex-president Clinton is juist het programma begonnen om minder kapitaalkrachtigen aan hypotheken te helpen. Daarvóór onder Carter werd eind 1970-er jaren de hypotheekverstrekking bevorderd, door banken te verbieden aan red lining te doen. Greenspan was te “optimistisch” t.a.v. de nieuwe financiële producten en de snelle toename van de geldvoorraad met te lage rentes. Velen waarschuwden dat een geldvoorraadtoename van 10% p.a. vóór 2007 niet goed kon blijven gaan, terwijl de reële economie met 3% per jaar groeide. In de aanloop naar de kredietcrisis was jarenlang geld lenen te goedkoop. “Grote bedrijven kunnen geen geld meer lenen” Nee. Grote bedrijven lenen middels obligaties en commercial paper, voor zover überhaupt nodig. Veel multinationals hebben een overschot aan liquiditeit. Middelgrote bedrijven kunnen nog uitstekend bij banken terecht. MKB bedrijven hebben deels wel een probleem, vroeger echter ook. Met bedrijven met een goed business model, gezond trackrecord en solide management doen banken graag zaken. Startende ondernemingen moeten met eigen startkapitaal, venture capital en private investeerders gefinancierd worden. Dat is niet de rol van banken. “Amerikaanse banken staan op omvallen” Integendeel, de grote Amerikaanse banken zijn in betere conditie dan de Europese. De US regulators hebben de banken gedwongen om kapitaalemissies te plegen waardoor hun kapitaalbuffers hoger zijn. Amerikaanse banken zijn daarom beter dan Europese in staat om geld uit te lenen. De Basel III regels dwingen Europese banken hun vermogens op te krikken tot 12% of hoger, maar ze krijgen daar langer de tijd voor. “De euro stort in elkaar” Nee, er is een economische crisis in Zuid-Europese landen, geen crisis met de euro zelf. De euro is volgens het koopkrachtpariteitbeginsel zelfs aan de hoge kant. Als Amerikaanse staten of steden in zwaar weer zitten en financieel moeten bezuinigen, zoals California of Detroit, zeggen we niet dat de dollar in elkaar stort. In die Amerikaanse staten en steden zijn dan ook de collectieve uitgaven aangepast. Voor Zuid-Europese landen is de euro hoog, maar dat dwingt tot aanpassingen. “De staatsschuld van Amerika is hoger dan de Europese” Nee, als % van het BNP ongeveer gelijk, in Amerika: $16,7 biljoen, 100% van het BNP; in alle EU landen samen: 93%. Allebei verder stijgend. “China financiert grotendeels de Amerikaanse staatschuld” Nee, twee derde van de $16,7 biljoen staatsschuld is binnenlands, in handen van Amerikaanse burgers en instellingen. “Slechts” 8 % wordt door China gefinancierd, evenveel als Japan. Alle Europese landen bij elkaar nemen een groter percentage voor hun rekening. “Goed dat de discount rate verlaagd wordt tot 0,25%” Nee, dit is een cadeautje aan banken om hun kapitaalbuffers te versterken. Het juiste middel daarvoor is om de kostenstructuur te matigen. De historisch lage rente is slecht voor het vertrouwen van burgers. Huishoudens potten op, omdat het zo weinig oplevert. Het leidt tot de volgende financiële zeepbel met asset-inflatie. Het rendement op sparen is negatief. Dus investeerders zoeken hun heil in aandelen en andere waardepapieren. “Amerika drukt miljarden extra dollars om de economie te steunen” Nee: er worden geen dollars “gedrukt”, wel slechte activa teruggekocht door de Fed (quantitative easing). De totale liquiditeitenmassa stijgt hierdoor, met gevaar voor inflatie. De ECB doet hetzelfde met het opkopen van obligaties van Zuid-Europese landen, maar wil die later terug verkopen in de markt . Hoe dan ook, cadeautje van de Centrale Bank aan banken, i.p.v. dat die gedwongen worden hun excessieve beloningsstructuur te matigen, inclusief het salarisniveau. “Europese landen participeren minder in de financiële sector dan Amerika” Nee: In Amerika is $700 miljard geïnvesteerd inclusief $180 miljard voor AIG. In Europa is een vergelijkbaar bedrag geïnvesteerd, inclusief garanties voor een totaal van €5.000 miljard. Die Amerikaanse staatssteun van $700 miljard is voor een groot deel met rente en winst terugbetaald. Niet in Europa. “De kredietcrisis is veroorzaakt door triljoenen aan derivaten” Nee, er gaat weinig fout met opties, futures, termijncontracten en swaps , allemaal legitieme financiële producten. Sommige instellingen zijn de mist ingegaan met interest rate swaps. Er waren wel grote problemen met credit default swaps bij AIG, dat zijn geen derivaten, maar garanties. AIG heeft te veel CDS’s uitgeschreven, dat tot een redding van $180 miljard heeft geleid. Hierdoor zijn de grote Amerikaanse investment banks overeind gebleven, evenals Europese systeembanken. Europa mag Amerika bedanken voor dit “cadeautje”. “Pomp aardgasbaten in de economie” Nee, we doen niet anders, en onverstandig met het oog op verminderde reserves. De gasbaten bedragen €12 miljard per jaar. De jaarlijkse opbrengst is feitelijk aanzienlijk hoger door dividend- en vennootschapsbelasting die de energiesector genereert en door extra energiebelastingen, die nog eens €10 miljard per jaar opleveren. Aardgas geeft een enorme jaarlijkse impuls. De totale toegevoegde waarde van aardgas kan is €400 - 500 miljard. In tegenstelling tot Noorwegen en Singapore hebben we geen Investeringsfonds. Die miljarden zijn deels besteed aan infrastructuur, meer nog aan sociale voorzieningen. “Europa moet een fiscale unie vormen” Nee, dan zouden prikkels voor Zuid-Europese landen om te hervormen wegvallen. In Amerika is dit ook niet zo. Alsof Washington Detroit financieel overeind houdt. Die moet zelf geld op de kapitaalmarkt lenen en betaalt meer rente dan de federale overheid. Zo’n systeem dwingt discipline af bij Zuid-Europese potverteerders. Met Eurobonds, die met een opslag doorgeleend kunnen worden, valt die dwang tot hervorming weg. “Europa moet haar belastingstelsel harmoniseren” Nee, ook niet zo in Amerika. Er zijn grote verschillen tussen staten, en binnen staten tussen steden. In New York zijn naast Federal Tax (20 tot 35%): 3,5% City Tax, 8% State Income Tax en 8,8% Sales Tax. De totale marginale belastingdruk in New York is 55% boven inkomens van $400.000. Daarnaast is Property Tax verschillend per county en per city. Er is geen uniform belastingstelsel, maar concurrentie tussen staten en steden. “Alleen in Nederland is hypotheekrente aftrekbaar” Nee. In veel landen is de rente aftrekbaar. Als rente-inkomsten belast zijn, is het consistent dat rente-uitgaven aftrekbaar zijn. In België is de rente niet aftrekbaar, en onbelast. Het is misleidend om van een “villasubsidie” te spreken. Iedereen kan het gebruiken, het is een reductie van hoge belastingen en de huursector wordt gesubsidieerd. Het voordeel van aftrek is al beperkt door huurwaardeforfait bijtelling. Voor het complete artikel Klik hier Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Pas op bij beleggen in grond Bron: AFM Newsroom Consumenten lopen risico’s met beleggingen in grond. De kans op teleurstellingen is groot. ‘We zien veel consumentenleed met dit soort beleggingen’, zegt hoofd Integriteitstoezicht Marcus Wagemakers van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) De AFM houdt sinds 2008 verscherpt toezicht op aanbieders van grondbeleggingen. De toezichthouder heeft 49 onderzoeken gedaan. In meer dan de helft van de gevallen zijn er misstanden aangetroffen en heeft de AFM maatregelen moeten treffen. Vaak wordt beleggers een erg rooskleurig beeld voorgespiegeld. Ook kan er sprake zijn van malafide partijen. Marcus Wagemakers Hoofd Integriteitstoezicht AFM Opleiding Specialisatieopleiding Civiele Cassatieadvocatuur; INSEAD Business School, Fontainebleau; Université Panthéon Assas (Paris II): Droit du Commerce International, Droit des Contrats Spéciaux, Droit International Privé; Rijksuniversiteit Leiden: civiel recht Politie Academie. Ervaring Advocaat bij de Hoge Raad; Raadsheer plv Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch; Hoofd Integriteitstoezicht AFM; Commissariaten en bestuursfunkties bij (semi) publieke organisaties website http://www.mwagemakers.nl/ De AFM roept consumenten daarom op om goed onderzoek te doen als ze overwegen te beleggen in grond. ‘Het is heel belangrijk dat je weet wat je doet en dat je goed de risico’s in kaart hebt’, aldus Wagemakers in Newsroom. Op de website van de AFM kunnen consumenten meer informatie vinden over beleggen in grond. Ook kunnen ze daar de brochure Verstandig beleggen vinden. Consumenten kunnen bij het Meldpunt Financiële Markten van de AFM terecht met vragen. Dit is gratis te bereiken op 0800- 5400 540 op werkdagen tussen 09.00 uur en 17.00 uur. Daarnaast kennen grondbeleggingen een aantal specifieke aandachtspunten: De prijs die de consument betaalt voor de grond is vaak een stuk hoger dan de prijs die de verkoper heeft betaald. Die betaalt vaak de veel lagere, huidige marktwaarde van de grond. Het is daarom belangrijk dat consumenten zelf goed onderzoeken of de gevraagde prijs marktconform is. Bij het Kadaster kan men gegevens opvragen, zoals recente verkoopprijzen van de grond die wordt gekocht. De voorgespiegelde hoge winst is vaak gebaseerd op een mogelijke bestemmingsplanwijziging. De kans dat dit gebeurt, is ongewis, zeker nu de grondprijzen onder druk staan door de economische neergang. Consumenten kunnen bij de gemeente navraag doen naar het bestemmingsplan. Aanbieders van beleggingen in grond als beleggingsobjecten kunnen vrijgesteld zijn van de vergunningplicht, bijvoorbeeld door het aanbieden van investeringen van ten minste 100.000 euro. Als een aanbieder geen vergunning nodig heeft, moet hij wel in alle reclame-uitingen en documenten vermelden dat hij niet onder toezicht staat van de AFM. In het vooruitzicht gestelde rendementen bieden geen garantie voor toekomstige opbrengsten. Kijk daarom goed waarop de prognoses zijn gebaseerd, vraag ook naar negatieve scenario’s en risico’s als deze niet in de brochures of op de website staan en bedenk dat in het algemeen geldt dat een hoger rendement een hoger risico met zich meebrengt. Vraag ook naar de mogelijke kosten die met de inleg worden betaald. Terug naar Inhoud Aanpassing arbeidsmarkten begint effect te sorteren Bron: DNB De crisis heeft blootgelegd dat de werking van arbeidsmarkten in veel landen in het eurogebied tekortschiet, vooral in zuidelijke lidstaten waar de werkloosheid massaal opliep. Langzaamaan lijken recent ingezette hervormingen effect te sorteren, zo bleek tijdens een recente expert meeting van DNB. Wel zal het nog geruime tijd duren voordat de resultaten van deze hervormingen tot volle wasdom komen en liggen er in veel landen nog de nodige uitdagingen. De aanwezige experts – vertegenwoordigers van internationale instellingen en centrale banken, nationale beleidsmakers, academici en sociale partners – wezen op verschillende knelpunten waar de Europese arbeidsmarkten al voor de crisis mee kampten. Zo liet de arbeidsdeelname in veel landen te wensen over en was de structurele werkloosheid vaak al hoog. Ook was in veel landen – ook in de noordelijke landen – een grote kloof ontstaan in de bescherming tegen ontslag van tijdelijke en vaste werknemers. Daarnaast leidde de loonvorming vooral in de zuidelijke landen tot problemen, doordat overheden cao’s vaak erg snel van toepassing verklaarden op alle bedrijven in een sector. Zo waren de werkgevers- en werknemersorganisaties die de onderhandelingen voerden vaak niet voldoende representatief, en was het voor derde partijen erg moeilijk onder de loonafspraken uit te komen. Daardoor konden de lonen sterk uit de pas lopen met de productiviteitsontwikkeling. Ook reageerden lonen vaak te weinig op de conjunctuur. Zo bleven de lonen in de Spaanse bouwsector stijgen, ook toen bedrijven in deze sector enorme klappen kregen en massaal mensen op straat zetten. Inmiddels zitten in de eurozone bijna 20 miljoen mensen zonder baan. In Spanje en Griekenland gaat het om ruim een kwart van de beroepsbevolking; van de jongeren is zelfs meer dan de helft werkloos. Om arbeidsmarkten beter te laten werken hebben veel landen in het eurogebied sinds 2008 belangrijke hervormingen doorgevoerd. Zo zijn maatregelen getroffen om de arbeidsdeelname te vergroten, bijvoorbeeld door een verhoging van de (vroeg)pensioenleeftijd en het meer activerend maken van de WW. Vooral de zuidelijke lidstaten hebben daarnaast stappen gezet om het grote verschil tussen vaste en tijdelijke contracten terug te dringen en te bevorderen dat bedrijven nieuwe banen creëren zodra de groei weer aantrekt. Ook hebben zij ingrijpende hervormingen doorgevoerd in het loonvormingsproces om de lonen beter te laten aansluiten op de omstandigheden van individuele bedrijven. De experts keken ook vooruit op de impact van de hervormingen. Deze impact is nog moeilijk te meten, omdat arbeidsmarkthervormingen doorgaans tijd nodig hebben om hun vruchten af te werpen. In Portugal en Spanje, bijvoorbeeld, reageerden de lonen in eerste instantie maar beperkt op de aanhoudende baanverliezen. Inmiddels is de loongroei duidelijk vertraagd. Dit is goed zichtbaar in de onderstaande figuur, die laat zien op hoeveel loongroei Portugese werknemers konden rekenen in 2009 en in 2012. Terwijl in 2009 nog veel werknemers hun nominale lonen aanzienlijk zagen stijgen, kwamen loonstijgingen in 2012 al veel minder voor. De recente aanpassingen in het loonvormingsproces hebben hier waarschijnlijk een belangrijke rol in gespeeld. Deze loonmatiging stelt bedrijven in staat hun concurrentiepositie te versterken en verdere baanverliezen te voorkomen. De figuur laat ook duidelijk zien dat het nauwelijks voorkomt dat nominale lonen in Portugal dalen. Dit is een verschijnsel dat in veel landen voorkomt. Daarom kan het nog wel even duren voor de lonen in alle sectoren weer in lijn zijn met de productiviteit. In sommige gevallen zal het behulpzaam zijn het taboe op een daling van nominale lonen te doorbreken. In andere gevallen kunnen afspraken tussen werkgevers en werknemers over arbeidstijdverlenging helpen het aanpassingsproces te versnellen. De landen in het eurogebied hebben dus belangrijke stappen gezet om hun arbeidsmarkten te hervormen, maar zijn er bepaald nog niet. Op veel terreinen liggen nog de nodige uitdagingen, ook in de noordelijke lidstaten. Zo is in veel landen nog steeds sprake van grote tegenstellingen tussen insiders en outsiders op de arbeidsmarkt en is meer werk nodig om werklozen aan het werk te helpen. Het vereist daarom een lange adem voordat de werking arbeidsmarkten in de eurozone duurzaam is verbeterd. Voor een verslag van de bijeenkomst en de presentaties zie de terugblik op www.dnb.nl/research. Terug naar Inhoud Update Short selling verordening: 1 jaar na inwerkingtreding Bron: AFM Inmiddels is het al ruim een jaar geleden dat de Short selling verordening (Verordening) in werking is getreden. Met de komst van de Verordening zijn marktpartijen verplicht melding te doen van netto short sell aandelenposities in het geplaatste kapitaal van beursvennootschappen vanaf 0,2% (en elke volgende 0,1%) aan de toezichthouder en vanaf 0,5% publiekelijk. Ook netto shortposities in overheidsschulden moeten bij het over- of onderschrijden van bepaalde drempelwaarden gemeld worden maar worden niet openbaar gemaakt. Tot november 2012 gold een Nederlands meldingsregime van de netto short posities in financiële instellingen vanaf 0,25% van het geplaatste kapitaal. Tot nu toe heeft de meldingsplicht onder de Verordening geresulteerd in ongeveer 900 publieke meldingen in netto short sell aandelenposities en een veelvoud aan meldingen tot 0,5% aan de AFM. De top 10 van grootste melders zijn goed voor ongeveer 65% van de gedane publieke meldingen met Marshall Wace en Blackrock als partijen die de meeste publieke meldingen hebben verricht tot nu toe. De informatie over netto short posities die in het short selling register vanaf 1 november is opgenomen, moest na de inwerkingtreding door de markt worden gewogen en de markt moest daar ook een balans in vinden. Beleggers zijn nu voldoende gewend aan de informatie over de short positie en nemen deze mee in hun afweging om te investeren in een fonds of juist daarvan af te zien. Dat het short selling register vaak wordt geraadpleegd, blijkt wel uit de meer dan 40 duizend pageviews tot nu toe dit jaar. Het beoogde effect van de Verordening om te komen tot een grotere transparantie van short posities is gezien het aantal meldingen in het register en het aantal bezoekers van het register volgens de AFM gerealiseerd. In haar toezicht heeft de AFM al bij meerdere marktpartijen informatie opgevraagd over gedane short transacties. De opgevraagde informatie ziet op basis van welke informatie zijn de marktpartijen tot een short positie gekomen, inzicht in de gedane transacties, en inzicht in welke regelingen de partijen hebben zodat men gedekt een short positie is aangegaan. In januari heeft ESMA een geüpdate versie van de Q&A’s gepubliceerd.  In april zijn de definitieve richtsnoeren met betrekking tot de vrijstelling voor activiteiten van marketmakers gepubliceerd. De AFM heeft aangegeven dat zij de richtsnoeren zal toepassen in het toezicht op de Verordening. Er is wel tussen Europese toezichthouders verschil in opvatting in toepassing van de richtsnoeren. In juni heeft de Europese toezichthouder ESMA een review van de Verordening opgesteld en gepubliceerd. ESMA heeft een aantal aanbevelingen gedaan voor aanpassing van de Verordening waarbij de voornaamste elementen niet worden gewijzigd. De review dient als input voor de Europese Commissie voor haar rapport aan de Europese Raad en Europees Parlement. Lees verder:   Meer informatie over short selling                          Short selling register Terug naar Inhoud Cryptogeld na of naast de Bitcoin Bron: Redactie De Bitcoin is de laatste tijd veel in het nieuws geweest voornamelijk door gigantisch stijgende koersen (afgelopen week boven $1000/Bitcoin) op speculatie dat de Bitcoin een 'blijvertje' is mede omdat Nationale banken zich "niet bij voorbaat negatief" uitlaten over de bitcoin. Wat is dat, de Bitcoin? Bitcoin is een vorm van elektronisch geld, en tevens de naam van de opensourcesoftware die is ontworpen om dit te gebruiken. Bitcoins, afgekort BTC, kunnen worden opgeslagen op een personal computer in de vorm van het wallet bestand of worden beheerd door een derde partij, een portemonneedienst. In beide gevallen kan het geld naar een ander persoon worden verzonden via het internet door iedereen met een Bitcoinadres. Dit elektronische geld maakt gebruik van een database verspreid over knooppunten van een peer-to-peer-netwerk om transacties te journaliseren, en maakt gebruik van cryptografie om te voorzien in de nodige beveiliging, zoals dat Bitcoins alleen kunnen worden uitgegeven door de persoon die er eigenaar van is, en nooit meer dan één keer uitgegeven kunnen worden door die eigenaar. De peer-to-peertopologie van Bitcoin en het ontbreken van centrale administratie maakt het praktisch onmogelijk voor een overheid, of ieder ander, om de waarde van Bitcoins te manipuleren of meer inflatie te induceren dan er van tevoren is vastgelegd. Het ontwerp zorgt voor anoniem eigendom en overdracht van waarde. Bitcoin is een van de eerste implementaties van een concept genaamd cryptocurrency ofwel cryptografisch geld, dat voor het eerst in 1998 beschreven werd door Wei Dai op de cypherpunks-mailinglist, en geïmplementeerd in 2009 door Satoshi Nakamoto (pseudoniem van een onbekende persoon of groep). Het idee achter de werking van Bitcoin is te lezen in een document van Satoshi Nakamoto De Bitcoin dient virtueel "gedolven" te worden. Elke dag wordt er een bepaalde hoeveelheid vrijgegeven aan mensen die de Bitcoin delven ('mining'). Dit wordt gedaan door het inzetten van de rekenkracht van computers. Maar er zijn ook een aantal dingen die u moet weten over Bitcoins en één daarvan (en mogelijk één van de belangrijkste is dat er maximaal  21 miljoen Bitcoins in omloop kunnen worden gebracht. Het aantal Bitcoins is dus eindig. ... en de vraag is momenteel hoog.  Er zijn vele cryptogeldvarianten die afgeleid zijn van het bitcoin-concept, die meestal verschenen met variaties in de benaming (in het formaat "xx"-coin). Bitcoin heeft de grootste omzet en de meeste gebruikers; het was tevens de eerste in deze soort digitale munteenheid die werkelijk in circulatie kwam. --   Bitcoin – een online (peer-to-peer) anoniem                   betaalmiddel gebaseerd op cryptografie --   Litecoin – vergelijkbaar met bitcoin --   Namecoin – vergelijkbaar met bitcoin --   PPCoin – vergelijkbaar met bitcoin Varianten die hierboven niet genoemd worden (wegens mindere relevantie), zijn onder andere (in volgorde van omzet): Novacoin Primecoin Feathercoin Terracoin Freicoin Devcoin Megacoin DigitalCoin Fastcoin WorldCoin PhenixCoin BBQcoin YAcoin Ixcoin Franko CHHcoin Mincoin Bitbar Bytecoin Junkcoin Extremecoin Infinitecoin Rucoin Timekoin Royalcoin Of die vraag in de toekomst ook hoog zal blijven is nog maar de vraag, al was het alleen maar omdat er naast de Bitcoin ook ander (crypto)geld is en zal komen met gelijkwaardige toepasbaarheid en mogelijk zelfs een betere acceptatie. Eén van de belangwekkendste andere vormen van electronisch- of cryptogeld is de LiteCoin. Het is gebaseerd op de techniek van de Bitcoin en lijkt hier dan ook sterk op. Litecoin creatie en transacties zijn gebaseerd op een open source protocol en worden niet gereguleerd door enig centraal gezag. Litecoin is gemaakt met de intentie om het concept van bitcoin te verbeteren, waarbij enkele technische verschillen een rol spelen. Sinds november 2013 wordt litecoin vaak in de media genoemd. Zo zijn er al artikelen verschelen in The Wall Street Journal, CNBC en de New York times waarin wordt gespeculeerd over de litecoin als alternatief voor bitcoin. Op 28 november 2013 was 1 LTC ongeveer 35 euro waard. Litecoin is de op één na grootste cryptocurrency met een totale waarde van rond de 880 miljoen euro. Elke litecoin kan worden verdeeld in 100.000.000 kleinere eenheden, waarbij dus tot 8 cijfers achter de komma kan worden opgesplitst. Volgens planning zal het litecoin netwerk 84 miljoen valutaeenheden produceren en dat is al belangrijk meer dan de Bitcoin Minister Dijsselbloem van Financiën geeft aan dat de alternatieve virtuele munteenheid Bitcoin vooralsnog geen risico vormt voor financiële stabiliteit. In algemene zin is de ervaring van centrale banken dat dergelijke munteenheden een instabiel karakter hebben. De ontwikkelingen worden door de Nederlandse Bank gevolgd. De opkomst van Bitcoin lijkt bepaald te worden door de speculatieve vraag hiernaar. referenties: Antwoord van de Minister van Financiën op vragen over de Bitcoin.  Alternatieve munteenheden   Cryptogeld   Cryptocoin charts   Bitcoin wat u moet weten   Wat is Litecoin?   Wary of Bitcoin? A guide to some other cryptocurrencies Terug naar Inhoud Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 december 2013

...

Nieuwsbrief20131101

November 2013 Europese beurzen: the place to be Economische vooruitzichten Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn Oproep mbt risicovolle obligaties Conjunctuurbeeld verbetert Vanaf 2014 betaal je rechtstreeks voor beleggen Effectenportefeuille uit, beleggingsfondsen in Welvaart en Leefomgeving – Horizonscan Meedoen kan Agenda Europese beurzen: the place to be - Strategie- Bron: Belfius Tijdens de eerste 6 maanden van dit jaar kochten Amerikaanse beleggers voor 65 miljard dollar aan Europese aandelen. Een blijk van vertrouwen in het herstelpotentieel van de Europese economie. De economische indicatoren zijn dan ook aan de beterende hand. De Europese beurzen noteren weliswaar 11 % hoger, maar de Amerikaanse beurs steeg met bijna 20 %.  Toch behouden we het geloof in het herstelpotentieel van de Europese economie en haar bedrijven. Voorkeur Europese beurzen: waarom? Europese aandelen zijn nog steeds goedkoop in vergelijking met Amerikaanse. Eind 2011 noteerden de Amerikaanse bedrijfswinsten al hoger dan de piek van 2007. De eurocrisis woog dan ook meer op de winstgevendheid van de Europese bedrijven. Zo liggen hun winsten slechts 5 % hoger dan het gemiddelde van de afgelopen 10 jaar, terwijl ze in de VS al 40 % hoger liggen. Bovendien wijzen de laatste indicatoren die het vertrouwen bij de aankoopdirecteuren meten (PMI), in de richting van mogelijke Europese winstherzieningen. Economie aan de beterende hand Voor het eerst in anderhalf jaar knoopt de eurozone weer aan met groei. Vooral Duitsland en Frankrijk nemen de unie mee op sleeptouw. Maar ook de zuiderse landen klimmen uit het dal. Door de verbeterde competitiviteit neemt de export in  Spanje en Portugal fors toe. Misschien zal Spanje de recessie in het 3 e  kwartaal zelfs achter zich kunnen laten. Een aantrekkende wereldeconomie is cruciaal voor de export, de groeimotor van de eurozone. Eén derde van onze uitvoer gaat richting groeilanden, waar de economie  na de onverwachte vertraging begin dit jaar aan de beterende hand lijkt. ook in de VS klaart de hemel meer en meer op. Ook al blijft de historisch hoge werkloosheid de achillespees van de eurozone, toch lijken de kleinhandelsverkopen zich te stabiliseren — zij het op een laag niveau. Positief is ook dat het consumenten- en ondernemersvertrouwen terug  wat  toeneemt.  De  vrees  voor  het  uiteenvallen van de eurozone is dan ook verdwenen en de Europese commissie stelt zich iets soepeler op met betrekking tot de budgettaire tekorten. Geen Japanse toestanden Pessimisten kunnen de vergelijking met Japan maken. Die economie kwam na het uiteenspatten van de huizenzeepbel begin jaren 90 immers in een neerwaartse spiraal terecht, waar ze nu nog altijd de gevolgen van ondervindt. Uit een studie van Belfius Research blijkt echter dat er toch wel wat verschillen zijn tussen het Japan van toen en het Europa van vandaag. De forse stijging van de huizenprijzen bleef in Europa beperkt tot een aantal landen (bv. Spanje), wat niet vergelijkbaar is met de Japanse situatie. Japan kampte jaren met deflatie of een prijsdaling, waardoor de Japanners grote aankopen uitstelden en de economische neergang nog verergerde. Voor de eurozone verwacht Belfius Research echter een inflatie van 1,6 % in 2013 en 1,5 % in 2014. De bedrijven  zijn  financieel  gezonder. Zo bedraagt de schuldenlast van de Europese bedrijven slechts 40 % van de eigen middelen tegenover 123 % voor de Japanse bedrijven eind jaren 80. Bovendien hadden de Europese bedrijven voor de crisis niet overdreven veel geïnvesteerd, waardoor we nu dus ook niet met overcapaciteit kampen. Wat wel weer het geval was in Japan. Obligatiekoersen dalen - Waar komt het geld vandaan dat de beleggers in Europese aandelen pompen? Van obligaties naar aandelen Sinds midden mei, toen de Amerikaanse centrale Bank (fed) aangaf dat ze haar maandelijks aankoopprogramma aan obligaties ging afbouwen, is er een beweging van obligaties naar aandelen aan de gang. Hierdoor steeg de 10-jaars-rente — begin september zelfs even tot  3 %. Een gevolg was dat de obligatiekoers van 10-jarig papier fors daalde.De beurzen reageerden dan ook enthousiast toen de fed op 18 september onverwacht besliste het aankoopprogramma van obligaties te behouden. Zo wordt een te snelle stijging van de langetermijnrente vermeden om het ontkiemend herstel niet te fnuiken.  ook in de eurozone bleef de stijging van de langetermijnrente al bij al beperkt. De Duitse rente steeg tot 2 %. Terug naar Inhoud advertentie Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Economische vooruitzichten November 2013 Bron: KBC Bank De  wereldconjunctuur  zette  de  voorbije  maand  haar  herstel  voort. Vertrouwensindicatoren  zoals  de Amerikaanse ISM voor de verwerkende nijverheid,  de  Duitse  Ifo-indicator  en de  Japanse  Tankan-index  illustreerden dat. Langzaam maar zeker lijkt ook de conjunctuur van de EMU als geheel uit het  dal  te  kruipen.  Het  producentenvertrouwen  in  de  verwerkende  nijverheid stabiliseerde op een peil dat wijst op  groei,  terwijl  het  vertrouwen  in  de dienstensector zelfs fors opsprong. Ook op  de  Europese  arbeidsmarkt  is  het  tij stilaan  aan  het  keren.  De  werkloosheidsgraad in de EMU bedraagt op dit ogenblik  12,0%  en  lijkt  over  zijn  piek heen.  Vermits  de  arbeidsmarktindicatoren traditioneel met enige vertraging op  de  economische  groei  reageren, bevestigt  dit  dat  de  Europese  recessie inderdaad  in  het  tweede  kwartaal  van 2013 eindigde. Ook de conjunctuurrisico’s zijn afgenomen. In de EMU lijkt er na het politieke einde  van  Silvio  Berlusconi  een  voorlopig  einde  gekomen  aan  de  periodiek opflakkerende  politieke  instabiliteit  en onzekerheid  omtrent  de  budgettaire koers.  In  de  VS  zet  de  vastgoedmarkt, die  aan  de  basis  lag  van  de  Grote Recessie,  zijn  herstel  voort.  De  bouwinvesteringen  dragen  in  toenemende mate bij tot de economische groei. De naweeën van het uiteenspatten van de vastgoedzeepbel waren een belangrijke oorzaak  van  het  matige  hersteltempo na de recessie. Aan de aanbodzijde van de  wereldeconomie  ten  slotte  ebde de  voorbije  weken  de  vrees  voor  een negatieve olieprijsschok weg, nadat een internationale militaire interventie in het Syrië-conflict op korte termijn niet meer aan de orde was. De trend van stabiele tot licht dalende energieprijzen werd dus hervat en zette de inflatie verder onder neerwaartse  druk  (tot  respectievelijk 1,5%  en  1,1%  in  de  VS  en  de  EMU). Dat geeft de betrokken centrale banken alvast de ruimte om hun extreem soepel monetair beleid voort te zetten.         Obstructie Tegen  die  gunstige  conjuncturele  achtergrond  was  het  dan  ook  een  beetje ironisch dat de grootste bron van onzekerheid  de  Amerikaanse  overheid  zelf was.  Sinds  de  start  van  het  nieuwe begrotingsjaar 2014 op 1 oktober hadden de VS geen federale begroting, tot het parlement uiteindelijk op 17 oktober instemde met ‘voorlopige twaalfden’ tot 15 januari 2014. Op zich is het gebrek aan  een  echte  begroting  niet  zo  erg, want  dat  was  ook  in  het  hele  begrotingsjaar 2013 het geval. Het opmerkelijke in de voorbije weken was de weigering van het Amerikaanse parlement om  via  het  systeem  van  ‘voorlopige twaalfden’ de continuïteit van de federale overheid veilig te stellen. Alsof dat nog niet voldoende was, weigerde het Huis  van  Afgevaardigden  het  wettelijk schuldenplafond te verhogen, waardoor de Amerikaanse schatkist naar schatting tegen  het  einde  van  oktober  in  liquiditeitsproblemen  kon  komen  om  haar bestaande verplichtingen te voldoen. Het  akkoord  van  17  oktober  omvat naast  de  ‘voorlopige  twaalfden’  tot 15  januari  ook  een  schorsing  van  de wettelijke  schuldenlimiet  tot  7  februari 2014. Het is echter belangrijk om in het achterhoofd  te  houden  dat  de  hele begrotings-  en  schuldendiscussie  in  de VS niet ging over een gebrek aan financiële middelen, zoals dat bijvoorbeeld bij de  Griekse  default  van  2012  het  geval was, maar om een zuiver politieke weigering  van  delen  van  de  Republikeinse partij  (de  zogenoemde  Tea  Party)  om die middelen ter beschikking te stellen. De  onderliggende  motivatie  voor  die obstructie had zelfs niets met de begroting  als  dusdanig  te  maken,  maar  was een  ultieme  poging  om  de  ingevoerde algemene  ziekteverzekering  (‘Obama-care’)  minstens  gedeeltelijk  ongedaan te maken. Storm in glas water? De  economische  kosten  van  het  politieke  conflict  zullen  allicht  in  omvang beperkt  zijn  en  zich  ook  beperken  tot de  VS-economie.  De  ambtenaren  die nu gedwongen tijdelijk werkloos waren, zullen hun achterstallige loon ontvangen nu  de  impasse  is  opgelost.  Eventueel uitgestelde consumptie zal dus ten dele worden ingehaald. Of en hoe sterk het economisch  sentiment  door  de  discussies  negatief  werd  beïnvloed,  zal  nog moeten blijken uit de vertrouwensindicatoren die de komende dagen en weken worden gepubliceerd. Schadelijk  voor  het  vertrouwen  was allicht ook de onzekerheid die was ontstaan  over  hoelang  de  Amerikaanse overheid  haar  bestaande  verplichtingen  nog  kan  voldoen.  Enerzijds  gaat het  over  binnenlandse  verplichtingen, zoals pensioenen en andere uitkeringen. Potentieel  gevaarlijker  voor  de  wereldeconomie  was  echter  de  onzekerheid of  de  Amerikaanse  overheid  voor  de eerste  keer  in  haar  geschiedenis  een van  haar  obligaties  niet  zou  terugbetalen.  Zelfs  zonder  de  besliste  schorsing van  de  schuldenlimiet  zou  die  soep niet  zo  heet  zijn  gegeten  als  ze  werd opgediend. Ten eerste bleef de federale overheid haar federale belastingen innen ten belope van circa 200 miljard USD per maand. Dat relativeert de betekenis van de ‘deadline’ van 17 oktober. Daarnaast heeft  elke  Amerikaanse  regering  zelfs zonder een verhoging van de schuldenlimiet door het parlement nog een aantal creatieve noodoplossingen om wanbetaling te voorkomen. Daartoe behoren het slaan van een munt van 1000 miljard USD  door  de  minister  van  financiën  en de  grondwettelijke  bepaling  dat  wettelijk aangegane schulden moeten worden terugbetaald. Uiteindelijk behoorde ook het opkopen door de Fed van aflopende overheidsobligaties,  in  het  kader  van haar  monetair  aankoopprogramma,  tot de principiële mogelijkheden. Het  akkoord  van  17  oktober  was  altijd het  meest  waarschijnlijke  scenario.  Het was  voorspelbaar  dat  de  gematigde Republikeinen  zich  in  extremis  zouden losmaken  van  hun  radicale  partijgenoten  van  de  Tea  Party.    Ook  de  financiele markten bleven er gerust in. Terwijl de  aandelenmarkten    uitgaan  van  een verder  economisch  herstel,  vertoonde ook  de  rente  op  Amerikaanse  overheidsobligaties  en  schatkistcertificaten slechts  een  beperkt  oplopende  premie, die  vooral  veroorzaakt  was  door  de operationele en technische onzekerheid omtrent aflopende effecten. Fed onder druk Ook  na  het  politiek  akkoord  zal  deze jongste  begrotingscrisis  economische gevolgen hebben. Op korte termijn is de kans groot dat het monetaire beleid van de  Fed  daardoor  wordt  beïnvloed.  Uit het verslag van haar beleidsvergadering van  17  en  18  september  blijkt  dat  de Fed  de  actuele  begrotingsdiscussie  zag aankomen en onder meer daarom voorlopig  afzag  van  een  afbouw  van  haar monetair aankoopprogramma. Indien de Fed de indruk heeft dat het de plicht is van  het  monetair  beleid  om  een  dysfunctioneel  restrictief  budgettair  beleid te compenseren, neemt de kans toe de Fed  langer  dan  verwacht  zal  doorgaan met  haar  maandelijkse  liquiditeitsinjecties  en  de  onvermijdelijke    exit-strategie  nog  delicater  wordt.  Dat  betekent dat  de  taak  om  de  VS-conjunctuur  te ondersteunen  nog  eenzijdiger  op  de schouders van de centrale bank terecht komt.  De  voordracht  van  Janet  Yellen, een  van  de  belangrijkste  architecten van  het  huidige  Fed-beleid,  als  nieuwe Fed-voorzitter  vanaf  januari  2014,  past in dat kader. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn Bron: Dirk van der Werf, “Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn”, Me Judice, 22 oktober 2013. De huidige crisis is er een van overinvestering en onderbesparing, zo zou de 'crisiseconoom' Friedrich Hayek (1899) het gezien hebben, stelt Dirk van der Werf sr. De economie herstelt zich pas weer als de huishoudboekjes weer op orde zijn. Dat kan op drie manieren. De voor het publiek meest pijnlijke, maar politiek makkelijkste manier om uit de crisis te komen is inflatie. Een tweede manier is faillissement van banken, maar dat stuit op grote belangen.  De derde weg is ontbinding van de euro, zodat de huidige macro-economische onevenwichtigheden kunnen verdwijnen. IJsland laat zien hoe goed dit werkt. Bankencrisis De regeringen in de verschillende Europese lidstaten hebben grote begrotingstekorten en weten niet hoe in deze situatie te handelen. De banken kunnen het niet aan en vragen om ondersteuning omdat de reserves zijn uitgeput. De voorbeelden uit de traditionele literatuur inzake bankpolitiek gaan uit van minstens 8% eigen geld voor Commercial Banks, handelsbanken. Door teveel krediet uit te geven zat een aantal grote banken met ongeveer 3% al jaren onder deze norm. Daarmee hebben ze het niet gered. Kijk van Hayek Hayek zou gezegd hebben dat de westelijke wereld zich bevindt in een situatie van overinvestering en onderbesparing. Bij de overheid, bij bedrijven en particuliere beleggers in woningen en effecten. De banken hebben niet alleen spaargelden doorgegeven voor de financiering van investeringen, wat hun normale functie is, ze hebben daarnaast ook nieuw geld gecreëerd. Daarmee gaan de banken hun werkgebied niet te buiten, mits ze de dekking in de gaten houden. In de top van de hausse is het echter verleidelijk meer geld uit te lenen, dan de besparingen toelaten. Dan kan je er gif op innemen dat de teveel uitgegeven financiering niet terugkomt. Dirk van der Werf Zelfstandig econoom Dirk van der Werf (1932) is econoom en econometrist, gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was werkzaam bij het Centraal Planbureau, de ministeries van Economische Zaken en Sociale Zaken, het Openbaar Lichaam Rijnmond, de Europese Commissie en de OESO. Hij heeft verschillende boeken geschreven, meest recentelijk '100 jaar Avondland'. In ons land, alsook in de gehele westerse wereld is het werkgebied van de in origine handelsbanken uitgebreid met allerlei andere activiteiten, zoals het uitgeven van hypotheken voor woningen, het spelen voor effectenmakelaar, het financieren van consumentenkrediet, het afdekken van overheidstekorten. Tenslotte zijn veel en grote banken recent de weg opgegaan van ,,speculative trading”, wat ze beter hadden kunnen overlaten aan hedge funds en dergelijke. Aan al deze uitbreidingen zijn risico’s verbonden die moeilijk in de hand te houden zijn. In de huidige crisissituatie komen zulke risico’s te voorschijn als verliezen, die de reserves aantasten, bij de banken eufemistisch bekend als ,,stroppen”. Tijd voor Keynesiaans stimuleringsbeleid? De regeringen in de westelijke wereld zijn zelf de grootste ontspaarders. De ,,bezuinigingen” – zo die er überhaupt zijn – nemen dit feit niet weg, integendeel, zij doen een aanslag op het inkomen – en dus van de besparingen – van gezinnen en bedrijven. Door het uitlokken van meer bestedingen van de particuliere sector wordt het probleem niet opgelost, maar alleen verschoven. Een beleid van meer bestedingen van de openbare sector zou in die visie helpen de conjunctuur weer op gang te brengen. Tegen zo’n beleid van ,,priming the pump” via meer overheidsuitgaven, zoals in het verleden aanbevolen door Keynes en waar veel economen nog achterstaan (waaronder de Amerikaan Paul Krugman), bestaat echter een aantal bedenkingen. Ten eerste mag men zich afvragen hoe deze meerdere uitgaven worden gefinancierd. Het besparingentekort van de overheid wordt er alleen maar groter door. Voorts is de keynesiaanse theorie gegrond op de gedachte dat gezinnen een vast percentage van hun inkomen besparen. Dat percentage staat in crisissituaties als deze niet meer vast – als het ooit heeft vastgestaan. Gezinnen die het zich kunnen veroorloven besparen meer dan normaal, uit angst voor de mogelijkheid straks in de problemen te komen. Gezinnen die het zich niet kunnen veroorloven besparen helemaal niets, of raken zelfs in de schuld. Huishoudboekjes weer op orde Dat geldt voor gezinnen, banken, bedrijven en last but not least de overheden. Het betekent tegelijk het aanvaarden en afboeken van de opgetreden verliezen. Vanzelfsprekend staat niemand voorop om deze verliezen te dragen. Daardoor loopt alles vast. Met pappen en nathouden, het redden van banken, het schonen of subsidiëren van zwaarwegende belangen schiet het niet op en wordt de depressie alleen maar verlengd. Aldus Hayek. De eerste uitweg: inflatie Bij inflatie gaan namelijk alle prijzen omhoog en worden alle vorderingen en schulden minder waard. Maar ook de inkomens. Dan komen de huishoudboekjes op den duur wel op orde, maar langs een zeer pijnlijke weg. De ellende wordt namelijk op de burger afgewenteld. Het is de weg van de minste weerstand, anoniem en oneerlijk, maar rigoureus en het onvermijdelijk gevolg van een algemeen verzet tegen bezuinigingen en belastingverhogingen. De overheidstekorten nemen toe en kunnen alleen worden gefinancierd met een beroep op de ,,bankbiljettenpers”. Deconfitures Tot nog toe durft men kennelijk banken en andere financiële of gesubsidieerde instellingen of zelfs landen niet failliet te laten gaan. Vooral niet als gewichtige belangen in het geding zijn. Maar daar kan verandering in komen. Bij de weg der deconfitures worden de verliezen niet opgevangen door de staat, de Europese Centrale Bank wordt in dit scenario niet gevraagd om de drukpers te hulp te roepen. In dit scenario komt het teveel uitgeleende geld niet of niet volledig terug bij de uitleners: banken, levensverzekeraars, pensioenfondsen, enz., en via deze weg ook direct of indirect bij het publiek. Deze tweede weg is voor Europa de weg van de meeste weerstand omdat het hoofd geboden wordt aan om hulp roepende belangen. Ontbinding Euro Een derde weg is ontbinding van de Euro, herstel van de nationale valuta en het bieden van de mogelijkheid van devaluatie aan die lidstaten die een fundamenteel tekort op hun betalingsbalans hebben. Dit betekent tevens dat de vorderingen van de overschotlanden op de tekortlanden voor een groot deel worden afgeboekt. Het betreft hier veel leverancierskrediet en andere vorderingen op bedrijven, maar ook hoog rentedragend overheidspapier. Anders gezegd, de verliezen die zijn ontstaan mogen gedragen worden door de overschotlanden. Want het devaluerende land is in feite bankroet. Het voordeel van deze derde weg is dat de concurrentieverhoudingen tussen de lidstaten worden hersteld. Het is de weg die IJsland heeft gevolgd. Daar is de economie weer op gang gekomen. Het is uithuilen en opnieuw beginnen. Europa is er alleen maar bij gebaat. De kredietverleners in de overschotlanden hebben overigens tot nog toe weinig animo vertoond om deze weg begaanbaar te maken. Tenzij de vorderingen in volwaardige Euro’s zouden blijven staan. Maar dan helpt het niet. Zonder pijn zal het niet gaan. Terug naar Inhoud Oproep mbt risicovolle obligaties Bron: AFM Beleggers worden steeds vaker benaderd om te investeringen in obligaties met hoge risico’s. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) wil graag meer inzicht krijgen in dit soort producten. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om obligaties waarmee wordt belegd in zonnepanelen, landbouwgrond, vastgoed, wijn, boeken, hypotheken, aandelen of in MKB. Anders dan bij traditionele obligaties zijn de opbrengsten van deze risicovolle beleggingen essentieel om de obligaties af te lossen. Zie de checklist Beleggen in obligaties voor deze en andere kenmerken van deze risicovolle obligaties. Deel jouw ervaringen met de AFM De AFM roept ook graag jouw hulp in om meer te weten te komen over dit soort producten. Beleg je in dergelijke obligaties of ben je recent benaderd om hierin te investeren? Dan horen wij dat graag. Je kunt de AFM een e-mail sturen en jouw ervaring delen via onderzoeknaarobligaties@afm.nl. Checklist beleggen in obligaties Gebruik deze checklist om na te gaan of een belegging in een obligatie risicovoller is dan je misschien op het eerste gezicht denkt. Kijk vervolgens of deze belegging past binnen je beleggingsdoelstellingen. Kom je er zelf niet uit? Overweeg dan deskundig advies in te winnen. Onderstaande vragen en antwoorden helpen je om de risico’s beter in te schatten. Wordt het geld dat je uitleent aan een bedrijf belegd in een andere onderneming? Bij sommige obligaties gebruikt men het opgehaalde geld om daarmee in andere ondernemingen te beleggen. De opbrengsten van deze beleggingen worden onder andere gebruikt om de obligaties af te lossen. Als belegger ben je afhankelijk van de onderliggende beleggingen en draag je dus het volledige beleggingsrisico terwijl je waarschijnlijk denkt dat je in relatief veilige obligaties investeert. Aan wie leen je het geld uit? En kan de aanbieder het wel terugbetalen? Doe goed onderzoek naar de onderneming aan wie je het geld uitleent. Worden er zekerheden geboden? Wat is daarvan de waarde en wanneer worden deze ingeroepen? Ga ook na wie garanties en zekerheden verstrekt. Bestaat de onderneming nog maar kort? Is dit hun eerste obligatie uitgifte?! Heeft de uitgevende instelling weinig eigen vermogen? Bij een extreme verhouding van vreemd vermogen ten opzichte van het totaal vermogen loop je als obligatiebelegger een verhoogd risico bij een faillissement van de uitgevende onderneming. Bijvoorbeeld bij meer dan 95% vreemd vermogen ten opzichte van 5% eigen vermogen. Beleggers in obligaties staan namelijk bijna achteraan in de rij van schuldeisers en zijn vaak hun geld kwijt bij een faillissement. Een obligatie valt bedrijfseconomisch onder vreemd vermogen, terwijl een aandeel onder eigen vermogen valt. Bij een faillissement heeft eigen vermogen een achtergestelde positie ten opzichte van vreemd vermogen. Maar als het eigen vermogen bijna nihil is loopt een obligatiehouder in veel gevallen een gelijk risico met de aandeelhouder. Een aandeelhouder krijgt echter een hogere vergoeding voor zijn risico bij een eventuele winst. Een obligatiehouder krijgt nooit meer dan de vooraf vastgestelde rente. Is de bedrijfsstructuur ondoorzichtig? Risicovolle aanbiedingen van obligaties kenmerken zich vaak door een complexe (juridische) structuur. Hierbij is het meestal ondoorzichtig welke zekerheden obligatiehouders hebben. Een gelaagde groepsstructuur is hier een voorbeeld van. Een gelaagde groepsstructuur kenmerkt zich door een keten van diverse ondernemingen die elk eigendom zijn van de juridisch bovenliggende maatschappij (de moedermaatschappij). De bestuurders van de diverse individuele ondernemingen zijn dan ook vaak dezelfde personen. Deze gelaagde groepsstructuur wordt vaak onduidelijk en onvolledig weergegeven in de documentatie die hoort bij de obligatie uitgifte. Daarnaast wordt ook vaak een aparte onderneming opgericht, specifiek voor het uitgeven van de obligatie; een Special Purpose Vehicle (SPV). Een complexe bedrijfsstructuur wordt ook vaak gebruikt om te verhullen welke kosten de initiatiefnemer aan de groep in rekening brengt. Deze kosten worden in veel gevallen gefinancierd uit de opbrengst van de obligatie. Voordat er dan rente en aflossing op de obligatie kan worden betaald, moeten eerst deze kosten door de opbrengsten van de beleggingen worden goedgemaakt. Zijn er schijnzekerheden? Zijn hypotheken bijvoorbeeld echt gevestigd, of zijn er partijen die als eerste aanspraak hebben op de zekerheden? Een ander kenmerk van een risicovolle obligatie is de afwezigheid van zekerheden. Een risicovolle obligatie wordt vaak (onder andere) gekenmerkt door een achtergestelde positie ten opzichte van andere schuldeisers. Dit betekent dat het minder zeker is dat je jouw geld terugkrijgt bij een faillissement. Als obligatiebeleggers een tweede hypotheekrecht ontvangen van een onbekende grootte, geeft dit ook een schijnzekerheid. Meestal heeft een bank het eerste hypotheekrecht en bij een faillissement blijft er mogelijk niets over voor de belegger. Bij onwenselijke beleggingen worden deze garanties vaak aangevuld met andere zekerheden die niets voorstellen. Ook worden beleggingen die met de obligaties zijn gefinancierd, vaak als zekerheid geboden. Dit is een schijnzekerheid. Immers als de belegging goed verloopt en het onderpand dus ook iets waard is, zal er over het algemeen geen sprake zijn van een wanbetaling van rente en aflossing op de obligaties. Als  deze beleggingen niet goed verlopen loop je de kans dat er onvoldoende middelen zijn om de rente en aflossing op de obligaties te voldoen. In zo’n geval zal ook de waarde van de beleggingen, en dus het onderpand, onvoldoende zijn. Zijn de kosten die voor rekening van de belegger komen erg hoog? Veel aanbiedingen van risicovolle obligaties kenmerken zich door hoge initiële(eerste) kosten die in veel gevallen ten gunste van de initiatiefnemer komen. Dit betekent dat net na de uitgifte al veel (hoge) kosten worden betaald uit de inleg van de obligatiebeleggers. Deze kosten moeten eerst door de initiatiefnemer worden goedgemaakt uit de beleggingen, voordat er rente en aflossing op de obligatie kan betaald worden. Ga dus goed na of de belegging voldoende rendement oplevert. Ook kunnen er bij obligatie beleggingen hoge doorlopende kosten zijn. Hebben de obligaties een hoog (gegarandeerd) rendement? Een hoog rendement betekent over het algemeen ook een hoog risico. Het is moeilijk om een rendement te garanderen als de inleg moet komen uit beleggingen. Er kunnen zich veel ontwikkelingen voordoen die invloed hebben op het rendement. Als een aanbieder een rendementsgarantie verstrekt, moet hij dat ook kunnen betalen. Dit geldt ook voor garanties voor terugbetaling van de inleg. Meer informatie? Je kunt meer informatie terugvinden in een goedgekeurd prospectus of in een informatiememorandum. Dit informatiememorandum verstrekt de uitgevende instellingen die gebruik maken van een vrijstelling. Vraag ernaar als je deze niet ontvangt. Lees de informatie goed door en maak gebruik van onze checklist. Heb je twijfels, is de informatie onduidelijk of lijkt de informatie onvolledig? Stap dan niet in. Of vraag een deskundige en betrouwbare adviseur om je verder te helpen. Terug naar Inhoud Conjunctuurbeeld verbetert Bron: CBS Van 15 zorgvuldig geselecteerde indicatoren wordt elke maand in één plaatje en in onderlinge samenhang getoond of het “goed”of “slecht”gaat (onder of boven de trendmatige ontwikkeling over een lange periode) en of het “beter”of “slechter”gaat (stijging of daling ten opzichte van de voorgaande periode). Door de foto’s van alle maanden achter elkaar te laten zien wordt een film getoond van het verloop van de conjunctuur. Analyse oktober: Het conjunctuurbeeld is eind oktober iets beter dan eind september. Er waren meer verbeteringen dan verslechteringen in de conjunctuurklok. Het zwaartepunt van de indicatoren in de Conjunctuurklok ligt minder diep in de fase van laagconjunctuur en gaat richting herstel. Op twee na presteren alle indicatoren in de Conjunctuurklok echter nog onder hun langjarig gemiddelde. In de loop van oktober is van alle maandindicatoren in de klok nieuwe informatie beschikbaar gekomen. Hierdoor is de verdeling van de indicatoren over en in de kwadranten veranderd. Het oordeel over de ontvangen orders schuift van het gele naar het groene kwadrant. Deze indicator houdt zijn opgaande fase vast, maar presteert nu ook boven zijn langjarig gemiddelde. Het zwaartepunt van de puntenwolk in de Conjunctuurklok ligt eind oktober minder diep in de fase van laagconjunctuur. Van de vijftien indicatoren staan er zeven in het rode, zes in het gele en twee in het groene kwadrant. Indicatoren in het rode kwadrant hebben een groei onder hun langjarig gemiddelde en de groei neemt af. Ook bij indicatoren in het gele kwadrant ligt de groei onder hun langjarig gemiddelde, maar daar neemt de groei toe. Van de indicatoren in het groene kwadrant ligt de groei boven hun langjarig gemiddelde en neemt de groei toe. Ook van indicatoren in het oranje kwadrant ligt de groei boven hun langjarig gemiddelde, daar neemt de groei echter af. Het Conjunctuurdashboard laat de cyclus van de afzonderlijke indicatoren zien. De Conjunctuurklokindicator laat de cyclus van het zwaartepunt van de puntenwolk zien. Weten hoe de Conjunctuurklok werkt? Bekijk het CBS-filmpje ‘Hoe werkt de Conjunctuurklok?’ op YouTube. Zien hoe de economische crisis verliep? Bekijk het CBS-filmpje ‘De economische crisis in beeld’ op YouTube. Conjunctuurklok in nieuw jasje Beknopte toelichting conjunctuurklok De Conjunctuurklok kunt u zelf bedienen op de CBS - site Klik Hier Terug naar Inhoud Vanaf 2014 betaal je rechtstreeks voor beleggen Bron: AFM Per 1 januari 2014 veranderen de regels rondom de betaling voor beleggen. Hierdoor ga je direct betalen voor de dienstverlening. Wat betekent dit voor jou? Dat betekent dat banken, beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders kosten direct in rekening brengen bij jou als belegger voor beleggingsadvies, vermogensbeheer of execution only. Vroeger betaalde je hen ook al voor hun diensten. Dit bedrag was toen verwerkt in de prijs van het beleggingsproduct. Deze onzichtbare beloning wordt ook wel provisie genoemd. Per 1 januari 2014 mag dit niet meer. Dit wordt het provisieverbod genoemd. Doordat alle kosten overzichtelijk op een rij staan, kan je als belegger beter verschillende dienstverleners vergelijken. Ook kan je bewuster afwegen welke toegevoegde waarde je bank, beleggingsadviseur of vermogensbeheerder levert voor de kosten die hij in rekening brengt. Door de nieuwe regels kan de hoogte van de tarieven die je betaalt veranderen. Ook de manier waarop tarieven worden berekend kan veranderen. Banken, adviseurs en vermogensbeheerders informeren je hierover via hun website, een brief of persoonlijk gesprek. Wat verandert er precies per 1 januari 2014? Na 1 januari is het voor banken, beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders verboden om vergoedingen te ontvangen van beleggingsfondsen. Ook moeten de kosten voor de dienstverlening inzichtelijk zijn. Je beleggingsdienstverlener beheert je vermogen, geeft beleggingsadvies of stelt je in staat zelf te beleggen. Je betaalt hiervoor een vergoeding aan je beleggingsdienstverlener. Ook betaal je een vergoeding aan de aanbieders van beleggingsfondsen of de uitvoerders van transacties voor je beleggingen. Vanaf 1 januari mag die vergoeding niet meer gedeeltelijk worden doorbetaald aan je beleggingsdienstverlener. Dit doorbetalen heet provisie. Per 1 januari 2014 zijn provisies verboden voor beleggingsondernemingen. Lees meer Wat is het doel van het provisieverbod? Wat kan ik van mijn dienstverlener verwachten? Veelgestelde vragen Flyer veranderingen in betalingen voor beleggen Hierin staat alle informatie over het afschaffen van provisie overzichtelijk op een rij. Veel voorkomende vormen van provisie bij beleggingsdienstverlening zijn retourprovisies, distributievergoedingen en aanbrengvergoedingen. Lees meer over: Retourprovisie Distributievergoeding Aanbrengvergoeding Vergelijkingssites: waar moet ik op letten? Wie betaalt voor mijn vergelijking op een vergelijkingswebsite? In sommige gevallen zal de website een vergoeding aan je vragen en betaal je zelf (mee) voor de vergelijking. Vergelijkingswebsites kunnen ook op andere manieren geld verdienen, bijvoorbeeld door reclame op de website. Dit kan ook reclame zijn van beleggingsdienstverleners. Het is dan mogelijk dat je minder betaalt voor de vergelijking of dat je zelfs niks betaalt. Om te weten welke waarde je kunt hechten aan de uitkomsten van de vergelijking moet je meer weten over de vergelijkingssite zelf. Meer informatie waar je op moet letten bij vergelijkingssites. Een tussenpersoon gaat met mij mee op gesprek bij mijn beleggingsdienstverlener. Wie betaalt de tussenpersoon? Jij betaalt de tussenpersoon omdat hij je begeleidt bij je bezoek bij de beleggingsdienstverlener. De beleggingsdienstverlener mag de tussenpersoon niet betalen. Doordat alleen jij de tussenpersoon direct betaalt, is er geen sturing vanuit de beleggingsdienstverlener. Dit draagt bij aan de onafhankelijkheid van de begeleiding van de tussenpersoon. Terug naar Inhoud Effectenportefeuille uit, beleggingsfondsen in Bron: DNB Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af en kiezen meer voor beleggingsfondsen Nederlandse huishoudens hebben  de waarde van hun effectenportefeuille de afgelopen drie jaar met EUR 7 miljard  zien afnemen. De samenstelling van de portefeuille is tevens gewijzigd. Obligaties zijn uit de gratie geraakt, terwijl beleggingsfondsen juist een hoge vlucht hebben genomen. Dit blijkt uit een DNB-onderzoek naar de beleggingen van Nederlandse  huishoudens vanaf januari 2010, enkele maanden voor het uitbreken van de schuldencrisis.   Bedroeg de waarde van de effectenportefeuille (beleggingsfondsen, aandelen en schuldpapier) in januari 2010 EUR 95 miljard, in juni van dit jaar is dat gedaald tot EUR 88 miljard. Deze afname van EUR 7 miljard is de resultante van twee tegengestelde ontwikkelingen. De verkoop van effecten heeft per saldo tot een waardedaling van EUR 14 miljard geleid, terwijl koersstijgingen over dezelfde periode juist voor een vermogensaanwas van EUR 7 miljard zorgden.   Huishoudens verkochten in de periode januari 2010 tot en met juni 2013 per saldo schuldpapier en aandelen, terwijl beleggingsfondsen juist werden aangeschaft. Vooral schuldpapier uitgegeven door financiële ondernemingen en overheden zijn van de hand gedaan. Tussen medio 2011 en medio 2012 was een lichte versnelling zichtbaar in de netto verkoop van effecten door huishoudens. Vanaf de tweede helft van 2012 verbeterde het beursklimaat weer en hebben huishoudens de omvang van hun portefeuille nauwelijks aangepast. De aankopen en verkopen houden elkaar dan redelijk in evenwicht (zie figuur 1a). De koersstijgingen sinds januari 2010 ter grootte van  EUR 7 miljard zijn grotendeels behaald vanaf juni 2012. In de periode daarvoor zorgde het slechte beursklimaat voor een verdamping van alle (papieren) koerswinsten die tussen januari 2010 en april 2011 waren behaald. Gecumuleerd over de gehele periode zijn de sterkste koerswinsten behaald op beleggingsfondsen (grafiek 1b).   Met een waarde van EUR 47 miljard maken beleggingsfondsen in juni van dit jaar 53% uit van de waarde van de totale effectenportefeuille. Drieëneenhalf jaar eerder was dat 47%. Aandelenfondsen (EUR 25 miljard) genieten de meeste belangstelling, gevolgd door obligatiefondsen (EUR 12 miljard). De overige EUR 10 miljard is verdeeld over gemengde fondsen, vastgoedfondsen en geldmarktfondsen.     Schuldpapier is in juni 2013 met een waarde van EUR 11 miljard goed voor 13% van de totale waarde van het effectenbezit van huishoudens, een halvering van het  aandeel begin 2010 (26%).    Het belang van aandelen in de portefeuille is gestegen van 27% in 2010 naar 34% in juni 2013. Van de EUR 30 miljard die huishoudens dit jaar in aandelen hebben belegd, zit bijna de helft (EUR 13 miljard) in AEX-fondsen. In de periode januari 2010 tot en met juni 2013 hebben huishoudens per saldo zo’n EUR 2 miljard aan AEX aandelen van de hand gedaan. Van alle afzonderlijke AEX-aandelen hebben Nederlandse huishoudens het meeste geld belegd in aandelen van Royal Dutch Shell (EUR 4 miljard, zo’n dertig procent van de waarde van de AEX-portefeuille van gezinnen), gevolgd door ING Groep en Unilever. Hele Artikel:  Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af (PDF: 280.7 Kb)  Klik hier om te downloaden Terug naar Inhoud Welvaart en Leefomgeving – Horizonscan Bron: CPB | Economische beleidsanalyse Het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) heeft in samenwerking met het CPB (Centraal Planbureau), een aantal belangrijke mondiale en nationale trends voor welvaart en leefomgeving op een rij gezet en daarnaast vier onwaarschijnlijke trends verkend. Welvaart en Leefomgeving – Horizonscan Download (PDF document, 2.4 MB) | CPB Boek 9 | 10-10-2013 | 90 pagina's | ISBN 978-94-91506-45-1 Dit boek is in gedrukte vorm vanaf eind oktober 2013 te bestellen via het Planbureau voor de Leefomgeving  zie www.pbl.nl. Ook is dit boek online te lezen klik hier Economische groei, pensioengarantie, stijgende huizenprijzen en een stabiele bankensector vormen sinds het begin van de crisis in 2008 niet langer de pijlers onder de Nederlandse welvaart. Tegelijkertijd hebben politiek en bestuur steeds minder mogelijkheden om ontwikkelingen in de door de samenleving gewenste richting te sturen. Onzekerheid over hoe we onze welvaart kunnen behouden wakkert de roep om toekomstverkenningen aan. In de deze publicatie ‘Welvaart en Leefomgeving – Horizonscan’ heeft het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving), in samenwerking met het CPB (Centraal Planbureau), een aantal belangrijke mondiale en nationale trends op een rij gezet en daarnaast vier onwaarschijnlijke trends verkend. PBL en CPB benoemen niet alleen trends, maar gaan ook in op de onzekerheid hoe deze zich in de toekomst zullen ontwikkelen. Hiermee hebben de planbureaus een aanzet geleverd voor een nieuwe toekomstverkenning op het terrein van welvaart en leefomgeving (WLO), waarvan het eerste deel naar verwachting in het voorjaar van 2014 zal verschijnen. In het verleden is de WLO door politiek en beleid gebruikt bij afwegingen rondom investeringen voor infrastructuur en stedelijke ontwikkelingen. De laatste WLO verscheen in 2006: ruim voor het begin van de huidige crisis.  Lees meer op CPB website Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

5 november 2013

...

Nieuwsbrief20130914 Symp61-4

61-ste HCC Beleggen Symposium   "Het beste van de beurs" Sprekers, Standhouders, Groepen op 5 oktober 2013 in De Bilt Symposiumbrief  4 Introductie 61ste HCC Beleggen Symposium Sprekers Standhouders HCC Beleggen Regio- en Belangstellings groepen Meedoen kan Rooster Aanmelden en Routebeschrijving 61-steHCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven. Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië. Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf. Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. Terug naar inhoud Sprekers Bron: Redactie Bob Hendriks     BlackRock Jaap-Jan Fit       Wereldhave Tom Muller          Theodoor Gilissen Niels Faasen      Morningstar Joost Slooten     Arcadis Philippe Dasonville  WH Selfinvest Marco Vocking         vocking.nl Harry Klip                  Option Academy Ruerd Heeg Anne Grevinga Bob Hendriks, Sales Director bij BlackRock,  geeft ons inzicht in de:  "Huidige kansen en risico’s met betrekking tot beleggen in grondstoffenaandelen na de prijzenval in de laatste twee jaar". (edele metalen, basismetalen en energie) In een wereld die sneller dan ooit verandert, biedt BlackRock houvast aan beleggers die hun mogelijkheden maximaal willen benutten en behoefte hebben aan duidelijkheid over risico’s. BlackRock is in alle facetten een mondiaal bedrijf, dat de voordelen van een wereldwijd perspectief combineert met lokale aanwezigheid en dienstverlening. Wij beheren vermogen voor cliënten in Noord- en Zuid-Amerika, Europa, Azië, Australië, het Midden-Oosten en Afrika. Bij BlackRock werken ruim 10.000 beleggingsdeskundigen, in 30 landen over de hele wereld. Tot onze cliënten behoren pensioenfondsen, overheden, verzekeringsmaatschappijen, beleggingsfondsen van derden, liefdadigheidsinstellingen, stichtingen, grote bedrijven, staatsfondsen, banken, professionele en particuliere beleggers. Als grootste onafhankelijke wereldwijde vermogensbeheerder beheert BlackRock (31 december 2012) een totaal vermogen van US$ 3.792 miljard, verdeeld over aandelen, obligaties, liquiditeiten, alternatieve beleggingen en vastgoed. Jaap-Jan Fit laat ons zien waarin Wereldhave gaat investeren. Wereldhave is een vastgoed beleggingsmaatschappij met overwegend winkelcentra in portefeuille. Deze laatste zijn met name gelegen in Noordwest Europa en Parijs. Wereldhave is een beleggingsmaatschappij met veranderlijk kapitaal (closed-end). De uitgifte en inkoop van aandelen vinden plaats bij besluit van de Directie. Aandelen Wereldhave worden verhandeld op de beurs van NYSE Euronext in Amsterdam (AMX). Wereldhave heeft de fiscale status van beleggingsinstelling (FBI) en betaalt daardoor in Nederland feitelijk geen vennootschapsbelasting. Ontwikkelingsactiviteiten in Nederland zijn wel onderworpen aan de vennootschapsbelasting. Wereldhave heeft een vergunning op grond van de Wet op het financieel toezicht. De beleggingen in België bestaan uit een belang van 69,41% in de op Euronext Brussel genoteerde vastgoedbevak Comm. VA Wereldhave Belgium SCA. De beleggingen in Frankrijk vallen onder het SIIC regime (Sociétés d’Investissements Immobilières Cotées). Aandeel Wereldhave is sinds 1946 genoteerd aan de effectenbeurs in Amsterdam (AMX). Op 31 december 2012 stonden 21.679.608 gewone aandelen en 10 prioriteitsaandelen A uit. Er stonden geen prioriteitsaandelen B en preferente aandelen uit. Tom Muller van Theodoor Gilissen bespreekt op 5 oktober enige kansrijke ondernemingen. Small- en midcaps bieden op langere termijn gemiddeld een hoger rendement dan de hoofdfondsen. Theodoor Gilissen is een private bank met dienstverlening op het gebied van beleggen (beleggingsadvies en vermogensbeheer), financiële planning, inkomens- en vermogensstructurering en financieren. Theodoor Gilissen bedient al meer dan 130 jaar vermogende particulieren, ondernemers, stichtingen, verenigingen, religieuze instellingen en pensioenfondsen. Voor zelfstandige vermogensbeheerders treden wij op als depotbank. Niels Faassen van Morningstar  zal u middels zijn presentatie wegwijs maken in het beleggingsfondsenlandschap. Daarnaast biedt Niels u handvatten bij het selecteren van de beste beleggingsfondsen in het universum door u inzicht te geven in de manier waarop Morningstar beleggingsfondsen analyseert en beoordeelt. Tot slot zal Niels een selectie van de favoriete fondsen van Morningstar met u delen en bespreken. Morningstar, Inc. is een toonaangevende leverancier van onafhankelijk beleggingsonderzoek. Onze missie bestaat erin goede producten te creëren die beleggers helpen hun financiële doelstellingen te verwezenlijken. Wij bieden een uitgebreide waaier van internetproducten, software en producten in drukvorm voor particuliere beleggers, financieel adviseurs en institutionele cliënten over de hele wereld. Morningstar is een vertrouwde bron voor inzichtelijke informatie in een waaier van beleggingsdisciplines. Met activiteiten in 27 landen bieden wij momenteel gegevens over ongeveer 422.000 beleggingsproducten. Morningstar Nederland werd in 2000 in Amsterdam geopend en heeft zijn beleggingswebsite, morningstar.nl, in 2001 geïntroduceerd. De website biedt toegang tot en objectieve informatie over fondsen die beschikbaar zijn voor verkoop aan particuliere beleggers in Nederland. Ook biedt de site onafhankelijke redactionele informatie van analisten en journalisten van Morningstar in Amsterdam en over de hele wereld. Joost Slooten biedt ons een inkijk in de mooie wereld van Arcadis Arcadis is een snelgroeiende toonaangevende advies-, ontwerp-, projectmanagement en ingenieursorganisatie die oplossingen levert op de gebieden infrastructuur, water, milieu en gebouwen. Na de watersnoodramp in New Orleans enige jaren terug, stond Arcadis volop in de schijnwerper vanwege haar know how op het terrein van waterbouwkunde Arcadis verbetert mobiliteit, duurzaamheid en de kwaliteit van leven door balans aan te brengen in de gebouwde en natuurlijke leefomgeving.  Arcadis ontwikkelt, ontwerpt, implementeert, onderhoudt en exploiteert projecten voor bedrijven en overheden. Philippe Dassonville van WH Selfinvest presenteert een eenvoudige tradingstrategie op de EUR/USD, die op preciese tijdstippen scalping posities inneemt op basis van 3 trendindicatoren. U leert hoe u zonder kennis van programmeren deze strategie volautomatisch of manueel kunt toepassen op het valutapaar EUR/USD. Een handelssysteem met lage drawdown en hoge probabiliteit met duidelijke instapsignalen, koersdoelen en specifieke stoplos-orders. WH SELFINVEST S.A., opgericht in 1998, heeft een broker vergunning (nr. 42798), een commissionaire vergunning (nr. 36399) en een vermogensbeer vergunning (nr. 1806) uitgereikt door het Luxemburgse Ministerie van Financiën. De vennootschap heeft een Europees paspoort. Het geregistreerde bijkantoor in België heeft de bijkomende goedkeuring van de "Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten". Het geregistreerde bijkantoor in Frankrijk heeft de bijkomende goedkeuring van de "Autorité des Marchés Financiers" en "Banque de France". Het infokantoor in Nederland is geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten. En het bijkantoor in Duitsland is geregistreerd bij de "Bundesanstalt für Finanzdienstleistungsaufsicht". De vennootschap wordt gecontroleerd door een externe én een interne auditor. WH SelfInvest bedient zowel particuliere als institutionele beleggers. Het klantenbestand bestaat uit cliënten uit 28 verschillende landen. Marco Vocking, systeemhandelaar,  zal in deze presentatie ons een zeer overzichtelijk Amerikaans handelssysteem tonen. Het betreft een presentatie van een handelssysteem die alle facetten bevat die u nodig heeft om op de beurs te slagen! U kunt met dit systeem op elke gewenste markt werken. De volgende onderwerpen komen aan bod: U leert de basis van het traden en alle belangrijke punten waar u op moet letten tijdens het traden. De unieke trading indicatoren omvatten een robuust trading systeem en zijn ontwikkeld voor de trader die graag wil handelen op alle valuta- en futuremarkten. Het systeem geeft onder andere duidelijke long- en shortsignalen, de trend (down of up), uitbraken en trailing stops aan. Dit alles wordt weergegeven in zeer overzichtelijke grafieken. Na jaren van ontwikkeling worden deze indicatoren gebruikt door handelaren over de hele wereld om elke dag weloverwogen beslissingen te nemen in de beurshandel. Unieke grafieken Kleur van de achtergrond: hiermee kunnen we heel snel herkennen of we long of short gericht zijn. Bij een groene achtergrond doen we uitsluitend long posities en bij een roze achtergrond doen we uitsluitend short posities. Kleur van de candles: de candles kleuren blauw in een stijgende markt en rood in een dalende markt. Indien de candles geel zijn beweegt de markt zich zijwaarts. Stop-dots: tijdens een longsignaal bevinden de blauwe stop-dots zich onder de koers en tijdens een shortsignaal bevinden de rode stop-dots zich boven de koers. Zo weet u direct waar u de stop moet plaatsen. Stealth: Wanneer er een groene Stealth onder de koers verschijnt hebben we te maken met een stijgende markt. Wanneer er een rode Stealth boven de koers verschijnt hebben we te maken met een dalende markt. Tradingroom Naast het gebruik van de speciale indicatoren bent u dagelijks welkom in de tradingroom. Dat betekent dat u vanaf uw eigen werkplek inlogt in de tradingroom om de trades van ervaren traders te kunnen volgen die met de zelfde indicatoren werken. High Energy Times Deze service filtert financiële instrumenten waar een breakout of een potentiële grote beweging wordt verwacht in de handelssessie door middel van een zeer geavanceerde analyse. Het geeft aan wanneer de trader een hogere dan normale beweging kan verwachten in een bepaalde index. Deze tijden worden door middel van een smalle band weergegeven in uw grafiek, zodat u heel eenvoudig kunt zien of de koers zich boven of onder de band bevindt en u op die manier heel eenvoudig uw positie kunt bepalen. Training Vier keer per week worden er webinars gehouden om u de fijne kneepjes van het traden te leren en hoe u op de juiste wijze de indicatoren tijdens het traden kunt gebruiken. Alle webinars worden opgenomen, zodat u ze op ieder gewenst moment nog eens terug kan kijken. Indien u vragen heeft over ons trading systeem of als u geïnteresseerd bent en hier dagelijks mee aan de slag wilt, bent u van harte welkom op onze stand. Wij staan u graag te woord!  Website: Vocking.nl Harry Klip van de Option Academy zal u leren hoe u veilig en verantwoord met opties kunt beleggen. Tijdens zijn presentatie komen onder andere aan de orde: Driepoot-strategie De driepoot is een combinatie van een short strangle en een long call of put. Hoewel niet zonder risico door een ongedekt geschreven positie is dit vanwege de hoge hefboom evenzeer heel kansrijk. U zult merken dat er hoge rendementen mogelijk zijn als de visie uitkomt en weinig kost als de visie niet helemaal uitkomt. Daarom is dit een favoriete Optiestrategie van Optie Academy. Optiestrategie in zijwaartse markt De Butterfly is een optiestrategie met drie uitoefenprijzen, waarbij de ranges en dus de maximale winst en verliezen al vooraf duidelijk zijn. U zult leren hoe u een butterfly kunt opzetten en dat vooral in een zijwaartse markt deze strategie kansrijk kan zijn met een lage investering. Harry heeft een eigen marketmakersbedrijf gehad op Euronext, heeft optiehandelaren opgeleid voor o.a. de voorloper van All Options en Hak options en was beursanalist op TV bij RTLZ. Ook heeft hij managementervaring opgedaan bij Sigma Derivatives en Today’s Beheer en Brokers. In 2012 heeft Harry Klip zelf het beursspel ‘petje op, petje af’ van ruim 400 deelnemers gewonnen bij de RTLZ Theatertour.. In 2011 hebben ze Optie Academy opgericht en verzorgen trainingen en masterclasses op derivatengebied en zijn ook begonnen met hun abonneeservice, Optie Aanbevelingen. Ook mindset en money management staat hoog in het vaandel bij Optie Academy. Samen met Jan Robert weet hij hoe je opties moet toepassen in de praktijk en kunnen zij u helpen om een betere optiebelegger te worden. Ruerd Heeg, auteur van het boek "Aandelen selecteren als waardebelegger",  vertelt in zijn presentatie waarom particuliere beleggers meestal minder goed beleggen dan professionele waardebeleggers. Hij doet dat door een aantal denkfouten te bespreken die particuliere beleggers vaak maken en waarom ze dat doen. Vervolgens legt hij uit hoe professionele waardebeleggers bedrijven analyseren. Ook gaat hij in op welke aandelen de meeste waardebeleggers vermijden. Tenslotte bespreekt hij een aantal beleggingsstrategieën van waardebeleggers in detail. De afgelopen 15 jaar hebben beleggers gemiddeld maar een matig rendement geboekt. Sommige beleggers hebben het echter veel beter dan de markt gedaan. Wie zijn dat? En wat doen ze dan beter? Vooral professionele waardebeleggers hebben een hoger rendement gehaald. Deze beleggers beleggen onder meer in minder bekende, riskantere en daardoor lager gewaardeerde aandelen. Waardebeleggen is overigens niet nieuw: de leermeester van superbelegger Warren Buffett schreef er in 1934 al een boek over. In het Nederlands is er helaas nog maar weinig over geschreven. Ruerd Heeg is een van de weinigen. Anne Grevinga geeft een presentatie met de intrigerende titel: "Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van fundamentele analyse" Anne Grevinga was als product specialist werkzaam voor 2 Amerikaanse biotechnologie bedrijven. Zijn hobby's zijn programmeren en beleggen. Het ligt met deze hobby's dan ook voor de hand dat hij beleggingsmodellen is gaan ontwikkelen. Anne veronderstelt dat er in beleggersland veel te weinig wordt gedaan aan FA. Mede daardoor gaat zijn presentatie over een model dat is gebaseerd op Fundamentele Analyse (FA). Maandelijks wordt een updating gedaan van ons FAB-model (Fundamenteel Analyse Beoordelings-model). Hierin worden bedrijven per sector beoordeeld op basis van het gemiddelde van de sector. Dit resulteert in 18 criteria waarop een bedrijf wordt beoordeeld. Met deze criteria wordt een fondsranking per sector gedaan. Tevens wordt van de belangrijkste FA-criteria retrospectief gekeken hoe ze zich hebben ontwikkeld, dat weer een ander inzicht geeft over de prestaties van een bedrijf. Op deze wijze wordt zowel voor de korte- als ook voor de lange termijn een Top20 samengesteld, die aantoonbaar mooie rendementen opleveren.   Kortom een presentatie, die u niet mag missen omdat alle gegevens elke maand gratis beschikbaar komen en u toch ook hoge rendementen wilt halen Terug naar inhoud Standhouders: Bron: Redactie Forest Bergen Analist.nl Foxware Optie Academy WH Selfinvest Advancebeleggen Lynx HCC de vereniging Edelmetaal-info.nl Vocking Loef Technische Analyse Vereniging van Verzamelaars van Oude Fondsen Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders.  Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitraderem Metastock software software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie:    Nieuws & Analyse Analist.nl biedt gratis overzichten van koop- en verkoopadviezen van Europese en Amerikaanse aandelen afgegeven door gerenommeerde (effecten)banken. Ook biedt Analist.nl inzicht in de behaalde rendementen op de afgegeven adviezen van deze instellingen. De koop- en verkoopadviezen worden de gehele dag door gevolgd en geupdate door een team van onafhankelijke researchers. Momenteel inventariseert Analist.nl een 700-tal aandelen uit de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, België, Duitsland, Nederland en Zwitserland. De informatie wordt gratis verspreid via de website http://www.analist.nl/ en via een digitale nieuwsbrief welke wekelijks wordt verspreid. Wilt u zich gratis en vrijblijvend aanmelden voor deze nieuwsbrief, dan kan dat op de website. Analist.nl genereert haar inkomsten via advertenties die worden geplaatst op de website en in de nieuwsbrieven. Ratings · Aandelen Amsterdam       Alle Nederlandse ratings Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit ondersteunt al meer dan 23 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 8 jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 15 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd. Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Bij Optie Academy leert u praktijkgericht professioneel beleggen. Optie Academy is opgericht door Harry Klip en Jan Robert Schutte. Deze ervaren oud optie- en futurehandelaren zijn gespecialiseerd in derivaten, zoals futures en opties. Harry Klip is na zijn studietijd aan de HEAO-Bedrijfseconomie, sinds de begin jaren ’90 professioneel actief in opties en was oprichter van een optiebedrijf. Jan Robert Schutte is sinds 1996 actief op de aandelen- en derivatenmarkten en was van 2000 tot 2004 onder meer verantwoordelijk voor research, optiestrategieën en aandeel van de dag bij Binck. Optie Academy biedt: Seminars, masterclasses en trainingen op het gebied van aandelen, opties en futures. Individuele coaching bij het handelen in opties en futures. Praktische optiestrategieën. Ondersteuning om van u een betere future- en optiebelegger te maken. Duidelijke en concrete handelsstrategieën. Kijk voor meer informatie op onze website Bekijk ook onze nieuwste video "Optie Academy voor een optimaal resultaat" WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel in futures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 33 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com   AdvanceBeleggen.nl Succesvol beleggen in aandelen, obligaties, grondstoffen en beursgenoteerd vastgoed door middel van een  “Absolute Return” strategie. Voorts aanbevelingen m.b.t. kansrijke beleggingsproducten van grootbanken via de nieuwsbrieven van Advance. Loef Technische analyse maakt onderdeel uit van het beleggingsbeleid. Geïnteresseerd in een gratis proefabonnement? Meld u aan via www.advancebeleggen.nl  Abonnees die overtuigd zijn van de kansen van deze strategie en de beheersbare risico’s, maar  over  onvoldoende kennis en ervaring beschikken om dit zelf te doen, kunnen alsnog dit doel bereiken door hun beleggingsportefeuille in handen te geven van OVG (Onafhankelijk Vermogensbeheer ‘s-Gravenhage. Mogelijk vanaf € 2 ton. Wealth Management vanaf € 1 mln. Voor meer info ga naar www.ovgbeheer.nl  Voorts biedt OVG “Garantiebeleggen” aan beleggers met een behoedzaam risicoprofiel. Onder garantiebeleggen wordt verstaan het opbouwen van een beleggingsportefeuille, nagenoeg geheel bestaande uit beleggingsvormen met 100% hoofdsomgarantie. Lynx is in 2006 opgericht en sinds 2007 actief op de Nederlandse markt. Door het grote succes in Nederland heeft Lynx besloten om haar diensten ook in het buitenland aan te bieden. Sinds 2008 is Lynx ook actief in België en Duitsland. Lynx is ook met een stand aanwezig tijdens het HCC Beleggen Symposium. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 80 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading HCC de vereniging Contact!  en Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers! HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 28 september 2013 voor meest recente pagina kijk op: http://www.hcc.nl  Edelmetaal-info verzamelt en presenteert nieuws en informatie op het gebied van beleggen, investeren en traden: in fysiek edelmetaal, zoals goud, zilver, platina en palladium mijnbouwaandelen alsmede afgeleide beleggingsproducten van edelmetalen, zoals: turbo’s, speeders, ETF, sprinters, trackers, beleggingsfondsen, certificaten Nieuws, commentaren, meningen m.b.t. maatschappelijke en economische stromingen en invloeden op mogelijk enig edelmetaal worden tevens gepubliceerd. Edelmetaal-info bevordert de discussie en informatie over bovengenoemde zaken o.a. door nieuws, columns, competitie, signaleren opmerkelijke zaken, interviews. Tevens brengt Edelmetaal-Info.nl ook elke week een gratis nieuwsbrief uit. Edelmetaal-Info bezigt 2 motto's: Alle informatie op deze site is het startpunt voor je eigen onderzoek Koop fysiek edelmetaal of afgeleide producten alleen als je begrijpt wat je koopt en dus weet wat de risico's zijn. Ons bedrijf is opgericht in 1992 met de levering van hardware en software. Sinds 1999 zijn we volledig gespecialiseerd in trading software met alle daaraan gekoppelde diensten. Zo leveren wij complete systemen en verzorgen wij volledige cursussen voor daytraders. NinjaTrader Education Partner: Als officieel Education Partner van NinjaTrader hebben wij de exclusiviteit van twee Amerikaanse handelssystemen. Door de intensieve samenwerking met onze partners bieden wij onze klanten een complete oplossing die een grote bijdrage levert aan hun succes. Ter ondersteuning aan onze klanten bieden wij complete cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. www.vocking.nl Op onze stand bent u van harte welkom om kennis te maken met een van onze handelssystemen. Wij staan u graag te woord. LOEF Technische Analyse levert onafhankelijke technische analyses aan professionele financiële instellingen, w.o. (private) banken en zelfstandig vermogensbeheerder en is fundmanager van het recent opgerichte LOEF Technische Analyse Fonds. Via zijn website www.edwardloef.com kunnen particuliere beleggers kennis nemen van zijn inzichten.   LOEF maakt gebruik van de klassieke technische analyse om trends en trendomslagen te signaleren en visualiseert het onderscheid tussen de verschillende fasen in de cyclus van beurskoersen aan de hand van zijn (LOEF)methode. LOEF Technische Analyse verzorgt presentaties, cursussen en consultancy-werkzaamheden en publiceert wekelijks een digitale nieuwsbrief over de belangrijkste trends en technische signalen.   In zijn stand geeft hij graag een demonstratie van zijn markt- en handelsvisie, zodat u kunt beoordelen wat hij voor u persoonlijk kan betekenen. De Vereniging van Verzamelaars van Oude Fondsen heeft ten doel het verzamelen van oude fondsen ( aandelen, obligaties, winstbewijzen en overige effecten ) te stimuleren. De vereniging, die sinds 1978 bestaat, telt momenteel ongeveer 150 leden. Tevens zijn er nog 100 à 200 verzamelaars, die in los verband ongeveer hetzelfde beogen. Het is een zeer interessant hobby-gebied, waarbij de meer dan normale belangstelling voor ons verleden geactiveerd wordt. Naast het ondernemen zijn ook aspecten als politiek, cultuur, godsdienst, sociale omstandigheden, welvaart of faillissement een uitdaging voor nader onderzoek door de zogenoemde scripofilist. Het is een nog jong ( jaren '70 ) verzamelgebied. De bekendheid in Nederland is dan ook nog gering te noemen. Als vereniging vinden wij dat ook het cultuur-erfgoed van de oude effecten, al dan niet via particuliere verzamelingen, bewaard dient te blijven. Om de bekendheid van oude effecten te vergroten en te stimuleren zijn er door ons al diverse activiteiten ontplooid. Dit betrof voornamelijk het organiseren van beurzen en veilingen evenals het geven van voorlichting. Door "fonds"-werving konden wij starten met een opzet voor de eerste Nederlandstalige catalogus van oude effecten, die deels al is uitgegeven. Deze catalogus bevat feiten, bijzonderheden en afbeeldingen van nog bekende oude aandelen, obligaties, oprichters- en winstbewijzen. Om een verdere bekendheid te realiseren komen wij naar het HCC Beleggen Symposium om acte de préséance te geven met diverse fraaie voorbeelden van oude effecten. Wat wij laten zien is: · dat zowel het heel oude als het onlangs nog uitgegeven effect aan de wieg staan van diverse soorten ondernemingen en organisaties, van klein gebleven maar ook van expanderende bedrijven en/of risicovolle transacties; · dat dit een ( on ) begrensde veelzijdigheid inhoudt qua branchegebieden; · dat er een grote diversiteit te bespeuren valt in vormgeving en kleurigheid van deze papieren; · dat er ook veel te vertellen valt over verzamelvoorkeuren, druktechnieken, namaak, stempelingen, afwaarderingen, waardebepaling en verzorging Ook geven wij voorlichting over het “beleggen” in OUDE FONDSEN. Daarnaast zal er promotiemateriaal klaar liggen, zoals verenigingsbladen, catalogussen etc. en nemen wij verzamelwaardige stukken mee, die eventueel ook aangekocht kunnen worden. Dat kan voor uzelf, maar ook als een uniek personeels- of relatiegeschenk fungeren. Kortom wij willen u kennis laten maken met een interessant verzamelgebied, wat meer bekendheid verdiend. Terug naar inhoud HCC Beleggen Regio- en Belangstellings groepen Bron: Redactie Beleggen kan een lucratieve en fascinerende hobby zijn, maar er zijn ook risico's aan verbonden. Kennis en vaardigheden zijn noodzakelijke voorwaarden voor duurzaam succes. Door bijeen te komen kunnen beleggers van elkaar leren. Daarnaast is bijeenkomen met gelijkgestemden een belangrijk ingrediënt voor gezelligheid. Daarom worden er naast de beleggingssymposia ook regionale bijeenkomsten gehouden. Momenteel zijn de volgende Regiogroepen actief binnen de HCC Beleggen: Regiogroep Overijssel / Flevoland (ROF)  Computerbeleggersgroep Zuid-Holland Noordbeleggen (Friesland, Groningen en Drenthe) Studie-beleggersclub Helmond In oprichting is een regiogroep in Noord-Holland Regiogroepen komen in de regel op doordeweekse avonden bijeen en behandelen vrijwel alles op het gebied van beleggen. Het deelnemen aan deze groepen is niet alleen leuk, maar ook bijzonder leerzaam. Naast bijeenkomsten van regiogroepen worden er regelmatig op verschillende locaties in het land bijeenkomsten gehouden van Belangstellingsgroepen. Leden kunnen zich bij dergelijke groepen aansluiten om zo snel en effectief vaardigheden op de gewenste terreinen te ontwikkelen. Actieve Belangstellingsgroepen binnen de HCC Beleggen zijn: COSA (belangstellingsgroep voor fundamentele analyse) Belangstellingsgroep Daytraden Van alle genoemde groepen zijn leden aanwezig op het HCC Beleggen Symposium van 13 april 2013. Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat.   RG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Terug naar inhoud Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij voortdurend op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ook deelname aan redactie van de website, de nieuwsbrieven, het beheren van het forum of website of delen daarvan behoort tot de mogelijkheden. Ook zonder deel uit te maken van de organisatie kunt u vanzelfsprekend ook meedoen aan een van de Regio- of Belangstellingsgroepen. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Rooster Bron: Redactie  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Bob Hendriks    Black Rock Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Philippe Dassonville Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Jan-Jaap Fit Wereldhave Waarin gaat Wereldhave investeren? Marco Vocking Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Tom Muller   Theodoor Gilissen Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip Verantwoord beleggen in opties 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Niels Faassen Morningstar Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Ruerd Heeg Aandelen selecteren als waardebelegger 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Joost Slooten Arcadis Arcadis een wereldbedrijf Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse Terug naar inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013 Bron: HCC Beleggen redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium "Het beste van de beurs" waneer 5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 61-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

29 september 2013

...

Nieuwsbrief20130914 Symp61-3

61-ste HCC Beleggen Symposium   "Het beste van de beurs" Sprekers op 5 oktober 2013 in De Bilt Symposiumbrief  3 5 oktober: 61ste HCC Beleggen Symposium Programma overzicht Jaap-Jan Fit: Waarin gaat Wereldhave investeren Tom Muller: Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip: Verantwoord beleggen in opties Standhouder: Loef Technische Analyse Standhouder: Edelmetaal-info.nl Standhouder: Vereniging van Verzamelaars van Oude Fondsen Standhouder: HCC Beleggen Aanmelden en routebeschrijving 61-steHCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven. Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië. Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf. Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Programma van het 61ste HCC Beleggen Symposium Bron: Redactie  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Bob Hendriks    Black Rock Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Philippe Dassonville Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Jan-Jaap Fit Wereldhave Waarin gaat Wereldhave investeren? Marco Vocking Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Tom Muller   Theodoor Gilissen Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip Verantwoord beleggen in opties 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Niels Faassen Morningstar Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Ruerd Heeg Aandelen selecteren als waardebelegger 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Terug naar inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar inhoud Jaap-Jan Fit: Waarin gaat Wereldhave investeren Bron: Redactie Wereldhave is een vastgoed beleggingsmaatschappij met overwegend winkelcentra in portefeuille. Deze laatste zijn met name gelegen in Noordwest Europa en Parijs. Jaap-Jan Fit laat ons zien waarin Wereldhave gaat investeren. Wereldhave is een beleggingsmaatschappij met veranderlijk kapitaal (closed-end). De uitgifte en inkoop van aandelen vinden plaats bij besluit van de Directie. Aandelen Wereldhave worden verhandeld op de beurs van NYSE Euronext in Amsterdam (AMX). Wereldhave heeft de fiscale status van beleggingsinstelling (FBI) en betaalt daardoor in Nederland feitelijk geen vennootschapsbelasting. Ontwikkelingsactiviteiten in Nederland zijn wel onderworpen aan de vennootschapsbelasting. Wereldhave heeft een vergunning op grond van de Wet op het financieel toezicht. De beleggingen in België bestaan uit een belang van 69,41% in de op Euronext Brussel genoteerde vastgoedbevak Comm. VA Wereldhave Belgium SCA. De beleggingen in Frankrijk vallen onder het SIIC regime (Sociétés d’Investissements Immobilières Cotées). Aandeel Wereldhave is sinds 1946 genoteerd aan de effectenbeurs in Amsterdam (AMX). Op 31 december 2012 stonden 21.679.608 gewone aandelen en 10 prioriteitsaandelen A uit. Er stonden geen prioriteitsaandelen B en preferente aandelen uit. Terug naar inhoud Tom Muller: Meest kansrijke nederlandse aandelen Bron: Redactie Small- en midcaps bieden op langere termijn gemiddeld een hoger rendement dan de hoofdfondsen. Tom Muller bespreekt op 5 oktober enige kansrijke ondernemingen. Theodoor Gilissen is een private bank met dienstverlening op het gebied van beleggen (beleggingsadvies en vermogensbeheer), financiële planning, inkomens- en vermogensstructurering en financieren. Wij bedienen al meer dan 130 jaar vermogende particulieren, ondernemers, stichtingen, verenigingen, religieuze instellingen en pensioenfondsen. Voor zelfstandige vermogensbeheerders treden wij op als depotbank. Terug naar inhoud Harry Klip: Verantwoord beleggen met opties Bron: Redactie Financiële markten zijn een zeer breed vakgebied. Binnen dit vakgebied heeft Optie Academy zich gespecialiseerd in derivaten, zoals futures en opties. Harry en Jan Robert kennen elkaar van Euronext waarzij actief waren als optiehandelaren. Harry heeft een eigen marketmakersbedrijf gehad op Euronext, heeft optiehandelaren opgeleid voor o.a. de voorloper van All Options en Hak options en was beursanalist op TV bij RTLZ. Ook heeft hij managementervaring opgedaan bij Sigma Derivatives en Today’s Beheer en Brokers. In 2012 heeft Harry Klip zelf het beursspel ‘petje op, petje af’ van ruim 400 deelnemers gewonnen bij de RTLZ Theatertour.. Samen met Jan Robert weet hij hoe je opties moet toepassen in de praktijk en kunnen zij u helpen om een betere optiebelegger te worden. In 2011 hebben ze Optie Academy opgericht en verzorgen trainingen en masterclasses op derivatengebied en zijn ook begonnen met hun abonneeservice, Optie Aanbevelingen. Ook mindset en money management staat hoog in het vaandel bij Optie Academy. Tijdens de HCC-dag zal Harry Klip u leren hoe u veilig en verantwoord met opties kunt beleggen. Tijdens zijn presentatie komen onder andere aan de orde: Driepoot-strategie De driepoot is een combinatie van een short strangle en een long call of put. Hoewel niet zonder risico door een ongedekt geschreven positie is dit vanwege de hoge hefboom evenzeer heel kansrijk. U zult merken dat er hoge rendementen mogelijk zijn als de visie uitkomt en weinig kost als de visie niet helemaal uitkomt. Daarom is dit een favoriete Optiestrategie van Optie Academy. Optiestrategie in zijwaartse markt De Butterfly is een optiestrategie met drie uitoefenprijzen, waarbij de ranges en dus de maximale winst en verliezen al vooraf duidelijk zijn. U zult leren hoe u een butterfly kunt opzetten en dat vooral in een zijwaartse markt deze strategie kansrijk kan zijn met een lage investering. Terug naar inhoud LOEF Technische Analyse Standhouder LOEF Technische Analyse levert onafhankelijke technische analyses aan professionele financiële instellingen, w.o. (private) banken en zelfstandig vermogensbeheerder en is fundmanager van het recent opgerichte LOEF Technische Analyse Fonds. Via zijn website www.edwardloef.com kunnen particuliere beleggers kennis nemen van zijn inzichten.   LOEF maakt gebruik van de klassieke technische analyse om trends en trendomslagen te signaleren en visualiseert het onderscheid tussen de verschillende fasen in de cyclus van beurskoersen aan de hand van zijn (LOEF)methode. LOEF Technische Analyse verzorgt presentaties, cursussen en consultancy-werkzaamheden en publiceert wekelijks een digitale nieuwsbrief over de belangrijkste trends en technische signalen.   In zijn stand geeft hij graag een demonstratie van zijn markt- en handelsvisie, zodat u kunt beoordelen wat hij voor u persoonlijk kan betekenen. Terug naar boven Edelmetaal-info.nl Standhouder Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse Edelmetaal-info verzamelt en presenteert nieuws en informatie op het gebied van beleggen, investeren en traden: in fysiek edelmetaal, zoals goud, zilver, platina en palladium mijnbouwaandelen alsmede afgeleide beleggingsproducten van edelmetalen, zoals: turbo’s, speeders, ETF, sprinters, trackers, beleggingsfondsen, certificaten Nieuws, commentaren, meningen m.b.t. maatschappelijke en economische stromingen en invloeden op mogelijk enig edelmetaal worden tevens gepubliceerd. Edelmetaal-info bevordert de discussie en informatie over bovengenoemde zaken o.a. door nieuws, columns, competitie, signaleren opmerkelijke zaken, interviews. Tevens brengt Edelmetaal-Info.nl ook elke week een gratis nieuwsbrief uit. Edelmetaal-Info bezigt 2 motto's: Alle informatie op deze site is het startpunt voor je eigen onderzoek Koop fysiek edelmetaal of afgeleide producten alleen als je begrijpt wat je koopt en dus weet wat de risico's zijn. Terug naar Inhoud Vereniging van Verzamelaars van Oude Fondsen Standhouder De Vereniging van Verzamelaars van Oude Fondsen heeft ten doel het verzamelen van oude fondsen ( aandelen, obligaties, winstbewijzen en overige effecten ) te stimuleren. De vereniging, die sinds 1978 bestaat, telt momenteel ongeveer 150 leden. Tevens zijn er nog 100 à 200 verzamelaars, die in los verband ongeveer hetzelfde beogen. Het is een zeer interessant hobby-gebied, waarbij de meer dan normale belangstelling voor ons verleden geactiveerd wordt. Naast het ondernemen zijn ook aspecten als politiek, cultuur, godsdienst, sociale omstandigheden, welvaart of faillissement een uitdaging voor nader onderzoek door de zogenoemde scripofilist. Het is een nog jong ( jaren '70 ) verzamelgebied. De bekendheid in Nederland is dan ook nog gering te noemen. Als vereniging vinden wij dat ook het cultuur-erfgoed van de oude effecten, al dan niet via particuliere verzamelingen, bewaard dient te blijven. Om de bekendheid van oude effecten te vergroten en te stimuleren zijn er door ons al diverse activiteiten ontplooid. Dit betrof voornamelijk het organiseren van beurzen en veilingen evenals het geven van voorlichting. Door "fonds"-werving konden wij starten met een opzet voor de eerste Nederlandstalige catalogus van oude effecten, die deels al is uitgegeven. Deze catalogus bevat feiten, bijzonderheden en afbeeldingen van nog bekende oude aandelen, obligaties, oprichters- en winstbewijzen. Om een verdere bekendheid te realiseren komen wij naar het HCC Beleggen Symposium om acte de préséance te geven met diverse fraaie voorbeelden van oude effecten. Wat wij laten zien is: · dat zowel het heel oude als het onlangs nog uitgegeven effect aan de wieg staan van diverse soorten ondernemingen en organisaties, van klein gebleven maar ook van expanderende bedrijven en/of risicovolle transacties; · dat dit een ( on ) begrensde veelzijdigheid inhoudt qua branchegebieden; · dat er een grote diversiteit te bespeuren valt in vormgeving en kleurigheid van deze papieren; · dat er ook veel te vertellen valt over verzamelvoorkeuren, druktechnieken, namaak, stempelingen, afwaarderingen, waardebepaling en verzorging Ook geven wij voorlichting over het “beleggen” in OUDE FONDSEN. Daarnaast zal er promotiemateriaal klaar liggen, zoals verenigingsbladen, catalogussen etc. en nemen wij verzamelwaardige stukken mee, die eventueel ook aangekocht kunnen worden. Dat kan voor uzelf, maar ook als een uniek personeels- of relatiegeschenk fungeren. Kortom wij willen u kennis laten maken met een interessant verzamelgebied, wat meer bekendheid verdiend. Terug naar boven   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers! HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 10 februari 2013 voor meest recente pagina kijk op: http://www.hcc.nl  Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013 Bron: HCC Beleggen redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium "Het beste van de beurs" waneer 5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 61-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

23 september 2013

...

Nieuwsbrief20130914 Symp61-2

61-ste HCC Beleggen Symposium   "Het beste van de beurs" Sprekers op 5 oktober 2013 in De Bilt Symposiumbrief  2 5 oktober: 61ste HCC Beleggen Symposium Programma overzicht Bob Hendriks: Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Ruerd Heeg: Aandelen selecteren als waardebelegger Philippe Dassonville: handelen op de EUR/USD met de WHS scalping methode Lynx Forest Bergen Optie Academy / JRS Trading Vocking 61-steHCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven. Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië. Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf. Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar inhoud Programma van het 61ste HCC Beleggen Symposium Bron: Redactie  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Bob Hendriks    Black Rock Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Philippe Dassonville Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Jan-Jaap Fit Wereldhave Waarin gaat Wereldhave investeren? Marco Vocking Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Tom Muller   Theodoor Gilissen Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip Verantwoord beleggen in opties 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Niels Faassen Morningstar Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Ruerd Heeg Aandelen selecteren als waardebelegger 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Spreker nog niet definitief Titel presentatie volgt Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Terug naar inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Bob Hendriks: Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Bron: Redactie Bob Hendriks is werkzaam als Sales Director bij BlackRock en heeft als geen ander zicht op de "Huidige kansen en risico’s met betrekking tot beleggen in grondstoffenaandelen na de prijzenval in de laatste twee jaar". (edele metalen, basismetalen en energie) In een wereld die sneller dan ooit verandert, biedt BlackRock houvast aan beleggers die hun mogelijkheden maximaal willen benutten en behoefte hebben aan duidelijkheid over risico’s. BlackRock is in alle facetten een mondiaal bedrijf, dat de voordelen van een wereldwijd perspectief combineert met lokale aanwezigheid en dienstverlening. Wij beheren vermogen voor cliënten in Noord- en Zuid-Amerika, Europa, Azië, Australië, het Midden-Oosten en Afrika. Bij BlackRock werken ruim 10.000 beleggingsdeskundigen, in 30 landen over de hele wereld. Tot onze cliënten behoren pensioenfondsen, overheden, verzekeringsmaatschappijen, beleggingsfondsen van derden, liefdadigheidsinstellingen, stichtingen, grote bedrijven, staatsfondsen, banken, professionele en particuliere beleggers. Als grootste onafhankelijke wereldwijde vermogensbeheerder beheert BlackRock (31 december 2012) een totaal vermogen van US$ 3.792 miljard, verdeeld over aandelen, obligaties, liquiditeiten, alternatieve beleggingen en vastgoed. Terug naar inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar inhoud Ruerd Heeg: Aandelen selecteren als waardebelegger Bron: Redactie De afgelopen 15 jaar hebben beleggers gemiddeld maar een matig rendement geboekt. Sommige beleggers hebben het echter veel beter dan de markt gedaan. Wie zijn dat? En wat doen ze dan beter? Vooral professionele waardebeleggers hebben een hoger rendement gehaald. Deze beleggers beleggen onder meer in minder bekende, riskantere en daardoor lager gewaardeerde aandelen. Waardebeleggen is overigens niet nieuw: de leermeester van superbelegger Warren Buffett schreef er in 1934 al een boek over. In het Nederlands is er helaas nog maar weinig over geschreven. In deze presentatie vertelt Ruerd Heeg, auteur van het boek "Aandelen selecteren als waardebelegger", waarom particuliere beleggers meestal minder goed beleggen dan professionele waardebeleggers. Hij doet dat door een aantal denkfouten te bespreken die particuliere beleggers vaak maken en waarom ze dat doen. Vervolgens legt hij uit hoe professionele waardebeleggers bedrijven analyseren. Ook gaat hij in op welke aandelen de meeste waardebeleggers vermijden. Tenslotte bespreekt hij een aantal beleggingsstrategieën van waardebeleggers in detail. Terug naar inhoud Philippe Dassonville: Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD met de WHS EUR/USD 07u30 - 22u30 scalping methode Bron: Redactie Philippe Dassonville van WH Selfinvest presenteert deze eenvoudige tradingstrategie op de EUR/USD, die op preciese tijdstippen scalping posities inneemt op basis van 3 trendindicatoren. U leert hoe u zonder kennis van programmeren deze strategie volautomatisch of manueel kunt toepassen op het valutapaar EUR/USD. Een handelssysteem met lage drawdown en hoge probabiliteit met duidelijke instapsignalen, koersdoelen en specifieke stoplos-orders. WH SELFINVEST S.A., opgericht in 1998, heeft een broker vergunning (nr. 42798), een commissionaire vergunning (nr. 36399) en een vermogensbeer vergunning (nr. 1806) uitgereikt door het Luxemburgse Ministerie van Financiën. De vennootschap heeft een Europees paspoort. Het geregistreerde bijkantoor in België heeft de bijkomende goedkeuring van de "Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten". Het geregistreerde bijkantoor in Frankrijk heeft de bijkomende goedkeuring van de "Autorité des Marchés Financiers" en "Banque de France". Het infokantoor in Nederland is geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten. En het bijkantoor in Duitsland is geregistreerd bij de "Bundesanstalt für Finanzdienstleistungsaufsicht". De vennootschap wordt gecontroleerd door een externe én een interne auditor. WH SelfInvest bedient zowel particuliere als institutionele beleggers. Het klantenbestand bestaat uit cliënten uit 28 verschillende landen. Terug naar inhoud Lynx Standhouder Lynx is in 2006 opgericht en sinds 2007 actief op de Nederlandse markt. Door het grote succes in Nederland heeft Lynx besloten om haar diensten ook in het buitenland aan te bieden. Sinds 2008 is Lynx ook actief in België en Duitsland. Lynx is ook met een stand aanwezig tijdens het HCC Beleggen Symposium. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 80 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading Terug naar inhoud Forest Bergen Standhouder Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders. Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitraderem Metastock software software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie: Terug naar inhoud Optie Academy / JRS Trading Standhouder Bij Optie Academy leert u praktijkgericht professioneel beleggen. Optie Academy is opgericht door Harry Klip en Jan Robert Schutte. Deze ervaren oud optie- en futurehandelaren zijn gespecialiseerd in derivaten, zoals futures en opties. Harry Klip is na zijn studietijd aan de HEAO-Bedrijfseconomie, sinds de begin jaren ’90 professioneel actief in opties en was oprichter van een optiebedrijf. Jan Robert Schutte is sinds 1996 actief op de aandelen- en derivatenmarkten en was van 2000 tot 2004 onder meer verantwoordelijk voor research, optiestrategieën en aandeel van de dag bij Binck. Optie Academy biedt: Seminars, masterclasses en trainingen op het gebied van aandelen, opties en futures. Individuele coaching bij het handelen in opties en futures. Praktische optiestrategieën. Ondersteuning om van u een betere future- en optiebelegger te maken. Duidelijke en concrete handelsstrategieën. Kijk voor meer informatie op onze OptieAcademy.nl website Bekijk ook onze nieuwste video "Optie Academy voor een optimaal resultaat" Terug naar inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Vocking Standhouder Ons bedrijf is opgericht in 1992 met de levering van hardware en software. Sinds 1999 zijn we volledig gespecialiseerd in trading software met alle daaraan gekoppelde diensten. Zo leveren wij complete systemen en verzorgen wij volledige cursussen voor daytraders. NinjaTrader Education Partner: Als officieel Education Partner van NinjaTrader hebben wij de exclusiviteit van twee Amerikaanse handelssystemen. Door de intensieve samenwerking met onze partners bieden wij onze klanten een complete oplossing die een grote bijdrage levert aan hun succes. Ter ondersteuning aan onze klanten bieden wij complete cursussen en support volledig gebaseerd op het NinjaTrader platform. www.vocking.nl Op onze stand bent u van harte welkom om kennis te maken met een van onze handelssystemen. Wij staan u graag te woord. Terug naar inhoud Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

16 september 2013

...

Nieuwsbrief20130907 Symp61-1

61-ste HCC Beleggen Symposium   "Het beste van de beurs" Sprekers op 5 oktober 2013 in De Bilt Symposiumbrief  1 5 oktober: 61ste HCC Beleggen Symposium Programma overzicht Niels Faassen: Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Anne Grevinga: Top20 samenstellen met behulp van fundamentele analyse. Marco Vocking: Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem Standhouder: AdvanceBeleggen.nl Standhouder: Foxware Standhouder: Analist.nl Standhouder: WH Selfinvest Aanmelden en Routebeschrijving 61-steHCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven. Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië. Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf. Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. In deze symposiumbrief stellen we alvast een paar sprekers en standhouders aan u voor. Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Programma van het 61ste HCC Beleggen Symposium Bron: Redactie  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Bob Hendriks    Black Rock Kansen en risico’s met beleggen in grondstoffenaandelen Philippe Dassonville Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Jan-Jaap Fit Wereldhave Waarin gaat Wereldhave investeren? Marco Vocking Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Tom Muller   Theodoor Gilissen Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip Verantwoord beleggen in opties 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Niels Faassen Morningstar Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Ruerd Heeg Aandelen selecteren als waardebelegger 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Spreker nog niet definitief Titel presentatie volgt Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Terug naar inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar inhoud Niels Faassen: Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Bron: Redactie In deze presentatie zal Niels Faassen van Morningstar u wegwijs maken in het beleggingsfondsenlandschap. Daarnaast biedt Niels u handvatten bij het selecteren van de beste beleggingsfondsen in het universum door u inzicht te geven in de manier waarop Morningstar beleggingsfondsen analyseert en beoordeelt. Tot slot zal Niels een selectie van de favoriete fondsen van Morningstar met u delen en bespreken. Morningstar, Inc. is een toonaangevende leverancier van onafhankelijk beleggingsonderzoek. Onze missie bestaat erin goede producten te creëren die beleggers helpen hun financiële doelstellingen te verwezenlijken. Wij bieden een uitgebreide waaier van internetproducten, software en producten in drukvorm voor particuliere beleggers, financieel adviseurs en institutionele cliënten over de hele wereld. Morningstar is een vertrouwde bron voor inzichtelijke informatie in een waaier van beleggingsdisciplines. Met activiteiten in 27 landen bieden wij momenteel gegevens over ongeveer 422.000 beleggingsproducten. Morningstar Nederland werd in 2000 in Amsterdam geopend en heeft zijn beleggingswebsite, morningstar.nl, in 2001 geïntroduceerd. De website biedt toegang tot en objectieve informatie over fondsen die beschikbaar zijn voor verkoop aan particuliere beleggers in Nederland. Ook biedt de site onafhankelijke redactionele informatie van analisten en journalisten van Morningstar in Amsterdam en over de hele wereld. Terug naar inhoud Anne Grevinga: Top20 samenstellen met behulp van fundamentele analyse. Bron: Redactie "Het samenstellen van de Top20 voor de korte- en lange termijn met behulp van fundamentele analyse"  is de volledige en intrigerende titel van de presentatie van Anne Grevinga. Anne Grevinga was als product specialist werkzaam voor 2 Amerikaanse biotechnologie bedrijven. Zijn hobby's zijn programmeren en beleggen. Het ligt met deze hobby's dan ook voor de hand dat hij beleggingsmodellen is gaan ontwikkelen. Anne veronderstelt dat er in beleggersland veel te weinig wordt gedaan aan FA. Mede daardoor gaat zijn presentatie over een model dat is gebaseerd op Fundamentele Analyse (FA). Maandelijks wordt een updating gedaan van ons FAB-model (Fundamenteel Analyse Beoordelings-model). Hierin worden bedrijven per sector beoordeeld op basis van het gemiddelde van de sector. Dit resulteert in 18 criteria waarop een bedrijf wordt beoordeeld. Met deze criteria wordt een fondsranking per sector gedaan. Tevens wordt van de belangrijkste FA-criteria retrospectief gekeken hoe ze zich hebben ontwikkeld, dat weer een ander inzicht geeft over de prestaties van een bedrijf. Op deze wijze wordt zowel voor de korte- als ook voor de lange termijn een Top20 samengesteld, die aantoonbaar mooie rendementen opleveren.   Kortom een presentatie, die u niet mag missen omdat alle gegevens elke maand gratis beschikbaar komen en u toch ook hoge rendementen wilt halen Terug naar inhoud Marco Vocking: Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem Bron: Redactie In deze presentatie zal systeemhandelaar Marco Vocking ons een zeer overzichtelijk Amerikaans handelssysteem tonen. Het betreft een presentatie van een handelssysteem die alle facetten bevat die u nodig heeft om op de beurs te slagen! U kunt met dit systeem op elke gewenste markt werken. De volgende onderwerpen komen aan bod: Algemeen U leert de basis van het traden en alle belangrijke punten waar u op moet letten tijdens het traden. De unieke trading indicatoren omvatten een robuust trading systeem en zijn ontwikkeld voor de trader die graag wil handelen op alle valuta- en futuremarkten. Het systeem geeft onder andere duidelijke long- en shortsignalen, de trend (down of up), uitbraken en trailing stops aan. Dit alles wordt weergegeven in zeer overzichtelijke grafieken. Na jaren van ontwikkeling worden deze indicatoren gebruikt door handelaren over de hele wereld om elke dag weloverwogen beslissingen te nemen in de beurshandel. Unieke grafieken Kleur van de achtergrond: hiermee kunnen we heel snel herkennen of we long of short gericht zijn. Bij een groene achtergrond doen we uitsluitend long posities en bij een roze achtergrond doen we uitsluitend short posities. Kleur van de candles: de candles kleuren blauw in een stijgende markt en rood in een dalende markt. Indien de candles geel zijn beweegt de markt zich zijwaarts. Stop-dots: tijdens een longsignaal bevinden de blauwe stop-dots zich onder de koers en tijdens een shortsignaal bevinden de rode stop-dots zich boven de koers. Zo weet u direct waar u de stop moet plaatsen. Stealth: Wanneer er een groene Stealth onder de koers verschijnt hebben we te maken met een stijgende markt. Wanneer er een rode Stealth boven de koers verschijnt hebben we te maken met een dalende markt. Tradingroom Naast het gebruik van de speciale indicatoren bent u dagelijks welkom in de tradingroom. Dat betekent dat u vanaf uw eigen werkplek inlogt in de tradingroom om de trades van ervaren traders te kunnen volgen die met de zelfde indicatoren werken. High Energy Times Deze service filtert financiële instrumenten waar een breakout of een potentiële grote beweging wordt verwacht in de handelssessie door middel van een zeer geavanceerde analyse. Het geeft aan wanneer de trader een hogere dan normale beweging kan verwachten in een bepaalde index. Deze tijden worden door middel van een smalle band weergegeven in uw grafiek, zodat u heel eenvoudig kunt zien of de koers zich boven of onder de band bevindt en u op die manier heel eenvoudig uw positie kunt bepalen. Training Vier keer per week worden er webinars gehouden om u de fijne kneepjes van het traden te leren en hoe u op de juiste wijze de indicatoren tijdens het traden kunt gebruiken. Alle webinars worden opgenomen, zodat u ze op ieder gewenst moment nog eens terug kan kijken. Indien u vragen heeft over ons trading systeem of als u geïnteresseerd bent en hier dagelijks mee aan de slag wilt, bent u van harte welkom op onze stand. Wij staan u graag te woord! Terug naar inhoud AdvanceBeleggen.nl Standhouder   AdvanceBeleggen.nl Succesvol beleggen in aandelen, obligaties, grondstoffen en beursgenoteerd vastgoed door middel van een  “Absolute Return” strategie. Voorts aanbevelingen m.b.t. kansrijke beleggingsproducten van grootbanken via de nieuwsbrieven van Advance. Loef Technische analyse maakt onderdeel uit van het beleggingsbeleid. Geïnteresseerd in een gratis proefabonnement? Meld u aan via www.advancebeleggen.nl  Abonnees die overtuigd zijn van de kansen van deze strategie en de beheersbare risico’s, maar  over  onvoldoende kennis en ervaring beschikken om dit zelf te doen, kunnen alsnog dit doel bereiken door hun beleggingsportefeuille in handen te geven van OVG (Onafhankelijk Vermogensbeheer ‘s-Gravenhage. Mogelijk vanaf € 2 ton. Wealth Management vanaf € 1 mln. Voor meer info ga naar www.ovgbeheer.nl  Voorts biedt OVG “Garantiebeleggen” aan beleggers met een behoedzaam risicoprofiel. Onder garantiebeleggen wordt verstaan het opbouwen van een beleggingsportefeuille, nagenoeg geheel bestaande uit beleggingsvormen met 100% hoofdsomgarantie. Terug naar inhoud Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit ondersteunt al meer dan 23 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 8 jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 15 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Terug naar inhoud Analist.nl Standhouder    Nieuws & Analyse Analist.nl biedt gratis overzichten van koop- en verkoopadviezen van Europese en Amerikaanse aandelen afgegeven door gerenommeerde (effecten)banken. Ook biedt Analist.nl inzicht in de behaalde rendementen op de afgegeven adviezen van deze instellingen. De koop- en verkoopadviezen worden de gehele dag door gevolgd en geupdate door een team van onafhankelijke researchers. Momenteel inventariseert Analist.nl een 700-tal aandelen uit de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, België, Duitsland, Nederland en Zwitserland. De informatie wordt gratis verspreid via de website http://www.analist.nl/ en via een digitale nieuwsbrief welke wekelijks wordt verspreid. Wilt u zich gratis en vrijblijvend aanmelden voor deze nieuwsbrief, dan kan dat op de website. Analist.nl genereert haar inkomsten via advertenties die worden geplaatst op de website en in de nieuwsbrieven. Ratings · Aandelen Amsterdam       Alle Nederlandse ratings Terug naar inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl WH Selfinvest Standhouder WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel in futures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 33 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com Terug naar inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013 Bron: HCC Beleggen redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium "Het beste van de beurs" waneer 5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 61-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

10 september 2013

...

Nieuwsbrief20130901

inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130901 5 oktober: 61ste HCC Beleggen Symposium Programma 61ste HCC Beleggen Symposium Veel forex-aanbieders illegaal Belastingparadijzen: Jullie zijn niet langer beschut Hoge inflatie is tijdelijk fenomeen Banken: Geen verdere daling vraag  woninghypotheken Stichting Preferente Aandelen B KPN oefent optie uit Meedoen kan Aanmelden en routebeschrijving 61-steHCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven. Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië. Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf. Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis Symposium. Terug naar Inhoud Programma van het 61ste HCC Beleggen Symposium  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.45 uur Bob Hendriks Follow the trend met grondstoffen Philippe Dassonville Automatisch of manueel handelen op de EUR/USD 10.45 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.50 uur Jan-Jaap Fit Waarin gaat Wereldhave investeren? Marco Vocking Daytraden op basis van een overzichtelijk Amerikaans handelssysteem 11.50 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 12.55 uur Tom Muller Meest kansrijke Nederlandse aandelen Harry Klip Verantwoord beleggen in opties 12.55 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.15 uur Niets Faassen Hoe onderscheid ik de beste beleggingsfondsen van de massa? Ruerd Heeg Aandelen selecteren als waardebelegger 14.15 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.20 uur Spreker nog niet definitief Anne Grevinga Het samenstellen van de Top20 met behulp van fundamentele analyse In komende Symposiumbrieven worden de sprekers en standhouders nader aan u voorgeteld. Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Veel forex-aanbieders illegaal actief Bron: AFM 26 augustus 2013 De AFM heeft de forex-aanbieders onderzocht, omdat ze een toename constateert van partijen die consumenten de mogelijkheid bieden om in vreemde valuta te beleggen. Consumenten krijgen vaak een hoog positief rendement voorgespiegeld, terwijl veel van deze beleggingen zeer risicovol zijn. Ook waren er partijen actief die op internationale waarschuwingslijsten staan. De AFM heeft zeven aanbieders van forex een brief gestuurd, waarin de vergunningplicht wordt uitgelegd. Eerder heeft de AFM een waarschuwing gepubliceerd tegen een partij die zonder vergunning in Nederland actief was. Er is daarnaast een aantal andere handhavingmaatregelen opgelegd. De AFM sluit niet uit dat er meer maatregelen volgen. Dringend beroep Verschillende aanbieders stellen niet onder toezicht van de AFM te vallen. De AFM heeft echter geconstateerd dat ze in de meeste gevallen wel degelijk onder toezicht vallen en dus een vergunning nodig hebben. De AFM doet daarom een dringend beroep op aanbieders van forex-beleggingsdiensten om na te gaan of ze een vergunning moeten hebben. Op de website van de toezichthouder is daarover meer informatie te vinden. Aanleiding voor onderzoeken De AFM heeft de forex-aanbieders onderzocht, omdat ze een toename constateert van partijen die consumenten de mogelijkheid bieden om in vreemde valuta te beleggen. Consumenten krijgen vaak een hoog positief rendement voorgespiegeld, terwijl veel van deze beleggingen zeer risicovol zijn. Ook waren er partijen actief die op internationale waarschuwingslijsten staan. Wanneer een vergunning? Forex-beleggingen zijn vaak een financieel instrument, zoals bedoeld in de Wet op het financieel toezicht  (Wft). Er is vaak sprake van derivaten. Veel beleggers hebben namelijk niet de intentie om valuta daadwerkelijk in handen te krijgen. Ze richten zich op het verrekenen van de winsten en verliezen van de speculatieve posities die ze hebben ingenomen. Er is sprake van een derivaat als er geen levering van valuta is. Ook is een vergunning verplicht als een aanbieder van valutabeleggingen als vermogensbeheerder optreedt. Hij verricht dan naar eigen inzicht transacties in financiële instrumenten, maar doet dit wel uit naam van en voor rekening en risico van de consument. Consumentenbescherming Een vergunning neemt niet de alle risico’s van een belegging zelf weg. Een vergunning van een financiële onderneming is wel belangrijk, omdat deze bescherming biedt aan consumenten. Voordat de AFM een vergunning verleent aan een financiële onderneming, toetst zij onder meer of een onderneming voldoet aan de eisen van betrouwbaarheid, deskundigheid en integriteit. Bovendien moet een vergunninghouder zich houden aan de zogenoemde doorlopende gedragsregels.  Deze gaan onder meer over een zorgvuldige dienstverlening aan consumenten. Tips voor beleggers De AFM heeft consumenten eerder gewezen op de risico’s van beleggingen in vreemde valuta. Het is raadzaam dat ze zelf goed nagaan of risicovolle handel in valuta voor hen geschikt is. Is iemand bereid (hoge) verliezen te nemen; begrijpt hij de producten, de kosten en de hefboomwerking; weet hij hoe de valutahandel werkt? Als iemand besluit om in forex te stappen, zijn deze aandachtspunten van belang: Kijk kritisch naar voorgespiegelde winsten. Waarop zijn ze gebaseerd, is de aanbieder transparant over de kosten en de risico’s. In het algemeen geldt: een hoger rendement gaat gepaard met een hoger risico. Controleer het register van de AFM en de waarschuwingslijsten. In het register staan de aanbieders die een vergunning hebben. Een vergunning biedt meer bescherming, maar neemt de risico’s niet weg. Op de waarschuwingslijsten staan malafide aanbieders. Op de website van de AFM is meer informatie over beleggen in forex te vinden. Bij vragen of klachten kunt u contact opnemen met het Meldpunt Financiële Markten van de AFM: 0800-5400 540 (gratis). Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Belastingparadijzen: Jullie zijn niet langer beschut Bron: presseurope La Vanguardia 30 augustus 2013 Barcelona Op enkele kilometers van de Europese kust liggen de eilanden Man, Jersey en Guernesey. Van oudsher trekken deze belastingparadijzen veel miljardairs, maar sinds de EU hard optreedt tegen belastingontduiking lopen de inkomsten terug en ontkomen ook de eilandbewoners niet aan bezuinigingen. Rafael Ramos Marín Er blijven ‘vluchtelingen’ naar het eiland Man komen. Niet in boten zoals in Tarifa aan de kust van Andalusië, maar in privéjets. Ze worden niet verwelkomd door de Guardia civil, maar door chauffeurs die beleefd het portier van een Bentley, een Porsche of een Ferrari openhouden (nergens anders ter wereld zie je zoveel luxe auto’s). Ze vluchten niet voor honger en ellende, maar voor de 50 procent belasting die Groot-Brittannië heft op de hoogste inkomens en de obsessie van regeringen om hun vermogen te belasten. “ Het omgekeerde Robin Hood-effect: aan de rijken geven wat van de armen is afgepakt ” De recessie is aan het eiland Man voorbijgegaan (er is al vijfentwintig jaar sprake van onafgebroken economische groei, het afgelopen jaar met 2,5 procent), maar dat geldt niet voor de bezuinigingen. Net als op de Kanaaleilanden Jersey en Guernsey zijn ook hier de gevolgen merkbaar van de internationale campagne om belastingparadijzen de duimschroeven aan te draaien, privileges af te nemen en te dwingen tot meer transparantie. Dat heeft zich vertaald in een verlies aan inkomsten en een begrotingstekort waar niet de multimiljonairs maar de werknemers voor opdraaien. Het omgekeerde Robin Hood-effect: aan de rijken geven wat van de armen is afgepakt. La Vanguardia is opgericht in 1881 in Barcelona door de familie Godó, die nog steeds eigenaar is. Deze krant is qua oplage de vierde krant van Spanje.  In Catalonië is La Vanguardia echter de grootste krant. Het dagblad is gematigd van toon, goed internationaal geïnformeerd en staat op goede voet met de regionale overheid in Catalonië en de landelijke regering in Madrid. Barcelona -  Taal  Spaans - oplage: 185.000 “Als ons financiële systeem wordt vernietigd, worden we een soort Liverpool, maar dan met een nog slechter klimaat”, zegt de premier van het eiland Man, Alan Bell, die tijdens de laatste conferentie van de G8 heeft beloofd te zullen meewerken aan bestrijding van belastingfraude en “rekening te houden met de bezorgdheid van Groot-Brittannië en de Europese Unie”, zonder zich echter concreet ergens op vast te leggen. Dat is ook niet zo vreemd. De financiële sector is verantwoordelijk voor een kwart van de economie van het eiland, omdat er weinig vennootschapsbelasting wordt geheven en het maximale tarief van de inkomstenbelasting slechts 20 procent bedraagt, met een maximum van 125.000 euro per jaar, ongeacht de hoogte van de inkomsten. Successierechten of vermogensaanwasbelasting bestaan niet. Voor miljonairs is dat een koopje. Elektronische rijkdom Het eiland Man, een belastingparadijs in de Ierse Zee, is eigenlijk een heel merkwaardige plek, bekend om zijn motorsport, twee lopende programma’s voor maanonderzoek, een bloeiende ruimtevaartindustrie en een bedrijf (Excalibur Almaz) dat als eerste een reis naar de maan wil organiseren sinds het avontuur met de Apollo 17 meer dan veertig jaar geleden. Gepensioneerden maken furore in de talloze film- en televisieproducties die er worden opgenomen (vijftig tot nu toe), waarbij ze genieten van het vriendelijke belastingklimaat. “ Je vindt er geen schitterende herenhuizen, want de welgestelden wonen er alleen op papier ” Het gaat hier echter om elektronische rijkdom, die technisch gesproken wel op het eiland is, maar in Londen, New York of Saint-Tropez wordt gespendeerd. Het maritieme verleden van Douglas, de hoofdstad, lijkt in niets op de Croisette van Cannes. Je vindt er geen schitterende herenhuizen, want de welgestelden wonen er alleen op papier. Huizen en winkels zijn er niet beter of slechter dan in andere steden in het noorden van Groot-Brittannië. De lonen van de 80.000 inwoners (overwegend blank) zijn gelijk aan die in Groot-Brittannië, maar de kosten van levensonderhoud liggen er veel hoger. De huren zijn hoger en voedsel moet per schip of vliegtuig worden aangevoerd. En nu moet er, verdeeld over alle ministeries behalve Volksgezondheid en Onderwijs, 35 miljoen euro worden bezuinigd. Daardoor zullen vooral uitzendkrachten worden getroffen (recht op een uitkering ontstaat pas na een verblijf van vijf jaar). En dat allemaal omdat Londen heeft besloten te snijden in de inkomsten van bijna 500 miljoen euro per jaar (60 procent van de begroting) die het eiland haalt uit btw en gokken. Over belasten van de rijken uiteraard geen woord. “Zo’n diepe crisis heb ik nog nooit meegemaakt, en je ziet dat ik niet bepaald de jongste meer ben”, zegt de gepensioneerde Norma Cassell in een theesalon in het centrum van Douglas. Hypocriete bende De Kanaaleilanden Jersey en Guernsey, slechts vijftien kilometer uit de Franse kust, hebben dezelfde status als het eiland Man. Zij maken geen deel uit van het Verenigd Koninkrijk noch van de Europese Unie en zijn geen koloniën of overzeese gebiedsdelen, maar territoria die rechtstreeks onder de Britse Kroon vallen. Ze hanteren de Britse vlag, zingen het Britse volkslied, zweren trouw aan de Britse koningin en betalen Londen een vergoeding voor defensie en buitenlandse zaken, maar maken hun eigen wetten, vooral op het gebied van belastingen. “ Ruim de helft van de 98.000 inwoners bestaat uit bankiers, accountants, advocaten en financieel adviseurs ” Naar schatting verbergt alleen Jersey al 600.000 miljoen euro aan ontdoken belasting op rekeningen en in fondsen bij vijftig internationale banken. Ruim de helft van de 98.000 inwoners bestaat uit bankiers, accountants, advocaten en financieel adviseurs. Het is net een grote country club, waarvan je pas lid kunt worden als je minimaal 11 jaar op het eiland woont, je bezittingen 8 miljoen euro waard zijn en je een huis hebt gekocht van minstens 2 miljoen euro. Op reclameboren op het vliegveld van Saint Helier wordt geadverteerd voor belastingadvies en vermogensbeheer, niet voor fastfoodrestaurants. Maar net als in Douglas is van glamour geen sprake. Heel gewone huizen (op wat uitzonderingen na) en dezelfde winkelketens als overal elders. Het inkomen per hoofd van de bevolking bedraagt 22.000 euro, hoger dan in Groot-Brittannië, maar het zijn de ‘boeren’ (zoals in de streektaal degenen worden genoemd die geen miljonair zijn of in de financiële wereld werken) die opdraaien voor de btw-stijging, een verhoging van 3 procent om de teruglopende inkomsten door de groeiende druk op belastingparadijzen te compenseren. “Als dit in Frankrijk zou gebeuren, zou er een revolutie uitbreken, het is ongehoord dat miljonairs worden gesubsidieerd door de armen”, klaagt apothekersassistente Edith Newman in The Admiral, een pub in James Street. Het is hetzelfde verhaal als op het eiland Man. “Er wordt veel gepraat over de schuldencrisis, maar belastingparadijzen bestaan omdat de heersende klassen en regeringen dat zo willen. Het is een hypocriete bende. Alleen al het eiland Jersey voorziet het Britse banksysteem van netto 200.000 miljoen euro, een belangrijke veiligheidsklep die het eiland tijdens de financiële crisis geen windeieren heeft gelegd”, zegt een fondsbeheerder met een kantoor op Royal Square. “Als landen geld nodig hebben, halen ze dat weg bij pensioenen en salarissen, niet bij de grote vermogens”. Een publiek geheim dat in een fles op de Schateilanden is aangespoeld. Terug naar Inhoud Hoge inflatie is tijdelijk fenomeen Bron: DNB De prijzen in Nederland stijgen sterk. In de afgelopen tien maanden kwam de inflatie volgens de Europese geharmoniseerde methode (HICP) negen keer boven de 3% uit. Overheidsmaatregelen stuwen de inflatie op. Naar verwachting is de hoge inflatie daarom een tijdelijk fenomeen. Het effect van overheidsmaatregelen op de inflatie zal in de loop van dit jaar sterk verminderen. Inflatie twee keer zo hoog als in het eurogebied In juli was de inflatie in Nederland 3,1%, bijna twee keer zo hoog als in het eurogebied. Toch is zo’n groot inflatieverschil niet uitzonderlijk. Grafiek 1 toont de inflatie in Nederland en het eurogebied sinds de start van de EMU in 1999. Aan het begin van deze eeuw stegen de prijzen in Nederland het hardst en was het inflatieverschil met het eurogebied het grootst. In april en mei van 2001 was de inflatie in Nederland zelfs 5,5%. In datzelfde jaar was het inflatieverschil met het eurogebied een paar keer meer dan 3 procentpunt. Gemiddeld zijn de prijzen sinds de start van de EMU in Nederland met 2,3% en in het eurogebied met 2% gestegen. Met name in de beginperiode van de muntunie had Nederland een hogere inflatie. Daarna was de inflatie in Nederland vaak lager dan de inflatie in het eurogebied. Energieprijzen en overheidsmaatregelen bepalen inflatiebeeld Sinds de vorige recessie in 2009 is de inflatie sterk toegenomen. In juli 2009 was de inflatie maar -0,1%. Energie drukte de inflatie met 1,5 procentpunt. Door de sterke olieprijsstijging die volgde, kwam een jaar later een einde aan de negatieve bijdrage van de energiecomponent. Er volgde een periode waarin de totale inflatie flink werd opgestuwd door hoge energie-inflatie. Inmiddels is dit verleden tijd; sinds oktober 2012 is de bijdrage van energie aan de totale inflatie gedaald van 0,9 procentpunt tot 0,2 procentpunt.   Overheidsmaatregelen hebben het stokje overgenomen. Het effect van de hogere tarieven van de indirecte belastingen op de totale inflatie is dit jaar naar schatting 1 procentpunt. De belangrijkste oorzaak is de btw-verhoging die in oktober 2012 is doorgevoerd. Hierdoor zijn bewerkt voedsel, diensten en industriële goederen inclusief energie duurder geworden. De diensteninflatie wordt daarnaast opwaarts beïnvloed door de verhoging van de assurantiebelasting en de hoge huurstijging door het nieuwe huurbeleid dat 1 juli 2013 in werking trad. Sindsdien is de maximale huurverhoging gelijk aan de inflatie van het voorafgaande jaar plus een inkomensafhankelijk percentage. In juli namen de huren gemiddeld met 4,5% toe, de grootste toename sinds 1995. De inflatie van industriële goederen inclusief energie is opgestuwd door vergroeningsmaatregelen die de aanschaf van een nieuwe auto duurder hebben gemaakt en door een verhoging van de belasting op gas. Hogere accijnzen op alcohol en tabak hebben geleid tot hogere voedselprijzen. Hoge inflatie is wijdverbreid Sinds oktober 2012 is de Nederlandse inflatie hoger dan die in het eurogebied. In juli 2013 was de inflatie in Nederland 1,5 procentpunt hoger dan in het eurogebied (zie tabel 1). Met uitzondering van energie, geldt voor alle inflatiecomponenten dat de inflatie in Nederland momenteel hoger is dan in het eurogebied. Het grootste gedeelte van het inflatieverschil komt door de hogere diensteninflatie, op de voet gevolgd door de hogere inflatie van industriële producten exclusief energie. Samen verklaren diensten en industriële producten exclusief energie 1,3 procentpunt van het inflatieverschil. De rest van het verschil komt doordat de voedselprijzen in Nederland ook harder stijgen dan in het eurogebied. Tijdelijk fenomeen Volgens de juniraming van DNB blijft de inflatie dit jaar nog hoog: 2,7% (zie Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten). In oktober zal er naar verwachting een flinke daling optreden doordat de btw-verhoging uit de inflatiecijfers loopt. DNB raamt een inflatie van 1,6% in 2014 en 1,5% in 2015. Dit zijn percentages die beter passen bij de stand van de conjunctuur. Terug naar Inhoud Banken verwachten geen verdere daling van vraag naar woninghypotheken Bron: DNB 29 augustus 2013 Banken verwachten in het derde kwartaal van dit jaar geen verdere daling van de vraag naar woning­hypotheken; een enkele bank rekent zelfs op een aantrekken­de vraag. Ook is hun inschatting dat zij de acceptatiecriteria voor het verstrekken van woning­hypotheken niet verder hoeven aan te scherpen. De kredietvoorwaarden voor leningen aan het MKB zijn in het tweede kwartaal door een ruime meerderheid van de banken verder aangescherpt. De toegenomen risicoperceptie en de kosten verband houdend met de vermogenspositie van de banken zijn daarvoor de belangrijkste verklaring. Tegelijkertijd rapporteert een derde van de banken dat de vraag naar krediet door het MKB is afgenomen. Woninghypotheken Volgens de Nederlandse banken is in het tweede kwartaal van 2013 de vraag naar woning­hypotheken wederom gedaald. Als verklaring wijzen de banken vooral op de slechte vooruitzichten op de woning­markt en het lage consumentenvertrouwen. Voor het derde kwartaal wordt per saldo door de banken geen verdere vraagdaling naar woninghypotheken verwacht. Een enkele bank in de enquête rekent zelfs op een lichte toename van de vraag naar woninghypotheken (grafiek 1).   In het tweede kwartaal gaf een enkele Nederlandse bank aan de acceptatiecriteria voor woning­hypotheken te hebben aangescherpt. Voor het derde kwartaal wordt geen verdere aanscherping verwacht, hoewel een verruiming van de acceptatie­criteria er volgens de banken nog niet in zit. Bedrijfskredieten De acceptatiecriteria voor bedrijfskrediet zijn in het tweede kwartaal van 2013 verder aangescherpt. Dit betrof vooral de leningen aan het MKB. Slechts een enkele bank scherpte de goedkeuringscriteria aan voor leningen aan grote ondernemingen, maar voor de kleine en middelgrote bedrijven deed tweederde dat (grafiek 2).  Ruim de helft van de deelnemende banken gaf aan dat hun risicoperceptie ten aanzien van bedrijfs­kredietverlening in het tweede kwartaal van 2013 aanzienlijk is toegenomen. Dit betreft vooral de ingeschatte vooruit­zichten voor de desbetreffende bedrijfstak of onderneming aan wie zij krediet verlenen. Ten aanzien van de kredietvoorwaarden voor leningen aan het MKB, gaf een derde van de banken aan dat ook de kosten verband houdend met de vermogenspositie van de bank een reden is geweest voor de aanscherping. In het derde kwartaal van 2013 verwacht een kleiner deel van de Nederlandse banken hun acceptatie­criteria voor leningen aan het bedrijfsleven verder aan te scherpen. Een derde van de banken rapporteert dat de vraag naar krediet is afgenomen, vooral de kredietvraag door het MKB. Als oorzaken hiervan noemt men een dalende financieringsbehoefte voor vaste investeringen en voor fusies/overnames dan wel herstructurering van de onderneming. In het derde kwartaal verwachten de banken een verdere daling van de vraag naar bedrijfskrediet (grafiek 3). Terug naar Inhoud Stichting Preferente Aandelen B KPN oefent optie uit Bron: www.prefs-kpn.nl Het bestuur van de Stichting Preferente Aandelen B KPN heeft 29 augustus 2013 bekend gemaakt dat zij de door Koninklijke KPN N.V. aan haar toegekende optie op het nemen van preferente aandelen B KPN heeft uitgeoefend. Als gevolg hiervan zijn 4.258.098.272 preferente Aandelen B KPN bij de Stichting geplaatst. De Stichting verwerft daarmee nagenoeg 50% van het aantal en stemgerechtigde aandelen.   De Stichting is tot deze interventie gekomen om de belangen van KPN en de met haar verbonden stakeholders, waaronder aandeelhouders, werknemers, klanten, vakorganisaties en de Nederlandse samenleving als geheel veilig te stellen. De belangen van deze stakeholders staan op het spel door het zonder vooroverleg met de vennootschap aangekondigde bod op 9 augustus jl. van het Mexicaanse bedrijf América Móvil op de aandelen KPN. De Stichting is van mening dat América Móvil willens en wetens heeft gekozen voor een vijandelijke benadering door: niet eerst te pogen met KPN overeenstemming te bereiken over een fusieprotocol zonder overleg met KPN een biedingsbericht te formuleren en bij de AFM ter goedkeuring in te dienen. Daardoor is bij diverse stakeholders onzekerheid ontstaan over hun positie. De Stichting is van mening dat América Móvil zo snel mogelijk, conform de regels en praktijk in Nederland, in onderhandeling moet treden met het bestuur van KPN en met de Nederlandse overheid.   In een overnameproces volgens de best practice in ons land wordt eerst onderhandeld over een Fusieprotocol. Daarop volgen Biedingsbericht van de kandidaat koper en een Position Paper van de kant van het doelbedrijf om helder inzicht te verschaffen over de biedprijs en onderbouwing ervan en daarnaast in alle afspraken m.b.t. de onderneming en dochters, werknemers, (minderheid)aandeelhouders en andere belanghebbenden – waaronder de Nederlandse overheid ten aanzien van de borging van vitale publieke belangen – met inbegrip van de geldingsduur van iedere afzonderlijke afspraak en de wijze waarop de naleving van deze afspraken is geregeld. Daarbij gaat het om concrete zaken als: werkgelegenheid, strategische koers , governance, infrastructuur, technologie en concurrentiekracht.   América Móvil’s handelwijze staat hier haaks op. Op basis vanalle vanstakeholders verkregen informatie komt de Stichtingtotdeconclusie dat denuontstanesituatierondKPN eenbedreiging inhoudtalsbedoeldinhaar doelstelling:   De Stichting heeft ten doel de behartiging van de belangen van de naamloze vennootschap: Koninklijke KPN N.V., gevestigd te ’s-Gravenhage, de met haar verbonden onderneming en alle daarbij betrokkenen, waarbij onder meer zoveel mogelijk worden geweerd invloeden welke de continuïteit, de zelfstandigheid of de identiteit in strijd met die belangen zouden bedreigen. Het Bestuur bestaat uit vijf, van KPN onafhankelijke, bestuursleden. Alle (wettelijk) noodzakelijke mededelingen aan de betrokken instanties zijn gedaan en inschrijving van de Stichting Preferente Aandelen B KPN in het aandeelhoudersregister van Koninklijke KPN N.V. als houder van 4.258.098.272 preferente aandelen B heeft plaatsgevonden. De Stichting benadrukt dat:  zij positief staat tegenover de verkoop van E-plus;  het bezit van de preferente aandelen B van tijdelijke aard is;  zij zich van tijd tot tijd zal beraden op de vraag wanneer intrekking van de preferente  aandelen B moet plaatsvinden. ref: voor informatie over de Stichting zie www.prefs-kpn.nl en  pagina 55 van het jaarverslag 2012 van KPN. reactie Americamovil 30 augustus 2013:  zie http://www.americamovil.com/amx/en/cm/news/2013/30082013.pdf websites: América Móvil: http://www.americamovil.com/amx/en/               KPN: http://www.kpn.com/corporate/overkpn/Bedrijfsprofiel.htm Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013 Bron: HCC Beleggen redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium "Het beste van de beurs" waneer 5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 61-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 september 2013

...

Nieuwsbrief20130801

inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130801 61ste HCC Beleggen Symposium  "Het beste van de beurs" Versterking bankbalans voorwaarde voor economisch herstel Banken kunnen op oude voet verder Uitleg provisieverbod helpt u bij keuze financieële producten Economie veert onverwacht op, maar blijft precair EU-VS: Vrijhandelszone, de voors en tegens Meedoen kan Aanmelden en routebeschrijving  Symposium 5 oktober 2013 61ste HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013: "Het beste van de beurs" Bron: Redactie Nederlandse beleggers stappen bij voorkeur in bedrijven van eigen bodem. Begrijpelijk, want als belegger wil je grip hebben op investeringen. Die grip heb je door te beleggen in bedrijven die je kent. Het is dan ook geen wonder dat beleggende landgenoten een voorkeur hebben voor Nederlandse beursfondsen. Beleggers voelen de binding met deze bedrijven.   Het veelgehoorde bezwaar dat de Nederlandse beurs te beperkt is, is een oneigenlijk argument. Onze multinationals hebben immers wereldwijde posities. Daarmee heeft de belegger genoeg exposure naar de hele wereld. Voorbeelden zijn Unilever, Shell en Philips. Zij behalen maar een klein deel van hun omzet op hun thuismarkt; het leeuwendeel van hun inkomsten komt momenteel uit de groeimarkt Azië.   Ander voordeel van Nederlandse bedrijven is dat zij toegankelijker zijn dan hun buitenlandse concurrenten. Informatie is gemakkelijker te verkrijgen, het is eenvoudig om aandeelhoudervergaderingen te bezoeken, dat ten goede komt aan het inzicht in een bedrijf.   Tijdens het 61ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Het beste van de beurs" zullen deskundige sprekers ons bijpraten over de kansen die zich voordoen op de Nederlandse beurs. Klik hier om u in te schrijven voor dit gratis symposium. Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Versterking bankbalans voorwaarde voor economisch herstel Bron: DNB Recessies die het gevolg zijn van een financiële crisis zijn doorgaans diep en hardnekkig. Dat geldt ook voor de huidige recessie. Om uit de recessie te raken is herstel van de financiële sector cruciaal. Overheden dienen zich daarom te richten op versterking van de balansen van de banken, waardoor de bankensector in staat wordt gesteld om bij te dragen aan een conjunctuurherstel door middel van een verantwoorde groei van de kredietverlening. De huidige recessie  is uitzonderlijk omdat deze in diverse landen samenvalt met een kredietcrisis en een scherpe daling van de huizenprijzen. Omdat deze recessie volgde op een financiële hausse tegen de achtergrond van een lage en stabiele inflatie, zijn de schuldenlast en negatieve vermogensvorming van bedrijven en huishoudens erg groot en is bovendien de financiële sector zwaar beschadigd. Dit wordt ook wel een “balansrecessie” genoemd, verwijzend naar de ongunstige verhouding tussen bezittingen en verplichtingen op balansen. Uit onderzoek blijkt dat recessies die samenvallen met een ernstige financiële crisis veel langer duren, gepaard gaan met een veel sterkere productieafname, en leiden tot een veel groter cumulatief inkomensverlies dan ‘normale’ recessies en recessies die samenvallen met een minder ernstige financiële crisis (zie figuur1).  figuur1:Recessies Bron: Claessens en Kose (2013) De duur van de recessie is het aantal kwartalen tussen het hoogste inkomensniveau voor de recessie en het laagste inkomensniveau tijdens de recessie. De outputdaling is de afname in output tussen het hoogste inkomensniveau voor de recessie en het laagste inkomensniveau tijdens de recessie. Het cumulatieve inkomensverlies combineert informatie over de duur en amplitude van de recessie en is een maatstaf voor de totale kosten van de recessie (percentage). Voor "Duur van recessie" is het gemiddelde weergegeven, voor "Amplitude" en "Cumulatief inkomensverlies" de mediaan.  Een recessie valt samen met een financiële crisis als de financiële crisis op het zelfde moment begint als de recessie of 1 jaar voor of 2 jaar na de top van de recessie. De ernstige financiële crises zijn de zwaarste 50% van alle financiële crises gemeten aan de hand van de afname in output gedurende de recessie. De dataset bestaat uit data van 23 ontwikkelde landen voor de periode 1960-2011.   Herstel uit een recessie zonder dat banken veel krediet verlenen komt voor, maar verloopt over het algemeen traag en is niet erg krachtig. Een kredietloos herstel is in de huidige situatie onwaarschijnlijk. Ten eerste zijn huishoudens bezig met schuldafbouw, waardoor ze hun consumptieve bestedingen, ook bij een belastingverlaging, nauwelijks opvoeren. En zonder deze motor is een kredietloos herstel veel problematischer, zo niet onmogelijk. Ten tweede kunnen veel bedrijven in het MKB een afname van de bancaire kredietgroei niet opvangen door op een andere manier te lenen. Dit impliceert dat vooral het MKB wordt getroffen wanneer een herstel van de financiële sector te langzaam verloopt. Ook in ons land is het MKB in belangrijke mate afhankelijk van kredietverlening door banken. Een herstel zonder krediet lijkt in de huidige situatie dus lastig. Dit werpt de vraag op wat beleidsmakers kunnen doen om het proces van balansherstel bij banken te versnellen.  Groeien na een balansrecessie De ervaringen van de Scandinavische landen tijdens de bankencrisis in de jaren negentig kunnen nuttige aanwijzingen geven. In reactie op de crisis gaven de Scandinavische overheden aan balansherstel de hoogste prioriteit. De balansen van de banken werden gerepareerd door verliezen te nemen en door verkoop van activa, herkapitalisatie onder strenge voorwaarden en vermindering van overtollige operationele capaciteit.  Wat volgde was een relatief snel en zichzelf in stand houdend conjunctuurherstel. Door de balansen van de banken te helpen versterken, stelt de overheid de bankensector in staat om bij te dragen aan een conjunctuurherstel met krediet. Dit kan de huishoudens die geen hoge schuldenlast hebben (starters op de huizenmarkt bijvoorbeeld), helpen om hun uitgaven weer te verhogen. Kleine en middelgrote bedrijven die nu moeilijk aan financiering kunnen komen, kunnen hiervan profiteren, wat een noodzakelijke impuls aan de reële economie geeft. Cruciaal is hierbij dat verliezen worden genomen, omdat anders twijfel blijft bestaan over de kwaliteit van de balans van banken waardoor de kosten van eigen vermogen en financiering niet zullen dalen. Als banken over weinig kapitaal beschikken, kan een relatief beperkte herkapitalisatie van banken een potentieel sterke stijging van de kredietverlening tot gevolg hebben. Hoewel het misschien niet mee zal vallen om het publiek ervan te overtuigen dat “meer geld voor de banken” in hun eigen belang is, zijn er zeker goede economische redenen om deze aanpak toe te passen.   Ref: In Economisch Statistische Berichten staat een artikel waarop bovenstaande artikel uit DNBulletin is gebaseerd. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Banken kunnen op oude voet verder Bron: Dick Degenkamp, Me Judice, 10 juli 2013  De commissie Wijffels gaat de Nederlandse banken niet ‘dienstbaar’ maken, zoals de titel van het eindrapport van de commissie suggereert, stelt Dik Degenkamp. Reden is dat de onderliggende structuur van de bankensector niet wordt aangepakt. Er wordt te zwaar geleund op het ‘comply or explain’ van zelfregulering. Volgens dat principe houdt een bank zich aan de regels als de bank zich er niet aan houdt en uitlegt waarom dat het geval is. Fluwelen handschoenen De Commissie Structuur Nederlandse Banken (CSNB) heeft een rapport uitgebracht waar de bankenlobby blij mee zal zijn. Een bedrijfstak die á raison van 100 miljard Euro door de Nederlandse overheid – lees: de Nederlandse belastingbetaler – is gered, wordt met fluwelen handschoenen aangepakt. Dat is opmerkelijk gezien de enorme economische en sociale ellende die voor een belangrijk deel door deze sector is veroorzaakt. Het belangrijkste nieuws in de media was dat toekomstige huizenbezitters zelf met 20% spaargeld aan moeten komen zetten, willen zij een hypothecaire lening kunnen krijgen. Voordat het rapport van deze commissie verscheen, was de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) ook al in actie gekomen. Deze club gaat zich bezinnen op een vernieuwing van de Code Banken en daarin zullen worden opgenomen “gemeenschappelijke waarden”, gedragsregels en tuchtrecht. Als klap op de vuurpijl wordt voorgesteld dat alle medewerkers een eed of belofte moeten afleggen. Dat worden dan massale Moonkerk-achtige meetings. Maar feitelijk is dit natuurlijk allemaal flauwekul. Wie suggereert dat een eedaflegging het gedrag van bankiers significant zal beïnvloeden is of een naïeve idealist of een zeer slim cynicus. Ik vermoed dat het laatste hier het geval is en dat de NVB dacht hiermee een eerste slag in de publieke opinie te winnen. Dik Degenkamp oud-hoogleraar rechtswetenschap Rijksuniversiteit Groningen De heer Degenkamp heeft na zijn doctoraal economie zijn doctoraal rechten behaald. Hij was parttime econoom bij de Raad van State en wetenschappelijk medewerker Recht Universiteit van Amsterdam. Nadat hij hoogleraar rechtswetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen was, was hij de laatste vier jaar hoogleraar rechtswetenschap Nyenrode. Structuur niet aangepakt Wie echter wil dat het gedrag van mensen in de bankwereld ingrijpend verandert, zal de structuur van het bankwezen moeten aanpakken en dat gebeurt niet door de NVB en ook niet door de CSNB. De zelfregulering, de codes, regels gemaakt door maar een deel van de belanghebbenden, zijn in de praktijk vaak een wassen neus. Daarin wordt op grote schaal gebruik gemaakt van het zogenaamde ‘comply or explain’-principe; volgens dat principe hou je je aan de regels als je je er niet aan houdt, maar uitlegt waarom je je er niet aan houdt. Een mallotige manier van regelgeven, waar “de keizer heeft geen kleren aan” op past. Mensen spelen maatschappelijke rollen en hoe zij die rol spelen wordt voor een belangrijk deel bepaald door de structuur waarbinnen zij opereren; in dat opzicht is het structure-conduct-performance model niet zo’n gek denkraam. Wil je dat alle mensen niet harder rijden dan 100 km/uur, dan moet je dat technisch onmogelijk maken, een verbod is daarvoor onvoldoende. Daarom moet ook het bankwezen structureel worden hervormd, maatregelen als ringfencing, verhoging van kapitaalbuffers e.d. zijn volstrekt inadequaat. Ook in de CSNB heeft de bankenlobby aardig geboerd. Van een echte scheiding van nuts- en zakenbanken wil de commissie niets weten. Aangesloten wordt bij de commissie Liikanen van de Europese Unie die ook al koos voor een zogenaamde universele bank met interne schuttingen. Schuttingen zijn om er overheen te klimmen en bankiers die gewend zijn aan ‘gaming with the rules’ zullen dat zeker doen. Dus dat hebben onze grootbanken denkelijk al binnengehaald, tot schade van de toekomstige belastingbetalers. Banken te groot Maar, de koek is nog niet op, ook de opgelegde bankenbelasting kan niet de goedkeuring van voorzitter Wijffels wegdragen. Extra belasting betekent minder winst, dus minder mogelijkheid – aldus onze voorzitter - om reserves aan te leggen en het eigen vermogen op te bouwen. Wijffels vermeldde niet dat minder winst ook minder dividend voor aandeelhouders betekent, kennelijk een te teer onderwerp om te vermelden. Want die aandeelhouders hebben – naast grijpgrage bestuurders en suffende toezichthouders - een belangrijke rol gespeeld bij de groei van het Nederlandse financiële waterhoofd. De balansomvang van de Nederlandse banken is in de jaren negentig geëxplodeerd, zie de in mei gepubliceerde risicorapportage financiële markten van het Centraal Planbureau. De hele financiële sector is te groot en de (maar zeer weinige) grote banken zijn ook veel te groot. Daarbij komt nog dat onder de bezielende leiding van sociaal-democraat Kok in het verre verleden, in strijd met de toen geldende wet, de bankverzekeraars zijn ontstaan. De zogenaamde synergie tussen banken en verzekeraars heeft zich nooit geopenbaard, sterker nog, bij voorbeeld SNS hangt nog een super-verzekeringsclaim boven het hoofd wegens de onderlinge verwevenheid van bank en verzekeraar. De Amerikanen hebben de zaken na de grote bankclash veel doortastender aangepakt. In het verre verleden door de Glass-Steagall Act en recentelijk door de invoering van de Volcker rule, die laatste echter voorziet echter ook niet een in totale splitsing van nuts- en zakenbanken. In een half mei door de Europese Commissie rondgestuurd Consultation paper worden de alternatieven nog eens op een rijtje gezet: van functionele scheiding binnen een concern tot echte splitsing. De uitkomst van al dit gedoe valt te voorspellen: de financiële maffia in maatpak gaat winnen, structureel verandert er niets fundamenteels binnen de Europese en de Nederlandse bankensector. De vraag rijst: wie regeert ons eigenlijk en, wordt het misschien tijd voor een democratische revolutie? Ref: Commissie Structuur Nederlandse Banken, 2013, Naar een dienstbaar en stabiel bankwezen . Essay:  De zegeningen van teugelloos topbankieren Download als pdf Terug naar Inhoud Uitleg provisieverbod helpt u bij keuze financiële producten aan de hand van stellingen Bron: AFM Consumenten betalen tegenwoordig direct voor advies over complexe financiële producten, zoals hypotheken, uitvaartverzekeringen of bankspaarproducten. Ze krijgen daardoor te maken met belangrijke vragen als: Heb ik advies nodig en wat kost dat mij, moet ik een serviceabonnement nemen en is het verstandig om zelfstandig een product af te sluiten. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft een aantal stellingen geformuleerd met handige tips. Deze zijn bedoeld om consumenten te helpen bij de beantwoording van deze vragen en het maken van de juiste afwegingen. Deze stellingen zijn gebaseerd op dilemma’s, waarvoor consumenten kunnen komen te staan als zij op zoek gaan naar een financieel product en/ of financieel advies. Voor 2013 was advies gratis Ik moet verplicht een serviceabonnement afsluiten Het is het goedkoopst om zelf een financieel product af te sluiten In het dienstverleningsdocument staat precies wat ik ga betalen Ik heb geen advies nodig Een adviseur vergelijkt voor mij alle mogelijke producten Op een vergelijkingssite krijg ik gratis advies Waarom is het provisieverbod ingevoerd? Sinds 1 januari van dit jaar is het provisieverbod van kracht. Consumenten betalen hun adviseur nu direct voor advies over complexe financiële producten. In het verleden betaalden ze daar indirect voor: de advieskosten waren verwerkt in de productprijs. Een adviseur of bemiddelaar ontving toen provisie als hij een ingewikkeld financieel product afsloot. Deze beloning ontving hij van de bank of verzekeraar. Daardoor was zijn advies mogelijk niet altijd in het belang van de klant omdat  hij bijvoorbeeld koos  voor een product dat hem een hoge provisie opleverde. Het provisieverbod heeft als doel daar een einde aan te maken. Omdat consumenten nu direct betalen voor advies, is het belangrijk dat ze zich goed oriënteren op verschillende adviseurs voordat ze een keuze maken. Daar kunnen de stellingen bij helpen. Ook het dienstverleningsdocument is een nuttig hulpmiddel, want dat stelt consumenten in staat om adviseurs goed met elkaar te vergelijken. Terug naar Inhoud Economie veert onverwacht op, maar blijft precair Bron: 25 Juli 2013 Presseurop Berliner Zeitung, Financial Times, Les Echos Voor Berliner Zeitung is het “einde van de recessie in Europa” in zicht. De Berliner Zeitung is in 1945 opgericht in Oost-Berlijn en werd ten tijde van de DDR beheerd door het staatsmonopolie op de pers. Sinds de Val van de Muur is de krant centrumlinks georiënteerd; vandaag de dag is het het meest gelezen dagblad van Berlijn. Op de website staan artikelen uit de papieren krant en een zeer uitgebreide culturele agenda van Berlijn met recensies over tentoonstellingen, concerten, lezingen en films. De krant is in 2011, na jaren van financiële moeilijkheden, gefuseerd met de Frankfurter Rundschau en is nu onderdeel van de uitgeversgroep DuMont.  Berliner Zeitung,  Berlijn, Duitsland,   Taal : Duits   Oplage : 145.000 website:  Berliner Zeitung  De krant baseert zich op de laatste inkoopmanagersindex (PMI), waarvoor ongeveer drieduizend bedrijven in Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje, Oostenrijk, Ierland, Griekenland en Nederland zijn onderzocht. De index vormt een van de meest betrouwbare indicatoren van toekomstige economische groei. Voor het vaststellen van de index is vooral gekeken naar de productie en geregistreerde orders. In juni stond de PMI op 50,4 punten voor de eurozone. In 2012 was dat voor dezelfde maand 45,1 punten. Het is “een verrassing”, schrijft Berliner Zeitung. Volgens de Duitse krant “wijzen meerdere factoren erop dat het beter gaat met de economie van de landen in Zuid-Europa en dat de kloof in Europa tussen het relatief stabiele noorden en het zwakke zuiden kleiner wordt.” De Financial Times is het toonaangevende zakendagblad van de ‘City’ en de rest van de wereld. Hij biedt een zeer uitgebreide berichtgeving over internationale politiek, business en financiën. De Financial Times is opgericht in 1888 en is een van de weinige kranten die meer aandacht besteden aan buitenlands- dan aan binnenlands nieuws. De krant heeft Europese, Aziatische, Amerikaanse en, sinds april 2008, een Midden-Oosteneditie. Sinds 2006 werkt de redactie voor zowel de papieren- als de Internetversie.  Financial Times,  Londen, Engeland,   Taal : Engels   Oplage : 448.000 website:  Financial Times ,  gratis (beperkt) account  mogelijk Ook the Financial Times schrijft dat de opleving “onverwacht” is, helemaal omdat de economie van China – een belangrijke afzetmarkt voor Duitsland – minder snel groeit dan voorheen. De krant schrijft: Deze gegevens maken het aannemelijk dat de Europese Centrale Bank (ECB) zal vasthouden aan zijn huidige beleid. Deze maand nam de ECB zijn eerste ‘voorwaartse leidraad’ aan, een belofte dat voor een aanzienlijke tijd de rentes laag zullen blijven. Verder gaf de Bank aan bereid te zijn de rentes nog verder te verlagen als de economische cijfers verslechteren. Parijs - Taal : Frans - Oplage : 132 000 Les Echos  is opgericht in 1908 en is hét financieel-economisch dagblad van Frankrijk. Het is in handen van de groep LVMH (Louis Vuitton Moët Hennessy) en is liberaal georiënteerd. In de kolommen van de rubriek Idées et Débats staan analyses van gerenommeerde economen zoals Joseph Stiglitz en Kenneth Rogoff. De website bestaat sinds 1996 en biedt artikelen uit de papieren versie alsmede journalistenblogs. Les Echos waarschuwt echter dat de “kredietbeoordelaars nog niet klaar zijn met het straffen van de eurolanden”. Het Franse financieel-economische dagblad benadrukt: De vooruitzichten van veertien van de zeventien eurolanden staan bij ten minste één kredietbeoordelaar op ‘negatief’. België, Italië en Spanje zijn de meest waarschijnlijke kandidaten voor een verlaging van de kredietwaardigheid. […] Van de een op de andere dag kunnen Moody’s en S&P de Spaanse staatschuld in het rijtje van landen met een junkstatus zetten waardoor investeerders zich zullen terugtrekken. Terug naar Inhoud EU-VS: Vrijhandelszone, de voors en tegens Bron: presseurop Martin Tlapa 30 Juli 2013 ekonom Praag De trans-Atlantische vrijhandelszone waarover de EU en de VS onderhandelen, zal zowel Europa als de Verenigde Staten voordeel opleveren. Maar het wordt echter wel een forse uitdaging voor de Europese interne markt en zal ook zwaar drukken op de economieën van opkomende landen. Martin Tlapa Tsjechische econoom en specialist op het gebied van het handelsbeleid van de EU. Hij heeft een lange carière als diplomaat achter de rug en was in het verleden een hooggeplaatst medewerker van het ministerie van Industrie en Handel. Hij doceert aan de Hoge School voor Economie in Praag. Met bijna de helft van het internationale bruto binnenlands product (BBP) en bijna een derde van het totale handelsvolume wereldwijd zijn de Europese Unie en de Verenigde Staten al de grootste handels- en investeringspartners ter wereld. Mochten ze erin slagen om tot overeenstemming te komen over hun ambitieuze vrijhandelsakkoord, dan zullen de economische activiteiten van alle EU-lidstaten en de Verenigde Staten samen een zeer sterke groei vertonen. Naar alle waarschijnlijkheid zullen de traditionele intracommunautaire handelsrelaties hierdoor echter minder sterk worden. Een ander gevolg is dat bepaalde lidstaten minder afhankelijk worden van de Europese interne markt, die toch een van de voornaamste successen en voordelen van de Europese integratie mag worden genoemd. ekonom is opgericht in 1991 en is het grootste economische en politieke weekblad van Tsjechië. Het blad is onderdeel van de Economiagroep die tevens eigenaar is van het weekblad Respekt en het financiële dagblad Hospodárské noviny. Praag -  Taal  Tsjechisch - oplage: 93.000 Verdubbeling handel tussen Duitsland en VS De interne markt wordt gevormd door vier pijlers, te weten vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal, en is de grootste economische ruimte ter wereld. Dankzij deze markt konden de vele administratieve en technische barrières tussen de binnenlandse markten van de lidstaten onderling opgeheven. Het uit de weg ruimen van de belemmeringen op het gebied van regelgeving in het handelsverkeer met de Verenigde Staten en het verlies van de huidige voordelen die [de EU-lidstaten] het recht geven op een voorkeursbehandeling op de Europese interne markt, zullen vrijwel zeker leiden tot verschillen in handelsbetrekkingen. “ De voordelen van de Europese interne markt zijn vaak het denkbeeldige cement dat de Europese Unie bijeenhoudt. ” Mogelijk komt er een praktische verdubbeling van het handelsverkeer tussen Duitsland en de Verenigde Staten. Datzelfde zou kunnen gelden voor de totale omzet in het handelsverkeer tussen de Verenigde Staten en Italië, Griekenland en Portugal. Naar verwachting zou het handelsverkeer tussen Duitsland en Frankrijk daarentegen met 23 procent kunnen dalen en tussen Duitsland en het Verenigd Koninkrijk zelfs met 40 procent.De voordelen van de Europese interne markt zijn vaak het denkbeeldige cement dat de Europese Unie bijeenhoudt. De vraag is dus of een verzwakking van het economische partnerschap geen direct effect op de Europese “eenheid” in haar geheel zal hebben. Verschil Noord- en Zuid-Europa wordt niet groter In deze context moeten we beslist voor ogen houden dat dit vrijhandelsakkoord tussen de EU en de Verenigde Staten, hoe ambitieus het ook is, waarschijnlijk niet zal leiden tot een vergelijkbare harmonisatie als de bestaande harmonisatie tussen de EU-lidstaten onderling [en dat die daarmee zou kunnen concurreren]. Er kan dus geen sprake zijn van een eventuele Euro-Amerikaanse Unie en evenmin van de Verenigde Staten van Euro-Amerika. Bovendien kan het instellen van een trans-Atlantische vrijhandelszone zelfs helpen om voortgang te boeken bij het proces ter voltooiing van de interne markt en bij het vrijgeven van terreinen waar nog sprake is van excessieve regelgeving en gedeeltelijke barrières in het handelsverkeer. “ Toch zullen ook de economieën van Spanje en Italië een sterke stijging van de groei laten zien, omdat hun dure import producten uit EU-lidstaten deels vervangen zullen worden door goedkopere producten uit de VS. ” Het faciliteren van handelsverkeer tussen de Verenigde Staten en de EU leidt tot een verhoging van de economische activiteiten en tot een verlaging van de productiekosten en inkoopprijzen. Dit vertaalt zich in een toename van de economische groei. De landen die het meest profijt hebben van het akkoord zijn de lidstaten die van oudsher al goede handelsbetrekkingen hebben met de Verenigde Staten, zoals het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Toch zullen ook de economieën van Spanje en Italië een sterke stijging van de groei laten zien, omdat hun dure importproducten uit EU-lidstaten deels vervangen zullen worden door goedkopere producten uit de VS. Een van de conclusies uit een rapport van de Duitse denktank Bertelsmann-Stiftung over de onderhandelingen tussen de EU en de VS luidt overigens dat het trans-Atlantisch vrijhandelsakkoord de verschillen tussen de noordelijke EU-landen met hun traditioneel sterke economieën en de door de crisis zo zwaar getroffen zuidelijke EU-landen niet groter zal maken. Het tegendeel lijkt eerder het geval. De grote verliezers: de BRIC-landen De vrijhandelszone tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten is het voornaamste bilaterale handelsakkoord in de geschiedenis, niet alleen qua volume in handelsverkeer, maar vooral vanwege de invloed op de internationale handel in zijn geheel. Het akkoord tussen de twee belangrijkste aanjagers van de wereldeconomie is een duidelijk signaal, afgegeven door twee partners die krachtig genoeg zijn om nieuwe regels voor de wereldwijde economische markten in de 21e eeuw te bedenken en om die markten te beïnvloeden. De opstellers van het rapport beweren dat de mogelijke voordelen voor de ondertekenaars van het akkoord door verliezen in andere landen zullen worden gecompenseerd. Naar alle waarschijnlijkheid zullen de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China), wier export naar de Europese Unie en de Verenigde Staten met 10 procent respectievelijk 30 procent zou kunnen dalen, er het meeste onder te lijden hebben. Verkiezingen win je niet met vrijgeven handel Tot slot [zo signaleert het rapport], moeten we realistisch blijven wat het tijdsschema betreft. Het ambitieuze doel was om het trans-Atlantisch handelsakkoord binnen twee jaar te sluiten, maar dat strookt waarschijnlijk niet met de complexiteit van het akkoord. Binnenkort weten we welke kant de onderhandelingen opgaan en welke dynamiek er heerst. De Verenigde Staten zetten in op de behoefte van Brussel om een sterke impuls te geven aan een zwakke Europese economie. De onderhandelaars moeten echter beseffen dat zodra de huidige Amerikaanse president aftreedt, er ook een einde komt aan deze “gunstige gelegenheid” om over een akkoord te onderhandelen. Tegelijkertijd geldt aan weerszijden van de Atlantische Oceaan dat je de verkiezingen niet wint met het vrijgeven van de internationale handel. Verwante artikelen: "Vrijhandelsbesprekingen EU-VS: De deal van de eeuw: wat zijn de belangen?" The Daily Telegraph Londen "Vrijhandelszone EU-VS: Een goede deal voor Cameron en Obama" Presseurop The Wall Street Journal Europe, Die Welt, Frankfurter Allgemeine Zeitung, Die Tageszeitung "Europa-VS: Vier redenen om tegen de ‘economische NAVO’ te zijn" Welt am Sonntag Berlijn "EU-VS: De Verenigde Staten van het Westen" Presseurop Handelsblatt "Internationale handel: EU en VS starten handelsbesprekingen" Presseurop The Wall Street Journal Europe  Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Meedoen kan Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving HCC Beleggen Symposium op 5 oktober 2013 Bron: HCC Beleggen redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium "Het beste van de beurs" waneer 5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte in De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Een entreebewijs voor het 61-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

6 augustus 2013

...

Nieuwsbrief20130701

inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130701 Economen en de club van de zichtbare hand Massawerkloosheid:   We kunnen er maar beter aan wennen Nieuwe regels voor banken in problemen Uitzettingen op buitenlandse private partijen toegenomen Strengere regels voor ratingbureaus van kracht Meldingsdrempel naar 3% en melden bruto shortposities Vestia en andere swapaffaires: wel of geen speculatie? Meedoen kan Zet 5 oktober 2013 vast in uw agenda Agenda Economen en de club van de zichtbare hand Bron: Harry van Dalen, Me Judice 4 juni 2013 De systematische bestrijding van armoede kan als een succes van de economische denkkracht van economen als Marshall, Keynes en vele anderen worden gezien. Dit is de leidraad die Sylvia Nasar in haar boek The Grand Pursuit heeft gekozen. Volgens Harry van Dalen is het boek weliswaar een echte 'page turner' maar de lezer zal volgens hem toch met een aantal vragen blijven zitten. De keuze van zogenaamde genieën is willekeurig en kwestieus en de jacht naar welvaart lijkt verdacht veel op een 'feelgood movie', waarbij de invloed van economen te mooi wordt voorgesteld. De sociale ingenieurs Economen worden vaak gezien als betweters. Gevraagd en ongevraagd beklimmen economen hun zeepkist en geven hun mening en advies ten beste wat overheden moet doen of laten. Markten falen altijd wel ergens in de wereld en dan is een helpende hand welkom. Maar wanneer begon die drang om het lot in eigen hand te nemen? Wanneer dachten economen dat hun denkraam ook wel eens dienst konden doen om de economie te beheersen? Sylvia Nasar stelt in haar boek Grand Pursuit dat de activistische econoom wakker werd geschud door de ellende en armoede die heerste in de negentiende eeuw. De industriële revolutie moest nog zijn waarde bewijzen, arbeiders trokken van het platteland naar de stad, waar de armoede allerminst leek af te nemen. De ‘Poor Laws’ - het sociale vangnet voor de armen - was zeker niet in staat om daar verandering in te brengen en er was meer nodig en actief worden ingegrepen. Weg derhalve met de onzichtbare hand, de krachtige metafoor van Adam Smith, die ervoor zorgt dat privaat en publiek belang samen kunnen vallen. In haar boek vertelt Nasar hoe economen met verbeeldingskracht en zendingsdrang op zoek gingen naar instrumenten om het harde en naargeestige leven zoals dat in de beste boeken van Dickens wordt beschreven, te laten verdwijnen. Vanaf Marx en Marshall worden we geleid naar de Fabian Society van Beatrice en Sidney Webb, Keynes, Schumpeter, Hayek, Robinson, Samuelson, Sen en nog vele anderen. Het is het verhaal van de club van de zichtbare hand, een groepje economen die de economie in een wetenschap veranderde en die het idee deden postvatten dat je het lot van een land in eigen hand kon nemen en de toekomst maakbaar was. Echte 'page turner' Laat één ding duidelijk zijn: Sylvia Nasar weet als journalist een verhaal te vertellen. Aan de hand van vele persoonlijke documenten worden economen mensen van vlees en bloed. Sex, KGB-spionage, liefdesaffaires, inzinkingen, oorlog, bankroet, politieke intriges, het komt allemaal aan bod en het boek is van begin tot eind een ware ´page turner´. Zoals het een goed journalist betaamt speelt ze de bal via de band en krijg je als lezer zelf de gelegenheid om je eigen conclusies te trekken. Stuk voor stuk zijn de hoofdstukken juweeltjes van journalistiek. In haar beschrijving van het werk van Keynes, ten tijde van de vredesconferentie in Parijs en het Bretton Woods-akkoord, is Nasar op haar best. Vooral het schetsen van de historische en politieke context werpt licht op de ideeën; een kwaliteit die je niet vaak bij vakeconomen tegenkomt. Nasar is weliswaar een kunstige rapporteur van het economisch denken, maar niet zelf een denker. En dat is helaas haar achilleshiel. Hoe mooi de individuele hoofdstukken ook zijn, wie het boek dichtklapt blijft met gemengde gevoelens achter. Hoofdstukken eindigen vaak abrupt en ook de epiloog van het boek is kort en gemakzuchtig alsof Nasar geen ideeën heeft hoe ze de geschiedenis kan interpreteren. Het is een kunstig in elkaar geweven verhaal waarin een collectie van uitzonderlijke individuen voorbij komen die - zoals zij het neerzet - leefden in tijden van hoop (negentiende eeuw), angst (interbellum) en zelfvertrouwen (na de Tweede Wereldoorlog). Maar stel dat buitenstaanders Grand Pursuit lezen om een blik op de economenwereld te krijgen, geeft haar verhaal dan een accuraat beeld? Nasar dekt zich in door te stellen dat het boek geen exercitie in de geschiedenis van het economisch denken is, maar “een verhaal van de geboorte van een idee.” Misschien ben ik een ongevoelige ziel, maar dat lijkt verdacht veel op de geschiedenis van het denken. ..maar rammelend verhaal De geloofwaardigheid van haar verhaal wordt deels ontkracht doordat het een selectieve lezing van de geschiedenis van het economisch denken is. Zo plaatst Nasar de geboorte van de econoom bij Marx en Marshall als reactie op Malthus. Dat is ongenuanceerd omdat juist Malthus, niet alleen officieel de eerste econoom in Engeland was, maar ook precies in het rijtje van Nasar past van de ‘genieën’ die lieten zien dat mensen het lot in eigen hand konden nemen. In 1798 kwam Malthus met zijn Essay on the Principle of Population, waarin hij niet alleen de spanning tussen economie en bevolkingsgroei aangaf, maar vooral ook de Utopische denkers van zijn tijd aanviel. In de latere uitwerkingen van zijn essay stelt Malthus dat de kwaliteit van leven van de armen verbeterd kon worden als zij, door onderwijs, op latere leeftijd zouden trouwen en kinderen krijgen. Niet voor niets stelt John Stuart Mill in 1844 dat “het weliswaar als een paradox kan worden opgevat, maar het is historisch gezien juist dat vanaf dat moment [verschijnen van Malthus Essay] de economische positie van de werkende klasse door denkers werd gezien als vatbaar voor structurele verbetering.” Harry van Dalen Hoogleraar Economie aan de Universiteit van Tilburg Werkzaam als senior onderzoeker bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) te Den Haag en hoogleraar economie aan de Universiteit van Tilburg. Hij publiceerde in 1996 (samen met Arjo Klamer) het boek Telgen van Tinbergen – Het verhaal van de Nederlandse economen, Meesters van de Welvaart (redactie, met Frank Kalshoven) en De Cirkel van goede intenties – De economie van het publieke belang (2005, samen met Coen Teulings en Lans Bovenberg). Zijn onderzoek omvat onder andere migratie, vergrijzing, economie van de publieke sector en geschiedenis van het economisch denken. Van Dalen was in het verleden verbonden aan het Ministerie van Economische Zaken, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ook was hij columnist Economie in de Volkskrant van 1991-1995. Hij is oud-secretaris van de Raad van Economisch Adviseurs dat van 2005-2007 de Tweede Kamer van financieel-economisch advies diende, en de Onderzoekscommissie DSB Bank die op 29 juni 2010 haar eindrapport uitbracht. Hij is in 1991 gepromoveerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Het begin van het boek is daarmee twijfelachtig, maar ook in de rest van het boek rammelt het. Zeker als men de ondertitel van het boek, The Story of Economic Genius, serieus neemt. Echt geniaal waren wellicht Marshall en zijn leerling Keynes. De laatste vooral doordat hij een nieuwe taal en nieuwe blik op de macro-economie bood. Het zijn echter de detonerende figuren in haar boek die het verhaal van genialiteit ontkrachten. Het verhaal van de Britse econome Joan Robinson wordt kleurrijk beschreven, maar wat vooral bijblijft is het beeld van een krankzinnige vrouw met heel veel haar op haar tanden, die zich in haar bekeringsdrang graag voor de kar van Mao en Stalin liet spannen. Het geniale van Robinson heb ik zelf ook nooit in haar werk kunnen ontdekken. Zij ging zeker niet op zoek naar de echte omstandigheden waaronder Russische en Chinese boeren en burgers leefden. Ook Paul Samuelson wordt ten tonele gevoerd en ook hij moet als een vreemd element in haar verhaal worden gezien. Samuelson was een geweldig wiskundig econoom maar bij uitstek toch iemand die economie vanuit de leunstoel bedreef. Een houding die tot verkeerde beleidsaanbevelingen kan leiden als het contact met de realiteit uit het zicht verdwijnt. Nobelprijswinnaar Ronald Coase heeft dan ook meermalen de sterk deductieve benadering van Samuelson bekritiseert als ‘blackboard economics’. Kortom, de parade van economen heeft in Grand Pursuit iets willekeurigs. Het belang van economie Wat nog het meest door mijn hoofd bleef spoken bij lezing was de vraag of we de welvaart van nu werkelijk aan economen te danken hebben. Te gemakkelijk wordt het idee geaccepteerd dat de ideeën van economen er toe doen en zegevieren. Hoewel ik mijn vak een warm hart toedraag word ik een beetje ongemakkelijk van dit soort ‘feelgood’-verhalen en gevolgtrekkingen. Met even veel recht kan men ook de positie innemen dat economen er volstrekt niet toe doen en dat politici alleen maar luisteren naar de economische verhalen die ze willen horen. Daarnaast laat de geschiedenis van het denken ook zien dat economen erg goed kunnen uitleggen wat zich in de achteruitkijkspiegel afspeelt, maar wat er onder hun neus gebeurt bevindt zich vaak in hun dode hoek. De industriële revolutie gaf bijvoorbeeld vele economen een eerste hands kijk op wat technische vooruitgang zou kunnen betekenen. De klassieke economen die in die tijd leefden (Malthus, Mill, Ricardo) hielden echter vast aan een stationair wereldbeeld. Aan de vooravond van beurscrash van 1929 zaten Keynes, Fisher, Schumpeter er allemaal naast en alleen Hayek voorvoelde dat er iets stond te gebeuren. Als lezer zou je op z’n minst een poging willen horen op deze belangrijke waarom-vragen. Maar nog belangrijker is dat het naoorlogse beeld dat geschetst wordt van het economenvolk onvolledig is. Nasar noemt dit een periode van zelfvertrouwen, maar ik zou het eerder een periode van hoog- of overmoed noemen waarin economen als sociale ingenieurs dachten dat ze de economie konden bedwingen. Hayek was een van de weinigen die de pretentie van kennis in deze periode aanstipte. De mechanisering van ons wereldbeeld, waar Hayek naar verwees en die zijn oorsprong vond in de negentiende eeuw, is na de oorlog niet alleen sterker geworden maar is ook overgegaan in een economisering van ons wereldbeeld. Model en werkelijkheid beginnen steeds meer in elkaar over te vloeien (Van Dalen, 2011). Over die schaduwkanten krijg je niet veel te horen en daarmee is het verhaal van de jacht naar welvaart een onvoltooid verhaal. Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Massawerkloosheid:   We kunnen er maar beter aan wennen Bron: Presseurop, Público Lissabon, José Manuel Fernandes, 27 Juni 2013 De EU-leiders zullen tijdens de Europese Raad op 27 en 28 juli proberen de werkgelegenheid een nieuwe impuls te geven, met name voor jongeren. Maar in Portugal – en ook in veel andere Europese landen – begint de werkloosheid steeds meer een structurele realiteit te worden, die op de lange termijn niet met specifieke maatregelen valt op te lossen. Volgens cijfers van Eurostat telde de Europese Unie in mei 2013 26,5 miljoen werklozen.Volgens cijfers van Eurostat telde de Europese Unie in mei 2013 26,5 miljoen werklozen. Het gebeurde in de Rua das Portas de Santo Antão [straat in het centrum van Lissabon, red.]. Er kwam een man op me af, die mij vroeg of ik misschien wist waar hij werk kon vinden. Hij vertelde me dat hij uit Arouca [plaats ten oosten van Porto, red.] kwam, waar hij hovenierswerk deed. Hij maakte een wanhopige indruk op me. Het enige dat ik hem kon aanraden, was om op bouwplaatsen te gaan vragen of er werk voor hem was. En ik moest onwillekeurig denken dat hij in de omgeving van Arouca meer kans zou maken dan hier in Lissabon. In de tijd van mijn grootmoeder trokken mensen naar de hoofdstad in de hoop zich aan hun lot van eeuwige armoede te onttrekken. Wie nu naar Lissabon trekt, doet dat vooral uit wanhoop, zoals ik dat ook bij deze man waarnam. Voor de gek houden De werkloosheidsstatistieken zijn rampzalig. Politici geloven op de een of andere manier – met meer of minder overtuiging – dat zij iets kunnen doen tegen de werkloosheid. Dat ze die zelfs snel omlaag kunnen brengen. Maar ze houden zichzelf en ons voor de gek. Hoe aangrijpend al die verhalen van mannen en vrouwen uit Arouca, Lissabon en andere plaatsen ook mogen zijn, de waarheid is dat de hoge werkloosheid nog lange tijd zal aanhouden. En niet alleen in Portugal. Twee jaar geleden voorzag niemand dat de werkloosheid in Portugal tot zo´n hoog niveau zou stijgen. Maar wat men zich vooral niet kon voorstellen was een werkloosheidspercentage van bijna 18 procent zonder dat dit tot grote protesten zou leiden. Als je de kranten van 2009, 2010 en 2011 doorbladert, is het niet moeilijk om sombere voorspellingen te vinden over oproer dat zou uitbreken als de werkloosheid tot 10, 12 of 15 procent zou stijgen. Inmiddels zijn deze percentages zelfs overschreden en is er niets van deze voorspellingen uitgekomen. Wat is er gebeurd? Meer banen verloren dan verwacht Om te beginnen heeft de ontwikkeling van de werkloosheid de verwachtingen overtroffen, doordat deze niet verliep zoals de ´coëfficiënten´ van macro-economen voorspelden. Door de recessie gingen er meer banen verloren dan verwacht, omdat er meer banen gevaar liepen dan men zich had voorgesteld. Vooral in de handel en de horeca, aangezien dit de sectoren waren waarin wij het liefst een bedrijf startten. Daardoor heeft Portugal per duizend inwoners vier keer meer restaurants en cafés dan het Europese gemiddelde. Bovendien besteedden de Portugezen – gerekend naar percentage van het inkomen – tweemaal zoveel aan maaltijden buiten de deur als Duitsers. De veranderde eetgewoonten die we in deze tijden van crisis waarnemen, zijn fataal gebleken voor deze economische sector. Hetzelfde fenomeen deed zich ook voor in andere arbeidsintensieve sectoren, zoals in de bouw. Het probleem is dat als de economische activiteit aantrekt – áls dat al gebeurt – het niet te verwachten valt – en ook niet wenselijk is – dat de cafeetjes opnieuw als paddenstoelen uit de grond zullen schieten. Ook een opleving van de bouw is niet erg waarschijnlijk. Dit betekent dat het niet eenvoudig zal zijn de huidige werkloosheid op te lossen. Integendeel. Grootste industriële investering In april van dit jaar heeft Galp [Portugese oliemaatschappij, red.] zijn gerenoveerde raffinaderij in Sines in gebruik genomen. Het ging hier om de grootste industriële investering uit de Portugese geschiedenis: 1,4 miljard euro. De raffinaderij zal een enorme impact hebben op onze betalingsbalans, aangezien wij nu diesel zullen gaan exporteren. Dat is allemaal prachtig. Behalve wat de impact op de werkgelegenheid betreft: er komen slechts honderd banen bij. Dat is dus niets, of bijna niets. Dit voorbeeld zegt veel over de dilemma´s van de moderne economieën. Enorme investeringen, waaronder investeringen in de zware industrie, kunnen grote gevolgen hebben voor het concurrentievermogen en de betalingsbalans, maar leveren slechts heel weinig banen op. Soms leiden ze zelfs tot een daling van het aantal werknemers. Wat voor Galp geldt, geldt voor het merendeel van de industriële sector, zowel in Portugal als in de rest van Europa. Minder banen creëren Daarom moeten wij ons enigszins terughoudend opstellen tegenover de beloften over ´herindustrialisatie´, waar onze bestuurders en hun Europese collega´s momenteel de mond vol van hebben: dat kan gunstig zijn voor het bbp, maar weinig invloed hebben op de werkgelegenheid, en een van de grote problemen in Europa is nu juist de werkloosheid. Denk alleen maar aan de zes miljoen arbeidsplaatsen die de afgelopen vier jaar in heel Europa zijn geschrapt, zoals de Internationale Arbeidsorganisatie onlangs in een rapport meldde. Maar de problemen beperken zich niet tot de industrie en de automatisering van processen. Ze doen zich ook voor in andere sectoren, zoals de dienstensector. Daar heeft innovatie tot meer efficiency geleid, met als resultaat dat dezelfde dingen – of zelfs meer dingen – bijna altijd met minder mensen worden gedaan. Ook de meest innoverende sectoren van onze economieën, zoals de sectoren die gelieerd zijn aan nieuwe technologieën en biowetenschappen, kunnen zeer winstgevend zijn en een grote omzet genereren, maar ze creëren minder banen dan vergelijkbare investeringen in traditionelere sectoren – sectoren die al verzadigd zijn. Chronische werkloosheid Público  Lissabon, Portugal Taal : Portugees,  Oplage : 42.000 website: Público Sinds zijn oprichting in 1990 heeft het orginele en moderne ‘Publiek’ zich al snel een plek verworven in het eentonige journalistieke landschap van Portugal. De krant laat zich inspireren door grote Europese dagbladen en biedt wereldnieuws op uitstekende wijze. Net als de andere dagbladen brengt deze toonaangevende krant elke week verscheidene bijlagen, zoals het culturele magazine Pública. De site is een echte webportal, die nieuws brengt dat elk uur geactualiseerd wordt, en verschillende diensten aanbiedt die gerelateerd zijn aan de papieren editie. De eerste online versie dateert van 1996 en is zich blijven ontwikkelen. Een sterk punt van deze site : complete dossiers over actuele Portugese thema’s.   Er zijn in Europa nog andere factoren die het scheppen van meer werkgelegenheid in de weg staan. De eerste is het gebrek aan innovatie. Op dit gebied lopen wij erg achter vergeleken met de Verenigde Staten. De tweede factor wordt gevormd door de betrekkelijk hoge arbeidskosten en de weinig flexibele arbeidsmarkt. Om eenzelfde product te maken heeft een Amerikaanse fabriek meer arbeiders, terwijl een Europese fabriek meer robots gebruikt. Deze laatste lijkt moderner, maar heeft te kampen met de ons bekende werkgelegenheidsproblemen. De derde factor is een ongunstige demografische ontwikkeling. Deze zorgt voor grote financiële druk, doordat de kosten op het gebied van sociale bescherming sterk stijgen. Tegelijkertijd betekent dit minder vers bloed en minder slagvaardige en innoverende mensen die tot de arbeidsmarkt toetreden. Het zal niet eenvoudig zijn om verandering te brengen in deze situatie. Het is algemeen bekend dat als een groei van meer dan 2 procent uitblijft, er per saldo geen nieuwe banen bijkomen. Een dergelijke groei is echter steeds meer een utopie – in Portugal, in Spanje, in Frankrijk en wellicht zelfs in Duitsland. Dit betekent dat het erg moeilijk voor ons wordt om de werkloosheid op te lossen. Het meest waarschijnlijke is dan ook dat wij nu een tijdperk van chronische werkloosheid binnengaan. Behalve als wij bereid zijn ons sociale contract ingrijpend te veranderen. Vernieuwende oplossingen We hoeven alleen maar aan het volgende dilemma te denken: bijna overal in Europa heeft de hogere levensverwachting en de onhoudbaarheid van de pensioenstelsels de regeringen ertoe aangezet om de pensioengerechtigde leeftijd te verhogen. Er lijkt geen andere uitweg te zijn, gezien de traditionele scheiding tussen kinderjaren en jeugd, en werkende leeftijd en ouderdom. Als de ouderen echter langer actief blijven op een stagnerende arbeidsmarkt, dan maken ze geen arbeidsplaatsen vrij voor de jongeren. En dat vertaalt zich in een recordwerkloosheid onder jongeren. Maar aangezien onze economieën een grote populatie gepensioneerden niet kunnen betalen, lijkt de situatie muurvast te zitten. Behalve als je denkt aan vernieuwende oplossingen, zoals het instellen van overgangsperiodes tussen de actieve leeftijd en het pensioen, die gekenmerkt worden door deeltijdbanen met een lager loon. We moeten dus nieuwe manieren verzinnen om een goed te verdelen dat waarschijnlijk zeldzamer is dan we dachten – betaald werk – en anders leren aankijken tegen vrije tijd, vrijetijdsbesteding en leefpatronen die minder worden bepaald door een onbegrensde toegang tot consumptiegoederen. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Nieuwe regels voor banken in problemen Bron: Presseurop Financial Times, El Periódico de Catalunya, 27 Juni 2013 Europa is weer een stap dichter bij een bankenunie nu de EU-ministers van Financiën vanochtend vroeg overeenstemming hebben bereikt over hoe ze verliezen op de crediteuren van omgevallen banken kunnen verhalen, schrijft de Financial Times. De Financial Times is het toonaangevende zakendagblad van de ‘City’ en de rest van de wereld. De krant heeft een groot formaat en is gedrukt op zalmroze papier. Hij biedt een zeer uitgebreide berichtgeving over internationale politiek, business en financiën. De Financial Times is opgericht in 1888 en is een van de weinige kranten die meer aandacht besteden aan buitenlands- dan aan binnenlands nieuws. De krant heeft Europese, Aziatische, Amerikaanse en, sinds april 2008, een Midden-Oosteneditie. Sinds 2006 werkt de redactie voor zowel de papieren- als de Internetversie. De website is net als zijn papieren voorbeeld sober van opzet.   Financial Times,  Londen, Engeland,   Taal : Engels   Oplage : 448.000 website:  Financial Times ,  gratis (beperkt) account  mogelijk Het financiële dagblad wijst erop dat de overeenkomst richting “een bankenunie van de eurozone gaat die uiteindelijk de kosten van toekomstige reddingsplannen voor banken zou kunnen delen”. Volgens de krant hebben de Europese belastingbetalers al ongeveer € 1,6 triljoen uitgetrokken voor banken die het sinds de 2008 moeilijk hebben vanwege de financiële crises. Hoewel het Europees Parlement er nog over moet stemmen voordat de overeenkomst in 2018 van kracht wordt, zou het verdrag in staat zijn “aandeelhouders, obligatiehouders en sommige spaarders ertoe te dwingen bij te dragen aan de kosten van een bankfaillissement”, terwijl individuele klanten, kleine bedrijven en verzekerde tegoeden tot € 100.000 ontzien zouden worden. Dit "dagblad van Catalonië" is opgericht in 1978 in Barcelona. Het blad is populair en serieus, centrum-links georiënteerd en vanoudsher komt het op voor de belangen van de Cataloniërs. In het begin bestond het alleen in het Catalaans, maar vandaag is de krant in het Spaans en bestaat er sinds 1997 een Catalaanse versie. Het behoort tot de Barcelonese persgroep Zeta. Het was de eerste krant die in 1994 een website lanceerde. De site bestaat zowel in het Spaans als in het Catalaans, en biedt de mogelijkheid hele pagina’s in PDF-formaat uit te printen.  El Periódico de Catalunya,     Barcelona, Spanje,  Taal : Spaans  Oplage : 150.000 website:  El Periódico Voor El Periódico, is het besluit van Ecofin: " van essentieel belang om het Europese bankensysteem te verstevigen en te voorkomen dat fouten van bankiers opnieuw betaald moeten worden door de burgers, door middel van injecties met publieke middelen en kortingen op sociale uitkeringen. " In de richtlijn, schrijft de krant, “wordt duidelijk vastgesteld” in welke volgorde de bijdragen in geval van een redding van een bank zullen plaatsvinden: “eerst de aandeelhouders, dan de houders van preferente aandelen en achtergestelde schuldeisers [zogenaamde junior-crediteuren, die minder goed verzekerd zijn, red.], als derde obligatiehouders en als vierde de eigenaren van tegoeden hoger dan 100.000 euro.” De lidstaten wordt een zekere mate van flexibiliteit verleend. Ze zullen daardoor direct, maar beperkt –na goedkeuring van de Europese Commissie- kunnen ingrijpen: " Duitsland en zijn bondgenoten hebben geëist dat de kosten voor deze flexibiliteit gefinancierd worden met nationale (publieke of private) middelen en dat er alleen om Europese hulp met staatsgarantie kan worden gevraagd als een land in moeilijkheden verkeert, zoals in het geval van Spanje. Directe herkapitalisatie door middel van het Europese reddingsfonds blijft het laatste redmiddel. " Terug naar Inhoud Uitzettingen op buitenlandse private partijen toegenomen Bron: DNB De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector namen in het eerste kwartaal toe met 62 miljard euro.Meer dan de helft van deze groei richtte zich op de private sector onder meer via in waarde gestegen aandelenbelangen. Deze groei deed zich vooral voor op de Verenigde Staten waar de uitzettingen toenamen met bijna 22 miljard euro. De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse banken, pensioenfondsen en verzekeraars samen stegen in het eerste kwartaal van 2013 met 3,6% tot EUR 1.781 miljard. Alle drie hiergenoemde typen financiële instellingen droegen bij aan deze groei, waarbij de ontwikkeling bij de pensioenfondsen relatief het sterkste was (+ 4,8%). Naar land bezien vond de stijging in de buitenlandse uitzettingen vooral op de Verenigde Staten plaats, met ruim een derde van de toeneming van de gezamenlijke buitenlandse uitzettingen (bijna 22 miljard euro). Pensioenfondsen zagen hun uitzettingen op de Verenigde Staten met ruim EUR 13 miljard stijgen. Dit betrof een groei van de aandelenportefeuille, hoofdzakelijk een gevolg van de koerswinsten op de aandelenbeurzen en de Amerikaanse dollar. Zo steeg de Dow Jones in het eerste kwartaal met 11%. Ook de Nederlandse banken vergrootten hun belangen in de Verenigde Staten als gevolg van toegenomen treasury-activiteiten, waaronder repo- en effectentransacties. De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op het eurogebied namen met EUR 17 miljard toe. Vooral de banken breidden hun exposures uit, onder meer in Frankrijk. Voorts vergrootten de banken ook hun uitzettingen op de Belgische overheid door middel van de aankoop van staatsobligaties. Verzekeraars breidden hun exposures op Frankrijk en Duitsland met in totaal 3 miljard euro uit door eveneens staatsobligaties aan te schaffen. Binnen het eurogebied, uitgezonderd Nederland, kochten pensioenfondsen in het eerste kwartaal voor ruim EUR 3 miljard aan vastrentende waarden van debiteuren, vooral van overheden. Tegelijkertijd leden verzekeraars, pensioenfondsen en banken een licht koersverlies op hun obligatieportefeuilles als gevolg van de opgetreden stijging van de kapitaalmarktrentes. De exposures van de Nederlandse financiële sector op het Verenigd Koninkrijk zijn met ruim EUR 5 miljard gedaald. Deze daling is volledig toe te schrijven aan de Nederlandse banken (EUR -9 miljard),  hetgeen zowel de private sector als de overheid betrof. Deze afneming werd ten dele gecompenseerd door de toegenomen uitzettingen van Nederlandse pensioenfondsen op de Britse private sector (EUR +3 miljard) vanwege onder andere koerswinsten op aandelen. Als gevolg van de uitbreiding van de uitzettingen op de Verenigde Staten zijn de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op dit land weer het grootst. Eind 2012 nam Duitsland nog de koppositie in (grafiek 1). Vooral de pensioenfondsen zijn verhoudingsgewijs sterk vertegenwoordigd in de VS. Kenmerkend is dat de totale Nederlandse financiële belangen in de VS zich sterk richten op de private sector (82%).   Buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse banken, pensioenfondsen en verzekeraars , maart 2013 In Duitsland daarentegen is het aandeel van de uitzettingen op de private sector kleiner (36%), omdat de Nederlandse financiële sector zich veel meer toelegt op obligaties van vooral de Duitse overheid (grafiek 2). Ook voor Frankrijk geldt dat. Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op buitenlandse sectoren, maart 2013 Download:   Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op de geselecteerde landen - 2013K1 (XLS: 94.5 Kb) Terug naar Inhoud Strengere regels voor ratingbureaus van kracht Bron: Redactie, AFM, Wikipedia Ratingbureaus, ook wel kredietbeoordelaars 1) genoemd, moeten sinds 20 juni aan strengere regels voldoen die hen meer verantwoordelijk maken voor hun handelen. De nieuwe regels zijn verder gericht op het verminderen van de te grote afhankelijkheid bij het gebruik van ratings en op verbetering van de kwaliteit van het ratingproces. Ook moeten ratingbureaus transparanter zijn als ze landenratings uitgeven. Dat heeft de Europese Commissie in een nieuwe verordening vastgelegd. Kredietwaardigheids ratings als gehanteerd door de 4 grootste kredietbeoordelaars voor lange en korte termijn schulden De zogenoemde credit rating agencies zijn belangrijke spelers op de financiële markten. Ratings hebben een directe impact op de activiteiten van beleggers, kredietnemers, uitgevende instellingen en overheden. Een afwaardering van een bedrijf kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor het kapitaalsbeslag van een bank; een lagere rating van  overheidsschuld kan de kosten voor het lenen op de kapitaalmarkt duurder maken voor dat land. ESMA houdt in Europa toezicht op CRA’s. Een overzicht van de vijf belangrijkste wijzigingen door de nieuwe regelgeving. 1. Verminderd overmatig vertrouwen op ratings In lijn met G20-toezeggingen, verminderen de nieuwe regels de afhankelijkheid van externe ratings. Financiële instellingen moeten hun eigen kredietrisicobeoordeling versterken en niet uitsluitend en automatisch op externe ratings vertrouwen. Europese toezichthoudende autoriteiten dienen verwijzingen naar externe ratings te vermijden. Aan deze autoriteiten wordt gevraagd  hun regels en richtlijnen onder de loep te nemen om te zien of ze referenties naar ratings kunnen verwijderen als ze mechanistische effecten zouden kunnen creëren. De regelgeving bevat ook een richtlijn om de afhankelijkheid van externe ratings in de sectorale wetgeving voor collectieve beleggingsfondsen (icbe's), beheerders van alternatieve beleggingsfondsen (AIFMD) en instellingen voor pensioenvoorziening (IORPD) te verminderen. 2. Verbeterde kwaliteit van de ratings van de overheidsschuld van de EU-lidstaten Om marktverstoring te voorkomen, hebben  ratingbureaus voortaan een kalender die aangeeft wanneer zij de lidstaten zullen waarderen. Dergelijke (wijzigingen van) ratings worden beperkt tot drie keer per jaar voor ‘unsolicited’ landenratings. Afwijkingen van deze methodiek van ‘ongevraagde’ ratings blijven mogelijk in uitzonderlijke omstandigheden en alleen als de CRA een passende uitleg geeft. Bovendien moeten de ratingbureaus beleggers en de lidstaten op de hoogte te brengen van de onderliggende aannames van elke rating, zodat een beter begrip van de landenratings ontstaat. 3. Ratingbureaus worden ter verantwoording geroepen voor hun daden De nieuwe regels maken ratingbureaus meer verantwoordelijk voor hun ratings. Ze zorgen ervoor dat een CRA aansprakelijk kan worden gesteld in het geval van grove nalatigheid en als daardoor schade ontstaat voor een investeerder of een uitgevende instelling. 4. Verminderde belangenconflicten als gevolg van het beloningsmodel De CRA-verordening is opgezet om de onafhankelijkheid van ratingbureaus te verbeteren en belangenconflicten te elimineren door de invoering van verplichte roulatie voor bepaalde complexe gestructureerde financiële instrumenten (re-securitisaties). Er zijn ook beperkingen met betrekking tot het aandeelhouderschap van de ratingbureaus. Om het risico van belangenconflicten te verminderen, vereisen de nieuwe regels dat ratingbureaus aandeelhouderbezit van 5 procent of meer van het kapitaal of de stemrechten openbaar maken. Daarnaast zijn er beperkingen ten aanzien van aandelenbezit van meerdere CRA’s (cross-aandeelhouderschap). 5. Publicatie van de ratings op Europese Rating Platform Alle beschikbare ratings zullen vanaf juni 2015 op een Europees Rating Platform worden gepubliceerd. Dit zal de vergelijkbaarheid en de zichtbaarheid van ratings van financiële instrumenten door erkende CRA’s verbeteren en moet ook beleggers helpen om hun eigen kredietrisicobeoordeling te maken. Als onderdeel van de CRA-regelgeving dient de Europese Commissie eind 2016 verslag te doen over de wenselijkheid en haalbaarheid van het ondersteunen van een Europees ratingbureau dat zich toelegt op het beoordelen van de kredietwaardigheid van de overheidsschulden van de lidstaten en / of een Europese CRA voor overige ratings. Deze nieuwe regels zijn een toevoeging op de reeds bestaande CRA-verordeningen uit 2009 en 2011. 1) De bekendste kredietbeoordelaars zijn: Fitch Ratings, Moody's en Standard & Poor's. Zij zijn eind 19e eeuw ontstaan om grote beleggers meer duidelijkheid te geven over investeringen in de spoorwegen. Tegenwoordig hebben zij ongeveer 90 procent van de westerse markt in handen. In het verleden werden de kredietbureaus door de investeerders betaald, sinds de tweede wereldoorlog worden zij gefinancierd door de overheden en bedrijven die financiers willen aantrekken. In 2003 kwam er voor het eerst kritiek omdat de energiereus Enron tot het faillissement een hoge rating behield. Bij het uitbreken van de kredietcrisis gebeurde dit opnieuw toen de pakketten met hypotheken ondanks een hoge beoordeling toch zwaar giftig bleken. Andersom gebeurde recenter: december 2009 besloot Fitch de rating van Griekenland onverwacht te verlagen. Prompt liepen de tarieven voor Griekenland om zijn schulden te financieren op. Al gauw werden de beoordelaars als boeman afgeschilderd in de eurocrisis terwijl deze toch door jarenlang wanbeleid en gesjoemel met cijfers was ontstaan.De Chinese tegenhanger van deze Amerikaanse beoordelaars is Dagong Global Credit Rating. Zij verlaagden al twee keer de rating van Amerikaanse obligaties voordat S&P dat op 5 augustus 2011 voor het eerst deed. Meer over kredietbeoordelaars zie de Credit rating agency pagina (engelstalig) in Wikipedia Terug naar Inhoud Verlaging meldingsdrempel naar 3 procent en melden bruto shortposities Bron: AFM Op 1 juli 2013 treedt een wetswijziging in werking die bepaalt dat voor de melding van aandelen en zeggenschap de eerste drempelwaarde daalt naar 3 procent. Dat is nu nog 5 procent. Ook de meldingsplicht van bruto shortposities wordt geïntroduceerd. Deze meldingsplicht geldt naast de meldingsplicht van een netto shortpositie onder de Short selling Verordening. De wetswijziging vloeit deels voort uit het advies van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft de markt geconsulteerd over de definitie en de berekening van een bruto shortpositie. Terug naar Inhoud Vestia en andere swapaffaires: wel of geen speculatie? Bron: Piet Duffhues, Me Judice, 28 juni 2013. Vooral door de Vestia-affaire is het beeld ontstaan dat semi-publieke organisaties actief zijn gaan speculeren op de renteontwikkeling door het kopen van renteverzekeringen (zogenoemde swaps). Speculeren lijkt niet de juiste term, omdat de swaps juist bedoeld zijn om het financiële risico van renteschommelingen te verkleinen. Dat gebeurt alleen op een manier die ook weer risico met zich meebrengt – in deze zin is er wel sprake van speculatie. Risico is er namelijk altijd, met of zonder swap, stelt Piet Duffhues. De vraag is hoe er het best mee is om te gaan. Achtergrond: hoe kon het zo fout gaan met de swaps? Door het financiële debacle met renteverzekeringen (swaps) van de Rotterdamse woningcorporatie Vestia is het beeld ontstaan dat deze swaps eerder speculatief ingezet worden dan als middel voor risicoafdekking. Verschillende vergelijkbare casussen zoals bij ziekenhuizen en zelfs tenminste een universiteit deden zich voor. De publiciteit rond deze debacles neemt nog steeds toe, mede door de vele vragen die erdoor worden opgeroepen. Steeds speelt de vraag wie precies verantwoordelijk was voor de grote deals in de beheersingsinspanningen rondom renterisico’s. Zo mogelijk nog belangrijker is de vraag hoe dergelijke transacties konden worden goedgekeurd – ondanks het bestaan van allerlei gremia van bestuurlijke en toezichthoudende instanties. De financiële positie van de organisaties is in vele gevallen grote schade toegebracht wegens hoge rentelasten en/of zwakke liquiditeit. Er is op verschillende fronten blijkbaar niet juist geoordeeld (Raad van Bestuur, Raad van Commissarissen, toezichthouders Den Haag). Opvallend is dat het zo vaak fout is gegaan; swaps zijn op grote schaal in brede kring gebruikt. Dit vraagt om een antwoord op de vraag in hoeverre is het aangaan van een renteswap speculatief is te noemen. Met of zonder swap: focus op de toekomstige rente Er moet iets mis zijn met het afdekkingsconcept zo lijkt het. Als dat waar is, is er mogelijk ruimte voor het naast elkaar bestaan van een speculatieve en een niet-speculatieve kwalificatie van een swap afhankelijk van de gekozen interpretatie. Om dit te beoordelen moeten we naar de werking van een renteswap kijken. Doel is een variabele rente economisch om te vormen in een vaste rente (de zgn. ‘swaprente’). Men leent variabel en verbindt daaraan een daarvoor geschikte swap. Het vaste rente karakter van de swaprente kan het idee geven dat het renterisico is afgedekt zodat van speculatie geen sprake is. Toch is dit niet juist omdat de rente op de financiele markten (de zgn. ‘marktrente’) onvoorspelbaar is; hierdoor kunnen er verschillen ontstaan tussen de swaprente en de marktrente. Achteraf kan bijvoorbeeld blijken dat de renteswap beter niet was aangegaan: men zit opgescheept met een te hoge vaste swaprente. Concurrenten die niet hadden afgedekt genieten van de lagere marktrente (ten opzichte van de gecontracteerde swaprente). De hedge pakt dan met andere woorden verkeerd uit en is geen hedge. In het slechtste geval betekent dat de ondergang van de ‘hedgende’ partij. Piet Duffhues Emeritus hoogleraar Ondernemingsfinanciering aan de Universiteit van Tilburg. Prof.dr.Piet J.W.Duffhues (1941), sinds 2006 Emeritus hoogleraar Ondernemingsfinanciering aan de Universiteit van Tilburg. Hij studeerde Bedrijfseconomie met als specialisatie Ondernemingsfinanciering aan de Universiteit van Tilburg (UvT). Promoveerde aan de UvT op het proefschrift ‘Ondernemingsfinanciering: oriëntatie op integratie’ (promotor Prof.dr.P.W.Moerland). Is sinds medio 1999 gewoon hoogleraar (full professor) in Ondernemingsfinanciering aan de Universiteit van Tilburg en aan Tias Business School.  Heeft uitgebreid netwerk in de financiële wereld in Nederland. Werkt sinds emeritaat in april 2006 als full professor in Finance in deeltijd bij het Departement Financiering van de Universiteit van Tilburg. Dit kan dus zeker niet worden gekwalificeerd als niet-speculatief, integendeel: de swapper gaat door het afsluiten van een renteswap een gok aan over de geldende toekomstige marktrente tijdens de looptijd van de swap die vaak meerdere jaren omvat. De toekomstige rente is niet te voorspellen. De conclusie tot nu toe is dat het renterisico niet wordt afgedekt door een renteswap aan te gaan. De waarde van de swap kan voor de hedger een groot verlies opleveren als de swaprente hoger is dan de marktrente (negatieve netto contante waarde). Hieruit kan het stellen van onderpand voortvloeien (tegenpartijrisico). Waarom dan toch het gevoel van een solide afdekking? Focus op de liquiditeit Het antwoord op de wat de bron is van het gevoel van het bereiken van een solide afdekking middels swaps is dat de vaste swaprente de toekomstige uitgaande geldstroom vastprikt voor het betalen van rente. Het is daarmee een liquiditeitsgedreven financieel instrument. Het afdekken heeft –afgezien van tegenpartijrisico in de swap – blijkbaar betrekking op de bijdrage van een swap aan de liquiditeitshandhaving van de swapper. Dat is iets anders dan de vraag of men de juiste (toekomstige) rente heeft gehedged (wat niet het geval is; zie boven) . Liquiditeit en waardeveranderingen van swaps tijdens de looptijd moeten met andere woorden duidelijk worden onderscheiden. Het afsluiten van renteswaps geeft geen enkele zekerheid over de economisch juiste toekomstige rente (dat is wat moet ik betalen als ik strikt variabel financier?), wel over het liquiditeitsbeslag samenhangend met de te betalen rente. Met die conclusie is het afsluiten van renteswaps altijd een speculatieve transactie (zodat de pers toch gelijk heeft in haar kwalificatie van speculatief gedrag): een onderneming of elke andere organisatie kan er grote concurrentienadelen door oplopen doordat men mogelijk de verkeerde rente betaalt in de kostprijs. Sluit men echter geen swap af dan betaalt men wel de economisch juiste rente (dus de term ‘’afdekking ‘’ is dan juist gerechtvaardigd!) maar men speculeert ook dan, namelijk dat de toekomstige variabele rente wel eens tot een hoog liquiditeitsbeslag kan leiden (als de rente stijgt). Er is derhalve altijd speculatie zowel door swappers als door niet-swappers. Waarom geen vaste rente? Maar waarom dan niet meteen een vaste rente gecontracteerd ? Ook in dat geval speculeert de onderneming op het niveau van de toekomstige rente. Die wordt immers net als bij de swap vastgeprikt voor een toekomstige periode maar dat hoeft niet de economisch correcte vaste rente te zijn gedurende de (aflopende) looptijd. Een voordeel is wel dat geen onderpanden hoeft te stellen zoals bij een swap wel mogelijk is: er is geen tegenpartijrisico. Tabel 1 geeft een samenvattend overzicht van de verschillende leenmogelijkheden. Tabel 1: Wijze van lenen en gevolgen voor zekerheid economisch correcte rentelast en liquiditeitsbeslag (1) Wijze van lenen (2) Rentelast zeker/ onzeker (3) Liquiditeitsbeslag rentelast zeker/onzeker (4) Liquiditeitsbeslag wegens onderpand variabel lenen, geen swap correcte economische rentelast onzeker   nee, onderpand niet van toepassing variabel lenen, met swap gok op  correcte economische rentelast zeker ja, onderpand van toepassing vastrentend lenen gok op correcte economische rentelast zeker nee, onderpand niet van toepassing Variabel lenen met swap en vastrentend lenen verschillen slechts in kolom 4. Variabel lenen zonder en met swap verschillen in alle kolommen 2 tot en met 4.          Uit tabel 1 vloeit de vraag voort waarom ondernemingen variabel lenen met swap verkiezen in plaats van vastrentend te lenen. De swap geeft in kolom 4 immers een liquiditeitsrisico (‘ja’) zoals Vestia dat heeft moeten ervaren en dat risico bestaat niet als men vastrentend leent (‘nee’). Een belangrijk antwoord is een te realiseren rentevoordeel in kolom 2: de swaprente is mogelijk lager dan de actuele marktrente op het moment van de swaptransactie. Dit voordeel staat tegenover het nadeel in kolom 4. De swapbeslissing is een afweging tussen onder andere deze twee factoren. Is de onderneming in staat om met een gunstige rating goedkoop te lenen op de variabele rentende markt dan kan een aanvullende swaptransactie haar per saldo een lagere vaste rentelast opleveren dan wanneer ze rechtstreeks vastrentend leent. Tot slotDrie opmerkingen als afronding: De rentelast in de toekomst is alleen economisch correct als men variabel leent zonder swap (kolom 2); een renteswap geeft geen enkele garantie op de economische correctheid van de toekomstige rentelast (kolom2) en is daardoor altijd speculatief: de pers heeft gelijk in haar kwalificatie van boosdoeners. Maar dit gaat verder: elke swap is een nieuwe speculatie. Een renteswap geeft wel zekerheid over het toekomstige liquiditeitsbeslag inzake de rentelast (kolom 3); een renteswap geeft daarnaast echter onzekerheid over het toekomstige liquiditeitsbeslag omdat het mogelijk is dat de tegenpartij onderpanden eist tijdens de looptijd van de swap (kolom 4). Deze eis vervalt als geen gebruik wordt gemaakt van swaps maar van opties op swaps (‘swaptions’). Variabel lenen met een swaption geeft in kolom 2 een zekere economisch correcte rentelast. Bijna alle organisaties motiveren het gebruik van swaps als afdekking (‘hedge’). Die motivatie kan niet slaan op de pretentie dat men uiteindelijk de economisch juiste rentelast betaalt (zie kolom 2) , wel dat zij de invloed van variabele rentebetalingen op de liquiditeit hebben uitgeschakeld (kolom 3). Bovendien draagt men het liquiditeitsrisico van kolom 4 in het algemeen nauwelijks uit naar de buitenwereld. Dit was zeker het geval bij Vestia waar het afdekkingsconcept blijkbaar sloeg op kolom 2 van tabel 1. Terug naar Inhoud Meedoen kan. Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud   IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen.  Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl Zet 5 opktober 2013 vast in uw agenda: Bron: Redactie wat 61 ste HCC Beleggen Symposium waneer   5 oktober 2013 aanvang 10.00 uur waar Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4  3731 CL  De Bilt aktiviteit hele dag diverse lezingen in twee zalen door boeiende sprekers, kennismaken met en hernieuwen van kontakt met medebeleggers,  kennismaken met regiogroepen, nieuwe ontwikkelingen, boeken en programmatuur en kennis maken met financiele diensten, producten en innovaties bij flink aantal leveranciers locatie-info: Gezellig luch-restaurant aanwezig, Parkeren gratis, In midden van Nederland goede aansluiting op snelwegen, Bereikbaar per openbaar vervoer Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

1 juli 2013

...

Nieuwsbrief20130601

inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130601 Sterke stijging fondsvermogen beleggingsfondsen Misleidend: Risicovolle producten alternatief sparen. Staat speculeert met ING-hypotheken Europa lijkt korte metten te maken met bezuinigingen Beperking Witteveenkader kan economie oppepper geven Aandacht voor tegenvallende opbrengst beleggingsverzekeringen blijft nodig Peking zaait tweedracht onder Europeanen Overheid laat bouwprojecten verstoffen HCC Beleggen zoekt organisatorische talenten Agenda Sterke stijging fondsvermogen Nederlandse beleggingsfondsen Bron: DNB In het eerste kwartaal van 2013 is het fondsvermogen van de Nederlandse beleggingsinstellingen met 4,5% k-o-k (EUR 25,2 miljard) toegenomen tot EUR 581,1 miljard (zie figuur 1). De stijging van het fondsvermogen werd met name veroorzaakt door koerswinsten op de aandelenbeleggingen. Het aantal Nederlandse beleggingsinstellingen nam toe van 1517 ultimo 2012 naar 1538 in het eerste kwartaal van 2013. De beleggingsinstellingen behaalden een positief totaalrendement van 3,8% k-o-k op hun beleggingen in het eerste kwartaal van 2013. In het voorgaande kwartaal rapporteerden de beleggingsinstellingen een totaalrendement van 1,6% k-o-k. Het positieve totaalrendement werd vooral veroorzaakt door een koerswinst van 7,7% k-o-k (omgerekend in euro’s) op de beleggingen in aandelen (zie figuur 2). De MSCI World index (benchmark, gemeten in euro’s) steeg in dezelfde periode met 10,0% en de AEX-index met 1,6%. Op de beleggingen in staatsobligaties – die voor het grootste deel uit obligaties van landen uit het eurogebied bestaan – werd een koersverlies geleden van 1,4%. Dit is in lijn met de daling van de iBoxx Euro Sovereign All Maturities index (een benchmark) met 0,5% in het eerste kwartaal van 2013. Op de portefeuille van bedrijfsobligaties werd een koerswinst behaald van 1,1% k-o-k. De netto-inleg bedroeg EUR 3,8 miljard en was nagenoeg geheel afkomstig van institutionele beleggers. Huishoudens legden - na 9 kwartalen op rij van onttrekkingen – wel weer geld in, alhoewel de netto-inleg in de Nederlandse beleggingsinstellingen gering van omvang was (EUR 18 miljoen). Aandelenfondsen waren met een netto-inleg van EUR 2,6 miljard het populairst onder beleggers, in het bijzonder de aandelenfondsen die in opkomende markten beleggen (EUR 2,3 miljard). Ook hedgefondsen (EUR 0,5 miljard), gemengde fondsen (EUR 0,2 miljard) en de overige fondsen (EUR 1,7 miljard) rapporteerden een netto-inleg. Aan vastgoedfondsen (EUR 0,6 miljard) en obligatiefondsen (EUR 0,5 miljard) werd geld onttrokken door beleggers in het eerste kwartaal van 2013. Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Misleidende reclames prijzen risicovolle producten aan als alternatief voor sparen Bron: AFM De Autoriteit Financiële Markten (AFM) ziet de laatste tijd reclames voor financiële producten als verzekeringen of beleggingen, waarin sterk de indruk wordt gewekt dat het gaat om een alternatief voor een spaarrekening of –deposito. Deze producten bieden echter niet dezelfde zekerheid, maar kennen juist grotere risico’s en in sommige gevallen hogere kosten. Dergelijke reclames kunnen consumenten op het verkeerde been zetten en zijn daarom misleidend. Reclame-uitingen over financiële producten moeten volgens de wet correct, duidelijk en niet misleidend zijn. Onder misleiding verstaat de AFM reclames waarin ‘appels met peren’ worden vergeleken, zoals een verzekering of een belegging gelijk stellen aan een spaarrekening. De AFM treedt op tegen dergelijke uitingen. Ze adviseert daarnaast consumenten alert te zijn op de algemene voorwaarden van een product. Oplettendheid is zeker gewenst als een aanbieder niet onder toezicht staat van de AFM. Verzekering De AFM ziet onder meer reclame-uitingen voor verzekeringen waarmee consumenten geld opzij zetten voor later. Zo’n verzekering is vaak een combinatie van zelf geld inleggen en een overlijdensrisicoverzekering. Als de verzekerde eerder overlijdt dan de einddatum van de spaarverzekering, keert deze verzekering direct uit aan de nabestaanden. In tegenstelling tot een normale spaarrekening, kunnen hier extra kosten (voor de verzekering) bij komen kijken. Grond en goud Daarnaast bieden sommige marktpartijen grond- en goudbeleggingen aan als alternatief voor een spaarrekening. Grond- en goudbeleggingen zijn echter aanzienlijk meer risicovol. Zo is het voorgespiegelde rendement onzeker en lopen beleggers het risico een deel van hun inleg kwijt te raken. Deze beleggingen zijn dan ook geen geschikt alternatief voor een spaarrekening. Depositogarantiestelsel Daar komt bij dat het depositogarantiestelsel niet van toepassing is op deze verzekerings- en beleggingsproducten. Het depositogarantiestelsel garandeert dat consumenten hun spaargeld tot 100.000 euro per rekeninghouder terugkrijgen als een bank failliet gaat. Banken met een vergunning van de Nederlandsche Bank (DNB) vallen onder het depositogarantiestelsel. In het Wft-register van DNB kunnen consumenten nagaan of hun bank onder deze regeling valt. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden bieden consumenten meer duidelijkheid over de werkingvan een product, waaronder over de risico’s, de kosten en eventuele garanties. De AFM adviseert consumenten de algemene voorwaarden goed te lezen. Als de werking  van het product daarna nog steeds onduidelijk is, kunnen consumenten contact opnemen met de aanbieder om daar hun vragen te stellen. Ook is onafhankelijk advies over beleggingen en verzekeringen een optie. Daarvoor moet wel apart worden betaald. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Staat speculeert met ING-hypotheken Bron: MeJudice De Staat moet de ING hypothekenportefeuille verkopen, stelt de Amsterdamse hoogleraar economie Roel Beetsma. Deze portefeuille is in 2009 in handen van de Staat gekomen om ING te redden. Nu is deze noodgreep niet meer nodig. Bovendien loopt de Staat een fors beleggingsrisico. In feite is de Staat nu aan het speculeren op een verdere waardestijging van deze portefeuille. Redding Na de val van Lehman in 2008 moest ING gered worden, eerst met een kapitaalinjectie door de Staat van 10 miljard, later, begin 2009, door het overnemen van het grootste deel van de Alt-A hypothekenportefeuille in de V.S. Van de staatssteun wordt de laatste tranche terugbetaald in mei 2015. Er is echter nog geen concreet einde in zicht voor de steun via de Alt-A hypotheken. Het gevolg is dat ING beperkt wordt in zijn beleid. ING wil dan ook graag dat de Staat haar deel van de Alt-A portefeuille van de hand doet. De Staat geeft hier echter nog geen gehoor aan. Roel Beetsma Hoogleraar Macro-economie aan de Universiteit van Amsterdam Voordat hij naar Amsterdam kwam, doceerde hij aan de University of California, Berkeley, University of British Columbia en DELTA in Parijs. Zijn onderzoeksinteresse omvat de macro-economische consequenties van vergrijzing, pensioensystemen, monetaire unies en de interactie tussen overheidsfinanciën en monetair beleid. Hij is als research fellow verbonden aan Netspar, CEPR, Londen, CESifo in München en het Kiel Institute of World Economics. Hij is gepromoveerd aan de Universiteit van Tilburg in 1993. De reden hiervoor is niet helder, maar is mogelijk gelegen in het feit dat de waarde van de portefeuille de laatste tijd sterk is gestegen en dat de minister van Financiën hoopt op een nog verdere stijging door de aantrekkende economie in de V.S. Noodzaak weg Om verschillende redenen zou het echter onverstandig zijn wanneer de Staat nog langer vasthoudt aan haar belang in de Alt-A portefeuille. De belangrijkste is dat het overheidsingrijpen destijds gebaseerd was op de noodzaak een systeemrelevante bank te redden. Zodra deze noodzaak wegvalt, is er geen enkele reden meer voor de overheid om bij de bank betrokken te blijven. Ervaring leert dat overheidsinmenging in het bedrijfsleven meestal averechts werkt. In het geval van ING wordt het bedrijf gehinderd in zijn activiteiten en wordt de concurrentie binnen de Nederlandse bankensector ondermijnd. Beleggingsrisico De andere reden waarom de overheid zich beter kan ontdoen van haar Alt-A portefeuille is het beleggingsrisico dat ze hiermee loopt. De centrale overheid legt strenge regels op aan lagere overheden om veilig te beleggen, maar bezondigt zichzelf aan speculatie met een risicovol object. Een eventuele verwachting van een prijsstijging is op drijfzand gebaseerd. In min of meer efficiënt werkende financiële markten kunnen verwachtingen van prijsstijgingen alleen samengaan met een risico dat daarmee in overeenstemming is. Anders zou de verwachting allang verdisconteerd zijn in de huidige prijs en blijft er geen ruimte over voor verdere stijging. Terug naar Inhoud Europa lijkt korte metten te maken met bezuinigingen Bron: Presseurop Financial Times, 29 Mei 2013 Bij de beoordeling vandaag door de Europese Commissie van de nationale begrotingen van de 27 EU-lidstaten, zullen drie van de vijf grootste economieën te horen krijgen dat zij een begrotingstekort mogen hebben dat groter is dan 3 procent van het bruto binnenlands product, aldus Financial Times. Frankrijk, Spanje en Nederland mogen deze limiet doorbreken, terwijl Italië ook nog eens bevrijd zal worden van het ingestelde begrotingstoezicht, ondanks toezeggingen van de nieuwe premier Enrico Letta dat hij van plan is een serie belastingverhogingen ongedaan te maken, die door zijn voorganger Mario Monti tot stand was gebracht. De Commissie stemt in met deze concessies op voorwaarde dat de nationale regeringen hun arbeidsmarkt verder hervormen. De Commissie wijt de hoog oplopende werkloosheid in de EU aan het onvermogen van de nationale overheden om dergelijke hervormingen door te voeren. Terug naar Inhoud Beperking Witteveenkader kan economie oppepper geven Bron: DNB De voorgenomen aanpassing van het zogenoemde Witteveenkader beperkt de fiscaal aftrekbare pensioenopbouw. Hierdoor ontstaat ruimte voor een verlaging van de pensioenpremies, die de economie een behoorlijke impuls kan geven. Onder de zogenoemde omkeerregel mogen in Nederland de pensioenpremies fiscaal worden afgetrokken, terwijl de pensioenuitkeringen belast zijn. De overheid stelt een maximum aan de aftrek van pensioenpremies via het zogenoemde Witteveenkader. In het Regeerakkoord is afgesproken dit maximum te verlagen van 2,25 procent per jaar nu naar 1,75 procent in 2015 [noot 1]. Daarnaast zal over inkomens boven 100.000 euro niet langer fiscaal vriendelijk pensioen kunnen worden opgebouwd. Het sociaal akkoord geeft de sociale partners de mogelijkheid nog met aanpassingen van deze maatregelen te komen, waarvoor 250 miljoen euro ter beschikking is gesteld. Ook na de versobering van het Witteveenkader is de pensioenambitie in Nederland hoog in vergelijking met andere landen. Bovendien leidt de verhoging van de pensioenleeftijd tot een langere opbouwperiode. Waar nu in 40 jaar maximaal 90 procent van het gemiddelde loon aan pensioen kan worden opgebouwd, kan een huidige jongere na de versobering van het Witteveenkader in 45 arbeidsjaren nog steeds een pensioen van bijna 80 procent van het gemiddelde loon bereiken.[Noot 2] Daarnaast staat het mensen natuurlijk vrij zonder fiscaal voordeel te sparen voor aanvullend pensioen. De beperking van het Witteveenkader dient primair een bezuinigingsdoelstelling, maar kan ook de bestedingen stimuleren. Er vallen namelijk voor circa 9 miljard aan pensioenpremies vrij. Voor zover dit bedrag niet hoeft te worden gebruikt om de pensioenpremies op kostendekkend niveau te brengen, kan het volledig worden teruggesluisd naar de werknemers. Dit stoelt op de gedachte dat zowel het werkgeversdeel als het werknemersdeel van pensioenpremies uitgesteld loon vormen. Aldus zou een substantiële en permanente impuls aan de koopkracht van huishoudens worden gegeven. In plaats hiervan zouden ook de pensioenregelingen kunnen worden verbeterd, bijvoorbeeld door de indexatie­ambitie te verhogen. Welke optie wordt gekozen, is een zaak van de sociale partners. Niettemin roept het kabinet hen op om – voor zover de financiële opzet van het pensioenfonds dit toelaat – in te zetten op het verlagen van pensioenpremies. Hier ligt inderdaad een mogelijkheid de binnenlandse economie aan te jagen zonder de begroting te belasten. Een doorrekening met DELFI – het macro-economische model van DNB – toont dit aan. Na een periode van vier jaar ligt het consumptievolume 2,3 procent hoger, en de economie als geheel 0,6 procent (zie tabel). Aangenomen is dat de vrijvallende premies (na belasting) volledig ten goede komen aan de werknemers. Doordat alle pensioenpremies onderdeel van de loonruimte vormen, gaat een dergelijke loonsverhoging niet ten koste van de internationale concurrentiepositie. Dit is een groot voordeel, gezien het open karakter van de Nederlandse economie. Van belang is verder dat de maatregel meteen tot extra belastingopbrengsten voor de overheid leidt. Het EMU-saldo verbetert daarmee aanzienlijk; uiteindelijk zelfs met meer dan 1 procent van het BBP, mede door het groeiversterkende effect van de maatregel. De berekende effecten zullen lager uitpakken als de vrijvallende premies ook voor andere doeleinden worden gebruikt. Bovendien is het denkbaar dat werknemers – vooral die met hoge inkomens – de beperking van de verplichte pensioenopbouw deels zullen compenseren met extra vrijwillige besparingen. Ook daardoor zouden de bestedingseffecten van de maatregel worden gematigd. Effecten permanente verlaging pensioenpremies i.v.m. versobering Witteveenkader Jaar 1 2 3 4 Bruto binnenlands product (reëel) 0,1 0,3 0,5 0,6 Reëel beschikbaar inkomen 2,1 2,0 2,3 2,4 Particuliere consumptie (reëel) 0,4 1,1 1,8 2,3 Consumptieprijs (HICP) 0,0 0,1 0,2 0,3 Werkloosheid (% beroepsbevolking) 0,0 -0,0 -0,1 -0,2 EMU-saldo (% BBP) 0,7 0,9 1,1 1,1 - >    waarvan al ingeboekt door kabinet 0,2 0,3 0,4 -           De Nederlandse economie heeft er baat bij dat de versobering van het Witteveenkader resulteert in een verlaging van pensioenpremies, die de koopkracht van huishoudens versterkt. Door een combinatie van gematigde loonontwikkeling, oplopende werkloosheid, lastenverzwaringen en stijgende pensioen­premies daalt het reëel beschikbaar inkomen van huishoudens al enkele jaren (zie grafiek). Dit zet de consumptie van huishoudens onder druk. Terugsluis van vrijvallende premies naar huishoudens kan hier tegenwicht aan bieden en de economie een duw in de rug geven. Reëel beschikbaar gezinsinkomen Toelichting grafiek: De hoogte van elk gekleurd deel in een kolom geeft de bijdrage van een inkomenscomponent aan de groei van het totaal. 1 Inclusief overige inkomensoverdrachten. Bron: CBS. Noot 1 - Dit percentage geldt voor middelloonregelingen. Per 2014 wordt het maximale opbouwpercentage al verlaagd naar 2,15 procent. Noot 2 - De koppeling van de pensioenleeftijd aan de verwachte stijging van de levensverwachting resulteert voor een huidige 25-jarige in een verwachte pensioenleeftijd van circa 70 jaar. Zie ook Duin, De onzekere toekomst van de pensioengerechtigde leeftijd, Economisch Statistische Berichten, nr. 4617, 2 september 2011. Terug naar Inhoud Aandacht voor tegenvallende opbrengst beleggingsverzekeringen blijft nodig Bron: AFM Consumenten, adviseurs en verzekeraars moeten aandacht houden voor de afwikkeling van de problemen die kunnen ontstaan door tegenvallende opbrengsten van beleggingsverzekeringen. Vooral beleggingsverzekeringen die bedoeld zijn voor de aflossing van een hypotheek of aanvullend inkomen na pensionering nopen tot actie. Hoe eerder consumenten in actie komen, geholpen door verzekeraars en adviseurs, des te beter zijn financiele problemen in de toekomst te voorkomen. Uit onderzoek van de AFM blijkt dat zeker enkele honderdduizenden houders van een beleggingspolis nog geen actie hebben ondernomen. Verzekeraars moeten zich naast het informeren van hun klanten blijven inzetten voor het activeren van hun klanten, zoals enkele nu al goed oppakken. Zo moeten klanten weten dat ze kosteloos kunnen overstappen naar een ander opbouwproduct. De AFM neemt deze nazorg van verzekeraars mee in haar toezicht en richt zich op de vraag of de inspanningen van de verzekeraars effectief zijn. Adviseurs die hun klanten in het verleden een beleggingsverzekering hebben verkocht, benaderen hun klanten steeds vaker voor een kosteloos hersteladvies. Ook die inspanning is nog steeds nodig, omdat een deel van de adviseurs nog te weinig doet. Ook minister Dijsselbloem van Financien heeft eind april in zijn rapportage aan de Tweede Kamer een oproep gedaan aan adviseurs om dit op korte termijn te doen. RTL-Z meldde  dat de AFM meer compensatie wilde voor beleggingsverzekeringen. De AFM heeft altijd twee problemen gezien met deze producten, zoals ook is uitgelegd in de openbare hoorzitting in de Tweede Kamer in april 2011. De producten waren ondoorzichtig en complex, met hoge kosten tot gevolg. Tegelijkertijd zijn deze producten door de wijze waarop ze zijn verkocht mogelijk niet passend bij de financiele situatie van de consument. Voor het eerste probleem is in meerdere schikkingen een civielrechtelijke tegemoetkoming afgesproken tussen stichtingen van polishouders en verzekeraars voor de hoge kosten van de producten. Daarnaast valt niet uit te sluiten dat consumenten in individuele gevallen bij de rechter kunnen aantonen dat de civielrechtelijke zorgplicht bij de verkoop van hun product is geschonden. Sinds 2006 zijn er nieuwe zorgplicht- en adviesregels waarvan de naleving door financiele ondernemingen gecontroleerd kan worden door de AFM. Het overgrote deel van de beleggingsverzekeringen zijn (ver) voor 2006 afgesloten. Zie ook: RTL-Z Woekerpolisaffaire leeft weer op Terug naar Inhoud Peking zaait tweedracht onder Europeanen Bron: Presseurop Le Monde Parijs 29 Mei 2013 Opnieuw is Europa verdeeld. Opnieuw wil Berlijn afwijken van de lijn die de EU heeft uitgestippeld. En opnieuw zal China aan het langste eind trekken. Le Monde: China daagt de Europese Unie uit. Het is bezig uit te testen of de 27 EU-lidstaten het enige echte bestaande gemeenschappelijke politieke beleid, namelijk het handelsbeleid, overeind kunnen houden. Europa is op het internationale toneel een vreemde eend in de bijt en bestaat slechts bij de gratie van de handel. Gaan de Europeanen ook op dit gebied de handdoek in de ring gooien? Er staat veel op het spel. De test richt zich op een toekomstgerichte bedrijfstak: de productie van zonnepanelen. De Europese commissaris voor Handel, de Belg Karel De Gucht, verdenkt de Chinese fabrikanten in deze sector van massale dumping. Hij wil uiterlijk 5 juni een tijdelijke importheffing van zo’n 47 procent op Chinese zonnepanelen invoeren. Op deze wijze wil hij zich sterk maken voor de Europese bedrijven binnen deze sector. Ongeveer 25.000 banen zouden op de tocht staan door de oneerlijke handelspraktijken van hun Chinese concurrenten. Amerikaanse voetsporen De Gucht is een dapper man. Hij beschikt over een solide dossier.  De commissaris, jurist van beroep, doet niet meer dan in de voetsporen van de Amerikanen te treden. Om niet langer tegen hun gesubsidieerde concurrenten te hoeven opboksen, hebben de Verenigde Staten in het voorjaar van 2012 een heffing van 31 tot 250 procent op geïmporteerde Chinese zonnepanelen ingesteld. De kwestie is niet zo simpel als het lijkt. De industrie van zonnepanelen in Europa is al behoorlijk in verval. De Europese installatiebedrijven zijn niet blij met de voorgestelde maatregel. Het is voor hen belangrijk dat zij de panelen voor een zacht prijsje kunnen inkopen en dan komen ze vanzelf uit bij de Chinezen. Dit verklaart deels waarom zo'n zeventien leden van de EU zich tegen het offensief van De Gucht verzetten. Zij staan onder aanvoering van Duitsland, waarvan China de derde handelspartner is. Duitsland realiseert twee derde van zijn handelsoverschot buiten Europa, vooral in Azië en in het bijzonder in China. Berlijn wil handelsoorlog voorkomen Berlijn wil een handelsoorlog met Peking koste wat kost voorkomen: de Duitse exporteurs zijn bang de Chinese markt kwijt te raken. Voor hen telt deze markt meer dan de eenheid van de Europeanen. Bondskanselier Angela Merkel ontving deze week haar Chinese ambtgenoot Li Keqiang. Zij heeft het heffingsplan van de Commissie in Brussel verworpen en onderhandelingen met Peking voorgesteld. Sommige argumenten van de Europeanen die zich tegen het initiatief van De Gucht keren, snijden ongetwijfeld hout. Maar de methode die zij hanteren, is absurd en contraproductief. Het voorbeeld dat Merkel geeft, is wat dit betreft een ramp. De Chinezen zien namelijk niets liever dan dat de ‘barbaren’ verdeeld zijn. Zowel op het gebied van de handelsbetrekkingen als op andere terreinen weet China de onenigheid onder de Europeanen uit te buiten. Het heeft de middelen om Duitsland onder druk te zetten zodat Berlijn vervolgens de rest van de EU meesleurt. De Europeanen hadden het initiatief van De Gucht publiekelijk moeten omarmen om zich een sterke uitgangspositie te verwerven in eventuele onderhandelingen met China. Dat zou een goede strategie zijn geweest. Kortom, Europa had net als de Verenigde Staten moeten doen. Dan was het niet opnieuw het troetelbeertje van de internationale handel geworden. Terug naar Inhoud Overheid laat bouwprojecten verstoffen Bron: Theo Scholte Bouwend Nederland Bij het Rijk en andere overheden ligt voor meer dan 1 miljard euro aan bouwprojecten op de plank die als gevolg van bestuurlijke traagheid niet worden uitgevoerd. Daardoor zijn er 12.000 onnodige werklozen. Dat stelt ondernemersorganisatie Bouwend Nederland op basis van eigen onderzoek. Volgens het onderzoek is voor scholen 256 miljoen euro beschikbaar, voor monumenten 50 miljoen, voor infrastructuur 300 miljoen en voor duurzaamheid 400 miljoen. Het gaat volgens de organisatie om geld dat een duidelijke bestemming heeft, maar niet wordt besteed. Alleen al het geld dat beschikbaar is voor Rijksmonumenten zou bij daadwerkelijke besteding direct 700 arbeidsplaatsen opleveren. Terug naar Inhoud IG: Computerbeleggersgroep-ZH Sinds de oprichting in 2002 houden wij ons bezig met “Beleggen met behulp van de computer”. Het accent ligt daarbij op het vergroten van de kennis van het ontwikkelen en exploiteren van handelssystemen. Deze zijn vooral gebaseerd op methoden uit de kwantitatieve en statistische analyse. Uiteraard wordt daarbij ook aandacht besteed aan ondersteunende software. Regelmatig besteden we echter ook aandacht aan andere vormen van beleggen zoals Fundamentele analyse. Daarbij gaan we altijd uit van het beschrijven en bespreken van een gestructureerde aanpak die gebaseerd is op objectieve grondslagen. Wij komen 9 keer per jaar bijeen. Afwisselend in Berkel & Rodenrijs en Delft. Klik hier voor meer info    Contactadres: jhbvdmeulen@kpnmail.nl HCC Beleggen zoekt organisatorische talenten Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie De HCC Beleggen Kalender op onze website en  deze Agenda zijn inmiddels een begrip onder beleggers in Nederland en België geworden. Voor veel andere sites zijn wij de de facto bron van informatie. Toch zijn nog niet alle events in onze Agenda opgenomen. Daarom willen we ook aanbieders van seminars, cursussen en beleggersbijeenkomsten in de gelegenheid stellen, zelf hun events aan te kondigen, zowel op ons forum als in onze nieuwsbrieven. Plaatsing van (vrij toegangkelijke) educatieve bijeenkomsten zijn kostenloos. (Bijeenkomsten met een educatief karakter welke niet gratis toegankelijk zijn danwel bijeenkomsten met een niet uitsluitend educatief karakter kunnen onder voorwaarden ook in onze agenda opgenomen worden. Wilt u meer weten neemt u dan even contact  op met de redactie) Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

4 juni 2013

...

Nieuwsbrief20130501

inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130501 Groter renteverschil leidt niet tot toename vast spaargeld Beleggingen in grond niet zonder risico's Hoe een sterke economie zwak kan zijn Europese droom heeft geen bestaansrecht meer? Koninklijke ondernemingen zijn outperformers Drie jaar fouten en verkeerde diagnoses HCC Beleggen zoekt organisatorische talenten Groter renteverschil leidt niet tot toename vast spaargeld Bron: DNB 26 april 2013  Nederlandse huishoudens hebben in maart, vergeleken met dezelfde periode vorig jaar, EUR 7 miljard minder spaargeld uitstaan op deposito’s met een vaste looptijd. In dezelfde periode is het gemiddelde rentevoordeel op een spaarrekening met een vaste looptijd ten opzichte van vrij opneembare spaargelden met 0,5 procentpunt gestegen. Dit renteverschil heeft huishoudens niet kunnen verleiden meer spaargeld vast te zetten. Eind maart 2013 hebben Nederlandse huishoudens ongeveer EUR 328 miljard aan spaargeld op deposito staan bij Nederlandse banken. Dit was ongeveer 4,2% meer dan dezelfde periode een jaar daarvoor. Het grootste deel (EUR 281 miljard) van dit spaargeld is vrij opneembaar, zoals spaarrekeningen die zijn gekoppeld aan een betaalrekening, terwijl  zo’n EUR 47 miljard een vaste looptijd heeft. Hierbij wordt spaargeld voor een bepaalde periode vastgezet tegen een rente die doorgaans iets hoger is dan wanneer het vrij opneembaar is. Het spaargeld dat Nederlandse huishoudens op een deposito met een vaste looptijd zetten, wordt doorgaans voor meerdere jaren vastgezet; per maart 2013 staat hiervan bijna 80% voor meer dan twee jaar vast. Het deel van het spaargeld van Nederlandse huishoudens dat op deposito’s met een vaste looptijd staat is de afgelopen maanden teruggelopen van 17,5% in september 2012 naar 14,4% in maart 2013. Nederlandse huishoudens hebben in maart 2013 bijna EUR 7 miljard minder spaargeld op deposito’s met een vaste looptijd staan dan in dezelfde periode van het jaar ervoor. Eén van de factoren die de verhouding tussen spaargeld op vaste deposito’s en vrij opneembare deposito’s kan beïnvloeden is het verschil in de rente die op beide soorten deposito wordt vergoed. Sinds medio 2012 neemt het verschil tussen de rente op vaste deposito’s en vrij opneembare deposito’s gestaag toe. Eind februari is de rentevergoeding op deposito’s met vaste looptijd gemiddeld ongeveer 1,7 procentpunt hoger, het grootste verschil in meer dan drie jaar tijd. Dit groeiende verschil komt niet tot uiting in de hoeveelheid spaargeld die Nederlandse huishoudens vastzetten. Volgende cijfers op de DNB site:  http://www.statistics.dnb.nl/index.cgi?lang=nl&todo=Bankbedr Spaargeld van Nederlandse huishoudens Rentes van MFI's op leningen en deposito's, met bijbehorende volumes T5.2.6 Jaar/Maand (XLS) T5.2.7 Jaar/Maand (XLS) T5.2.7 Jaar/Kwartaal (XLS) Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Beleggingen in grond niet zonder risico's Bron: AFM De Autoriteit Financiële Markten (AFM) ziet nog altijd veel aanbiedingen om te beleggen in grond. Er worden vooral landbouwkavels in Nederland en in Oost-Europa aangeboden, onder meer via wervende advertenties in landelijke dagbladen en op internet. Aan deze beleggingen kleven beduidend grotere risico’s dan aan bijvoorbeeld spaarproducten. De AFM roept consumenten daarom op om goed onderzoek te doen als ze overwegen te beleggen in grond. Consumenten krijgen bij een aanbod van een belegging in grond vaak een rooskleurig beeld voorgespiegeld. Door schaarste, tijdsverloop en/of speculatie met een wijziging van het bestemmingsplan zouden hoge rendementen kunnen worden gehaald. Daarbij bieden sommige partijen grondbeleggingen aan als alternatief voor een spaarrekening. De AFM wijst erop dat grondbeleggingen aanzienlijk hogere risico’s kennen dan spaarrekeningen en in haar ogen daarom geen geschikt alternatief zijn. De gepresenteerde waardeontwikkeling van landbouwgrond door wijzigingen van bestemmingsplannen is vooralsnog niet waar gemaakt. Zeker nu de grondprijzen onder druk staan, is het de vraag of de voorgespiegelde rendementen realistisch zijn. Daarbij komt dat consumenten ook een (veel) hogere prijs betalen dan de verkoper heeft betaald wat het voorgespiegelde rendement onzekerder maakt. Als de grond of de aanbieder zich in het buitenland bevindt, ontstaat er extra risico voor consumenten. Dat maakt het namelijk lastiger om te controleren wat er met hun ingelegde geld gebeurt en om de aanbieder aansprakelijk te stellen wanneer iets niet in orde is. De AFM houdt sinds 2008 verscherpt toezicht op aanbieders van grondbeleggingen. Er is sindsdien onderzoek verricht naar zesendertig mogelijk illegale aanbieders van en twaalf mogelijk illegale bemiddelaars in beleggingsobjecten. Dat heeft geresulteerd in meerdere handhavingmaatregelen. Ook heeft de AFM notarissen gewezen op de mogelijke vergunningplicht voor aanbiedingen van grond als beleggingsobject. Uit onderzoeken van de AFM is namelijk naar voren gekomen dat er notarissen zijn die meewerken aan de overdracht van kavels grond, ook al hebben de aanbieders daarvoor niet de verplichte vergunning. Dergelijk handelen van de notaris zal in de regel in strijd zijn met de zorgplicht van de notaris. Advies aan consumenten Op de website van de AFM kunnen consumenten meer informatie vinden over beleggen in grond. Ook kunnen ze daar de brochure Verstandig beleggen vinden. Consumenten kunnen bij het Meldpunt Financiële Markten van de AFM terecht met vragen over de vergunningplicht. Dit is te bereiken op 0900- 5400 540 (5 cent per minuut) op werkdagen tussen 09.00 uur en 17.00 uur. Beleggen in grond als beleggingsobject kent daarnaast een aantal specifieke aandachtspunten: Ongeacht of een aanbieder wel of geen vergunning heeft, kleven er risico’s aan dit type beleggingen. De prijs die de consument betaalt voor de grond is vaak een stuk hoger dan de prijs die de verkoper heeft betaald. Die betaalt vaak de veel lagere, huidige marktwaarde van de grond. Het is daarom belangrijk dat consumenten zelf goed onderzoeken of de gevraagde prijs marktconform is. Bij het Kadaster kan men gegevens opvragen, zoals recente verkoopprijzen van de grond die wordt gekocht. De voorgespiegelde hoge winst is vaak gebaseerd op een mogelijke bestemmingsplanwijziging. De kans dat dit gebeurt, is ongewis, zeker nu de grondprijzen onder druk staan door de economische neergang. Consumenten kunnen bij de gemeente navraag doen naar het bestemmingsplan. Aanbieders van beleggingen in grond als beleggingsobjecten kunnen vrijgesteld zijn van de vergunningplicht, bijvoorbeeld door het aanbieden van investeringen van ten minste 100.000 euro. Als een aanbieder geen vergunning nodig heeft, moet hij wel in alle reclame-uitingen en documenten vermelden dat hij niet onder toezicht staat van de AFM. In het vooruitzicht gestelde rendementen bieden geen garantie voor toekomstige opbrengsten. Kijk daarom goed waarop de prognoses zijn gebaseerd, vraag ook naar negatieve scenario’s en risico’s als deze niet in de brochures of op de website staan en bedenk dat in het algemeen geldt dat een hoger rendement een hoger risico met zich meebrengt. Vraag ook naar de mogelijke kosten die met de inleg worden betaald. Beleggingsobjecten Deze investeringen in landbouw-, bos- of bouwgrond kunnen zogenoemde beleggingsobjecten zijn, als beleggers een rendement in het vooruitzicht wordt gesteld en aangeboden wordt dat de grond wordt beheerd door een ander dan de belegger zelf. Beleggingsobjecten mogen aan beleggers worden aangeboden als de AFM een vergunning heeft verleend aan de aanbieder van deze beleggingen of indien er een vrijstelling van toepassing is.  Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggersclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Hoe een sterke economie zwak kan zijn Bron: Arnoud Boot, Me Judice Nederland heeft als kleine, open economie de invloed van de woelige baren van de wereldeconomie opgestuwd. Opgeblazen banken, een opgeblazen huizenmarkt en opgeblazen pensioenfondsen hebben de economie extra kwetsbaar gemaakt. Nu is het tijd voor structureel herstel, vindt de Amsterdamse econoom Arnoud Boot. Dat kan door meer eigen vermogen in banken, geen blind vertrouwen in grote pensioenpotten en lagere hypotheken. Verkeerde inrichting Eindelijk ligt er dan een macro-economische analyse van de Nederlandse economie waar de beleidsmakers iets mee moeten kunnen. Het SER-rapport “de Nederlandse economie in stabieler vaarwater” heeft een vriendelijk titel maar is een verklaring van urgentie die er niet om liegt. Nederland is een ijzersterk land maar we doen een aantal dingen helemaal verkeerd. En dan hebben we het over de negatieve wisselwerking tussen woningmarkt, bankensector en pensioensector. Op deze drie dossiers hebben we het land verkeerd ingericht, en de consequentie is dat we qua economische groei aan de verkeerde kant zitten van de Eurozone. Arnoud Boot Hoogleraar Corporate Finance en Financiële Markten en co-director van het Amsterdam Center for Law & Economics aan de Universiteit van Amsterdam Arnoud Boot is tevens voorzitter  van de Bankraad (DNB); lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en Kroonlid van de Sociaal Economische Raad (SER). Voorheen was hij verbonden aan de J.L. Kellogg Graduate School of Management van Northwestern University in Chicago. Arnoud Boot is lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen (KNAW). Naast zijn wetenschappelijk werk is professor Boot actief als spreker, adviseur en veelvuldig actief in het publieke debat. Professor Boot is voorzitter van de Koninklijke Vereniging voor de Staathuishoudkunde Dit roept drie vragen op: wat is er precies mis? Waarom zijn we (toch) sterk? En wat doen we er aan? De SER geeft een duidelijk antwoord op de eerste vraag. We zijn een veel te springerige economie – te volatiel. In goede tijden hard omhoog, in slechte tijden hard omlaag. En nu zitten we in een dip. In het kort: veel te hoge hypotheken hebben de woningmarkt opgeblazen. Dit ondermijnt het consumentenvertrouwen. De banken hebben last van de hypotheekberg, en hebben relatief weinig spaarmiddelen – die zitten bij pensioenfondsen – en te weinig eigen vermogen waardoor ze niet meer goed kunnen functioneren. En dit ondermijnt de woningmarkt en economie verder. En van het enorme pensioenvermogen worden we ook maar onzeker – schommelingen daarin ondermijnen het consumenten vertrouwen nog eens extra. Hoge pieken, diepe dalen Onze afhankelijkheid van de wereldeconomie maakt ons hoe dan ook gevoelig voor schokken van buiten. We kunnen ons niet terugtrekken achter onze dijken – wij hebben te maken met de volatiliteit om ons heen. Wat er echter is gebeurd de afgelopen 20 jaar is dat we een eigen gekweekte volatiliteit hier bovenop hebben gelegd. Opgeblazen banken, opgeblazen huizenmarkt en opgeblazen pensioenfondsen hebben Nederland kwetsbaar gemaakt. De private huizenmarkt valt meest in het oog. Iedereen voelde zich rijk in goede tijden – ja, zolang de huizenprijzen omhoog gingen. Mede door de hypotheekrente aftrek was je een dief van je eigen portemonnee als je ook geen hoge hypotheek nam, liefst nog een hypotheek zonder af te hoeven lossen. Nu in de dip voelt het als loden last voor gezinnen en banken. En zo kan een rijk land zich arm voelen. We dreigen ons de put in te praten. Vandaar de vraag, waarom zijn we (toch) sterk? Nederland is een heel geloofwaardig en sterk land. We zijn een van de grootste internationale investeerders in de wereld, we exporteren als geen ander, en op de wereld concurrentieranglijst staan we ergens rond plaats vijf. De sterkte van Nederland heeft te maken met opleidingsnivo‘s, arbeidsproductiviteit, maar ook flexibiliteit en geloofwaardigheid. Als je in het buitenland vraagt naar de betrouwbaarheid van ons land, dan staan we ook daar aan de top. We hebben – wat economen noemen – geloofwaardige instituties. Het recept is dan ook duidelijk – een geloofwaardig land past geen paniek, hoeft niet te sturen op dagkoersen maar heeft de ruimte te werken aan structureel herstel. Kansen in handel Nederland is een handelsland dat moet profiteren van economische activiteit waar ook in de wereld. En dit is een periode van grote verschuivingen in de wereldeconomie. De opkomst van China, andere emerging landen zoals Brazilie, en mogelijk zelfs Afrika. Hoezeer dit bedreigend mag lijken, voor een flexibel en optimaal gepositioneerd land biedt dit juist kansen. In essentie is het kerninzicht van de macro-economie dat de wereld geen zero-sum-game is – iedereen kan winnen als andere landen zich ontwikkelen. Het zijn nieuwe afzetmarkten en dat biedt kansen. De afhankelijkheid voor de wereldeconomie zorgt op zich zelf voor volatiliteit. Hier bovenop moeten we niet nog eens een extra volatiliteit leggen. Het gekke is dat we zelfs instituties hadden die in principe voor minder volatiliteit hadden kunnen zorgen, maar juist het tegenovergestelde hebben gedaan. De woningcorporaties bijvoorbeeld hadden een dempende werking kunnen hebben, maar wat hebben ze gedaan? Misschien nog erger dan de private bouwsector hebben ze juist in goede tijden zich over de kop geinvesteerd. Oplossingen Nu dus naar oplossingen toewerken. De SER tracht manieren te vinden om de bestaande hypotheekberg buiten de banken om gefinancierd te krijgen. Hypotheken overnemen – of gedeeltelijk laten financieren door pensioenfondsen – helpt banken wel iets, maar hoe zorg je dat banken ook meer eigen vermogen krijgen? Het MKB heeft ook financiering nodig, dus moet je als overheid nog ruimere garanties geven? Ik denk dat er geen alternatief is. Ook hier past een rol voor pensioenfondsen. De fondsen zullen terecht zeggen dat ze niet gedwongen kunnen worden om anders (lees: meer in Nederland) te beleggen. Maar dat is iets te kort door de bocht. Ongeveer 300 miljard van het pensioenvermogen is uitgestelde belastingheffing. De overheid is zo vriendelijk geweest ons niet te belasten op ingelegde pensioenpremies maar dit pas te doen als er wordt uitgekeerd. Je kunt dus zeggen dat pensioenfondsen overheidsgeld aan het beleggen zijn. Wie van Mars naar Nederland kijkt moet het bevreemden dat de Nederlandse overheid een staatschuld heeft van 450 miljard, en tegelijkertijd 300 miljard belegd. Een grotere rol voor pensioenfondsen als alternatieve financieringsbron voor de BV Nederland lijkt hoe dan ook onontkoombaar. Belangrijk voor de lange termijn is dat we woningmarkt, bankwezen en pensioensector beter in de hand houden en geen eigen gekweekte volatiliteit laten ontstaan. Dus lagere hypotheken, meer eigen vermogen in banken en geen blind vertrouwen in grote pensioenpotten. Dit artikel is tevens verschenen in NRC Handelsblad van 10 april j.l. Terug naar Inhoud Europese droom heeft geen bestaansrecht meer? Bron: Presseurop: Ivan Krastev in KULTURA SOFIA 25 april 2013 Het vrije en solidaire Europa waar onderdrukte volkeren van droomden, is niet meer. Mensen lijden wellicht aan geheugenverlies, maar ook de recessie, het faillissement van de elite en onderlinge verdeeldheid zijn hier debet aan. En de politiek leiders durven dat niet toe te geven, constateert de Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev. De Europese Unie (EU) bestaat niet meer, in ieder geval niet zoals wij haar kenden. En de vraag die nu moet worden gesteld is niet wat ervan de nieuwe EU zal worden, maar waarom dit Europa waar wij van hebben gedroomd, niet meer bestaat. Het antwoord is eenvoudig: de pijlers die zijn gebruikt voor de opbouw en die het bestaan van de Europese Unie rechtvaardigden, zijn ingestort. Ten eerste, de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog. Een jaar geleden werden de conclusies van een onderzoek onder Duitse middelbare scholieren in de leeftijdscategorie van 14-16 jaar bekend gemaakt. Daaruit bleek dat een derde van deze jongeren niet wist wie Hitler was en veertig procent van hen was ervan overtuigd dat de mensenrechten door alle Duitse regeringen vanaf 1933 in dezelfde mate waren gerespecteerd. Geloof in betere toekomst is verdwenen Dat wil absoluut niet zeggen dat er nostalgie bestaat naar het fascisme in Duitsland. Nee, het wil alleen zeggen dat wij te maken hebben met een generatie die geen idee heeft van dit verleden. Het is een illusie om heden ten dage te blijven denken dat de oorlog nog steeds de basis vormt voor de legitimiteit van de EU. Het tweede element dat de geopolitieke vorming van de EU heeft mogelijk gemaakt, is de Koude Oorlog. Maar die is voorbij. Tegenwoordig heeft de EU geen dergelijke vijand meer als de Sovjet-Unie (het zou ook niet meer kunnen) die haar bestaan zou kunnen rechtvaardigen. Kortom, het in herinnering roepen van de Koude Oorlog kan op geen enkele manier de legitimiteitsproblemen van de EU oplossen. De derde pijler is de welvaart. De EU blijft een rijk gebied, een heel rijk gebied – zelfs als dat voor landen als Bulgarije niet geldt. Daarentegen denkt zestig procent van de Europeanen dat hun kinderen het minder goed zullen hebben dan zijzelf. Vanuit dit standpunt gezien is het probleem niet hoe wij nu leven, maar wat voor leven we in de toekomst zullen hebben. Het positieve vooruitzicht, het geloof in een betere toekomst als krachtige legitimiteitsbron is dus volkomen verdwenen. City: Taal: Oplage: website: Sofia Bulgaars7.500 kultura  Kultura is de opvolger van Narodna Kultura (“volkscultuur”), een blad dat ten tijde van de communistische censuur erin slaagde tussen de regels door enigszins kritiek uit te oefenen. Kultura bestaat sinds 1990 en publiceert vaak diepgaande opinie-artikelen van de intelligentsia van Sofia. EU is een elitaire project Een andere pijler voor legitimiteit was de convergentie: het proces waardoor arme landen die zich bij de EU aansluiten de zekerheid hebben dat ze geleidelijk aan zich bij de club van de rijke landen kunnen aansluiten. Enkele jaren geleden kon dat nog met cijfers worden onderbouwd. Maar als we de economische prognoses voor de komende tien jaar mogen geloven, dan zal een land als Griekenland in vergelijking met Duitsland nog altijd even arm zijn als op de dag dat het zich bij de EU aansloot. Iedereen zegt dat het probleem van de EU is dat het een elitair project is. Dat is waar. Het probleem is niet dat deze elites anti-Europees zijn geworden, maar dat zij in landelijk gevoerde discussies geen enkel gewicht meer in de schaal leggen. En dat deze elites diep van binnen allemaal voor een verenigd Europa zijn, heeft geen enkele betekenis. Want niemand luistert naar ze, ze staan te ver van de mensen af. EU-politici kunnen niet nog erger zijn Als we de sociologische onderzoeken onder de loep nemen, kunnen we constateren dat de legitimiteit van de EU in het Zuiden en het Noorden van het continent op geheel andere gronden is gestoeld. In landen als Duitsland en Zweden hebben de mensen vertrouwen in de EU omdat ze ook geloven in de oprechtheid van hun eigen regeringen. In Italië, Bulgarije en Griekenland hebben de mensen geen vertrouwen in hun politici en dat is de reden waarom ze wel in de EU geloven. Hun logica? Zelfs als we ze niet kennen, kunnen de politici in Brussel niet nóg erger zijn dan die van ons. En het lijkt mij dat zelfs dit gevoel nu aan het verdwijnen is: de laatste crisis is het bewijs dat ook dit vertrouwen is aangetast. En om te besluiten, de laatste pijler: de verzorgingsstaat. Zonder twijfel vormt het bestaan van een sterke sociale staat onderdeel van de identiteit van de EU. De vraag of zo’n staat een goede of slechte zaak is, hoeft niet te worden gesteld. Wel of het nog haalbaar is in een tijd van globalisering en grote demografische veranderingen in Europa. Europeanen verdwijnen Het probleem is dat wij, de Europeanen, als sneeuw voor de zon verdwijnen. In 2060 zal 12 procent van de Europese bevolking ouder dan tachtig jaar zijn. Europa vergrijst. En het is geen toeval dat op het internationale strijdtoneel de EU zich vaak als een seniele gepensioneerde gedraagt. Van wie moeten we geld lenen om deze voor senioren onmisbare welvaartsstaat op peil te houden? Van de toekomstige generaties? Maar dat is reeds gebeurd met de vorming van de enorme staatsschuld. Een ander gevolg van de crisis is de nieuwe verdeeldheid op het continent. In de EU is er geen scheiding meer tussen West en Oost. Er zijn nieuwe, grotere kloven voor teruggekomen. De eerste is die tussen de landen in de eurozone en de andere EU-landen. Vaak als er gesproken wordt over de EU, hebben de Fransen, Duitsers en Spanjaarden het in werkelijkheid over de eurozone. Dit onderscheid lijkt misschien niet belangrijk, maar strategisch belangrijke landen als Zweden, Polen en het Verenigd Koninkrijk behoren niet tot de zone. Gijzelaar van de eurozone Een andere belangrijke kloof bestaat er tussen de landen die geld uitlenen en landen die geld ontvangen. Toen Griekenland een referendum over de redding van het land wilde organiseren, kwam Berlijn met de volgende afwijzing: “Dus eigenlijk willen jullie een referendum over ons geld organiseren!” Deze opmerking was niet helemaal ongerechtvaardigd. Geen enkel land zou gijzelaar van de eurozone moeten zijn. Maar dat krijg je nu als je wél een gezamenlijke munt hebt, maar geen gezamenlijk beleid. Hoe uit de crisis te komen? Als we de EU van dichtbij bekijken, zien we dat sommige landen zich in een crisis bevinden en andere niet (of er in ieder geval minder last van hebben). Bovendien heeft de crisis in een aantal gevallen ook positieve effecten op bepaalde praktijken gehad. Winnaars en verliezers Vanuit dit oogpunt is het belangrijkste probleem van alle politiek dat het winnaars en verliezers creëert, maar dat hebben de heren politici goed voor zich weten te houden. Terwijl het probleem helemaal niet is dat er winnaars en verliezers zijn, die zijn er altijd. De vraag is hoe je de één kan compenseren en aan de andere kan uitleggen dat het voor hun eigen belang is om een bepaald beleid te voeren. En wij, wij blijven maar denken dat er een beleid bestaat dat alleen maar winnaars oplevert. In de huidige staat van de EU is dat een vrome wens want het natuurlijke schema van solidariteit dat op nationale schaal bestaat, is er nog niet op Europese schaal. Bovendien hebben de EU-landen niet allemaal dezelfde geschiedenis of taal. Als we het over “ons” hebben in Europees verband, over wie hebben we het dan? Wil de EU goed gaan functioneren, dan is het absoluut noodzakelijk dat er allereerst een definitie komt van het Europese “wij”. Verwante artikelen: Debat: Hart van Europa mag niet van steen zijn El País Madrid Europese Unie: Geef de democratie een kans The Guardian Londen Europese Unie: EU-rechten niet voor iedere EU-burger Dilema Veche Boekarest Debat: Europa is haar burgers kwijt El País Madrid Terug naar Inhoud Koninklijke ondernemingen zijn outperformers Bron: Redactie In aanloop naar de inhuldiging van de nieuwe koning heeft de Amsterdamse beurs van Nyse Euronext op 24 april 2013 2de ‘AEX® Konings Index’ geintroduceerd. Symbol Naam ISIN Exchange Market Type AEXK AEX Konings index NL0010389326 NYSE Euronext Amsterdam XAMS Index De speciale index is samengesteld uit Nederlandse ondernemingen, genoteerd aan de Amsterdamse beurs, die het predicaat ‘Koninklijk’ mogen voeren en geeft de performance weer van dergelijke ondernemingen sinds de inhuldiging van Hare Majesteit Koningin Beatrix. Ondernemingen, verenigingen of instellingen die het predicaat "Koninklijke" of "Royal" mogen voeren nemen  een zeer belangrijke plaats in binnen een vakgebied, zijn van landelijke betekenis  en  bestaan (in principe) ten minste honderd jaar. De koning is gerechtigd het recht op het voeren van deze titel te verlenen. De Konings Index bestaat momenteel uit  de volgende 17 ondernemingen met hun weging. Samenstelling AEX® Konings Index Component ISIN Trading Location % AHOLD KON NL0006033250 NYSE Euronext Amsterdam 13,43 AIR FRANCE -KLM FR0000031122 NYSE Euronext Paris, Amsterdam 2,40 BAM GROEP KON NL0000337319 NYSE Euronext Amsterdam 0,86 BOSKALIS WESTMIN NL0000852580 NYSE Euronext Amsterdam 3,87 BRILL KON NL0000442523 NYSE Euronext Amsterdam 0,04 DE MASTER BLENDERS NL0010157558 NYSE Euronext Amsterdam 7,52 DSM KON NL0000009827 NYSE Euronext Amsterdam 9,32 KPN KON NL0000009082 NYSE Euronext Amsterdam 2,28 PHILIPS KON NL0000009538 NYSE Euronext Amsterdam 21,36 PORCELEYNE FLES NL0000378669 NYSE Euronext Amsterdam 0,01 POSTNL NL0009739416 NYSE Euronext Amsterdam 0,80 ROYAL DUTCH SHELLA GB00B03MLX29 NYSE Euronext Amsterdam 30,83 ROYAL IMTECH NL0006055329 NYSE Euronext Amsterdam 0,84 ROYALREESINK NL0000379303 NYSE Alternext Amsterdam 0,06 TEN CATE NL0000375749 NYSE Euronext Amsterdam 0,51 VOPAK NL0009432491 NYSE Euronext Amsterdam 5,67 WESSANEN KON NL0000395317 NYSE Euronext Amsterdam 0,21 AEX® Konings Index versus AEX Uit het verloop van de index blijkt dat de "Koninklijke"  ondernemingen bovengemiddeld stabiel zijn en goed hebben gepresteerd. Vooral gedurende de laatste vijf jaar is er sprake van outperformance. Het jaarlijkse rendement van de AEX Konings Index tijdens de regeerperiode van Koningin Beatrix is 6,3% (excl. dividenden). Eerder genoteerde "Koninklijke"  ondernemingen zijn ook in de berekening meegenomen. Uit de weging blijkt dat Ahold, Air France-KLM, DSM, KPN, Philips en Shell in hoge mate bepalend zijn voor de "AEX® Konings Index" en de performance van deze fondsen zullen dan ook doorslaggevend zijn. Er valt wel meer op de "Konings Index" af te dingen want KPN behandelt zijn aandeelhouders niet bepaald koninklijk door met een claimemissie te komen. Hoe het met de andere koninklijke aandelen gaat kunt u ondermeer lezen in een artikel van Morningstar klik Hier De actuele grafiek van de AEX Konings Index kunt u Hier vinden Terug naar Inhoud Drie jaar fouten en verkeerde diagnoses Bron: Presseurop: Nick Malkoutzis in I Kathimerini 24 april 2013 Op 23 april 2010 vroeg de toenmalige premier, Georgios Papandreou, om een reddingsplan om te voorkomen dat zijn land zou instorten. Uit verschillende onderzoeken blijkt nu dat er in de drie jaar die daarop volgden, een hele reeks fouten zijn gemaakt van zowel de trojka als de Griekse staat. Drie jaar geleden stond toenmalig premier Georgios Papandreou in de haven van Kastelorizo, met de Egeïsche zee op de achtergrond en omringd door juichende kinderen. De daarop volgende periode bleek allerminst zonovergoten kinderspel voor Griekenland te zijn. De oproep die Papandreou die dag deed aan de eurozone en het Internationaal Monetair Fonds, zette de toon voor alles wat er sindsdien in Griekenland gebeurde. En wat de uitkomst ooit zal zijn, is nog verre van duidelijk. Giorgos Papandreou jr. Van 6 oktober 2009 tot en met 11 november 2011 was hij de premier van Griekenland Geboren 16 juni 1952 Saint Paul, Verenigde Staten Politieke partij PASOK Premier van Griekenland Aangetreden 6 oktober 2009 Einde termijn 11 november 2011 President Karolos Papoulias Voorganger Kostas Karamanlis Opvolger Loukas Papadimos Hoewel de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het IMF alle drie deel uitmaken van de trojka van crediteuren die Griekenland in de afgelopen 36 maanden van een reddingsfonds van ongeveer 200 miljard euro voorzagen, lijkt de rol van de organisatie uit Washington de meeste aandacht van de Grieken te krijgen. Zelfs nu wordt 23 april 2010 nog door velen de dag genoemd waarop Papandreou “Griekenland naar het IMF stuurde”. De acties van het Fonds, dat slechts een fractie van de tot dusverre uitbetaalde leningen verstrekte, worden dan ook nog steeds nauwlettend in de gaten gehouden. Ook nu het steeds duidelijker wordt dat het in feite een aantal partnerlanden in de eurozone en de ECB waren die achter sommige van de zwaarste eisen van de trojka zaten, blijft het IMF een regelmatig terugkerend onderwerp van kritiek. IMF is gevoelig voor politieke manipulatie Het probleem is dat het IMF vaak in het wilde weg wordt aangevallen, en daarbij wordt neergezet als het Trojaanse paard van het neoliberalisme, waarbij een juiste analyse van de drie onderdelen van de trojka aan de kant wordt geschoven. Door deze onduidelijkheid is het moeilijk uit te zoeken of de kritiek op het IMF werkelijk gegrond is. In dit opzicht komt het opiniestuk van Mohamed El-Erian, CEO van investeringsmaatschappij PIMCO, over de tekortkomingen van het Fonds precies op tijd om de vinger op de zere plek te leggen. El-Erian benadrukt dat het grootste zwakke punt van het IMF zijn gevoeligheid voor politieke manipulatie is. De baas van PIMCO is ook kritisch over de rol van het Fonds bij de redding van Cyprus. El-Erian’s bedrijf was verantwoordelijk voor de controle op de Cypriotische banken voordat Nicosia en de trojka het leningenpakket overeenkwamen. Hij vertelt dat er in de aanvankelijke eerste oplossing en het herziene plan “onvoldoende begrip was voor de complexiteit van de problemen in het land, die onvoldoende geanalyseerd werden.” “In beide gevallen, en in andere vergelijkbare omstandigheden elders in Europa (inclusief Griekenland), vermoed ik dat het IMF dacht geen andere keuze te hebben dan toe te geven aan de druk van Europese politici”, voegt El-Erian daaraan toe. “Maar door dat te doen, riskeerde het meer dan zijn geloofwaardigheid en status alleen.” Al deze zaken – vooral de kwestie over geloofwaardigheid – werden opgepikt door Gabriel Sterne, hoofdeconoom bij Exotix. Sterne, een voormalig IMF-medewerker, publiceerde vorige week wat waarschijnlijk de meest uitgebreide beoordeling is van waar het Fonds het in de afgelopen drie jaar mis had. Zijn beleidsanalyse bevat een aantal zeer saillante details voor Griekenland. Analyse Griekenland schoot doel voorbij Sterne begint ermee erop te wijzen dat de analyse door het IMF die door El-Erian terecht werd geprezen, in het geval van Griekenland zijn doel wat voorbijschoot. “Griekenland heeft te lijden gehad onder de grootste, maar zeker niet de enige, voorspellingsfout, die verklaard kan worden aan hand van de onvakkundige rekensom kredietcrisis + bezuinigingen = instortende economie”, schrijft Sterne. Die fout ligt ten grondslag aan het feit dat het Griekse programma niet alleen mislukte vanwege wat er in de afgelopen drie jaar al dan niet gebeurde in Athene. City: Taal: Oplage: website: Athene Grieks 26.246 I Kathimerini Deze centrumrechtse krant ('Het Dagblad’) is opgericht in 1919 en wordt beschouwd als één van de meest serieuze kranten in Griekenland. Grootste pluspunt : de krant staat open voor de Europese buurlanden, waarmee meer afstand wordt genomen ten opzichte van de maatschappij. De huidige eigenaren, de gebroeders Giannis en Aristide Alafouzos, hebben gezorgd voor internationaal aanzien door een Engelstalige editie van de krant als bijlage bij de International Herald Tribune te verspreiden De trojka blijft volhouden dat de langzame voortgang van de hervormingen heeft bijgedragen aan de dieper dan verwachte recessie, terwijl ze voortdurend de vraag ontweken of de snelle bezuinigingen de basis onder de Griekse economie hadden weggetrokken. Sterne beweert dat er vanaf het begin af aan onvoldoende werd gedaan om de torenhoge Griekse staatsschuld aan te pakken en dat dit een schadelijke misrekening bleek die bovendien niet in lijn lag met het credo van het IMF. Al snel na Papandreou’s toespraak in Kastelorizo, voorspelde het IMF dat de Griekse staatsschuld aan het eind van 2011 de 139 procent zou bereiken, maar bij de vijfde kwartaalcontrole door de trojka bleek die schuld al 160 procent van het bbp te bedragen, ondanks het feit dat er meer dan 100 miljard euro aan leningen was verstrekt. Reddingsplan deed meer kwaad dan goed “Er zijn sterke aanwijzingen dat het reddingsplan meer kwaad dan goed heeft gedaan doordat het de crisis versterkte, terwijl stevige actie uitbleef. En er zijn ook sterke aanwijzingen dat dit te verwachten viel,” schrijft Sterne, die daaraan toevoegt dat het Fonds “een van zijn meest essentiële regels schond door in mei 2010 een programma in Griekenland te steunen terwijl dat land niet in staat bleek een duurzaam beleid te garanderen.” Griekenland en de trojka zouden heel wat beter af zijn geweest wanneer zij hun tanden al vanaf het begin in de schuldsanering zouden hebben gezet, in plaats daar pas in 2012 aan te beginnen, stelt de analist. Sterne wijst er heel terecht op dat sommigen hebben geprofiteerd van het besluit de Griekse staatsschuld niet van het begin af aan aan te pakken. Die staatsschuld was immers grotendeels in handen van Europese banken. IMF stelde reeks verkeerde diagnoses Ter afsluiting oordeelt de econoom dat de strategie van pappen en nathouden die op Papandreou’s toespraak volgde, funest was. “Uiteindelijk bleek de Griekse aarzeling vruchteloos. Private geldschieters werd het vel over de oren gehaald, in het land is geen bank te vinden die sinds midden 2011 nog een lening heeft verstrekt, de jeugdwerkloosheid bedraagt er 60 procent en de ECB moest massaal ingrijpen om de restanten van het Europese bankensysteem het hoofd boven water te laten houden.” Net als El-Erian schrijft Sterne dat het IMF wankelde onder de politieke druk van de landen uit de eurozone, en een reeks verkeerde diagnoses stelde. Drie jaar na Kastelorizo heeft Griekenland nog steeds een lange weg te gaan. De meest dramatische bezuinigingen uit de geschiedenis van de OESO werden uitgevoerd, maar een aantal andere broodnodige hervormingen staan nog steeds in de steigers. Dat doet echter niets af aan het feit dat het Griekse programma van alle kanten slecht ontworpen en uitgevoerd werd. In dit opzicht is het van vitaal belang de rollen te begrijpen die ieder van de drie onderdelen van de trojka speelden, en waarin hun zwakheden en eigenzinnigheid liggen. Willekeurige aanvallen uitvoeren op het IMF of de anderen laat de trojka zich eenvoudigweg verschuilen achter de algemeen aanvaarde wijsheid dat de tekortkomingen uit het programma alleen te wijten zijn aan de trage implementatie ervan door Griekenland. Als we het eens willen worden over de nalatenschap van de toespraak in Kastelorizo, zullen we de zaken echter wat genuanceerder moeten bekijken. Terug naar Inhoud HCC Beleggen zoekt organisatorische talenten Bron: Redactie HCC Beleggen De HCC Beleggen organiseert een aantal activiteiten. De bekendste activiteiten die wij organiseren zijn de beleggersymposia die we tweemaal per jaar houden in De Bilt. Met name voor de organisatie van deze symposia zijn wij op zoek naar mensen die een bijdrage willen leveren aan de totstandkoming van onze symposia. Het is niet alleen leuk om dergelijke evenementen te organiseren, maar het is ook een ideale gelegenheid om je netwerk uit te breiden met interessante contacten. Maar ook andere dingen doen zoals het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt, behoort tot de mogelijkheden. Ben je enthousiast en denk je dat een vrijwilligersfunctie jou op het lijf geschreven is, neem dan contact op met Michel Hupkens Klik Hier  Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

6 mei 2013

...

Nieuwsbrief20130407 Symp60-4

60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 Programma overzicht 60-ste HCC Beleggen Symposium "Meer rendement met tradingsystemen" Introductie ALV Rooster HCC Beleggen Regio- en Belangstellings groepen Sprekers Standhouders Aanmelden en Routebeschrijving Afdrukbare documenten Introductie               60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 te De Bilt Bron: Redactie Veel beleggers associëren de term tradingsystemen met volledig geautomatiseerde handelssystemen, terwijl de geautomatiseerde systemen slechts een deel van het spectrum bestrijken. Een tradingsysteem is een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. 'Succesvol' betekent dat het tradingsysteem de belegger in staat stelt zijn of haar doelstellingen te behalen. Ofwel: een gedegen rendement behalen met uw beleggingen. Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan je regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen?  Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. Toegang is gratis.  Klik Hier om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium Terug naar Inhoud Agenda ALV HCC Beleggen d.d. 13 april 2013 Bron: Bestuur HCC Beleggen Agenda ALV HCC Beleggen d.d. 13 april 2013 Opening en vaststellen agenda Mededelingen en ingekomen stukken Verslag ALV 28 april 2012 Jaarverslagen over 2012 Kascommissie Plannen voor 2013 Rondvraag Tijdens deze ALV zal er aandacht gevraagd worden voor het inmiddels nijpend gebrek aan voldoende vrijwilligers om de activiteiten en daarmee ook de toekomst van HCC Beleggen te kunnen waarborgen Om onze doelstellingen  in 2013 / 2014  mogelijk te maken zijn we nu dringend op zoek naar leden die een bijdrage willen leveren aan de activiteiten van onze vereniging. Dat hoeft niet meteen een grote klus te zijn, maar leden die een deeltaak willen verrichten -die relatief weinig tijd kost- zijn  zeer welkom. Met meer mensen kunnen we immers meer doen en dat maakt het bovendien ook veel gezelliger. Enkele voorbeelden van deeltaken waarvoor wij mensen zoeken zijn: het op ad-hoc basis een artikel schrijven voor onze website of een cursus willen geven over alle vormen van beleggen, de analysemethodieken, emotie en beleggen etc. beleggingssoftware beoordelen redactie leden voor website en nieuwsbrieven het actueel houden van (een deel van) onze website/ons forum webmaster voor en meewerken aan de nieuwe inrichting van onze website het coördineren en organiseren van onze HCC Beleggen symposia het verrichten van (deel)taken tijdens onze HCC Beleggen symposia en/of beurzen een bestuursfunctie. Uiteraard mag u zich aanmelden in groepjes. Dus als u, eventueel samen met medebeleggers, onze vereniging wilt helpen laat het ons dan weten. Trefwoorden hierbij zijn: vele handen maken licht werk, het moet vooral leuk blijven, zo doe je ook nog eens interessante contacten op. Denk ook eens aan het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt. Lijkt het u iets om actief te worden? Heeft u vragen over de functies of heeft u goede ideeën voor onze vereniging? Klik Hier of meld u zich dan via de website om eens een  belafspraak te maken... een echte vereniging kan niet zonder u als actief lid. Terug naar Inhoud Rooster Programma van het 60e HCC Beleggen Symposium  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.50 uur ALV HCC Beleggen Philippe Dassonville Eenvoudig trenduitbraken traden met de MACD 1% strategie 10.50 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.55 uur Edward Loef De psychologie van de belegger Tycho Schaaf Lynx AutoTrader: Automatisch handelen via algoritmes 11.55 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 13.00 uur Rombout Kerstens Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Martin Hendriks & Douwe Westervaarder US Opties in de Praktijk 13.00 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.20 uur Bob Emanuals Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Anne Grevinga Gebruik van het Timing-model bij fundamentele analyse 14.20 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.25 uur Karel Mercx Tien favoriete beleggingsfondsen Jack van Oosterbosch Offline trading strategie Toegang is gratis.  Klik Hier om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium Terug naar Inhoud HCC Beleggen Regio- en Belangstellings groepen Bron: Redactie Beleggen kan een lucratieve en fascinerende hobby zijn, maar er zijn ook risico's aan verbonden. Kennis en vaardigheden zijn noodzakelijke voorwaarden voor duurzaam succes. Door bijeen te komen kunnen beleggers van elkaar leren. Daarnaast is bijeenkomen met gelijkgestemden een belangrijk ingrediënt voor gezelligheid. Daarom worden er naast de beleggingssymposia ook regionale bijeenkomsten gehouden. Momenteel zijn de volgende Regiogroepen actief binnen de HCC Beleggen: Regiogroep Overijssel / Flevoland (ROF)  Computerbeleggersgroep Zuid-Holland Noordbeleggen (Friesland, Groningen en Drenthe) Studie-beleggersclub Helmond In oprichting is een regiogroep in Noord-Holland Regiogroepen komen in de regel op doordeweekse avonden bijeen en behandelen vrijwel alles op het gebied van beleggen. Het deelnemen aan deze groepen is niet alleen leuk, maar ook bijzonder leerzaam. Naast bijeenkomsten van regiogroepen worden er regelmatig op verschillende locaties in het land bijeenkomsten gehouden van Belangstellingsgroepen. Leden kunnen zich bij dergelijke groepen aansluiten om zo snel en effectief vaardigheden op de gewenste terreinen te ontwikkelen. Actieve Belangstellingsgroepen binnen de HCC Beleggen zijn: COSA (belangstellingsgroep voor fundamentele analyse) Belangstellingsgroep Daytraden Van alle genoemde groepen zijn leden aanwezig op het HCC Beleggen Symposium van 13 april 2013.  Aan deze leden kunt u vragen stellen over de activiteiten die zij ontplooien, informatie inwinnen en u aanmelden voor deelname aan de groepen. Individuele groepen zijn herkenbaar aan een kaart met het groepen-logo en de naam van de groepering erop. Terug naar Inhoud Regiogroep Overijssel / Flevoland (ROF) RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Terug naar Inhoud Computerbeleggersgroep Zuid-Holland Terug naar Inhoud Noordbeleggen (Friesland, Groningen en Drenthe) Terug naar Inhoud Studie-beleggersclub Helmond Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Regiogroep Noord-Holland i.o. Terug naar Inhoud Cosa Terug naar Inhoud Daytraden Terug naar Inhoud Sprekers Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan jouw regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen? Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. Edward Loef Rombout Kerstens Bob Emanuals Karel Mercx Philippe Dassonville Tycho Schaaf Martin Hendriks & Douwe Westervaarder Anne Grevinga Jack van Oosterbosch Terug naar Inhoud De psychologie van de belegger Spreker: Edward Loef De presentatie van Edward Loef gaat over de psychologie van de belegger enerzijds en in het verlengde hiervan de noodzaak om meer systematisch te werk te gaan alvorens beleggingsbeslissingen te nemen. Onze angst, hoop en hebzucht blijken telkens weer belangrijke drijfveren om op de beurs te handelen, maar deze emoties blijken doorgaans slechte raadgevers. Als we ervan uitgaan dat onzekerheid de enige zekerheid is, dan moeten we dus nadenken hoe de onzekere koersbewegingen tegemoet te treden en met enkele technieken meer vertrouwen krijgen in wat we doen. Terug naar Inhoud Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Spreker: Rombout Kerstens Particuliere beleggers zijn vaak fanatiek op zoek naar een tradingsysteem dat snel een enorme winst oplevert. Gedesillusioneerd door het eerste systeem stappen ze over op het tweede en vervolgens het derde, totdat er geen geld meer over is op de beleggingsrekening. Om geld te verdienen met mechanische handelssystemen heb je een compleet tradingplan nodig. En zo mogelijk nog belangrijker: een gedisciplineerde uitvoering. Het totale beleggingsplan moet uiteindelijk reflecteren waar je in gelooft en wat je persoonlijk goed ligt. Systeemtrading is echter nooit een free lunch. Soms neemt het systeem onlogische posities in, welke indruisen tegen het beursgevoel van dat moment. Ook kan het moreel worden ondermijnd door losing streaks. Zelfs voor doorgewinterde systeemtraders is het dan moeilijk om niet in te grijpen. Uit studie van tradingmodellen die werken blijkt dat ze een aantal dingen gemeen hebben zoals: een beperkt aantal regels, werken op meerdere markten en over een lange tijd winstgevend. In deze presentatie gaat Rombout Kerstens aan de hand van praktijkvoorbeelden in op zowel de voordelen als de valkuilen van tradingsystemen.  En reikt hij u een aantal eenvoudig te hanteren handvatten aan waarmee u een tradingsysteem zelf kunt beoordelen.   Rombout Kerstens (1960) is algemeen directeur van het in beleggingssoftware gespecialiseerde Delftse softwarehuis Keyword Info Systems BV. Hij geeft regelmatig lezingen over actief beleggen en technische analyse en schrijft voor o.a. het tijdschrift TradersClub Magazine (TCM) en het Amerikaanse blad Stocks & Commodities. Voorts is hij de auteur van het boek Praktijkgids Indicatoren. Samen met Harry Geels en Michael Ahrens schreef hij het boek Succesvol traden in opties, futures en turbo’s. Terug naar Inhoud Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Spreker: Bob Emanuels Het 8 Stappenplan 1)  Wat is mijn beleggingshorizon? Op welk ‘time frame’ ben ik actief. Waarom is de keuze van het juiste ‘time frame’ zo belangrijk? En waarom gedraagt de markt zich zoals zij zich gedraagt? Wat betekent ‘schaalbaar’ en hoe beïnvloedt dat mijn dagelijkse analyse? De markt kan worden beschouwd als een complex stelsel van non-lineaire vergelijkingen. Maar waardoor komt dat en –nog belangrijker- wat heb ik als belegger aan dergelijke wetenschap? Dit blok geeft een eerste inzicht in hoe de markt zich gedraagt - hoe beleggers zich gedragen - en wat de consequenties daarvan zijn. Een sprong in het diepe van de Chaos-theorie.   2)  Als het niet omhoog gaat, wil ik het niet hebben en vice versa als het niet omlaag gaat, wil ik het niet verkopen Hoe bepaal je of de markt omhoog of omlaag beweegt. En hoe bepaal je in wat voor fase de markt beweegt. Zit er structuur in het marktgedrag - Orde in Chaos - en hoe kunnen we deze verborgen structuren vinden? De marktfases worden benoemd en de hulpmiddelen worden aangereikt om ze te herkennen   3)  Een trend is een trend totdat het tegendeel is bewezen Logisch, nietwaar? Maar wat is dan een trend? Wat is een top en wat is een bodem? Zijn daar objectieve regels voor? Wat is trendsterkte en wat betekent betrouwbaarheid van de trend? Hoe beïnvloedt de beweeglijkheid de trend en wat kun je hiermee als belegger? Trends herkennen en trendsterkte benoemen staat in dit blok centraal   4)  Doorgaan, pauzeren of omkeren? Bij het analyseren van trends is het van cruciaal belang om te herkennen of er iets met de kwaliteit van de trend aan de hand is. Zet deze zich voort, wordt er een pauze ingelast, of draait de trend om? Koerspatronen zijn hierbij een essentieel hulpmiddel. Maar om ze te kunnen gebruiken, moet je ze wél kunnen herkennen … En moet je ze kunnen handelen !! Een voorbeeld.   5)  Het diepteonderzoek Soms is het noodzakelijk om een meer diepgaand onderzoek in te stellen en om zo beter inzicht te krijgen in de feitelijke status van een beleggingsinstrument. En soms is het ook handig om grote aantallen analyses in korte tijd uit te kunnen voeren. Dan komt de analyse met behulp van indicatoren om de hoek kijken. Daarvoor hanteren wij verschillende sets van indicatoren. Maar welke set van indicatoren is wanneer nu belangrijk? En hoe stel je zo een set samen? Met welke variabelen gebruiken we die indicatoren en hoe interpreteren we ze? Wat is het nut van de marktfases uit stap 2) bij het gebruik van indicatoren? Wat zijn de risico’s?   6)  Maar wat te doen als ik ongelijk heb? Maar al onze deskundige analyses geven nog geen garantie op een winstgevende trade. Natuurlijk, de enige garantie voor rendement in de toekomst is wijze waarop we rendement in het verleden hebben behaald. Maar toch, …. Het kan wel eens tegenzitten. En wat dan? Dan is een juiste stop systematiek de enige garantie dat je morgen weer kunt handelen en niet failliet gaat. Dus gaat het over de noodzaak van een goede stop-strategie en hier laat ik zien op welke wijze stops onder posities kunnen worden aangebracht. Voor velen een eye-opener!   7)  De scenario analyse Objectieve analyse maakt gebruik van (indicator)modellen die zijn gebouwd voor een stabiele, vertrouwde wereld waar alles 'meer van hetzelfde is'. Maar helaas zitten financiële markten zo niet in elkaar. Als de toekomst niet langer stabiel of zeker is, is iedere poging om die ene juiste voorspelling te doen, gedoemd te mislukken. Scenario’s moeten daarom helpen door juist niet de zekerheden op te zoeken, maar door zich vooral te richten op de onzekerheden in de marktstructuur. Daarbij maken wij onderscheid tussen voorspelbare en onzekere factoren. Maar dat betekent ook, dat we eerst moeten definiëren wat reële, te verwachten  koersdoelen, reactie- en extensie-niveaus zijn. De bekende management-goeroe Peter Drucker zei al eens: ‘The greatest danger in times of turbulence is not the turbulence; it is to act with yesterday's logic.’   De dynamiek die opgesloten ligt in de structuur van de markt en zoals die zal worden beschreven in Stap 1) noodzaakt ons om tot een scenario-analyse te komen op verschillende horizonnen. We zoeken daarbij steeds antwoord op de vraag: Wanneer is mijn scenario niet meer geldig? En doet zich wellicht nu een nieuwe kans voor in de markt? Wat is daarbij het risico? En wat is dan het juiste moment om de belegging te initiëren?   8)  Money Management en Risicobeheer Money Management is een containerbegrip voor technieken om zo veel mogelijk rendement te behalen en daarbij de risico’s te beperken. Money Management is niets anders dan goed geldbeheer om een zo’n groot mogelijk rendement te behalen en daarbij de risico’s te beheersen. Goed Money Management is de basis voor duurzame resultaten.   Is er wel een goed omschreven plan? En niet alleen om tijdens het handelen te kunnen bekijken wat we met ons zelf hadden afgesproken, maar ook achteraf om te zien waar het plan fout ging en hoe dat in de toekomst vermeden kan worden?  Hoeveel risico kunnen we lopen zonder dat onze nachtrust hieronder te lijden heeft? Of nog beter, wat is nu eigenlijk ‘Risico’ en hoe bereken ik risico op een juiste manier? Hoeveel contracten of aandelen moet ik per keer handelen? Wat is ‘Position Sizing’ en wat is ‘Pyramiding’?  Wat is de optimale positiegrootte en hoe groot is de kans op faillissement? En moet ik nu beleggen mét of zonder herinvesteren van winsten? Moet ik ‘hedgen’ en zo ja, hoeveel? Alles over de koppeling tussen risico en rendement! Terug naar Inhoud Tien favoriete beleggingsfondsen Spreker: Karel Mercx Karel Mercx is redacteur bij Beleggers Belangen en de afgelopen zes jaar is hij dagelijks bezig geweest met het zoeken naar kansen voor de particuliere belegger. De specialisaties van Karel Mercx zijn het beheren van beleggingsportefeuilles en het uitrekenen van toekomstige rendementen van aandelen, grondstoffen en obligaties Hierdoor weet hij precies welke beleggingsfondsen de belegger moet hebben. In deze presentatie geeft Karel zijn tien favoriete fondsen en vertelt hij wat de reden is dat elke belegger deze fondsen moet hebben voor de lange termijn Terug naar Inhoud Eenvoudig trenduitbraken traden met de MACD 1% strategie Spreker: Philippe Dassonville Philippe Dassonville van WH Selfinvest presenteert deze eenvoudige tradingstrategie, die korte termijn posities inneemt op basis van de MACD indicator, gefilterd op gemiddelden. U leert hoe u zonder kennis van programmeren deze strategie kunt toepassen op diverse indices zoals de DAX, CAC40, DJ30 maar eveneens op grondstoffen zoals Brent Crude Oil en Zilver Bouw aldus een handelssysteem met lage drawdown en hoge probabiliteit. Terug naar Inhoud Automatisch handelen via algoritmes met Lynx Autotrader Spreker: Tycho Schaaf De afgelopen jaren heeft de trend van automatisch handelen op de financiële markten via algoritmes een grote vlucht genomen. Tycho Schaaf van Lynx zal ingaan op de voor- en nadelen van automatisch handelen. In het seminar zal hij verder bespreken waar de automatisch handelssystemen van Lynx AutoTrader in handelen en waar ze op gebaseerd zijn. Lynx AutoTrader biedt u namelijk de mogelijkheid om zeer gemakkelijk en zonder technische knowhow deel te nemen aan professionele automatische handelssystemen. Terug naar Inhoud US opties in de praktijk Sprekers: Martin Hendriks en Douwe Westervaarder  US Option Trader biedt ondersteuning, educatie en adviezen aan haar klanten, voor het behalen van consistent rendement op Amerikaanse opties. US Option Trader concentreert zich op de Amerikaanse beursen, vanwege een aantal redenen: De Amerikaanse beursen hebben een gigantische keuze in aandelen, fondsen, indices en trackers, elke dag weer. De Amerikaanse beursen sluit om 22 uur. Onze klanten kunnen in de avond hun posities opzetten en volgen. Je kunt het gemakkelijk naast je reguliere werk doen. Wij maken gebruik van software voor technische analyse, dat al jaren internationale awards in de wacht sleept als het beste betaalbare pakket. De oprichters van US Option Trader - Douwe en Martin - hebben een passie voor het handelen met opties. Van simpele calls en puts tot geavanceerde strategieën. Hun motto is : “Keep it simple”. Ze verstaan de kunst om winstgevend handelen in opties voor de gewone man begrijpelijk en mogelijk te maken. Voor meer informatie: http://usoptiontrader.nl/ Meer informatie over onze rendementen: http://usoptiontrader.nl/track-record-us-option-trader/ Terug naar Inhoud Gebruik van het Timing-model bij fundamentele analyse Spreker: Anne Grevinga In november jl. heeft Anne Grevinga een presentatie gegeven over het door hem ontwikkelde FA-model. Met behulp van absoluut noodzakelijke Fundamenteel Analyse wordt maandelijks een updating gedaan om voor de korte termijn 20 topbedrijven te bepalen. Hetzelfde geldt voor de lange termijn. Dan gaan deze bedrijven in het Timing-model. Hierin wordt berekend wat het potentieel en het risiko is. Op basis hiervan wordt de Risk/Reward berekend. Vervolgens wordt gekeken naar de grootte van het trendkanaal, de trend en het volume t.o.v. de trend. Verder wordt de VIX in het advies verwerkt. Het model genereert verschillende aanwijzingen, b.v. als de koers (te) dicht bij de steun komt en als de Wallstreet Stemmingsindex ongunstig lijkt te gaan worden. Er komt per bedrijf een advies uit, dat kan luiden: KOPEN, SPECULATIEF KOPEN, HOUDEN en VERKOPEN. Wij stappen in een fonds uit de top 20 als het advies KOPEN is en de VIX het toelaat. We stappen uit een fonds als het koersdoel is bereikt, tenminste enkele dagen voor het bekend maken van de kwartaalcijfers of als er een verkoopadvies komt. Naast genoemde top 20 bedrijven geeft het model adviezen voor de korte- en lange termijn voor de fondsen uit de AEX, AMX, DAX, Dow Jones, de afzonderlijke indices en de Eur/USD.   Kortom een presentatie, die u niet mag missen omdat we dit als goede beleggers nodig hebben! Terug naar Inhoud Offline trading strategie Spreker: Jack van Oosterbosch Bij een tradingsysteem denkt u vaak aan computersystemen, futures, opties, volatiliteit en vele andere termen. Dat is logisch. Maar er is, wanneer er gekeken wordt naar de breedste zin van het woord, nog een ander, zeer interessant, stabiel en lucratief tradingsysteem dat offline werkt. Jack.C.M. van Oosterbosch heeft ruim vijfentwintig jaar ervaring in de financiële wereld, met name in hedge funds en optie- futures- en termijnmarkten. In 1999 richtte hij De Veste op als onderzoeks- en kenniscentrum voor alternatieve investeringen in Nederland. In de loop der jaren bouwde hij een uitgebreid netwerk op van Hedge fund managers. Hierover vertellen wij u graag meer tijdens onze presentatie op 13 april 2013. Terug naar Inhoud Standhouders Ook dit keer kunt u weer kennis maken contact leggen / hernieuwen met aanbieders van producten en diensten t.b.v de belegger Forest Bergen Analist.nl Foxware Optie Academy WH Selfinvest US Option Trader LOEF Technische Analyse Advance Lynx Keyword HCC de vereniging De Veste Fondsbeheer De Optiestrateeg Future4profits Terug naar Inhoud Forest Bergen Standhouder Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders. Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitraderem Metastock software software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie: Terug naar Inhoud Analist.nl Standhouder    Nieuws & Analyse Analist.nl biedt gratis overzichten van koop- en verkoopadviezen van Europese en Amerikaanse aandelen afgegeven door gerenommeerde (effecten)banken. Ook biedt Analist.nl inzicht in de behaalde rendementen op de afgegeven adviezen van deze instellingen. De koop- en verkoopadviezen worden de gehele dag door gevolgd en geupdate door een team van onafhankelijke researchers. Momenteel inventariseert Analist.nl een 700-tal aandelen uit de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, België, Duitsland, Nederland en Zwitserland. De informatie wordt gratis verspreid via de website http://www.analist.nl/ en via een digitale nieuwsbrief welke wekelijks wordt verspreid. Wilt u zich gratis en vrijblijvend aanmelden voor deze nieuwsbrief, dan kan dat op de website. Analist.nl genereert haar inkomsten via advertenties die worden geplaatst op de website en in de nieuwsbrieven. Ratings · Aandelen Amsterdam       Alle Nederlandse ratings Terug naar Inhoud Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit ondersteunt al meer dan 23 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 8 jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 15 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Terug naar Inhoud Optie Academy Standhouder Bij Optie Academy leert u praktijkgericht professioneel beleggen. Optie Academy is opgericht door Harry Klip en Jan Robert Schutte. Deze ervaren oud optie- en futurehandelaren zijn gespecialiseerd in derivaten, zoals futures en opties. Harry Klip is na zijn studietijd aan de HEAO-Bedrijfseconomie, sinds de begin jaren ’90 professioneel actief in opties en was oprichter van een optiebedrijf. Jan Robert Schutte is sinds 1996 actief op de aandelen- en derivatenmarkten en was van 2000 tot 2004 onder meer verantwoordelijk voor research, optiestrategieën en aandeel van de dag bij Binck. Optie Academy biedt: Seminars, masterclasses en trainingen op het gebied van aandelen, opties en futures. Individuele coaching bij het handelen in opties en futures. Praktische optiestrategieën. Ondersteuning om van u een betere future- en optiebelegger te maken. Duidelijke en concrete handelsstrategieën. Kijk voor meer informatie op onze website Terug naar Inhoud WH Selfinvest Standhouder WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel in futures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 33 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com Terug naar Inhoud US Option Trader Standhouder US Option Trader heeft een eigen stand op het symposium HCC Beleggen. Beide directeuren Martin Hendriks en Douwe Westervaarder staan voor u klaar. Ze beantwoorden uw vragen, delen graag ervaringen en geven praktische direct uitvoerbare tips mee. In de stand is het mogelijk om gebruik te maken van de aantrekkelijke Symposium aanbieding om tegen een gereduceerd tarief Optieadviezen op Maat te ontvangen, die u direct kan uitvoeren om een goed rendement te maken. . advertentie: Terug naar Inhoud LOEF Technische Analyse Standhouder LOEF Technische Analyse levert onafhankelijke technische analyses aan professionele financiële instellingen, w.o. (private) banken en zelfstandig vermogensbeheerder en is fundmanager van het recent opgerichte LOEF Technische Analyse Fonds. Via zijn website www.edwardloef.com kunnen particuliere beleggers kennis nemen van zijn inzichten.   LOEF maakt gebruik van de klassieke technische analyse om trends en trendomslagen te signaleren en visualiseert het onderscheid tussen de verschillende fasen in de cyclus van beurskoersen aan de hand van zijn (LOEF)methode. LOEF Technische Analyse verzorgt presentaties, cursussen en consultancy-werkzaamheden en publiceert wekelijks een digitale nieuwsbrief over de belangrijkste trends en technische signalen.   In zijn stand geeft hij graag een demonstratie van zijn markt- en handelsvisie, zodat u kunt beoordelen wat hij voor u persoonlijk kan betekenen. Terug naar Inhoud Advance Standhouder   AdvanceBeleggen.nl Succesvol beleggen in aandelen, obligaties, grondstoffen en beursgenoteerd vastgoed door middel van een  “Absolute Return” strategie. Voorts aanbevelingen m.b.t. kansrijke beleggingsproducten van grootbanken via de nieuwsbrieven van Advance. Loef Technische analyse maakt onderdeel uit van het beleggingsbeleid. Geïnteresseerd in een gratis proefabonnement? Meld u aan via www.advancebeleggen.nl  Abonnees die overtuigd zijn van de kansen van deze strategie en de beheersbare risico’s, maar  over  onvoldoende kennis en ervaring beschikken om dit zelf te doen, kunnen alsnog dit doel bereiken door hun beleggingsportefeuille in handen te geven van OVG (Onafhankelijk Vermogensbeheer ‘s-Gravenhage. Mogelijk vanaf € 2 ton. Wealth Management vanaf € 1 mln. Voor meer info ga naar www.ovgbeheer.nl  Voorts biedt OVG “Garantiebeleggen” aan beleggers met een behoedzaam risicoprofiel. Onder garantiebeleggen wordt verstaan het opbouwen van een beleggingsportefeuille, nagenoeg geheel bestaande uit beleggingsvormen met 100% hoofdsomgarantie. Terug naar Inhoud Lynx Standhouder Lynx is in 2006 opgericht en sinds 2007 actief op de Nederlandse markt. Door het grote succes in Nederland heeft Lynx besloten om haar diensten ook in het buitenland aan te bieden. Sinds 2008 is Lynx ook actief in België en Duitsland. Lynx is ook met een stand aanwezig tijdens het HCC Beleggen Symposium. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 80 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading Terug naar Inhoud Keyword Standhouder Keyword Info Systems BV is een Delfts softwarehouse en uitgever. Met name in de financiële en beleggingswereld heeft Keyword sinds 1988 een naam opgebouwd met het standaard softwarepakket Wall Street Professional en een aantal gezaghebbende boekuitgaven op het gebied van technische en kwantitatieve analyse.   Keyword levert ook totale oplossingen voor beleggers en traders. Deze oplossingen behelzen alle facetten van het computer ondersteund beleggen: (real-time) koersdata, (technische) analyse, portefeuillebeheer, orderuitvoer en training. Daarnaast levert Keyword diensten voor website-bouwers van financiële portals, zoals interactieve koersgrafieken, koersdata en afgeleide informatie. Terug naar Inhoud HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers! HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel!   Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt.   De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 10 februari 2013 voor meest recente pagina kijk op: http://www.hcc.nl  Terug naar Inhoud De Veste Fondsbeheer Standhouder De Veste Fondsbeheer helpt u bij het optimaal renderen van uw vrije vermogen. Dit is al mogelijk vanaf € 10.000,-. Een team van ervaren, meedenkende en gemotiveerde mensen staat voor u klaar om samen met u de fondsen te selecteren die het best bij uw situatie en doelstellingen aansluiten. We treden graag met u in gesprek om uw situatie in kaart te brengen en aaneensluitend u te voorzien van een passend advies. Meer over De Veste Fondsbeheer kunt u vinden op onze website http://www.deveste-fondsbeheer.nl/ Terug naar Inhoud De Optiestrateeg Standhouder Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Wij handelen hoofdzakelijk in opties op de AEX. Met onze abonneeservice volgt u onze inleg en kunt u zelf ook profiteren van de rendementen die wij behalen. Wat kunt u van onze abonneeservice verwachten: Een gemiddeld jaarrendement van meer dan 30%. Mogelijk vanaf €15.000 Werken met een vast concept: de Vertical limit strategie Track record vanaf 2008 Risico is vooraf bepaald en inzichtelijk Wekelijkse update Voor meer informatie: kijk op onze website www.deoptiestrateeg.nl Terug naar Inhoud Future4profits Standhouder Future4profits heeft een 100% geautomatiseerd handelsplatform, waarbinnen een trendvolgende strategie  aan- en verkoopsignalen genereerd en doorstuurt naar de beleggerekening van de klant. Dit zijn signalen voor futures op de liquide S&P500.   Onze klanten hoeven zelf niets te doen. De signalen worden automatisch naar de rekening van de klant gestuurd en daar omgezet in een order. Ook betaal u geen abonnementskosten en/of beheerskosten. Future4profits werkt op basis van 'no cure-no pay', u betaalt alleen indien er winst is.   In 2012 is het rendement opgelopen tot 290% en nu staan we in het eerste kwartaal van 2013 alweer op 28%. Onze Trend strategie genereerd steady signalen, zonder uitschieters, waarbij verlieslatende trades snel worden afgekapt. Beleggen nemen we voor u uit handen op en veilige en transparante manier, u mist hiermee ook geen trade. Wij werken samen met grote brokers als Today's en IB.   Kijk eens op onze website: http://www.future4profits.nl Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving: Een entreebewijs voor het 60-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud Afdrukbare documenten Redactie Rooster 60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 als pdf:  Klik Hier Agenda HCC Beleggen ALV als pdf: Klik Hier De stukken voor de ALV zijn vanaf woensdag 10 april a.s. te downloaden vanaf onze website (onder het menu "Downloads") en zijn ook verkrijgbaar tijdens de ALV Terug naar Inhoud

10 april 2013

...

Nieuwsbrief20130401

60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 "Meer rendement met tradingsystemen" inhoud:    HCC Beleggen Nieuwsbrief 20130401  60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 Unieke mogelijkheid, kennismaken met de beleggingsgroepen! Licht aan het eind van de tunnel volgens CFO’s Fundamentele analyse m.b.v de NAIC methode Gouden bergen bestaan niet Leg een bom onder alle belastingparadijzen Dekkingsgraad pensioenfondsen hoger naar 104% Europees toezicht is slechts het begin Actieve leden gezocht voor HCC Beleggen Aanmelden en routebeschrijving Agenda 60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 te De Bilt Bron: Redactie Veel beleggers associëren de term tradingsystemen met volledig geautomatiseerde handelssystemen, terwijl de geautomatiseerde systemen slechts een deel van het spectrum bestrijken. Een tradingsysteem is een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. 'Succesvol' betekent dat het tradingsysteem de belegger in staat stelt zijn of haar doelstellingen te behalen. Ofwel: een gedegen rendement behalen met uw beleggingen. Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan je regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen?  Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. Programma van het 60e HCC Beleggen Symposium  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.50 uur ALV HCC Beleggen Agenda is hier te vinden  Philippe Dassonville Eenvoudig trenduitbraken traden met de MACD 1% strategie 10.50 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.55 uur Edward Loef De psychologie van de belegger Tycho Schaaf Lynx AutoTrader: Automatisch handelen via algoritmes 11.55 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 13.00 uur Rombout Kerstens Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Martin Hendriks & Douwe Westervaarder US Opties in de Praktijk 13.00 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.20 uur Bob Emanuals Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Anne Grevinga Gebruik van het Timing-model bij fundamentele analyse 14.20 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.25 uur Karel Mercx Tien favoriete beleggingsfondsen Jack van Oosterbosch Offline trading strategie Toegang is gratis.  Klik Hier om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium Terug naar Inhoud Unieke mogelijkheid, kennismaken met de beleggingsgroepen! Bron: Redactie Beleggen kan een lucratieve en fascinerende hobby zijn, maar er zijn ook risico's aan verbonden. Kennis en vaardigheden zijn noodzakelijke voorwaarden voor duurzaam succes. Door bijeen te komen kunnen beleggers van elkaar leren. Daarnaast is bijeenkomen met gelijkgestemden een belangrijk ingrediënt voor gezelligheid. Daarom worden er naast de beleggingssymposia ook regionale bijeenkomsten gehouden. Momenteel zijn de volgende Regiogroepen actief binnen de HCC Beleggen: Regiogroep Overijssel / Flevoland (ROF)  Computergroep Zuid-Holland Noordbeleggen (Friesland, Groningen en Drenthe) Studie-beleggersclub Helmond In oprichting is een regiogroep in Noord-Holland Regiogroepen komen in de regel op doordeweekse avonden bijeen en behandelen vrijwel alles op het gebied van beleggen. Het deelnemen aan deze groepen is niet alleen leuk, maar ook bijzonder leerzaam. Naast bijeenkomsten van regiogroepen worden er regelmatig op verschillende locaties in het land bijeenkomsten gehouden van Belangstellingsgroepen. Leden kunnen zich bij dergelijke groepen aansluiten om zo snel en effectief vaardigheden op de gewenste terreinen te ontwikkelen. Actieve Belangstellingsgroepen binnen de HCC Beleggen zijn: COSA (belangstellingsgroep voor fundamentele analyse) Belangstellingsgroep Daytraden Van alle genoemde groepen zijn leden aanwezig op het HCC Beleggen Symposium van 13 april 2013.  Aan deze leden kunt u vragen stellen over de activiteiten die zij ontplooien, informatie inwinnen en u aanmelden voor deelname aan de groepen. Terug naar Inhoud Licht aan het eind van de tunnel volgens CFO’s Bron: Kees Koedijk, Christian Staupe, Me Judice, 24 maart 2013 Recente berichtgeving over de situatie in Cyprus lijkt het recept te zijn voor hernieuwd pessimisme in de markt en oplaaiende onzekerheid in Europa. Ook de onlangs gepubliceerde Europese inkoopmanagersindex geeft een verontrustend beeld,Toch hoeft volgens Kees Koedijk en Christian Staupe dit pessimisme niet van lange duur te zijn. Tegenstrijdig? Niet echt. Het optimisme is op dit moment laag, ook onder financieel bestuurders in Europa. Maar wellicht gedreven door het herstel in de VS en de krachtige economische ontwikkelingen in Azië en Latijns Amerika, zien Europese CFOs de toekomst echter ook met steeds meer vertrouwen tegemoet. Het diepste punt van deze crisis lijkt dan ook echt achter ons te liggen. Blik van bestuurders: CFO Survey Kees Koedijk hoogleraar Financieel Management aan Tilburg University Kees Koedijk is o.a. hoogleraar Financieel Management aan Tilburg University en mede-oprichter van Me Judice.  Zijn onderzoek omvat financiering en belegging waarbij het duurzaam en maatschappelijk verantwoord beleggen de boventoon voert. Hij is ook een van de initiatiefnemers van het wereldwijd uitgevoerde survey onder CFO’s van grote ondernemingen.  Het optimisme over de economische vooruitzichten is op dit moment laag, zo ook onder de financieel bestuurders van Europese bedrijven. Als we echter een nadere blik werpen op enkele structurele grootheden, dan zien we signalen die erop wijzen dat bedrijven wel degelijk verbetering verwachten voor de komende twaalf maanden. Groei is in dit geval dan ook het eerste waar men voorzichtig weer aan durft te denken. De vraag blijft hoe deze groei onder de huidige economische omstandigheden het beste is te realiseren. Om meer inzicht te krijgen op deze vraag maken wij gebruik van de meest recente enquête onder financiële topbestuurders in de wereld. De uitkomsten geven inzicht in de stemming onder CFOs en zijn daarmee een goede graadmeter voor de economie. Een belangrijke maatstaf die hierbij wordt gehanteerd is de “optimisme-index” die het optimisme dan wel pessimisme onder CFOs meet. Figuur 1 laat zien dat het optimisme wereldwijd langzaam maar zeker weer aantrekt. 30% van de Europese CFOs is optimistischer geworden over de economische vooruitzichten van het eigen land voor de komende twaalf maanden, tegenover ruim 20% vorig kwartaal. Het optimisme niveau is daarmee ook licht gestegen en zet daarmee de verbetering door die in het voorgaand kwartaal is ingezet. Ondanks de macro-economische zorgen, verwachten Europese CFOs voor dit jaar een gematigde reële economische groei van 0.4%. Mocht de VS echter in een recessie terecht komen dan anticiperen zij juist op een krimp van gemiddeld 1.3%. Vooralsnog zijn de financiële managers in de VS optimistischer over de economische vooruitzichten; 31% van hen geeft aan positiever te zijn over de vooruitzichten, tegenover 21% vorig kwartaal. Maar ook collega’s in de opkomende markten zijn optimistisch. Op het Aziatische continent is bijna 40% van de financieel directeuren positief gezind over de economische vooruitzichten van hun eigen land. Van de Chinese CFOs zegt zelfs 50% de economische vooruitzichten voor de komende twaalf maanden met vertrouwen tegemoet te zien. Sinds een jaar meet CFO Survey ook het sentiment onder financieel directeuren in Latijns Amerika. Zij zijn momenteel veruit het meest optimistisch over de macro economische vooruitzichten van het eigen land. Bijna 53% geeft aan optimistischer te zijn ten opzichte van het vorig kwartaal. Bedrijfsindicatoren positiever Christian Staupe werkt aan strategie en beleid binnen de dean’s office van de Faculteit Economie en Bedrijfs wetenschap pen aan de Universiteit van Tilburg. Hij coördineert CFO Survey Europe, de Europese branch van de wereldwijd uitgevoerde survey onder CFO’s van grote ondernemingen. Hij heeft een achtergrond in International Business en Corporate Finance, opgedaan aan de universiteit van Tilburg en University of Idaho. Tussen 2003 – 2007 heeft hij zich beziggehouden met strategie ontwikkeling voor bedrijven en ondernemers met een specifieke interesse voor China. Hij was betrokken bij projecten in verschillende sectoren waaronder technologie & media; commodities; oil & gas; en financials. De economische malaise heeft sinds haar intrede in 2007 bedrijven ertoe gedwongen om drastische maatregelen te nemen om zo te kunnen overleven onder de geldende marktomstandigheden. Ook nu heeft dit nog steeds negatieve gevolgen voor de werkgelegenheid. Maar liefst 45% van de Europese CFOs verwacht namelijk gedurende de komende twaalf maanden het huidig aantal vaste werknemers te zullen reduceren met gemiddeld 3.7%. Ruim een derde van de Europese bedrijven zal het aantal tijdelijke werknemers zelfs met gemiddeld 7.4% verminderen. Maar de lange duur van de crisis heeft er ook voor gezorgd dat men langzamerhand gewend is geraakt aan de nieuwe status quo. Daar waar in het begin van de malaise de meeste bedrijven vooral de tijd (en daarmee de crisis) probeerden uit te zitten, durven zij nu weer vooruit te kijken, en dan vooral naar groeimogelijkheden. En hoewel we nog niet uit het dal geklommen zijn lijkt de geleidelijke toename in het vertrouwen (in zowel de economie alsook het eigen bedrijf) erop te duiden dat we het diepste punt van de crisis voorbij zijn. Een aantal indicatoren geven voeding aan dit optimisme: De bedrijfsuitgaven voor technologie en R&D worden in de komende twaalf maanden naar verwachting flink uitgebreid (gemiddeld met respectievelijk 4.2% en 2.7%) ten opzichte van voorgaande kwartalen. De productiviteit wordt de komende twaalf maanden verhoogd. Bijna driekwart van de bedrijven verwacht de productiviteit per uur te verhogen. De productie capaciteit wordt beter benut met een geplande bezettingsgraad van 81% in de tweede helft van dit jaar. Hiervoor wordt gemiddeld 62% van het totaal aan kapitaal investeringen toegewezen aan vervangingsinvesteringen om zo de huidige productiecapaciteit op peil te houden. Bijna 60% van de Europese CFOs verwacht een groei in omzet, winst en kasreserves voor de komende twaalf maanden. Dit biedt nieuwe perspectieven om te investeren in groei. Maar de huidige economische omstandigheden zijn voor veel bedrijven nog onvoldoende geschikt om organische groei na te jagen. Het consumentenvertrouwen dat nu nog als een rem op de economie werkt dient daarvoor eerst verder te verbeteren (figuur 2). Daarnaast is de snelheid waarmee de groei wordt gerealiseerd wellicht ook een factor die bedrijven laten meewegen. Toegang tot nieuwe markten of het zelf ontwikkelen van expertise en technologie kan lang duren via een organische groei strategie en de investeringen die daarmee gemoeid gaan zijn navenant. De optie die dan overblijft, is groei door middel van fusies en overnames. Klimaat voor fusies en overnames is gunstig Over de afgelopen drie jaar heeft bijna 40% van de Europese bedrijven één of meerdere acquisities voltooid. Het ging hier veelal om transacties tot en met 10 miljoen Euro. Bij ongeveer een derde betrof het transacties boven 100 miljoen euro. Maar ook voor de toekomst zijn er positieve geluiden op te tekenen. Alleen al voor 2013 verwacht 30% van de Europese bedrijven een acquisitie te voltooien, waarvan de helft het een internationale overname betreft. Veruit de meeste van deze grensoverschrijdende acquisities zijn gericht op Europese activa en gemotiveerd vanuit de behoefte om het marktaandeel te vergroten in de markt(en) waar het bedrijf al actief is. We constateren dat fusies en overnames de komende periode een grotere rol gaan spelen in de groeistrategie van Europese CFOs. Daarnaast blijkt dat de Europese markt nog volop mogelijkheden biedt, niet alleen voor Europese bedrijven maar ook voor concurrenten uit de VS. Bijna 40% van de Amerikaanse bedrijven zegt plannen te hebben voor acquisities in de komende twaalf maanden. Ruim een vierde hiervan betreffen transacties gericht op buitenlandse activa waarvan Europese het meest populair zijn. Een combinatie van factoren kunnen deze aankomende golf van acquisities in Europa verklaren.   Voldoende financieringsmogelijkheden Europese en Amerikaanse bedrijven hebben de laatste jaren grote kasreserves opgebouwd. Deze waren in eerste instantie bedoeld om de economische crisis te kunnen doorstaan maar bieden nu een aantrekkelijke bron van financiering voor acquisities. Vooral de beursgenoteerde bedrijven lijken hiervoor zeer goed gepositioneerd. Voor Europese ondernemingen wordt een winstgroei van ruim 7.5% verwacht in de komende twaalf maanden. Als gevolg daarvan anticiperen de Europese bestuurders een groei van 8% in kasreserves. Amerikaanse CFOs van beursgenoteerde bedrijven verwachten zelfs een groei van bijna 10% in winst en bijna 7% in kasreserves. Wellicht zullen aandeelhouders op beide continenten verdere druk uitoefenen om deze bedrijfsmiddelen aan te wenden voor groei. Bijna 70% van de Europese financiële directeuren geeft aan dat het bedrijf vrij gemakkelijk toegang heeft tot (externe) financiering voor de groeistrategie. Daarbij geldt dat de historisch lage rentetarieven een extra impuls kunnen bieden om overnames met externe fondsen te financieren; de ECB herfinancieringsrente staat bijvoorbeeld al geruime tijd op 0.75% terwijl de Amerikaanse FED rente al sinds eind 2008 op 0.25% staat. Aantrekkend optimisme Vanuit macro economisch oogpunt is er nog een lange weg te gaan voor Europa. We zien echter dat de situatie in de markt (politiek en economisch) langzaam maar zeker aan het stabiliseren is en dat er daarmee wellicht ook een (nieuw) evenwicht ontstaat. Dit draagt bij aan het vertrouwen in de markt.. De aandelenmarkten hebben flink geleden onder de effecten van de crisis. We zien in figuur 3 dat sinds 2009 het herstel is ingezet maar dat dit een erg lang proces blijkt. Echter, vanaf medio 2011 lijkt de markt in de VS eindelijk weer structureel boven het peil van 2008 uit te stijgen en daarmee richting het pre-crisis niveau te klimmen. En hoewel de markt in Europa eigenlijk pas een jaar later (Q2 2012) volgt, is ook deze inmiddels boven het peil van 2008 uitgestegen. Stijgende aandelenmarkten komen over het algemeen ten goede aan fusie en overname activiteiten. Overeenkomstig met wat de Europese CFOs ons vertellen, anticiperen we dan ook een significante toename in het aantal transacties, gedreven door zowel de vraag- alsook de aanbodzijde. Juist omdat de markten eigenlijk nog maar aan het begin staan van het grote herstel, is het voor bedrijven die daartoe in staat zijn extra aantrekkelijk om nu naar geschikte overnamekandidaten te zoeken. Slecht presterende ondernemingen zijn door de crisis veelal noodgedwongen het doelwit geworden van bedrijven die wel in staat waren de crisis te doorstaan. Door nu in actie te komen profiteert deze laatste groep van realistische waarderingen en daarmee gunstige prijzen voor overname doelwitten. Wacht men langer dan zullen bestuurders ook bereid moeten zijn om meer geld neer te leggen. Beter presterende aandelenmarkten stuwen nu eenmaal de gemiddelde waarde van individuele bedrijven omhoog. Vanuit de aanbodzijde beredeneerd kunnen we om deze reden juist ook een toename in transacties verwachten. Hogere waarderingen maken het voor bedrijven en investeerders steeds aantrekkelijker om de wellicht lang uitgestelde verkoop of exit-strategie eindelijk te realiseren. Conclusies Ondanks dat het macro-economische sentiment onder de CFOs voor het tweede achtereenvolgend kwartaal is toegenomen, blijft het optimisme bescheiden. Toch zijn er positieve signalen die er mogelijk op wijzen dat we de bodem van de crisis wellicht al achter ons hebben liggen. Hiervoor moeten we niet op macro-economisch niveau kijken maar eerder op bedrijfsniveau. Omdat de macro-economische condities op dit moment nog niet optimaal zijn door het gebrek aan voldoende consumentenvertrouwen is de groei van het bedrijf nu nog vaak lastig te realiseren. Een groot deel van de bedrijven is echter wel in de positie om te profiteren van het gunstige klimaat voor fusies en overnames. Tegen de achtergrond van (1) relatief goedkoop krediet door historisch lage rentes; (2) de snel opkomende aandelenmarkten; (3) de nu nog gunstige maar snel stijgende bedrijfswaarderingen; en (4) de toenemende kasreserves van bedrijven, kunnen we een golf van fusies en overnames verwachten in de nabije toekomst. Daarbij is Europese activa zeer in trek bij zowel Europese alsook Amerikaanse bedrijven. Terug naar Inhoud Fundamentele analyse m.b.v de NAIC methode Bron: CoSA-werkgroep De NAIC-methode berekent van een beursgenoteerd bedrijf de gemiddelde groeipercentages per jaar voor zowel de WpA (winst per aandeel)  als de omzet. Als men de historische waarden van de WpA en de omzet logaritmisch uitzet tegen de jaren, zullen zij min of meer op een rechte lijn komen te liggen. De trendlijnen zijn gemiddelden die de beste aanpassing van rechte lijnen langs of door de punten geven. Deze lijnen worden vervolgens gebruikt voor de prognose van de WpA en de omzet. De NAIC-methode neemt (onder voorwaarden) aan, dat zowel de hoogste als de laagste koersen even hard zullen groeien als de WpA, wat een constante koers/winst-verhouding in de prognoseperiode impliceert. We zien dat weergegeven als een oplopend  koerskanaal in de jaren 2013 t/m 20017. De NAIC-methode gaat m.b.v. de tot nu toe verkregen resultaten nog een stap verder om tot een koop-, houden- of verkoopadvies te komen. Daartoe wordt de laagst voorgekomen koers in de laatste vijf historische boekjaren afgetrokken van de geprognosticeerde hoogste koers in het vijfde jaar erna, dus 2017. Van het verschil neemt NAIC globaal het middelste derde deel als de breedte van wat we de NAIC-zone noemen. De onder- en de bovengrens ervan zijn in de grafiek met horizontaal lopende streepjeslijnen aangegeven. Tot slot wordt in de grafiek nog de koers op het moment van de te nemen beslissing afgebeeld, hier door middel van een dikke ronde blauwe stip in mrt. 2013. Het NAIC-advies is “kopen“ als die stip onder de ondergrens van de  NAIC-zone ligt, “verkopen“ als de stip boven de bovengrens van de zone ligt en “houden“ als de stip tussen de zone-grenzen ligt.   Computerprogramma’s nemen het handmatig rekenwerk over en geven consistent en snel de in dit voorbeeld globaal aangegeven waarden plus afgeleide uitkomsten weer. Zo worden ook prognoses berekend voor te verwachten hoogste en laagste jaaropbrengsten, o.a. rekening houdend met dividenden. De CoSA-werkgroep stelt zich tot taak om fundamenteel beleggen o.b.v. de NAIC-methode en m.b.v. de daarbij behorende bestanden en programma’s beschikbaar te stellen en houden voor geïnteresseerden. Op dit moment zijn dit leden van VEB/NCVB, HCC en i.h.b. HCC-Beleggen die aangegeven hebben onze informatie te willen ontvangen. Indien u meer weten over de NAIC methode en over CoSA, kunt u contact opnemen met de voorzitter: Jan van der Meulen per Email klik hier U kunt zich bij hem ook aanmelden voor het ontvangen van informatie, zoals de doorgaans wekelijks verschijnende CoSA-mail en voor het verkrijgen van toegang tot de openbaar beschikbare CoSA/SSG-verzameling. _____ *) NAIC :  National Association of Investors Corporation, de Amerikaanse zustervereniging van de NCVB.    CoSA:  Computerondersteunde Selectie van Aandelen. Terug naar Inhoud Gouden bergen bestaan niet. 5 waarschuwingen voor beleggers Bron: AFM AFM-vergunning of goedgekeurd prospectus is geen keurmerk Sommige beleggers gaan er vanuit dat een vergunning van de AFM of een door de AFM goedgekeurd prospectus een kwaliteitsstempel is en dat de belegging dus veilig is. Dat is onterecht. De AFM mag het prospectus alleen controleren op volledigheid, begrijpelijkheid en consistentie. De AFM kan geen oordeel geven over de aanbieding zelf en controleert dus niet of de beloofde rendementen juist zijn en of de belegging veilig is. Een AFM-vergunning betekent dat een aanbieder aan bepaalde eisen voldoet en de integriteit van bestuurders is getoetst. Het zegt niets over de kwaliteit van het beleggingsproduct zelf. Meer hierover zie: Tip 1. Meer informatie bezoek de website van de Autoriteit Financiële Markten (http://www.afm.nl) En belegging boven de 100.000 euro? : Geen toezicht AFM De grens die bepaalt of aanbieders wel of geen vergunning van de AFM moeten hebben om actief te mogen zijn, is in 2012 verhoogd van 50.000 euro naar 100.000 euro per beleggingsproduct. Aanbieders hoeven boven dat bedrag geen vergunning te hebben en geen goedgekeurd prospectus te publiceren. Zij zijn wel verplicht om beleggers te waarschuwen in reclame-uitingen en op hun website dat zij niet onder toezicht staan. Meer hierover zie: Tip 2. Let op kosten beleggingsfondsen Beleggen in beleggingsfondsen is niet gratis. De kosten van beleggingsfondsen worden uit het fondsvermogen betaald en hebben dus direct invloed op het rendement. De kosten staan vermeld in de essentiële beleggersinformatie (EBI). Transactiekosten in fondsen worden niet in de EBI genoemd. Maar deze kunnen wel substantieel zijn. Transactiekosten in het fonds zijn de kosten van uitgevoerde transacties door de fondsmanager. Vraag de aanbieder, uw adviseur of vermogensbeheerder naar de transactiekosten in fondsen om hiervan een beter beeld te krijgen. Meer hierover zie: Tip 3. Pas op voor boilerrooms Boilerrooms zijn frauduleuze organisaties, die met behulp van gehaaide verkopers bellen naar potentiële beleggers om nepaandelen te verkopen, waarmee je grote winsten zou behalen. Ze zeggen dat je meteen moet beslissen, want anders zijn de aandelen al verkocht. Ga er nooit op in. Check altijd op de AFM website of een aanbieder een vergunning heeft of op de waarschuwingslijst staat. Meer hierover zie: Tip 4. Turbo’s, speeders of sprinters? Er valt ook veel geld te verliezen Turbo’s, speeders en sprinters zijn hefboomproducten, net als bijvoorbeeld contracts for difference (cfd’s). Met een hefboomproduct kun je met weinig geld inspelen op een koersbeweging. U investeert een klein deel en leent de rest van de bank. Hoe hoger de hefboom, hoe meer geld u kunt verdienen. Maar ook hoe groter de verliezen kunnen zijn. Bij cfd’s kunt u soms zelfs meer verliezen dan de investering en met een schuld achterblijven. Meer hierover zie: Tip 5. Terug naar Inhoud Leg een bom onder alle belastingparadijzen Bron: Presseurop De crisis op Cyprus heeft de bijzondere fiscale status van het eiland aan het licht gebracht. Echter, de situatie in andere Europese landen als Luxemburg en de Britse Kanaaleilanden is niet veel anders. Het is tijd dat er een einde wordt gemaakt aan deze ontoelaatbare situatie. Xavier Vidal-Folch Waarom zouden we Cyprus laten vallen terwijl andere belastingparadijzen – Luxemburg en de kleine Britse eilanden als Man en Guernesey – uit de wind worden gehouden? De slachtofferrol die Cyprus heeft aangenomen, is tamelijk onnozel. De reden dat bijna niemand deze gebieden aan een onderzoek onderwerpt, is omdat deze landen niet aan de Europese partners hebben gevraagd om van een faillissement te worden gered. Gestolen geld uit Joegoslavische staatskas En dat is niet alles. Want de Cypriotische zaak is hoe dan ook verbijsterend. Tot 2007 werd er nauwelijks belasting geïnd op het eiland. In de jaren negentig kwam Slobodan Milosevic naar Cyprus om er 800 miljoen dollar die hij uit de Joegoslavische staatskas had geplunderd, te stallen. Het zijn de Cypriotische banken die het Russische zwarte geld, voornamelijk verdiend met oliespeculatie, hebben aangenomen, witgewassen en geherinvesteerd. Volgens de CIA zou het eiland ook meewerken aan de handel in Filipijnse en Dominicaanse vrouwen voor de seksindustrie. De grote haven van Limassol is de belangrijkste stad voor schepen die zich niet aan de regels houden en waarvan de activiteiten schimmig en onverantwoordelijk zijn omdat zij de Cypriotische vlag – bijna een soort piratenvlag – voeren. Madrid  Taal : Spaans Oplage : 440 000 El Pais De site van El País is de op één na grootste nieuwssite in Spanje, na het dagblad El Mundo. De site is rijk aan informatie en biedt onder andere de rubriek “Yo Periodista” ("Ik ben journalist”), een interactief forum waar de lezers hun eigen column kunnen schrijven. Bovendien heeft de financiële elite, net zoals in Ierland, een ongezonde relatie met rechtse politici: neem de minister van Financiën, Michalis Sarris, die vriendjes wilde worden met Moskou om de pijn van de banken te verlichten. Deze zelfde Sarris was in 2012 nog voorzitter van de Raad van Bestuur van een financiële instelling die er nu het meest beroerd voorstaat: de Laika Groep. Strikt genomen is Cyprus geen belastingparadijs Als we naar de vage definitie kijken van de OESO, is Cyprus in werkelijkheid geen belastingparadijs. Het is waar dat de belastingen er extreem laag zijn en conditio sine qua non is het op de zwarte lijst terechtgekomen. Toch voldoet het eiland niet aan twee andere noodzakelijke criteria: het systeem van het eiland is namelijk niet totaal gesloten en er bestaat een mogelijkheid voor andere landen om er belastinginlichtingen te verkrijgen. Het zijn andere kleine details die het eiland ontsieren en verzwakken. De financiële sector is buitenproportioneel groot (net zoals in Ierland destijds): de bezittingen van de banken bedragen 7,1 keer het bbp. Dat is twee keer zoveel als het Europese gemiddelde (3,5 keer) en dat van Spanje (3,1 keer), maar slechts een derde van het Luxemburgse cijfer (de activa bedragen daar 21,7 keer het bbp). Cyprus staat niet meer op de grijze lijst van de OESO en het mag dan in strikt juridische zin geen belastingparadijs zijn, het scheelt niet veel. En dat geldt ook voor Luxemburg. Ook Luxemburg kan ziekte van Cyprus oplopen Luxemburg? Ja, laten we het eens over Luxemburg hebben. Het Groothertogdom is het rijkste land ter wereld dankzij de tweehonderd buitenlandse banken en meer dan 3.000 miljard euro aan financieel buitenlands vermogen (van de 20.000 miljard euro totaal in de wereld) dat onder een extreem gunstig fiscaal systeem valt. Het moet gezegd worden dat het huidige systeem niet meer zo genereus is als voorheen. Toen hoefden “Holding 1929”-bedrijven helemaal geen belasting te betalen. Desalniettemin hebben bepaalde vermogensbeheerders – die al geen lasten hoeven af te dragen over de rente, het vermogen en ook geen btw betalen – nog aftrekposten tot hun beschikking en betalen ze slechts 0,25 procent belasting. Dat is wat wij een belastingtruc zouden kunnen noemen. Mogelijk komt er een dag dat Luxemburg, Zwitserland en de ‘eiland-riolen’ van Londen (en van Singapore) de ziekte van Cyprus oplopen. Deze ziekte sluimert in zekere zin al in deze gebieden. Om te voorkomen dat zij een beroep moeten doen op de Duitse of Spaanse belastingbetaler om ze te redden en dat de houders van niet-gegarandeerde spaartegoeden voor alles moeten opdraaien, moet er een bom onder de belastingparadijzen worden gelegd. Ontneem de profiteurs hun vetorecht Hoe? De belastingregels moeten geharmoniseerd worden en een aanvulling worden op het gedeelte dat is gewijd aan inkomsten in het begrotingspact, waarvan het doel is de uitgaven in toom te houden. De strategie bestaat uit het harmoniseren van de verschillende soorten belastingen en de belastingdruk op het vermogen. Ook moeten er kleinere schijven voor de inkomstenbelasting komen, een einde worden gemaakt aan btw-uitzonderingen, de verhoging van de ondernemersbelasting op elkaar worden afgestemd, moeten winsten die behaald zijn in belastingparadijzen door buitenlandse tussenhandelaren worden belast en moet er een progressieve belasting komen voor financiële transacties. Zulke hervormingen zijn niet eenvoudig uit te voeren. Voor fiscale overeenkomsten in de EU is unanimiteit nodig. Zij die profiteren van de belastingtrucs en hun vrienden hebben een vetorecht. En dat zullen ze gebruiken. Laten we dat veto ook opblazen. Zeg het voort. Redactie: Meer over belasting ontduiking: Afbeelding is uit illustratief artikel "Which Tax Haven Is Right for You?" in BloombergBusinessweek http://images.businessweek.com/slideshows/2013-01-17/which-tax-haven-is-right-for-you Tax Justice Network: Why Tax havens cause poverty: http://taxjustice.blogspot.nl/2010/11/how-tax-havens-lay-at-core-of-greek.html Actionaid: "FTSE 100 tax haven tracker" http://www.actionaid.org.uk/103031/ftse_100_tax_haven_tracker.html OECD 2009: Indicatoren van witwassen Handboek voor medewerkers van de Belastingdienst : http://www.oecd.org/ctp/crime/Money%20laundering%20awareness%20handbook_Dutch%20version.pdf Wikipedia "List of offshore financial centres": http://en.wikipedia.org/wiki/List_of_offshore_financial_centres Terug naar Inhoud Gemiddelde dekkingsgraad pensioenfondsen gestegen naar 104% Bron: DNB De gemiddelde dekkingsgraad van de Nederlandse pensioenfondsen is in februari gestegen naar 104%. Eind december 2012 bedroeg de gemiddelde dekkingsgraad nog 102%. De dekkingsgraad - de verhouding tussen de beschikbare middelen en de verplichtingen – is vooral toegenomen door de verwerking van de kortingen die de pensioenfondsen in februari hebben aangekondigd. Daarnaast is de rentetermijnstructuur sinds december 2012 gestegen en namen de (buitenlandse) aandelenkoersen toe. In februari hebben 68 van de 415 pensioenfondsen een korting per april 2013 aangekondigd. Een besluit tot korten wordt na besluitvorming, in dit geval dus in februari, verwerkt in de verplichtingen van de pensioenfondsen. Hierdoor zijn de verplichtingen, ook wel technische voorzieningen genoemd, in deze periode afgenomen. De lichte stijging van de rentetermijnstructuur droeg ook bij aan de daling van de waarde van de technische voorzieningen. Een hogere rente zorgt er voor dat fondsen minder geld moeten reserveren voor toekomstige uitkeringen. De buitenlandse aandelenkoersen stegen tussen december en februari. Zo nam de MSCI-World Index met 6,6% toe. De AEX daalde met 0,6%, maar omdat pensioenfondsen veel in buitenlandse aandelen beleggen, nam de waarde van de aandelenportefeuille toe. Dit had een positief effect op de beschikbare middelen.   145 pensioenfondsen hadden eind februari 2013 een dekkingsgraad van minder dan 105%. Deze fondsen verkeren in een dekkingstekort. Dit zijn er 13 minder dan eind december 2012. Per ultimo februari waren 3,9 miljoen actieve deelnemers en 1,9 miljoen pensioengerechtigden aangesloten bij een pensioenfonds met een dekkingstekort. Links: Nominale rentermijnstructuur (zero-coupon) 15-jaarsrente (tabel 1.3) http://www.statistics.dnb.nl/index.cgi?lang=nl&todo=Rentes Aandelenbeursindices (tabel 3.1) http://www.statistics.dnb.nl/index.cgi?lang=nl&todo=Aandelen Terug naar Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Europees toezicht is slechts het begin Bron: DNB 'De oprichting van een Europese toezichthouder kan met recht een mijlpaal worden genoemd. Tegelijk is het slechts een eerste stap op weg naar duurzame financiële stabiliteit in Europa. Voor een goed werkende bankenunie zijn minstens drie belangrijke stappen nodig'. Dit schrijft president Klaas Knot in een artikel dat is gepubliceerd in de Duitse Börzen-Zeitung. 'De eerste stap, een Europese toezichthouder, is een logische reactie op het grensoverschrijdende karakter van de financiële sector en de onderlinge verwevenheid  van banken. Als gevolg van de interne markt en het wegvallen van wisselkoersrisico is die verwevenheid vooral sterk in de eurozone. Hoewel financiële integratie belangrijke voordelen heeft, hebben we in de recente financiële crisis ook de schaduwzijde van deze ontwikkeling gezien. Problemen konden zich door de sterke verwevenheid van de financiële sector razendsnel verspreiden en vermenigvuldigen over instellingen, sectoren en landen. Bij een financiële sector die zich weinig van landsgrenzen aantrekt, hoort een Europese toezichthouder die zich net zo gemakkelijk over landsgrenzen heen kan bewegen en in elk land dezelfde regels hanteert.   De tweede stap op weg naar een volwaardige bankenunie sluit aan bij een ander belangrijk kenmerk van Europese banken. Ondanks hun grensoverschrijdende karakter vallen ze bij een crisis nog steeds terug op de nationale overheid. Recent hebben we gezien waar dit toe kan leiden: problemen in de bankensector tastten de kredietwaardigheid van nationale overheden aan. Omgekeerd brachten twijfels over de schuldhoudbaarheid van de overheid nationale banken in de problemen.  Het gevolg was een lotsverbondenheid tussen kwetsbare nationale overheden en zwakke banken, die leidde tot kapitaalvlucht en zelfs tot twijfels over het voortbestaan van de euro. Door behalve het toezicht ook de resolutie van banken en de financiering daarvan op Europees niveau te regelen, kan de innige omhelzing tussen banken en nationale overheden worden doorbroken.   Deze stap moet snel gezet worden. Zolang de resolutie van banken nog een nationale aangelegenheid blijft, kan Europees toezicht niet goed werken, en dreigt een valse start voor de bankenunie. Er is immers een spanningsveld tussen een Europese toezichthouder, die beslist over het voortbestaan van een bank, en een nationale resolutieautoriteit, die de gevolgen daarvan voor zijn rekening neemt. Daarbij kan een Europese resolutieautoriteit met een compleet arsenaal aan interventie-instrumenten zorgen voor een tijdige aanpak van problemen. Hiermee wordt voorkomen dat niet-levensvatbare banken overeind worden gehouden. Een Europees resolutiemechanisme biedt ook een duidelijk en geharmoniseerd raamwerk voor de verdeling van verliezen bij resolutie. Het leidende principe daarbij moet zijn: van bail-out naar bail-in. Verliezen moeten uiteindelijk vooral worden gedragen door de aandeelhouders en de crediteuren. Een dikke laag achtergestelde obligaties, zoals voorgesteld door Liikanen, maakt bail-in geloofwaardig en beschermt depositohouders en het depositogarantiestelsel. Pas in laatste instantie kan een beroep worden gedaan op Europese private en publieke vangnetten.   Maar voor een toekomstbestendige bankenunie is ook een derde stap nodig. Juist vanwege de verwevenheid tussen financiële instellingen, financiële markten en de reële economie is het niet voldoende om toezicht te houden op de verschillende onderdelen van het financiële systeem. Een van de belangrijkste lessen van de crisis is dat financiële stabiliteit vraagt om beleid dat zich richt op het financiële systeem als geheel.   Voor Europa is deze les bij uitstek van belang. De huidige problemen bij Europese banken en overheden maken duidelijk dat toezichthouders en centrale banken onvoldoende in staat waren de opbouw van onevenwichtigheden tegen te gaan. En dat geldt niet alleen voor landen als Ierland, Spanje en Cyprus. Ook in Nederland zijn kwetsbaarheden ontstaan doordat de spiraal van sterk groeiende kredietverlening en stijgende vastgoedprijzen vanaf eind jaren ’90 onvoldoende werd afgeremd. Deze voorbeelden onderstrepen het belang van macroprudentieel beleid, dat zich expliciet richt op de aanpak van systeemrisico’s. Dit geldt des te meer binnen de eurozone, waar de wisselkoers en de rente als aanpassingsinstrumenten op lokaal niveau ontbreken.   Veel lidstaten hebben dit ter harte genomen. In diverse landen worden macroprudentiële autoriteiten opgericht, die tot taak hebben de financiële stabiliteit te bevorderen en de opbouw van financiële onevenwichtigheden tegen te gaan. Op Europees niveau ontbreekt vooralsnog een duidelijk stabiliteitsmandaat. Dit hiaat moet worden gevuld. We moeten vermijden dat we straks in Europa het monetair beleid en het toezicht op banken tot in de puntjes geregeld hebben, om er achter komen dat we het beleid gericht op financiële stabiliteit zijn vergeten.   De oprichting van een Europese toezichthouder is een belangrijke eerste stap op weg naar een Europese bankenunie. Pas als we ook de resolutie van banken en het macroprudentiële beleid goed hebben geregeld, kan de bankenunie daadwerkelijk een bijdrage leveren aan duurzame financiële stabiliteit in Europa'. Terug naar Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Terug naar Inhoud Actieve leden gezocht voor HCC Beleggen Bron: Bestuur HCC Beleggen Om onze doelstellingen  in 2013 / 2014  mogelijk te maken zijn we nu dringend op zoek naar leden die een bijdrage willen leveren aan de activiteiten van onze vereniging. Dat hoeft niet meteen een grote klus te zijn, maar leden die een deeltaak willen verrichten -die relatief weinig tijd kost- zijn  zeer welkom. Met meer mensen kunnen we immers meer doen en dat maakt het bovendien ook veel gezelliger. Enkele voorbeelden van deeltaken waarvoor wij mensen zoeken zijn: het op ad-hoc basis een artikel schrijven voor onze website of een cursus willen geven over alle vormen van beleggen, de analysemethodieken, emotie en beleggen etc. beleggingssoftware beoordelen redactie leden voor website en nieuwsbrieven het actueel houden van (een deel van) onze website/ons forum webmaster voor en meewerken aan de nieuwe inrichting van onze website het coördineren en organiseren van onze HCC Beleggen symposia het verrichten van (deel)taken tijdens onze HCC Beleggen symposia en/of beurzen een bestuursfunctie. Uiteraard mag u zich aanmelden in groepjes. Dus als u, eventueel samen met medebeleggers, onze vereniging wilt helpen laat het ons dan weten. Trefwoorden hierbij zijn: vele handen maken licht werk, het moet vooral leuk blijven, zo doe je ook nog eens interessante contacten op. Denk ook eens aan het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt. Lijkt het u iets om actief te worden? Heeft u vragen over de functies of heeft u goede ideeën voor onze vereniging? Klik Hier of meld u zich dan via de website om eens een  belafspraak te maken... een echte vereniging kan niet zonder u als actief lid. Terug naar Inhoud Aanmelden en routebeschrijving: Een entreebewijs voor het 59-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar Inhoud Agenda Bron: HCC Beleggen redactie Terug naar Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

2 april 2013

...

Nieuwsbrief20130316 Symp60-3

60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 "Meer rendement met tradingsystemen" inhoud:    Symposium Bericht: 3  60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 Bob Emanuels: Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Martin Hendriks en Douwe Westervaarder: US Opties in de Praktijk Jack van Oosterbosch: Offline trading strategie Banken als traditionele intermediairs hebben hun langste tijd gehad Niets nieuws onder de zon Option Academy Lynx De Veste De Optiestrateeg Agenda ALV HCC Beleggen d.d. 13 april 2013 Actief zijn binnen HCC Beleggen Aanmelden en routebeschrijving   60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 te De Bilt Bron: Redactie Veel beleggers associëren de term tradingsystemen met volledig geautomatiseerde handelssystemen, terwijl de geautomatiseerde systemen slechts een deel van het spectrum bestrijken. Een tradingsysteem is een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. 'Succesvol' betekent dat het tradingsysteem de belegger in staat stelt zijn of haar doelstellingen te behalen. Ofwel: een gedegen rendement behalen met uw beleggingen. Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan je regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen?  Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. In deze en komende Symposium-brieven worden sprekers en standhouders aan u voorgesteld. Toegang is gratis.  Om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium.  Klik Hier Terug naar  Inhoud Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Spreker: Bob Emanuels Het 8 Stappenplan 1)  Wat is mijn beleggingshorizon? Op welk ‘time frame’ ben ik actief. Waarom is de keuze van het juiste ‘time frame’ zo belangrijk? En waarom gedraagt de markt zich zoals zij zich gedraagt? Wat betekent ‘schaalbaar’ en hoe beïnvloedt dat mijn dagelijkse analyse? De markt kan worden beschouwd als een complex stelsel van non-lineaire vergelijkingen. Maar waardoor komt dat en –nog belangrijker- wat heb ik als belegger aan dergelijke wetenschap? Dit blok geeft een eerste inzicht in hoe de markt zich gedraagt - hoe beleggers zich gedragen - en wat de consequenties daarvan zijn. Een sprong in het diepe van de Chaos-theorie.   2)  Als het niet omhoog gaat, wil ik het niet hebben en vice versa als het niet omlaag gaat, wil ik het niet verkopen Hoe bepaal je of de markt omhoog of omlaag beweegt. En hoe bepaal je in wat voor fase de markt beweegt. Zit er structuur in het marktgedrag - Orde in Chaos - en hoe kunnen we deze verborgen structuren vinden? De marktfases worden benoemd en de hulpmiddelen worden aangereikt om ze te herkennen   3)  Een trend is een trend totdat het tegendeel is bewezen Logisch, nietwaar? Maar wat is dan een trend? Wat is een top en wat is een bodem? Zijn daar objectieve regels voor? Wat is trendsterkte en wat betekent betrouwbaarheid van de trend? Hoe beïnvloedt de beweeglijkheid de trend en wat kun je hiermee als belegger? Trends herkennen en trendsterkte benoemen staat in dit blok centraal   4)  Doorgaan, pauzeren of omkeren? Bij het analyseren van trends is het van cruciaal belang om te herkennen of er iets met de kwaliteit van de trend aan de hand is. Zet deze zich voort, wordt er een pauze ingelast, of draait de trend om? Koerspatronen zijn hierbij een essentieel hulpmiddel. Maar om ze te kunnen gebruiken, moet je ze wél kunnen herkennen … En moet je ze kunnen handelen !! Een voorbeeld.   5)  Het diepteonderzoek Soms is het noodzakelijk om een meer diepgaand onderzoek in te stellen en om zo beter inzicht te krijgen in de feitelijke status van een beleggingsinstrument. En soms is het ook handig om grote aantallen analyses in korte tijd uit te kunnen voeren. Dan komt de analyse met behulp van indicatoren om de hoek kijken. Daarvoor hanteren wij verschillende sets van indicatoren. Maar welke set van indicatoren is wanneer nu belangrijk? En hoe stel je zo een set samen? Met welke variabelen gebruiken we die indicatoren en hoe interpreteren we ze? Wat is het nut van de marktfases uit stap 2) bij het gebruik van indicatoren? Wat zijn de risico’s?   6)  Maar wat te doen als ik ongelijk heb? Maar al onze deskundige analyses geven nog geen garantie op een winstgevende trade. Natuurlijk, de enige garantie voor rendement in de toekomst is wijze waarop we rendement in het verleden hebben behaald. Maar toch, …. Het kan wel eens tegenzitten. En wat dan? Dan is een juiste stop systematiek de enige garantie dat je morgen weer kunt handelen en niet failliet gaat. Dus gaat het over de noodzaak van een goede stop-strategie en hier laat ik zien op welke wijze stops onder posities kunnen worden aangebracht. Voor velen een eye-opener!   7)  De scenario analyse Objectieve analyse maakt gebruik van (indicator)modellen die zijn gebouwd voor een stabiele, vertrouwde wereld waar alles 'meer van hetzelfde is'. Maar helaas zitten financiële markten zo niet in elkaar. Als de toekomst niet langer stabiel of zeker is, is iedere poging om die ene juiste voorspelling te doen, gedoemd te mislukken. Scenario’s moeten daarom helpen door juist niet de zekerheden op te zoeken, maar door zich vooral te richten op de onzekerheden in de marktstructuur. Daarbij maken wij onderscheid tussen voorspelbare en onzekere factoren. Maar dat betekent ook, dat we eerst moeten definiëren wat reële, te verwachten  koersdoelen, reactie- en extensie-niveaus zijn. De bekende management-goeroe Peter Drucker zei al eens: ‘The greatest danger in times of turbulence is not the turbulence; it is to act with yesterday's logic.’   De dynamiek die opgesloten ligt in de structuur van de markt en zoals die zal worden beschreven in Stap 1) noodzaakt ons om tot een scenario-analyse te komen op verschillende horizonnen. We zoeken daarbij steeds antwoord op de vraag: Wanneer is mijn scenario niet meer geldig? En doet zich wellicht nu een nieuwe kans voor in de markt? Wat is daarbij het risico? En wat is dan het juiste moment om de belegging te initiëren?   8)  Money Management en Risicobeheer Money Management is een containerbegrip voor technieken om zo veel mogelijk rendement te behalen en daarbij de risico’s te beperken. Money Management is niets anders dan goed geldbeheer om een zo’n groot mogelijk rendement te behalen en daarbij de risico’s te beheersen. Goed Money Management is de basis voor duurzame resultaten.   Is er wel een goed omschreven plan? En niet alleen om tijdens het handelen te kunnen bekijken wat we met ons zelf hadden afgesproken, maar ook achteraf om te zien waar het plan fout ging en hoe dat in de toekomst vermeden kan worden?  Hoeveel risico kunnen we lopen zonder dat onze nachtrust hieronder te lijden heeft? Of nog beter, wat is nu eigenlijk ‘Risico’ en hoe bereken ik risico op een juiste manier? Hoeveel contracten of aandelen moet ik per keer handelen? Wat is ‘Position Sizing’ en wat is ‘Pyramiding’?  Wat is de optimale positiegrootte en hoe groot is de kans op faillissement? En moet ik nu beleggen mét of zonder herinvesteren van winsten? Moet ik ‘hedgen’ en zo ja, hoeveel? Alles over de koppeling tussen risico en rendement! Terug naar  Inhoud Item3: Sprekers: Martin Hendriks en Douwe Westervaarder  US Option Trader biedt ondersteuning, educatie en adviezen aan haar klanten, voor het behalen van consistent rendement op Amerikaanse opties. US Option Trader concentreert zich op de Amerikaanse beursen, vanwege een aantal redenen: De Amerikaanse beursen hebben een gigantische keuze in aandelen, fondsen, indices en trackers, elke dag weer. De Amerikaanse beursen sluit om 22 uur. Onze klanten kunnen in de avond hun posities opzetten en volgen. Je kunt het gemakkelijk naast je reguliere werk doen. Wij maken gebruik van software voor technische analyse, dat al jaren internationale awards in de wacht sleept als het beste betaalbare pakket. De oprichters van US Option Trader - Douwe en Martin - hebben een passie voor het handelen met opties. Van simpele calls en puts tot geavanceerde strategieën. Hun motto is : “Keep it simple”. Ze verstaan de kunst om winstgevend handelen in opties voor de gewone man begrijpelijk en mogelijk te maken. Voor meer informatie: http://usoptiontrader.nl/ Meer informatie over onze rendementen: http://usoptiontrader.nl/track-record-us-option-trader/ Terug naar  Inhoud Offline trading strategie Spreker: Jack van Oosterbosch Bij een tradingsysteem denkt u vaak aan computersystemen, futures, opties, volatiliteit en vele andere termen. Dat is logisch. Maar er is, wanneer er gekeken wordt naar de breedste zin van het woord, nog een ander, zeer interessant, stabiel en lucratief tradingsysteem dat offline werkt. Jack.C.M. van Oosterbosch heeft ruim vijfentwintig jaar ervaring in de financiële wereld, met name in hedge funds en optie- futures- en termijnmarkten. In 1999 richtte hij De Veste op als onderzoeks- en kenniscentrum voor alternatieve investeringen in Nederland. In de loop der jaren bouwde hij een uitgebreid netwerk op van Hedge fund managers. Hierover vertellen wij u graag meer tijdens onze presentatie op 13 april 2013. Terug naar  Inhoud Banken als traditionele intermediairs hebben hun langste tijd gehad Bron: MeJudice 11 mrt 2013 De financiële crisis heeft de bancaire sector ernstig beschadigd. Onder leiding van de centrale banken worden tot en met 2019 strengere regels ingevoerd om de financiële sector veiliger te maken. Hogere kapitaalbuffers worden voorgeschreven en financiële instellingen moeten voldoen aan striktere regels. De kostenverhoging en dalende rendementen die met deze maatregelen gepaard gaan zetten de bijl aan de wortel van het oude model van de bank als intermediair, aldus Mike Nawas en Dennis Vink. Regelgevers zullen desintermediatie moeten stimuleren om ervoor te zorgen dat krediet voor consumenten en bedrijven betaalbaar blijft zodat de economie bevorderd wordt. Pijn van buffers en strikte regels Mike Nawas Associate Professor Financial Markets aan de  Nyenrode Business Universiteit Mike Nawas is oprichter van Bishopsfield Capital Partners, het Londens advieshuis voor emissies en gestructureerde financieringen. Hij is tevens verbonden aan Nyenrode Business Universiteit als Associate Professor Financial Markets. De Dow Jones publicatie Financial News noemde Nawas in 2008 in de top tien van invloedrijkste mensen in de Europese kapitaalmarkten. Zijn bekendheid verwierf hij in de kapitaalmarktactiviteiten van ABN AMRO Bank alwaar hij tot 2009 in dienst was, laatstelijk als wereldwijd verantwoordelijke concerndirecteur voor obligatie-emissies en gestructureerde leningen voor de grootzakelijke clientèle van de bank. De debacles met onder andere DSB, ING Direct, ABN AMRO, Fortis, Dexia en SNS Reaal hebben bij bestuurders, regelgevers, het bredere publiek en politici het besef vergroot over de risico’s van schuldfinanciering. Mede als gevolg daarvan zijn er aangescherpte regels voor bankentoezicht en -kapitalisatie om instellingen veiliger te maken zodat een nieuwe mondiale financiële crisis hopelijk voorkomen kan worden. De kosten voor een veiliger bankensysteem zullen ergens gedragen moeten worden: hetzij door hogere kredietmarges voor burgers en bedrijven, hetzij door lagere rendementen voor de aandeelhouders van banken. En beide ontwikkelingen zijn geen welkome boodschap voor de overheid. Hogere kredietmarges remmen de economische groei en dat is evident niet wat bestuurders voor ogen hebben. Lagere aandeelhoudersrendementen zijn evenmin aantrekkelijk om te accepteren. Nederland is hiervan een goed voorbeeld. De overheid is namelijk de belangrijkste aandeelhouder van (gedeeltelijk of geheel) genationaliseerde banken en in vrijwel alle gevallen heeft zij zich ten doel gesteld haar aandelenbelang liefst zonder verlies weer in private handen te brengen. Een dergelijke privatisering vereist een aandeelhoudersrendement dat in lijn is met banken die al in private handen zijn. Het probleem is echter, dat enerzijds hogere rendementen hand in hand gaan met hogere risico’s en dat laatste is nu net wat men met de regelgeving heeft willen voorkomen. Anderzijds hebben de strengere regels natuurlijk wel nut ter bescherming van de samenleving tegen dure reddingsoperaties. Hoe valt dit dan te rijmen met de noodzaak om de economische groei niet te belemmeren met permanent verhoogde kredietkosten? Of de wens om de lasten niet uitsluitend bij banken te leggen zodat overheden die nu grootaandeelhouder hun belang zonder verlies weer kunnen privatiseren? Omzeil de bank Desintermediatie biedt een oplossing om de kredietverlening betaalbaar te houden. Dit fenomeen kan het beste worden gedefinieerd als het minder gebruik maken van de door de banken geboden financiële intermediatie, dan wel het efficiënter omgaan met de diensten van de financiële intermediair. Desintermediatie kan dus op twee manieren plaatsvinden. De eerste vorm is het proces waarbij investeerders direct aan bedrijven geld uitlenen, meestal nadat ze bijeen zijn gebracht door een bank die in deze situatie als arrangeur optreedt. Bij deze vorm zet de bank haar balans in het geheel niet in om de kredietverlening te faciliteren. Bij de tweede vorm verkopen banken of andere financiële instellingen de door hen verstrekte leningen door aan investeerders. Het geld dat de instellingen daarvoor (terug)ontvangen kunnen zij weer gebruiken om het bedrijfsleven te financieren. Het proces waarbij leningen worden geherstructureerd en verkocht aan investeerders wordt ook wel gestructureerde financiering of securitisatie genoemd. Bij deze tweede vorm gebruikt de bank haar balans dus wel, maar slechts tijdelijk (of gedeeltelijk als niet alle risico’s van de leningen worden doorverkocht). Dennis Vink hoogleraar financiering en investeringen  Nyenrode Business Universiteit Dennis Vink is als hoogleraar financiering en investeringen verbonden aan Nyenrode Business Universiteit en is directeur van het Nyenrode Center for Finance. Daarnaast is hij visiting professor of finance aan de Moscow State University. In 2009 was hij gekozen tot professor of the year in de executive MBA dat georganiseerd werd door Nyenrode en Kellogg School of Management. Dennis Vink is gespecialiseerd in (gestructureerde) financiering en heeft onderzoek verricht in samenwerking met faculteit van Yale International Center for Finance, EDHEC-Risk Institute en Vlerick Leuven Gent Management School. Hij is een veelgevraagd spreker, docent en adviseur op het terrein van bedrijfsfinanciering. Er is een trend waarneembaar waarbij Nederlandse ondernemingen van allerlei pluimage gemotiveerd worden om financiering te zoeken buiten de bancaire sector om. De eerste vorm van desintermediatie is echter niet voor alle geldleners weggelegd. MKB-bedrijven, laat staan particulieren, zijn niet groot genoeg om direct toegang te krijgen tot de obligatiemarkt, ook al zijn er diverse initiatieven ondernomen door bijvoorbeeld NYSE Euronext Amsterdam om de kredietverlening aan het MKB vlot te trekken. Bank als arrangeur De oplossing van het probleem met betrekking tot markttoegang ligt besloten in de tweede vorm van desintermediatie door de bancaire sector zelf. Banken hebben namelijk een comparatief voordeel ten opzichte van investeerders omdat zij gespecialiseerd zijn in het beoordelen van kredietrisico. Dat stelt hen in staat MKB-bedrijven en particulieren financieel te beoordelen en op basis daarvan kredieten te verstrekken. De kredieten kunnen dan gebundeld en geheel of gedeeltelijk geplaatst worden bij investeerders. Het grote voordeel van deze vorm van financiering is dat de investeerders direct toegang krijgen tot het financieren van bedrijven of particulieren. Door de marktwerking van het hierdoor vergrote aantal aanbieders van krediet, kunnen de rentekosten laag worden (zie ook Shiller, 2013). Ook kleine bedrijven of particulieren, waar de individuele kredietvraag te klein is om investeerders voldoende te interesseren, kunnen op deze manier profiteren van de investeringsbereidheid van beleggers, omdat hun leningen worden geaggregeerd tot voldoende grote pakketten. Banken, toezichthouders en academici zijn natuurlijk op zoek naar manieren om het model van bankieren zodanig aan te passen dat een veiliger bankensysteem toch gepaard kan gaan met marktconforme aandeelhoudersrendementen. Het wordt steeds duidelijker dat een groot deel van de oplossing in desintermediatie kan liggen, een voor Europa ten opzichte van Amerika nog relatief onderontwikkelde activiteit. In de Verenigde Staten hebben al vele tientallen jaren meer bedrijven hun financiering niet louter afhankelijk gemaakt van banken maar trekken zij ook direct op de financiële markt van beleggers geld aan. Europese regelgevers doen er goed aan desintermediatie aan te moedigen, uiteraard binnen goede regels voor zorgplicht, transparantie en ordentelijke marktwerking. De rol van banken verandert dan van traditionele kredietverlener naar arrangeur van leningen die op de financiële markt bij investeerders worden geplaatst. Daartoe moet de focus van banken, geldnemers en investeerders gaan verschuiven naar het goed functioneren van en participeren in de financiële markt. Het zal de economische groei ten goede komen alsmede de kans verhogen dat de overheden met winst haar bankaandelen weer kunnen privatiseren. Referenties: Financial Times (2013), Packaged loans to fill EU banking void, February 19. Fitch Ratings (2012), European corporate funding disintermediation: The continent embraces bonds. London: Fitch Special Report. KPMG (2012) Accumulation Rules: A study of the effects of the increase and stacking of regulations on the Dutch banking services. Amstelveen: KPMG Advisory NV. Shiller, R.J. (2013), Capitalism and financial innovation, Financial Analysts Journal, 69 (1): 21-25. Terug naar  Inhoud Niets nieuws onder de zon Bron: Presseurop Il Sole-24 Ore, Ziarul Financiar, Les Echos Tijdens de bijeenkomst om de Europese groei te bespreken, hebben de staatshoofden en regeringsleiders niets besloten wat het door de crisis en bezuinigingen uitgeputte Europa weer wat lucht zou kunnen geven, betreurt de Europese pers. De aan de groei gewijde Europese Raad van 14 maart bleek opnieuw een “voorspelbare top”, constateert Il Sole-24 Ore. De krant schrijft dat ondanks de slechte werkloosheids- en productiecijfers, en de anti-bezuinigingsdemonstranten die vanuit heel Europa naar Brussel waren gekomen: Il Sole-24 Ore " Het was ‘business as usual’ in het paleis. De uitkomsten liggen al vast: een beetje flexibiliteit in de anti-schuldenregels, en voor alles maximale inzet voor het terugdringen van de jeugdwerkloosheid, de mantra van dit moment. […] Geen opzienbarend nieuws, geen verrassingen. Alsof Europa niet voor het tweede opeenvolgende jaar ten onder dreigt te gaan aan de crisis. […] Er zou een onverwachte, geniale inval nodig zijn, een ongewone gemeenschappelijke inzet waarbij minder gekletst en meer concrete maatregelen genomen zouden worden om Europa uit de tunnel van de crisis te krijgen. " “Europa is veroordeeld door te gaan op de bezuinigingsweg, die door Berlijn werd opengesteld om de Europese Unie uit de crisis te halen”, doet Ziarul Financiar er nog maar een schepje bovenop. “Dat was al duidelijk sinds Duitsland zijn voorbeeldige begroting presenteerde, die het laagste begrotingstekort uit de afgelopen 40 jaar belooft”, voegt de Roemeense krant daaraan toe: Ziarul Financiar " De prijs die daarvoor betaald moeten worden is hoog voor de hele EU: bijna overal heerst jeugdwerkloosheid, alle landen die hard getroffen zijn door de crisis verkeren in verbijsterende recessies, enzovoorts. En bovendien gaat Berlijn op dezelfde voet verder door te vragen om de uitdrukking “begrotingsconsolidatie”, of anders gezegd bezuinigingen met het oog op groei, niet minder dan 4 keer in de conclusies van de top te vermelden. " Sinds de ondertekening van het Groeipact in juni vorig jaar “zijn we niet echt verder gekomen”, betreurt ook Les Echos. De economische krant schrijft dat er over de ‘project bonds’, *“de verplichte financiering die werd ingesteld voor het ondersteunen van grote infrastructuurprojecten – nog altijd niets concreets te melden valt, terwijl de eerste fase al in oktober vorig jaar van start had moeten gaan.” Les Echos ziet echter hoop gloren bij de uitkomst van deze bescheiden Europese Raad, vooral omdat “Frankrijk en Italië door hun partners met enige mildheid beoordeeld zijn” op hun staatsschulden: Les Echos " Een aantal van hun eisen werd overgenomen in de conclusies van de top. Parijs zag zo tot zijn tevredenheid dat er in de definitieve tekst de “noodzaak voor een gedifferentieerde begrotingsconsolidatie, gericht op groei” werd opgenomen wat de deur opent naar een zekere souplesse in de uitvoering van de terugkeer naar een tekort van minder dan 3% […] Van zijn kant bewerkstelligde Italië dat er in de tekst van de conclusie een bijzondere status aan toekomstige overheidsinvesteringen wordt toegekend bij de berekening van de tekorten. " Terug naar  Inhoud Option Academy Standhouder Bij Optie Academy leert u praktijkgericht professioneel beleggen. Optie Academy is opgericht door Harry Klip en Jan Robert Schutte. Deze ervaren oud optie- en futurehandelaren zijn gespecialiseerd in derivaten, zoals futures en opties. Harry Klip is na zijn studietijd aan de HEAO-Bedrijfseconomie, sinds de begin jaren ’90 professioneel actief in opties en was oprichter van een optiebedrijf. Jan Robert Schutte is sinds 1996 actief op de aandelen- en derivatenmarkten en was van 2000 tot 2004 onder meer verantwoordelijk voor research, optiestrategieën en aandeel van de dag bij Binck. Optie Academy biedt: Seminars, masterclasses en trainingen op het gebied van aandelen, opties en futures. Individuele coaching bij het handelen in opties en futures. Praktische optiestrategieën. Ondersteuning om van u een betere future- en optiebelegger te maken. Duidelijke en concrete handelsstrategieën. Kijk voor meer informatie op onze website Terug naar  Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Lynx Standhouder Lynx is in 2006 opgericht en sinds 2007 actief op de Nederlandse markt. Door het grote succes in Nederland heeft Lynx besloten om haar diensten ook in het buitenland aan te bieden. Sinds 2008 is Lynx ook actief in België en Duitsland. Lynx is ook met een stand aanwezig tijdens het HCC Beleggen Symposium. Wie is Lynx? Lynx is in Nederland, België en Duitsland dé specialist in online beleggen Lynx is door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) verkozen tot goedkoopste broker Beleggers Belangen heeft Lynx uitgeroepen tot beste broker van Nederland Via Lynx heeft u direct online toegang tot meer dan 80 beurzen wereldwijd Real-time koersen van Euronext, Amerika, olie en goud! Allemaal op 1 scherm Supersnel orders inleggen met het revolutionaire 1-click trading Terug naar  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. De Veste Fondsbeheer Standhouder De Veste Fondsbeheer helpt u bij het optimaal renderen van uw vrije vermogen. Dit is al mogelijk vanaf € 10.000,-. Een team van ervaren, meedenkende en gemotiveerde mensen staat voor u klaar om samen met u de fondsen te selecteren die het best bij uw situatie en doelstellingen aansluiten. We treden graag met u in gesprek om uw situatie in kaart te brengen en aaneensluitend u te voorzien van een passend advies. Meer over De Veste Fondsbeheer kunt u vinden op onze website http://www.deveste-fondsbeheer.nl/ Terug naar Inhoud De Optiestrateeg Standhouder Een initiatief van Hans en Erik Bannink, die als particuliere beleggers meer dan 15 jaar actief beleggen op de beurs. Wij handelen hoofdzakelijk in opties op de AEX. Met onze abonneeservice volgt u onze inleg en kunt u zelf ook profiteren van de rendementen die wij behalen. Wat kunt u van onze abonneeservice verwachten: Een gemiddeld jaarrendement van meer dan 30%. Mogelijk vanaf €15.000 Werken met een vast concept: de Vertical limit strategie Track record vanaf 2008 Risico is vooraf bepaald en inzichtelijk Wekelijkse update Voor meer informatie: kijk op onze website www.deoptiestrateeg.nl Terug naar Inhoud Agenda ALV HCC Beleggen d.d. 13 april 2013 Bron: Bestuur HCC Beleggen Agenda ALV HCC Beleggen d.d. 13 april 2013 Opening en vaststellen agenda Mededelingen en ingekomen stukken Verslag ALV 28 april 2012 Jaarverslagen over 2012 Kascommissie Plannen voor 2013 Rondvraag Terug naar  Inhoud Actief zijn binnen HCC Beleggen: Bron: Bestuur HCC Beleggen Om onze doelstellingen  in 2013 / 2014  mogelijk te maken zijn we nu dringend op zoek naar leden die een bijdrage willen leveren aan de activiteiten van onze vereniging. Dat hoeft niet meteen een grote klus te zijn, maar leden die een deeltaak willen verrichten -die relatief weinig tijd kost- zijn  zeer welkom. Met meer mensen kunnen we immers meer doen en dat maakt het bovendien ook veel gezelliger. Enkele voorbeelden van deeltaken waarvoor wij mensen zoeken zijn: het op ad-hoc basis een artikel schrijven voor onze website of een cursus willen geven over alle vormen van beleggen, de analysemethodieken, emotie en beleggen etc. beleggingssoftware beoordelen CD samenstellen met software, koersen, links etc. het actueel houden van (een deel van) onze website/ons forum webmaster voor en meewerken aan de nieuwe inrichting van onze website het coördineren en organiseren van onze HCC Beleggen symposia het verrichten van (deel)taken tijdens onze HCC Beleggen symposia en/of beurzen een bestuursfunctie. Uiteraard mag u zich aanmelden in groepjes. Dus als u, eventueel samen met medebeleggers, onze vereniging wilt helpen laat het ons dan weten. Trefwoorden hierbij zijn: vele handen maken licht werk, het moet vooral leuk blijven, zo doe je ook nog eens interessante contacten op. Denk ook eens aan het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt. Lijkt het u iets om actief te worden? Heeft u vragen over de functies of heeft u goede ideeën voor onze vereniging? Klik Hier of meld u zich dan via de website om eens een  belafspraak te maken... een echte vereniging kan niet zonder u als actief lid. Terug naar  Inhoud Aanmelden en routebeschrijving: Een entreebewijs voor het 60-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

19 maart 2013

...

Nieuwsbrief20130301 Symp60-2

60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 "Meer rendement met tradingsystemen" inhoud:    Nieuwsbrief 20130301 / Symposium Bericht: 2  60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 Rombout Kerstens: Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Philippe Dassonville: Traden met de MACD 1% strategie Tycho Schaaf: Automatisch handelen via algoritmes ESMA waarschuwd voor CFD's HCC de vereniging LOEF Technische Analyse Forest Bergen Zwicht Groenland voor het uranium? Actief zijn binnen HCC Beleggen Aanmelden en routebeschrijving 60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 te De Bilt Bron: Redactie Veel beleggers associëren de term tradingsystemen met volledig geautomatiseerde handelssystemen, terwijl de geautomatiseerde systemen slechts een deel van het spectrum bestrijken. Een tradingsysteem is een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. 'Succesvol' betekent dat het tradingsysteem de belegger in staat stelt zijn of haar doelstellingen te behalen. Ofwel: een gedegen rendement behalen met uw beleggingen. Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan je regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen?  Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. In deze en komende Symposium-brieven worden sprekers en standhouders aan u voorgesteld. Programma van het 60e HCC Beleggen Symposium  tijd  Colenberghzaal 2  Statenkamer 10.00 tot 10.50 uur ALV HCC Beleggen Vergaderstukken kunt u binnenkort hier downloaden  Philippe Dassonville Eenvoudig trenduitbraken traden met de MACD 1% strategie 10.50 tot 11.05 uur pauze pauze 11.05 tot 11.55 uur Edward Loef De psychologie van de belegger Tycho Schaaf Lynx AutoTrader: Automatisch handelen via algoritmes 11.55 tot 12.10 uur pauze pauze 12.10 tot 13.00 uur Rombout Kerstens Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Martin Hendriks & Douwe Westervaarder US Opties in de Praktijk 13.00 tot 13.30 uur pauze pauze 13.30 tot 14.20 uur Bob Emanuals Hoe maak ik een goed beleggingsmodel? Anne Grevinga Gebruik van het Timing-model bij fundamentele analyse 14.20 tot 14.35 uur pauze pauze 14.35 tot 15.25 uur Karel Mercx Tien favoriete beleggingsfondsen   Onder de naam van de spreker staat de titel van zijn presentatie. Toegang is gratis.  Om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium.  Klik Hier Terug naar  Inhoud Zin en onzin van tradingsystemen voor particuliere beleggers Spreker: Rombout Kerstens Particuliere beleggers zijn vaak fanatiek op zoek naar een tradingsysteem dat snel een enorme winst oplevert. Gedesillusioneerd door het eerste systeem stappen ze over op het tweede en vervolgens het derde, totdat er geen geld meer over is op de beleggingsrekening. Om geld te verdienen met mechanische handelssystemen heb je een compleet tradingplan nodig. En zo mogelijk nog belangrijker: een gedisciplineerde uitvoering. Het totale beleggingsplan moet uiteindelijk reflecteren waar je in gelooft en wat je persoonlijk goed ligt. Systeemtrading is echter nooit een free lunch. Soms neemt het systeem onlogische posities in, welke indruisen tegen het beursgevoel van dat moment. Ook kan het moreel worden ondermijnd door losing streaks. Zelfs voor doorgewinterde systeemtraders is het dan moeilijk om niet in te grijpen. Uit studie van tradingmodellen die werken blijkt dat ze een aantal dingen gemeen hebben zoals: een beperkt aantal regels, werken op meerdere markten en over een lange tijd winstgevend. In deze presentatie gaat Rombout Kerstens aan de hand van praktijkvoorbeelden in op zowel de voordelen als de valkuilen van tradingsystemen.  En reikt hij u een aantal eenvoudig te hanteren handvatten aan waarmee u een tradingsysteem zelf kunt beoordelen.   Rombout Kerstens (1960) is algemeen directeur van het in beleggingssoftware gespecialiseerde Delftse softwarehuis Keyword Info Systems BV. Hij geeft regelmatig lezingen over actief beleggen en technische analyse en schrijft voor o.a. het tijdschrift TradersClub Magazine (TCM) en het Amerikaanse blad Stocks & Commodities. Voorts is hij de auteur van het boek Praktijkgids Indicatoren. Samen met Harry Geels en Michael Ahrens schreef hij het boek Succesvol traden in opties, futures en turbo’s. Terug naar  Inhoud Eenvoudig trenduitbraken traden met de MACD 1% strategie Spreker: Philippe Dassonville Philippe Dassonville van WH Selfinvest presenteert deze eenvoudige tradingstrategie, die korte termijn posities inneemt op basis van de MACD indicator, gefilterd op gemiddelden. U leert hoe u zonder kennis van programmeren deze strategie kunt toepassen op diverse indices zoals de DAX, CAC40, DJ30 maar eveneens op grondstoffen zoals Brent Crude Oil en Zilver Bouw aldus een handelssysteem met lage drawdown en hoge probabiliteit. Terug naar  Inhoud Automatisch handelen via algoritmes met Lynx Autotrader Spreker: Tycho Schaaf De afgelopen jaren heeft de trend van automatisch handelen op de financiële markten via algoritmes een grote vlucht genomen. Tycho Schaaf van Lynx zal ingaan op de voor- en nadelen van automatisch handelen. In het seminar zal hij verder bespreken waar de automatisch handelssystemen van Lynx AutoTrader in handelen en waar ze op gebaseerd zijn. Lynx AutoTrader biedt u namelijk de mogelijkheid om zeer gemakkelijk en zonder technische knowhow deel te nemen aan professionele automatische handelssystemen. Terug naar  Inhoud ESMA waarschuwd voor CFD's Bron: AFM De European Securities and Markets Authority (ESMA) en de European Banking Authority (EBA) hebben een gezamenlijke waarschuwing uitgestuurd voor het beleggen in ‘contracts for difference’(CfD’s). De toezichthouders geven aan dat er aan deze beleggingsproducten grote risico’s zijn verbonden en dat deze risico’s alleen te begrijpen zijn door zeer ervaren beleggers. ESMA waarschuwd: Gebruik geen geld dat u niet kunt missen en uw verlies kan aanzienlijk groter dan uw initieële inleg zijn. Gebruik CFD's alleen als u weet wat u doet. Persbericht ESMA 28 februari 2013 ESMA waarschuwde in 2011 ook al expliciet om geen software te installeren die wordt aangeboden op digitale platformen van aanbieders van complexe valutabewegingen. Beleggers zouden zo de controle over door hen uitgevoerde transacties kunnen verliezen. De toezichthouder roept ook op om voorzichtig te zijn met gebruik van de creditcard op dergelijke sites. (verslag AFM 7 december 2011) De Autoriteit Financiële Markten (AFM) steunt de boodschap van ESMA dat aan CfD’s aanzienlijk risico’s zijn verbonden. Beleggers doen er verstandig aan om goed te kijken naar deze risico's voordat zij gaan beleggen in deze producten. In haar persbericht heeft ESMA een rekenvoorbeeld opgenomen evenals een opsomming van de belangrijkste risico’s. ESMA heeft in 2011 ook al gewaarschuwd voor het beleggen in CfD’s. Toen lag de nadruk op de betrouwbaarheid van marktpartijen die CfD’s aanbieden. Terug naar  Inhoud HCC de vereniging Standhouder Contact! Gezellig communiceren over uw hobby met andere liefhebbers! HCC brengt u in contact met mensen met dezelfde interesses, via een van onze vele groepen van enthousiaste hobbyisten. Als HCC-lid kunt u gratis bij een van deze groepen aansluiten (een paar groepen vragen een aanvullend bedrag), voor aansluiting bij meerdere groepen wordt een kleine vergoeding gevraagd. Daarnaast is er het HCC-webforum en zijn er vele activiteiten, met uiteenlopende onderwerpen, die door het hele land worden georganiseerd. Hulp! Problemen bij het computergebruik? HCC levert u de oplossing! Voor ondersteuning bij computerproblemen is er HCC!forums, een groot aantal cursussen op onze website en de telefonische helpdesk van HCC!hulp. Daarnaast zijn er nog tal van leden die andere leden helpen bij vragen over de digitale wereld. Informatie! HCC vertelt u alles over de digitale wereld! Via onze website en digitale nieuwsbrieven blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen in de computerwereld. Het Internetblad blad HCC! Webzine informeert en adviseert over digitale producten en diensten. Snel uw lidmaatschap terugverdiend! HCC, gids in de digitale wereld! Word nu lid en profiteer van veel voordeel! Profiteer van onderstaande voordelen en diensten en actuele aanbiedingen die het HCC-lidmaatschap biedt. De contributie voor het HCC-lidmaatschap heb je snel terugverdiend, het ledenvoordeel kan oplopen tot € 400,-! Vind alle voordelen, diensten en verdere informatie via de Lidmaatschappagina op de HCC site Deze info is van 10 februari 2013 voor meest recente pagina kijk op: http://www.hcc.nl  Terug naar  Inhoud LOEF Technische Analyse Standhouder LOEF Technische Analyse levert onafhankelijke technische analyses aan professionele financiële instellingen, w.o. (private) banken en zelfstandig vermogensbeheerder en is fundmanager van het recent opgerichte LOEF Technische Analyse Fonds. Via zijn website www.edwardloef.com kunnen particuliere beleggers kennis nemen van zijn inzichten.   LOEF maakt gebruik van de klassieke technische analyse om trends en trendomslagen te signaleren en visualiseert het onderscheid tussen de verschillende fasen in de cyclus van beurskoersen aan de hand van zijn (LOEF)methode. LOEF Technische Analyse verzorgt presentaties, cursussen en consultancy-werkzaamheden en publiceert wekelijks een digitale nieuwsbrief over de belangrijkste trends en technische signalen.   In zijn stand geeft hij graag een demonstratie van zijn markt- en handelsvisie, zodat u kunt beoordelen wat hij voor u persoonlijk kan betekenen. Terug naar  Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . Forest Bergen Standhouder Forest Bergen is gespecialiseerd in opleidingen en technische produkten voor beleggers en traders. Wij leveren allerlei software voor de technische belegger, computerapparatuur en netwerken. Wij zijn gespecialiseerd in handelstrainingen voor ForexTraders. Ons uitgangspunt is dat iedereen na afloop geld moet kunnen verdienen in de Forex handel. Ook kunt u bij ons optie cursussen volgen, koersdata-abonnementen afsluiten en boeken kopen.. In onze stand zullen wij een aantal produkten demonstreren, waaronder de overbekende Omnitraderem Metastock software software, met een presentatie handelen in valuta. advertentie: Terug naar  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Zwicht Groenland voor het uranium? Bron: redactie / presseurope Garnalen, daar moest Groenland het jarenlang mee doen. Maar nu het ijs smelt, liggen de bodemschatten voor het oprapen. Een vloek en een zegen die ook de Denen voor een moeilijk dilemma plaatst. Nuuk, de hoofdstad van Groenland, klinkt wel heel erg als ‘nuke', het Engelse woord voor kernkop, zo maken de Denen zich de laatste tijd vrolijk. Het ziet er immers naar uit dat Groenland, en dus ook Denemarken, binnenkort samen een van de belangrijkste spelers in de wereld van het uranium worden. Een idee waar heel wat mensen daar in het Hoge Noorden van ijzen. Het is al jaren bekend dat er in Groenland uranium onder de grond zat. Maar het leek niet alleen bijna onmogelijk om het te delven, het werd ook als een verboden vrucht gezien. Al een kwarteeuw voert Denemarken een beleid van nucleaire nultolerantie. Nu is Kopenhagen een politieke U-turn aan het maken. “Het toppunt van hypocrisie”, zo noemt de Deense baas van Greenpeace, Flarup Christensen, de evolutie. “We lieten Zweden nog een kerncentrale sluiten, omdat ze te dicht bij Deens grondgebied lag”. Serieus imagoprobleem voor de Denen Wat is er gebeurd? “Dat Groenland in 2009 meer autonomie kreeg en zelf zijn grondstoffen mocht beheren, is cruciaal”, vertelt Cindy Vestergaard van het Danish Institute for Interational Studies aan de telefoon vanuit Greenland Minerals and Energy is een Australische mijnbouwbedrijf dat zich in de voorhoede van de opkomende mineralen industrie  presenteert. Het bedrijf richt zich op mineralen die voorkomen in Groenlandse bodem, waaronder Rare Earth Elements, zink  en uranium. Sinds 2007 is Greenland het toonaangevende bedrijf dat op Groenland op zoek is naar hoogwaardige en te winnen mineralen. Kwanefjeld is het eerste grote project waarvan algemeen wordt erkend dat het een van 's werelds grootste deposit is van Rare Earth Elements en tevens grote hoeveelheden uranium en zink bevat. Eerste klas technische teams hebben in haalbaarheidsstudies aangetoond, dat Greenland stevig op weg is om één van 's wereldst grootste en meest rendabele producenten te worden van deze Rare Earth Elements en met name Uranium. Kopenhagen. Meer autonomie betekent ook dat de miljoenen die jaarlijks vanuit Kopenhagen naar Nuuk stromen, zullen opdrogen. En alleen van garnalen leven, is moeilijk. Daarom is uranium interessant. Toch kan Groenland het niet in zijn eentje beslissen. Denemarken blijft verantwoordelijk voor buitenlands- en defensiebeleid. Bovendien is het eiland van minder dan 60.000 inwoners niet in staat de ontginning en export in zijn eentje te bolwerken. “Als het licht op groen gezet wordt, verandert alles”, aldus Vestergaard. “Denemarken wordt een nucleaire speler”. Vandaag zijn Canada, Australië en Kazachstan de grootste exportlanden. Gezien de enorme voorraden zouden Denemarken en Groenland ook topspelers worden. Maar het wordt een huzarenstukje om alles in goede banen te leiden. “De handel in uranium is een van de meest ondoorzichtige ter wereld. Hoe kan je zeker zijn dat het niet in een kernwapen belandt? Australië zal je zeggen dat het kan, maar evident is het zeker niet”. En zo zou het de groene, vredelievende Denen met een serieus imagoprobleem kunnen opzadelen. Kan je van een visser een mijnbouwer maken? Voor Groenland staat er nog veel meer op het spel. Door de opwarming van de aarde komen naast uranium nog andere bodemschatten in zicht. Het is zelfs zo dat, als uranium ontginnen verboden blijft, grote voorraden ijzererts, koper, goud en zeldzame aardmetalen die in de buurt liggen, economisch verloren gaan. En dat terwijl internationale mijngiganten en landen als Zuid-Korea en China er net hun oog op lieten vallen. Meer nog, Groenland zou het monopolie van China op het vlak van zeldzame aardmetalen – erg belangrijk voor smartphones en wagens – kunnen breken. De grondstoffenrijkdom is een vloek en een zegen, vindt The Copenhagen Post. Met het smelten van het ijs zijn ook dorpen die van de garnaalvangst leefden, aan het verdwijnen. De beestjes zochten kouder water in het noorden op. Gevolg: werkloosheid, exodus en zelfs zelfmoord. De vraag is of je van een visser een mijnbouwer kan maken? 60.000 inwoners tegenover industriële mogols En er zijn nog meer uitdagingen. Alcoa Proposed smelter project update January 2013 Initial study results have revealed that some aspects of the proposed project related to the provision of energy, construction, and infrastructure require additional investigation. This is currently underway, with the Greenland Self-Rule Government and Alcoa working together to assess all the available options. Some of the options under consideration carry the potential to extend the time required to complete the project, but others offer potential for gains that would help reduce such an extension. The environmental, social and health impact assessment (EIA) process has been idled temporarily to allow for exact definition of the scope of the project. During its fall session in 2012, the parliament of Greenland passed legislation that defines a framework for the development of potential large-scale projects in the country. The parliament also reconfirmed the government’s mandate for conducting further studies of the aluminum project.  Onder druk van internationale bedrijven heeft Groenland vorig jaar een wet goedgekeurd die het mogelijk maakt om buitenlandse arbeiders minder te betalen dan Groenlanders. Zo wil de Amerikaanse aluminiumreus Alcoa een fabriek neerpoten in een dorp van 3.000 man. Ze zouden er bijna evenveel Polen en Chinezen tewerkstellen. Wat doet dat met een lokale gemeenschap? En hoe kan een eiland van minder dan 60.000 inwoners tegen die industriële mogols opboksen? Hoe strategisch Groenland precies is, wisten de VS al veel langer. Na WOII boden ze Denemarken nog 100 miljoen dollar voor het eiland. Nu lijkt Nuuk almaar meer zijn eigen weg te gaan. “Tot nu toe was visserij het enige wat ze hadden”, zegt Vestergaard. “Maar het is duidelijk dat de ontginning van de grondstoffen – en ze hebben echt alles – een manier is om op termijn een onafhankelijk land te worden”. Binnenkort zijn er verkiezingen in Groenland. Twee keer raden wat het belangrijkste thema wordt. VANUIT DENEMARKEN BEZIEN Liberalen waarschuwen voor toetreding China tot Noordpool Berligske " Oud-minister van Financiën en partijleider van de Liberalen Claus Hjort Frederiksen waarschuwt, in de "Berlingske" van 29 januarie 2013",  voor de Chinese ambitie om grondstoffen te delven in Groenland. De afgelopen maanden hebben verschillende Chinese mijnbedrijven exploratiereizen ondernomen naar de Noordpool en zijn ze onderhandelingen gestart) met als doel de ontginning – in samenwerking al dan niet met westerse bedrijven – van grondstoffen in de bodem van Groenland. In een interview met de krant verklaarde Frederiksen dat de “mijnexploitatie een middel moet zijn en niet een doel op zich”. Volgens hem is “de echte intentie van Peking om voet aan de grond krijgen op de Noordpool”. Hij herinnert eraan dat Peking onlangs een waarnemersstatus heeft aangevraagd bij de Raad van de Noordpool. " Groenland is te arm om het af te slaan Politiken " Welke keuze de Groenlanders ook maken, hun toekomst zal ongetwijfeld in het teken staan van de wet van Murphy. Die stelt dat alles wat mis kan gaan, ook zál misgaan, schrijft Politiken. Volgens de Deense krant zullen de aardoliewinning en de mijnbouw onvermijdelijk voor nog meer corruptie zorgen. En dat terwijl Groenland daar nu al door wordt ondermijnd en maar weinig ervaren mensen er het onderscheid weten te maken tussen politiek en business. Het dagblad schrijft: In het kielzog van ‘de lichtzinnige goldrush-stemming’ zal het milieu eens te meer vervuild en vernietigd worden. Daarnaast zullen de maatschappelijke tegenstellingen tussen de steden rond de mijnen en de afgelegen dorpen alleen maar groter worden. Maar tegelijkertijd hebben de Groenlanders geen keus, meent Politiken: Aangezien de inkomsten uit de visserij teruglopen en ook de subsidies uit Denemarken afnemen, moeten de Groenlanders wel experimenteren. Mensen die Groenland niet goed kennen, realiseren zich meestal niet hoe wijdverbreid de armoede er is. " Bronnen: Annelien De Greef presseurop: http://www.presseurop.eu/nl/content/article/3367761-zwicht-groenland-voor-het-uranium Cia The World Factbook: https://www.cia.gov/library/publications/the-world-factbook/geos/gl.html Wikipedia: http://da.wikipedia.org/wiki/Gr%C3%B8nland Website De Standaard: http://www.standaard.be/ Artikel Politiken da: http://politiken.dk/debat/profiler/larstriermogensen/ECE1886219/groenlaenderne-afpresses-i-stor-skala/ Artikel: Greenland clears way for uranium study:            http://www.world-nuclear-news.org/ENF-Greenland_clears_way_for_uranium_study-1309104.html Greenland takes full ownership of Kvanefeld:            http://www.miningweekly.com/article/greenland-takes-full-ownership-of-kvanefjeld-2012-10-16 Terug naar  Inhoud Actief zijn binnen HCC Beleggen: Bron: Bestuur HCC Beleggen Om onze doelstellingen ook in 2013 zo goed mogelijk vorm geven zijn we nu reeds op zoek naar leden die een bijdrage willen leveren aan de activiteiten van onze vereniging. Dat hoeft niet meteen een grote klus te zijn, maar leden die een deeltaak willen verrichten -die relatief weinig tijd kost- zijn  zeer welkom. Met meer mensen kunnen we immers meer doen en dat maakt het bovendien ook veel gezelliger. Enkele voorbeelden van deeltaken waarvoor wij mensen zoeken zijn:   het op ad-hoc basis een artikel schrijven voor onze website of een cursus willen geven over alle vormen van beleggen, de analysemethodieken, emotie en beleggen etc. beleggingssoftware beoordelen CD samenstellen met software, koersen, links etc. het actueel houden van (een deel van) onze website/ons forum webmaster voor en meewerken aan de nieuwe inrichting van onze website het coördineren en organiseren van onze HCC Beleggen symposia het verrichten van (deel)taken tijdens onze HCC Beleggen symposia en/of beurzen een bestuursfunctie. Uiteraard mag u zich aanmelden in groepjes. Dus als u, eventueel samen met medebeleggers, onze vereniging wilt helpen laat het ons dan weten. Trefwoorden hierbij zijn: vele handen maken licht werk, het moet vooral leuk blijven, zo doe je ook nog eens interessante contacten op. Denk ook eens aan het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt. Lijkt het u iets om actief te worden? Heeft u vragen over de functies of heeft u goede ideeën voor onze vereniging? Klik Hier of meld u zich dan via de website om eens een  belafspraak te maken... een echte vereniging kan niet zonder u als actief lid. Terug naar  Inhoud Aanmelden en routebeschrijving: Een entreebewijs voor het 60-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

5 maart 2013

...

Nieuwsbrief20130216 Symp60-1

60-ste HCC Beleggen Symposium 13 april 2013 "Meer rendement met tradingsystemen" inhoud:    Symposium Bericht: 1  60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 Edward Loef: De psychologie van de belegger Anne Grevinga: Gebruik van het Timing-model bij fundamentele analyse Karel Mercx: Tien favoriete beleggingsfondsen Unieke mogelijkheid, kennismaken met de beleggingsgroepen! Een tradingsysteem begint bij een tradingplan US Option Trader Foxware WH Selfinvest Keyword Actief zijn binnen HCC Beleggen Aanmelden en routebeschrijving 60ste HCC Beleggen Symposium op 13 april 2013 te De Bilt Bron: Redactie Veel beleggers associëren de term tradingsystemen met volledig geautomatiseerde handelssystemen, terwijl de geautomatiseerde systemen slechts een deel van het spectrum bestrijken. Een tradingsysteem is een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. 'Succesvol' betekent dat het tradingsysteem de belegger in staat stelt zijn of haar doelstellingen te behalen. Ofwel: een gedegen rendement behalen met uw beleggingen. Sommige beleggers vinden het prettig om de set regels te automatiseren, anderen willen zelf feeling houden met hun handelsactiviteiten. Hoe je de set regels in de praktijk brengt maakt niet uit maar hou je in ieder geval strikt aan je regels. Dat kan best lastig zijn, want wat heb je nodig voor het ontwikkelen van een goed tradingsysteem? Is het verstandig om geautomatiseerde tradingsystemen te volgen?  Moet je überhaupt jouw tradingsysteem automatiseren of kan je beter feeling houden met de markt? Tijdens het 60ste HCC Beleggen Symposium met de titel "Meer rendement met tradingsystemen" zullen deskundige sprekers antwoorden geven op deze en andere vragen op het gebied van tradingsystemen. In deze en komende Symposium-brieven worden sprekers en standhouders aan u voorgesteld. Toegang is gratis.  Om in te schrijven  voor het 60ste HCC! Beleggen Symposium.  Klik Hier Terug naar  Inhoud De psychologie van de belegger Spreker: Edward Loef De presentatie van Edward Loef gaat over de psychologie van de belegger enerzijds en in het verlengde hiervan de noodzaak om meer systematisch te werk te gaan alvorens beleggingsbeslissingen te nemen. Onze angst, hoop en hebzucht blijken telkens weer belangrijke drijfveren om op de beurs te handelen, maar deze emoties blijken doorgaans slechte raadgevers. Als we ervan uitgaan dat onzekerheid de enige zekerheid is, dan moeten we dus nadenken hoe de onzekere koersbewegingen tegemoet te treden en met enkele technieken meer vertrouwen krijgen in wat we doen. Terug naar  Inhoud Gebruik van het timing-model bij fundamentele analyse Spreker: Anne Grevinga In november jl. heeft Anne Grevinga een presentatie gegeven over het door hem ontwikkelde FA-model. Met behulp van absoluut noodzakelijke Fundamenteel Analyse wordt maandelijks een updating gedaan om voor de korte termijn 20 topbedrijven te bepalen. Hetzelfde geldt voor de lange termijn. Dan gaan deze bedrijven in het Timing-model. Hierin wordt berekend wat het potentieel en het risiko is. Op basis hiervan wordt de Risk/Reward berekend. Vervolgens wordt gekeken naar de grootte van het trendkanaal, de trend en het volume t.o.v. de trend. Verder wordt de VIX in het advies verwerkt. Het model genereert verschillende aanwijzingen, b.v. als de koers (te) dicht bij de steun komt en als de Wallstreet Stemmingsindex ongunstig lijkt te gaan worden. Er komt per bedrijf een advies uit, dat kan luiden: KOPEN, SPECULATIEF KOPEN, HOUDEN en VERKOPEN. Wij stappen in een fonds uit de top 20 als het advies KOPEN is en de VIX het toelaat. We stappen uit een fonds als het koersdoel is bereikt, tenminste enkele dagen voor het bekend maken van de kwartaalcijfers of als er een verkoopadvies komt. Naast genoemde top 20 bedrijven geeft het model adviezen voor de korte- en lange termijn voor de fondsen uit de AEX, AMX, DAX, Dow Jones, de afzonderlijke indices en de Eur/USD.   Kortom een presentatie, die u niet mag missen omdat we dit als goede beleggers nodig hebben! Terug naar  Inhoud Tien favoriete beleggingsfondsen Spreker: Karel Mercx Karel Mercx is redacteur bij Beleggers Belangen en de afgelopen zes jaar is hij dagelijks bezig geweest met het zoeken naar kansen voor de particuliere belegger. De specialisaties van Karel Mercx zijn het beheren van beleggingsportefeuilles en het uitrekenen van toekomstige rendementen van aandelen, grondstoffen en obligaties Hierdoor weet hij precies welke beleggingsfondsen de belegger moet hebben. In deze presentatie geeft Karel zijn tien favoriete fondsen en vertelt hij wat de reden is dat elke belegger deze fondsen moet hebben voor de lange termijn Terug naar  Inhoud Unieke mogelijkheid, kennismaken met de beleggingsgroepen! Bron: Redactie Beleggen kan een lucratieve en fascinerende hobby zijn, maar er zijn ook risico's aan verbonden. Kennis en vaardigheden zijn noodzakelijke voorwaarden voor duurzaam succes. Door bijeen te komen kunnen beleggers van elkaar leren. Daarnaast is bijeenkomen met gelijkgestemden een belangrijk ingrediënt voor gezelligheid. Daarom worden er naast de beleggingssymposia ook regionale bijeenkomsten gehouden. Momenteel zijn de volgende regiogroepen actief binnen de HCC Beleggen: Regiogroep Overijssel / Flevoland (ROF)  Computergroep Zuid Holland Noordbeleggen (Friesland, Groningen en Drenthe) Studie-beleggerclub Helmond In oprichting is een regiogroep in Noord Holland Regiogroepen komen in de regel op doordeweekse avonden bijeen en behandelen vrijwel alles op het gebied van beleggen. Het deelnemen aan deze groepen is niet alleen leuk, maar ook bijzonder leerzaam. Naast bijkomsten in van regiogroepen worden er regelmatig op verschillende locaties in het land bijeenkomsten gehouden van Belangstellingsgroepen. Leden kunnen zich bij dergelijke groepen aansluiten om zo snel en effectief vaardigheden op de gewenste terreinen te ontwikkelen. De actieve Belangstellingsgroepen binnen de HCC Beleggen zijn: COSA (belangstellingsgroep voor fundamentele analyse) Belangstellingsgroep Daytraden Van alle genoemde groepen zijn leden aanwezig op het HCC Beleggen Symposium van 13 april 2013. Aan deze leden kunt u vragen stellen over de activiteiten die zij ontplooien, informatie inwinnen en u aanmelden voor deelname aan de groepen. Terug naar  Inhoud Een tradingsysteem begint bij een tradingplan Bron: Redactie Om de titel van het 60ste HCC! Beleggen Symposium "Meer rendement met tradingsystemen" in perspectief te plaatsen begint dit artikel met het begrip “trade”. Een trade is het uitvoeren van een transactie, inhoudend het kopen of verkopen van aandelen, obligaties, optie- of futurecontract. De koper en verkoper komen een bepaalde prijs overeen waarna de overdracht plaatsvindt. Een tradingsysteem beschouwen wij als een set voorwaarden die de belegger helpt om succesvol te opereren in de financiële markten. Eén van die voorwaarden kan zijn het maken van een trading plan Het maken van een tradingplan Een tradingplan is een soort overeenkomst met uzelf. Bepaal hoeveel geld u met trading wenst te beleggen. Houd er rekening mee dat er een direct verband bestaat tussen de hoeveelheid geld waarmee u werkt en de kans dat u rendabel kan traden. De meeste professionele traders stellen een minimum van 10.000 euro voorop. Indien u met lagere bedragen werkt, is het niet zo evident om een rendabel tradebeheer toe te passen. Bepaal ook op basis van welke signalen u een aankoop of een verkoop van aandelen uitvoert en schrijf deze regels op. Op deze manier vermijdt u dat u kriskras andere indicatoren gebruikt en na enige tijd niet meer consistent werkt. Bepaal ook wanneer uit een positie stapt. Stapt u uit een positie als u 1% verliest of wacht u langer? Bepaal eveneens op welke markten u wenst te handelen en met welke producten u wenst te handelen. Professionele traders volgen maar een handvol aandelen, één index of één valutapaar. Op die manier krijgen ze feeling bij het koersverloop van deze producten en kunnen ze hierop inspelen. Test uw trading plan uit gedurende een paar maanden. Staat uw aanpak borg voor rendement of blijkt uw tradingplan toch niet optimaal te werken? Stuur uw tradingplan bij en evalueer opnieuw tot u een rendabele aanpak vindt waarbij u zich goed voelt. Neem hier zeker uw tijd voor. Uw tradingplan is de basis. De grootste uitdaging bestaat er in u aan uw tradingplan te houden! Bent u succesvol, dan wordt u misschien overmoedig en neemt u meer risico en volgt u uw tradingplan, de sleutel van uw succes, niet meer zo nauwgezet. Volg de trend Tegen de trend in handelen is een doodsteek voor uw rendement. Traders bepalen de trend over de laatste, minuten, uren, dagen en weken en handelen volgens deze trend. Tracht niet de trend te voorspellen maar volg gewoon de trend. Traders shorten in een dalende trend en bouwen posities op in een stijgende trend. Bepaal de algemene trend op een lagere termijngrafiek en daarna de trend  aan de hand van trendpatronen. Verklein daarna het tijdbestek om te zien of deze trend ook op kortere termijn geldt. Indien de lange termijntrend positief is, en de korte termijntrend negatief, neem dan geen positie à la baisse in. De trade zal immers korter zijn dan bij een positieve korte termijntrend. Handel dus nooit tegen de lange termijntrend in. Kunt u geen trend waarnemen, laat het aandeel, index of valutapaar dan gewoon tijdelijk links liggen. Door de band zit een aandeel 70% van de tijd in een range (niet interessant voor de actieve belegger) en 30% van de tijd in een trend. Zoek een trendpatroon of een patroon dat duidt op een trendommekeer. Bij een trendommekeer wacht u op bevestiging van de trendommekeer en neemt u dan pas een positie in. Beperk uw verliezen Een methode ontwikkelen waarmee men steeds winnende posities opent is onmogelijk. Verlieslatende posities horen er dus bij. Het is dus een kwestie van zo snel mogelijk een verlieslatende positie te identificeren en deze kordaat af te sluiten. Dit is wat een actieve belegger succesvol maakt: positie management. Cut your losses short - sluit verlieslatende positie snel af. Dit is makkelijker gezegd dan gedaan. Blijven zitten op een verlieslatende positie met de hoop dat ze wel zal draaien is een natuurlijke reflex. Men verliest niet graag. Verlies nemen is een integraal onderdeel van beleggen. Zelfs de allerbeste traders openen in 40-45% van de gevallen verliestlatende posities. Men kan dit het best beschouwen als een kleine inzet, die men soms verliest, om een positie te openen. Het regelmatige verlies van deze kleine inzetten is echter onvermijdbaar. De verloren inzetten worden goedgemaakt door de winsten van de positieve trades. De meeste professionele beleggers plaatsen hun stop loss op ongeveer 1% van hun kapitaal. Stel dat u werkt met een kapitaal van 50.000 euro en u uitgaat van een maximaal verlies van 1%, dan is dat 500 euro. U kunt er voor kiezen om bij een positie van  20.000 euro, de stop loss 2.5% onder de aankoopprijs te plaatsen. Die 2,5% vertegenwoordigt eveneens 500 euro. Indien u uw stop loss te kort op de aankoopprijs plaatst, kunt u snel uitgestopt worden en is de kans groot dat u een groot aantal kleine verliezen opstapelt. Een positief rendement behalen is dan lastig. Plaatst u uw stop loss te ruim dan zullen de verliezen eveneens aan de hoge kant zijn. De 1% regel is een goede basis die u naar verloop van tijd zelf kunt bijsturen. Het is natuurlijk een arbitrair, indicatief cijfer dat aangeeft waar ongeveer de stop moet liggen. De precieze stop bepalen, gebeurt meestal op basis van technische analyse. Belangrijk is dat het plaatsen van een stop loss een automatische reflex wordt bij het beheren van uw posities à la hausse of à la baisse.   Stel winsten tijdig veilig Het is van groot belang uw winst zo hoog mogelijk te laten oplopen en de winst reeds veilig te stellen nog voor de positie afgesloten is. Te snel winst nemen is een reflex. Een reflex kan bedwongen worden. Het is het gevolg van het feit dat de trader een positie opent zonder een duidelijk koersdoel. Prik dus steeds een koersdoel zelfs voor u de positie opent. Winst prijsgeven is geen reflex. Het is nonchalance. Papieren winsten moeten altijd veilig gesteld worden met een stop order. Een positie die op een gegeven moment winstgevend is toch nog met verlies afsluiten is een doodzonde. Wat is hier de logica achter? Stel een aandeel noteert 20 euro en u schat een koersdoel van 22 euro. In uw optiek is het potentieel dus 2 euro per aandeel. U koopt 500 aandelen, waardoor u verwacht 1000 euro te verdienen (500 x 2 euro). Stel dat het aandeel reeds gestegen is naar 21,50 euro. Uw papieren winst bedraagt 750 euro. U kunt er volgens uw visie nog maximaal 250 euro bij verdienen. Het heeft absoluut geen zin 750 euro te riskeren om nog 250 euro bij te verdienen. In theorie moet een actieve beleggers slechts bereid zijn 1 euro te verliezen als hij verwacht er 2,5 euro mee te kunnen  verdienen. Dit is de zogenaamde opbrengst-risico factor. In het voorgaande voorbeeld moet u dus de stop zo plaatsen dat 650 euro papieren winst veilig stelt. Zo riskeert u nog slechts 100 euro om de potentiële 250 euro binnen te halen. Eén manier om winsten automatisch veilig te stellen is het "trailing stop" order. In het Nederlands: schaduw stop. Dit is een order waarbij de stop automatisch opgetrokken wordt als uw papieren winst stijgt. Terug naar  Inhoud US Option Trader Standhouder US Option Trader heeft een eigen stand op het symposium HCC Beleggen. Beide directeuren Martin Hendriks en Douwe Westervaarder staan voor u klaar. Ze beantwoorden uw vragen, delen graag ervaringen en geven praktische direct uitvoerbare tips mee. In de stand is het mogelijk om gebruik te maken van de aantrekkelijke Symposium aanbieding om tegen een gereduceerd tarief Optieadviezen op Maat te ontvangen, die u direct kan uitvoeren om een goed rendement te maken.tentie: Terug naar  Inhoud Foxware Standhouder Foxware Beleggingssoftware is gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde software voor beleggers die handelen in opties en futures. Wij demonstreren ons optieanalyse-programma OPTIEMAAT. Dit ondersteunt al meer dan 23 jaar vele (optie)beleggers bij het onderbouwen van hun beleggingsbeslissingen.   Het programma beschikt over een uitgebreide functionaliteit en u kunt elke positie, bestaande uit opties en/of futures en/of onderliggende waarden, moeiteloos opbouwen en beoordelen op rendement, risico en gevoeligheid voor alle (optie)prijsbepalende factoren.   De module “Adviezen” stelt u in staat om, gebaseerd op uw visie op toekomstige onderliggende koersontwikkelingen, de meest winstgevende optiestrategieën te genereren. De module “BackTrack(e-o-d)” beschikt over een database met ruim 8 jaar end-of-day optiehistorie van alle Euronext optiefondsen. Op basis hiervan kunt u “terug in de tijd” en uw posities uit het verleden naspelen en/of overdoen, maar ook “nieuwe” posities opzetten en de resultaatontwikkeling hiervan door de tijd heen volgen (backtest). Hiermee kunt u lering trekken uit het handelen op basis van “echte” beursgegevens zonder dat daarbij ook “echt” geld op het spel staat. De module “BackTrack(intra-day)” gaat nog een stap verder. Deze biedt u de unieke mogelijkheid de historische optiedatabase uit te breiden met intra-day optienoteringen met een instelbaar interval van (minimaal) 15 minuten! Ook de noteringen op uw handelsmomenten worden hierin vastgelegd.   Het pakket werkt met realtime beurskoersen, maar kan desgewenst ook functioneren met end-of-day noteringen. In elk beursklimaat, óók in het huidige, bieden opties uitstekende mogelijkheden voor het behalen van een positief beleggingsresultaat. OPTIEMAAT, als betrouwbaar en geavanceerd “gereedschap”, vormt hiervoor de basis Terug naar  Inhoud RG Flevoland-Overijssel RG Flevoland-Overijssel is een van de HCC Beleggen Regio Groepen. Dit zijn regio georienteerde groepen van beleggers die geregeld bijeenkomen om in ontspannen sfeer met elkaar ervaringen, kennis en beleggings ideeën te delen  Onderwerpen als ervaring met broker software, handelssystemen, indicatoren, werking van opties/turbo's enz. kunnen aan bod komen. Benieuwd geworden naar deze groep beleggers, meld je dan per email aan bestuur@beleggersonline.nl . WH Selfinvest Standhouder WH SELFINVEST NV, opgericht in 1998, is een online beursvennootschap voor actieve beleggers. WH Selfinvest biedt handel infutures, valuta (forex) en CFD’s (Contracts for difference) op aandelen, indices en grondstoffen aan. WH Selfinvest biedt scherpe tarieven aan maar eveneens professionele tradingplatformen zoals het WHS ProStation alsook het WHS FutureStation Nano. Met dit laatste platform kan de trader snel zijn eigen handelssysteem uittesten en automatisch handelen. In het WHS FutureStation Nano zitten meer dan 33 kant-en-klare strategieën waar de daghandelaar mee aan de slag kan. Bezoek www.whselfinvest.nl voor meer informatie of contacteer ons op  info@whselfinvest.com Terug naar  Inhoud Doe het zelf beleggers in de regio Helmond Wij zijn een klein studie-beleggerclubje dat zich richt op het uitwisselen van kennis en ervaringen om zelf actief en succesvoller te kunnen beleggen. Wat we doen?: We bespreken elkaars aanpak en strategieën, wisselen criteria uit die iedereen maakt bij de keuzes van aandelen, opties en andere derivaten. Ook gaan we dieper in op specifieke (optie-) constructies die succesvol kunnen zijn. We nemen ook deel aan seminars of andere studiebijeenkomsten en wisselen alle relevante informatie over zelf beleggen uit. We komen elke 3e maandag van de maand bij elkaar en tussentijds wisselen we zaken uit via de mail. We zoeken uitbreiding van ons groepje met enkele actieve beleggers die kennis en ervaringen willen delen om beter voorbereid te kunnen beleggen. Neem bij interesse contact op via de mail met het bestuur van de HCC Beleggen. Vermeld in de mail dat het om de groep Helmond gaat. Keyword Standhouder Keyword Info Systems BV is een Delfts softwarehouse en uitgever. Met name in de financiële en beleggingswereld heeft Keyword sinds 1988 een naam opgebouwd met het standaard softwarepakket Wall Street Professional en een aantal gezaghebbende boekuitgaven op het gebied van technische en kwantitatieve analyse.   Keyword levert ook totale oplossingen voor beleggers en traders. Deze oplossingen behelzen alle facetten van het computer ondersteund beleggen: (real-time) koersdata, (technische) analyse, portefeuillebeheer, orderuitvoer en training. Daarnaast levert Keyword diensten voor website-bouwers van financiële portals, zoals interactieve koersgrafieken, koersdata en afgeleide informatie. Terug naar  Inhoud Actief zijn binnen HCC Beleggen: Bron: Bestuur HCC Beleggen Om onze doelstellingen ook in 2013 zo goed mogelijk vorm geven zijn we nu reeds op zoek naar leden die een bijdrage willen leveren aan de activiteiten van onze vereniging. Dat hoeft niet meteen een grote klus te zijn, maar leden die een deeltaak willen verrichten -die relatief weinig tijd kost- zijn  zeer welkom. Met meer mensen kunnen we immers meer doen en dat maakt het bovendien ook veel gezelliger. Enkele voorbeelden van deeltaken waarvoor wij mensen zoeken zijn: het op ad-hoc basis een artikel schrijven voor onze website of een cursus willen geven over alle vormen van beleggen, de analysemethodieken, emotie en beleggen etc. beleggingssoftware beoordelen CD samenstellen met software, koersen, links etc. het actueel houden van (een deel van) onze website/ons forum webmaster voor en meewerken aan de nieuwe inrichting van onze website het coördineren en organiseren van onze HCC Beleggen symposia het verrichten van (deel)taken tijdens onze HCC Beleggen symposia en/of beurzen een bestuursfunctie. Uiteraard mag u zich aanmelden in groepjes. Dus als u, eventueel samen met medebeleggers, onze vereniging wilt helpen laat het ons dan weten. Trefwoorden hierbij zijn: vele handen maken licht werk, het moet vooral leuk blijven, zo doe je ook nog eens interessante contacten op. Denk ook eens aan het geven van een aardige lezing, met anderen handelsstrategieën uitwerken, software onder de knie krijgen of gewoon een groep vormen waarmee je samen de markt analyseert/bespreekt. Lijkt het u iets om actief te worden? Heeft u vragen over de functies of heeft u goede ideeën voor onze vereniging? Klik Hier of meld u zich dan via de website om eens een  belafspraak te maken... een echte vereniging kan niet zonder u als actief lid. Terug naar  Inhoud Aanmelden en routebeschrijving: Een entreebewijs voor het 59-ste HCC BeleggenSymposium kunt u  bestellen door u aan te melden via onze website: Klik hier om u aan te melden   Het HCC Beleggen Symposium wordt gehouden in: Cultureel & Vergader Centrum H.F. Witte Henri Dunantplein 4 3731 CL  De Bilt Bekijk ligging >> Laat de route zien in een nieuw venster Voer je postcode in: Terug naar  Inhoud | HCC beleggen Website | HCC beleggen Vacatures | Adverteren | Forum | Downloads  Disclaimer: Deze publicatie komt tot stand op de redactie van beleggersonline.nl de website van de HCC IG Beleggen. Noch de mate waarin de berichten, voorgestelde scenario’s, risico’s en voorspellingen de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De voorspellingen zijn indicatief. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. De schrijver(s) van deze publicatie en het bestuur van de HCC IG Beleggen en/of de Redactie van de Nieuwsbrief zijn derhalve niet aansprakelijk voor eventuele verliezen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren, behaalde resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.

19 februari 2013

'Meld je aan voor de nieuwsbrief' van HCC!beleggen

'Abonneer je nu op de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van onze activiteiten!'

Aanmelden